De ruimterace


www.evawaseerst.be
De wedloop naar de ruimte eindigde daar waar ze moest beginnen: op de maan.
De ruimterace
Foto: Er bestaat weinig twijfel over dat dit de ingang is van een maangrot. Dit is weliswaar een recente foto van een Japanse missie. Maar de Amerikanen wisten lang voor de eerste maanlanding van het bestaan van die grotten. Meer nog, ze wisten waar de mogelijke ingangen waren. En men moet geen wetenschapper zijn om te bedenken dat er in de grotten relikwieën van buitenaardse bezoekers kunnen te vinden zijn.
Op het einde van de tweede wereldoorlog waren de Amerikanen er als de kippen bij om hun oorlogsbuit veilig te stellen. Het overgrote deel van het materieel van de Nazi's waaronder superieure raketten maar ook de grootste genieën op het vlak van ruimtevaart werden op de meest geheime locaties ondergebracht.
Daarbij waren ook vergevorderde plannen voor het onderzoek van de bovenste lagen van de atmosfeer en zelfs van de ruimte.
Waarom de Duitsers op het einde van de oorlog zoveel belang leken te hechten aan ruimteonderzoek is echter niet helemaal duidelijk.
Waren ze in het bezit van geheime kennis waaruit bleek dat er zich 'iets' in de ruimte (of misschien in de bovenste lagen van de atmosfeer) bevond dat hen alsnog de overwinning had kunnen schenken? (zie de rubriek over Roswell).
De Russen waren teleurgesteld (een understatement). Hun frustratie bestond er vooral uit dat ze von Braun niet aan de haak hadden kunnen slaan.
Niet dat ze geen genieën hadden maar von Braun was zijn tijd ver voorop. Hij was de primus inter pares.
Von Braun was maar één van de redenen waarom het ongeloofwaardig overkomt dat de Russen in de komende decennia met de primeurs zouden gaan lopen. Het heeft er zelfs alle schijn van dat de Amerikanen plots terughoudend werden. Hadden ze koudwatervrees? Of was het de vrees voor het buitenaardse dat hen deed twijfelen?
In 1945 leek het er op alsof de Amerikanen plots al hun aandacht gingen richten op het lanceren van een satelliet in een baan om de aarde.
Uiteraard zouden satellieten niet alleen perspectieven bieden voor defensie. Satellietprojecten schoten in de late jaren 40 in Amerika dan ook als paddenstoelen uit de grond. Om duistere redenen echter hadden de militairen steeds het laatste woord.
Vanaf 1950 leek het alsof satellieten (eveneens om duistere redenen) eensklaps niet meer belangrijk waren.
De Russen zaten echter niet stil. Ook zij hadden immers geniale wetenschappers. In zoverre dat ze in oktober 1957 de eerste satelliet (Spoetnik 1) in een baan om de aarde brachten.
De Amerikanen hadden hen blijkbaar toch wat onderschat.
De Russen echter hadden de smaak te pakken. Ze zouden de Amerikanen dan ook telkens (heel nipt) voorgaan.
- eerste man in de ruimte in april 1961 (Gagarin)
- eerste ruimtewandeling in maart 1965 (Leonov)
Met daartussenin nog een reeks andere primeurs.
Vanaf de tweede helft van de jaren zestig werd het de Amerikanen menens.
Ze hadden de beste wetenschappers, het beste materieel en het meeste geld ... en ze wisten dankzij Roswell welk onvoorstelbaar geheim de maan wel eens zou kunnen herbergen.
Één ding mocht in geen geval gebeuren: De Russen mochten de maan niet als eerste betreden.
Eerst en vooral moest de maan tot in detail in beeld worden gebracht.
Deze taak werd volbracht door onbemande capsules als Rangers, Surveyors en Lunar Orbiters. Vele duizenden foto's waaronder een massa close-ups werden naar de aarde gestuurd.
Op die beelden moeten toch ingangen van lavagrotten hebben gestaan?
Lavagrotten zouden zo veelvuldig voorkomen op de maan dat Nobelprijswinnaar Harold Urey (1893-1981) zelfs beweerde dat de maan voor een groot gedeelte hol zou zijn.
Wordt vervolgd.




















