aarde
pas omgeploegd verdampen
tussen de voren
eksters tateren
zoals viswijven op wacht
daar bij oogstresten
Canada's ruisen
in de weemoed van de tijd
de val van hun blad
Ingrid Lenaerts
aarde
ik schrijfIk schrijf de trouwe liefde aan
verzoek haar langs te komen
niet als passante of toevallige gast
maar als pelgrim voor een leven lang
onderweg naar haar bestemming
blijvend in haar kernspreuk die ze schraagt
Ze heeft me beloofd langs te komen
te blijven in mijn hart dat ik laat lezen
als een open boek van eerlijk handelen.
Ik stuur ze nooit meer weg
wil haar nooit kwijt aan willekeur
ik koester haar aan de warmte van haar taal
van top tot teen als een gouden engel.
Ingrid Lenaerts
er hangtEr hangt nevel tussen de bomen
een herfst wacht om het hoekje
de lucht draagt de geur van rotten
het is de hoogste tijd
om de aardappelen te rooien
de mais begint af te sterven
vraagt naar het oogsten van zijn vrucht
schictige konijnen op de landweg
veranderen van kleur op hun vacht
de eerste bomen vergelen
de weemoed klimt uit de voren
velden en weiden liggen verkild
onder de vroege morgenlucht
hol en ijl de vochtige prikkeling
wij worden gelaten en doorzichtig
de herfst brengt ons zijn jaarlijkse mare
die immer het zelfde blijven zal.
Ingrid Lenaerts
rivierDe rivier kronkelt
zoals een slang in een bocht
behoedzaam en traag
Zijn de meanders
de ware biotopen
voor kleine kikkers?
Ik hoor ze kwaken
een reppig avondconcert
bij zonsondergang
Ingrid Lenaerts
zoals een arendZoals een arend op zijn nest
waakt hij over zijn luchtruim
zoekt de kapers op de kust
met zijn heerserskop op oneindig
als verschrikking met strakke blik
met dolende ogen bij wijlen
die niemand toelaat
tot het territorium waar hij heerst
Je hoort hem brullen
vlammen spuwen naar zijn onderdanen
clementie in mineur is zijn waarmerk.
Ingrgid Lenaerts
zonder zomerEen warrelend blad
gelig en gekruld vertelt
de herfst komt er aan
Ingrid Lenaerts
zijn strijdTegen onmacht
wil hij strijden
zoals Don Quichotte
in het schaduwspel
langs de rand van de dag
de windmolens doorkliefde
De strijd is ongelijk
De reus tegen de dwerg
overwint met het recht
van de sterkste.
Ingrid Lenaerts
de rozen van septemberDe rozen van september
ze blozen in het hart van rijpe liefde
die we zo oprecht wilden verzilveren
in grenzeloze woorden
toen de najaarszon onze ruggen streelde
wij hand in hand het tuinpad verkenden
Het leven zat niet meer vol grote verwachtingen
op de baren van tijd golfden kleinere zorgen
die we lachend kapot schoten
zoals kinderen aan een kermiskraam
we hielden de wacht en de kaars brandend
in de oceaan van onze verlangens
de rode rozen van september
ze waren onze zwijgende getuigen.
Ingrid Lenaerts
betonIn beton heeft hij me gewenteld
muurvast zit ik er gekneld
tussen de onherbergzame lagen verankerd
Monddood en emotioneel gestold
als lava langs een bergwand
ik stik in deze massale stilte
die me in wurggreep houdt
zondr adem en zonder licht
Ik tel de dagen in deze hel
vermenigvuldig de elementen hoop
die ik droom als een roze waanzin
dat het ooit zal beteren
waneer ik uit deze blok verwijderd word
Ingrid Lenaerts
betonIn beton heeft hij me gewenteld
muurvast zit ik er gekneld
tussen de onherbergzame lagen verankerd
Monddood en emotioneel gestold
als lava langs een bergwand
ik stik in deze massale stilte
die me in wurggreep houdt
zondr adem en zonder licht
Ik tel de dagen in deze hel
vermenigvuldig de elementen hoop
die ik droom als een roze waanzin
dat het ooit zal beteren
waneer ik uit deze blok verwijderd word
Ingrid Lenaerts
door het vensterDoor het venster van de leeftijd
Kruipen de krakende dagen binnen
zoals een mierenkolonie
die haar omgeving verovert
ze rukken aan in rijen en structuur
ze dirigeren en eisen opvolging
de harde wet die nit terugdienst
haar tol eist en elkeen dwingt
tot het bot naakt en zonder mededogen.
Ingrid Lenaerts
plukFruitpluk bij morgen
bedauwd zijn de laagstammen
de appels blozen
Ingrid enaaerts
zonder
tussen twee muren
KafkaKafka in het land
losgeslagen denkpatroon
al een brug te ver
we staan op barsten
de zoutkorst is gebroken
de narren vermoord
wie zal ons redden
uit de vijver van de draak
nu we verzinken.?
Ingrrid Lenaerts

In het huis der onmacht
ben je steeds tweederangs
reeds gebruikt geconsumeerd
door de grillen van leeuwen en haaien
Ze sleuren je door hun paleis
machtswellustelingen
om betere brokjes te verorberen
koele killers
met woorden als tirannie
en honingzoete valsheid tussen de klauwen
Hallo onmacht het zweet breekt me uit
in dit huis van angst
ik roep om hulp
maar een mier met bokshandschoenen
gaat me te lijf terwijl ze me uitlacht
achter slot en grendel
van onze wereld
Ingrid Lenaerts.
telenet

In mijn hoofd zit verlangen
naar orde en rust
in een woelige microcosmos
waar de hond belangrijker is
dan één dag zonder vitten
over dat beest dat hond wil zijn
maar geen aangeduffelde knuffel.
bezoek aan het trimsalon
speciaal jasje voor de regen en de kou
strikjes in de pels
superbrokjes
het broekje voor de intimiteit
het speeltje dat kwaakt
het vlooienbandje het muilkorfje
de supergefrustreerde hond
die zijn haren verliest van al gedoe
hij vindt het noorden niet meer terug
verliest zijn kadans in het dagelijks leven
de hondenlogica die hem ontzegd wordt.
Ingrid Lenaerts
zon aan zee