Herneming :
Is dit een angstig of slijmerig stukje over de minister van oorlog ?

Als rechtvaardiging voor zijn aanwezigheid in New-York, zijn zattemansgewauwel en het ontslag van de vrouw die op haar blog melding had gemaakt van het belabberde optreden van de belgische oorlogsminister De Crem, kwam Zijne Excellentie voor de Kamer op de proppen met een verhaal, dat aan mekaar hing met driegdraad van bijeengegaarde leugens. De militairen, de ambassadeur (Herman Portocarrero, een begenadigd romancier) de partij, het kabinet hebben een zootje feiten bijeen gefantaseerd alsof ze de Nobelprijs die Claus nooit gekregen heeft, wilden verwerven.

De belgische ambassadeur te New-York is de auteur Herman Portocarero. Met zijn boek New-Yorkse Nachten is hij de ideale gids om de integere De Crem wegwijs te maken in the Big Apple.
Plots kwam er een opsomming van vergaderingen uit de lucht vallen, die zelfs door de brave kamerleden én de dociele kamervoorzitter werd weggehoond. "'t Is goed, nu de cafés" sprak de zelden glimlachende Van Rompuy.
Met het ontslag van de vrouw in de bar had De Crem niets te maken. Iemand uit zijn delegatie had weliswaar met de café-eigenaar getelefoneerd over wat de dienster op haar blog had geschreven. Maar dat was meer om de man te feliciteren met de literaire kwaliteiten van zijn personeel.
De liegende opperlul van het leger liet echter vooral in zijn kaarten kijken, toen hij de politici opriep, dat ze zich moesten bezinnen over het bestaan van blogs op internet. Ook Marianne Theyssen, de CD&V voorzitter en de CD&V-senator en seksuoloog Vandendriessche hebben zich al in gelijksoortige zin uitgelaten : als het aan de tjeven ligt, worden de bloggers gemuilkorfd. Da's zeker : eerst de geschreven woorden, en dan de gesproken. Zo deed Goebbels het ook.
Heel even situeren wat er aan de hand is, ook al weet intussen elke burger met gezond verstand voldoende : de politiek heeft de kranten aan zich gebonden door subsidies,én door allerlei overheidsannonces en publicitaire campagnes, een onrechtstreekse maar zeer belangrijke injectie van overheidsgeld.
Openbare radio en televisie staan integraal ten dienste van het regime en zijn in feite een Ministerie van Propaganda, daar moeten we niet verder op ingaan.
In feite is alle burgeroppositie op deze wijze geëlimineerd.
Wat de politieke machtswellustelingen nog niet onder de knoet hebben, dat zijn de vrije burgers die zich op internet laten lezen en horen. Daar klinkt de stem van het verzet, de oppositie en de geestelijke opstand. De berichten flitsen over de planeet heen en weer, het politieke onfatsoen wordt genadeloos in zijn hemd gezet, de dictatuur ontmaskerd en de minussen van de politiek, de Napoleons uit Berlare en Aalter, de jagers op macht, seks en centen worden week van woede omdat ze als enige tegenwerk enkel doorzichtige leugens en fantasietjes te bieden hebben.
Wij lachen ons een kriek met de verontwaardiging van oetlulletjes die jammeren dat hun integriteit aangetast wordt en de bijstand inroepen van hun militaire inlichtingendienst en juridische stoottroepen. Zoals De Crem deed op het einde van zijn tussenkomst, die op luid applaus onthaald werd door de onnozelaars van de meerderheid.
Het zullen de politici zijn die zich moeten aanpassen aan de nieuwe communicatie.
Integriteit, oetlul De Crem, die haal je uit jezelf, die bereik je niet door de stopcontacten van internet uit te laten trekken door je spionnen of advocaten. En ons kan jij nooit omkopen : wij zijn te duur.
Ray