Naar de inhoud

Natuur

en natuurbeleven
akke.beakke.be

Gewimperd veenmos

Veenmossen zijn wat apart. In hoogvenen nemen zij een belangrijke plaats in. Veenmossen groeien steeds door ,door de vorming van steeds nieuwe takbundels bovenaan. Onderaan zullen de oudere stengels afsterven. De afbraak van dit materiaal gebeurt zeer traag omdat het in een permanent zuur en nat milieu gebeurt. Zij nemen voedingsstoffen op en staan zuren af. Veenvorming geschiedt dus zeer traag. Dit is nu het "Gewimperd veenmos" (Sphagnum fimbriatum) te herkennen aan de takblaadjes die "gewimperd"zijn. Hier zo niet te zien natuurlijk. Wat we wel zien zijn de speciale kapsels (sporendoosjes) van dit veenmos. We zien er gesloten vormen en ook reeds open vormen die hun sporen hebben losgelaten. Wel prachtig als men deze op het goede moment kan aantreffen! Ook in "bijlage" nog een beeld hiervan. Op "bijlage" klikken en op deze foto ook om te vergroten.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Cladonia om 00:00 Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

Tepelgal op Platte tonderzwam

Een eigenaardigheid is ook het verschijnen van de Tepelgal aan de onderzijde van de Platte tonderzwam (Ganoderma lipsiense) ! Het zijn ongeveer 1 cm lange tonvormige gallen die kurkachtig tot houtig aanvoelen. Aan de onderzijde hebben deze ook een 1 tot 3 mm wijde opening. Bij uitzondering komen die gallen ook op de hoed voor. Iedere gal bevat een larve van de Tonderzwambreedvoetvlieg (Agathomia wankowiczii). Het is dus een soort "breedvoetvlieg" die deze tepelgal teweegbrengt! Hier ziet u een detailopname (toch even op de foto klikken om te vergroten). In "bijlage" nog een algemenere foto van de onderzijde van de Platte tonderzwam.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Cladonia om 17:51 Reageer op dit bericht

Een Vogelkersschimmel

Op de Amerikaanse vogelkers (Prunus serotina) kan er op de bloem en vruchtvorming een schimmel parasiteren de "Traphrina padi" een vogelkersschimmel die een speciale vervorming teweegbrengt. In het Duits wordt dit "Narrentaschen" genoemd wat we vertalen in "Narrentasjes". Vooral rechts zien we een omgekruld randje van blaadjes in een cirkeltje en middenin komt er een gekruld stengeltje tevoorschijn. Dit geheel wordt aanzien als een "Narrentasje", wel iets apart! (Even klikken op de foto om te vergroten).
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Cladonia om 17:25 Reageer op dit bericht

Zandhaarmos

Het "Zandhaarmos" (Polytrychum juniperum) is een mos van heiden- en randen van zandverstuivingen. Het kan dus tegen droge omstandigheden al kan het ook tegen natte situaties. Het groeit in zoden die bestaan uit onvertakte planten die een een roodbruine stengel hebben. Ook de kapselstelen zijn rood aangelopen. Hier lijken ze stillaan uit te lopen. Wel een mooi contrast tussen het groen en rode stengels. Het zandhaarmos heeft ook ongetande randen die andere haarmossen juist wel hebben maar daarvoor moet men wel met een loep kunnen kijken.
(Even op de foto klikken om te vergroten).
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Cladonia om 17:09 Reageer op dit bericht

Riempjesmos bedolven onder wilgenpluis

Dit "Riempjesmos" (Rhytidiadelphus loreus) was hier bijna helemaal bedolven onder de zaadpluisjes van de omringende wilgen. Het Riempjesmos wordt gevonden in vochtige bossen met hoge luchtvochtigheid en met leem of kleileem. De stengels en takken zijn bruinrood en wat stug. Het blad is ook sterk geplooid en staat zo wat "hakig" af zoals bij het "Haakmos" waar het trouwens familie van is. In "bijlage" (even op klikken) nog een opname van dit merkwaardig zicht op dit bijna "begraven" mos.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Cladonia om 16:50 Reageer op dit bericht

Zomerklokje

Het "Zomerklokje" (Leucojum aestivum) is van dezelfde familie als het Sneeuwklokje (hieronder) en bloeit iets later. Het is ook groter, er zijn drie tot acht bloemen aan een stengel. Het moet echter zeer vochtig staan, bijna in moerassige omstandigheden zoals zoetwatergetijdengebieden. Zo is het te vinden in het dal van de Grote en Kleine Nete. Hier op de foto waren er nog dauwdruppels op de bloemen (even klikken op de foto om te vergroten). In "bijlage" een bloemetje in de eerste zonnestralen. (Ook even op klikken).

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Cladonia om 12:15 Reageer op dit bericht

Gewoon sneeuwklokje

Het "Gewoon sneeuwklokje" (Leucojum nivalis) is een vroege lentbloeier en behoort tot de narcisfamilie die allemaal een knol hebben om voedsel in op te slaan om zo in de vroege lente te kunnen uitgroeien en bloeien. Speciaal is ook de groene vlek op de binnenste bloemdekbladen. Is eigenlijk als tuinplant gekweekt en later verwilderd, wat men een stinzenplant noemt.
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Cladonia om 12:03 Reageer op dit bericht

Groot laddermos

Het "Groot laddermos" (Pseudoscleropodium purum) groeit op vele plaatsen. Het is niet zo kieskeurig. Het zijn regelmatig geveerde, vertakte planten. De zijtakken staan loodrecht af (zoals treden van een ladder). De steel is groen , alleen oudere planten hebben een rode stengel. De bladeren zijn ook eirond, hol en liggen dakpansgewijs tegen elkaar zodat alles een gezwollen indruk geeft! Als men een loep heeft dan kan een teruggekromd spitsje waargenomen worden aan de top van het blad. Op foto (even op klikken om te vergroten) is dit echter moeilijk te merken.  Dus ook een goed herkenbaar mos!
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Cladonia om 21:47 Reageer op dit bericht

Gewoon puntmos

"Gewoon puntmos" (Calliergonella cuspidata) komt veel voor op natte plaatsen. Het groeit vooral in broekbossen, moerassen en aan slootkanten. Als de grond kalkhoudend is kan het ook op drogere plaatsen groeien zoals in kalkgraslanden. Verder is het nogal goed te herkennen aan de puntvorm die het heeft aan het eind van een stengel. Het heeft echt spitse toppen zoals we hier op de foto kunnen zien (even op klikken om te vergroten). De bladeren liggen sterk aan elkaar, zodat dit spitsje erg stevig is!
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Cladonia om 21:32 Reageer op dit bericht

Muizenstaart

"Muizenstaart" (Myosurus minimus) een grappige naam voor een vertegenwoordiger van de Ranonkelfamilie. Het is een éénjarig plantje van een 10 cm hoog. De bloemen zijn klein en groenachtig- geel, allenstaand, zoals hier en lang gesteeld. Het komt uit een wortelrozet waar ook de bladeren onspringen. De speciale vorm van de bloem is waarschijnlijk de inspiratie voor de naam "muizenstaart". Nu vind men het vooral op vochtige tredplaatsen van het vee bij de ingang van weilanden op een zandige kleigrond. In "bijlage" (even op klikken) nog een detail met het bloemetje van de "Muizenstaart!

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Cladonia om 15:50 Reageer op dit bericht

Boompjesmos

Het "Boompjesmos" (Climatium dendroides) is een tamelijk fors mos. Het staat op een stengeltje dat we hier niet kunnen zien en struikt dan uit in alle richtingen zoals een "boompje". Op deze wijze is het tamelijk goed van andere mossen te onderscheiden. Het is trouwens de enige soort in die familie die hier bij ons en in Nederland voorkomt. Men vindt het niet zo dikwijls maar in vochtige jonge bossen en moerassige toestanden komt men het wel tegen. (Even klikken op de foto om te vergroten). In "bijlage" nog een opname van twee "Boompjesmossen naast elkaar. (Ook op "bijlage" even klikken).

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Cladonia om 00:00 Reageer op dit bericht

Groot populierenhaantje

Het "Groot populierenhaantje" (Chrysomela populi) is actief. Hier zien we een vrouwtje (het grootste) en het mannetje samen op een blad van een brandnetel. Het behoort tot de familie van de "bladhaantjes" die praktisch allemaal planteneters zijn. Opvallend gekleurd zoals ook dit Groot populierenhaantje en nogal bol. Het voortste stuk (pronotum) is brons, donkergroen of bijna zwart. Het grootste achterdeel is oranje tot rood en heeft soms ook zwarte vlekken, (die we hier niet zien).
Steeds even klikken op de foto om te vergroten!
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Cladonia om 15:03 Reageer op dit bericht

Echte tonderzwam

De "Echte tonderzwam" (Fomes fomentarius) verliest nu zijn witte sporen. Op deze liggende boom hebben twee vruchtlichamen zich links en rechts van de stam ontwikkeld en met deze warme dagen heeft de zwam zijn wit sporenpoeder losgelaten. Met de warmte zijn deze sporen omhoog getild en terug op de hoed gevallen. Er lag wel een sporenmassa van 3 mm op! Ook onderaan lagen er heel wat sporen. In "bijlage"" ook te zien. Dat de "Echte tonderzwam" witte sporen heeft, hoeft hier zeker geen betoog!

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Cladonia om 14:51 Reageer op dit bericht

Zadelzwam

Ook nu is de "Zadelzwam" (Polyporus squamosus) te ontdekken op levend of op dood hout. Hij kan dus beginnen als parasiet (op wonden van de boom) en dan nog verder van het hout leven als saprofyt. Hij is geelbruinachtig of strokleurig met donkerdere ringen van aanliggende schubben. De geur en smaak is meelachtig met iets van komkommer. Jong wordt hij als eetbaar bestempeld maar oud is hij taai. Eerst afkoken is ook gewenst volgens de literatuur. In "bijlage" nog enkele wat jongere exemplaren op dezelfde boom langs de andere zijde. Even klikken op "bijlage"!

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Cladonia om 14:40 Reageer op dit bericht

Trentepohlia umbrina

Dit is opnieuw, zoals hieronder de alg "Trentepohlia" . Een vrijlevende alg met "caroteen" (van worteltjes) in zich. In vochtige omstandigheden op de flanken van bomen te vinden. Ditmaal "umbrina" genoemd. Hij kleurt inderdaad donkerder (umbra)! Hij ziet er echter niet zo "egelachtig" uit maar eender wat "poederig". Zeker even klikken op de foto om te vergroten. In "bijlage nog een foto! Deze werden beide in de zon genomen. Interessant om dit fenomeen op wandel op te merken!

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Cladonia om 17:47 Reageer op dit bericht

Trentepohlia aurea

Dit is wel een apart fenomeen. Het is een alg "Trentepohlia" die in vochtige omstandigheden op de flanken van bomen groeit. Hij heeft de stof "caroteen" in zich en vandaar dat hij de kleur van een "wortel" heeft. Het is ook een alg die in symbiose gaat met sommige lichenen of korstmossen. Maar hier leeft hij dus wel zelfstandig. Deze foto is genomen met zon. Een foto zonder zon ziet u in 'bijlage'. Deze alg kreeg ook de eigennaam "aurea" = goudachtig. De kleur doet hier inderdaad wat aan denken. Men kan dit fenomeen dikwijls zien op bomen waar grote plekken mee kunnen bedekt zijn. Het is een kwestie om er oog voor te hebben!

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Cladonia om 17:36 Reageer op dit bericht

Bruin bekermos

Het "Bruin bekermos" (Cladonia grayi) is ook weer een bekermos (licheen) uit de famillie "cladonia". De bekers zelf zijn grijsgroen maar grotendeels wat bruin en rozig aangelopen en grof soredieus (korrelig). Het zijn de soralen (vegetatief voortplantingsmiddel) die van de bekers afvallen en vandaar dat men het "binnenwerk" van het licheen kan zien. Het is een algemeen bekermos in zure omstandigheden zoals in heidevelden op de grond. (Even klikken op de foto om te vergroten.)
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Cladonia om 11:31 Reageer op dit bericht

Zwarte grafkorst

De "Zwarte grafkorst" (Placynthium nigrum) heeft zijn naam niet gestolen. Het staat nogal op kalkstenen grafzerken en is ook zwart. Rondom zien we wel een blauwige rand waar het licheen aangroeit (de prothallus). Het is een symbiose met draadvormige blauwwieren. De vruchtlichamen van de schimmel zijn hier zwart, men moet goed uitkijken om ze te vinden als ronde schoteltjes in het donkere lichaam van het licheen. Wij vonden dit op het kerkhof van Brugge. Dit kerkhof is verder ook een van de rijkste kerkhoven aan lichenen. Nog een opname vind u in "bijlage". Hier even op klikken en ook op deze foto om te vergroten!

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Cladonia om 11:18 Reageer op dit bericht

Duindaalder

De "Duindaalder" (Diploschistes muscorum) begint als een parasiet op cladonia-soorten. Hier zien we rond het korstmos nog de grondblaadjes van een Cladonia. Daarna kan het echter ook vrij verder levend voor. Daar cladonia's, waaronder de "rendiermossen", veel in duingebieden groeien heeft het waarschijnlijk de naam "Duindaalder" gekregen. De thallus of het lichaam van het licheen is vrij dik en we zien in het midden enkele als schoteltjes uitziende apotheciën waar de schimmelcomponent de sporen aanmaakt voor vermenigvuldiging als het ook de goede alg tegenkomt om in symbiose te gaan (allicht in deze situatie van een cladonia -soort). Even klikken om de foto te vergroten.
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Cladonia om 14:56 Reageer op dit bericht

Kauwgommos

Dit "Kauwgommos" (Diploica canescens) is ook weer geen mos maar een korstmos of licheen. Het groeit in ronde schijven op schors (zoals hier) maar ook op steen. Aan de rand zien we langwerpige samenvloeiende lobben of plooien die heldergrijs zijn. In het midden is er een ophoping van donkerdere sorediën (korrels). Het is het belangrijkste voortplantingssysteem van het korstmos want het vormt bijna geen apotheciën (vruchtlichamen) van de schimmelkomponent. Meer uitleg over lichenen vindt u ook bij de andere foto's van lichenen.
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Cladonia om 14:40 Reageer op dit bericht

Meer van Natuur

↑ Terug naar de berichten