
We hebben tweemaal verloren. Ten eerste om wat ze ons hebben aangedaan en ten tweede om wat we ons zelf hebben aangedaan.
Op een mooie dag wandel je door de straten, er staat een zacht briesje en in de lucht hangt de geur van pas gebakken koekjes van de bakker iets verder op. Plots krijg je een klap vanachter tegen het hoofd. Eerst ben je geschokt. Dan wordt je kwaad. Je vraagt waarom ze je dit aandoen en dan zeg je “ik zal de rotzakken krijgen”. Maar wat als je nooit kwaad wordt en in schoktoestand blijft. Dan blijft wat ze je hebben aangedaan zinloos. Je blijft hulpeloos en gekwetst.
September (11) is een dag geworden van permanente schok en voortdurende pijn, terwijl we moeite hebben met onze pijn omdat onze natie gezegd werd niet kwaad te worden en gewaarschuwd werd niet te oordelen of de schuld te leggen bij de daders van de verschrikkingen van die dag. Het is de dag geworden wanneer we naar onze televisies staren of naar onze schermen (computers) of naar de grond voor ons en we proberen om enige verklaring te vinden waarom we een klap op ons hoofd hebben gekregen.
Hebben we iets verkeerds gedaan? Hebben we het verdiend? We staren naar beneden in het stenen graf en kunnen enkel nadenken over de onmogelijke mysteries van sterfelijkheid. Waar gaan we naartoe wanneer we sterven? Waarom gebeuren er slechte dingen voor goede mensen?
Dezelfde nutteloze vragen doen de ronde en dezelfde gebeurtenissen worden telkens herbeleefd in een nationaal vagevuur van pijn. In tegenstelling tot Pearl Harbour, Iwo Jima, Belleau Wood, Gettysburg, heeft dit geen enkele zin want er is geen onderliggende betekenis. Er is enkel de herinnering aan de dag waarop we werden aangevallen door mensen over wie we niet mogen spreken voor redenen die niet onderzocht mogen worden. En er is niets anders dan de pijn.
Eindeloze pijn is niet geneesbaar, maar kan enkel verdrongen worden en eventueel vergeten. Daarom wijden we één dag, één week aan de herinnering van de feiten enkel tot zover we ze mogen herbeleven en dan moet de wonde weer dicht met een korstje en gaan we werken, winkelen, groeten vrolijk onze moslim buur die in geen enkel opzicht iets met de gebeurtenissen van die dag te maken heeft. “Goede dag!” “Salaam Aleikum.”
Maar de pijn in ons achterhoofd verdwijnt niet. Iemand heeft ons een klap gegeven. Wie. Waarom. Wat kunnen we er aan doen? We kunnen in de rij staan en onze schoenen uitdoen en ons laten fouilleren door de vriendelijke man in de hoop dat de mensen en hun identiteit over wie we niet praten geen middel vinden om ons tijdens deze vlucht te doden. Het is een gewone dag in een gewone week in het tiende jaar nadat ons leven veranderde op een manier waar we niet over praten.
Verdrukking maakt genezing onmogelijk. Het vult ons met een gif dat ons tegen onszelf keert. Hulpeloosheid is leren zichzelf verachten en dan wanneer we een klap tegen het hoofd krijgen knikken we instemmend want we weten waarom we geslagen werden. We hebben het verdiend.
De kalender loopt en de schok blijft. Het is enkel wanneer je kwaad wordt dat de schok verdwijnt samen met de hulpeloosheid. Het is enkel wanneer je je realiseert wie je sloeg en kwaad wordt dat je terug jezelf bent. Tot dan zijn er enkel tranen en onbegrip, pijn en verdriet voor deze verschrikkelijke tragedie. Waarom moesten zij sterven? Wie weet het. We spreken er niet over. Niemand is verondersteld erover te praten.
Veeg de onderdrukking door politiek centrum weg en het masochisme van politiek links en je zult daaronder het kloppende kwade hart van een natie vinden. Het ligt dieper in Europa, daar moet je dagen graven om meer te vinden dan de op elkaar geklemde lippen van mensen die generaties lang geleerd hebben om op hun tanden te bijten en zachtjes te klagen over onbelangrijke zaken.
Amerikanen hebben echter niet geleerd zwijgzaam te zijn. De zelf censuur die zo gewoon is in Europa vind men hier enkel bij een kleine klasse van hoger geschoolden die te veel tijd hebben doorgebracht in faculteitsvergaderingen en in seminaries over gevoeligheden. In de plaats is er de verbazing van mensen die men keer op keer heeft voorgelogen, en die weten dat men hen voorliegt, maar die toch niet volledig begrijpen waarom ze worden voorgelogen en in welke mate ze worden voorgelogen.
Wie wil je geloven, je gezond verstand—of de media en de politici van beide partijen, de academici, schrijvers, dichters, geleerden, miljonairs, CEO’s, diplomaten, generaals, prinsen, beroemdheden en iedereen die belangrijk is maar die je nog nooit persoonlijk hebt ontmoet? Zouden die allemaal tegen je liegen? En indien dit zo is—is dat niet een even grote aanslag als september 11. Of zelfs een grotere?
Iedere dag is elf september. Iedere dag telkens we gecontroleerd door de veiligheidsdiensten van een bange onbekwame regering aan boord van een vliegtuig gaan. Iedere dag wanneer een terreur waarschuwing ons doet weglopen terwijl we het ergste verwachten. Iedere dag wanneer gesneuvelde soldaten terug worden gebracht. Iedere dag wanneer een van onze moslim buren samenzweert om ons te doden. Iedere dag is 11 september.
We kunnen het niet vergeten door slechts een dag te treuren en te herinneren. We kunnen het niet ontlopen met enkele jaren van oorlogvoeren. We kunnen het niet vergeten met een verzoeningspolitiek of door onze tranen. Het kan niet en zal niet verdwijnen tot we er mee afrekenen. Tot we afrekenen met wat het werkelijk wil zeggen.
Vandaag is het 11 september. Morgen zal het 11 september zijn. Het zal iedere dag van ieder jaar 11 september zijn tot we vernietigd worden of tot we wakker worden. Het is de dag die we telkens herbeleven tot we wakker schieten.
Vertaling : Foxy