Hoe divers kan diversiteit zijn ?
Precies op de dag dat het parlement besliste dat beursgenoteerde en overheidsbedrijven een minimum aan vrouwelijke bestuurders moet hebben, publiceerde een extreemlinks groepje onruststokers een 10 jaar oude lijst van grote bedrijven die aan een uitzendkantoor hun voorkeur zouden bekend hebben gemaakt, voor een bepaalde kandidaat-werknemer.
Het eerste is een maat voor niets. Toen de quota op de kieslijsten werden ingevoerd, zagen we ook dat de poetsvrouw van het partijlokaal noodgedwongen een plaatsje moest krijgen om aan het getal te geraken. Zonder dat ik daarmee afbreuk doe aan vrouwelijke mandatarissen die heel hard werken, heel bekwaam zijn en goede resultaten bereiken. Maar voor hen waren er geen quota nodig. Kwaliteit drijft altijd boven.
Het tweede feit is het zoveelste bewijs dat het Nationale Spionnencentrum moet verdwijnen. Opperspion Jozef De Witte heeft nagenoeg woordelijk toegegeven in een interview met De Standaard dat hij op slinkse wijze de lijst in zijn bezit kreeg en dat hij dit vertrouwelijke document ook gebruikte. Zijn jarenlange verbondenheid met extreemlinkse agitatoren kennende, is het vermoeden dat hij die lijst zelf naar de PVDA lekte, niet ongegrond. De lijst is trouwens totaal irrelevant, want 10 jaar oud. Bovendien bewijst niets, dat de lijst niet vervalst werd ‘voor het goede doel’. Dit soort volk is van de eerste leugen niet gebarsten.
De overheidsbemoeienis om iedereen die om duidelijke redenen niet aan de bak komt in de arbeidsmarkt, toch maar te pushen, neemt weerzinwekkende vormen aan.
Als Stevaert en zijn acco-lieten hier opnieuw het communisme willen invoeren, mogen ze straks niet jammeren dat al onze bedrijven het land verlaten. Een uittocht, die trouwens al volop aan de gang is.
Volgende vraag, asjeblief
De kanker van de diversiteit verspreidt zich op alle terreinen. Uiteraard begint de indoctrinatie in het onderwijs, zoals het goede communisten past.
Vorige week woonde ik in de Xios Hogeschool Limburg een debat bij over ‘Diversiteit in de Media’. Het debat, met een hoog calimerogehalte, werd deskundig geleid door Luc Hanegreefs die heikele vragen uit het publiek, gewiekst vermeed door te verklaren ‘dat ze een onderwerp waren voor een volgend debat’ en aldus netjes afgevoerd werden. Vragen zoals: waarom zitten slechts 1 VRT-eindredacteur, 1 vertegenwoordigster van JobKanaal en twee uit de professionele boot gevallen vrouwen van Marokkaanse origine in het panel, en waar is de mediaondernemer, de werkgever? Waar zijn de goed opgeleide mannelijke allochtonen? Waar zijn de mensen uit de ‘kansengroepen’ die wel en op eigen houtje een goede baan hebben?
Het is naar aanleiding van dit debat, omdat ik de media beter ken dan Raden van Bestuur of de uitzendsector, dat ik hier enkele nuchtere beschouwingen geef. De meeste zijn echter op elke economische sector en de hele maatschappij van toepassing.
Politiek geladen
‘Diversiteit’ is zoals milieubewustzijn, genderneutraliteit, hernieuwbare energie, duurzaam ondernemen,… een term uit het politieke midden, niet uit het bedrijfsleven. Geen enkele ondernemer is vragende partij voor initiatieven op dit vlak. Omdat de maatregelen dan maar met regels, wetten en decreten worden opgedrongen, maakt het bedrijfsleven er het beste van: het melkt de subsidiekanalen uit en misbruikt ze als een PR-instrument. In vertrouwelijke gesprekken geeft elke ondernemer toe dat ze een ballast zijn, geen opportuniteiten. In hun missie schrijven ze wel het tegendeel, maar dat is louter zelfbehoud. De Gedankenpolizei waakt immers!
Ik vind dit niet uit. Maandelijks interview ik verschillende verscheidene topmanagers, bedrijfsleiders, CEO’s die me dit voor en na het interview toevertrouwen.
In sommige sectoren zijn bepaalde maatregelen zelfs een contradictio in terminis: specifieke jobs kùnnen niet open staan voor iedereen.
Het is daarom nodig, de begrippen ‘diversiteit’ en ‘media’ even te ontdoen van alle emotionaliteit, maatschappelijke geladenheid en vooral van de eigenbelangen en verborgen agenda’s.
Middel en doel
Bedrijven hebben maar één doel: winst maken. Die winst moet dienen om te investeren en/of een strategische reserve aan te leggen, die de continuïteit van het bedrijf moet verzekeren. Een deel van die winst dient ook om iedereen te vergoeden die aan de realisatie heeft bijgedragen: leveranciers, personeel, overheid (!) én aandeelhouders. Een bedrijf heeft geen noodzakelijke, sociale functie. De sociale factor van tewerkstelling, kan een middel zijn dat het doel dient. Alleen in een Beschermde Werkplaats is dit het doel op zich, maar dan spreken we over een sociaal project, niet over een economische en marktgerichte onderneming.
Media
Mediaondernemers hebben precies dezelfde opdracht als elke andere ondernemer. Alleen hun product verschilt. Maar ook hun product moet aan dezelfde wetmatigheden voldoen: beantwoorden aan de vragen van de markt. Anders lust de consument (de lezer, kijker, luisteraar, surfer, adverteerder) er geen pap meer van. En zonder klant, geen inkomsten, ergo op den duur geen bedrijf meer.
Gazet van Antwerpen is het schoolvoorbeeld van een poortwachters- en zetbazenredactie die haar product alleen afstemt op haar politieke opdrachtgevers, en haar lezers negeert. Daardoor zag ze op 10 jaar tijd haar oplage halveren. Laat nu de oplage niet de enige waardemeter zijn voor kwaliteit, zonder oplage telt kwaliteit niet meer mee.
Vraag en aanbod
Een sollicitatie is een onderhandeling, een verkoopgesprek: de kandidaat moet een werkgever overtuigen om in dienst te geraken. Die werkgever zoekt de meest geschikte mensen om ze op de juiste plaats op het juiste ogenblik in te zetten. In een tijd van ongelimiteerde elektronische en real time communicatie, zijn alle beperkingen van werkuren, afstanden, rusttijden, enz… volledig achterhaald. De vaak wurgende, sociale wetgeving is niet meer aan deze tijd aangepast.
In sommige knelpuntsectoren worden kandidaten gevraagd of weggekocht door werkgevers. Zij solliciteren niet, ze kunnen eisen stellen.
In andere sectoren zijn sollicitanten echter vragende partij en kan de werkgever vrij kiezen. De meeste sollicitanten, dus ook uit de kansengroepen, zijn vragende partij, zeker in de media.
Die keuzevrijheid van de werkgever moet onaangetast blijven. Quota zijn immoreel. Elke werkgever, die naam waardig, zal zijn opdracht van winst maken – zie hoger – ernstig nemen en dus altijd opteren voor de beste kandidaat die daaraan kan bijdragen. Quota kunnen alleen een rem zijn, die onze economie afremt.
Dat bepaalde personen, zelfs hele groepen, daardoor misschien nooit aan de bak komen, is louter een marktgegeven en van alle tijden. Er is nog nooit een 0-werkloosheid geweest in ons land.
Vernederend
Er is geen enkele wet die bepaalt, dat mensen Coca-Cola of Duvel moeten drinken, met een Apple of met Microsoft moeten werken. Nochtans is de concurrentie voor deze producten zeer groot. Zij hebben de markt veroverd zonder dwang, maar met een uitgekiende marketing en vooral met een goed product.
Het opdringen van allochtonen, 50-plussers en gehandicapten (ik weiger uit respect voor deze mensen, om gelijk welke verhullende omschrijving zoals ‘lichamelijk uitgedaagden’ of ‘mensen met een arbeidsbeperking’ te gebruiken) kan alleen maar nefast werken. De maatschappij voelt zich bekocht en belazerd, er ontstaat een onderhuidse aversie tegen deze mensen en zijzelf zijn vernederd tot in het diepste van hun ziel.
Hun aanwerving maakt hen immers duidelijk dat ze eigenlijk niet nodig zijn. Dat ze niet genoeg waard zijn om ervoor te betalen. Dat ze alleen maar gebruikt worden om in de subsidiepot te kunnen graaien of omdat de wet het verplicht.
Quota hebben geen enkele sociale meerwaarde. Ze dienen alleen om politici hun handen in onschuld te laten wassen en daarna gewoon verder te knoeien.
Tijdens de debatavond werd trouwens woordelijk toegegeven dat bedrijven zelf nooit contact opnemen met JobKanaal. Dat deze organisatie met veel moeite moet prospecteren en alleen maar met de subsidievoordelen een bedrijf over de brug kan halen om iemand uit kansengroepen in dienst te nemen.
Ten koste van andere sollicitanten, dus. Positieve discriminatie heet dat.
Beperkte en gespecialiseerde markt
Komen we ten slotte bij diversiteit in de media. Media hebben heel specifieke eisen. Van goede journalisten wordt nogal wat gevergd naast technische vakkennis: neutraliteit, inzetbaarheid, contactvaardigheid, flexibiliteit, gezondheid, uithoudingsvermogen, snel recuperatievermogen, talenkennis, uitstekende kennis van de voertaal binnen het medium, teamgeest, enz…
Er zijn in ons land uitstekende journalisten van allochtone afkomst. Dat veel kandidaten echter niet aan bod komen, ligt niet aan de discriminatie van de werkgever, maar aan het feit dat hun meerwaarde te klein is. Vooral op gebied van taal schieten ze te kort. Vaak zijn ze ook licht karaktergestoord zoals verbitterd, opdringerig, stug in attitudes, etc…
Het weigeren om zich aan te passen aan de gebruiken van het land waar hun ouders, zelfs grootouders al woonden, stoot niet alleen tegen de borst, maar kan ook een hinder zijn om goed te functioneren. Zolang de sollicitant vragende partij is, moet niet de werkgever zich aanpassen. Dat laatste geldt voor alle sectoren.
Bovendien is de mediamarkt zeer klein. Nauwelijks een paar duizend mensen kan in Vlaanderen een volwaardige broodwinning vinden in de journalistiek. Dat aantal verkleint voortdurend, want door de technologische vooruitgang worden vrijgekomen banen niet altijd opnieuw ingevuld. Misschien zijn er wel te veel opleidingen, want de jaarlijkse uitstroom van afgestudeerden is zo groot, dat er nooit voldoende banen voor beschikbaar zullen zijn. Het probleem in de media is er niet alleen voor kansengroepen, maar voor iedereen die niet als de ‘allerbeste’ uit een selectie komt.
De lat lager leggen, nóg lager leggen, om anderen ook een kans te geven, is waanzin. Een dagelijkse blik op tt-één doet je gruwelen van de dt-fouten, de gallicismen, fout gespelde eigennamen en de onmogelijke zinsconstructies.
Bovendien zou het de ongeloofwaardigheid van de media nog meer vergroten. Maar ‘voor de goede zaak’ hebben sommigen blijkbaar alles over. De lat kan echter niet lager dan tot waar de nieuwsconsument afhaakt en zich uitsluitend via vrije websites op het internet informeert – een tendens die trouwens al in volle gang is.
De media quota opleggen en uitgevers verplichten om de sociale rol van de overheid over te nemen, ten koste van hun economische opdracht, werkt niet. De uitwijkmogelijkheden zijn groter dan ooit. Op dit ogenblik worden al volledige Amerikaanse kranten, inclusief het regionale nieuws, gemaakt door een deskredactie in… India!
Weerspiegeling van de maatschappij
Het veel gehoorde argument dat het de taak is van de VRT om een weerspiegeling te zijn van de maatschappij, slaat op niets. Het is een drogreden van politici om hun kiesvee onder dak te brengen. De VRT moet goede programma’s maken, voor iedereen die door zijn belastingen bijdraagt aan haar dotatie. Punt uit.
Er zijn naast allochtonen, gehandicapten en 50-plussers nog meer minderheidsgroepen in Vlaanderen. Als die allemaal op het scherm moeten komen, dan duurt Het Journaal vier uur per dag.
De kijker vraagt daar niet om. De kijker wil een nieuwsuitzending zien die volledig, correct, neutraal, volwassen gebracht en onpartijdig geduid wordt. Het zal hem worst wezen, wie dat doet.
Op het scherm wil ik integere, vakbekwame journalisten zien die de beste nieuwsuitzending ter wereld maken. Wie zij ook zijn. En alle andere mensen, tot welke groep van allochtonen, gehandicapten, 50-plussers, holebi’s, obesen, vinkeniers, doedelzakblazers of uitstervende politieke krokodillen ze ook behoren, moeten niet op, maar voor de buis zitten om te genieten van die professioneel gemaakte uitzending. Die mensen hebben daar recht op. En als één van hen voldoende meerwaarde heeft om toch op het scherm te komen, dan zal dat wel van zelf gebeuren. Farouk Ozgünes is het bewijs, dat het kan.
Diverse inhoud
Ik mis geen halfbakken huigtaaltje op de radio, ik mis geen getaande huid op het scherm, ik mis geen geweeklaag over een slechte jeugd in mijn krant. Maar ik mis wel diversiteit in de media.
Diversiteit op het gebied van inhoud, dan. De kranten De Morgen, De Standaard, Het Nieuwsblad en Gazet van Antwerpen zijn qua strekking, nieuwsmanipulatie en duiding perfect inwisselbaar. Alleen de stijl van de cartoonisten maakt nog het verschil. Ze sluiten bovendien naadloos aan bij de nieuwsprogramma’s van de VRT.
Als we echt over diversiteit spreken, dan verwacht ik dat lezersreacties op de redactie.be niet meer worden gecensureerd, louter omdat ze de politiek correcte mening niet delen. Dan verwacht ik dat andersdenkenden op de website van De Standaard geen rode kaart krijgen en niet zomaar gebannen worden, maar juist gewaardeerd worden als de basis van een goed geargumenteerd debat. Dan verwacht ik dat diezelfde Standaard haar academische opinieschrijvers niet oplegt wat ze moeten schrijven en zwijgen, en dat zogenaamde gedachtewisselingen niet meer geregisseerd worden door de redactie. Dan verwacht ik dat Vlaamse kranten ook een vrije tribune van Bruno Valkeniers of Gerolf Annemans publiceren en meteen een einde maken aan een overbodig ‘cordon médiatique’ rond een partij, die volkomen democratisch verkozen werd en in het parlement gemandateerd is.
Wie spreekt over diversiteit en een afspiegeling van de maatschappij, raad ik de studie aan van het Center for Journalism Studies van de UGent. Daaruit blijkt dat meer dan 75% van onze beroepsjournalisten stemt voor een linkse tot extreem-linkse politieke partij, daar openlijk voor uitkomt en dat zelfs in hun werk overduidelijk laat blijken, terwijl drievierden van de maatschappij kiest voor een rechtse tot extreemrechtse partij.
Misschien moet de Minister van Media eens beginnen met kranten te lezen en daarna pas aan mediabeleid te doen in plaats van haar partijideologie op te dringen.
Elveebee
6 reacties op dit bericht
het kan ook anders
Resultaat : Comité P : nooit onderzocht (medegedeeld in feb.2010 (na 4(vier) jaar!!!)
Arbeidsrechtbank: op 15 juni 2010 weigert in te gaan op bewezen pesterijen van politieofficieren, medische dienst en ambtenaren, en verwijst naar de raad van state.
Resultaat : sedert 1.04.2009 heb ik niet de minste vergoeding ontvangen.
Verklaring van een ambtenaar van de FOD aan de sociaal assistent van het OCMW " Betrokkene kan maar een vergoeding krijgen als hij zijn klacht intrekt.
Van maffia gesproken.
,
Goed bestuur in't stad van Allah
Hoeveel ?
Dirk Martens...
ik vraag me af
Pak de poen show.
Zoek het verschil!
Een ambtenaar die vijf jaar loon ontvangt zonder aanwezig te zijn.
Een NIET-herkozen politieke totentrekker die vier jaar doorbetaald wordt zonder één klop te moeten presteren.
Pssst: Daarvoor lopen zwerfkaters zoals bert den bleiter de "poten" van onder hun gat om dàt te kunnen vangen!
mvg