U weet het intussen, ik praat met iedereen en ik ben zeer nieuwsgierig naar wat mensen bezighoudt. Als het politici zijn die ik ontmoet, wil ik hoogte van ze krijgen. Ik probeer mijn eigen opvattingen niet naar voor te dringen maar als het er op aankomt, verstop ik ze beslist niet. Maar nooit opdringerig, brutaal of gelijkhebberig. Ik wil een correcte en beschaafde reclamezuil zijn voor mijn politieke ideeën die normaliter binnen een cordon zijn opgesloten. Veel hangt van de gesprekspartner. En wat ik soms neerpen over die ontmoetingen of gesprekken is geen schrijversfantasietje maar gebaseerd op echte feiten.
Gisterenmorgen heb ik een babbeltje gedaan met een lieftallige maar politiek opportunistische dame die momenteel optreedt voor de Antwerpse sp-a ; zij heeft een bochtige carrière achter de rug, alhoewel ze slechts 41 is. Van Agalev, over het plaatselijke Antwerpen-94 kartel (CVP-VU), naar Spirit, dan de Vlaams Progressieven, om te eindigen bij de SP-a. Zij is vooral een vertegenwoordigster van de Marokkaanse gemeenschap in wat eens mijn koekestad was. Daar hebben wij het niet over gehad, want dat heikel probleem los je niet op straat op.
Als het even meezit en er wordt een regering gevormd met de socialisten, dan hoopt zij als eerste opvolgster voor de senaat te mogen zetelen in de hoge vergadering. Met een beetje moeite weet u nu over wie ik het heb.
Toen ik haar (vriendelijk) vertelde dat ik als oude flamingant slechts één oplossing zie voor de huidige politieke impasse, de splitsing van het land, werd mevrouw lichtjes opgewonden. "Allez, gij" zegde ze in beschaafd Antwerps "ik geloof niet in kleine staten ..." Ik was niet ad rem geoeg (of misschien te hoffelijk) om te vragen "Waarom zijn jullie dan naar belgië gekomen ?" Want vooraleer je het weet, zit je in een verhitte discussie over persoonlijk omstandigheden en ervaringen die niets te maken hebben met de politieke realiteit.
Ik was echt verbaasd te horen, dat mijn gesprekspartnerin (wij stonden beiden te wachten op de tram) als gewezen kamerlid, senatrice en gemeenteraadslid, het bestaan van het onbestuurbare belgië enkel wist te verdedigen met emotionele en oppervlakkige argumenten. "Wij zouden Brussel verliezen" klonk het afgezaagde liedje maar met een intonatie alsof we een kind moesten afstaan. "En de vele Vlamingen in die mooie hoofdstad van ons, zouden hun job kwijtspelen".
Mijn antwoord verbaasde haar : "Ik ben geen politicus, dus ik kan mij best veroorloven de verloren ghettostad Brussel los te laten. Dit waterhoofd is nu lang genoeg het alibi geweest om de Vlaamse onafhankelijkheid af te remmen, en er is geen enkele reden om te vrezen voor Vlaams jobverlies : daarmee snijdt Brussel zichzelf economisch in eigen vlees". (sorry, dames en heren Vlaamse politici, jullie zullen wel gelijk hebben door je aan Brussel vast te klampen, maar ik volg even een zijpad, als het mij zo uitkomt)
Ons gesprek werd levendiger, haar pro-belgica pleidooi was ontluisterend naief en finaal klaagde mijn charmante opponente dat ze last had van hooikoorts. Het leek mij meer dat ze zich opwond.
Wat dacht ze over de plotse oprichting van de Federatie Wallonië-Brussel ? Doet Brussel daarmee geen afstand van zijn zogenaamde neutrale positie ? Opnieuw moet ze even de neus snuiten. "Ha, dat ? Ja, dat is de schuld van Kris Peeters, hé. Die moet de mensen niet uitdagen en het zou goed zijn als er een regering kwam zonder de NVA."
Toen zagen we haar tram aankomen en nadat we hoofs afscheid hadden genomen, beloofde ik haar een mailtje te sturen met felicitaties als ze in de tot verdwijnen gedoemde senaat opduikt. Ik vrees echter van haar geen mailtje te krijgen als "de kleine staat Vlaanderen" geboren wordt.
Door dergelijke toevallige gesprekken met politieke tegenstanders, krijg je inzicht in de manier van denken en het soort argumenten dat deze mensen drijft. De oude flamingant voelt zich alleszins gesterkt in zijn republikeinse opvattingen en de SP-a moet dringend wat doen aan de scholing van zijn mandatarissen.
Savat