in het brons
de uil zit er
Ingrid Lenaerts
in het brons
kusttramErgens langs de kust loopt hij wel
ontmoet vele van zijn broers en zusters
getooid met een of andere boodschap
vol lof over talrijke producten die hij promoot
Meestal zit hij oevervol
tot de laatste zitplaats bezet
geen mens raakt nog er binnen bij mooie dagen
hij wervelt als een wind tijdens zijn rit
laat schellend zijn aankomst horen
hij vervoert jong en oud van stad naar dorp
hij is vergroeid met het landschap
schreef al zijn geschiedenis
als onmisbaar element van dagjestoeristen
bewoners en vakantieresidenten.
Hij hoort hier thuis als vader aan zee.
Ingrid Lenaerts
herfststilte
voor anker
cultuurfenomeenCultuurfenomeen
Is het al dan niet vluchtig?
Grijp het voor vertrek
Ingrid Lenaerts
jarige oom
op zoek naar een kameel
zonder
hij
oude wijkde oude wijk treurt
op de banken in het park
alleen nog junkies
vroeger in het groen
de grootouders keuvelend
een babbel vol zon
de wijsheid in pacht
waar iedereen luisterde
naar de levensraad
de ziel van het park
een dolend spook op krukken
kwam er diep ten val
Ingrid Lenaerts
aarde
ik schrijfIk schrijf de trouwe liefde aan
verzoek haar langs te komen
niet als passante of toevallige gast
maar als pelgrim voor een leven lang
onderweg naar haar bestemming
blijvend in haar kernspreuk die ze schraagt
Ze heeft me beloofd langs te komen
te blijven in mijn hart dat ik laat lezen
als een open boek van eerlijk handelen.
Ik stuur ze nooit meer weg
wil haar nooit kwijt aan willekeur
ik koester haar aan de warmte van haar taal
van top tot teen als een gouden engel.
Ingrid Lenaerts
er hangtEr hangt nevel tussen de bomen
een herfst wacht om het hoekje
de lucht draagt de geur van rotten
het is de hoogste tijd
om de aardappelen te rooien
de mais begint af te sterven
vraagt naar het oogsten van zijn vrucht
schictige konijnen op de landweg
veranderen van kleur op hun vacht
de eerste bomen vergelen
de weemoed klimt uit de voren
velden en weiden liggen verkild
onder de vroege morgenlucht
hol en ijl de vochtige prikkeling
wij worden gelaten en doorzichtig
de herfst brengt ons zijn jaarlijkse mare
die immer het zelfde blijven zal.
Ingrid Lenaerts
rivierDe rivier kronkelt
zoals een slang in een bocht
behoedzaam en traag
Zijn de meanders
de ware biotopen
voor kleine kikkers?
Ik hoor ze kwaken
een reppig avondconcert
bij zonsondergang
Ingrid Lenaerts
zoals een arendZoals een arend op zijn nest
waakt hij over zijn luchtruim
zoekt de kapers op de kust
met zijn heerserskop op oneindig
als verschrikking met strakke blik
met dolende ogen bij wijlen
die niemand toelaat
tot het territorium waar hij heerst
Je hoort hem brullen
vlammen spuwen naar zijn onderdanen
clementie in mineur is zijn waarmerk.
Ingrgid Lenaerts
zonder zomerEen warrelend blad
gelig en gekruld vertelt
de herfst komt er aan
Ingrid Lenaerts
zijn strijdTegen onmacht
wil hij strijden
zoals Don Quichotte
in het schaduwspel
langs de rand van de dag
de windmolens doorkliefde
De strijd is ongelijk
De reus tegen de dwerg
overwint met het recht
van de sterkste.
Ingrid Lenaerts
de rozen van septemberDe rozen van september
ze blozen in het hart van rijpe liefde
die we zo oprecht wilden verzilveren
in grenzeloze woorden
toen de najaarszon onze ruggen streelde
wij hand in hand het tuinpad verkenden
Het leven zat niet meer vol grote verwachtingen
op de baren van tijd golfden kleinere zorgen
die we lachend kapot schoten
zoals kinderen aan een kermiskraam
we hielden de wacht en de kaars brandend
in de oceaan van onze verlangens
de rode rozen van september
ze waren onze zwijgende getuigen.
Ingrid Lenaerts
betonIn beton heeft hij me gewenteld
muurvast zit ik er gekneld
tussen de onherbergzame lagen verankerd
Monddood en emotioneel gestold
als lava langs een bergwand
ik stik in deze massale stilte
die me in wurggreep houdt
zondr adem en zonder licht
Ik tel de dagen in deze hel
vermenigvuldig de elementen hoop
die ik droom als een roze waanzin
dat het ooit zal beteren
waneer ik uit deze blok verwijderd word
Ingrid Lenaerts
betonIn beton heeft hij me gewenteld
muurvast zit ik er gekneld
tussen de onherbergzame lagen verankerd
Monddood en emotioneel gestold
als lava langs een bergwand
ik stik in deze massale stilte
die me in wurggreep houdt
zondr adem en zonder licht
Ik tel de dagen in deze hel
vermenigvuldig de elementen hoop
die ik droom als een roze waanzin
dat het ooit zal beteren
waneer ik uit deze blok verwijderd word
Ingrid Lenaerts