Maandag 25 december 2006
Minnewater

Geschreven door Bruggeblog om 16:19
Stuur door
Minnewater
Quizvraag 117 (de oplossing)
Frederik Cloetens heeft de glascontainer gevonden. Hij staat op een parkeerplaats aan de achterkant van de Beurshalle. Sint-Maartensbilk is de naam van de straat. Vanavond geef ik uitzonderlijk geen nieuwe quizvraag. Ik heb namelijk kerstverplichtingen. Neen, neen, ik moet niet voor Kerstman spelen. Er is gewoon een familiaal kerstgebeuren en daar kan ik, mag ik niet op ontbreken.
Heisa om een stal
Het comité voor initiatief dat hier op de Burg dit jaar opnieuw haar stal neergepoot heeft kreeg onlangs een klacht van een dame binnen. Zij vindt het niet kunnen dat het kindeke Jezus nu al dagenlang in zijn kribbe ligt. Is Christus soms niet geboren midden in de nacht van 24 op 25 december? Dàn pas mag hij in zijn kribbe liggen, zo stelt zij. Lieve dame, leest u eerst eens Bruggeblog, dan zult u weten dat die datum 25 december indertijd gewoon gekozen werd omdat dat toen het best paste en niet omdat Christus uitgerekend op die dag geboren is. Over de precieze datum daarvan zijn de specialisten terzake het zelfs helemaal niet eens. Zoals ik dit stukje betitelde: er was heisa voor niks om deze stal. De modale Bruggeling bestempelt zoiets veel plastischer: voor hem is zo een dispuut weer maar eens een schete in een flasche.
Quizvraag 117 (deel 3)
Grappig vind ik het altijd hoe sommigen foto's beoordelen. Ik toon het Brugge van nu, het Brugge zoals het is, NIET het Brugge zoals u wilt dat ze is. De mooie plaatjes laat ik meestal over voor andere sites of blogs. Toon ik dus een glasbak, dan toon ik een glasbak en geen schoonheidssalon.
Burg-bij-nacht
Heeft u zich, net zoals ik, vanavond te pletter gegeten? Gedronken? Foei! Dan wordt het hoog tijd voor u voor een wandelingetje buiten. Ook bij deze hardnekkige mist kan dat deugd doen na uw copieuze maaltijd. En u heeft het voordeel dat u, ook al moet u zich strompelend voortbewegen, waarschijnlijk toch niet veel volk op straat zult tegenkomen. Zo kunt u eens heerlijk genieten van Brugge-bij-nacht. Of, zoals hier, van de Burg-bij-nacht.
Zilverpand
Het is niet mijn beste foto (genomen met mijn klein digitaaltje en dan nog vanop een afstand in de mist) maar het geeft goed de sfeer weer die deze namiddag in Brugge hing. Aan een der toegangen tot het winkelcentrum "Het Zilverpand" stonden deze twee dappere kerstvrouwen, u kon ze echt niet ontlopen.
Louvreglas (2)
Toegegeven, het oogt mooi en het zal ook genoeg gekost hebben, deze twee glazen wanden op 't Zand. Er werd daarvoor een speciale LED-technologie gebruikt. LED = Light Emission Diodes. In het glas zitten 3 millimeter dikke dioden die door het glas heen stralen. Naar het schijnt is dergelijk glas erg schokbestendig. "Het kan tegen een stootje" dixit Geert Maene van de firma Maene die dit hier geplaatst heeft. We zijn eens benieuwd!
Louvreglas
Er is in de pers nogal wat te doen geweest om dat glas dat de trap naar de ondergrondse parking van 't Zand afschermt op de plaats waar tot halfweg dit jaar nog het toilethuisje stond. De firma Maene heeft dit geplaatst en men laat nu in de pers zogezegd uitschijnen dat er een stukje van het museum Het Louvre in Parijs hier op ons Brugse 't Zand aanbeland is. Simpelweg omdat het soort glas dat gebruikt werd voor die beroemde piramide die in opdracht van wijlen president François Mitterand op het binnenplein van het Louvre geplaatst werd ook hier gebruikt werd. Terwijl tegenwoordig op nog vele andere plaatsen dergelijk glas te vinden is.
Quizvraag 117 (deel 2)
Uit uw antwoorden kan ik opmaken dat er niet veel van die dingen in de binnenstad van Brugge opgesteld staan, te weinig zelfs. Maar er staan er blijkbaar toch nog genoeg want u gokte allemaal voorlopig verkeerd. Tot morgenavond krijgt u nog de tijd voor een volgende gokje, tenzij u aan de manier waarop de stickers aangevreten zijn plots weet: ha, dat is daar waar ik altijd voorbijkom!
Kerstmuts (deel 6)
Allez, we zitten vanaf nu in het verlengde Kerstweekend en voor sommigen zelfs in de Kerstvakantie. Aan allen, ook aan die onfortuinlijken die tijdens deze periode toch nog werken moeten, wens ik een zalige Kerstmuts ... euh pardon: Kerstfeest toe.
Kerstmuts (deel 5)
Als u nog eens in deze donkere tijd van het jaar overal in en buiten uw huis lichtjes ophangt en ook van die heerlijk doorzichtige kerstballen in uw kerstboom plaatst, weet dan dat u daarmee een oeroude traditie voortzet.
Kerstmuts (deel 4)
Net zoals wij in onze streek Sinterklaas kennen als die brave man die de cadeautjes rondbrengt, meer specifiek voor de kleinsten, zo speelt in vele andere landen de Kerstman diezelfde rol. Het verschil zit hem hier in dat de Kerstman, naast een specifieke aandacht voor de allerkleinsten, ook de groteren en zelfs de groten nooit vergeet. In Engeland gaat hij rond onder de naam Father Christmas, in Rusland noemt hij, min of meer vertaald, Grootvadertje Vorst en in de Verenigde Staten kennen ze hem onder de naam Santa Claus. Die Santa Claus is een verbastering van ons Nederlandse Sinterklaas. Dat komt door de Nederlandse emigranten in de V.S. die er blijkbaar hun eigen tradities meebrachten.
Kerstmuts (deel 3)
Een 'traditionele' bezigheid in deze tijd van het jaar is het maken van kransen van hulst. Ook dat hebben we overgenomen van de 'heidenen'. De oude Romeinen gebruikten bijvoorbeeld hulsttakken om er hun tempels mee te versieren tijdens Saturnalia, dat was een 7 dagen durend midwinterfeest dat gewijd was aan Saturnus, de god van de landbouw. Bij dat feest hoorde ook ... het uitdelen van geschenken.
Kerstmuts (deel 2)
Veel volken vier(d)en midden in de donkere winter een feest om de komst van het licht te begroeten. De Germanen vierden rond 25 december hun joelfeesten. Dat waren feesten van dankbaarheid voor wat geweest is en hoop voor wat nog komen moet. Ze duurden 13 dagen en 12 nachten, namelijk van 24 december tot 6 januari. Ze sloten direct aan op de grote slachttijd. In die periode werd niet gewerkt, maar wel enorm veel gegeten, gedronken en kabaal gemaakt. Dat kabaal was bedoeld om de geesten die tegen het einde van het jaar te voorschijn kwamen te verjagen. Ook stak men in die periode grote vreugdevuren aan in een poging om de stervende zon te laten herleven.
Kerstmuts (deel 1)
én mijn legerdienst lang én mijn hele loopbaan lang heb ik een muts moeten opzetten. Ik heb dat altijd hartsgrondig gehaat. Waarom? Ik weet het niet. Waarschijnlijk omdat al die tijd dat hoofddeksel aanduidde dat daaronder iemand zat die ik niet wilde zijn maar noodgedwongen toch moest zijn?. Want een hoofddeksel is meestal een pars pro toto. Men kijkt in één oogopslag naar de muts en denkt onmiddelijk: ha, iemand van de politie, vlug wegwezen of, ha: de postbode is daar, die komt om zijn nieuwjaar, ... ook vlug wegwezen.
Quizvraag 117
Aangezien Nolfinarium dat prachtige schrijn van Karel de Goede correct aanduidde als het onderwerp van de vorige fotovraag, moest ik op zoek gaan naar een nieuw onderwerp en ik heb het gevonden. Ik moet eerlijk bekennen dat het minder fraai oogt dan het schrijn maar praktisch is het meestal wel. Wat het is weet -veronderstel ik - iedereen, vandaar mijn vraag naar u toe die al iets moeilijker op te lossen valt: waar in de binnenstad van Brugge staat dit ding?
Schrijn Karel de Goede (3de en laatste)
Op de benedenboorden zijn wapenschilden gehecht van steden, pausen, bisschoppen en andere personen die financieel bijgedragen hebben tot het maken van het schrijn.
Schrijn Karel de Goede (2)
Door een decreet van 9 februari 1882 erkende paus Leo XIII de eredienst van de zalige Karel de Goede, die trouwens op 14 december van datzelfde jaar uitgeroepen werd tot tweede patroon van de stad en van het bisdom Brugge (de andere is de heilige Donatianus, Sint-Donaas). Dit gaf aanleiding tot feestelijkheden die gepland werden voor 1883 maar uiteindelijk plaats vonden in 1884 omdat noch het schrijn noch de stoet klaar waren. Het schrijn was uiteindelijk pas gereed in 1885 en de relieken werden er op 22 augustus 1885 in neergelegd. Zij kwam er dankzij een inzameling van giften. Dat gebeurde met geld, maar ook met edelstenen die de rijve langs alle kanten versieren en die geschonken werden door prinsen en vorsten. Het schrijn dat tegenwoordig veilig achter glas bewaard wordt rust op vier poten die monsters voorstellen. Het heeft een zadeldak en op een dubbele volute erboven knielen twee engelen die het wapen van Vlaanderen en een kroon vasthouden. Die kroon bijvoorbeeld werd geschonken door koningin Maria-Hendrika.
Schrijn Karel de Goede
Eerst wil ik even de voorgeschiedenis van dit schrijn schetsen. Het is gemaakt in 1883-1885 maar voordien moeten er al twee reliekschrijnen geweest zijn. Op 19 januari 1782 namelijk bracht bisschop Brenart in het koor van de Sint-Donaaskathedraal de relieken, enkele beenderen van graaf Karel de Goede (gest. in 1127), over in een nieuw koffertje waarin hij twee handschriften en een uit het oude schrijn afkomstige afbeelding van de graaf insloot. Toen de Sint-Donaaskathedraal verdween werd het koffertje geschonken aan de kerkmeesters van de Sint-Salvatorskerk. Daar werd in 1827 alles in een tweede en neogotisch schrijn geplaatst dat omstreeks 1919 uit de kerk verdwenen is. Op 22 augustus 1886 werd alles dan overgebracht in dit derde schrijn. Pas in 1957 werd de tekening van de zalige Karel de Goede uit dit schrijn gehaald, in een kader geplaatst en in de kerk opgehangen.
Quizvraag 116 - de oplossing
Nolfinarium heeft ons - en vooral mij - vanavond al aangenaam verrast door de juiste oplossing te geven. Ik citeer zijn antwoord: "Het reliekschrijn van de gelukzalige graaf Karel de Goede nu bewaard in
een van de zijkapellen van de Sint-Salvatorkerk in brugge. Het is een
Neogotisch schrijn gemaakt door een Gentse edelsmid naar een ontwerp
van Béthune."