Zomer
wat zou het loodzwaar
tillen zijn, wat een gezwoeg
als iedereen niet iedereen
terwille was
als iedereen niet iedereen
op handen droeg
Zomer
AutopsychografieDe dichter doet alsof
Hij doet dat zo compleet
Dat zelfs de pijn die hem echt trof
Door hemzelf verzonnen heet.
En zij die zijn gedicht dan lezen,
Zien in de gelezen pijn
Niet de echte en niet deze,
Maar een die nooit van hen zal zijn.
En zo draait op zijn spoor,
Dat ons hoofd ontspannen laat,
Die opwindtrein maar door,
Die als het hart bekendstaat.
Fernando Pessoa
WisselkindWisselkind
Zie mij eens mijn best doen om hier thuis te zijn. Ik zing de dankjewels
met mijn kopstem. Kijk niemand in de ogen als ik groet. Ik heb een batikshirt dat schouderklopjes krijgt. Ik ben jullie Insta-mascotte, twee koppen groter. Ik eet op straat met de locals mee. Lepel voldoende sambal op mijn bord en spoel mijn reet af met het flesje. De witte rijst kleur ik bij met kecap. Mijn genen bakken mee met de zon. Ik ben best stoer op die scooter. Ik ben hier lang genoeg.
Zie mij eens mijn best doen om hier thuis te zijn. Ik spreek de hoezo's
ritmisch uit. Kijk je strak in de ogen als ik groet. Grinnik met mijn mond dicht. Ik heb een wintertrui die schouderklopjes krijgt. Ik ben jullie voetbalvriendje, twee koppen kleiner. Eet andijvie met de buren. Schep voldoende jus in het kuiltje. Mijn genen bleken mee in de sneeuw. Ik prak aardappels door de groente heen, veeg zittend mijn reet af. Eenlaags schuurpapier. Ik ben best stoer op die racefiets. Ik ben hier lang genoeg.
Robin Block
Uit de bundel:Handleiding Voor Ontheemden.
Winnaar Herman de Coninckprijs 2024 voor poëzie.
De rode klaproosDe Rode Klaproos
Het grote voordeel
is geen verstand
te hebben. Gevoelens:
oh, die heb ik; zij
regeren mij. Ik heb
een Heer in de hemel
die de zon heet, en ik open
voor hem, laat hem zien
het vuur van mijn eigen hart, vuur
zoals zijn aanwezigheid.
Wat anders zou zo’n glorie kunnen zijn
dan een hart? Oh mijn vrienden en kameraden,
waren jullie ooit zoals ik, lang geleden,
voordat jullie mensen waren? Stonden jullie
jezelf toe
een keer te openen, om daarna nooit
meer open te gaan? Want in werkelijkheid
spreek ik nu
zoals jullie dat doen. Ik spreek
omdat ik ben kapot getrapt.
Louise Glück
vlucht
de zon kwam weer op als een
donderslag, één hartslag te over.
een ademtocht voor de hemel zich
sloot, maakte van de regen geen gewag.
een zucht bijna, bijna een glimlach
van licht boog schuchter door de lucht.
toch, een paar koffers waren gebleven,
vol duisternis en vergeten stof.
gekruid met schrik en dikke wreedheid,
met donkere rafels van een leven.
misplaatste schaduwen van tijd.
welke tochten maak je voor de dood
aan je deur klopt.je telt je hartslag,
je lach, je lijf en alle liefde
die je nog niet had opgeschreven.
Marleen De Crée
Wanneer de lente komtWanneer de lente komt
En als ik dan al dood ben
Zullen de bloemen net zo bloeien
En de bomen zullen niet minder groen zijn dan het vorig voorjaar.
De werkelijkheid heeft mij niet nodig.
Ik voel een enorme vreugde
Bij de gedachte dat mijn dood volstrekt onbelangrijk is
Als ik wist dat ik morgen zou sterven
En het was overmorgen lente,
Zou ik tevreden sterven, omdat het overmorgen lente was.
Als dat haar tijd is, wanneer dan zou ze moeten komen tenzij op haar tijd?
Ik houd ervan dat alles werkelijk is en alles zoals het moet zijn;
Daar houd ik van, omdat het zo zou wezen ook als ik er niet van hield.
Daarom, als ik nu sterf, sterf ik tevreden,
Want alles is werkelijk en alles is zoals het moet zijn.
Men mag Latijn bidden boven mijn kist, indien men wil.
Indien men wil, mag men rondom dansen en zingen.
Ik heb geen voorkeur voor wanneer ik toch geen voorkeur meer kan hebben
Dat wat zal zijn, wanneer het zijn zal, zal het zijn dat wat het is.
(07-11-1915)
© Fernando Pessoa
Uit: Onverzamelde gedichten/De Hoeder van de Kudden
Vertaling August Willemsen
zal ik weggaan?Zal ik weggaan?
Zal ik verdrietig worden en weggaan?
Zal ik het leven eindelijk eens onbelangrijk vinden,
mijn schouders ophalen
en weggaan?
Zal ik de wereld neerzetten (of aan iemand anders geven), denken:
zo is het genoeg,
en weggaan?
Zal ik een deur zoeken,
en als er geen deur is: zal ik een deur maken,
hem voorzichtig opendoen
en weggaan- met kleine zachtmoedige passen?
Of zal ik blijven?
Zal ik blijven?
Toon Tellegen
uit: Alleen liefde,
Querido Amsterdam 2002
Waar ik naar verlangWaar ik naar verlang vandaag
een frisse zomerjurk te dragen
met blote schouders, een uitgesneden
hals en rug en vooral goed
los om de heupen
waarmee ik dan de tuin in loop
de zon schijnt warm, maar de wind
houdt het draaglijk en brengt
de jurk in beweging en dan
ben jij er natuurlijk ook die
de jurk al even mooi vindt en samen
trekken we hem uit en hangen hem
aan een tak
en liggen te kijken in het gras naar
zo'n frisse zomerjurk in een boom, daar
verlang ik het meest naar vandaag.
---------------------------------------
uit: 'Waar je naar zit te kijken', 1995.
Schrijver: Jo Govaerts
Men moetMen moet
Men moet altijd enigszins verdrietig zijn,
anders is men verloren,
maar men moet wel een beetje verloren zijn -
van het reddeloze soort -
anders zou men alleen maar gelukkig zijn,
toch moet men ook gelukkig zijn,
zo maar gelukkig kunnen zijn,
in alle staten van geluk,
anders zou men maar verdrietig zijn,
enigszins verdrietig
altijd.
Toon Tellegen (1941)
Uit: Minuscule oorlogen
Uitgever: Querido, Amsterdam 2004i
Losgeld
Olie-, oliedomme staat die leerlingen vanaf twaalf jaar
nog altijd letterlijk met ‘A’ labelt of ‘B’. Welkom in het middelbaar!
Aan Vlaanderen een vraag: wanneer ligt de maatschappij volledig plat?
Is dat wanneer de notarissen en de senators staken? Of als de loodgieters,
de bakkers en de havenarbeiders niet opdagen?
Ah, inderdaad! Het land ligt op zijn gat als de dakwerkers nakateren,
als alle winkeliers hun schup afkuisen, als de onthaalmoeders de luiers zelf aandoen, als koks hun kat sturen naar Nam Fong, Mister Spaghetti en naar alle internaten.
En wie is nu het slimst, iemand die weet waar de Aconcagua ligt (vraag uit De slimste mens ter wereld) of wie het hele stroomschema kan tekenen en uitvoeren voor een schoolkeuken, het Sportpaleis, Wetstraatvergaderzalen?
Iemand die weet hoeveel een flamingo weegt of iemand die een tillift kan bedienen zonder dat de bomma valt op koude tegels voor het licht uitgaat?
Wij moesten maar eens over A- en B-ministers praten. Dan zouden ze
misschien verstaan hoe het aanvoelt. Alsof wij tweede keus zijn,
alsof een stiel leren slechts een plan B kan zijn
voor als de A-richting iemand niet ligt, niet gaat.
Straks vraagt gij, Vlaanderen, nog losgeld voor het woord ‘intelligent’
dat gij al eeuwenlang gegijzeld houdt, alleen voor quizzers reserveert,
voor dokters, architecten, wetenschappers, voor mevrouw Michiels en advocaten.
Terwijl wij, trappenmakers, de hellingsgraad berekenen, de ideale afstand tussen treden. Kunt gij dat, Vlaanderen? En weet gij alles, zoals wij, mecaniciens, over de juiste spanningskracht op bouten van de nokkenas of hoe de distributieriem vervangen dient voor een perfecte kleptiming?
Zolang gij, Vlaanderen, niet ook de vakman slim noemt
in kranten, spelprogramma’s en journaals,
zijt gij de A’s in uw naam VlAAnderen niet waard.’
Kelvin Kamau, Miguel Angel, Charlotte Sibaers, Amber Serresen, Nyano Van Mechelen, Inne Michiels, Ruth Lasters; Spectrumschool, Deurne
ZielsgelukkigEr moeten mensen zijn
die zonnen aansteken,
voordat de wereld verregent.
Mensen die zomervliegers oplaten
als het ijzig wintert,
en die confetti strooien
tussen de sneeuwvlokken.
Die mensen moeten er zijn.
Er moeten mensen zijn
die aan de uitgang van het kerkhof
ijsjes verkopen,
en op de puinhopen
mondharmonica spelen.
Er moeten mensen zijn,
die op hun stoelen gaan staan,
om sterren op te hangen
in de mist.
Die lente maken
van gevallen bladeren,
en van gevallen schaduw,
licht.
Er moeten mensen zijn,
die ons verwarmen
en die in een wolkeloze hemel
toch in de wolken zijn
zo hoog
ze springen touwtje
langs de regenboog
als iemand heeft gezegd:
kom maar in mijn armen
Bij dat soort mensen wil ik horen
Die op het tuinfeest in de regen BLIJVEN dansen
ook als de muzikanten al naar huis zijn gegaan
Er moeten mensen zijn
die op het grijze asfalt
in grote witte letters
LIEFDE verven
Mensen die namen kerven
in een boom
vol rijpe vruchten
omdat er zoveel anderen zijn
die voor de vlinders vluchten
en stenen gooien
naar het eerste lenteblauw
omdat ze bang zijn
voor de bloemen
en bang zijn voor:
ik hou van jou
Ja,
er moeten mensen zijn
met tranen
als zilveren kralen
die stralen in het donker
en de morgen groeten
als het daglicht binnenkomt
op kousenvoeten
Weet je,
er moeten mensen zijn,
die bellen blazen
en weten van geen tijd
die zich kinderlijk verbazen
over iets wat barst
van mooiigheid
Ze roepen van de daken
dat er liefde is
en wonder
als al die anderen schreeuwen:
alles heeft geen zin
dan blijven zij roepen:
neen, de wereld gaat niet onder
en zij zien in ieder einde
weer een nieuw begin
Zij zijn een beetje clown,
eerst het hart
en dan het verstand
en ze schrijven met hun paraplu
i love you in het zand
omdat ze zo gigantisch
in het leven opgaan
en vallen
en vallen
en vallen
en OPSTAAN
Bij dát soort mensen wil ik horen
die op het tuinfeest in de regen BLIJVEN dansen
ook als de muzikanten al naar huis zijn gegaan
de muziek gaat DOOR
de muziek gaat DOOR
en DOOR
~Toon Hermans~
MONT NOIRZoals het landschap in mijn ogen-
zo heb ik je voorgelogen dat
de dingen grijpbaar zijn.
................
Wat ons betreft-
dit graaien in bedauwde weiden,
fruit dat te hard voor tanden is-
..............
we hebben deze vorm gewild.
Kijk naar het landschap waar
bomen in iconen overgaan
en iedereen een naam geeft
aan een ander.
................
Hou dit vol.
Hou vol dat wij elkaar herkennen,
ook in schemer,
zoals verhalen lijken op een paard
en kinderen op wolken.
............
Hou het vol.
Ooit word je bij de pols genomen,
tekent iemand met je hand,
en zijn wij werkelijk
.............'
een landschap voor elkaar.
......
......
......
Stefan Hertmans
Uit: Verzamelde gedichten, De Bezige Bij

Über allen Gipfeln
Ist Ruh,
In allen Wipfeln
Spürest du
Kaum einen Hauch;
Die Vögelein schweigen im Walde.
Warte nur, balde
Ruhest du auch.
Goethe 1780
Boven elke bergtop heerst rust, in elke boomkruin bespeur je amper nog een zucht; de vogels zwijgen in het loof. Wacht maar, spoedig rust jij ook.
Nederlandse
vertaling van Menno Wigman.
Wandeling met BZe zegt dat is de wind
en ze wijst naar het wuivende gras
en van een lichte plek op de weg
zegt ze dit is de zon
.....
alsof ze de schepping begon
.......
maar als ik met mijn eigen ogen
kijk waar de zon en de wind waren
zie ik dat ze niet verder komt
dan mijn knieën
.....
onuitputtelijk groeit dagelijks
uit mijn voeten de reus
uit mijn eigen verhaal
dat langzaam doorzichtig wordt
als een morgen in de nevel
.....
zevenmijlslaarzen schuiven me
gaandeweg over sporen
die ik verloren waande
de kleine harde kiezelstenen
van kleinduimpje.
.......
Rutger Kopland
WandelingOnze gesprekken werden langzaam
onze vragen beantwoordden we met kijken
naar de langzame wereld om ons heen.
........
de dorpen en landerijen in de diepte
de vogels bijna verdwijnend in de hemel
.......
we gingen zitten kijken naar deze prachtige
onverschilligheid van de wereld
naar de overbodigheid van onze vragen.
........
Rutger Kopland
Heb je vragen lief|
Heb je vragen lief
Heb geduld met alles wat onopgelost is in je hart
en probeer je vragen met liefde te bezien,
als kamers die gesloten zijne.
Of als boeken in een volslagen vreemde taal.
Zoek nog niet naar antwoorden.
Die kunnen je nog niet gegeven worden,
omdat je niet in staat zou zijn ze te leven.
Het gaat erom alles 'te leven'.
Leef nu de vragen.
Misschien zul je dan geleidelijk,
zonder het te merken,
jezelf, ooit op een dag,
in het antwoord terug vinden.
Uit: Rainer Maria Rilke (1875-1926), Brieven aan een jonge dichter (2009)
|
AvondroodMijn grootste vreugde
is het geluid van jouw stem
als hij me roept zelfs in wanhoop; mijn verdriet
dat ik je niet kan antwoorden
in een spraak die je niet als de mijne aanvaardt.
-------
Je hebt geen vertrouwen in je eigen taal.
Dus hecht je
gezag aan tekens
die je niet nauwkeurig kunt lezen.
-------
En toch bereikt je stem me altijd.
En ik antwoord aanhoudend,
terwijl mijn woede luwt
naarmate de winter vergaat.Mijn tederheid
zou je duidelijk moeten zijn
in de koelte van de zomeravond
en in woorden die uitgroeien
tot je eigen antwoord.
------
Louise Glück
Winnaar van de Nobelprijs Literatuur 2020
in een vertaling van Erik Menkveld
Zoals de zee zichzelf weerlegt
Zoals de zee zichzelf weerlegt, nee, juist legt,
golf over golf, cliché over cliché,
als kaarten bij een patience-spel,
en zich weer opraapt en zich opnieuw legt;
zoals horizon slechts horizon-
taal duldt, zo ver als je kunt kijken,
en zee tien keer per minuut verticaal wil,
zo luid als je kunt horen;
zoals water zwemt om zichzelf te kloppen
in de sprint, een arm zegevierend omhoog-
steekt,
waarna een andere arm en nog een arm;
zoals alle water ter wereld zich haast
om aan te komen binnen de tijdslimiet
van de eeuwigheid: zo nu.
(Uit: "Schoolslag" 1994) Herman de Coninck
Vogels, vissenVogels, vissen
Zet de radio uit. Je hoort niets nieuws. De stilte wacht geduldig af.
Vouw de krant dicht. Hij was oud voordat hij werd gedrukt.
Zoek niet, deel niet, duim niet tot je vierkant ziet.
Zet eindelijk het scherm op zwart.
Ik ben net zo bang als jij, net zo bezorgd voor iedereen
die ik niet missen kan. Ik had ook gespaard voor andere dingen:
verre reizen, eerste hulp bij een gebroken hart,
een auto die wat vaker start.
Maar: in Wuhan hoor je vogels zingen.
Boven China was de lucht nog nooit zo blauw.
In Venetië zien ze vissen in het helderste water sinds tijden.
De kunst van leven was altijd dezelfde: ongevraagd komen,
ongewild gaan, intussen doen wat je het liefste doet,
vrede sluiten met je lot.
Sluit de voordeur. Zet de tuindeur open, voel de zon op je gezicht.
Denk voor je uit wat niemand hardop durft te zeggen:
wij zijn een virus dat een virus heeft gekregen.
Ingmar Heytze.
Slapeloze nachtSlapeloosheid. Aardeduister –Zelfs het kaarsje dooft uit.Dichtbij tikt een klok; ik luisterNaar zijn monotoon geluid,En de stilte lijkt te beven –Muizenissen van dit leven,Lispelende schikgodin…Nacht, wat heb jij in de zin?Ben je boos, of kom je klagenOver mijn verloren dagen?Wat houdt jouw gefluister in?Wat precies wil jij beweren?Sta je iets te profeteren?Houd het niet geheim voor mij…Roep je? Wat beteken jij?
Alexandr Poesjkin (1830)