Mario de Koninck en de honger : zéér AAaRGH ...

Mario de Koninck en de honger : zéér AAaRGH ...
Tjevenstreken ontmaskerd door Johan Slembrouck
Wij zijn allemaal vriendjes van de USA

Carnaval in Keulen. Mocht John McCain gewonnen hebben, zouden we deze dikkerd niet gezien hebben. En ? Wanneer is de moskee klaar ? Bij de opening willen wij er multicultureel bij zijn of moeten we wachten in het station ?
Zijn socialisten écht naief of is het domheid ?
Eerlijk gezegd, wij hebben Wouter Bos, de huidige financieminister van Nederland en partijleider van de PvdA nooit beschouwd als een domme man.
Die indruk werd nog bevestigd bij de Fortis-affaire, toen Bos voor een bedrag van circa 16 miljard euri de vroegere ABN-AMRO terug Nederland binnenloodste, met in het kielzog alle Fortis-Nederland vestigingen en onderdelen, waaronder wellicht ook enkele minder aantrekkelijke. De Hollandse koopmansgeest zit ongetwijfeld Wouter Bos ingebakken. Toegegeven, zijn opponenten hebben niet veel kaas gegeten van dergelijke gecompliceerde overnames. En het water stond hoog, op Liphoogte zeg maar.
Bos liet het zich zelfs nadien ontvallen : "De zaak werd beklonken aan de hand van enkele vaststellingen en algemene principes op een A-4tje." Maar de Nederlanders beheersten hun dossier en de achtergronden enigszins beter dan hun zwetende opponenten. Tot in Buitenhof (NOS - zondag 12 uur) toe probeert Leterme zich nu stoer voor te doen door de rol van Bos te minimaliseren en de winst voor het Nederlandse bankwezen toe te schrijven aan een tijdens de onderhandelingen afwezige Balkenende. Tjeven ... leer ze ons kennen.
Des te verwonderlijker is het dat diezelfde slimme Bos in de maatschappelijke discussie over de integratie van moslims en Marokkanen in het bijzonder, slap uit zijn nek lult als een goedgelovige kwezel. Een fragmentje uit de Telegraaf :
"Bos zei het jammer te vinden dat de keuze voor de Marokkaanse Nederlander Ahmed Aboutaleb als nieuwe burgemeester van Rotterdam weer leidde tot kritiek op zijn dubbele nationaliteit. Volgens hem had die gebeurtenis juist “een feest van integratie moeten zijn”.
Tegelijkertijd viel hem iets anders op. “Ik heb een heleboel Marokkanen gehoord die zeiden: "Ik ben zo trots om Marokkaan te zijn. Maar ik heb er geen een horen zeggen: ik ben trots om Nederlander te zijn.”
Het debat over integratie was het einde van een werkbezoek dat Bos maandag bracht aan het Amsterdamse stadsdeel Slotervaart. Hij sprak onder meer met stadsdeelvoorzitter Ahmed Marcouch en ging op bezoek bij de Ru Paré-basisschool. Daar liet hij zich bijpraten over de plannen om buiten schooltijd islamlessen te organiseren voor kinderen die dat willen."
Begrijpt de slimme Wouter Bos niet, dat "een feest van integratie" niet gedicteerd kan worden door de overheid ? De Marokkanen grijpen de benoeming van Aboutaleb aan als een overwinning voor hun Trotse Natie. Een belangrijke stap in de integratie van de 17de Marokkaanse provincie bij het prachtland Al-Magrib/Maroc.
Een meerderheid van het Niet Trotse Nederland, het volk zonder identiteit zoals de Argentijnse prinses Minima het delicaat uitdrukte, heeft nauwelijks fut om de islamisering van zijn land aan te klagen uit angst de linkse bende arrangeurs tegen het hoofd te stoten.
Ray
Op het VLD hoofdkwartier (door Mario de Koninck)
Van het Slangenfront
Vorig weekend kwam een (voorlopig?) einde aan de praktijken van de Limburgse Raspoetin en poenschepper Noël Slangen. Nadat hij in het openbaar gedesavoueerd werd door de Vlaamse Minister-President, verbrak Slangen het contract met de Beheersmaatschappij Antwerpen Mobiel (BAM). Gisteren kondigde hij aan dat hij ook geen algemeen directeur van OpenVLD blijft.
Een exclusief verhaal over hoogmoed en val.

Vrouwendag in Islamland

Wannes Van de Velde
Op 10 november is Wannes Van de Velde overleden. Ik heb Wim (zoals hij heette) leren kennen op de Antwerpse Stadswaag, waar de artistieke avant-garde jeugd uit de jaren '50 verzamelen blies in de Gard-Sivik bij Herman Denkens. Wim volgde lessen bij de Academie voor Schilderkunst. Hij was zelden uitbundig, eerder zwijgzaam en bescheiden, tot hij zijn gitaar omhing en iedereen verbaasde met zijn buitengewone flamenco-vertolkingen. Dat genre was nieuw voor de meesten van ons maar we waren onmiddellijk in de ban. Later heeft hij zich ontpopt tot de volkse Wannes, met een vast trio muzikanten en zong hij de Antwerpenaren in hun eigen taal toe, op welk een afgrijselijke manier hun stad verminkt werd. Hij had een behoorlijke sympathie voor Hugo Schiltz, omdat de VU in die dagen op lokaal vlak verzet bood tegen de Amelinckx-wansmaak, de planologische en architecturale miskleunen, zoals ondermeer de geplande verdwijning van de Bourla-schouwburg die moest vervangen worden door de betonnen bunker die inmiddels verhuurd is aan Music Hall. Gelukkig is de Bourla overeind gebleven.
Wannes Van de Velde is een aanhanger geworden van de multiculturele diversiteit. Hij heeft columns geschreven in Knack, was betrokken bij vele theaterprojecten, en bleef zijn protesten uitzingen in zijn zwaar geprononceerde Antwerps. Tot voor enkele jaren zag je hem overal rondlopen in zijn stad en de mensen riepen naar hem : "Dag, Wannes !". En hij glimlachte schuw met diezelfde uitdrukking van verlegenheid op het gelaat zoals in de tijd van de Stadswaag. Ook als hij politiek andere wegen bewandelde, blijft Wannes Van de Velde de volkszanger van het Antwerpse protest tegen de regenten. Alweer een leeftijdgenoot die verdwenen is, maar wiens muziek de tijd zal trotseren.
Ray
Jobaanbieding

11 november 1918 - 2008 - De hel in de loopgraven
De gewone man wil nooit een oorlog. Het zijn de koning, de minister, de generaal of de priester die de gewone man opjutten om te gaan strijden voor een vaderland, dat zelden rekening houdt met de gewone man. Hij en miljoenen andere gewone mannen sneuvelen of beëindigen als wrakken hun leven. Nooit sneuvelt de koning, de minister, de generaal of de priester, die glorie laten zij over aan de gewone man. Zij moeten in leven blijven om hem te gedenken en de weduwen, ouders en kinderen wijs te maken, dat hij zijn lijdensweg met fierheid onderging. En intussen loeren zij naar de zonen van de gewone man, of die sterk genoeg zijn om de wapens op te nemen voor de volgende oorlog.
Deze korte video geeft een beeld van de hel in de loopgraven. "Hell in the Trenches" Ik draag hem op aan mijn grootvader Karel, Lodewijk, Raymond die van 1914 tot 1918 aan het IJzerfront de grote miserie van de Grote Oorlog heeft meegemaakt en overleefd. Ik deel met hem het rebels en eigenzinnig karakter dat zich altijd zal verzetten tegen de koning, de minister, de generaal en de priester.
Vlaamse Frontsoldaten

11 november Wapenstilstand WO I
Paths of Glory
In 1957 regisseerde Stanley Kubrick de beklemmende film "Paths of Glory" over een opstand in het Frans leger tijdens de Grote Oorlog. Soldaten weigeren het bevel van een hooghartige generaal uit te voeren, om een zoveelste tot mislukken gedoemde aanval uit te voeren. Enkelen onder hen worden door de krijgsraad veroordeeld tot de dood met de kogel. Een minder bekend aspect uit de waanzinnige Grote Oorlog : de Fransen die niet alleen de eigen manschappen opofferden uit strategische overwegingen, maar ze even gewetenloos lieten fusilleren als ze zich verzetten.
De loopgraven
Men had niet verwacht dat deze oorlog een statisch gevecht zou worden, maar al snel bleek dat beide partijen sterk aan elkaar gewaagd waren. Er ontstond dus een patstelling. Omdat het op open terrein levensgevaarlijk was voor de soldaten begonnen beide partijen loopgraven aan te leggen. Zo zorgden ze ervoor dat de soldaten veiliger zaten voor de krachtige langeafstandsartillerie en snelvuurmachinegeweren.
De eerste loopgraven werden aangelegd in oktober 1914 door de manschappen van de 2nd Scots Guards. Het waren greppels die slechts minimale bescherming boden. De loopgraven waren ondiep omdat men dacht dat het slechts tijdelijk was en dat de 'normale' oorlogsbewegingen zich in het voorjaar weer zouden hervatten. Maar tegen december 1914 was er reeds een netwerk van loopgraven gevormd vanaf de Belgische kust, dwars door het oosten van Frankrijk tot aan de Zwitserse grens. Tegen 1917 was het in theorie zelfs bijna mogelijk om door de loopgraven langs bijna heel het front te lopen.
Elke soldaat had een zogenaamde pioniersschop waarmee hij greppels kon graven of eventuele beschadigingen aan loopgraven kon herstellen. In het begin wisten men niet hoe de loopgraven moesten worden aangelegd, maar geleidelijk aan werden ze steeds ingenieuzer.
Een loopgravenstelsel was erg complex. Daarom had elke loopgraaf een naam zodat de soldaten niet verloren konden lopen. Het loopgravenstelsel bestond uit een reeks loopgraven, ongeveer evenwijdig aan die van de vijand. Vooraan had men de frontlinieloopgraaf, die zigzag werd aangelegd om eventuele aanvallen beter te kunnen opvangen. In deze loopgraaf vond men schieterkers van waaruit de soldaten konden schieten. Hierachter vond je verbindings- en ondersteunende loopgraven, de officiersonderkomens, de latrines, de granaatloopgraven, enz.
De manier waarop de loopgraven van de geallieerden werden aangelegd verschilde van de manier die de Duitsers gebruikten. De Duitsers legden erg ingewikkelde loopgraven aan omdat ze meenden dat deze loopgraven de nieuwe grens van het Duitse rijk zouden vormen. Daarom hadden hun loopgraven vaak ramen met luiken, en soms zelfs deurmatten.
|
|
Duitse loopgraven werden meestal heel diep gemaakt om de manschappen te beschermen tegen artilleriebeschietingen.
De loopgraven van de Fransen en de Britten daarentegen waren veel eenvoudiger omdat zij verwachtten het bezette gebied te heroveren. De twee frontlinies werden gescheiden door een stuk open land tussen de 70 en de 700 m breed. Dit stuk land werd "Niemandsland" genoemd . Hier sneuvelden honderdduizenden soldaten.
Het leven in de loopgraven verliep erg moeilijk en was erg vuil. Het bestond meestal uit lange perioden van verveling die slechts sporadisch werden afgewisseld door korte perioden van doodsangst. Het meeste werk werd 's nachts gedaan; dan stuurde men patrouilles op pad om de vijand te observeren en aan te vallen. Ook werd er tijd vrij gemaakt om de loopgraven te herstellen.
Tijdens de ochtend- en avondschemering waren alle manschappen paraat omdat de kans op een aanval dan het grootst was. Voordat een aanval begon vuurden artilleristen granaten in de vijandelijke loopgraven, wat voor afschuwelijke verwondingen en doden zorgde. Troepen die bij een aanval uit de loopgraven klommen kregen te maken met machinegeweervuur en nog meer granaten. Geleidelijk aan werd dit wapenarsenaal ook aangevuld met gas en tanks.
Overdag was het gewoonlijk rustig en hadden de manschappen tijd om slaap in te halen, te lezen, brieven te schrijven of op te ruimen. Ze bedachten allerhande strategieën om het hoofd te beiden aan hun grimmige leven. Ze sloten hechte vriendschappen, maakten grappen, zongen en werden soms erg bijgelovig of religieus. Veel gewone soldaten kregen ook een sterk gevoel van kameraadschap met hun vijanden, die ze zagen als medeslachtoffers in een oorlog die door officieren en politici was bedacht.
Sommige soldaten gebruikten hun vrije tijd om gedichten te schrijven of een dagboek bij te houden. Deze verslagen kunnen ons een beeld geven hoe het leven er in de loopgraven aan toe ging. Vanaf 1916 begon de Britse regering zelfs professionele oorlogskunstenaars naar het front te sturen (Bv. Paul Nash). Deze moesten oorlogstaferelen vastleggen op doek zodat de gruwel van de oorlog niet verloren ging.
Om de verveling te verlichten verbleven de soldaten meestal een week in de frontlinieloopgraven om daarna overgeplaatst te worden naar de reservelinies en naar een gebied in het achterland. Hier kregen ze een bad en schone kleren en hadden ze tijd om uit te rusten voor ze weer naar de loopgraven gingen.
Hier heb je de vervelende Platenruiter weer ... nu ook al in de week
.
Wat vreemd, dit melodieuze lied van Robert Stolz te horen zingen door een tenor : "Du sollst der Kaiser meiner Seele sein". Het is echter de onvergetelijke Joseph Schmidt, die mag dat.
Vlaanderen Vrij
De vermaledijde graaf onder vuur van Rus + Aanpassing 14.30 uur
De Russische miljardair Suleiman Kerimov, die 700 miljoen euro verloor bij de ondergang van Fortis, voelt zich belogen en bedrogen door Maurice Lippens. Volgens verschillende bronnen zou hij een strafklacht voorbereiden tegen de voormalige topman van Fortis, zo schrijft de krant Het Laatste Nieuws maandag.
Respect ! Of een koek op uw oog !
http://www.elsevier.nl/web/Video.
langs het bruggetje hierboven komt u bij de video van Syp Wynia
ACOD : Staken is altijd fijn, na een verlengd weekeinde
ANTWERPEN - De socialistische vakbond ACOD staakt woensdag 12 november voor 24 uur. De huisvuilophaling zal woensdag grondig verstoord zijn, heel wat kinderdagverblijven blijven dicht en het is onduidelijk welke sportinstellingen open zullen zijn.
De ACOD wil woensdag haar leden informeren over de onderhandelingen met stad en Vlaamse overheid over een nieuw sectoraal akkoord. Want binnen dat akkoord kan ook gepraat worden over compensaties voor bijvoorbeeld het afschaffen van de betaalde schafttijd, zegt ACOD-secretaris Gerard Van der Elst.
En omdat de vakbond zegt te weten dat zo'n infovergaderingen wel eens durven uitlopen, plakt men er ineens een staking voor 24 uur aan vast. Dat is voor iedereen duidelijker, zegt Van der Elst. Als de vakbond alleen een infovergadering zou houden voor de leden, zou niemand echt goed weten of en wanneer die leden weer aan de slag gaan.
@ Het Nieuwsblad
Vlaamse steenkool - Jan Rabijn @ 't Pallieterke
Obama en McCain en de Vlaame steenkool
©’t Pallieterke – Jan Rabijn
Vandaag, 4 november, kiest Amerika een president. Barack Obama en John McCain zijn het roerend eens over de steenkool. Die moet in ere hersteld worden klaroent het Republikeinse én het Democratische verkiezingsprogramma. In Limburg heeft Vlaanderen de kans om de eigen energie en chemie te voeden met steenkolen. Dat is geen folklore of nostalgie.
Bernard van Dyck uit Landen is een Vlaming en een intellectueel zoals wij er honderden te weinig hebben. De 84-jarige onderwijskundige en oud-schooldirecteur van het Atheneum van Landen is haast een halve eeuw een expert van de steenkolen van Vlaanderen. De VVB’er, activist van het Europees Studiecomité voor de Herwaardering en Chemische Valorisering van Steenkool en polemist, heeft een sterk verhaal over onze enige nationale energiebron: de steenkool. Hoe hoger de prijs van de olie, hoe schaarser deze brandstof wordt, hoe dreigender de Arabieren en de Russen, hoe belangrijker het wordt om te luisteren naar zijn mening.
Bernard van Dyck
: "Door 85 boringen die Willy Claes liet uitvoeren, en die nadien verdwenen achter de coulissen, weten wij dat er in Noord-Limburg direct uitbaatbaar vier miljard ton steenkool is, plus een reserve van vier miljard ton. Dus acht miljard ton van de beste steenkool ter wereld, klaar voor de chemische valorisering. Wij hebben Limburg 75 jaar uitgebaat, van 1917 tot 1992, en in al die jaren zijn 500 miljoen ton opgehaald. In de Vlaamse bodem rust hoogwaardige grondstof voor vier eeuwen. Wij zijn rijk. Uit honderd kilo Vlaamse steenkool komt veertig liter zuivere benzine plus basisstof voor de chemie, de farmacie en de cosmetica. Die rijkdom zal echter uit onze handen glippen omdat wij knullige politici hebben. Wij hebben het archief gered van de mijnen, een berg van 15 meter hoog die lag in Heusden-Zolder. Alle belangrijke stukken, alle kennis is verhuisd naar het technologie-instituut VITO in Mol. Na een jaar stond alles op microfiches en wie het wil weten, moet naar daar en vindt alles over elke laag en elke mogelijkheid."
‘t. P.: Blijft steenkool een alternatief voor olie en aardgas?
BvD: "Inderdaad. De nieuwste technieken leveren schone energie uit steenkool. We hebben flinke voorraden die ons eeuwen kunnen verder helpen en ons vrijer maken van de Arabische olie en het Russische aardgas. Na de sluiting van de mijn van Beringen schreven de comitéleden en ik aan alle parlementairen en ministers - we zijn in ‘91-’92: Dames en heren, de olie raakt op, als de Chinezen in hun kamer allemaal een lampje laten branden van 40 watt en zij hebben een tiende van onze auto’s is er een wereldwijde energiecrisis. Dan moet India nog wakker worden. Die situatie zou er zijn, vermoedde ik, op de middellange termijn. Zij is er dus sneller. Voor de oorlog ’40-’45 had ik het boek gelezen van Anton Ziska, "Het Oosten ontwaakt", met de stelling: als de Chinese draak ontwaakt, dan zal de wereld beven. Wij sloten onze mijnen, de Chinezen openden de ene na de andere put."
’t P.: Weet het buitenland wat er bij ons ligt?
BvD: "Ja, de Vlaamse steenkolen mogen niet uit Vlaamse handen gaan. Concessies voor buitenlanders à la EDF en GDF zijn uitgesloten. Shell bezit veel kolenmijnen. De Chinezen hebben reeds voorgesteld om te komen kijken. Jongelui als Stijn Bijnens van de Limburgse Reconversiemaatschappij weten van niks en babbelen de modes na, zag ik in Knack in een zomerinterview: steenkool is vuil werk en vandaag zijn diensten en hightech het enige heil, aldus die broekies die op de schoolbanken zaten toen het Europese Valorisatiecomité nationaal en internationaal actief was. Als ik directeur zou zijn van de LIM, zou ik kijken naar de Limburgse bodemrijkdom: steenkool, wit zand en grind."
De beste
’t P.: Steenkool is een passie die u al tientallen jaren bezig houdt.
BvD: Ja, die dateert uit de tijd toen ik in de jaren zestig ondervoorzitter was van de Vlaamse Volksbeweging en in de Limburgse afdeling pleitte voor de blijvende valorisatie van de Vlaamse steenkolen in Limburg. Dat kon door een sprong voorwaarts in de steenkolenchemie en die kans hebben wij ook vandaag nog. Er zijn stommiteiten gebeurd, schandalige beslissingen zijn genomen. Echter met het oog op de toekomst sluimert in Noord-Limburg acht miljard ton grondstof die onze economie en onze energievoorziening kan ondersteunen. Steenkolen zijn en blijven onze enige nationale energiebron. Wij hebben met Antwerpen-Beringen de grootste scheikundeconcentratie ter wereld. Uit carbochemie haal je producten die niet kunnen met petrochemie. Wij liggen strategisch beter dan Houston, Texas, waar de chemie in Vlaanderen mee vergeleken wordt.
Met de VVB’ers Paul Daels, Staf Verrept, Maurits Coppieters, Ferdinand de Bondt en de Luikse professor en expert Pierre Stassen, een wereldautoriteit van de steenkool, belegden wij een grote vergadering in De Uilenspiegel in Zwartberg. Een VVB-manifestatie om Zwartberg - de modernste mijn van het land - open te houden volgde met 4.000 deelnemers. De vakbonden stuurden hun kat, want Zwartberg kon hen gestolen worden, dat was toch maar in Vlaanderen. De mijnwerkers waren in kleine groepjes aanwezig. Het protest is mislukt, de regering sloot Zwartberg.
Nadat de rijkswacht twee mensen neerkogelde in Zwartberg, haakte het VVB-hoofdbestuur af. Geen bloedvergieten, klonk het daar. Ik zei, je moet doorgaan en meedoen, we zijn een volksbeweging. Zwartberg was de mooiste mijn van België, er werd winst geboekt, maar omdat de Luikenaars en de Borains compensaties eisten, moest Limburg geofferd worden. Houthalen was reeds dicht, maar niet vernietigd en die mijn was ondergronds verbonden met alle andere steenkoolexploitaties. Je kon vijf mijnen sluiten in Limburg en ze langs de ondergrond en op afstand verder ontginnen."
’t P.: De sluitingen volgden een onverbiddelijke logica. U haakte niet af?
BvD: "We zagen de bui hangen, acteerden de pietluttigheid van de politici en de vakbondslui en gooiden het over een andere boeg. Na de actie voor Zwartberg is de Vriendenkring Zwartberg-Limburg uitgebreid met wetenschapsmensen tot een Europees Studiecomité voor de Herwaardering en de Chemische Valorisatie van de Steenkool. Pierre Stassen en Jean Stassen, de broer van Pierre en de directeur van het kenniscentrum voor steenkool Iniex, in Luik, Jos Beckers, ir. Verbruggen, veiligheidstoezichter in Limburg, traden toe. De drijvende kracht achter het Europees Studiecomité was Désiré Dylst, die had geen diploma’s maar heeft zijn ganse leven ingezet voor de economie van Vlaanderen. Wij zochten contact met het buitenland, men is nooit sant in eigen land. De Nederlander Schopping met zijn eigen laboratorium in Nederlands-Limburg stelde vast dat Vlaams-Limburg de beste kolen ter wereld heeft: arm aan assen, zuurvrij en met een vluchtigheid tot 40% of meer. Limburg heeft de beste kolen ter wereld voor de carbochemie, dus om hen scheikundig te verwerken. Wij zonden de kolen naar Zuid-Afrika, naar Rusland en Oost-Duitsland, en telkens was in die kolenlanden het besluit: dit zijn de beste kolen ter wereld voor chemische valorisatie."
’t P;: Bleef het bij studies?
BvD: "De Zuid-Afrikanen zijn hier komen praten op het ogenblik dat de ruwe olie 40 dollar per vat kostte. Zij vertelden, wij hebben kolen tot 27% vluchtigheid, die van jullie zijn beter en wij willen investeren in Limburg. De Arabieren lieten het ruw nadien zakken van 40 tot 10 dollar. De kolen als grondstof waren voordelig als de ruwe olie tegen 25 dollar per vat stond. In Zuid-Afrika ontving Sasol I, de eerste kleinschalige fabriek aldaar voor kolenchemie, overheidstoelagen bij ruwe olie onder 25 dollar, geen dollars voor een prijs tussen 25 en 28 dollar. Sasol I moest toelagen terugbetalen uit zijn winst bij een olienotering van meer dan 28 dollar. Na de daling van de olieprijs hebben de Zuid-Afrikanen bedankt voor een inspanning in Limburg."
’t P.: De omschakeling naar andere activiteiten dan steenkool heeft Limburg gered?
BvD: "Het ene zowel als het andere had gekund. De steenkolen hadden en hebben een toekomst in Limburg. Een voorbeeld, in het verlieslatende mijncentrum Eisden werkten 6.000 mensen en Willy Claes heeft die mijnwerkers op straat gezet zonder te denken aan alternatieven als carbochemie. Siemens en Bekaert zouden de oplossing brengen en bouwden in Lanklaar. Opdat er geen verzakking zou zijn onder die twee fabrieken, wat onvermijdelijk is in een kolengebied, mocht er geen kolenwinning zijn onder het industrieterrein Lanklaar, waar het kolen regende. Heel de Maaskant hebben wij gemobiliseerd om Eisden te redden. Tot in het Volkshuis hingen affiches met de slogan "Claes handen af van onze mijnen". In Maasmechelen arriveerde Claes voor een meeting in het Volkshuis en zei boos: "Die affiche moet weg". Hij werd toegebeten door de baas van het dranklokaal: "Willy dat hangt er en blijft er hangen, ge kunt mijn kloten kussen". De minister bond in. De week nadien hebben wij bij hem thuis vergadert met het Europees Studiecomité. Zonder resultaat. Willy Claes staarde zich blind op de beloften van Siemens en Bekaert, daar zouden in totaal 3.200 arbeidsplaatsen geschapen worden, het bleef bij 450 en zelfs die vielen grotendeels weg."
Crapuleus
’t P.: Willy Claes heeft jullie en de Vlaamse mijnwerkers in de steek gelaten?
BvD: "Ja, wel deed hij een geste die vandaag nog belangwekkend is. Willy Claes maakte geld vrij voor 85 boringen ten noorden van Lanklaar. Iedereen dacht dat de kolen daar zeer diep zaten. De Vlaamse lagen hellen van het Limburgse zuidenoosten naar het noordwesten en gedacht werd, zeker in de vooroorlogse jaren dat men dus op diepten zou moeten kolen hakken waar het te warm was. Wat bleek echter met de boringen van Claes? Dat ze in het noorden van Limburg kolen hebben die niet op 1.500 meter diepte liggen, wel tussen 1.000 en 480 meter. Er is een breuk in het kolenvlak die in het voordeel speelt van een rendabele exploitatie. De boringen bewezen dat je tot 1.000 meter dertien kolenlagen hebt waarin je rechtstaand kan werken. Willy Claes was razend omdat we dat in de pers lieten lekken. De rijkswacht werd ingezet bij de boorputten om te beletten dat er informatie zou uitlekken en het Europees Comité ook maar een millimetertje zou oppikken uit de boorkernen voor onderzoek in het labo van professor Schopping. De gendarmes knepen echter een oogje dicht en de mensen van het mijnwezen in Limburg speelden mee. CVP-politicus Johan Weyts bond de kat de bel aan in De Standaard. Zijn stelling was duidelijk: dit is een schat, bewaar die, draag er zorg voor, belet dat de mijnen onder water lopen. Zijn kinderen werden bedreigd met broodroof en hij werd van de eerste plaats op de kieslijst verdreven ten voordele van Daniël Coens. Dat werd op het laatste nippertje omgedraaid, maar Weyts kon na de verkiezingen opstappen."
’t P.: Was er Europese belangstelling voor jullie kolenscheikunde?
Bvd: "En of. Wij ijverden voor een pilootfabriek voor de chemische valorisatie en vonden gehoor bij mevrouw Garcia, de voorzitster van de energiecommissie van EU. Zij was van Asturias, de Spaanse mijnbouwregio. In Heusden-Zolder verklaarde zij tijdens een meeting dat er miljarden frank aan Europees geld klaar lag voor een pilootfabriek. Dan moest er wel één mijn open gehouden worden. Beringen had gekund, dat leverde 250.000 ton aan Scandinavië. Onze studies bewezen dat je met 200 miljoen frank subsidie per jaar Beringen niet hoefde te sluiten. Met een open mijn in Beringen kon je de hele Limburgse ondergrond bereiken, daar bleef boven- en ondergronds werk voor duizenden mensen en dat betekende minder dopgeld. De Commissie Economie van het Vlaams Parlement kwam op
werkbezoek. De dag voor zij kwamen, is men begonnen met beton te storten in Beringen en niemand weet, of wil weten, wie dat bevel gaf. Die crapuleuze smeerlappen hebben de Europese belangstelling gefnuikt, tot groot verdriet van mevrouw Garcia. Pogingen om het debat aan te gaan in het Vlaams parlement leverden evenmin veel op. Die parlementairen kenden niks van het mijnwezen en lieten zich ringeloren door hun medewerkers. Een agent van de Staatsveiligheid zei me letterlijk in de parlementaire wandelgangen: "Jullie hebben gelijk, ik zie dat ze daar binnen niet weten wat ze zeggen."
Jan Rabijn