Naar de inhoud

beiaardmeise

Vrienden van de oude beiaard
seniorennet.beseniorennet.be

320 Programma 2014

320 Programma 2014

Er komen nog slechts 8 concerten.  Op 11 juli voor het feest van de Vlaamse gemeenschep en op 6 september onder het thema Scotland.
De beiaardfeesten gaan door op 1 juni onder het motto "de Middeleeuwen"

 

10 2       50 50       10       100           1       5       50     1 50 500 1 5   1 50           500   50 1   500 =1937

W I J a L   L e n W e n s C h e n

h I e r V e e L h e I L   D e J U b I L a r e n D e r L   I n D e .

 

Er wordt hier een gedicht gemaakt op grond van de datum en de overeenkomst ervan met de numerieke volgorde in het alfabet.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Jef De Cuyper om 09:10 Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

320 Programma 2014

320 Programma 2014

 Er komen nog slechts 10 concerten.  Op 11 juli voor het feest va6 september is het thema Schotland

10 2       50 50       10       100           1       5       50     1 50 500 1 5   1 50           500   50 1   500 =1937

W I J a L   L e n W e n s C h e n

h I e r V e e L h e I L   D e J U b I L a r e n D e r L   I n D e .

 

Er wordt hier een gedicht gemaakt op grond van de datum en de overeenkomst ervan met de numerieke volgorde in het alfabet.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Jef De Cuyper om 09:05 Reageer op dit bericht

319 Hoe vurig en blij

319 Hoe vurig en blij

Bad ik van morgen
Den Heer, opdat Hij Toch wel zou zorgen,
Aan Grootva en moe
Vreugde te geven
In vreedzaam gedoe
En lange leven.              
Eliane 1926

(Eliane Schelfhout x Van Steenbergen – winkel Zennestraat Brussel)

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Jef De Cuyper om 08:21 Reageer op dit bericht

318 Des levensdraad werd zwak en teer

318 Deslevensdraad werd zwak en teer

Hij brak …Helaas, Hij is niet meer.
Hij rees naar hoger gouwen.
Gij allen die Hem hebt gekend,
Aan zijnen omgang waart gewend
Moogt zuchten ende rouwen.

Een grote schat is u ontvloon,
God nam tot Zich in ’s Hemelswoon
Die opgeruimde ziele.
Zo daagt een morgen voor elkeen,
Dat ondanks zorgen en geween,
De dood het al verniele…

Laat vrij uw tranen vloeien, Gij,
Die jaren lang aan zijne zij
Gezocht hebt en gevonden.
Het reine huiselijk geluk,
Een leven vrij van zorg en druk
En troost in droeve stonden.

Voor U, m’n kinders, waarlijk neen,
Vind ik geen woorden, ‘k ken er geen
Van troost voor ’t kinderharte.
Bidt veel, richt Uwen blik tot God.
Hij brengt verzachting voor uw lot,
Hij lenigt alle smarte.

Aflaten

H.Hart van Jezus, ik heb betrouwen op U. (300 dagen aflaat)
Zoet Hart van Maria, wees mijn heil. (300 dagen aflaat)

Op het doodsprentje van Hendrik, Jozef Lettens °Imde 23 maart 1875 en + 11 october 1931.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Jef De Cuyper om 08:15 Reageer op dit bericht

317 Ons meetje trouwt

317 Ons meetje trouwt

Maria – Nathalia Lettens (dochter van Hendrik )
bij haar huwelijk met mijnheer Eugeen Danze den 7 mei 1930

XXX

Ons Meetje trouwt !

Woorden : Jef Lettens

Muziek : L.Joos

Toen d’ eerste maal der morgenzon.
Me uit den slaap kwam lokken
Was ’t of een reuzenfeest begon,
Waarin ik werd betrokken.
Het leven scheen me lichter dan
Op ander werkedagen,
En ik wou juist het fijn ervan
Gaan aan mijn vrouwtje vragen.
Toen floot een merel in het hout,
Zijn meetje trouwt – Zijn meetje trouwt.

De zonne lachte welgezind
Doorheen de groene blaren
En in het suizen van de wind
Kon men het lied ontwaren.
Tot zelfs het blaffen van den hond
Klonk toch zo machtig blije,
Dat ik zeer duidelijk verstond
Het liedje van den meie.
De merel floot, - in ’t groene hout
Zijn meetje trouwt – Zijn meetje trouwt.

De koetsen schoven heen en weer
Naar vrienden en verwanten.
En keerden och zo zere weer
Met nonkels en matanten.
De vreugde blonk op hun gelaat,
Of z’ uit den hemel vielen….
Ze waren al in feestgewaad,
’t Was hoogdag in hun zielen !
De merel floot – in ’t groene hout,
Zijn meetje trouwt – Zijn meetje trouwt

 Daar krabt de oude zich in ’t haar,
Zegt zacht tot moeder vrouwe
Die nichten en kozijntjes daar,
Ze drinken toch zo gauwe.
En straks vertrekt het jeugdig paar
Want varen gaan ze beide
En ginder ver klinkt hel en klaar
Verrukkelijk en blijde.
Het merelslied in ’t groene hout
Ons meetje trouwt – Ons meetje trouwt.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Jef De Cuyper om 07:44 Reageer op dit bericht

316 Kommunie M.N. Lettens

316 Aan mijn teergeliefde meter Maria-Nathalia Lettens

ter gelegenheid van haar Plechtige Heilige Kommunie
gedaan in de Sint-Annakerk te Koekelberg op 21 april 1918

Met een zuiver, rein gemoed.
Lof en danklied aangeheven.
Tot de bron van alle goed,
Tod de Schepper van het leven.
Lof ! den Heer, die ’t al behoort,
’t Lot van mensen en van volken
Kind en engelen ’t akkoord,
Zullen Zijnen lof verkonden.

Dank, ja, de goede God,
Vurig uit uw kinderharte
Voor ’t verkregen gunstig lot
En voor afgeweerde smarte.
Dank Hem, in uw ouders naam,
Voeg uw stem bij d’ engelenkoren
Want ’t is Gode aangenaam,
Kinders dankgebed ’t aanhoren.

Richt de blik ten hemel op !
Want het zijn beroerde tijden
’s Mensen dwaasheid t’ hoogsten top,
Zaaide ramp en druk en lijden.
Smeek hem, toch zo lief en teer
Tot hij ’t vaderhart bewogen,
Ziend’ op ons ellende neer
Wij zijn hulp verhopen mogen.

Stijgen voor Jehova’s troon,
Lof en dank en smeekgebeden.
Uit een hart zo rein en schoon,
Op een dag, zo groot als heden.
Dan, dan blikt de goede God
Over zijne kind’ren neder,
Brengt verzachting van ons lot,
En schenkt rust en vrede weder.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Jef De Cuyper om 09:14 Reageer op dit bericht

315 Ouders 50 jaar X

315 Ouders 50 jaar X

ter gelegenheid hunner vijftigjarige echtvereniging
13 november 1872 – 13 november 1922

Koor

Hoera, hoera voor ’t jubelend paar !
Dit is de kreet der blijde schaar
Van uwe kinderen en kindskinderen ;
En moge voor uw teeder hart
Toch nooit of nooit de minste smart
Het volle levensheil verminderen !

Vader, Moeder, heil en zegen
Dale van den Opperheer,
Als eene milde, frissche regen,
Over uwe hoofden neer !

Wat zoet genot te kunnen staren
Met jubelend hart, o Man en Vrouw
Als Gij vandaag, op vijftig jaren
Van nooit gestoorde liefde en trouw!…
U ook, o ouders werd geschonken
Uit ’s levens beker zoet en zuur,
Maar beiden hebt gij saam gedronken
En ’t schonk uw liefde kracht en duur.

Koor

Hoera,enz.

                        II

Wat zoet genot u zien te omringen,
O vader, moeder, door een kroost,
Wiens blijde stemmen heil u zingen,
En dat uw kroon is en uw troost !
Wat zorgen, angsten soms door grieven
Het teeder minnend oudrenhart !
O vader, moeder, maar wij lieven
U dubbel thans om al die smart.

                        Koor

Hoera, enz.

                        III

En onze wensen juichen, schallen,
En onze beden stijgen op,
Dat God uw heil met welgevallen,
Doe rijzen tot den hoogsten top :
Leef lang op aard nog ! Leeft geprezen
Door God en mensen te gelijk !
En mogen wij uw kroon eens wezen
Hierna in ’t zalig hemelrijk!

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Jef De Cuyper om 08:54 Reageer op dit bericht

315 Gouden Juwelijkswens

315 Gouden Huwelijkswens

ter gelegenheid hunner vijftigjarige echtvereniging
13 november 1872 – 13 november 1922

Koor

Hoera, hoera voor ’t jubelend paar !
Dit is de kreet der blijde schaar
Van uwe kinderen en kindskinderen ;
En moge voor uw teeder hart
Toch nooit of nooit de minste smart
Het volle levensheil verminderen !

Vader, Moeder, heil en zegen
Dale van den Opperheer,
Als eene milde, frissche regen,
Over uwe hoofden neer !

Wat zoet genot te kunnen staren
Met jubelend hart, o Man en Vrouw
Als Gij vandaag, op vijftig jaren
Van nooit gestoorde liefde en trouw!…
U ook, o ouders werd geschonken
Uit ’s levens beker zoet en zuur,
Maar beiden hebt gij saam gedronken
En ’t schonk uw liefde kracht en duur.

Koor

Hoera,enz.

                      II

Wat zoet genot u zien te omringen,
O vader, moeder, door een kroost,
Wiens blijde stemmen heil u zingen,
En dat uw kroon is en uw troost !
Wat zorgen, angsten soms door grieven
Het teeder minnend oudrenhart !
O vader, moeder, maar wij lieven
U dubbel thans om al die smart.

                      Koor

Hoera, enz.

                        III

 En onze wensen juichen, schallen,
En onze beden stijgen op,
Dat God uw heil met welgevallen,
Doe rijzen tot den hoogsten top :
Leef lang op aard nog ! Leeft geprezen
Door God en mensen te gelijk !
En mogen wij uw kroon eens wezen
Hierna in ’t zalig hemelrijk!

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Jef De Cuyper om 09:11 Reageer op dit bericht

314 Huwelijkswensch

314 Huwelijkswensch aan Philibert Lettens  en Serafina Van Doorslaer

Het ware voorzeker een plichtje verzuimenis
Zoo niet op dees heilvollen dag
We blij en verheugd uw komst begroeten
Met wenschen lijk ’t hart ons vermag.

We wachtten zoo lang, we spraken gedurig
Aan van ’t bootjen, wat U bereidt
Waarin gij de Zee door, de zee van het leven
Te zamen uw levensdagen leidt.

Zoo gaat thans dit bootjen, al lachend aan ’t varen
Hoe schoon, ha, de zee in ’t verschiet ;
Geen windje van onheil, geen wolken ’t ontwaren
De Hemel met lust op u ziet.

De toekomst, ik weet het, voor niemand ligt open,
Maar kwam er dan ook ooit een smart
Het lied uwer vreugde, ’t zij voorspoed verstoren
Zoo beiden, verkloekt gij uw hart.

En beiden gesteund, in ’t werken, in ’t rusten
De handen in handen geschaard.
Zoo, weert gij den nood af en kweekt er de vreugde
Met al wat de deugd brengt op aard.

Dit zijn onze wenschen, dat de Hemel ze uitvoere,
Lang houde de Heer U te saam
In vreugdegenot, in heil en invoorspoed
Op ’t bootje met zegen belaan.

Lang leve Philibert Lettens !
Lang leve Serafina Van Doorslaer !
Lang leven Bruidegom en Bruid.

 

Wolverthem, den 26 Januari 1913

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Jef De Cuyper om 08:57 Reageer op dit bericht

313 Hulde aan de Heer Doktor Armand Rubens

25 jaar burgemeester van Zele
Redevoering uitgesproken door Mr J.B.Rosseels
in naam der Zelenaars van Brussel
2 oktober 1933

 

Doch zij minnen en zij eeren
Zij begrijpen en waardeeren
Al het schoone, al het goede,
door deze Burgemeesters macht
Hier in Zele tot stand gebracht.
En zij danken in gemoede.
Ach, het zijn zoo’n leuke gasten
Zij vergoeden voor de lasten
Vraag het aan de vrouwen maar,
Want geen mensch heeft ooit beschreven
Welk genot men kan beleven
met een echten Zelenaar.

 

Hoog de harten, hoog de geesten
Wijl we dokter Rubbens feesten
Immer voor het goede voorwaerts
Zegenend zal God u sterken
Voor uw volksverheffend werken
Spijts de kwaden en de lauwaerts
’t Is de harte kreet van vele
Leve Rubbens, leve Zele.
Binnen vijf en twintig jaar
Komen wij nog eens te gader
Gij nog steeds als Burgervader
Wij met onze Zelenaar !

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Jef De Cuyper om 09:14 Reageer op dit bericht

312 Omdat ik bakker ben!

312 Omdat ik bakker ben !

            Zangwijze : “Omdat ik Vlaming ben “

            Woorden van onze vakgenoot Jef Lettens van Meysse

Waarom ik onze Gilde min
Met hart en ziel en vrij van zin,
Zeg dat ‘k geen andere erken ! (2X)
            Omdat ik bakker ben ! (3X)

 

Waarom ik bij mijn stillen haard
Den geest der vaadren heb bewaard
Mij aan geen vreemden bluf gewen ? (2X)

            Omdat ik bakker ben ! (3X)

 

Waarom ik aan mijn kindren leer :
“Hou ende trou” – gelijk weleer !
Blijf steeds in wel en wee met hen ! (2X)

            Omdat ik bakker ben ! (3X)

 

Waarom ik ondanks dwang en druk,
Mijn vreugde zoek en mijn geluk,
Bij hen, die ik als vrienden ken ? (2X)

            Omdat ik bakker ben ! (3X)

 

OMDAT IK BAKKER BEN “BAK IK MET PURATOS”

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Jef De Cuyper om 09:06 Reageer op dit bericht

311 Je vous présente Mr. Grewez

311 Je vous présente Mr. Grewez

au nom de tous les boulangers (met de hulp van Phil)
que vous avez si bien servi
ce petit cadeau que voici
Cette montre vous rappellera
que bientôt l’ heure sonnera
l’ heure du boulanger patron
si ardemment nous travaillons

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Jef De Cuyper om 09:10 Reageer op dit bericht

310 Het oordeel van Sinte - Pieter

310 Het oordeel van Sinte - Pieter

Gevolg aan het artikel “Peper en zout” brief aan Bolle voor de
Zwijgende Denker – zie Koorrnbloem – augustus 1926.

Daar stonden voor het hemelhof        
De kleren vol van slijk en stof.
Met steenkoolzwart geweten
Het drietal dat zoo wonderbaar
Bijna aan ’t Grimbergsche gevaar
Ontsnapt was, ’t is geweten…

De man die zich een denker noemt
En daaglijks op zijn zwijgen roemt
Heeft het in ’t lang beschreven.
Verwaandheid zit hem in het lijf.
Hij babbelt als een koffiewijf,
Dat zat is, om ’t even.

Ze stonden, zôô hij zegde daar
En voor het dreigende gevaar,
“Het oordeel van Sinte Pieter”.
Geraakte zijne vastheid zoek
Er viel iets achter in zijn broek
En ’t ging daarom niet beter.

Doch zie, daar kwam Sint Pieter af.
Eenvoudig leunend op zijn staf,
Sprak : jongens zet u neder.
’t Was lastig voor den denker, doch
De schrik gaf moed, hij deed het toch…
En kreeg zijn praatzucht weder.

Hij sprak tot Sinte Pieter, zie
Ik ben de beste van de drie
‘k Bedreef nooit geene zonden. Terwijl die twee, zeg hoe ge ’t vindt ?
Het zeiltje hingen naar de wind,
Er steeds profijt bij vonden.

Zo ging het in één adem door,
Tot hij de kluts geheel verloor,
Wijl Bolle en Adam stille,
Van ’t plechtig ogenblik bewust
Zich onderwierpen heel gerust,
Aan Pieters heilige wille.

Toen kwam Sint Pieter aan het woord,
Sprak, jongen het is ongehoord,
Zo nutteloos te praten,
Ik weet er immers alles van
Gij spot slechts met u zelven man,
En raaskalt als verwaten.

Is Bolle soms een beetje rauw
En bleven zij niet altijd blauw.
Of streelden zij der meiden kin
Was Adam lid van ’t Komiteit
En schippren beiden met ’t beleid,
Daar zien wij geene zonden in.

Toen ik nog vischte op garnaal
Dan was ik ook wel eens…
’t Is ’t kenmerk van goede zielen.
En meiden,…die weerstond ik niet,
‘k Was altijd een der eerste, ziet,…
Die in hun strikken vielen.

‘k Herinner mij dat ik ne keer
Gelast door Onze Lieve Heer,
Om visch en brood te delen.
Ik had toen ook het beste paart
Heel vriendelijk voor mij bewaard
Ik wil ’t u niet verhelen.

En wat ik heel verstandig vind
Is ’t zeiltje hangen naar de wind
Wil men zijn boot niet stranden.
Had ik het niet perfekt gekend
Dan kreeg ik nooit mijn beste vent,
De hemelpoort in handen.

De politiek van liberaal,
En evenzo van klerikaal,
Die zijn reeds lang versleten.
Geen mens die er nu nog van wilt,
Daaraan talent en tijd verspilt
Dat moest ge toch wel weten.

Wees Kristen, Vlaming, democraat,
Zo dient gij God en volk en staat,
Tracht daarin uit te blinken.
En trek nu maar algauw naar huis,
Doe in UW broek de grote kuis,
‘t Begint begot te stinken!…

Grimbergen, hondsdagen, 1926

 

Bolle Verbuyck= Hendrik Lettens (bakker en broer van Jef en Fil). Fil was hier bakkersgast. Hendrik verbleef in het pension in Grimbergen.
Hij bakte ook in Grimbergen voor de paters. Hij was liberaal, maar liet ze vallen omwille van de paters. Afrekening in De Koornbloem. Dit pamflet werd huis aan huis verstuurd.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Jef De Cuyper om 09:28 Reageer op dit bericht

309 Ma Normandie

De St.-Elooistoet trok door het dorp langs de kerk.  Het beiaardrecital was echter reeds voorbij.  Volgend jaar moeten wij zorgen dat de beiaard speelt als de ruiters voorbij komen (12.30 u.)

Quand tout renaît à l’ espérance

Et que l’hiver fut loin de nous ...

 

Jos Lettens zong dit voor zijn dood. Dit werd opgenomen op video.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Jef De Cuyper om 09:33 Reageer op dit bericht

308 De Vlaamse banneling

Beiaardrecital op 1.12.2013 n.a.v. St.-Elooi

308 De Vlaamsche banneling

                        Wijze : Ma Normandie

Als alles weer vol lust en leven,
Vol kleurenpracht herboren wordt.
En zephirs door de hagen zweven
En zonneschijn weer weelde stort.

Wanneer uit vreemde, wilde streken,
De zwaluw ’t oude nest hervindt.
Voel ik mijn smachtend harte breken,
En ‘k word weemoedig als een kind.

Dan dwaalt mijn geest in droomgedachten
Terug naar ’t lieve landekijn
Waar lentezon en zwoele nachten
Een paradijs aan ’t scheppen zijn.

‘k Bereisde ’t Zuiden en het Noorden
Doch vond op aard geen plekje grond
Zoo schoon, zoo lief, als Vlaandrens oorden
Daar was het dat mijn wiegje stond.

Waar we ook het schone zochten
In kunstpaleizen rijk en fijn
We vonden Vlaamse kunstgewrochten
Waar vreemde naties fier op zijn.

Gij hadt reeds in de Middeleeuwen
De hoogste trap der kunst gemaakt.
O Vlaamse mannen, Vlaamse leeuwen,
Gij hebt de wereld schoon gemaakt.

Ik zie, ik zie in ’t schemerduister,
Van ’t lang verleden sterk en groot.
Die trotse steden in hun luister
Waaraan de wereld schatting bood.

Ik zie ’t Venetië van het Noorden
‘k Zie die van Gent ten strijde gaan
Ik hoor de taal der Scheldeboorden
En klokke Roeland storme slaan.

Er grijpt een eindeloze smarte
De moegestreden balling aan
Die met de wanhoop in het harte
Zijn offer ziet verloren gaan.

Treft hem de dood, in vreemde gouwen
Eer gij uw fierheid wedervindt
O Vlaamse mannen, Vlaamse vrouwen
Heeft hij u dan te veel bemind ?

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Jef De Cuyper om 09:04 Reageer op dit bericht

307 Mijn dorpje

Mijn dorpje

Er staan in ’t dorpje dat ik ken
Sinds mijne prilste jeugd
Nog steeds dezelfde huisjes, en
Er heerscht dezelfde vreugd.

Die huisjes staan daar neergepland
Zoo schilderachtig net
Als werden zij door Godes hand
Er op hun plaats gezet.

De muren zijn zoo hagelwit
De daken vurig rood
En achter ieder venster zit
Een oudje, spijts de dood.

Ginds op de brokkelstenen trap                       oud huis van Kestens in Imde (huis?)
Daar spelen met den vleet
Er kinderen, zo vlug, zo rap,
Die denken aan geen leed.

Wijl vader, kalm en onverpoosd
Zijn zware taak verricht
Wijl moeder lief, voor man en kroost
Vervult haar grote plicht.

Terwijl het oudje zich verblijdt
In ’t zorgeloos kinderspel
Terwijl de jaren en de tijd
Vervliegen even snel.

Blijf ’t dorp getrouw, zijn oude trant
Zoo schilderachtig net
Als werd het er, door Godes hand
Op zijne plaats gezet.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Jef De Cuyper om 00:00 Reageer op dit bericht

306 De uil

306 De uil

Een uil die werd verliefd van zin, oe, oe.
Hij droomde van een nachteling, oe, oe.
Hij sprak meteen zijn liefje aan.
Ik wil met jou door ’t leven gaan
Oe, oe, oe, oe , oe , oe.(bis)


Ze beet verlegen op haar poot, oe, oe.
Een blos die kleurd’ haar wangen rood, oe, oe.
Ze zei niet nee, ze zei niet ja.
Verwees hem naar haar eerpapa.
Oe, oe, oe , oe, oe, oe. (bis)

De vrijer was van zessen klaar, oe, oe.
Hij bood zich aan bij d’ uilenvaar, oe, oe.
Doch spottend met zijn zielsverdriet.
Sprak d’oude heer : ge krijgt ze niet.
Oe, oe, oe, oe ,oe, oe.(bis)

De eerste uil van mijn geslacht, oe, oe.
Is op een kerkmuur groot gebracht, oe, oe.
Mijn dochter is dus van natuur.
De fijn voor uilen uit de schuur,
Oe, oe, oe, oe, oe, oe.(bis)

 

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Jef De Cuyper om 08:58 Reageer op dit bericht

305 De boer

305 De Boer

Hij is geboren op het land
En heeft er zijne wone.
Zijn leven is eraan verpand.
Natuur is hem zo schone.

Zo klinkt de leuze die
door vader werd gegeven.
Bewerk uw akker en wees vrij.
In al uw doen en streven.

Buig rug en knie voor God alleen.
Hij zij uw licht, uw baken.
En laat het stormen om u heen.
Geen onheil zal u raken.

Wie trekt door klei en dorre zand
De rijk bemeste vore.
Schept nieuw en vruchtbaar akkerland ?
In velden, golvend koren.

Wie is het die vol pracht en sier ?
Doet plant en bloemen groeien.
Die op de wilden Eglantier,
De mooie roos doet bloeien.

Hij ruilt die voor geen steedse pracht
Tot zijne laatste stonde
Met paard en ploeg in mannenkracht
Er boven of ten gronde.

Wie is die groote kunstenaar
De man van ploeg en spade
Hij die natuur haar werk verlicht
Is boer bij Gods genade.

Zoo klinkt de leuze die
mijn vader bij ’t verscheiden heeft gegeven
Bewerk uw akker en wees vrij
In al uw doen en streven.

Jef Lettens

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Jef De Cuyper om 08:58 Reageer op dit bericht

304 't KLooster

Beiaardbespeling op 1 november om 9.30 u.?!
Beiaardconcert op zondag 1 december om 11.30 u.!???


304 't Klooster

Kom vrienden luistert naar mijn lied.
Wat ik u zal gaan verhalen.
Wat er in Antwerpen is geschied.
Al over twintig jaren.
In het gas, in het gas…
In het gasthuis viel van pas
Waar Chassé, waar Chassé, waar Chassé nog meester was.
Van joep, joep, joep tiralala (bis)
Waar Chassé, waar Chassé, waar Chassé nog meester was.

 Er wierd in ’t gasthuis eens verteld.
Dat ’t ministerie ging expireeren
Al de nonnen heel ontsteld
Riepen : ze gaan bombardeeren
En van schrik, en van schrik.
En van schrik, zoo kregen zij
Allebei, allebei, allebei de schijterij
Van joep, joep, joep tiralala (bis)
Allebei, allebei, allebei de schijterij.


Kom vrienden luistert naar mijn lied.
Wat ik u zal gaan verhalen.
Wat er in Antwerpen is geschied.
Al over twintig jaren.
In het gas, in het gas…
In het gasthuis viel van pas
Waar Chassé, waar Chassé, waar Chassé nog meester was.
Van joep, joep, joep tiralala (bis)
Waar Chassé, waar Chassé, waar Chassé nog meester was.

 Er wierd in ’t gasthuis eens verteld.
Dat ’t ministerie ging expireeren
Al de nonnen heel ontsteld
Riepen : ze gaan bombardeeren
En van schrik, en van schrik.
En van schrik, zoo kregen zij
Allebei, allebei, allebei de schijterij
Van joep, joep, joep tiralala (bis)
Allebei, allebei, allebei de schijterij.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Jef De Cuyper om 08:52 Reageer op dit bericht

303 Getweeën


303 Getweeën

Van in den vroegsten tijd, zoo ‘k meen
‘k Heb dat in boeken al gelezen
Sprak Adam, toen hij was alleen
Dat hij ’t niet langer meer kon wezen
Hij had in ’t geheel geen tijdverdrijf
En ging daarvan zijn nood gaan klagen
Hij wou bij hem een mollig wijf
En die ging hij den schepper vragen
Hij kreeg die en hij was getweeën !
Getweeën ! Getweeën !
…
Getweeën ! Getweeën !
Tot Adam met Eva mee
Getweeën ! Getweeën !
In den appel beet, zoals men zei
Getweeën ! Getweeën !

En zie ! Ik lieg er ook niet om
’t Is ook bij mij lijk bij u allen.
Bij oud en jong, bij recht en krom
’t Zijn al wonderlijke gevallen.
Vraag aan den Turk of Baviaan
Eene van ’t Noord of eene van ’t Zuiden
Of hij alleen zou kunnen bestaan
Hij zal zeggen in korte woorden
Geen vreugd vond men op d’ aarde dan
Getweeën ! Getweeën !
‘k Ben nooit gelukkiger dan als ’t kan.
Getweeën ! Getweeën !
Vraagt aan de vrouw en aan den man.
Getweeën ! Getweeën !
Had het huwelijk anders waarde dan
Getweeën ! Getweeën !

Ja, zelfs een dier is niet tevree
En zou ook niet lang blijven leven
Was ’t niet dat zij ook zijn getweeën
Om aan elkaar vriendschap te geven.
Van de grootste tot het kleinste beest
Van olifant tot vlieg genomen
Dat verheugt zich al om ter meest
En zijn voor elkaar ingenomen
Zie maar eens duiver en duivin
Getweeën ! Getweeën !
Trekken te zaam hun nestjen in
Getweeën ! Getweeën !
Liefkozend en heel blij van zin
Getweeën ! Getweeën !
Bieden zij elkaar de zoetste min
Getweeën ! Getweeën !

En ziet nu eens een minnend paar
Hoe ’t voor elkaar is ingenomen
Ze hebben niets dan van malkaar
Des nachts de zoetste dromen
Des avonds gaan z’ een wandeling doen
Zo arm in arm de twee beminden
..
’t Genot der liefde te gaan vinden
Al zuchtend gaan zij ook ik meen
Getweeën ! Getweeën !
Des avonds in de maneschijn
Getweeën ! Getweeën !
In d’ eenzaamheid zoo gansch alleen
Getweeën ! Getweeën !
Hoe gelukkig moet dat ook niet zijn
Getweeën ! Getweeën !

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Jef De Cuyper om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van beiaardmeise

↑ Terug naar de berichten