Wurlitzerdromen


Goede morgen Wurlitzerfans en toevallige bezoekers van Angeltjes
Vandaag vliegen we er opnieuw in met een swingend nummer. De artiest kan men niet bepaald een koorjongen noemen maar zijn plaatjes mochten er zijn.
Charles Edward Anderson, genaamd “Chuck”, Berry werd geboren op 18 oktober 1926 in St. Louis, Missouri. Tijdens zijn middelbare schooltijd belandde hij tussen 1944 en 1947 in de gevangenis wegens een gewapende overval. Na zijn vrijlating ging hij in een auto-assemblagefabriek werken, trouwde en viel niet verder op. ’s Avonds trad hij bij gelegenheid op met het Johnnie Johnson Trio. Zijn doorbraak kwam in 1955 toen hij de kans kreeg bij Chess Records “Maybellene” op te nemen. Het plaatje zou meer dan een miljoen keer verkocht worden. Tegen het einde van de vijftiger jaren was Chuck Berry een megaster met verschillende hits, filmoptredens en zeer winstgevende tours. In St. Louis had hij zijn eigen nachtclub, Berry’s Club Bandstand.
Tot er in januari 1962 een einde kwam aan zijn gouden jaren want hij werd veroordeeld tot 3 jaar hechtenis voor een misdrijf dat viel onder de Mann Act: hij had een 14-jarig meisje over de staatsgrens gesmokkeld. Die wet, genoemd naar de indiener, volksvertegenwoordiger James Robert Mann, uit het jaar 1910, wou het smokkelen van “blanke slavinnen” voor “immorele doeleinden” aan banden leggen. Eigenlijk ging het er gewoon om dat men de prostitutie en mensensmokkel tussen de Amerikaanse staten een halt wou toeroepen. De Mann-wet werd bij vonnissen hoofdzakelijk ingeroepen voor het bestrijden van prostitutie met minderjarigen. Naar verluidt zou de ontvoering van het 11-jarig meisje Florence Sally Horner door Frank LaSalle de inspiratiebron geweest zijn van Vladimir Nabokovs wereldbekende boek “Lolita”.
Chuck werd vervroegd vrijgelaten in 1963. Hij kon nog verschillende hits scoren maar geen van de liedjes bereikte het gigantisch succes van de vorige jaren. In de jaren 1970 werd hij veelal gevraagd voor nostalgische optredens. President Jimmy Carter nodigde hem uit op het Witte Huis op 1 juni 1979.
Bovendien mocht hij nog eens genieten van de gastvrijheid van het hotel met de houten lepel, want hij kreeg vier maanden aan zijn broek voor belastingsfraude.
In de late jaren ’80 kocht hij een restaurant in Wentzville, Missouri, en in 1990 werd hij door de rechtbank uitgenodigd om zich te verantwoorden voor de installatie van een videocamera in de vrouwentoiletten. Zijn verweer bestond eruit dat hij een dievegge wilde strikken… Chuck liet het niet tot een uitspraak komen, bood een schikking aan en gaf aan 59 vrouwen een schadevergoeding – naar schatting voor een totaal van ca. $ 1.2 miljoen + advocatenhonoraria. Het verhaal kreeg nog een staartje toen bij een huiszoeking bleek dat er ook een minderjarige op een film te zien was en dat hij 62 gram marihuana in zijn bezit had, met een nieuwe aanklacht voor kindermisbruik en drugsbezit als gevolg. Hij pleitte “schuldig” om er een eind aan te maken, kreeg 6 maanden uitgestelde hechtenis, 2 jaar voorwaardelijk zonder supervisie en moest een boetesom van $ 5.000 aan een ziekenhuis geven.
Geen brave jongen, die Chuck Berry. Hij treedt als kranige tachtiger nog steeds op. En hij heeft ons onvergetelijke nummers nagelaten, zoals: “Maybellene”, “Roll over Beethoven”, “Rock and Roll Music” , “Sweet little Sixteen” en het nummer van vandaag “Johnny B. Goode”. Hij werd dan ook terecht opgenomen in de Rock ’n Roll Hall of Fame.
Veel luistergenot met Johnny B. Goode gezongen door Chuck Berry.
Knuffel
Lolita











