dan kan ik mijn warme handen
Ingrid Lenaerts

verwoestingZe woelt met haar beide handen
in de aarde bij de olijfboom haar thuiskomst
ze ziet haar hoeve ruw gehalveerd
verwoest door brand en geweld
leeggeplunderd dat wat overeind bleef
Aan flarden gordijnen wapperend
als spoken in de bijtende wind
ze proeft het zand tussen de lippen
het gruis rolt onder haar voeten
het dak hangt treurend te bengelen
De tuin is een wrede woesternij
de dieren zijn gestolen of gevlucht
tenzij een dode geit met overgesneden keel
haar lijk is druk bezet door gonsende insecten
slachtafval van haar kippen ligt er te grabbel
Ze strekt haar armen ten hemel wanhoop
wat van deze chaos s verder komen moet
ze huilt van ellende bij een brandende zon
Zelfs het drinkwater werd bezoedeld
in dit kleine dorp op een vergeten plaats
waar miserie nog amper vermeld wordt
Ingrid Lenaerts
vooreerstZij zag vooreerst de zee
eerbiedwaardige leeftijd
van zeventig jaren verlangen
haar hele leven had ze gevraagd
alvorens ze sterven zou
de zee te zien
en nu was haar bede verhoord
de zee was van haar
haar lied en liefde
in duizend varianten
het ruisen van en een golfslag
ebbe en vloed
zand en zon duinen op rij
het avontuur onbeschrijfelijk
voor dagen en nachten
haar romance en haar ballade
de weidse luchten zacht en woest
als luchtschepen aan de einder
de boten als dromen
maar nu te zien te grijpen
te betasten
Was het wonder dan geschied
Ze wou hier blijven voor altijd
Ingrid Lenaerts
de regenboog
koolwitje
rozenRozen in regen
ze dragen het rood vurig
hun schreeuw naar de zon
Ingrid Lenaerts

Hazelnoten rijp
de struik buigt onder zijn last
vlug nadert de herfst
Ingrid Lenaerts

vanuit een kelderraam
aan het ComomeerSchitterend verblijf hier op dit aardse plekje
ooit een reservatie voor graven en prinsen
waar romeinse en griekse goden kierewierden
dronken van het indringende landschap.
een moment waar geen doodsgedachten binnentreden
zelfs verboden zijn
Bellagio met z'n terassen aan de oevers van het meer
klassieke tuinen waar je in verzinkt de zaligheid zelf
oleanders onder een wattig schaakbord wolkenlucht
langs de bordes pracht geraniums en geurende rozen
een haventje in wit en blauwe gedachten
waar de meerboten voor anker gaan
romantiek voor het gevoelige oog en de pure ziel
die je onderdompelt in een dag fixeren
in je brein om er later honing uit te puren
wanneer de nostalgie je wacht
zoals bij dit rotweer in je eigenste regio
Ingrid Lenaerts
voor laterGroot zijn is een zaak voor later
zoals grote mensen dat beschouwen
vandaag is hij groot en daarnaast ook flink
niet voor later dat is werkelijk nu
en onmiddellijk.
Hij heeft zijn bord schoonmaakt
alles op gegeten tot de laatste hap
niet gepraat met de mond vol
niet geplast in bed,een heel sterk punt
speelgoed weggeborgen
dank u wel gezegd in plaats van geritst
zijn keel niet opengezet in de super
zeg nu zelf groot zijn is niet voor later
hij is het vandaag dat dient beloond.
Ingrid Lenaerts
kleurenpalet
zo zie ik het
grote geestenHier op deze begraafplaats waait de wind
richting regenvlagen bij bakken
we lopen over de lanen met keien
als kleine heuvels onder onze voeten
herfstblaren dansen hun laatste ballet
terwijl de gids ons door deze dodenstad loodst
boom na boom in dreef na dreef.
Waar de graven kleine paleizen zijn
van vele beroemde koppen
hier rusten hun grote geesten
kijken ze naar de vele bezoekers
vanuit een transcendente tribune
de pelgrims die hen hier eren
De rillingen bij zoveel dood lopen me na
tijdens de bijzondere communicatie
tussen nu en hiernamaals
op Père Lachaise.
Ingrid Lenaerts
verdwaalde reizigerVerdwaalde reiziger staat op haar reisticket
Eenzaam in een wachthoekje op het perron
Aangeland in ongekend station dat niets vertelt
in een vreemde stad karakterloos grijs en grauw
waar de woorden zich vreemd draaien
als loswaaiende serpentines over het balkon
in ongekende klanken die verwarring zaaien
Neen ze voelt een vijandigheid op haar huid
alsof de lucht haar bedreigt en verwerpt
als een vreemde vogel in een ander nest.
Een verkeerde trein en een tieste bestemming
honderden kilometer uit de richting van verlangen
Wat had haar uit de koers gezet?
te dol verliefd als een blinde vlek in het hoofd ?
Ingrid Lenaerts
gladiolenGladiolenbed
kelkgeklingel in de zon
een zomers einde
Ingrid Lenaerts
onschuldBracht me weer de natte wind van jaren
het westelijk tochtgat zette onze kragen recht
we liepen onder de spoorwegbrug
de treinen donderden boven onze hoofden
zelfs dat hoorden we niet meer te bang
te geschrokken want M. was vermoord
gevonden op het braakland van miserie
het lichaam gekraakt vol schuttingtaal
gisteren nog springlevend op de fiets
wij leeggeschud afgrijselijke herinnering
amper 14 lentes voor onze klasvriendin
Ze blijft onze onschuld in het hoofd
wij huiveren dat het nooit zal vergaan.
Ingrid Lenaerts
roofbouw
annabel tekende
het huis der schimmenHet huis van zijn schimmen
draagt zijn naam voor altijd
het is veranderd van dak en ramen
rilt van ijle woorden onherkenbaar
de angst om de dood die er loert
als zwarte ratten bodes van de pest
Hij zweet zijn slechte dagen uit
en vraagt genade aan de nachtzuster
haar zegen die zij hem vredig schenkt
wanneer ze hem toedekt
Het mag niet baten de grijze hond
naast zijn bed laat zijn tanden zien
Het huis van zijn schimmen waakt
wijkt niet van zijn veranderde ego
Ingrid Lenaerts