Zondag 30 november 2008
Bemesting deel vier.

Conclusie._________
Hieruit kunnen wij opmaken dat wij gedurende de ontwikkeling van de plant steeds een andere samenstelling van meststoffen moeten aan worden. Hierbij is de verhouding stikstof- fosfor- kalium van belang. Er zijn een aantal organische meststoffen waar wij onze tuin zeer goed kunnen mee bemesten. De samenstelling en de werkzame elementen zijn niet altijd even duidelijk.
Wij overlopen hier even het rijtje. Naast het oude getrouwde stalmest zit er een reeks producten die wij als organische meststoffen omschrijven. Wij hebben een aantal afvalproducten uit de vleesindustrie zoals beender-, bloed -, veren - en horenmeel. Daarnaast is er Guano ( vogelmest ), natuurfosfaat, zeewier, kalk en Chilisalpeter.
Een derde reeks organische bemesters zijn de groenbemesters. Dit zijn planten die wij op een perceel zaaien en ze dan voor ( bij kleigronden ) ofna ( bij lichte gronden ) de winter onderspitten.
De winterharde soorten werken wij ook in het voorjaar pas onder.
Natuurlijk kunnen wij deze planten ook eerst een tijdje op onze composthoop laten voor verteren alvorens wij dit materiaal onderspitten.
Zeer gekend zijn de vlinderbloemigen ( erwten, bonen, rode klaver, wikke, lupine, serradella) die stikstof in de grond brengen. De kruisbloemigen ( bladkool, bladrammenas en stoppelknollen ) die tot de koolsoorten behoren zijn eveneens goede groenbemesters. Maar ook de raaigras, winterrogge, zomerrogge, gerst, borage, phacelia en spurrie hebben een zeer goede reputatie als groenbemester. De laatste tijd wordt de tagetes als groenbemester en grondontsmetter zeer aangeraden.
Geschreven door august om 13:44
Reageer op dit bericht






