Mijn Memoires ( 4)
3/a Duitsland
Bij het leger had ik gesolliciteerd bij de marine, maar dat lukte niet en werd ik ingedeeld bij de zware tanks als kandidaat reserve onderofficier (KROO). Normaal begon die dienst met drie maand opleiding in Stockem, bij Aarlen, maar die regeling werd veranderd en na drie weken verhuisden we naar Leopoldsburg, waar we eerst een opleiding kregen als tankchauffeur en kanonnier en werden klaargestoomd voor wagenoverste. Na drie maanden vertrokken we naar de eenheid van de Tweede Lansiers in Euskirchen, bij Keulen en nog eens drie maanden later kregen we daar onze strepen. Normaal had ik in Euskirchen moeten blijven, maar ik kon met een andere KROO wisselen. Die moest naar Kassel. Diens ouders zouden hem in Euskirchen komen bezoeken, waren thuis reeds vertrokken en konden niet gecontacteerd worden. In die tijd waren er nog geen gsm’s. Ik stak mijn hand omhoog en zei in diens plaats wel naar Kassel te gaan. De kolonel, die onze namen afriep, heette met zijn achternaam ’t Kindt de Rodebeke. Hij was van de adel en zou eind 1960 ceremoniemeester spelen op het huwelijk van prins Albert met Paola di Ruffo di Calabria. De kolonel was akkoord en ik vertrok voor zes maanden naar Kassel, toen aan het IJzeren Gordijn, waar de Tweede Lansiers één eskadron hadden in een kazerne van de lichte tanks, de zgn ‘Ritchies’. De hoogste in bevel bij de Lansiers daar was een kapitein Van Grieken uit Geel, die heeroom Jan kende (heeroom had diens vader in Geel aan een job geholpen als praktijkleraar in de vakschool!). Mijn kamergenoot gedurende de eerste drie maanden was een zekere Karl Hoet, zoon van een dokter, ook al uit Geel en – zoals later bleek – de broer van de latere zgn ‘Paus van de moderne kunst in Vlaanderen’, Jan Hoet.


1 reactie op dit bericht
Beste Guido
Toeval of niet, ik wou ook bij de marine, maar dat lukte ook niet.
Blijkbaar moest je daar een goede kruiwagen voor hebben, of dat echt zo was weet ik niet. Maar op een latere job die ik deed had ik een jongere collega, en die was wel bij de marine geweest.
Ik vroeg hem of hij daar 'iets specilaals voor gedaan had'.
En blijkbaar had hij een nokel (beroeps) die bij de marine zat, en blijkbaar voor hem een goed woordje had gedaan. ;-)
Ik ging binnen in Turnhout, om 3 dagen later naar Kapellen (Hoogboom)* te verhuizen om daar mijn opleiding te krijgen.
Dan ging het richting Duisland (Attendorn) waar ik als bakker in de bakkerij terecht kwam.
3 Dagen in mijn eenheid en werd ik mee op 'missie' gestuurd om matrassen te gaan laden in Lüdencheid.
Bij de terugrit naar Attendorn blokkeerde een differentieel van de MAN vrachtwagen en de vrachtwagen begon te slippen. We werden aangereden door een vrachtwagen die uit de andre richting kwam tussen de laadbak en de cabinne. Ik was begeleider. Ik hield er een gescheurd bekken aan over.
Na mijn herstel in het hospitaal van Soest, en 1 maand thuis ging in terug naar mijn eenheid.
Na 6 maanden werd ik korporaal, en werd onze legerdienst van 10 naar 9 maanden gebracht.
Buiten het ongeval, heb ik goede herinneringen aan mijn legerdienst. En dat is niet achteraf gesproken, want ik deed mijn legerdienst graag.
* Nu een asielcentrum