aarde
ze bezit zoveel
Ingrid Lenaerts
aarde
schoolSchool, je zit diep in gedachten
wat moet je met al je pupillen
die daar joelend elkaar bekogelen
met ballen uit de sporttent
School, je hebt een hart met vele kamers
waar elkeen zijn plaatsje vindt
om wijzer te worden of het te ontkennen
een basisopdracht zoals zon aan een hemel
School je wordt bedreigd door beulen en vandalen
die je woorden en daden ontfutselen
zoals piraten op eilanden in zee
ze zwijgen je dood als wraak op wetenschap en kennis.
School, je hebt mijn ziel bewoond
ik kon er moeilijk scheiden
draag je nog steeds in mijn hoofd
levenslang als een gezant naar bestemming
Ingrid Lenaerts
strandenZonnige strandenkwellen
kwellen de zonnekloppers
smachtend naar schaduw.
Ingrid Lenaerts
wachtendwachtend op warmte
welkom aan meer zonneschijn
weg met grijs en kou.
Ingrid Lenaerts
vissen
kikker
smal lint
vuilnisbeltVuilnisbelt daagt uit
een wegwerpcultuur getuigt
misprezen welstand.
Ingrid Lenaerts

Zoals het nooit meer wordt
De schone vaat op het aanrecht
De hemden aan de wasdraad
Terwijl de radio speelt
De hond achter de kachel
Die in zijn mand te maffen ligt
De kat die lui haar poten strekt
Ik die nog geen ik was
Maar gewoon mezelf lezend
In een stripverhaal van Bessy
Vader in de tuin die rozen snoeit
Moeder in het naaiatelier knippend
Zussen op zolder joelend
Op zoek naar poppen
Een zaterdagmiddag gewoon
Zolas het nooit meer wordt
Ingrid Lenaerts
lief en lijf
kikker
Het grote boerenpaard
stapt achter de ploeg
het lijkt zo lang geleden
de kluiten aarde uit zware grond
vliegen over de voren
de boer zelf stuurt de ploeg
achter de paardenkont
die kwikkelt en kwakkelt
als wet van verleiding
het grote boerenpaard
droomt van haver en hooi
de boer kijkt grimmig
in zijn ziel die stuipt
van het zware werk.
Ingrid Lenaerts
hij gingHij ging weg uit al mijn dromen
ik zonder ontkomen
bijna troosteloos alleen
nu zomaar doelloos
draaiend door de lege dagen
die mij volgden
als een spook te paard.
ik werd steeds verdrongen
door grenzeloos gemis
van alle dromen
die ik schouderde
dag en nacht
Ingrid Lenaerts
drie zwermen mugjesdrie zwermen mugjes
dansend in het avondlicht
waar de spuitbus loert
drie zwermen mugjes
zijn nu nier meer kringelend
wellicht morgen weer
Ingrid Lenaerts
speeltuin
kasteelheer
bloeiendDe boomgaard ontwaakt
de oude bomen groenen
tussen hun bloesems
Ingrid Lenaerts
voorzichtigVoorzichtige zon
haar stralen uitgemergeld
probeert er zichzelf
Ingrid Lenaerts
einde winterHet kaalt nog op de akker
de aarde is nog pure stilte
in de bleke voorjaarszon
de lucht een afwasbaar grijs
op zijn pallet tussen bleekblauw
de pasteltaal die wij niet spreken
maarzomar ontwaren op doek
middenin de natuur
die haar bordje einde winter plaatst
Ingrid Lenaerts
in de knopbloem nog in de knop
gelukkig maar het vriest er
tussen de laagstam
Ingrid Lenaerts