Beb van Klaveren

Gevuld met paardenhaar of stro
heerlijk ruikend krakend leer
omgeven
zo maken ze niet meer
Links links rechts oneindig landend
heel soms ontvangend
vaseline boven de ogen
zwetend spoor bedrogen
Snotslieren mijdend bijtend zout
dat ziedend prikt
de pols voelt intussen ietwat verzwikt
Even aanzetten en schudt zijn hoofd
Doserend berekenend
geïncasseerd blijven gaan
proeft hij bloed
moet blijven staan
Uit de hoek schreeuwt
dekking Hoooooog!
fijn dit moment
een lerend betoog
Zoemende geluiden
harde kletsen
galmen zijn naam als een zee
van slaap naar slaap
Gepekelde ogen vertroebelen
het zicht
de armen hangen aan slappe touwen
als tegengewicht
Zo die is neer, denkt Beb
die brochum sloeg me zo zacht
als of ik zijn moeder was
en ik hem
als of het mijn schoonmoeder was



