annelies
Ik ben een meisje van negen jaar
Ik draag altijd twèè staarten in m,n haar
Ik ben een heel erg vrolijk kind
Ik lach al om een goede wind
Valt m,n zusje zich soms een breuk
Lig ik onmiddellijk in een deuk
Helaas heb ik een groot gebrek
Dat ik nogal eens lek
Ze noemen me;
Annelies van der Pies
Ik moet al piesen als ik nies
Vertel mij nooit een goei grap
Want m,n sluitspier is te slap
Ook zijn we laatst een keer uit eten gegaan
Lakschoentjes en een nieuwe jurk had ik aan
De ober komt met jus en spruitjes
Vlak voor ons gaat-ie onderuit (dus)
Wij zatten allen onder d`appelmoes
De carbonaden zaten in m,n moeders bloes
En bovendien door mijn gebrek
Zat in m,n jurk nog een vlek
Ze noemen me;
Annelies van der Pies
Ik moet al piesen als ik nies
Vertel mij nooit een goei grap
Want m,n sluitspier is te slap
Ook zijn we laatst een keer op schoolreisje geweest
Dat was natuurlijk een enorm feest
De speeltuin Kindervleugel zat vol
D,r was een wip en een schommel
Ellie bleef haken op de glijbaan aan een schroef
Peter kwam onder de paardenhoef
Jan sloeg Erik een groot blauw oog
M,n broekje bleef dus niet lang droog
Ze noemen me;
Annelies van der pies
Ik moet al piesen als ik nies
Vertel mij nooit een goeie grap
Want m,n sluitspier is te slap.




















