Op stap in Turnhout, de stad van de binken
Op de Grote Markt pronkt de Sint Pieterskerk, een bakstenen monument, want in de stille Kempen heerst vroomheid en godsvrucht. De beiaard telt 52 klokken en op zaterdag 1 augustus strooide de beiaardier over de marktbezoekers blues en negro -spirituals. Een ongebruikelijk repertoire voor de stille Kempen, maar de mensen op de afgeladen caféterrassen glunderden.
Turnhout, in het Noorden van de provincie Antwerpen, tegen de Nederlandse grens en de provincie Noord-Brabant aan, telt 40.000 inwoners. In 1959 werd het oude stadhuis uit het begin van de 18de eeuw, dat veel gelijkenis vertoonde met het Haagse Mauritshuis gesloopt en vervangen door bovenstaand exemplaar. Turnhout wordt bestuurd door een katholiek-socialistisch college. Vlaams Belang is hier de tweede partij met 7 raadsleden op 33.
Het degelijk gerestaureerde kasteel van de hertogen van Brabant met de goed onderhouden slotgracht, is de zetel van de Rechtbank. Maria van Hongarije hield hier hof rond 1550. Bij de Vrede van Munster in 1648 kwam Turnhout in handen van het geslacht van Nassau. In 1908 kocht de provincie Antwerpen het vervallen gebouw aan en liet het herstellen. Recent onderging het kasteel een grondige restauratie.
In de slotgracht rust de Najade, de godin van bronnen en rivieren door beeldhouwer Rik Poot.
Het pronkstuk van Turnhout is zonder enige twijfel het Begijnhof, dat we hierboven afgebeeld zien in gekleurde kiezelsteentjes. Het is een van de 13 Vlaamse begijnhoven die in 1998 door de Unesco op de lijst van Cultureel Werelderfgoed werd opgenomen.
Het begijnhof gaat terug tot de 13de eeuw maar de nog steeds bewoonde huizen (die overigens grondig gerenoveerd werden) dateren uit de 18de en 19de eeuw. Eind 17de eeuw leefden er 360 begijnen ; er zijn verschillende kapellen in dit langwerpige hof, een Lourdesgrot, een bleekhof, een infirmlerie en een ingetogen rust, terwijl men zich toch midden in de stad bevindt. In 2001 overleed het laatste begijntje, grootjuffrouw Joanna de Boer.
Het begijnhof wordt beheerd door het Turnhoutse OCMW
Het standbeeld van de schrijver Renier Snieders (de broer van August) zou best enige opfrissing kunnen gebruiken. Hij werd in Bladel (NL) geboren, vestigde zich in Turnhout als arts maar was een geboren verteller en schrijver.
(Foto's : Gerda - Met dank aan de Toeristische Dienst van Turnhout die een voorbeeldige documentatie beschikbaar houdt)

















5 reacties op dit bericht
Turnhout: De gevangenis!
Ik was steeds onder de indruk als ik met mijn ouders, die minstens tweewekelijks een bezoek brachten aan hun geboortegrond bij de kinderrijke families van (schoon)broers en -(schoon)zussen, naast "het gevang" reed.
Die hoge baksteenmuren met bovenop in het cement vlijmscherpe hoge gemene glasscherven gestoken om de 10 cm helemaal rondom.
Vaders eerste job was bediende in het gevang ooit, hoorde ik later. Niet zo lang na de oorlog.
Hij was er ook de initiatiefnemer voor het oprichten van een koor en dirigent ervan. Zijn mooiste herinneringen hangen in zijn appartement in Turnhout (ja hij is teruggekeerd naar Turnhout vanuit Dilbeek na de dood van ons Ma!)
De 89-jarige knar heeft er schilderijen, houtskooltekeningen, pentekeningen, partituren, gedichten en liederen in een wondermooie supersierlijke kaligrafie om duimen en vingers van af te likken hangen gemaakt door de gedetineerderden. Gecultiveerden dus waaronder een oorlogsburgemeester van Mortsel in dit "gevang".
Als Vader toen antwoordde op mijn vraag wat voor mensen daar opgesloten zaten zei hij kortaf... : "Zwarten".
Ik was in de war: waren er dat nu zoals die éne van de missies die altijd knikte op de toog van Tante Jeanne als ge er een cent in stak of waren het er die zich nooit wasten...
Nu weet ik veel beter.
PS: Ik hoor nu net op het nieuws dat in Merksplas in de ooit zo Stille Kempen in allerijl prikkeldraad op de muren wordt geplaatst. Tiens, tiens...
@ Luc : het Kremlin van het ACW
Is dit het gebouw, Luc dat in de plaats gekomen is van het huis van je oom en tante ? Het ACW in Turnhout : je ziet direct waar ze hun inspiratie hebben gehaald. Bij het Kremlin.
Daar ben ik geboren...
Rechtover het proper maar bescheiden kruidenierszaakje waar Tante Jeanne en Nonkel Harry (toffe knul van een Hollander!) eerlijke waar verkochten.
Het moederhuis werd daarna gesloopt om "den bond" (ACW) zijn basis te geven. Toén al begonnen die met mijn roots te kelderen!
Pa en Ma rasechte Turnawtenéers en in 1957/58... verhuis naar Laken in de Houba De Strooperlaan op een boogscheut van de Expo '58 waar de evidente met de VVB van zijn "teutter ging draaien" (Turnhoutse uitdrukking...).
1960: verhuis naar Itterbeek-Dilbeek in de buurt van Brussel. Prachtig daar in een mooie villa met zicht op een park met een prachtkasteel dat in begin van de zestigerjaren uitbrandde en een weide met zalig grazende koeien. Zowat geen bakkes Frans te horen. De brouwersfamilie Timmermans had de gastarbeidersprimeur: een Spaans koppel - toffe en gedienstige mensen die keihard en veel werkten voor hun kost - zonder overlast en vol gedienstigheid. Echte gasten (in de betekenis van "genodigden") dus...
Turnhout en Dilbeek nù? :
Turnhout vergeven van gasten die van arbeid niet willen weten, drugs, overlast.
Dilbeek: vroeger groen en Vlaams. Nu overgeleverd aan de criminaliteit overgewaaid uit de grote stad waar ik geen poot meer zet als het niet moet. Dilbeek, stilaan verloederd, waarvan ik vrees dat als alles blijft evolueren zoals nu ze mijn moedertaal niet meer (kunnen, willen, zullen) verstaan op heel korte termijn. Splitsen die BHV. Alhoewel ik begin te denken dat het mooooie land waarin we leven éérder gesplitst raakt - als we het zelf willen. 't Zal méér dan nodig zijn.
Mooie propere stad, mijn gedacht.
Ik wist wel dat het in gans de wereld gekend is als speelkaartendrukkerijstad.
De geboortestad...