Men zegge het voort (nr 790)


Vorige week brachten we met enkele kinderen en kleinkinderen enkele dagen verlof door in Eilat (Israel). Het was de eerste maal in ons leven dat we dit land bezochten en hoe mijn echtgenote aan die bestemming is geraakt blijft me een raadsel. Na een vlucht van een vijftal uur werden we door een toestel van Jetair aan de grond gezet in Akaba (Jordanië) dat slechts op een tiental minuten rijden van Eilat is verwijderd. Waarom we niet op de luchthaven van Eilat zijn geland is ons nog steeds onduidelijk. Na de landing werden we dus door een busje opgehaald en een tiental minuten later netjes, met bagage en al, aan de grens van Jordanie gedeponeerd. Toen bleek dat er tussen de beide landsgrenzen een soort "nomensland" bestond. Tussen de beide landen blijkt in 2012 nog geen verkeer toegelaten en 's nachts wordt de grens zelf voor voetgangers gesloten. We dienden dus een afstand van ongeveer 200 meter te voet af te leggen waarbij niemand ons kon helpen. We stelden vast dat er niet het minste wegverkeer was en het enige dat men kon zien waren nog enkele andere, met hun bagage sleurende, voetgangers. Ook de blikken, van tot de tanden gewapende soldaten, waren niet wat we normaal zouden verwachten bij het begin van een vakantie en deze staken schril af met de bloemenslingers die we jaren geleden van mooie meisjes ontvingen bij onze aankomst in Honolulu.
Toen we uiteindelijk de grens met Israel overstaken hadden we het gevoel in een enorme brandkluis te zijn gestapt. De luxe-hotels in Eilat en trouwens de hele stadstructuur steken blijkbaar schril af met wat men in de omliggende landen kan vinden. Toch hadden we de indruk een flater te hebben begaan en voelden ons verantwoordelijk dat we onze kinderen en kleinkinderen naar deze plaats hadden gebracht. We hebben het hen nooit verteld maar het was de eerste maal in ons leven dat we naar het einde van de vakantie snakten. Alles was nochtans in orde behalve het gevoel van onveiligheid dat ons parten speelde. Via de diverse media werd onze aandacht uur na uur getrokken op het grote gevaar dat dreigde te komen uit Iran. Juist zoals President Bush jaren geleden, en bij herhaling, de aandacht trok op de massavernietigingswapens die Sadam Hoessein aan het aanmaken was en daarbij regelmatig luchtfoto's als bewijsmateriaal toonde, gebeurde nu hetzelfde. We beseften maar al te goed wat er toen na verloop van een korte tijd is gebeurd en hadden de sterke overtuiging dat de geschiedenis zich zou herhalen. Daarom zijn we blij terug veilig thuis te zijn.
Wat er in de nabije toekomst gaat gebeuren weten we natuurlijk niet maar we hebben sterk de indruk dat het er in de nabije toekomst in die regio's zal gaan stuiven. Het feit dat we juist voor ons vertrek uit Eilat in een krant een tekening konden zien waarop men reeds de mogelijke vliegroutes, die de oorlogsvliegtuigen zouden nemen bij een eventuele aanval, duidelijk had vermeld sterkte ons in de overtuiging dat de kans klein is dat we dit jaar Kerstmis zullen halen in peis en vrede.
Laat ons hopen dat het gezegde dat de soep niet zo warm gegeten wordt als ze wordt opgediend ook hier kan toegepast worden. Maar we vrezen dat het eveneens bekende gezegde dat er geen rook is zonder vuur in dit geval meer toepasselijk is.
Men zegge het voort...
Freddy Van Gaever










