
Valenstijndag
Donderdag 9 februari 2006
Maak de oasis nat en druk het stevig in de 20 cm. hooge vaas,een gleuf houden om water te geven.
Steek eerst de takjes conifeer , dan het Rhododendronblad en vervolgens de 8 Asparagus in een rondevorm in de vaas.
Steek vervolgensenkele sprietencitoengras er rondom in, om daarna het bovenste deel van de schikking opvullen met 7 rode de rozen en het gemengde boeket.
Als afwerking gebruikenwe 2 Anthuriums en het Anthurium-blad .
Voor de versiering gebruiken we langs de inderzijde twee orange-rode strikken.
Conifeer
Takken van coniferen worden dankbaar gebruikt voor bloemschikwerk.
Dat komt dan voornamelijk vanwege de uitstekende houdbaarheid van dit materiaal. In het bloemschikwerk worden deze takken vaak gebruikt voor de afwerking en bedekking van de oasis. Daarnaast hebben takken van vele soorten een bijzondere decoratieve eigenschap. De takken van de Atlasceder en bijvoorbeeld de Larix worden in bloemschikwerk vaak gebruikt om er hoogte en breedte in te maken, of er een extra element aan toe te voegen.
De toepassingsmogelijkheden zijn dus enorm groot.
Coniferen zijn eigenlijk heel bijzonder binnen de huidige plantenwereld. Dat bijzondere zit hem dan vooral in het feit, dat ze eigenlijk geen echt blad hebben.
De meeste soorten hebben naalden of schubben in plaats van bladeren. Met deze naalden of schubben halen ze echter hetzelfde kunstje uit als alle andere planten, die wel blad hebben. Ze zetten zonneenergie om in suikers en stikstof en kooldioxide om in zuurstof. Dat doen ze dan bijna allemaal het gehele jaar door, omdat deze naalden of schubben vrijwel nooit in de winter afvallen. De meeste soorten doen trouwens wel aan een zogenaamde rui, maar dat gebeurt dan vaak in de zomer. In de maand augustus zie je de meeste naaldbomen en coniferen die vervanging en uitschoning ondergaan. De oude naalden en schubben hebben hun taak gedaan en zijn inmiddels vervangen door jonge exemplaren. Door weer en vooral wind worden de oude naalden en schubben vervolgens afgeschud. Jaar op jaar vormt deze vergane glorie voor een prima bedekking van de grondoppervlakte om de coniferen heen.
Door die bedekking wordt het water beter in de grond vastgehouden.
Dat systeem zit derhalve prima in elkaar. De naalden en schubben van de coniferen hebben nog een belangrijke eigenschap.
Ze verdampen als gevolg van hun geringe oppervlakte en structuur heel weinig water. Als gevolg daarvan zijn coniferen eigenlijk bij uitstek uitgerust om onder zeer moeilijke omstandigheden te kunnen overleven. Dat kunnen ze dus bij uitstek. Talloos zijn de plaatsen op aarde, waar bladhoudende bomen of struiken niet kunnen overleven vanwege de extreem moeilijke leefomstandigheden. Coniferen en naaldbomen lukt dat wel.
Toch zijn er binnen die groep coniferen toch nog wel wat uitzonderingen op de regel. Zo zijn er soorten, die in de winter toch hun naalden allemaal afschudden.
Er is zelfs een ondersoort, die in plaats van naalden of schubben een soort bladeren heeft. Dat is de Ginkgo, die zoals zovele soorten over is gebleven uit prehistorische tijden. De coniferen en naaldbomen hebben nog een bijzonderheid in zich. Ze kunnen door hun ingebakken zelfbeschermende eigenschappen verbazingwekkend oud en groot worden. Van sommige Sequoia soorten in Noord Amerika is een hoge leeftijd bekend. Ze zijn soms meer dan 3000 jaar oud! Over overleven gesproken!
Dit soort bomen wordt niet alleen oud, maar ook ontzagwekkend groot. De oudste exemplaren hebben soms een stamomtrek van meer dan 20 meter!
Door hun groeiwijze hebben sommige soorten een prima bruikbaarheid voor de mens in zich. Van veel soorten wordt dankbaar gebruik gemaakt in de houtindustrie en uiteindelijk in de bouw van huizen en andere onderkomens. Zelfs in de geneeskunde wordt o.a. van de Taxus gebruik gemaakt.
Uiteraard hebben coniferen echter voor de mens nog een heel groot nut. Dat is namelijk de uitstekende bruikbaarheid voor de aanleg van mooie en groenblijvende siertuinen. Van die mogelijkheid maakt de mens dankbaar gebruik. Vele soorten laten zich in jong stadium ook uitstekend modelleren, waarmee je vaak de leukste effecten kunt bewerkstelligen.
Over het algemeen vereisen coniferen in ieder geval een goed gedraineerde grond. Het liefst wat zanderig. In ieder geval niet al te zwaar van structuur.
Dat stelt bijvoorbeeld wat eisen bij de aanleg van een coniferentuin. Al te grote oppervlakte uitdroging is ook niet gewenst. In siertuinen kun je dat verbeteren
door de grond met bijvoorbeeld een mulchlaag te bedekken. Ook kun je om de bomen en struiken heen oppervlakkig wortelende planten plaatsen. Het gaat erom, dat het water grotendeels in de grond beschikbaar blijft en niet te snel verdampt door de zonnestraling.
Asparagus
Asparagusis de naam van een geslacht van planten in de aspergefamilie. Het geslacht telt een 120 tal soorten, allen uit de Oude Wereld. Veel soorten zijn in talloze landen in beide werelddelen geintroduceerd in gematigde en tropische gebieden.
Ze variëren van kruiden tot ietwat houtachtige klimplanten. Ze hebben afgeplatte stengels (phylloclades), die de functie van bladeren hebben overgenomen. Drie soorten, Asparagus officinalis, Asparagus schoberioides en Asparagus cochinchinensis) zijn tweehuizige soorten, d.w.z met de mannelijke en vrouwelijke bloemen op verschillende exemplaren. Anderen zijn hermafrodiet.
Het best bekend is natuurlijk de groente asperge.
Andere soorten worden als sierplant gekweekt.
Sommige soorten zoals Asparagus setaceus hebben takken die op sporen lijken, hoewel ze dit niet zijn.
Ze worden vaak vanwege hun gebladerte als kamerplant gekweekt. Siersoorten zijn bijvoorbeeld Asparagus plumosus, Asparagus densiflorus, enAsparagus sprengerii.
Citoengras
Citoengras is een snelgroeiende, aromatische grassoort.
Door de uitgebreide wortelen kan de plant tot 150 cm.
groot worden.
Het gras heeft Azië als oorsprongen wordt vooral geteeld voor het destilleren van ontstekingswerende olieën.
Anthurium
Anthurium is een subtropische plant, temperaturen onder de 15°C en boven de 30°C dienen vermeden te worden. Voor een goede groei moet best een temperatuur van 19-21°C nagestreefd worden.,vermijd kou en temperatuurschommelingen. Houd de potgrond matig vochtig vooral in de groeiperiode, maar vermijd teveel water. Laat de potkluit niet uitdrogen.
Anthurium dankt zijn naam aan de bloeiwijze, die bestaat uit een schutblad en een kolf. deze wordt vergeleken met een staart, vandaar de Griekse naam 'anthos' (= bloei) en 'oura' (=staart). Het schutblad wordt vaak ten onrechte aanzien voor de bloem. De bloemetjes worden gevormd op de kolf.
Het verschil tussen de A.andreanum en A.scherzerianum bestaat erin dat de kolf bij A.scherzerianum gedraaid is. Het blad van A.scherzerianum is ook wat meer leerachtig dan het blad van A.andreanum
In de winter de plant een rustperiode van ongeveer 6 weken geven met een temperatuur van 15 graden C en weinig water. Deze rustperiode heeft de plant nodig om het seizoen erna weer een rijke bloei te geven. Om het jaar verpotten is voldoende.