Gekraagde Roodstaarten gezocht.

Waar broeden nog Gekraagde Roodstaarten in Friesland?Als broedvogel is de Gekraagde Roodstaart (Readsturtsje) langzaam achteruit gegaan in ons land. Het aantal in Nederland was in 2000 nog zeker 23.000 paar doch in de periode daarvoor (rond 1975) waren er zeker nog 35.000 a 50.000 paar aanwezig, een vrij sterke teruggang. Voor Friesland schat ik het aantal broedparen nu nog maar tussen de 200 en 350 paren. De soort overwintert in Afrika ten zuiden van de Sahara. De teruggang in ons land wordt mogelijk, voor het grootste deel, veroorzaakt door de nog steeds gaande ontbossing van Afrika en de regelmatig voorkomende droogte periodes ten zuiden van de Sahel wat een inkrimping van het leefgebied in de wintermaanden tot gevolg heeft.
De Gekraagde Roodstaart broedt nog op diverse plaatsen in het oosten van de provincie en op de Waddeneilanden. In de driehoek Staveren /Leeuwarden/Harlingen en in Noord Friesland is de soort de laatste jaren zeer schaars vertegenwoordigd. De soort broedt graag in tuinen en parken en zoekt zijn nestplek in holle bomen en nestkasten. Veel nestkasten zijn echter ongeschikt daar de vliegopening (30 a 32 mm) vaak te klein is en aangebracht is voor mezen, de Gekraagde Roodstaart heeft liefst een opening van rond de 46 mm. Wat meer variatie van nestopeningen in nestkasten bied een ruimere keus voor deze nestkastbroeders. Door de toename van andere holenbroeders zoals de Boomklever (Blauspjocht) en de Grote Bonte Specht (Grutte Eksterspjocht) is het aantal beschikbare holten in bomen voor de Gekraagde Roodstaart afgenomen, ze broeden dan wel ook in houtbulten, oude boomstronken en muurspleten.
De vogels komen vanaf half maart terug uit hun overwintergebieden in Afrika en worden dan vaak als eerste bij nestkasten waargenomen. Het mannetje zingt vooral in de eerste ochtenduren. Als vroegste datum voor Friesland noteerde ik 8 maart 2002, toen werd er door Erik Walinga in Joure al een vroeg eksemplaar in de tuin gezien. De meeste vogels keren echter in de 1e en 2e decade van april terug. In 2011was de eerste op 5 april terug (Vlieland) en in 2012 op 10 april (Terschelling). De Gekraagde Roodstaart legt per legsel 5 a 7 licht blauwe eieren en leeft voornamelijk van insecten en rupsen. Deze eieren worden gedurende 12 a 13 dagen bebroed en de jongen vliegen tussen de 13 en 15 dagen uit. Per jaar zijn er vaak 2 legsels. Graag ontvang ik meldingen van broedgevallen van deze soort van de laatste jaren. De Gekraagde Roodstaart staat bekend om zijn trouw aan het broedgebied. In de regel keren broedvogels binnen een straal van 200 m terug naar de broedplek, soms naar hetzelfde nestkastje.
Het mannetje is de meest opvallende van de
twee geslachten. Volwassen mannetjes zijn in de zomer te herkennen aan hun helder
wit voorhoofd, zwarte keel, roestbruine staart, opvallend oranjebruine borst en
flanken, zwarte pootjes en grijsachtige bovendelen. Het wijfje is minder opvallend
en heeft naast de roestbruine staart en de grijze bovendelen een duidelijke
lichtere keel en is isabelkleurig van onderen. Opvallend verschil tussen het
wijfje van de Gekraagde Roodstaart en het wijfje van de Zwarte Roodstaart
(Swart Readsturtsje) is dat het
wijfje van de Zwarte Roodstaart veel donkerder op de borst is (zonder isabel
kleuren) en geen lichte maar meer een grijs-zwarte keelvlek heeft.
Jan de Jong, Joure
Tel.0513-414788












