Archief
De Geest ontvangen
Parabeltje van een plattelandsdiaken
“Het doel van het leven is het ontvangen van de Heilige Geest
Waarom zijn er accidenten op de wegen als gevolg zijn van overdreven snelheid?
Waarom beklimmen sommigen de hoogste bergtoppen terwijl zij het gevaar lopen om er geamputeerde tenen en handen aan over te houden?
Waarom willen wij naar Mars reizen?
Waarom drogeren sommigen zich?...
Omdat de mens een wezen van uitersten is; er leeft in hem een honger naar het absolute, een onlesbare dorst naar het oneindige. De mens weet het misschien niet altijd, maar hij wordt ‘gekweld’ door het verlangen naar God. Hij probeert dat verlangen in slaap te wiegen ( te anesthetiseren), of het een andere wending te geven, maar hij zal er nooit in slagen het uit te doven. Er bestaat iemand die dat perfect heeft begrepen. In de kern zegde hij het volgende: “ De mens kan niet leven zonder zich te bedwelmen. Om de last van het leven te dragen heeft hij ofwel verdovende middelen nodig of de Heilige Geest…” Dat komt van de auteur van Fleurs du Mal, de dichter Charles Baudelaire zelf. Hij lijkt daardoor op een zeer grote heilige van de Russich orthodoxe kerk, die op gelijke voet staat met de door ons beter bekende pastoor van Ars, Jean-Marie Vianney. De heilige Seraphin van Sarov vatte alles samen al zeggende: “Het doel van het christelijke leven, is het ontvangen van de Heilige Geest.” Het beste dat wij kunnen doen, datgene waartoe wij gemaakt zijn, bestaat erin ons te laten vervullen door de Heilige Geest.
“Zonder de heilige Geest is Christus iemand uit lang vervlogen tijd, is het Evangelie dode letter, de kerk een gewone organisatie, de missie propaganda, de cultus een bezwering (evocatie) en het handelen van de mens een slavenmoraal. Maar met de Heilige Geest komt Christus tegenwoordig, wordt missie een zending van de heilige Drievuldigheid, de liturgie een gedachtenis en een anticipatie, het handelen van de mens wordt goddelijk.” (Patriarch Anthengoras).
Diaken Maurice Temmerman
De engel Gabriël en Hemelvaart van Jezus
Parabeltje van een plattelandsdiaken
Jezus ontmoet de aartsengel Gabriël tijdens zijn hemelvaart
Wat ik jullie vandaag vertel ontleen ik aan een oud verhaal uit de Middeleeuwen. Op hemelvaartdag stijgt Jezus voor zijn leerlingen op en verdwijnt uit hun zicht. Wat zij niet weten is, dat hij op tijdens die hemelvaart, de aartsengel Gabriël tegenkomt. Die spreekt hem aan:
- “Ha! Wat een vreugde van je te zien! Maar wat gebeurt er op aarde? Het lijkt mij daar nogal vreemd aan toe te gaan, alles is daar pikke donker, alles lijkt wel in de nacht verdwenen, ik zie daar beneden nauwelijks enkele kleine lichtjes.”
Jezus legt het hem dan uit:
- “Het is nacht op aarde: dat is juist . Maar tel eens goed de kleine lichtjes; je kan er twaalf tellen: dat van Maria, mijn moeder, en van mijn apostelen, die aan het bidden zijn in het Cenakel. En het is mijn plan, als ik teruggekeerd ben bij mijn Vader, van uit den hoge de Heilige Geest te sturen. Dan zal je zien dat, als ik mijn Heilige Geest heb gestuurd, heel de aarde in gloed zal staan. Die kleine vlammetjes die in dat kleine huisje opflakkeren gaan zich overal verspreiden, en heel de aarde zal één groot vuur zijn.”
Omdat de aartsengel Gabriël ons goed kent – hij volgt ons al vele jaren – trekt hij een sceptisch gezicht… En hij vraagt aan Jezus:
- “Wat zal er gebeuren als uw plan niet uitkomt?”
Jezus antwoordt daarop:
- “Ik heb geen ander plan.”
Christus heeft maar één plan voor de mensheid! …
Dat is de eerste les die wij uit dit verhaal kunnen trekken: zoek geen ander plan om de mensheid te redden. Leggen wij ons vertrouwen in Jezus. Het is beter om aan zijn plan mee te werken.
De tweede les uit dit verhaal vinden wij in een uitspraak van Jean Guitton. In zijn boek over Marthe Robin, citeert hij deze maxime, die zegt dat de wereld altijd heeft geleefd ‘dank zij enkelen’”: Paucis vivit genus humanum, d.w.z (letterlijk):’ Door weinigen leeft het menselijk geslacht’. De wereld draait op enkele mensen die echt het verschil maken in positieve zin. Het is niet de massa, maar het zijn wel enkele ‘heiligen’ die daartussen lopen, die de wereld in leven houden.
Wij kunnen er uit besluiten dat Hemelvaart het feest van de hoop is. De heilige Paulus suggereert dat als hij zegt dat wij een lichaam zijn waarvan Jezus het hoofd is. Bij een bevalling is het moeilijkste voorbij als het hoofdje is gepasseerd. Vanuit de hoop kunnen wij zeggen dat wij gered zijn, wij zijn reeds gepasseerd in God, ons Hoofd. Met Jezus zijn wij reeds aangekomen in de hemel. Het komt er op aan de voeten op de aarde te bewaren, en het hoofd in de hemel. Het schijnt dat de heilige Theresia van Avila had kunnen zingen, omdat zij terzelfder tijd even praktisch als mystiek was, “Glorie aan God in de hemel en de voeten op de aarde…”
Diaken Maurice Temmerman
Waarom verscheen de verrezen Jezus eerst aan vrouwen?
Waarom is Jezus eerst aan vrouwen verschenen?
Iedereen kan het constateren: als je met aandacht de verrijzenisverhalen leest, dan word je getroffen door de heel belangrijke plaats die de vrouwen daarin innemen. Het is in ieder geval zo dat de eerste personen aan wie de verrezen Jezus verscheen, vrouwen waren: Maria-Magdalena en haar gezellinnen die vroeg in de ochtend waren opgestaan – maar zouden zij wel geslapen hebben? – om door het wassen en parfumeren van het lichaam van Jezus het een waardig graf (rustplaats) te geven. Waarom is Jezus eerst aan vrouwen verschenen? Opdat het nieuws zich vlug zou verspreiden, beweren venijnige tongen…
Maar nu ernstiger. Ik heb twee verklaringen gevonden. Vooreerst die van Eric-Emmanuel Schmitt. Deze auteur is beroemd geworden door zijn romans (L’ évangile selon Pilate, reeds in het Nederlands beschikbaar onder de titel: Het evangelie volgens Pilatus. Een méér dan lezenswaardig boek!) en zijn theaterstukken (o.a. Oscar et La Dame en rose, bij ons uitgegeven als het boekje Oscar en oma rozerood). Schmitt heeft het christelijk geloof ontdekt dank zij een nacht in de Sahara woestijn en vier jaar later, dank zij een mystieke nachtelijke ervaring waarbij hij in één ruk de vier evangelies las. Hij formuleert de volgende bedenking: “Alles wat mensen hebben opgebouwd vindt meestal zijn oorsprong in de angst voor de andere. De kracht van het christendom ligt in het feit dat het deze angst aan de kaak stelt en tevens durft te bevestigen dat de menselijke relaties op de liefde kunnen gegrondvest worden. Wij kunnen een vrouwelijke dimensie in de boodschap van het christendom ontdekken die tegenover de haat, de rivaliteit, de afgunst, de agressiviteit van de mensen, waarden voorstaat als tederheid, zorgen voor de andere(n), eerbied voor het lichaam, leven geven ...”
In een interview (weekblad Panorama, nr 408, maart 2005, p. 18) zegt hij: “ Het kruis is een schandaal waardoor wij gered worden, want het werpt recht in het gezicht van de mensheid deze vreselijke waarheid: kijk tot wat jullie in staat zijn te doen aan een mens die, heel zijn leven, niet anders heeft gedaan dan te getuigen (op te komen voor) van de liefde! Ecce homo!”
Er is nog een andere hypothese: wij mannen ervaren in ons lichaam alleen de tijd die verloopt en eindigt in het oud worden en het dood gaan. Vrouwen, als zij een kind verwachten, ervaren een tijd die verloopt in de tegenover gestelde richting, een tijd die uitloopt op leven, op geboren worden. Dat maakt hen bekwaam om getuigen te zijn van de ommekeer die door God op Paasmorgen werd begonnen en om draagsters te worden van de blijde boodschap: “Hij leeft!”.
Diaken Maurice Temmerman
Armoede in-zicht!
| DATABANK ARMOEDE IN-ZICHT | |
| BRUSSEL (Kerknet/WZZ) - Wil je actief meewerken aan armoedebestrijding? Wil je anderen een beter inzicht geven in wat armoede kan betekenen? Zegt vorming je wel iets? Surf dan snel naar www.armoede-in-zicht.be. 'Armoede In-zicht' leert hoe maatschappelijke structuren armoede in stand houden en reproduceren en gaat in tegen het sociale stigma. Eén van de doelstellingen van het project is vormingsmateriaal toegankelijk maken voor organisaties, scholen en instellingen. Armoede In-zicht is een gezamenlijk project van het Vlaams netwerk van Verenigingen waar Armen het Woord nemen en Welzijnszorg vzw, gefinancierd door Cera. | |
Daensdag

| DAENSDAG | |
| BRUSSEL (Kerknet) - 2007 werd uitgeroepen tot Daensjaar, en dat naar aanleiding van de honderdste verjaardag van het overlijden van priester Daens. Samen met anderen organiseert het Priester Daensfonds in Aalst en omgeving tal van activiteiten. Op 12 mei is er een denk- en doedag over 'Armoede en sociale uitsluiting' in het Provinciaal Administratief Centrum te Gent. Daens was er op basis van de encycliek 'Rerum novarum' van overtuigd dat iedereen recht heeft op een menswaardig bestaan. Tijdens deze dag wordt stilgestaan bij brede tendensen in onze samenleving, met getuigenissen van ervaringsdeskundigen, gespreksgroepen, een monoloog en groepsbespreking. Sprekers zijn onder meer Gita Deneckere, Ides Nicaise en Eddy Couckuyt. Frank Vandebroucke en Mieke Van Hecke zegden hun medewerking toe voor de verschillende gespreksgroepen over armoede, levensminima en onderwijs. Deelnemen kost 5 euro en inschrijven is gewenst. Het volledig programma van het Dae nsjaar is beschikbaar op de website www.daensjaar.be of via het telefoonnummer 053/77.44.97 (tussen 17 en 19 uur). | |
Strijd tegen armoede!
De merrie van boer Michaël
Parabeltje van een plattelandsdiaken
De merrie van boer Michaël
Het enige bezit van boer Michaël was zijn merrie. Het was zijn kostbaarste bezit. Op zekere dag verdwijnt de merrie zo maar in de natuur. Alle moeite om haar terug te vinden was tevergeefs.
- “Je heb je enige bezit verloren,” zegden de buren.
- Michaël antwoordde: “ Is dat een geluk of een ongeluk, wie zou dat kunnen zeggen?”
En kijk, veertien dagen later komt de merrie terug vergezeld door drie wilde hengsten.
- Men zegt hem: “ Jij hebt wel veel geluk Michaël.”
- “ Hoe weten jullie dat het een geluk is?”
De volgende dag, terwijl een van de zonen van Michaël een hengst probeert te temmen, breekt die zijn been.
- “Wat een ongeluk!”
- “Denk je dat…?”, antwoordt hij.
En inderdaad, enkele dagen later, breekt een burgeroorlog in de provincie uit. Een bende soldaten trekt door het dorp om met geweld alle jonge mannen, die een geweer kunnen dragen, op te eisen. Alleen de zoon van Michaël, met zijn gebroken been, wordt niet ingelijfd. Hij ontsnapt aan dodelijke veldslagen.
Men vindt deze parabel in vele landen van oost tot west, van noord tot zuid. De parabel leert ons dat de dingen niet altijd zijn wat zij schijnen te zijn…
Men weet nooit of iets een geluk of ongeluk betekent: men moet wachten op het einde van het avontuur, en misschien op het einde van het leven. Dan, door achterom te kijken, zal men min of meer kunnen zien waar het op aan kwam.
Het leert ons ook: God draagt zorg van ons door heen kleine en grote gebeurtenissen, en haalt uit het goede uit het kwade… Hij schrijft recht op kromme lijnen!
De parabel leert ons nog andere dingen als men ze lang genoeg herkauwt. Zijn nederige wijsheid maakt dat mijn hart vrijer kan kloppen. Ik heb een zware verkoudheid opgedaan of het groot lot gewonnen op de tombola, ik ben gezakt bij het examen. Europa gaat maar traag vooruit, ik heb een defect aan mijn auto: betekent dat geluk of ongeluk, wie zal het zeggen? Dikwijls blijkt heeft men mij lasten op de schouders heeft gelegd die, wat de ervaring bewijst, zich achteraf openbaren als bron van leven…Misschien houd je van parabels, wel deze is goud waard voor de regen- en zonnedagen.
Diaken Maurice Temmerman
Het kruis is een venster
Parabeltje van een plattelandsdiaken
Het kruis is een venster
Vele ouders, en tegenwoordig veel grootouders, maken het mee dat hun kleine kinderen of kleinkinderen uitspraken doen die je verwonderd doen opkijken. Je denkt: ‘Dat moet ik noteren. Dat wil ik niet vergeten! Zo mooi, zo gevat, zo wijs!’
Als je op dit moment een beproeving meemaakt is het volgende echt gebeurde verhaal voor je. Een echte opsteker! Een moeder vertelde ons dat haar kleine dochter van vier jaar haar een echte ontdekking liet meemaken.
- “Die avond was mijn hart bedrukt en mijn lichaam zwaar. Ik ga de slaapkamer van Annemieke binnen om haar een kus te geven alvorens zij gaat slapen.”
- “Mama, weet je wat een kruis is…(Zou zij bemerkt hebben wat ik beleefde? Mijn gedachten razen sneller dan haar woorden. Een kruis? Natuurlijk weet ik wat dat is!) Een kruis is een venster.”
- ?...
- “Begrijp je het niet… Kijk eens mama.”
Mijn kleine dochter van nauwelijks vier jaar, die zelfs nog niet kan schrijven maar alleen maar tekenen, zet zich op haar bed, neemt een stylo en een blad papier om mij te helpen het te zien, het te begrijpen. Zij tekent een kruis en omringt het met een vierkant.
- “Zie je het nu, mama, een kruis is een venster.’
Mijn hart komt als door een bliksem tot rust, mijn hart klopt opnieuw op de juist plaats.
- “Wat je daar zegt is prachtig. Ik ga het in mijn boek schrijven opdat ik het je later, als je groot bent, kan herhalen.”
En mijn kleine dochter antwoordt zelfverzekerd:
- “Het is de moeite niet, mama, ik zal zelf wel onthouden.”
Het kleine meisje, Annemie, verwijst zonder het te weten naar een spreekwoord uit Rwanda, dat ons dezelfde hoop, hetzelfde vertrouwen verwoordt. “Als de duivel stenen naar de kerk gooit, rapen de engelen die op om de kerk verder op te bouwen.”
Diaken Maurice Temmerman


