06 Dag 5 Bergues – Ieper vrijdag 6/05/2011

06 Dag 5 Bergues – Ieper vrijdag 6/05/2011

Met vier op één kamer betekend zich aanpassen, want er is slechts één badkamer en sanitair. Hierdoor duurt het wat langer eer we klaar zijn. Toch komen we als eersten in de ontbijtzaal. De zaal is een met glas overdekte binnenplaats van wat vroeger duidelijk een afspanningsherberg moet geweest zijn. Je kan zelfs nog de paardenstallingen herkennen. Mooi gedaan vinden we. Steeds meer ondervinden we dat de Fransen, in tegenstelling met enkele jaren geleden, een ontbijtbuffet aanbieden.

We genieten uitgebreid van al het lekkers welke dat hier wordt aangeboden. We zullen geen honger hebben de eerste uren. Goed zeg, na het debacle van gisterenavond. Wanneer we om 9h30 de eetruimte verlaten , stroomt de zaal vol.
Afrekenen en op naar West-Vlaanderen.
Het is prachtig fietsweer, wat fris maar met een stralende zon volgen we het “Canal de la Basse”. We moeten na enkele kilometer rechtsaf richting Hondschoote. Het is een weg met goedlopende hellingen waar we zelfs niet kleiner moeten schakelen. We vorderen flink, er is bijna geen verkeer in de dorpen West-Cappel en Bambeque. Na Houtekerque overschrijden we de grens en houden halt op het dorpsplein van Watou met 20km op het tellertje.

In een kruidenierszaak moeten we ons met drank bevoorraden. Je kan er onmogelijk aan voorbij want Watou is het dorp van kunst en bier. Elk jaar is hier een kunstenfestival, waar voornamelijk schrijvers en dichters elkaar ontmoeten.
Er staat een stenen plaat gemaakt door Roger Raveel waarin het silhouet van Hugo Claus te zien is .

In deze uithoek van West-Vlaanderen zijn we in de hoppestreek. Ja wat wil je wel, dit doet ons als bierliefhebbers verlangen naar een frisse trippel. We weten dat in Watou, het lekkerste abdijbier maken, St-Bernardus, een bier van hoge gisting gebrouwen met mouten, hop en gist. Er is bij de kenners heel wat discussie over Westvleteren en Bernardus. Wij vinden ze zeker gelijkwaardig. Er wordt volgens ons, teveel gedoe gemaakt over de ietsjes bittere Westvleteren. Enkele honderden meters verder zien we de brouwerij opdoemen. Zouden we eens een kijkje nemen ?
Maar we hebben geen geluk. De boekhouder die ons aan de receptie ontvangt, maakt ons duidelijk dat er enkel op aanvraag een rondleiding kan. Wij kunnen het begrijpen en zullen straks wel van hun trippel proeven op een terrasje!

Hugo wilt absoluut een fietstrui met de bierproevende pater erop. Wat, een ontgoocheling alle truitjes zijn veel te klein voor onze vriend. Na de Trappistenweg, volgen we de fietsnummers langs het Helleketelbos en rijden in de Vuileseulestraat voorbij het “Heksenhuisje”. Het is een bosgebied met openweidenstukken rond de Bommelaarsbeek mooi heuvelend tussen de hagen en boomgaarden. We bewonderen dit mooie landschap. Terwijl we traag vorderen kan Hugo ons zelfs attent maken op de geluiden van de groene specht, iets verder zien we een buizerd fladderen. Volgens het informatiebord zouden er hier ook reeën, hermelijnen, marters, vossen en wezels leven.
|
We rijden op de Boescheepseweg naar Poperinge voorbij de 2° grootste WOI begraafplaats “Lijssenthoek”. Het kerkhof bezoeken, ja dat ervaren we als onze plicht. De begraafplaats is gelegen naast een grote hoeve die gebruikt werd als veldhospitaal.
Zoals steeds zijn we bedroefd na ons bezoek, we weten dat deze jongens, generatiegenoten van onze grootouders, zinloos hun leven gelaten hebben. |
Wanneer we over de markt van Poperinge rijden, waar ze trouwens het plein aan het heraanleggen zijn, hebben we zowel honger als dorst. We vleien ons op het uitnodigend terras van Café de la Paix (wat een toepasselijke naam). Vijf minuten later hebben we alle vier al onze St-Bernardus trippel binnen. Dat is dorst hebben zeg!

We bestellen een 2° trippel en een brochette met frietjes en verse groenten.
Het is hier zalig in de voorjaarszon, het is genieten, weten we maar al te best!
Onze dag staat in het teken van de WOI. We willen zoveel mogelijk ongekende begraafplaatsen zien…Na onze lange rustpauze vertrekken we richting Boezinge en volgen de fietsnummers. Op de Elverdingeweg zien we “Gwalia Cemetry”. We fietsen rustig voorbij de Galgebossen, een groene long met oorlogsgeschiedenis. Dit bos was een uitvalsbasis voor de Britten. Doorheen het bos loopt de fameuze “Plankroad” verbinding tussen de verschillende fronten. Aan fietsnummer 82 ligt in het veld het “Hospital Farm Cemetry” langs een veldpaadje geraak je er bij. Na het kruisen van de Veurnesteenweg moeten we langzaam omhoog en rijden voorbij een klein kerkhof “Solferino Farm Cemetry” en iets verder de “Talana Farm Cementry” .

Zonder het goed te beseffen komen we aan het sas van Boezinge. Hier waren we al eerder en vinden dit nog altijd een sfeervolle plaats. De kanaaloever is een aangenaam fietspad met veel bomen en een picknick plaats…..In 2005 op weg naar Santiago de Compostela hebben we hier onze allereerste picknick gehouden. Er is een park met oude bunkers en een groot monument West Yorkshire.

Na wat rondwandelen beslissen we verder te fietsen langs het kanaal naar Ieper.
We kennen de weg door de Menenpoort naar de markt….Toch beslissen we eerst, onze vooraf bestelde B&B op te zoeken. We moeten naar het fietsnummer 33. Dit nummer ligt aan het Potyze kerkhof . Langs een klein paadje rijden we rond de Saint-Charles de Potyze begraafplaats, waar meer dan 4.000 Franse- en 600 onbekende soldaten een laatste rustplaats hebben. Er staat een groot Bretoens kruis om te rouwen over de vele doden.

Wanneer we schuin tegenover deze militaire begraafplaats, op de parking van een handel in ventilatieartikelen stoppen zijn we inderdaad aan het opgegeven straatnummer 61. Grote verwondering alles is afgesloten, het industriële gebouw lijkt helemaal niet op een Bed & Breakfast. Ik telefoneer dan maar naar de gastvrouw. Enkele minuten later komt mevrouw toegesneld en wonder boven wonder kunnen wij beschikken over hun vroegere woonst in het gebouw. We krijgen niet alleen twee kamers maar het complete huis ter onze beschikking.
Na een korte rondgang, krijgen we de sleutels en weten we dat zij morgenvroeg om acht uur ons ontbijt komt klaarzetten en afrekenen.

Vliegensvlug nemen we een douche en beslissen tevoet naar de stad te stappen, het is tenslotte maar drie kilometer schatten we. Bovendien heeft Ieper zoveel te bieden aan bezienswaardigheden. Na een klein half uur wandelen we langs de Vesten, de St-Maartenskathedraal en de Lakenhallen. We weten dat hier bijna alles vernield en heropgebouwd is na de eerste Wereldoorlog. Het is jammer dat we zolaat zijn en het In Flanders Fields Museum niet meer kunnen bezoeken.

Na de flinke wandeling wordt het hoog tijd voor een biertje op een van de drukke marktterrassen. Het is nu rustig wachten op de LastPost plechtigheid…..dit willen we kost wat kost meemaken. We stellen onze souper dan ook maar uit. Om half acht zakken we af naar de Menenpoort. Er heerst al een zenuwachtige drukte. Toch geraken we op een van de eerste kijkrijen.

Er is een grote delegatie Engelse jonge militairen aanwezig.
Blijkbaar worden de gesneuvelde leden van hun korps vandaag herdacht. Er worden heel veel dieprode papaverkransen neergelegd.

Alle aanwezigen zijn diep onder de indruk wanneer om 20 uur het Last Post klaroengeschal weerklinkt. De Last Post kondigt eigenlijk het einde van de dag aan bij het Britse leger. In Ieper heeft het natuurlijk, het teken van een definitief vaarwel aan alle gesneuvelden. Ook wij zijn diep getroffen door deze meer dan tachtigjarige ceremonie.

Na deze aandoenlijke belevenis krijgen we grote honger. Op het volle terras van restaurant Regina bemachtigen we nog een tafel. We vieren onze laatste avond van onze Côte d’Opale fietstocht op gepaste wijze met een lekker souper.
Na onze uitgebreide maaltijd slenteren we voldaan naar de B&B.
We gaan onze oordopjes maar gebruiken zeker!
Start : Bergues 9h30
Aankomst: Ieper 16h00
Afstand : 63km
Weer: Zonnig, prachtig fietsweer +/- 20°C

|
B&B Ter Potyze Potyzestraat 61 8900 Ieper |
0474/620.341 00 32 57 203 443














































































