Van het huis
dat ons huis niet meer is
zomaar verlaten
voor oorlog en doodslag
voor ellende en verdriet
voor duister en donker
Van dat andere huis
dat nu onze thuis niet is
dat ons dromen laat
oorlog eens zal stoppen.
als een dag
de witte vlag zal wapperen
Ingrid Lenaerts
Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht
over mythe
over mythe
over distels
over de kleine waarheid
of hoe je leert
verzinnen
aandacht vragen
wil beminnen
blijft hangen
in de schaduw
van je eigenste ik
de wereld
een stoofpot
Ingrid Lenaerts
FOTO
Foto van zijn foto
herinnering in een binnenzak
de zekere vorm en toch vleugels
alsof de dieren toen nog spraken
het jaar vergeelt de randen krullen
bizarre tanden in een lijst muizen
aan het werk, dik van nostalgie
weet zeker,dit was ooit vader
Ingrid Lenaerts
de oude boom die ...
vader
Vader knoestig door de tijd
een hoge leeftijd waarop hij leunt
vertraagt dagdagelijks zijn stap
vervaagt zijn denken
omrand met nevelslierten
Hij houdt nog van het leven
met verkleinde pas
met nauwere kring
hij hoort zeker wat hij graag hoort
vertelt zijn jeugd honderuit
gisteren lijkt soms verder
dan jaren voorheen
een beetje een zaamheid
heeft hem omringd
maar zijn bourgondische afstamming
houdt hem recht bij een gezellige babbel
bij een aria en een glas rode wijn
tintelen zijn ogen nog van levenslust
Ingrid Lenaerts
angst
De stad heeft altijd in mijn hoofd geleefd
een eigen leven dat vage verlangens opriep
een honger die me de nacht instuurde
maar wat ik echter nooit een voet zette
Gedreven door angst voor de grote reus
de wolf in schaapskleren die de geitjes verslond
blauwbaard op tournée en andere fantasten
heb ik me ingegraven als een jeugdige mol
De tijd deed het mollenbestaan te niet
ik moest uit de pijp mee op zwaar avontuur
van een vrolijke bende die de stad versierde
als een groot feest alvorens het telaat was.
Ingrid Lenaerts
Al vroeg in de morgen lopen wij in het bedauwde gras
De zon bol van kleurende beloften door de wolken heen
De dag laat onze boot te water voor een levensreis
Die wij droomden nu van stapel loopt levenslang
De boot drijft in de droom van de zon
Zij stuurt als kapitein de lange omvaart
Voor een groep nog anonieme reizigers
Over zee het achterland in zijn schaduw
Zij beraadslagen het water als metgezel
De diepblauwe deining een wiegend tapijt
Golven spelen zichzelf kwijt zonder rust
Een eeuwig spel van komen en gaan
Rollen over elkaar als een broze vlecht
Geboorte en dood in elkaar vervat
De nevels in het hoofd lachend naar land
Dat zwaait na het afscheid tot weerziens.
Ingrid Lenaerts
zoektocht
Wij zijn op zoek naar onze wortels
die heel ver in een ander land lagen
de oorlog maakte onze ouders wellicht dood
wij zochten ze overal tussen het stof
en de kapotte huizen in de zon
het was altijd zo warm
we hadden grote dorst
hadden geen drinken
het stof knarste tussen onze tanden
we liepen tussen de lijken door
dronken soldatzen zaten achter ons aan
ze wilden ons vastgrabbelen
maar we vestopten ons
eng naast de dode mensen
schuilen in grotten om te overleven
tot ze ons vonden grote mannen
die zegden dat we niet bang moesten zijn
ze brachten ons naar een witte kamer
de zusters gaven ons eten en drinken
we leerden lezen en schrijven
en heel veel later werden we geadopteerd
een nieuwe mama en papa
alles werd mooi en goed
maar toch willen wij weten
wij zijn naar op zoek naar onze ouders
Ingrid Lenaerts
Ingrid Lenaerts
de wijnen van...
Tussen blauw een witwattige lucht
de nevels van september over het dal
tegen de berghellingen het zonnelicht
maakt goudbruine wijnstokken
druivenoogst op zijn best
de plukker is erg tevreden
in deze rijpe stilte der goden
laat hem toasten op zijn geluk
de milde herfst
Ingrid Lenaerts
kampioen
Zij is een kampioen tussen kampioenen
atleet in de zware startblokken
gebogen spanning intense concentratie
als een pijl uit een boog schiet haar lichaam
de wind voorbij
en ik droom ik weg
zie dat jonge lichaam in beweging
elegante gazelle der binnenbaan
snelheid op en top
bereikt de eindmeet
triomf op de piste
applaus alom voor dit record.
Ingrid Lenaerts
Hoe ik verlang naar de helblauwe lucht
in onzegbare woorden verwachting
het blauw door de kleine toren van de kerk
een toren als een raam tweeledige leegte
daaronder klokken en kristalklanken
die ontspringen zoals helder bronwater
uit de rots die ongenaakbaar blakert
met haar granieten rug in het zonnelicht
Hoe ik verlang naar de rustplaats
in het koele gras in de schaduw
van de bloeiende kastanjes
hier zit het topje van mijn wereld
vol gedroomde beloften
Ingrid Lenaerts
vrede zo dun
Ingrid Lenaerts
een draak
Onderhuids verborgen zit de draak
die zijn vuur verspreidt en razend snel
je lichaam verkoopt aan zijn trawanten
die met een groots leger wachten voor de poort
van het slagveld voor de grote invasie
de verovering van het lichaam
de brand achter zich laten
de victorie van de overwinning
een rijke oogst die ze plunderen
om een totale verwoesdting na te laten
de draak is ontsnapt
het lichaam schreeuwt doodziek
om hulp
Ingrid Lenaerts
Zij
Zij heeft een rijke ervaring
bij het recht trekken van wat krom is
Zij heeft overtuiging
een vaste die blijft hangen
in je gemoed
Zij heeft kennis van goed en kwaad
die je niet betwist
Zij beheert emoties
en legt ze aan banden zo nodig
Ze spreekt gespierde taal
als een wolf tot een lam
Ze heeft een mening
die ze mossels verkoopt
ongezouten
zij is alle kunde
waar jij de onkunde verspreidt
zij is alom tegenwoordig
waar jij slechts op die ene plaats
Ze helpt je opweg
daar waar het niet meer moet
deze griezel als niet één.
Ingrid Lenaerts
als een brug
Regenboog in al zijn pracht
boven de velden overspant hij
de wereld als een brug
die onze dromen laat verwaaien
vanuit de blijde hoop
regeboog laadt mij op zijn rug
van hier tot daar
brengt jou tot bij mij
over die glijbaan
die ons verbindt mijn lief
Ingrid Lenaerts
het rijpen der druiven op de zuiderflanken
Ik wil het aantreden van de herfst verdringen
De herfst lokt me niet
Ingrid Lenaerts
uit calorische contracten
Ingrid Lenaerts
Uit mijn bundel "Uit calorische contracten"
Dilbeekse cahiers 1988
trein
Hij liet me niet los die trein
als een schimmenwereld in de echte
velden zonder horizon diep in mais
industrie en vervoer als een grote kermis
Ingrid Lenaerts
een haar in de boter
Zij laat dit niet toe
dat ik een vervolg brei
aan haar verweer
Ze eist nu en terstond
zoals altijd ze zegt
mijn excuses
Ook het waarom negeert ze
en slingert me daarom naar het hoofd
ik pik dit niet
eis eveneens haar excuses
Dan maakt zij een pirouette
zoals een windhaan
damp wolkt uit haar hoofd
Shit roept ze,dag zeg ik
terwijl ze wegholt.
Ik ben het ijsmeisje
dat ze achterlaat.
Ingrid Lenaerts

