Naar de inhoud

" De Afrekening"

Een West-Vlaamse oorlogsthriller in afleveringen
akke.beakke.be

Archief

Deel 333

                   Boekdeel C4.

 

Beslaat de periode van juni ’45 tot mei ’46 en gaat over de Berlijnse vrouwen in solde, een oude vriend in Grünewald en een koele ontvangst bij hete Helena,  zieke  Jupp, en zijn - voorlopig -  koude dochter Erika...

 

 

C43: JANUS KRÜGER.

 

                     Steglitz, tweede helft van mei '45.

Zolang de Weimars voort aanschoven om een rantsoenkaart te bemachtigen had hij het kot voor zich alleen. En hij kon wel wat rust verdragen, nu het er op aan kwam zonder veel vreemde pottenkijkers zijn fortuin veilig op te bergen.

Vanmorgen, in die rotslang voor het stadhuis, had hij al dromende de verschillende mogelijkheden gewikt en gewogen, maar véél waren dat er niet. Op z'n lijf verbergen was uitgesloten ,met al die willekeurige fouilleringen op straat door de zatte Russen. Daarbij ,één ding stond vast: hij mocht niet àl zijn eieren in één nest leggen - te gevaarlijk - en moest zijn kapitaal dus over een paar schuilplaatsen verdelen.. Deze 'kluizen' moest hij daarenboven constant kunnen bewaken, zonder dat het de mensen opviel of verdacht voorkwam...

Daarom waren er na een vlugge schifting al vlug slechts twee plaatsen overgebleven: zijn eigen slaapkamer op de tweede verdieping bij de familie De Bens én de geheime 'roze kamer' van Dahlmann, een verdieping hoger. Op alle twee stond er een gelijksoortig metalen bed, wit gelakte tralies op hoofd- en voeteinde en met van die koperen sierbollen op de buisvormige hoekstaanders. Zijn gouden munten zaten al verstopt in de open gevezen bollen van zijn eigen bed, dus in de buisvormige poten van die slaapmeubels zal nog wel één en ànder los te vijzen zijn...

Makkelijk ging het niet, zo zonder gereedschap, maar na een uurtje wrikken was bij drie van de vier hoekstijlen de sierkop er af gedraaid, en lokte in elke buis een mooie gladde holte van vier centimeter doorsnede en, op eerste zicht, 'onmetelijk diep' ! Uit het nog steeds openstaande radioatelier van wijlen 'meneer' Dahlmann had hij voordien al een paar stukken koperdraad mee genomen. Daarrond een deel van de grootste banknoten wikkelen en die rolletjes vervolgens vastbinden was wel een heel secuur werkje, maar, moest hij toegeven, nog nooit had werken hem zoveel genoegdoening verschaft ! ...Nu nog deze kostbare rits 'worsten' in de bedstijlen laten zakken, de sierkoppen er terug op, en klaar was Kees.

Om één of àndere reden ging dezelfde operatie op het bed van de 'roze kamer' veel vlotter van de hand. En zo  tegen vijf uur was alles achter de rug, juist vóór de twee Weimars terug binnenstrompelden, uitgeput maar mét hun rantsoenkaart klas vier. Jawel, klas vier, zuchtte Hildegarde bitter: de voorlaatste trap vóór de hongerdood want ze waren tenslotte oud, versleten en niet meer zo productief, hé...Later hoorden ze ook Gerda Krüger met haar kleine de trap opkomen. Maar dié had enkel, ondanks de morele chantage met haar pasgeboren baby, een 'Folge-zettel' kunnen veroveren om morgen, in de nieuwe slang, voorrang te krijgen..."Te lui geweest om vandaag op tijd uit haar nest te komen ",bromde Hildegarde nadien afkeurend tegen Vati. "Die denkt zeker dat héél de wereld van bewondering aan haar voeten zal vallen omdat ze een kind heeft gebaard ! " De populariteit van de jonge moeder scheen al aardig wat barsten te vertonen...

Om geen onnodige achterdocht op te wekken maakte hij de oudjes wijs dat hij de rest van de namiddag bij radio-atelier Dahlmann beneden nieuwe onderdelen voor zijn kristalpost had gezocht. De voorgaande, gemonteerd op een lege sigarenkistje, had weliswaar als geheel de druktest onder een wraakzuchtige Russische laars niet overleefd, maar de platte 4,5 volts batterij werkte nog.

Hildegarde verontschuldigde zich verveeld dat ze te moe was om zo laat in de namiddag nog een deftig avondmaal bijeen te krabben. Na tafel gingen de oudjes vroeg slapen, terwijl Joseph in de living van de tweede verdieping aan de slag ging om een nóg betere kristalpost in elkaar te boksen. Tegen donker had hij er zelfs een kaars voor over om zijn nieuw gewrocht aan de praat te krijgen. Gerda kwam onderwijl uit de meisjeskamer nog even plakkerig buurten. Maar met die zware koptelefoon óp verstond hij tóch niet wat ze zoal slijmde. Tenslotte, nadat hij haar tweemaal met een handgebaar gebiedend het zwijgen had opgelegd omdat hij een zender meende te ontdekken, droop zij mokkend af naar haar kamer...

Het viel hem vlug op dat er, tegen tienen, veel meer radiozenders in de lucht waren dan vroeger, hoofdzakelijk Amerikanen nu ,met jazzmuziek die hem erg aan de fonoplaten van Arthur Birnbaum deden denken. Maar ook weer een paar zenders met Duitse propaganda voor de Russische weldoeners.. Misselijk, als je bedacht dat er ondertussen nog dagelijks ongestraft verkracht werd en onschuldige burgers naar Rusland afgevoerd, samen met de machinerieën die ze op bevel van de bezetter uit de fabrieken hadden gedemonteerd. Simpel en praktisch geredeneerd natuurlijk: wie deze ingewikkelde persen en zware turbines hiér uitéén kon vijzen, zou ze later - achter de Oeral - met méér slaagkansen weer inéén kunnen steken...

Enfin, de tijd waarin hij iets aan de wereld kon verbeteren, was definitief voorbij. Hij besloot dan maar te gaan slapen, niét bij de Weimars - wegens het middernachtelijk uur - maar liever hier in zijn eigen kamer. En de deur goed te sluiten om Gerda niet op loopse gedachten te brengen...En ook om eens te testen hoe het voelde om middenin een fortuin te liggen en slapend rijk te worden. Of beter gezegd ,als rijkaard te gaan slapen !

Maar al wat hij voelde was een vochtige matras, en die herinnering maakte hem wél twintig jaar jonger...

 

De volgende dag begon heel slecht. Hij trof Gerda in de deur van de keuken met een triomfantelijk lachje op de lippen. Haar vader, vertelde ze met een herboren trots en boven het gekrijs van haar baby uit, was zojuist door de Russische bezetter opnieuw aangesteld in zijn vroegere functie van blokoverste. Met alle volmachten om de verordeningen van de bezetter te doen naleven en alles te melden wat daar tegen inging...Het leek wel of ze Joseph schijnheilig een schot voor de boeg gaf...

De Weimars vroegen niet waarom hij die nacht niet in hun logeerkamer had geslapen. Maar hij zag aan hun stijf gedoe dat ze hem verdachten een scheve schaats met Gerda te rijden. Vati begon daarom volop de loftrompet van Pa Krüger te blazen. Hij had van diens nieuwe aanstelling als blokoverste gehoord en vond deze tuchtregeling een goede zaak voor de wederopbouw: "Ordnung muss sein ! "

Joseph kon een sneer niet onderdrukken: " We hebben het toch over dezelfde Krüger die u voor veertien dagen nog een verachtelijk nazi-zwijn noemde, of niet ?"

Vati schrok daar wel even van: " Heb ik dat gezegd ? Dan was dat vast en zeker schertsend bedoeld hé ! Sie verstehen doch Spass, nicht, Herr Josef ! En de omstandigheden zijn ondertussen toch sterk veranderd, niet waar.."

Maar Hildegarde zag wat verder dan haar neus lang was: "Ik heb gehoord dat iedereen die nù lid wordt van de nieuwe 'Kommunistische Partei Deutschlands' een dubbele rantsoenkaart krijgt..." En zo verschoof het gesprek naadloos op Josephs rantsoenkaart klasse één die maar tot uiterlijk één juli geldig bleef. Keerde hij dan werkelijk reeds zo vlug naar België terug ? En waar moesten zij dan getweeën nadien in godsnaam van leven, met hun povere overlevingsrantsoenen klasse vier ?! Dan konden ze beter meteen de gaskraan opendraaien, besloot ze kordaat.

Dat zou niet veel helpen, merkte Joseph droog op, want vóór die leidingen hersteld geraakten zou het nog wel even duren...Gisteren, in de slang voor het stadhuis, was dat ook al ter sprake gekomen en had een vrouw van het stedelijk waterleidingsnet verteld dat de Rus de herstellingen in onze westelijke voorsteden tegenwerkte. Deze districten vielen vroeg of laat toch onder beheer van de Amerikanen en dààr wilden de Russen voorlopig geen Kopek aan de wederopbouw besteden. Laat Uncle Sam zélf maar de schade van zijn bombardementen vergoeden, zal de Ivan gedacht hebben, die hebben dollars genoeg. Dus vóór de komst van de Amerikanen moesten we hier niet op zuiver leidingwater rekenen, volgens die vrouw, en met de gasbedeling of de elektriciteit zou dat wel van hetzelfde laken een broek zijn, opperde Joseph...

Vati wilde een serieuze bespreking van Hildegardes plotse zelfmoordplannen kennelijk uit de weg gaan en oreerde dat de Rus nochtans gezorgd had dat de mensen in Friedenau overdag stroom hadden. Die voorstad grensde noordelijk aan Steglitz en zou toch volgens alle verwachtingen ook in de Amerikaanse sector komen te liggen...Of de Britse...

" Weet je, Herr Joseph, misschien krijgen wij eerstdaags óók stroom zoals Friedenau, en dan heb je die middeleeuwse kristalpost niet meer nodig."

" En kan ik weer deftig eten koken ! " haakte Hildegarde in, die blijkbaar reeds over haar inzinking heen was: " Als er natuurlijk iets te eten valt..." En daarmee was de klachtencirkel rond...

Plots kreeg Joseph een vrijgevige bui: "Ik zal natuurlijk, zoals beloofd, trachten op één of àndere manier ook nà 1 juli hier in Berlijn te blijven, en zéker tot eind augustus...Tegen die tijd zal de Amerikaan hier wel alles opnieuw op poten hebben gezet en gezorgd dat er voldoende eten is. In afwachting zal ik eens met de bakkerin gaan praten om het voor jullie op een akkoordje te gooien. Tegen forse betaling moet het toch mogelijk zijn jullie in de toekomst iedere dag een brood te leveren hé, in 't zwart."

" In 't zwart ! " riepen ze samen ontzet: " Hoe kom je dààr op ?!" Maar Hildegarde vervolgde sluw: " En wij hebben sowieso dat geld niet..."

Joseph trapte met een hoogmoedig lachje in de val: "Geen zorgen maken, lieve mensen ! Dat zal ik binnenkort wel regelen...als de bevoorrading in meelspijzen eerst maar weer op gang komt"

Ze keken hem met open mond aan alsof hij zojuist een wit konijn vanonder de tafel had getoverd: " Maar als je terugkeert naar je Heimat, na 1 augustus..."

"Ik zei: geen zorgen maken ! Ook nà mijn vertrek zal de bakkerin jullie iedere dag een brood bezorgen: levenslang, wat er ook gebeurt ! Dat regel ik ! " Hij voelde zó de grootheidswaan naar zijn hoofd stijgen en bedacht hoe heerlijk het zou zijn tot het einde van hun dagen als hun weldoener vereerd te worden.

     Gelukkig dat 'levenslang' voor de twee oudjes geen eeuwigheid meer kon duren, want zó verschrikkelijk rijk was hij nu ook weer niet...

 

De rest van de dag bracht hij op het tweede verdiep door, met het aftasten van zijn kristalpost en het mediteren over zijn nabije toekomst. Hij ving iets op over de 'Parade der overwinnaars' die de Russen planden en waarin ook Westerse troepen zouden meelopen. Maar de grote oost-west-as door het stadscentrum was nog niet helemaal puinvrij gemaakt. Uit de roddel aan de waterpomp had Vati opgevangen dat de Grote Stalin in afwachting van deze viering in Potsdam logeerde op kasteel Sans-Souci en daar president Truman en Premier Churchill zou ontvangen om over de toekomst van Duitsland te confereren...Veel goeds was daar niet van te verwachten want op de BBC had één of àndere clown omgeroepen dat alle Duitsers partijlid waren geweest ,of minstens sympathisant van Hitler ,en dus hoe dan ook medeverantwoordelijk voor het huidige débacle.  

Tijdens het middageten stoorde Joseph zich niet aan de blikken van verstandhouding die de twee Weimars sluiks wisselden toen hij vertelde wat hij die morgen zoal over de radio had opgevangen. Hen scheen méér te interesseren wat Gerda daar boven allemaal uitspookte en of hij ook gemerkt had dat ze er bedrukt bijliep... Volgens Ma Krüger zei had de jonge moeder te weinig melk en deed de kleine het daarom niet zo goed: er kwam geen gram vet bij. Of hij dat ook gemerkt had ?

Strikvraag natuurlijk ! Alsof hij daarboven niets béters te doen had dan de vetlagen op haar kont te betasten ! Alhoewel ,ze moesten hem niet zo nadrukkelig op slechte gedachten brengen ,vond hij...

De kleine Günter schreide inderdaad nogal veel, maar met zijn koptelefoon op kon dat Joseph weinig schelen. Wél ergerde hij zich op den duur over de nonchalance waarmee Gerda in de loop van de namiddag bij hem in de living 'even binnen wipte' als een kind aan huis, uiteindelijk zelfs helemaal zónder kloppen. Vriendelijk, weliswaar, maar tóch...Hij had haar tenslotte drie weken geleden énkel de meisjeskamer van de familie De Bens in leen gegeven om haar tijdens de kraamperiode te beschermen tegen de Russische baldadigheden. Deze dreiging was nu echter grotendeels geluwd, maar ondertussen paradeerde madam ongegeneerd door héél het appartement, en dat in een losse kledij die soms weinig aan de verbeelding over liet...Hij was nu wel een invalide, maar toch niét op dàt gebied hé !

Toen hij daarover tijdens het avondeten een woordje liet vallen reageerden de Weimars opvallend gereserveerd. Hildegarde mompelde iets in de aard van 'soepel zijn, nu Pa Krüger terug blokoverste was geworden' En volgens Vati konden ze die familie misschien beter wat toegeven... Gerda was toch nog altijd 'ein hübsches Mädel' nietwaar ?

Bon, dan wist hij dat weer: hij was geen debiel...

 

Voor het slapen - braafjes in de logeerkamer van de Weimars - trachtte hij tóch even zijn problemen op een rijtje te zetten. Officieel moest hij dus vóór 1 juli wég zijn uit Berlijn. Dat vond hij veel te vroeg, gezien de repressie in België nog op volle toeren draaide...

Anderzijds, als ze hem hier dan tóch buiten wilden bonjouren, kon niemand hem dwingen expliciet naar België terug te keren: de wereld was tenslotte groot genoeg...

Maar twee dwingende redenen doorkruisten deze vrolijke visie op zijn toekomst. Vroeg of laat moést hij sowieso naar Westende terug om wraak te nemen op Pylieser en consoorten voor de moord op Marie, de dood van Leon en zijn eigen verminking. En bijkomend had hij ook graag de schat van Jupp opgegraven die, volgens de uitleg van Leon, in de verre rechterhoek van de abri diep onder het stuifzand verdoken lag...Al was deze laatste drijfveer nu wat minder dwingend geworden, sinds hij er zo goed voor zat...    

Toch wel rustgevend, dacht hij soezend: zo van alle geldzorgen verlost te zijn...

 

Hij had het er ,in zijn droom ,met Gerda flink van genomen en liet haar met tegenzin uit zijn armen ontsnappen, toen het nadrukkelijk geklop op zijn kamerdeur zijn ochtendsluimer verstoorde. Een mannenstem ?...Zo vroeg in de morgen ? " Ja-ja! Ik kom er aan ! "...Pa Krüger, schijnbaar...Zou er zo vlug reeds iets van zijn natte dromen zijn uitgelekt ?

De man was nu niet bepaald groot van gestalte, maar vulde in spreidstand breeduit het deurgat, zijn duimen krijgshaftig vooraan in de broeksriem gehaakt, in een verdienstelijke poging zijn aftakelende fysiek met tien jaar nazi-turntraining te stutten. Niet slecht voor een kerel die tenslotte al een tijdje gepensioneerd was...

" Herr...heu...Peeters, ja ? Wir haben zu sprechen. Darf ich ?" Juist toen de man autoritair over de drempel wilde stappen had Joseph de verrassing verwerkt en priemde hij zijn wijsvinger in 's mans plexus:

" Nicht hier, Herr...heu...Krüger, ja ? Wacht een ogenblikje in de kamer van uw dochter, akkoord  ? Ik zal vlug wat kleren aanschieten..." En even autoritair duwde hij de deur, ondanks een kleine weerstand, tegen Krügers neus dicht. Zo, dat zal hem wat manieren leren.

Die vent kwam zich waarschijnlijk presenteren als de nieuwe blokoverste, en dan wilde Joseph hem niet in zijn gore onderbroek te woord staan. Dat zou hem automatisch in een genante positie plaatsen en hij wist uit ondervinding dat de Duitse bullebakken niets liever wilden dan zo'n vreemde luis letterlijk in zijn hemd te zetten. Niet met mij hé !

Krüger zat niét bij zijn dochter te wachten, maar rookte een afgrijselijk stinkende pijp lindebloesem in Josephs living, pontificaal breeduit in de enige lederen zetel van het salonmeubilair.

" Ik zie dat u de weg kent..."sneerde Joseph schijnheilig: " Doe maar of u thuis bent..."

Maar Krüger liet zich niet van de wijs brengen: "Maar ik bén hier thuis, Herr Peeters...,of moet ik soms Herr Obersturmführer zeggen ?..."

Joseph staarde hem versteend aan...Toch wat onder de indruk van Josephs ijzige blik vervolgde de tweezak quasi jolig: " Ja, man, het heeft een tijdje geduurd vóór ik in u de SS-officier herkende die mij, tijdens het Fliegeralarm op uw zatte Weihnachtsfeest, lijk een luizige hond terug de straat op joeg. Terwijl ik énkel nauwgezet mijn plicht vervulde, niet waar...Het zij zo...Het kunstbeen dat ik eind april in mijn koertje vond en het gebabbel van uw buren heeft u de das omgedaan, vriend...En wat mijn relatie met Herr Dahlmann betreft: ik kén hem reeds ruim dertig jaar en had meermaals de eer hier in dit fijn salon met hem een glas te heffen. Ik voel mij hier dus inderdaad thuis, terwijl u...hoelang in deze woning wegschuilt, zei u ? Twee maanden hoop en al ?..."

Joseph wimpelde zijn schurftige insinuaties af: " U wilde mij zo dringend spreken ?"

Krüger monkelde vals na deze terechtwijzing: " Ook goed, ter zake dan ! Als blokoverste moet ik de lijsten indienen van alle personen die in mijn rechtsgebied definitief of tijdelijk verblijven. De bedoeling van de overheid is vlug de beschikbare woonruimte op te speuren om de talrijke daklozen van de laatste gevechten een leefruimte aan te bieden. Dat zijn er heel wat, en om rap te gaan begin ik bij mijn buren. Logisch nietwaar..." Terwijl hij zijn uit het hoofd geleerde officiële tekst afdreunde had hij een formulier uit zijn farde genomen.

" Laat eens zien...Albrechtstrasse 15 B: volledig onderkelderd, één handelsgelijkvloers met vier lokalen én toilet, twee ruime etagewoningen op één en twee met elk drie slaapkamers en één kleine mansardewoning. Slechts kleine bomschade aan gevel en dak. Dat zal het zeker zowat zijn, hé ?...Veel woonruimte, officieel slechts bezet door één oud Duits koppel en een tijdelijke onderkomst voor énerzijds een jonge Duitse moeder met boreling en ànderzijds één... ja, één wàt, Herr Peeters ?...Een Belgische Fremdarbeiter die al lang naar zijn Heimat had kunnen terug keren, en hier tóch nog blijft plakken, misschien tot de Amerikanen zijn repatriëring bekostigen ?.. Of misschien 'n ondergedoken Belgische SS-officier ?...Wat moet ik daar in godsnaam op invullen ?..."

Joseph negeerde zijn vraag met uitgestreken gezicht: "U vergeet de Belgische familie De Bens, Herr Krüger: Fremdarbeiter. Vader, moeder, twee volwassen dochters en een zoon ! "

" Die zijn voor het oorlogsgeweld gevlucht en wonen hier niet meer, punt ! Mijn probleem voor wat de 15 B betreft, Herr Peeters, zit hier voor mij. En als gij u heel, maar dan ook hééél klein maakt, zodat ik u niét meer zie zitten, dan kan ik u misschien over het hoofd zien bij het invullen van mijn lijst. Als ge begrijpt wat ik bedoel ! Verder nog een aangename dag gewenst, Herr Obersturmführer! "

 

Zijn dag was verpest, dat hoefde geen betoog. Bij het schrale 'ontbijt' schenen de Weimars al goed op de hoogte, want ze leken echt gegeneerd en zeiden geen woord. Joseph trok zich nors terug: hij moest dringend deze nieuwe situatie eens grondig bekijken...

Dat die vent zich in Josephs graad vergiste en van Fremdarbeiter Peeters een SS-officier maakte - wat deze duidelijk nooit geweest was - deed allemaal niet veel terzake. Het was zo klaar als een klontje dat Krüger hem in de tang had. Vraag was enkel waaróm die vent dat deed. Uit wraak voor dat onnozel zattekullen-incident van vorige Kerstmis ? Dat zou er wel héél erg óver zijn ! En zeggen dat Pa Krüger hem nog geen maand geleden met tranen in de ogen eeuwige dankbaarheid had gezworen, toen Joseph genadig onderdak verleend had aan zijn uitgeputte dochter. 'Zijn enige oogappel' had die vent haar jankend genoemd, toen zijn Gerda als een troglodiet van die krijsende keutel beviel in een kolenkelder van de buren... En nu dít ?! Hij begreep het niet. Die vuile komediant was een onbetrouwbare Janus, een schurk met twee gezichten !

Na een hele dag piekeren werd het wél steeds duidelijker dat de Weimars het beste geplaatst waren om deze verwarde situatie voor hem uit te klaren. Op één of àndere manier waren zij via-via volledig op de hoogte geraakt van Herr Krügers verdoken intenties. Daarom besloot Joseph hen bij het avondeten voor het blok te zetten.

" Luister eens Hildegarde, ik vrees dat ik jullie gisteren wat érg optimistisch hulp en bijstand heb beloofd tot het einde der dagen, maar er is een haar in de boter gevallen...Jullie weten het klaarblijkelijk al dat onze nieuwe blokoverste mij hier zo vlug mogelijk buiten wil krijgen en daar de zotste bedreigingen voor uitvindt. Zo noemt hij mij 'Obersturmführer', ook al ben ik dat nooit geweest. Maar als hij deze valse beschuldiging bij de bezetter uit, dan zit ik in Siberië lang vóór ze mij daarover ook maar de eerste ernstige vraag stellen ! ... Zo gaan de zaken nu eenmaal, tegenwoordig ! "

"Maar wij kunnen toch getuigen dat u een oprechte goede mens bent ! Herr Josef"...

" Dank u, maar véél zal dat niet aan de situatie veranderen, vrees ik...Hoe dan ook: in deze pijnlijke omstandigheden ben ik dus verplicht, rapper dan gehoopt , naar mijn Heimat terug te keren...En ik ben ook bang dat mij de tijd zal ontbreken om een akkoord met de bakkerin af te sluiten voor uw verdere bevoorrading in brood...Dat is inderdaad jammer, maar u moet de schuld niet bij mij zoeken, maar wél bij Herr Krüger hé..."

Hildegarde was de eerste die zich na een pijnlijke stilte herpakte: " Maar Herr Josef, ik geloof nooit dat de Krüger er op aanstuurt om u hier buiten te krijgen, wel integendeel...Zijn bedoeling is eerder alle vrije ruimte in de 15b met mensen van zijn gezin te betrekken. Zijn woning in de 15C ligt naast de uitgebrande Bierstube van Rosi en heeft veel schade geleden, ook door de granaatinslag op de mansarde waar moeder en dochter Schinsky gestorven zijn. U weet toch dat zijn schoonmoeder en zijn zoon Ari nog steeds in hun schuilkelder slapen omdat hijzelf veel kamers onbewoonbaar heeft verklaard. Die hebben natuurlijk een oogje op ons gelijkvloers: het atelier van wijlen Herr Dahlmann. En ik ben zeker dat hij het tweede verdiep op naam van de Belgische familie Bens zal laten staan, maar er onderwijl zijn dochter Gerda en u zal in onderbrengen..."

" Gerda en mij ?! Dat klinkt nogal getrouwd hé ! "

" Maar dat is toch ook de bedoeling, Herr Josef, van bij het begin..." lachte Hildegarde argeloos: "Jullie zijn van de zelfde leeftijd en kunnen toch zonder veel moeite als jong koppel mét kind geboekt staan ? Wat recht heeft op een afzonderlijke woning, weet ge, de mansarde bij voorbeeld...Dan is op papier heel het huis volzet en hoeven wij van ambtswege geen wildvreemde schooiers op te nemen. Dat zou toch mooi zijn nietwaar ?!"

" Jong koppel mèt kind ?! Ik zou voor die krijsende keutel mogen opdraaien ?! Enkel op papier, akkoord, maar vergeet het hoor: dat komt hoe dan ook helemaal niet ter sprake ! Ik en dat schreeuwende mormel ! Nee bedankt hoor ! "

De Weimars stonden even als door de bliksem geslagen maar weer ontdekte Hildegarde ergens een straaltje hoop.

" En wàt als de kleine bij Mutti Krüger op het gelijkvloers wordt bijgehouden, zodat gij en Gerda ongestoord op het tweede verdiep kunt verblijven ? Zou dàt niet goed zijn ?" Met dat 'ongestoord' bedoelde zij waarschijnlijk: welk vuil varken van een vent kan aan de verlokking van zo'n smakelijke, gewillige brok wellust als Gerda weerstaan...Blijkbaar zelfs Vati niet, want die sloeg zijn blikken neer.

Maar Joseph vermande zich: " Lieve Frau Hildegarde, ik wil met die kleine geen uitstaans hebben: is dat duidelijk of niet ! " En zonder het te beseffen sprak hij zo het doodsvonnis uit over de kleine Günter.

 

De kleine zou door een nijpend gebrek aan drinken sowieso gestorven zijn, maar misschien niet zo vlug. Want water koken was al een hele karwei en de zogenaamde melkpoeder, die Pa Krüger op aanwijzen van Joseph uit de ruïne van de apotheek recupereerde, "bleef er niet in"... De kleine ging volgens Hildegarde zienderogen achteruit en Gerda liep er verwezen bij als een slaapwandelaarster. Tenslotte gaf Joseph haar een doosje Amerikaanse condensmelk uit een Rodekruispakket van Dahlmann: aangelengd met wat water zou het de kleine er misschien doorhalen. Dat was ook de enige keer dat hij het uitgeteerde skeletje van de kleine zag: grote angstogen en een gerimpeld flinterdun velletje los over het gebeente...En toen het ondanks dat versterkende drankje tóch weer begon te dreinen, legde Gerda het neer in zijn wiegje en dronk zélf wezenloos het blikje zoete condensmelk leeg...

 

Pa Krüger begroef het bundeltje eigenhandig in de achtertuin naast de grafterp van de dames Schinsky, en wilde er geen buren bij hebben. Moeilijk te zeggen of het gezin de dood van het wurm diep betreurde. Want toen Gerda na afloop, waarschijnlijk op aanstoken van Frau Krüger, Joseph kwam bedanken voor de Amerikaanse melk, deed ze dat even achteloos alsof ze wisselgeld terugkreeg bij de bakker.

Ondertussen was er waarschijnlijk door Hildegarde achter de rug van Joseph aardig wat bekokstoofd, want Gerda meldde hem de volgende morgen opgewekt dat haar vader het dak zou laten repareren, zodat zijn slaapkamer zou kunnen opdrogen. Hoe zij wist dat het daar lekte was hem een raadsel, maar plots begreep hij wel het gevaar van deze koerswisseling. Bij de dakherstelling zou Krüger ongetwijfeld de roze kamer van Dahlmann ontdekken. Dat was op zich niet zo erg, zolang hij er de 'schatten' en de proviand van Joseph niet vond. Dus moest hij als de gesmeerde bliksem al zijn waardevolle stukken uit dat vunzig hok daar evacueren. En de enige vluchtweg die hij zo rap kon bedenken, was het gat in de plankenvloer waar de 'Zahlmeister' zijn boekentas in had verstopt...

Heel de voormiddag was hij er druk mee bezig. Eerst in zijn eigenkamer het gat in het plafond vrij maken en dan zijn afgetrokken bed eronder geplaatst. Dan de deur goed op slot. Naar de mansarde en in de roze kamer het bed opzij trekken: de uitgezaagde planken uit de vloer halen en klaar was Kees. Vervolgens wierp hij alles van waarde, op de hoerige garderobe en een deel van de porno boeken na, gewoon door de opening naar beneden op zijn matras in de kamer er onder. Hij was wel benieuwd hoe de 'dakwerker Krüger' op de vunzige rommel van die voorname Herr Dahlmann zou reageren...Bij het weggaan sloot hij ook de geheime spiegeldeur achter zich, waarmee hij de intelligentie van zijn toekomstige schoonvader even op de proef wilde stellen.

Inderdaad: toekomstige schoonvader, verdomme ! Want dat hij blindelings in de val was getrapt van een bende complotterende engeltjesmaaksters werd hem nu onderhand wel duidelijk...  

Hoe vind je dit bericht? 10 stemmen
Geschreven door jaakmaes om 00:00 Reageer op dit bericht

Deel 334

C44.  

EEN NIEUW LEVEN ?...

 

                                   Steglitz, juni '45.

Na de dood van het schriele Güntertje leek het wel of daarmee terzelfder tijd ook heel wat nodeloze spanningen werden begraven. Gerda leefde helemaal op nu zijzelf van dat eindeloos en zenuwslopend gedrein verlost was en zij daarmee niet langer haar omgeving tot overlast wist. Begraven ook de laatste levende herinnering aan haar oude geliefde ,die ze na het 'Führerbericht' met de lapidaire melding "vermist ,waarschijnlijk gevallen" toch al had afgeschreven...Nu kon ze eindelijk 'schoonschip' maken ,en met een propere lei en vol nieuwe moed aan een nieuw leven beginnen ! De uitgebluste slons van gisteren werd zelfs van de ene dag op de andere het zonnetje in huis, en dat zal Joseph geweten hebben...

Ook Pa Krüger scheen Joseph weer het licht in de ogen te gunnen en als hij hem toevallig in huis of op de stoep tegen het lijf liep, kon er zelfs een knipoog af. Hildegarde wist te vertellen dat de man op zijn fameuze lijst " Herr Peters Jean-Marie und Frau Krüger Gerda" als samenwonend op de tweede verdieping had genoteerd, samen met de familie De Bens. Vooral om zijn dochter daar administratief een vaste stek te geven, zei Hildegarde. "Ja-ja ,administratief" sneerde Joseph ,"wat dekt dat allemaal..?.Gerda als echtgenote ,om te beginnen zeker ?! Van dekken gesproken ,hé..." Hij lachte met z'n eigen geestigheid. Vooral opgelucht omdat er verder van een "Obersturmführer" geen sprake meer was...

" Op het gelijkvloers ,in Dahlmanns atelier ,wonen nu officieel Oma Teltow,- 't is te zeggen de schoonmoeder van Herr Krüger,- en haar kleinzoon Ari. Wij Weimars bezetten dus als vanouds onze eerste verdieping, het Belgisch echtpaar De Bens met hun zoontje en jullie jonge koppel het tweede, en op de mansarde slapen zogenaamd de twee meisjes De Bens, ook al is die zolder wegens zware dakschade voorlopig onbewoonbaar "...

"Tiens ",flitste het door het hoofd van Joseph: " Hoe zou Krüger zo vlug die schade aan het dak vastgesteld hebben ? Door een inspectie vanuit het buurhuis C ? Of misschien door de spiegeldeur van de roze kamer te forceren ?"...

Maar bij een latere controle bleek de geheime doorgang nog steeds vergrendeld alsof er nooit aan gemorreld werd...Joseph dacht nu gerust te kunnen slapen...Voorlopig nog in z'n eentje, maar hij had zo een vaag gevoel dat Pa Krüger van gedacht was veranderd. Het nieuwe complot van de buren leek er niet langer in te bestaan hem vlug naar België te laten deporteren, maar wel hem op een of andere manier aan de dochter te koppelen. Immers, die dooie zuigeling, waarover hij tegen Hildegarde zo hartgrondig zijn weerzin had uitgeschreeuwd, was nu van het toneel verdwenen. Opgeruimd staat netjes, zal vast iedereen heimelijk gedacht hebben. Koudweg bekeken kon Joseph, zélfs in de ogen van Frau Weimar, nu geen nieuwe reden meer aanhalen om Gerda nog te verstoten. Tenzij de recente dood van Phil hem nog tot een preutse terughoudendheid zou dwingen, natuurlijk. Wat Hildegarde al bij al wel kon aannemen van zo'n 'Netter Kerl' als haar gast...

De grauwe donderlucht boven Josephs relatie met heel de Krügerclan leek dus langzaam op te klaren, ook al vertrouwde hij die tweezak zélf nog voor geen cent.

Hij kon er beter van uitgaan dat hij vroeg of laat plots tóch heimelijk of vierklauwens de wijk zou moeten nemen en er ondertussen voor zorgen dat zijn rugzak permanent gepakt klaarstond. En om de week oefenen om vlug zijn "worsten' met Reichsmarken uit de bedstijlen te recupereren, ook in de roze kamer...En zoals hij al meer had overwogen zou het daarbij niet slecht zijn om alvast ver buiten Berlijn - in de westerse bezettingszone - een mogelijk toevluchtsoord te bedenken, dicht bij de Belgische grens bijvoorbeeld. Als dan de repressie daar wat op z'n einde liep moest het mogelijk zijn van Aken of Monschau uit een korte raid heen en weer naar de kust te maken, om wraak te nemen op Pylieser en consoorten...Plus ,niet te vergeten :de goudschat van Jup Deutinger uit de abri te "recupereren" ! Dat scenario moest hij toch dringend eens verder uitwerken, vond hij...Ook al stond er dan in Westende niemand meer op hem te wachten.

Maar goed...Als je de 'Tägliche Rundschau', het inlichtingenblad van de bezetter, mocht geloven hadden de Russen zelfs een week geleden ook in Steglitz een nieuwe burgerlijke districtsraad aangesteld die bevoegd was om het pure overleven van de bevolking ter harte te nemen. Dat omvatte vooral de zorg voor de volksgezondheid, de voedselbevoorrading, de huisvesting, het puinvrij maken van de straten en meehelpen met het herstel van het openbaar vervoer. De 'tijdelijke' herbenoeming van een verstokte nazi als Pa Krüger tot 'Blokoverste', was voor Joseph voorlopig het eerste teken dat het openbaar leven weer ontwaakte uit de coma van de laatste weken. Maar dat de Raad daarvoor beroep deed op de dienaars van het officieel zo verfoeide Hitlerregime bewees in zijn ogen de totale onmacht van het nieuwe bestuur.

Ondertussen begonnen ook de haastig hèr en dèr opgeworpen grafterpen van de slachtoffers die in de laatste gevechten stierven ,door de warmte verpestend te stinken. Joseph moest daarbij doorlopend aan Phil denken, in de bomtrechter naast het preventorium...Maar voor het ogenblik scheen de overheid niet over de middelen te beschikken om die lijken deftig te herbegraven op een kerkhof... Tóch moest dat er dringend eens van komen, want van overal kwamen berichten van een dysenterie- en een tyfusepidemie. En wat hij dàn met het stoffelijk overschot van zijn hartsvriendin moest aanvangen, spookte nog regelmatig door zijn dromen. Of beter gezegd :zijn nachtmerries... Met Plakpot-Martens op kop, lijkwit van de bluskalk en zingend van "Muss ich denn..."

De "Tägliche Rundschau" bazuinde ook triomfantelijk rond dat het Volksleger van de Sovjetunie uit eigen voorraden de voedselvoorziening van de Berlijners verzekerde. Maar Joseph had in heel de Albrechtstrasse nog maar één enkele winkel zien heropenen...Buiten sporadisch een wilde bedeling van stokoude broden of pekelharing, die door een paar stoïcijnse mongolen vanuit een vrachtwagen recht in de reikhalzende menigte werden gekeild, hadden de mensen nog niets gemerkt van een sterk opgehemelde nieuwe voedselaanvoer...

Wel werd er op de Rathausplatz sinds kort bijna doorlopend een soort "markt" gehouden, die heel vlug van aard veranderde. In de voormiddag kon je met veel geluk op de "Freie Markt" soms wat groenten of fruit veroveren, goedkoop en zonder rantsoenbonnen, maar die boerenkarren waren in een wip uitverkocht. Op de "Schwarzmarkt" in de hoek kon je soms écht voedsel krijgen, vlees en vet, maar wél schandalig duur. De ruilmarkt stond midden op het plein, en daar kon je met de Russen horloges en juwelen 'tauschen' tegen blikken vlees. Soms stond er zelfs een 'eerlijke markt' voor levensmiddelen tegen rantsoenzegels aan de officiële prijs, maar de bonnen werden slechts voor de helft gehonoreerd. En overal waar vrouwen 'aanschoven' was het hoofdthema van de gesprekken: 'Wat is de Reichsmark nog waard' en 'Wanneer komen nu eindelijk die laffe Yanks ! '

Van de heersende woningnood hadden ze in de 15b geen last, wel integendeel. Maar Krüger, die zogenaamd moest zorgen dat àndere daklozen in de beschikbare kamers gehuisvest werden, pleegde met zijn getreuzel machtsmisbruik om éérst de eigen familie een nieuw logement toe te kennen. En niemand tikte hem op de vingers...

Het puinvrij maken van de hoofdstraten en het omvértrekken van de scheve uitgebrande gevels en gebarsten muurpanden, daarentegen, schoot wél goed op. Dat had schijnbaar te maken met de komst van de Grote Drie Overwinnaars, Stalin ,Truman en Churchill ,hun gevolg en de vele persmensen, voor de geplande 'Conferentie' in Potsdam waarover al veel kwakkels de ronde deden. Maar in de zijstraten, zoals het doodlopende stukje van de 15b waar die journalisten nooit een voet zouden zetten, moest de grote kuis nog steeds beginnen en waren tussen de puinkegels van de ingestorte huizen enkel wat smalle paden vrij gemaakt.

Ook aan het openbaar vervoer werd hard gewerkt, en hier en daar werd in de stad op korte strookjes tramlijn al weer gereden, zij het bij voorrang voor de militairen die er hondsblij regelmatig op en af sprongen...Maar het stedelijk verkeer interesseerde Joseph maar weinig, want hij was sowieso niet van plan zich ver van huis te wagen om niet een tweede keer in handen van een soort 'Plakpot Martens' te vallen. Hij bleef meestal binnen om een oogje te houden op zijn 'schatkamer'...Zijn enig contact met de buitenwereld liep tweedehands over de Krügers, Neumann en Vati Weimar, ook al moesten die twee laatsten het vooral hebben van de roddels rond de waterpomp. Voor de meer geloofwaardige inlichtingen hield hij zich aan zijn kristalpost, ook al bulkte die dan walgelijk van de opgepepte sovjetpropaganda...

Pa Krüger zag hij slechts zelden, maar zijn dochter des te meer. Die was de laatste dagen opvallend opgewekt alsof ze nog nooit van een dode boreling gehoord had. Ze fladderde onbezorgd door heel het appartement rond alsof het àl van haar was. Wat, eerlijk gezegd, door de recente chantagedreiging van haar vader ,in feite ook klopte ! En Joseph mocht al blij zijn dat ze, voorlopig althans, de privacy van zijn slaapkamer een beetje eerbiedigde... Meer afgedwongen eerbied in feite, want hij hield die deur permanent op slot, goed wetend dat een rondsnuffelend vrouwmens onmiddellijk op die hoerige garderobe van Dahlmann zou vallen.

Joseph merkte ook dat Hildegarde ver aan het einde van haar keukenlatijn was gekomen. De eetwaren die ze op de vooravond van de Russische inval hadden buit gemaakt bij de plundering van het goederenstation, waren nu werkelijk volledig opgeteerd. Op de nieuwe rantsoenkaarten hadden ze maar met mondjesmaat wat eetbaars kunnen kopen, en dan in hoofdzaak nog gedeshydrateerde aardappelschijven. Die bewaarden wel goed, maar smaakten naar gekauwd karton. Samen met de ruime bedeling pekelharing kwamen die waarschijnlijk voort uit de zo geprezen voorraden van het Russische Volksleger. Door dagelijks niets ànders dan die rommel te eten bleef je wél in leven, maar psychisch ging je er aan kapot. Dus voelde Joseph dat het hoogtijd werd om Hildegarde op een paar pakken macaroni van Dahlmann te trakteren...

Weer tranen van geluk, natuurlijk, en ook knorrige Vati ging door de knieën toen hij een heel pakje Chesterfieldsigaretten cadeau kreeg. En beiden zwoeren ze dure eden dat ze Joseph tot hun laatste snik tegen de afpersing van Pa Krüger zouden verdedigen...Die kreeg plots een nieuw naamplaatje: "Dieser unverschämter Volksverräter ! Eine Schande für Deutschland ! " Maar tóch voelde Joseph achter hun tranen weer hun argwaan tegenover zijn vrijgevigheid opduiken: waar haalt die vreemde vent in godsnaam al die schatten vandaan ?!

 Met Krügers volgende stunt kregen ze nachtwerk. Naar hij zei eisten de Sovjets dat aan elk bewoond huis binnen de week vier vlaggen zouden wapperen van minstens 1,8mx1m: een Russische, een Amerikaanse, een Britse en...jawel, een Franse ! Voor het vinden van de stof en het aaneennaaien van de kleurpanden waren de bewoners collectief verantwoordelijk. Op nalatigheid stond als straf, zowel voor mannen als voor vrouwen: puinruimen of het voort afbreken van de nog talrijke wegversperringen.

Hildegarde vond nogal gemakkelijk de nodige rode en witte stof, maar blauw was écht een probleem. Zélf verven bleek uiteindelijk de enige oplossing. Gerda kwam met een paar zakjes blauwsel voor de was aandraven, maar dat kleurde niet genoeg. Pas toen Joseph teneinde raad heel de inktvoorraad van Dahlmanns bureau in de verfpot goot ,begon het spoelsel min of meer op bleek koningsblauw te trekken...Het duurde ook even voor hij een giechelende Gerda zover kreeg dat ze met een kartonnen mal 96 sterretjes uit een oud fluwijn knipte en ze vervolgens in zes rijen van acht op weerszijden van de blauwe lap begon te driegen. Waarom die Amerikanen absoluut zo'n ingewikkelde vlag hadden willen kiezen, vond iedereen nogal pueriel.

Maar onderwijl spraken de naaisters en knipsters slechts over één onderwerp: de Amerikaanse soldaten ! Dat het allemaal jonge gasten waren die wél vet aan hun lijf zouden hebben, en daarbij lacherig en vrijgevig waren op de koop toe. Natuurlijk graag vrouwen versierden en doorlopend chocolade of sigaretten in het rond smeten. En vooral minder haatdragend tegen de Duitse burgerbevolking waren dan bij voorbeeld de Fransen en de Britten: hun vaderland was immers nooit aangevallen door de Wehrmacht en zij hadden dus geen reden om voor wàt-dan-ook weerwraak te moeten nemen. Als ze ten andere al die steden zullen zien die door hun barbaarse bombardementen totaal uitgemoord werden, zullen ze zéker als ieder goede christen wroeging krijgen en het op één of àndere manier willen vergoeden.

Met de komst van de Yanks zou 'alles' wel vlug beter worden, dachten de dames van het naaiatelier, Gerda op kop ! En Hildegarde hoopte dat die gasten de Russische zwijnen wel eens een lesje zouden leren ! Maar toen Ma en Oma Krüger daar niet geestdriftig op inhaakten verklapte Gerda ten slotte dat haar Pa lid geworden was van de pas opgerichte Kommunistische "Einheidspartei Deutschlands"...Het was gedaan met het openlijk ophemelen van de Yanky-Boys ! Hoogstens kon nog wat voort geroddeld worden over de 'Werwolf' die verdacht werd terreuraanslagen tegen de bezetters te plannen. De Russen gingen die geheime organisatie krachtig onderdrukken, zei Frau Krüger, en vijftig nazi's ophangen voor elk sovjetslachtoffer...Al goed dat ze de vlaggen na drie-vier dagen konden buiten hangen en het atelier sluiten, want de lol was er definitief af...

 

Op woensdag 6 juni maakten ze een grote stap voorwaarts in hun nieuwe 'rode' wereld. Enerzijds werd bekend dat alle districten van nu af autonoom bestuurd zouden worden, zeg maar als zelfstandige administratieve republieken. Dat hield bijvoorbeeld in dat, wie om dringende redenen wilde verhuizen naar een ànder Berlijns district, lange vragenlijsten moet invullen en onbesproken personen als borg moest vermelden vóór de districtsraad de aanvraag ook maar in overweging wilde nemen...Dit voorafgaand onderzoek werd verricht door de ANTIFA, een groepering van zelfverklaarde 'zuivere antifascisten' die hoe langer hoe meer, vrijwillig en ongevraagd, hun greep op het publieke leven verstevigde. En de kandidaat-emigrant eindeloos liet wachten voor hij daar eventueel een visum voor ontving. Maar de verklikkingen, waarnaar in de vragenlijsten gevist werd, konden wél met bekwame spoed afgehandeld worden...

Anderzijds kreeg Steglitz diezelfde dag opnieuw electriciteit, wat Vati aan de spreuk van Lenin herinnerde dat "Het bolsjevisme gelijk was aan het socialisme, maar dan mét electrische stroom !" De ouwe scheen door die 220 volt helemaal op te kikkeren, want tegen Joseph sneerde hij dat het tijdperk van de kristalpost nu definitief was verstreken ! Afwachten, zei deze, want de grote gecompliceerde radio in Dahlmanns salon deed voorlopig niets dan brommen en fluiten...Waarschijnlijk was het een verlaat protest van dat luxemeubel tegen de ruwe behandeling door nazaten van Djengis Kahn, een dikke maand geleden.

Hoe dan ook, de eerste dagen zou hij uit dat monster niet veel hoopgevende nieuws kunnen puren ! Uit zijn kristalpost al evenmin, ten andere, want dààr hoorde hij steeds maar kletsen dat Russen en de Amerikanen het over niéts eens waren, en zéker niet over de nieuwe zonegrenzen ! Maar zonder akkoord kwamen er géén Amerikanen naar Berlijn, en zónder Amerikanen geen conferentie van de Grote Drie in Potsdam...De vrede was in élk geval nog niet voor morgen !

Nu er - af en toe toch - stroom was, sloeg Hildegarde aan het kokkerellen. Zonder zout of bouillonblokjes rook of smaakte haar "Eintopf" soms héél vreemd door de culinaire vondsten met ersatzpigmenten die ze in de 'slang' her en der hoorde aanraden. Maar het was warm eten, en dus al een flinke stap vooruit.

 

Na de noen van donderdag 15 juni kregen de bewoners van 15b plots een paar spoken uit het verleden op hun dak. Hildegarde riep dringend Joseph naar beneden en aan haar schrille stem hoorde hij onmiddellijk dat er een haar in de boter zat. Kwam de ANTIFA hem aanhouden misschien ? Een ogenblik dacht hij aan vluchten, maar loerend in de trapzaal meende hij stemmen te herkennen...

En inderdaad, het waren Pa de Bens en zijn zoon Miel, waarvoor Hildegarde de trap naar de tweede verdieping versperde. Joseph riep hen naar boven, zéér tegen de zin van Frau Weimar én Gerda, die ook was komen aanlopen. De begroeting op de overloop van de tweede verdieping verliep wat stijf en kil, vooral toen Joseph de bezoekers diets maakte dat de familie van buur en blokoverste Pa Krüger nu bezit had genomen van hun vroegere woonst... Gelukkig nam De Bens dat nogal filosofisch op want, zei hij, ze waren van plan in hun villa in Dahlem te blijven tot ze op een deftige manier terug naar Middelkerke konden reizen. Hij kwam maar even kijken of hier nog wat van hun kleren en proviand gerecupereerd kon worden...

Deze vraag werd door Gerda op hoongelach ontvangen: Kleren, zei u ? En proviand ? Nooit van Russen gehoord zeker ?! Steppekrijgers die lijk de vernielzuchtige Hunnen een bloedig spoor van moorden, plundering, verkrachting en meer van dat moois achterlieten ? Wel die waren ook hier in de Albrechtstrasse gepasseerd en hadden er twee weken lang hun lusten botgevierd. Niéts hadden ze héél gelaten, alles dooreen gesmeten en volgescheten wat ze niet konden meenemen...In de kelder lag nog een hoop kleren en beddegoed, of zeg liever 'vodden': misschien kon meneer dààr zijn gading in vinden ?!

Joseph legde haar gebiedend het zwijgen op, om wat beleefder af te ronden: " Zo erg is het wel niet, maar véél kans om nog iets van waarde te redden kan ik u écht niet geven...En voedsel zéker niet: wat nog niet gestolen was hebben wij de laatste weken natuurlijk zélf opgegeten..."

Dat begreep Pa De Bens heel goed. Maar moest Joseph soms persoonlijke papieren van hen vinden of iets van waarde dat duidelijk van hén was, wilde hij het dan zolang bewaren ? Tegen het einde van de maand zouden ze nog eens langskomen...

" En ik moest van Françoise jou en Phil de beste groeten doen ! Gaat het zo'n beetje met haar ?"

Joseph keek hem even verwezen aan, maar vermande zich vlug: " Phil is dood, Pa...En ik denk dat Françoise dat wel geweten heeft, nadat die Rus hier in de kelder heeft staan schieten met zijn mitraljet, juist vóór we op 27 april geëvacueerd werden. Maar ze heeft het mij toen niet durven zeggen, denk ik...Niet dat het veel geholpen zou hebben, want Phil kreeg een verloren kogel door de keel en is binnen de minuut gestorven...Ik heb haar na mijn terugkeer hier in de kolenkelder gevonden, bedolven achter een muur van bruinkoolbriketten...We hebben haar voorlopig begraven in het parkje van het preventorium, hier naast..."

De jonge Miel scheen het drama maar half te snappen en wilde het jolig over een andere boeg gooien: " Zeg, en uw kleine broer Leon, die ook een tijdje op de Fehrbelliner Platz zat en dan naar de Kriegsmarine trok ? Weet U dààr al iets  van ?"

Joseph haalde de schouders op en staarde in de verte: "Die is hier in de straat gesneuveld, tijdens de laatste gevechten en werd op het Martinuskerkhof begraven...In een massagraf ,'Grube drei'..."

Pa De Bens leek erg aangedaan door al de catastrofes die Joseph de laatste weken over zich heen had gekregen. Van de frisse snedige SS-Oberscharführer die hij gekend had bleef slechts een leeg kreupel wrak over. "Ach, wat erg...Mijn deelneming, jongen..." was alles wat hem te binnen viel.

Of ze nog lang in Dahlem dachten te blijven, vroeg Joseph om beleefd af te sluiten.

" Tot de Amerikanen er zijn, en dan op ons gemak terug naar huis in België...En gij ?"

" Ook zoiets, hé...Dat ze me daar maar in den bak steken, als ze dat plezant moesten vinden: mij kan dat allemaal niet zoveel meer schelen..."

Pa De Bens begreep dat er nog maar weinig te zeggen viel en droop stil af.

Hoe vind je dit bericht? 9 stemmen
Geschreven door jaakmaes om 00:00 Reageer op dit bericht

Deel 335

DE AMERIKAANSE DROOM.

 

                                             Berlijn begin juli '45.

De zomer begon onder een zeer slecht gesternte. De hitte overdag was nauwelijks te harden en de dorst werd een groot probleem. Het bruine vocht dat nu op onregelmatige tijden uit de kraan liep kon je bezwaarlijk water noemen, en er van drinken werd officieel levensgevaarlijk verklaard. Zelfs gekookt bleef het verantwoordelijk voor de grootste epidemie van dysenterie en tyfus die Berlijn ooit gekend had. Iedere dag braken er nieuwe besmettingshaarden uit en het geteisterde medico-sanitair apparaat van de vroegere Reichshauptstad kon deze dodelijke vloedgolf onmogelijk aan.

Plots werden de Russen de aftakeling beu en besloten het probleem op hùn manier van de baan te ruimen. Joseph had de snelle evolutie van het prestigeconflict tussen de overwinnaars over de radio kunnen volgen. Nu het vast stond dat de conferentie van de Grote Drie sowieso binnenkort zou doorgaan in Potsdam, wilden de Russen met allerlei pesterijen laten zien dat zij hier de baas waren. Maar de Amerikanen maakten hen meteen duidelijk dat zijzelf, hoe dan ook en desnoods met geweld, ruim vóór het begin van de conferentie hun zone in Berlijn gingen bezetten, ondanks het sanitair cordon. Zo voor het blok gezet wilde de Rus geen gezichtsverlies lijden. Hij kon niet voor het oog van de wereldpers een besmettelijke ziektegolf in Berlijn als alibi gebruiken om deze grote conferentie op te blazen. Daarmee zou hij zijn onmacht bekennen om een dodelijke epidemie in de vernielde Rijkshoofdstad te bedwingen. Dus verhuisden ze gewoon die epidemische besmetting met zieken en al naar de groene gordel búíten de stad. De reeds overvolle lazaretten en noodhospitalen in deze bosrijke gebieden werden vooraf verplicht hun herstellende patiënten binnen de 48 uren te evacueren naar opvang in steden verder weg van de agglomeratie. Et voilà, probleem opgelost !

Met de dreiging die van de rottende lijken uitging maakten ze ook korte metten. Op de vier hoeken van Berlijn richtten ze nieuwe begraafplaatsen in, samen goed voor kilometerslange massagraven. Alle nazi's werden opgetrommeld om de voorlopige zerken in de stad te ledigen en verantwoordelijk gesteld voor de lijkenadministratie. Aan de vele lijken die nog diep onder de puinhopen van de ingestorte woonblokken lagen konden ze voor het ogenblik niets uitrichten: daar moesten de ratten maar voor de opruiming zorgen...Maar voor de rest leverde de Rus massaal het vervoer en de bérgen ontsmettingskalk waardoor het gros van de klus binnen de twee weken was geklaard.

Familieleden die tóch een persoonlijke noot aan de herbegraving van hun geliefden wilden geven, konden het glorieus vergeten: die liepen maar in de weg van het gevoelloze bandwerk en kregen zelfs geen toegang tot de kerkhoven. Alles moest zo razend vlug gebeuren: Pa Krüger verwittigde Joseph dat ze Phil die morgen uit het parkje van het preventorium gingen ontgraven, en toen hij ging kijken reed de camion middenin een kalkwolk al weer weg ,de hoek om. Nadien is hij er nooit in geslaagd haar nieuwe laatste rustplaats te achterhalen...Dat hij daar ook niet veel moeite voor deed vond Hildegarde niét zo netjes van hem. Maar van dat éne 'slechte punt' lag hij écht niet wakker: hij had àndere zorgen.

Op 26 juni vreesde Joseph dat een stom incident op een ramp zou uitdraaien. De Russische stadscommandant, de Generaal Bersarin, stierf in volle centrum bij een auto-ongeval. Omdat er eerst sprake was van een aanslag door de Werwolf reageerde de bezetter brutaal met het uitroepen van de krijgswet. Plots wemelde het in de stad weer van bitsige soldaten, en werden her en der opnieuw massaal 'verdachten' opgeschept. Maar toen de Russen twee dagen later meesmuilend toegaven dat de schuld voor de botsing lag bij de vrouwelijke verkeersagente op het kruispunt én een ordinaire klapband, zakte de koorts onmiddellijk. Ook al bleven veel 'opgeschepten' vanzelfsprekend voorlopig achter slot en grendel...En verdwenen jammer genoeg terzelfder tijd op de grote kruispunten al de parmantige 'vendelzwaaisters' plots van het toneel...

Met dezelfde vrachtwagens die de lijken hadden opgeruimd begonnen de Russen vervolgens op grote schaal meubilair van de burgers te stelen. Ze braken nu heel willekeurig onverwachts ergens in, niet meer om te verkrachten of op jacht naar 'Uhr !',maar gewoon om Matka's stulpje op de Russische steppe met een nieuw salonbuffet op te fleuren. Later zou blijken dat ze daarbij vooral de toekomstige Amerikaanse sector hadden leeg geplunderd...

Dat de Amerikanen - en waarschijnlijk ook de Britten, maar daar sprak men niet over - al een tijdje stonden te trappelen om naar hier door te stoten, wist onderhand het kleinste kind. En iedereen maar dromen van overvloedige maaltijden met vette worsten en zoete desserts met slagroom en ananas...Maar in de 'Tägliche Nachrichten' werd er met geen woord over die toekomstige wittebroodsweken gepiept, wél over de reusachtige inspanningen van het sovjetvolksleger om de Berlijnse bevolking te voeden... In het krantje ging het grote nieuws enkel over het bezoek van de Russische minister van buitenlandse zaken Mikojan. Die had plechtig verklaard bij een ontvangst ten stadhuize dat de schuld voor de misdadige oorlog niét lag bij het Duitse volk, maar enkel bij haar fascistische leiderskliek. Dàt vonden de mensen nu eens interessant, zie ! ...

Pas op 30 juni hoorde Joseph op de radio de bevestiging van het gerucht dat een voorwacht van hogere Amerikaanse officieren in Berlijn was aangekomen. Die moesten kwartier maken voor hun bezettingstroepen die nu kortelings toch gingen volgen. Eindelijk ! ...En iedereen knoopte aan deze vlieger het staartje dat hem het nauwst aan het hart lag. Vati en Neumann pepten elkaar op met het vooruitzicht op 'deftig' rookgerief, en Hildegarde hield het klassiek bij 'Bratkartoffel' met een vette worst...Joseph zag in de aankomst van de nieuwe machthebbers dan weer het einde van zijn onderduikersbestaan en de herwonnen vrijheid om te gaan en te wonen waar hij maar wilde.

Gerda was pienter genoeg om op dezelfde lijn van gedachten bij een ànder eindstation te belanden. Als de Russen hier wegtrokken verloren de Krügers meteen hun beschermheren en was het gedaan met de chantage die ze onder het mom van blokoverste op de buurt konden uitoefenen. Als ze desondanks Joseph nog aan zich wilde binden, zou ze van nu af de forcing moeten voeren...

Reeds de volgende morgen stortte haar wereld in. Joseph zat nog lui na te tafelen met Vati, elk genietend van een bedwelmende Chesterfield, toen plots Françoise De Bens en haar broertje Miel op de drempel stonden. Uit haar nogal zenuwachtige uitleg begreep hij dat de Amerikanen heelder villawijken in Dahlem voor de inkwartiering van hun kader hadden voorbestemd, waaronder natuurlijk de woning waar haar familie  destijds ongevraagd was ingetrokken... Op het districtbestuur konden ze de voorziene uitdrijving van de Duitse bewoners nog niet officieel bevestigen, zei ze, al lag het natuurlijk wél in de lijn der verwachtingen, hé...En zohaast er zo'n ontruiming bevolen werd, zouden ze maar twee uur krijgen om hun matten te rollen en de hele inboedel moeten achterlaten ! Een verwittigd man...enz...Als zoethoudertje beloofde het Rathaus de uitgedreven burgers geen stokken in de wielen te steken als die op eigen kracht een nieuw onderkomen zouden vinden...liefst van al nog in een ander district, hé !

Nadat ze zo het algemeen dramatisch kader had neergeplant, kwam de aap uit de mouw: " Hier staan we dan, hé Joseph...In afwachting dat we op een deftige manier naar België kunnen weerkeren, zien wij op eerste zicht geen àndere mogelijkheid dan weer ons oud appartement hiér te betrekken, hé...Met een beetje goede wil van iedereen..."

"Ja... Wel ,Françoise, ik denk dat ge tegenwoordig ,jammer genoeg moet ik zeggen ,niet teveel op goede wil van iedereen kunt rekenen ..." begon Joseph voorzichtig.

Maar zij liet zich niet van de wijs brengen: " Voor alle zekerheid ben ik natuurlijk éérst in het Rathaus van Steglitz mijn licht gaan opsteken, hé ! En ik heb ontdekt dat wij nog altijd op dit adres ingeschreven staan op het tweede verdiep, dat nu deels bezet zou zijn door een jong samenwonend koppel...Peeters Jean-Marie met Krüger Gerda ? Gij dus, samen met een ongetrouwde moeder, klopt dat ?... Ha ja, ik vergat het bijna: mijn oprechte deelneming, hé Joseph, voor het overlijden van Phil ! ...Maar naarvolgens dat ik zie ben ik blijkbaar niet de enige die haar rap vergeten is, hé !...Weet ge nu al waar ze begraven ligt ?"

Joseph negeerde de sneer: " Zo rap zie ik jullie toch niet terugkeren, hoor Françoise, al heb ik daar persoonlijk natuurlijk niets op tegen hé ! Want ge hebt mij en Phil destijds ook hier onderdak gegeven toen wij werden uitgebomd. Dus...En eventueel kan ik zelfs mijn slaapkamer daar op het tweede ontruimen en definitief hier bij de Weimars intrekken: geen énkel bezwaar, kind...'t Is niet omdat je destijds mijn wulpse avances op het bureau hebt weggelachen dat ik nu nog een wrok tegen jou zou koesterten ,verre van...Maar met de àndere bewoners zult ge méér last krijgen. Héél de familie Krüger heeft namelijk een oogje op de woonruimte van de 15b in 't algemeen en op het tweede verdiep in 't bijzonder...En liefste schat, zoals gij u misschien nog herinnert, is meneer Krüger hier de blokoverste...Dat hij op papier, en zonder mij verder iets te vragen, zijn dochter alvast aan mij heeft gekoppeld is zo'n beetje mijn levensverzekering in deze bange tijden. Gerda is niet bij de lelijkste en ik spuw niet in de soep die ze mij gratis voorzetten...Maar wees gerust: aan 'bijeen slapen' ben ik voorlopig nog niet toe :de plaats is nog altijd vrij... Alhoewel, als het kouder wordt, 's nachts..."

" Och, bedankt voor het aanbod ,maar de tijden zijn ondertussen wél een ietsje veranderd ,hé Oberscharführer ! Maar mijn zegen héb je hoor ,als je op die Gerda wil kruipen en in zonde gaan leven !... En ik die vreesde dat je hier weer met mij zou aanpappen ! Man, is dàt een pak van mijn hart ! " spotte zij.

Joseph grijnslachte mee: " Ik zeg wel 'voorlopig' hé, want als gij hier alle vroegere ruimte gaat opeisen, zal ik wel verplicht zijn samen met ons Gerda zondig te gaan kameren. De keus is aan u. Maar vergeet niet eerst eens met de blokoverste Krüger te babbelen. Als hij het dak repareert wordt de mansarde bewoonbaar. Voor mij, met m'n ene poot en al die trappen, is die hoogte te vermoeiend, maar 't is misschien wél iets voor jou, Miel en Rika, hé ?..."

" Zeg Joseph, gij schijnt nogal bang te zijn van uw nieuwbakken schoonvader ! Dat was toch een opgefokte nazi, hé ?! Die zal nogal een post pakken als de Amerikanen hier zijn ! Indien hij wat verstand heeft, kan hij toch beter géén ruzie maken met Belgische staatsburgers die door de nazi's naar hier gedeporteerd werden en nu eindelijk door de Amerikanen zijn bevrijd..." Ze lachte eens scheef: " Ja-ja, meneer Peeters, mijn Pa was ten andere heel content te horen dat zijn jonge hulpkok van de Frits Werner fabriekskeuken uit de dood was opgestaan ! Ge ziet: gij en wij zitten in hetzelfde schuitje, weet ge..."

" Denkt ge dat Herr Krüger dat slikt ,van dat deporteren ? Met mijn nieuwe naam heeft hij al duidelijk zijn twijfels laten blijken, ook al heeft hij mij nooit in vol uniform gezien. Maar gij hebt hier destijds in 't gebouw zo opzichtig geparadeerd met uw werk op het SS-Hauptamt, en hem zelfs met Weihnachten daarmee om de oren geslagen ! Dat is hij vast en zéker nog niet vergeten ! "

" Hij heeft er ànders alle voordeel bij dat wél te vergeten ! Ik heb de laatste tijd al veel ex-partijleden daar moeiteloos van kunnen overtuigen: mannen die wél voorlopig hun oude postje in het nieuwe bestuur konden behouden maar zélf op een losse schopstoel staan, hé... Wie hen verraadt, wint volgens de ANTIFA op twee borden: die vent vliegt voor eeuwig naar Siberië én zijn vertrouwensplaats hier komt vrij..."

" Françoise, stopt alstenblieft, ik kan niet om met verklikkers ! Plakpot Martens - ja , die van ons buro -  heeft dat met mij ook geprobeerd en hij ligt nu in een massagraf op 't Martinuskerkhof..."

" Tiens, is Martens óók dood ?" meesmuilde ze.

" Ja, hier van 't derde uit het venster gevallen... Da's tegenwoordig een heel gevaarlijk beroep, verklikker."

Françoise leek even zwaar na te denken: " Verklikken zou ik nooit doen, maar er subtiel mee dreigen is veel productiever. Zolang ge maar kleinigheden vraagt die geen pijn doen: een brood hier, een 'Schein' daar...En nu dat de Amerikaan het binnenkort voor het zeggen krijgt, maar van het politieke kluwen hier geen jota begrijpt, zal dat tussen mij en de oud-nazi's steeds vlotter gaan ! Onder het mom van 'Broeders in de Misdaad', zeg maar...En in dat milieu geeft onze Belgische pas ons een extra wapen.. Dat zal ik onze Herr Krüger eens rap onder de neus duwen, zie ! Ge hoort nog van mij. En een goede raad Joseph: trouwt niet te rap met die Gerda, hé ventje ! Dat lijkt mij zéér vermoeiend, en je zal in de komende maanden al je krachten nodig hebben om niet in deze stontzooi te verdrinken ! Salu, vent, tot binnen kort hé ! En hou ze warm !"

In de vroege morgen van 3 juli ging eenieders droom dan eindelijk in vervulling. Eindelijk ja, na dit maandenlang smachten, maar toch nog vlugger dan verwacht:

"De Amerikanen zijn er ! "

De mare ging reeds bij dageraad opgewonden rond van huis tot huis, zoals de christenen de Messias aankondigden: de Yanks waren in Steglitz ! ! Met dreigende tanks op de Marktplatz, het Bahnhof en de voornaamste kruispunten van de Albrechtstrasse ! En ook met van die belachelijke platte autootjes waarin steeds vier slungels gemaakt nonchalant zaten te herkauwen: nogal een idioot zicht. Maar deze Yanks leken helemaal niet zo'n jolige losbollen, zoals oudere Berlijners zich de cowboys uit de Hollywoodfilms herinnerden: dit waren eerder verbeten en norse vechtjassen. Ze keken hautain en gespannen dwars door de opgewekte nieuwsgierigen heen, als waren ze lucht. De half opgerookte sigaretten vermorzelden ze treiterig onder hun dikke rubberzolen. En als er al eens één onachtzaam een peuk tussen de kwijlende omstaanders wegschoot, leek hij amper het gevecht op te merken dat hij daarmee tussen de gore blonde bengels veroorzaakte... Oudere heren, die hun 'bevrijders' kruiperig in gebroken Engels welkom wilden heten, werden hooghartig genegeerd of zelfs afgeblaft..."No fraternisation !"

Neumann die naar het Bahnhof was gaan kijken, bleek bij zijn thuiskomst helemaal van zijn melk: " Hoe is het mógelijk ! De oorlog is toch al màànden voorbij ! Die ongelikte beren lijken ons wel te hàten, zeg ! Terwijl wij hén toch nooit iets misdaan hebben hé ! Het zou eerder omgekeerd moeten zijn, met al onze prachtige kultuursteden die zij met hun barbaarse 'bombenterror' totaal vernietigd hebben ! Je zou op den duur nog de Rus betreuren: dat was wel een wraakzuchtig monster, maar iedere eerlijke Duitse soldaat wist tenminste waarom ! "

Daarmee was de toon gezet.

De volgende dagen verliepen in totale verwarring. De cowboy op z'n witte paard bleek al vlug helemaal geen redder in de nood. Alhoewel de Amerikanen met al hun voertuigen - én de negerchauffeurs ! - het straatbeeld volledig bezetten, waren daarmee de Russen nog niet uit de wijken verdreven. Die gingen ongestoord verder met hun systematische plundering van de burgerhuizen in de westerse districten. En als de vrouwen zich tegen het stelen van hun huisraad door de Ivan durfden te verzetten tot ze afgerammeld werden, deden de Yanks gewoon of hun neus bloedde ! Erger nog: zohaast de Amerikaan het bestuur van zijn districten opeiste, sloten de Russen doodleuk de bevoorrading van de plaatselijke markten af. Met als gevolg dat reeds na drie dagen van Amerikaans bestuur de hongersnood voor de deur stond ! Zelfs de zo misprezen pekelharingen van het Rode leger waren nergens meer te krijgen.

De toestand liep helemaal uit de hand toen bleek dat de Russen zorgvuldig alle meubels hadden weggesleept uit de huizen die de Yanks uitgekozen hadden voor hun eigen inkwartiering. In plaats van de plunderende Russen op het matje te roepen, gingen de Amerikanen in der haast zélf op rooftocht en vulden uit de burgerhuizen van de belendende wijken hun ontbrekend meubilair aan.

Toen dàt bekend werd vreesde Joseph dat ze ook bij hém wel eens de twee 'brandkastbedden' onder zijn gat konden weghalen, samen met de verdoken schat in de hoekstijlen...Het ledikant van Dahlmann stond in de roze kamer voorlopig veilig verborgen, maar met dàt in zijn achterkamer op het tweede moest dringend iets gebeuren.

Voor de helft van deze bankbriefjes had hij al lang een zekere bergplaats bedacht. Dus viste hij de rits opgerolde bankbrieven en de vijf goudstukken weer uit de bedstijlen en verborg ze met veiligheidspelden in de opgeplooide broekspijp van zijn beenstomp. De uitvoering van dit plan nam zowat de rest van de morgen in beslag en hij merkte dat Gerda razend nieuwsgierig werd naar wat hij daar uitstak. De rest van zijn schat verpakte hij stevig in zwart verduisterpapier en mikte de omslag in de plafondholte tussen de juffers waar hij vorige maand de boekentas van Betaalmeester Dahlmann had uitgewurmd.

Zo ,opgeruimd staat netjes ! 

Bij het avondeten wist Hildegarde te vertellen dat Pa Krüger inderdaad van de U.S.Administration de bons gekregen had als blokoverste. Joseph vond dit een mooie gelegenheid om het echtpaar op een borrel te trakteren. Maar toen hij daarvoor in zijn geheime provisiekast dook, merkte hij tot zijn ontzetting dat niet alleen alle dozen en pakjes met een laagje groene schimmel bedekt waren maar ook de drie buitenmaatse worsten ! En de ene die reeds aangesneden was leek net goed voor de vuilbak. Maar toen hij die ietwat gegeneerd aan Hildegarde toonde, viel die haast in katzwijm van verrukking: "Ach das macht doch nichts, Herr Josef ! In die Suppe schmeckt das köstlich ! Gib'schon hier, du Engel ! "...

Alles goed en wel, maar zijn proviand kon hij in elk geval zo niet op zijn kamer laten verkommeren. In de huidige omstandigheden zou dat werkelijk misdadig zijn: hij moest die dozen aan de goede zorgen van Hildegarde toevertrouwen. De twee oudjes moesten dan maar zorgen dat al dat eten verhuisd geraakte van de roze mansardekamer naar Josephs logeerkamer bij hen op het eerste, en zorgen dat al die schimmel verdween. Dus besloot hij volgende morgen open kaart met haar te spelen...

"Frau Weimar, en ook u, Herr Weimar, " begon hij plechtig na het ontbijt: "Moet je eens luisteren: ik weet dat ik u kan vertrouwen en geloof dat gij van uw kant ook mij vertrouwt. Wij moeten over eten een goed akkoord sluiten, zoals we er ook één hebben over mijn betaald logies hier tot het eind van augustus. Toén hebt u gemerkt dat ik over wat kapitaal beschikte, en ondertussen vermoed u ook wel dat ik een geheime bron heb van lekkernijen die ik soms op tafel zet, nietwaar ?!"

Hildegarde hing roerloos aan zijn lippen en slikte als de hond van Pavlov driftig haar opwellend speeksel weg.

" Ik wil deze geheime voorraad vrij ter beschikking stellen van ons huishouden en speciaal van u, Hildegarde als onze huishoudster. Maar ik stel één voorwaarde: ik wil tot eind augustus beetje bij beetje van deze voorraad kunnen meeprofiteren en dus moeten we het verbruik over de volgende vijfenzeventig dagen uitsmeren. Dat zal per dag maar een klein toemaatje zijn op ons gewoon rantsoen. Maar alle beetjes helpen en tegen eind augustus zullen de Amerikanen de voedselbevoorrading wel meester zijn..."

Omdat Hildegarde stil begon te huilen, maakte Joseph het kort. Hijzelf zou nog deze voormiddag in zijn kamer op het tweede het eten uit de geheime bergplaatsjes opdiepen en Vati was onmiddellijk akkoord om met een boodschappentas die proviand in een tiental 'ritten' naar beneden te dragen. Discreet natuurlijk, want Gerda mocht niet weten wàt er verhuisd werd. En Hildegarde moest maar zien hoe ze de schimmeluitslag de baas werd, vooraleer het onder Josephs bed in haar logeerkamer te stouwen...

Juist op tijd overigens, want het werk was nog maar pas achter de rug of Ma De Bens hing al aan de bel van de tweede verdieping. Toen Gerda op haar gebonk open deed stoomde het slagschip onvervaard het appartement binnen. Wat deed die kleine slet feitelijk in hààr keuken, zeg ? En wilde zij eens als de bliksem die vieze toiletrommel uit hààr badkamer halen ?! Toen Gerda pruttelend probeerde op te werpen dat zij hier tenslotte wóónde, leek Ma plots te verstijven.

" Wat ?! Dat zou je wel willen ! Goed luisteren hé kind: IK woon hier! IK, dat wil zeggen: de familie De Bens ! Wij, en niemand anders ! En hoepel nu maar op ! "

Joseph was ondertussen de trap opgeklommen om ZIJN achterkamer met hand en tand te verdedigen, maar Ma had daar geen oren naar: " Ha, Joseph Petré ! Jongen, wat komt gij hier doen ? Volgens de lijst van het stadhuis wordt die achterkamer toch betrokken door Jean-Marie Peeters en zijn lief ? En waar woont gij dan ? Ach ja, beneden bij de Weimars, heb ik gehoord...Wel, moeit u dan hiér beter niét in de discussie, hé jongen..."

Joseph herkende onmiddellijk de tactiek die haar dochter Françoise hem een paar dagen geleden nog cynisch uit de doeken had gedaan: labiele oud-nazi's van hun schopstoel kegelen. En Ma De Bens scheen daar al zéér bedreven in te zijn !

De toegelopen Pa Krüger kreeg evengoed de wind van voren: of hij dacht hier nog de kleine Hitler te kunnen uithangen ? De Amerikanen hadden hem toch afgezet als blokoverste wegens zijn nazi-verleden hé ? Of hij dan als de bliksem de vloer eens wilde ontruimen ? Want zo'n inmenging noemde ze huisvredebreuk, Okee Capito ?!

Na een uur van vinnig bekvechten kwamen ze toch overeen dat de familie De Bens morgenmiddag het appartement opnieuw zou betrekken, totaal én volledig, op de achterkamer van Joseph na, en dit uiterlijk tot 15 augustus. Tegen die tijd zou iedereen wel teruggekeerd zijn naar België en kwam de woonst volledig in handen van de familie Krüger.

 Joseph besloot evenwel verder bij de Weimars te blijven eten en slapen, maar zich overdag als 'huurder' van de achterkamer op het tweede terug te trekken, in hoofdzaak om er zijn bezittingen in het oog te houden.

Gerda was van het toneel verdwenen en scheen troost te zoeken bij haar ouders. Volgens Hildegarde kon de jonge vrouw een beetje nestwarmte goed gebruiken want ze had twee dagen na elkaar ferme morele opdoffers gekregen. Maandagmorgen was er die bedelaar geweest, die op de dorpel van de Krügers had geslapen en uitgeput om een slok water en een korst brood had gesmeekt. Hij was een maand geleden ontsnapt uit een Frans krijgsgevangenkamp: tien keer érger dan de hel ,die Fransozen ! Uitgehongerd, waagden ze voor een kom soep iedere dag hun leven bij het opruimen van mijnen in de bossen van de Elzas. En als het niet rap genoeg vooruit ging werden ze nog door Senegalese negers afgeranseld op de koop toe...

Toen Gerda dat hoorde moest ze aan haar man denken die misschien ook daar gevangen zat. Dacht ze. Maar de volgende dag, toen plots de post weer scheen te werken, kreeg ze een officiële brief, nog afgestempeld met de Duitse adelaar: "Uw echtgenoot Schniering Ernst, stamboeknummer zoveel en zo voort, IS VERMIST SINDS 5 SEPTEMBER 1944, WAARSCHIJNLIJK GESNEUVELD. IN NAAM VAN DE FÜHRER EN HET DUITSE VOLK...enz"...Het bericht was wél al bijna een half jaar oud, waarschijnlijk verloren geraakt in het débacle van de overhaaste aftocht uit Frankrijk, maar Gerda was er toch nog flink door gepakt.

 Bij Pa Krüger viel het verlies van zijn schoonzoon krek samen met het herwinnen van zijn functie van "Hausobmann", de nieuwe Yanky-naam van blokoverste, maar dan onder toezicht van een Amerikaanse ambtenaar. In theorie dan toch. Maar in de praktijk kon hij weer de kleine Führer uithangen zoals vroeger. En dat zouden de De Bensen vlug aan den lijve ondervinden ;Joseph ook, ten andere...

Reeds op donderdag namiddag, nog geen uur na zijn nieuwe benoeming, belde hij bij De Bens aan. Heel correct maar zelfzeker duwde hij Françoise zijn verse legitimatie onder de neus plus een document met de voorziene bezetting van het tweede verdiep. Het samenwonend jong koppel Peeters-Krüger kreeg de beschikking over twee slaapkamers én deelde het gebruik van keuken, sanitair en salon met Ma en Pa De Bens. Die kregen ook één slaapkamer, plus de mansarde voor de drie kinderen. Een duidelijk pesterig Salomonsoordeel, uitgekiend om 'die genädige Frau' op de kast te jagen...

Krüger nam Joseph apart aan, onder vier ogen. Binnen veertien dagen, dus tegen eind juli, moest hij als vreemdeling Berlijn verlaten hebben. Dat was de wet. Illegaal verblijf ,weet je wel ... Indien hij tegen die tijd niet zijn biezen had gepakt zou Krüger hem aangeven als oud-SS-er, en Joseph zou heel wat moeite hebben om zich vrij te pleiten, niet waar ?!...Maar Herr Krüger kon van hem ook een rasechte Berlijner maken met de papieren van de Hitlerjongen die hier voor de deur gesneuveld was, toen de Russen de straat veroverden...Ja-ja, inderdaad, hij had de zakken van dat lijk destijds binnenste buiten gekeerd: en dàn ?!... Als Duitser kon Joseph natuurlijk zo lang in Berlijn blijven als hij wilde, en ontsnapte hij meteen aan de vervolging door het gerecht in België. Een prachtige oplossing hé ! Er was echter één voorwaarde: hij moest als echtgenoot leven met zijn dochter Gerda: al dan niet getrouwd, dat was voorlopig van minder belang. Zij was sinds de ontvangst van de 'Führer-brief' officieel weduwe en riskeerde dat nog héél lang te blijven door het nijpend gebrek aan huwbare mannen in de streek. Dat lot wilde hij haar als vader besparen, vooral nu hij merkte dat zij Joseph wel "zag zitten"...

" Gerda ziet mij zitten, zegt ge ? Een " verfluchter Auslander" én verminkte ex-soldenier met één been ? En geen enkele vakkennis als kostwinner ?"

" Ach vent, klaag zo niet ! Ze wil een man in haar bed, dat verstaat ge toch ! En trouwens ,voor overdag: met dat kunstbeen presenteert gij heel goed en vinden we wel iets om de kost te verdienen: overal zijn er handen tekort. Maar ik wil vooral van haar gezaag af zijn, en daar kunt gij voor zorgen, als ge uw verstand gebruikt !...En de rest, hé vent ! " voegde hij er aan toe ,met een vette knipoog én een diepe greep in eigen kruis ...

Moeilijk mis te verstaan, overigens...

Hoe vind je dit bericht? 9 stemmen
Geschreven door jaakmaes om 00:00 Reageer op dit bericht

Deel 336

C45BIS   DE WESTERSE KNIEVAL IN POTSDAM.(17 JULI-2 AUG 1945.) 

                 Nu de nazi's overwonnen waren moesten de Grote Drie het nog eens worden over een nieuwe wereldorde op de puinen van het oude Europa, de vredesverdragen met Duitsland en zijn satellieten voorbereiden en de oorlog in het verre oosten zegevierend beëindigen. Daarvoor werd rendez-vous gegeven in Kasteel Ceciliëenhof in Potsdam, 17 juli '45.                              

De Russen lieten in afwachting de Berlijners massaal aanrukken om het puin langs de grote verkeersaders van de hoofdstad weg te ruimen. Openbare markten moesten weer wat leven in de brouwerij brengen en werden overvloedig vanuit de sovjet-zone bevoorraad, ook deze in het westelijke stadsgedeelte. Schouwburgen en bioscoopzalen die niet volledig in puin lagen moesten dringend terug in bedrijf worden genomen ; musici en toneelgezelschappen kregen één week om weer aan de slag te gaan. En aangezien kunstenaars op een bijkomende rantsoenkaart konden rekenen ontstond er in een mum van tijd een wildgroei aan "satirische" keldercabaretten die op gebied van platitude en slechte smaak de sterkste vooroorlogse records braken. Gelukkig konden de sovjets door die taalbarrière de kwaliteit van de gebrachte stukken moeilijk beoordelen, maar afgaand op het massaal artistieke aanbod waren ze zeer tevreden met hun Duitse kultuurpolitiek...

De Russen oogstten echter weinig succes bij het Duitse publiek met filmproducten van eigen bodem, zoals de aftandse draken van Eisenstein "Kruiser Potemkin" en "Ivan de Verschrikkelijke",  hoofdzakelijk wegens het ontbreken van vertalende ondertitels. Enkel wie zich als ware anti-fascistische volksdemokraat wilde voordoen zag zich verplicht de vertoning van deze films tot het einde uit te zitten...Dansgroepen en koren van het Rode Leger daarentegen waren wél erg in trek, niet alleen bij de bevolking maar ook bij de westerse militairen.                                                

Maar van bij de aanvang werd de 'Conferentie van Potsdam' grondig verpest toen Stalin de afspraken van "Yalta 1944" over de afbakening van de invloedssferen opnieuw ter discussie stelde en totaal nieuwe eisen op tafel wierp. Zo vorderde hij het mandaatbeheer op over de oude Italiaanse koloniën (inzonderheid Libië), het protectoraat over Irak en Iran en het controlerecht over de zeeëngte van de Bosphorus. Daar hij stelde dat Polen in zijn invloedssfeer lag tekende hij eigenmachtig de nieuwe grenzen van dit land en ontnam de geallieerden dienaangaande iedere medezeggenschap, maar eiste wel 20 miljard dollar herstelbetalingen te kunnen innen over het volledige Duitse grondgebied, dus ook uit de Westelijke bezettingszones. Van Oostenrijk vorderde hij 250 miljoen dollar en van Italië 100 miljoen, maar weigerde geallieerde trekkingsrechten op de ex-Duitse satellieten Hongarije, Roemenië en Bulgarije te erkennen omdat deze landen zijn "oorlogsbuit" waren. Dus ook geen sprake om daar vrije verkiezingen in te richten of de Donau open te stellen voor de internationale scheepvaart !                                  

Terwijl de geroutineerde Britse Premier Churchill frontaal Stalins pretenties aanvocht trachtte de nieuwe US president Truman naar Amerikaanse gewoonte de scherpe kantjes af te ronden. Hij paaide de Rus door hem de gelukte proef met de atoombom in de Nevadawoestijn te verklappen maar ontlokte daarmee bij de sfinx Stalin enkel een koele glimlach.

Toen op 25 juli bleek dat de Britse Premier Winston Churchill de Engelse verkiezingen verloren had, moest deze in Potsdam de plaats ruimen voor zijn opvolger ,de Labourleider Attlee ,een saloncommunist van het zuiverste water. Gelukkig durfde deze, door zijn volledig gebrek aan ervaring in de wereldpolitiek, geen enkele verplichting te nemen of een sovjeteis in te willigen, en leidde door zijn voortdurende onthoudingen bij de stemmingen deze cruciale "wereldconferentie" al vlug in een patstelling.

Men kwam tenslotte tot het armoedige besluit dat ,bij gebrek aan een akkoord ,elke mogendheid in haar eigen bezettingszone en invloedssfeer kon handelen naar eigen willekeur ,maar dan ook moest voorzien in eigen behoeften. Een mooie omschrijving voor een diplomatieke ramp.

De Westersen verloren hun invloed in de Balkan en de Rus moest verzaken aan zijn gevraagd medebeheer van het Roerbekken. Wél kreeg Stalin 25% van de West-Duitse industriële productie in ruil voor het leveren van kolen en levensmiddelen, o.a. aan de geallieerde sectoren van Berlijn.        

De "Grote Drie" werden het wél eens om de 8 miljoen leden van de nazi-partij uit het openbaar leven te verwijderen en de oorlogsmisdadigers in gezamenlijk overleg te bestraffen. Ook dienden de 15 miljoen Volksduitsers uit de door Rusland "bevrijde" gebieden over de "Oder-Neisse grens" naar het westen te worden verwijderd. Meer dan de helft had dit reeds bij het naderen van het Rode Leger "uit eigen beweging" gedaan en tijdens deze vlucht waren er naar schatting een 750.000 min of meer gewelddadig omgekomen: de "evacuatie" van de rest zou ,volgens een sardonische Stalin ,geen groot probleem meer vormen...                                                            

Op 2 augustus gingen de overwinnaars na een ronkende verklaring uiteen, maar de uitvoering van hun manhaftige (doch erg vage) beslissingen strandde nadien in oeverloos gekibbel. "Het Ijzeren Gordijn" rond de sovjetzone werd langzaam neergelaten ,dixit Churchill in het Britse Lagerhuis. Van een economische ruilhandel kwam niets in huis, waardoor de geallieerden jaarlijks meer dan een half miljard dollar moesten ophoesten om de bevolking in West-Duitsland in leven te houden. Ook de denazificering verliep chaotisch: om het gebrek aan ambtenaren en technisch kader te verhelpen was men verplicht 75% van de "Parteigenossen" onmiddellijk wit te wassen (of licht grijs) en veel oorlogsmisdadigers ontliepen zo hun verdiende straf.                                                      

Enkel op het proces van Nürnberg konden de overwinnaars een schijn van samenwerking hooghouden. De show begon op 20 november '45 onder grote internationale belangstelling maar liet de Duitse publieke opinie al vlug koud. Het doek viel op 1 november '46, na 402 zittingen: 12 nazibonzen werden ter dood veroordeeld (Bormann bij verstek) en opgehangen (Göring ontsnapte aan de galg door zelfmoord te plegen in zijn cel). Zeven kregen tussen tien jaar en levenslang en drie werden vrijgesproken.                              

Bij volgende processen, in Nürnberg of elders in Duitsland en de buurlanden, kwam het nog zelden tot samenwerking tussen de grootmachten en hanteerde elk land voor zich het bijltje naar eigen goeddunken. Wat niet noodzakelijk in het voordeel van de veroordeelden uitviel. Vooral de Polen hadden een morbide voorkeur voor gegroepeerde publieke ophanging van hun vroegere kwelgeesten. Maar na verloop van tijd sleet ook de gestrengheid en toen in '53 de Duitse burgerrechtbanken de bestraffing overnamen, bleken er plots geen oorlogsmisdadigers meer te bestaan...Want de oudere rechters sneden niet zo graag in eigen vlees :hoe zou je zélf zijn...

Hoe vind je dit bericht? 9 stemmen
Geschreven door jaakmaes om 00:00 Reageer op dit bericht

Deel 337

C46  

GERDA, IN SOLDE...

 

                             Steglitz, 15 juli '45.

Joseph had niet veel verwacht van zijn eerste optreden als gigolo bij Gerda. Vroeger had hij in zijn dromen maar zelden op haar liggen geilen, en nu het 'van moetes' was en in 't écht ,had hij gevreesd er niet veel van terecht te zullen brengen...Vooral die beenstomp van hem had haar amoureuze stemming van bij het begin om zeep kunnen helpen. En indien zíj haar weerzin had laten blijken, zou dat voor hém wel helemaal een afknapper geworden zijn...Of, in tegendeel, misschien op een woeste verkrachting  uitlopen !...Jawatte !

Maar Gerda viel al bij al goed mee...,in bed toch. Vooraf had hij haar ,onder een losse babbel ,op een ferme scheut likeur van Dahlmanns paarse 'Parfait Amour' getrakteerd, kwestie van de lachspieren en de rest wat op te warmen. En toen tenslotte puntje bij paaltje kwam had zij doodgewoon het initiatief overgenomen: de kaars uitgeblazen en in het halfduister voor het open venster zich in een echte silhouettenshow "van haar sluiers ontdaan", zoals dat heette...Waarbij hij zo op eerste zicht niet kon begrijpen waarom de kleine Günter van dorst was omgekomen...En terwijl zij goed wist dat hij haar vanuit het donkere eind van de kamer in zijn onderbroek gulzig zat optevreten, neuriede zij schaamteloos de schlager van Zarah Leander: " Ich weiss es wird einmal ein Wunder gescheh'n, und dann wirden Tausend Märchen wahr ! "

Nou, een wonder werd het niet, maar toch een leuke, complexloze liefdesnacht waarvan Gerda duidelijk veel méér genoot dan hij verwacht had. Helemaal niet te vergelijken met de routine die hij zich van Phil herinnerde, al kon die, als ze wou of dronken was, ook wel eens aardig uit de bocht vliegen...Maar ja: dit kind hier had blijkbaar héél veel in te halen, en liet openlijk merken dat ze dit inderdaad vast van plan was !

Zij was als eerste poedelnaakt tussen de lakens gedoken en had hem nadien in bed spottend de pyjama van het lijf getrokken : puur natuur wilde ze het ! Nog zo'n typisch Duitse gezondheidsmanie waaraan hij met Phil nooit had meegedaan. Na de eerste wat gereserveerde zoenen om onder stoom te geraken, was voor de rest alles heel vlot verlopen...Ze had zelfs op een moment van opwinding zijn beenstomp geaaid en hem tot driemaal toe woest opgevreeën, vooraleer ze dicht tegen hem uitgeput in slaap viel. Joseph had gaandeweg rap gemerkt dat het haar bij het minnekozen minder om de zoete woordjes te doen was dan wel om de stevige lijfelijke drang...'Geen woorden, maar daden', dàt was blijkbaar haar devies...En bij het ontwaken, met haar volle borsten en haar gladde jonge lijf in helder daglicht, moest ze absoluut geen moeite doen om hem opnieuw op zijn paard te krijgen. Maar hoe dan ook: vier shows per etmaal hield hij nooit vol. Dat was goed voor één keer, hé: Gerda moest maar zoals iedereen met honger leren leven !

Neen, vier keer, dat werd "Vom Guten zuviel ! "...Met zo'n zware uitspattingen had hij helemaal geen rekening gehouden ! En juist nù, met die voedselschaarste, terwijl hij al geen van de dikste was ! ...Kalmkens aan, hé Madam !

Ook Hildegarde wierp meteen het probleem van het eten op, toen de twee 'jonggehuwden' wat verfrommeld aan de ontbijttafel verschenen. Als Gerda mee aanschoof bij de Weimars zou dat wél een zware belasting zijn voor hun al zeer geslonken voedselvoorraad. Ze mocht dan als jonge moeder wel een rantsoenkaart "klas één" rijk zijn, véél was daarmee in de winkels niet te krijgen...Maar Gerda zélf wimpelde dat bezwaar weg: Pa Krüger had als nieuwe blok-overste onder Amerikaans beheer wel hier en daar zijn contacten uitgebouwd, waardoor hij in een paar winkels 'achterom mocht gaan'...En bij zijn Amerikaanse baas viel ook wat te schnabbelen en te 'tauschen', want die vent was verzot op Saksisch porselein...Voor het idyllisch pronkstuk dat in het salon van wijlen Herr Dahlmann op de schouw stond, zou hij hen met hun vieren vlot een week eten geven ! Daarbij kwam nog dat Gerda - als nieuwe aanwinst in het huishouden en zolang het openbaar vervoer niet werkte - de enige was die voldoende fit kon marscheren om te voet eten aan te sleuren uit de markten in de Russische sector. Want dié werden wél bevoorraad door de boeren en tuinders uit de sovjetdistricten rondom de hoofdstad ,terwijl de Rus de aanvoer naar de 'westerse' sectoren nu weer volledig had geblokkeerd...Reden genoeg dus om de sportieve Gerda, op eerste zicht toch, als een fameuze aanwinst voor Hildegardes huishouden te beschouwen, niet ?

Bon, nu de verhoudingen in de 15b grondig veranderd waren, lieten de Krügers er geen gras over groeien. Gerda zei dat ze Joseph niet meer kon zién met die stomme krukken. Daar de Russische dreiging ver verdwenen was, had zijn show van kreupele Fremdarbeiter geen enkele zin meer, vond ze: vanaf morgen wou ze hem enkel nog met zijn beenprothese zien lopen, verstaan ! En als hij met dat ding in de buurt voldoende oefende, kon hij haar binnenkort vergezellen bij het afschuimen van de markten in Oost-Berlijn. Voor het ogenblik kon haar broertje Ari haar daarbij wat helpen: dan zette die minder kwaad bloed bij de buren met zijn kattekwaad in de omliggende ruïnes...

Maar toen Joseph haar in bijzijn van Hildegarde een brief van vijftig mark gaf "om de eerste aankopen te dekken", sloeg het bazige gedoe van Gerda plots om. En terwijl Frau Weimar weer een traantje wegpinkte, scheen de 'jonge bruid' zich opeens te realiseren dat ze, mits wat flemen, van die brave sul ook bùiten het bed veel gedaan kon krijgen...

" Ach Herr Gott ! Ich hab' ein reicher Ehemann ! " riep ze gekkend, maar keek toch plots met meer ontzag naar hem op. Goed, dié zit ! , dacht Joseph: Houden zó !

Het nieuws had vlugge beentjes, want Gerda was nog geen kwartier weg of haar vader stond al met een brede grijns voor de deur: " Wel, mijn jongen, hoe bevalt de huwelijkse staat ?"

Joseph haalde wat blasé de schouders op: " Och, ik denk wel dat het klikt...Maar ik ben al een paar jaar geen zuivere maagd meer, weet ge, en Gerda is bijlange niet de eerste...Ik kan dus vergelijken. En ik blijf er bij dat ik zo kort na het overlijden van mijn vaste vriendin niet bij een àndere vrouw had moeten slapen..." De koele minnaar uithangen zou Pa Krüger wel tot wat meer respect aanzetten...

" Ach Josef Junge ! Het leven is te kort om zich aan de moraalridders te storen !" Aldus sprak de praktische Duitse natuurmens als het over lijflijke liefde ging  ! Want in 't kort bedoelde hij :"Neuk haar tot ze scheel ziet !"

"Gerda was heel, héél gelukkig deze morgen, en dat is voor mij het enige dat telt. Je hebt haar op die manier stevig geholpen om het verlies van de kleine Günter te vergeten. Doe zo voort, Josef, en misschien schenk je mij wel in de nabije toekomst een niéuwe kleinzoon, wie weet..."

"Inderdaad, Herr Krüger, om het eventjes over die nabije toekomst te hebben..."

" Noem me toch Otto , jongen: dat Herr-Krüger-gedoe altijd ! Ik noem je toch ook Josef ! "

" Dat is juist het probleem: als ik mijn oude naam 'Josef' blijf houden, dan moet ik hier binnen de tien dagen wég ! Dus indien je mij - eventueel hé - wat lànger bij Gerda hoopt te houden, zal je mij als de bliksem een nieuwe identiteit moeten bezorgen, hé Otto...Dat was de afspraak: gelijk oversteken ! "

" Ach vent, dat is toch al lang in orde ! Ik heb jullie hier ingeschreven als Herr und Frau Thomas Witze-Krüger ! En hier zijn de papieren van die gesneuvelde Hitlerjunge Thomas Georg Witze: zijn lidkaart van de H.J. en zijn soldijboekje. Het zal wel wat centen kosten om hem op papier vijf jaar ouder te maken, maar ik heb begrepen dat de ping-ping voor jou geen probleem kan zijn..."

Zie eens aan, dacht Joseph, mijn faam als ezel-geldschijter heeft wel héél vlug de ronde gedaan !

" Voor de huwelijksakte moet je nog een paar dagen geduld hebben, maar dat komt ook wel in orde..."

Hij, troùwen verdomme? En een nieuw Güntertje maken ?

Joseph zei niets, maar God hoorde hem brommen.

 

Wie ook niet zo opgezet was met het plotse gebeier van huwelijksklokken was juffer Françoise De Bens. Toen Joseph om één uur naar de nieuwsberichten op de radio wilde luisteren in de gemeenschappelijke salon, kwam ze hem nogal vastbesloten zijn vet geven. Dat zijn nieuw lief 's nachts onwelvoeglijk veel lawaai maakte en dat de 'kleine' Miel (14 jaar !) in het belendend slaapkamertje nauwelijks een oog had dichtgedaan !

" Zeg Françoise, ge zijt onze tijd in Middelkerke vergeten, zeker ?! Hoe het gevrij rondom op de laatste rij van de cinema ons op gedachten bracht ook van alles te riskeren dat het daglicht niet mocht zien , weet je nog ?...Zo'n geluiden stimuleren hé ! Zijt gij maar gerust: als de Miel vanmorgen blauwe balken onder de ogen had, zal hij daar vannacht zélf wel de hand in gehad hebben, zeker ? Om het deftig te omschrijven, als ge begrijpt wat ik wil zeggen ? En het is niet omdat gij zelf nog nooit onder een vent hebt gelegen, dat ge op dat gebied precieus moet gaan doen, hé ! Ik trap daar niet in."

"Luistert, sukkel ! Als ik mij tot nu toe deftig heb kunnen houden, was dat mijn eigen keus, en niet zogezegd bij gebrek aan kandidaten, hé ! Ik herinner mij onder andere een zekere kwispelende Joseph Petré die, zowel destijds in Middelkerke als nu hier op de Fehrbelliner Platz, alle moeite gedaan heeft om mij plat te krijgen...En die ik wandelen stuurde, omdat ik in het leven bétere occasies verwacht dan wat hier nu voor mij staat, gesnopen ? Om het eveneens deftig te omschrijven, hé ! Of hebt ge soms een tekeningetje nodig ?"

Joseph haalde geringschattend de schouders op: " Dus tóch nog altijd in uw gat gebeten omdat ik destijds uw vriendin Nadine verkoos boven u ? En gij enkel mee mocht naar de cinema om Arthur Birnbaum bezig te houden ?"...

Ze keek hem even verbaasd aan en barstte toen uit in een gemaakt hoge lach: " Pauvre couillon ! "

Maar Joseph begreep wél dat hij hiermee een punt zette achter een oude genereuze jeugdvriendschap. Van nu af aan moest hij niet meer op haar rekenen, en was het elk voor zichzelf !

 

Nu op de conferentie van Potsdam de eerste openlijke geschillen roet in het eten gooiden, sloten de Russen definitief de bevoorrading van de groentemarkten in de westerse districten af, "wegens sanitaire redenen", zoals dat heette...Waarop de West-Berlijners massaal op inkoopjacht naar de Russische zone trokken, omdat dààr volgens de sovjetpropaganda "het dagelijks leven van de inwoners er zienderogend op vooruit ging..."

Gerda en haar moeder kwamen inderdaad met een rijke oogst knolgewassen van hun eerste raid terug, steendood doch tevreden. Maar haar broertje Ari had over een àndere goudader horen fluisteren en was met Miel De Bens ,de jongste broer van Françoise ,van heel vroeg in de morgen naar het geheimzinnige "Amerikaans stort" in de bossen van Grunewald getrokken, een vier kilometer te voet. Wààr juist de Yanks ergens met karrevrachten hun keukenafval rond het meer uitkiepten wist hij niet zeker, en het was pas na uren ronddwalen dat ze toevallig zo'n camion zijn verse lading tussen de bomen zagen 'sluikstorten'. Met nog een paar vrouwen en kinderen, die de auto van ver op een drafje hadden gevolgd en nu zwetend kwamen aanlopen, vlogen ze op de rijke buit keukenresten: groenten en fruit in overvloed ! Maar de vrouwen bleken meer oog voor de praktijk te hebben en concentreerden zich op de vette tafeloverschotten. Half opgegeten belegde boterhammen, omeletten en aangevreten biefstukken, Bratkartoffel en hompen worst, letterlijk àlles wat ze al in geen duizend jaar meer onder de tand hadden gekregen...Wel wat besmeurd, natuurlijk, met soepen en sausen en zo, maar afgespoeld perfect eetbaar...In één woord: een échte goudmijn !

Ari gaf het voorbeeld en trok zijn hemd uit om er al die heerlijkheden in te verporren: " Kom, we zijn hier vlak bij het meer. Voor we naar huis gaan kunnen we daar wat lekkere stukken afspoelen en opeten...En misschien ook eerst om beurten even gaan zwemmen, terwijl de andere de buit bewaakt...Want we stinken waarschijnlijk als de pest en hier kunnen we gratis voor niets een bad nemen in het meer."

Miel had een reusachtige bewondering voor zijn iéts jongere vriendje: een bijdehandse blonde 'ruïnenrat', die ondanks de jeugdige leeftijd al heel wat had meegemaakt. Een soldatenopleiding gekregen ,onderandere ,en met een oorlogsgeweer écht geschoten. Zelfs met de Panzerfaust geoefend en voor de rest regelmatig slachtoffers vanonder het puin gehaald na de bomaanvallen...Ook al eens onder de brokstukken een bloot vrijend koppel in bed gevonden, pochte hij kwijlend: vast aaneen geklonken maar zo dood als een pier van de luchtdruk. Toen hebben ze nogal een scheet gelachen in de ploeg: verdikke zeg ! Maar normaal werkte hij 's nachts als 'Flak-helper': het aanreiken van de munitie voor een 88 mm luchtafweerkanon in batterij 217 van Teltov. En telkens ze een vliegtuig hadden neergehaald, mocht híj de ring rond de loop schilderen: 'zijn' kanon had er zo al negen ! Toen tenslotte de Bolsjevieken Berlijn insloten had hij nog éven meegedaan aan de inzet van zijn kanon tegen de pantsers, maar na de eerste terugtocht op nieuwe stellingen was hij naar huis gestuurd wegens te jong...

" Nadien heb ik mijn kanon nog teruggevonden, hier op de hoek van de Schlossstrasse, helemaal verwrongen door een voltreffer van een tankgranaat, met drie van mijn kameraden dood ernaast...In trouwe dienst van de Führer tot het einde...Op één of àndere manier had ik er graag bijgebleven, weet ge...Ik droom er nog regelmatig van dat ik met mijn kanon op een T-34 vlam..."        

Daar viel de Miel zijn mond van open ! ...Wat hoogst waarschijnlijk ook Ari's bedoeling was...

 

De Weimars hadden het tijdens de vegetarische avondsoep over oude vrienden die bijna niets meer te eten hadden. Als die overdag niks dringends moesten doen, bleven ze gewoon in bed om energie en krachten te sparen. Gelukkig was het kraantjeswater nu al heel wat zuiverder, en zelfs drinkbaar na een korte kookbeurt. Maar van water alléén kon je niet leven, zei Hildegarde. En daarom voelden beiden zich zo content nog nuttig in hun kringetje te kunnen meedraaien: zij in het huishouden en Vati met de dagelijkse aanvoer van zuiver pompwater. Maar nu dit laatste niet langer van levensbelang werd beschouwd, moest hij dringend een àndere nuttige bezigheid zoeken.

Gerda stelde voor dat hij zich zou toeleggen op het béter dichtkloppen van de vensters, en misschien kon hij Pa Krüger helpen bij de herstelling van het dak...

Dak ? Wat dak ?! Joseph schoot wakker: zijn bruid had het de hele nacht weer aardig uitgehangen en hij voelde zich een beetje suf. Wat was dat met het dak ?!

"Ach, dat wijf, Ma De Bens, doet weer moeilijk ! Ze wil ons beiden absoluut uit het tweede verdiep verdrijven of dreigt bij de Yanks klacht in te dienen tegen Pa wegens valsheid in geschriften, of zoiets, en tegen jou wegens valse naamdracht...Voor die paar weken - hoogstens - dat die familie hier nog blijft plakken wil Pa geen moeilijkheden zoeken. Hij kan van zijn Amerikaan triplexplaten krijgen en een paar rollen teerpapier om het gat boven de 15b en de 15c te dichten. Dan kunnen wij voor die paar weken zolang naar de mansarde uitwijken. Maar zohaast die bende van De Bens terug naar België vertrekt palmen wij beiden de volledige tweede verdieping in: het is dus maar voor éven..."

Daar hebt ge 't spel ! dacht Joseph: de beproefde tactiek van de schopstoel werpt opnieuw z'n vruchten af ! Daar zal die jaloerse Trien van een Françoise wel voor een deel tussen zitten ! Altijd gevaarlijk om met zo'n vinnig vrouwmens ruzie te maken...Vraag was hoe hij het geheim van de roze kamer tijdens de dakwerken kon beschermen...Of misschien was het veel beter er helemaal geen geheim meer van te maken ? Nu hij Gerda beter had leren kennen als een hitsige merrie, verwachtte hij niet dat die hoerige dessous en het pornografisch leesvoer haar zieltje buitenmate zouden schokken...

Hij besloot het er maar voorzichtig op te wagen...

 

Zo voorzichtig had hij écht niet moeten zijn. De geheime deur achter de spiegel vond ze wel spannend en moest smalend lachen toen ze een bizar inzicht kreeg in het verwrongen seksleven van wijlen Herr Dahlmann. Als kind had ze haar buurman altijd wel wat klefferig gevonden, maar er verder nooit last van gehad. Nu kon ze zelfs wat medelijden opbrengen voor die zielepoot en begreep ze plots waarom hij zich in godsnaam als vrouw verkleed had om de invallende Russen te misleiden...

Toen Joseph over de grote verkoopwaarde van die boekjes begon, zag zij al direct een gat in de markt. Als bepaalde mannen met een stevige seksuele honger dit zo interessant vonden, zouden er bij de vreemde militairen zéker 'gegadigden' rondlopen. Die gasten zouden daarvoor zéker een paar dozen vlees of boter over hebben,hé...Ze vond dat ze beiden vanavond in bed van deze bizarre lectuur eens een grondige studie moesten maken !...

Hop, hier gaan we weer !

 

De volgende morgen stond er een dampende dikke vette groentensoep met worstblokjes op het menu, een nogal rare combinatie van Gerda's 'boodschappen' uit de Oostzone en een deel van de oogst op de Amerikaanse vuilnisbelt. Ari had die zogenaamd 'eerlijk' verdeeld tussen zijn moeder, zijn zuster en zijn compagnon Miel De Bens. Deze had zich wel afgevraagd wat Gerda daarbij kwam doen, maar verder niet aangedrongen op een 50/50 split. De buit was immers zo overvloedig geweest, dat ze al dat vleesafval toch nooit tijdig óp zouden krijgen vóór het bederf zou toeslaan. Deze morgen hadden ze afgesproken een nieuw stort in Grunewald te zoeken en hun vondsten wat kieskeuriger uit te zeven.

Gerda van haar kant trok ditmaal gewoon naar de lokale 'Tauschmarkt' bij het station van Steglitz. Daar kwamen net zo goed Amerikanen als Russen rondneuzen. Ze wilde eens testen wat een selectie van vijf pornoboeken met weinig (Duitse) tekst maar veel 'Franse' afbeeldingen zoal kon opbrengen. Tegen de middag was ze al weer thuis, met twee grote dozen 'Spam' - wat volgens het etiket stond voor 'SPiced hAM' en later een smeerbare soort boterhammenworst bleek te zijn -, één doos 'Butterspread', ttz een mengsel van margarine en smeerkaas, drie cornedbeef, een groot blik spek-en-bonen en tenslotte twee grote dozen met een soort Russische goulash...Dit laatste wilde ze de komende dagen als eerste opendoen en proeven, want ze vreesde dat de gladde Russische officier, die op één van haar plaatwerken had geboden, haar met zijn opdringerig 'Fleisch-Fleisch-ja-ja' grandioos had gerold. Maar och god, dat was dan haar leergeld: de bluts met de buil... Ook al beweerde Joseph dat 'hongerige' venten - en dat waren toch de meeste oversekste militairen - normaal veel méér vleesblikken zouden over hebben voor die pikante 'Franse' rommel...

" Misschien..." gaf Gerda toe: " Maar die boekjes hiér viseren toch wel een heel speciaal soort mannen, hé. Iedere vent is daar niet op gesteld, heb ik gemerkt." En ze voegde er wat spijtig aan toe: " Jij leek me alvast gisterenavond tijdens onze studie niet erg aangesproken door dit soort literatuur...Ik dacht dat je daar - hoe dan ook - wel een beetje warm voor zou lopen...Jij niét dus..."

Joseph zuchtte tevreden. Genoeg is genoeg !

 

Ari en Miel hadden weer een uur in het bos rondgetrokken vóór ze een vers sluikstort vonden waaruit ze hun middageten konden puren plus een hoop belegde boterhammen van wit brood voor thuis. De rest van de namiddag bleven ze volgevreten op het strand van de Grunewaldsee luieren: zwemmen en zonnen en onbezorgd genieten van de zalige vrede alom...

Het was er tamelijk druk: in hoofdzaak vrouwen, al dan niet met kinderen. En veel meisjes van zestien die er alles aan deden om in de kijker te lopen bij de eerder zeldzame jóngens van zestien. Want ouder mansvolk wàs er niet: dat zat ergens te verpieteren in één of ander krijgsgevangenkamp...Ari met zijn vranke klep zat in een mum van tijd verwikkeld in een trek-en-duw flirt met drie giechelende deernen. Maar Miel, die hun buitgemaakte boterhammen moest bewaken, hield zich op zijn buik liggend wat verlegen en gefrustreerd afzijdig, zogenaamd geremd door de taalbarrière maar in werkelijkheid door zijn spannende zwembroek.

Yanks zag je er niet: die hadden heel de Havel-See tussen Spandau en Potsdam voor zichzelf opgeëist en lieten er geen 'vreemden' toe, onder het motto 'No Fraternisation' (geen verbroedering). Maar hier aan de Grunewald See - dat nochtans in de Amerikaanse sector lag - werden regelmatig iedere dag camionladingen Russen aangevoerd. Speelse jonge rekruten meestal, gastjes die waarschijnlijk de gedemobiliseerde veroveraars van Berlijn kwamen vervangen en ten opzichte van de Duitse 'Frau' weinig schuldcomplexen geërfd hadden. Van het verbod op verbroedering lagen die jongens niet wakker, ook al kon hun sergeant de pletsende meute in het water goed in de hand houden. En als één van de bengels met zijn afzakkende onderbroek té opdringerig de aandacht van de meisjes trachtte te trekken, vloog die gewoon even 'in straf' bij de camion. Anderzijds zag je ook loslopende soldaten liggen flirten met welwillende 'dames' die blijkbaar flink van wanten wisten...En soms verdween er ook wel zo'n koppel in het struikgewas van de bosrand achter het strand...Maar al bij al ging het er héél ontspannen en écht vredig aan toe.

Tegen vijven had Miel zijn buik vol van de hitsige bokkesprongen van Ari en maakte nukkig aanstalten om op te kramen: ànders geraakten ze nooit meer op tijd thuis !

" Ach wat ! " zeurde z'n vriend: "Als we hier recht het bos ingaan, snijden we héél de hoek af naar de hoofdstraat en winnen we makkelijk een kwartier..."

Maar Miel stond op zijn strepen en aangezien hij de 'buit' droeg was de andere wel verplicht te volgen. Doch eens ín het bos nam Ari bazig de kop, omdat hij beweerde blindelings de weg te kennen.

Na nauwelijks één minuut deed hij gebiedend teken te zwijgen en beiden speurden ze stokstijf in het dichte struikgewas wààr het plotse lachend gebral vandaan kwam.. Russen, zo te horen aan hun uitroepen en de eeuwige Kalinka-accordeon... Ook een vrouwenstem.. Ari hurkte neer en sloop vervolgens als een waardige zoon van Winnetoe op het geluid af. Miel had het wat moeilijker door de 'buit' die hij moest meeslepen, maar wou als ex-wolfje van de V.V.K.S. voor hem niet onderdoen.

Ze moesten even een glooiïng over en in de put daarachter lag het...vol Russen - zéker een twintigtal - die zich vrolijk aan 't bezatten waren ! Eén, die blijkbaar zijn gevoeg had gedaan in de bosjes, werd op luid gejuich onthaald terwijl hij zijn gulp demonstratief dichtknoopte en zijn 'aflosser' een kameraadschappelijke mep op de schouder gaf...Aflosser ??...Zou er daar dan maar één WC zijn, dat elkaars beurt moesten afwachten ? Miel begreep er niets van en wilde wég: als die kerels hen ontdekten bij het spioneren zouden ze hen zéker een ferme pandoering geven, of misschien half dood slaan ! Het duurde echter wel even vóór hij Ari zover kreeg om mee wég te sluipen: idioot om voor zo'n banaal schouwspel zoveel risico te willen nemen !

" Heb je dat dan niet opgemerkt ! " verdedigde Ari zich opgewonden: " Die vrouw daar, even buiten de kring van de zatlappen ?! Jij kon het misschien niet goed zien van waar jij lag, maar de ene Rus had "het" nog maar juist met haar gedaan, of de àndere kroop er al op ! Vooraf gaf hij haar wél een conservenblik dat ze eerst keurde en dan bij de rest achter haar hoofd zette ! Die hoer was duidelijk haar wintervoorraad aan het aanleggen: aan vijfentwintig dozen per dag zal die de eerste maanden niet van honger sterven ! "

" Niets zegt dat ze dat iedere dag krijgt hé ! "

Maar ze besloten tóch stoer morgen een béter en een langduriger kijkje te nemen in het boudoir van de dame...

 

Daar beleefde Miel de schrik van zijn leven. Het 'Oord-des-Verderfs' lag er verlaten bij, toen ze het vanuit een àndere hoek beslopen hadden. Geen kat te zien. Maar zij lag er wél, blijkbaar stil te wachten op klanten...Of te slapen...Haar roerloosheid werd op den duur een uitdaging voor Ari om een dennenappel naar haar te gooien en dan gniffelend weg te duiken. Maar er kwam geen reactie. Ook niet na vier-vijf projectielen, waarvan ze de laatste pardoes op haar kop kreeg...

Tenslotte liep Ari er brutaal naartoe maar schrok plots terug van al die vliegen tussen haar blote billen. Het mens had duidelijk een bloeding gekregen, gisteren, en was zo dood als een pier. Maar aan haar hoofd stonden nog steeds, als loon van de angst en het noeste labeur, de vijfentwintig grote blikken Russische goulash...

In hun haast om wég te komen wisten de kwajongense niet beter dan de Amerikaanse broodresten uit hun draagtassen te kiepen en er de dagopbrengst van mevrouw in te stouwen.

En het vervolgens hard op een lopen te zetten !

Hoe vind je dit bericht? 9 stemmen
Geschreven door jaakmaes om 00:00 Reageer op dit bericht

Deel 338

C47   SEX AND SPAM.

 

                           Steglitz, 1 augustus 45.

Pa Krüger had in zijn functie van Adjunct-Blokoverste blijkbaar tóch goede relaties met het districtbestuur, want Joseph kreeg zonder de minste moeilijkheden zijn rantsoenkaart klasse 2 voor de maand augustus. Op naam van Thomas Georg Witze nog wel, en niemand van de stadsadministratie vroeg waar de vorige bewoner van 15b-2, die brutale kreupele Fremdarbeiter Peeters Jean-Marie, gebleven was...Slecht punt voor de Deutsche Gründlichkeit, zullen we maar denken.

Maar ook privé dwong Pa Krüger alle respect af. Zijn Amerikaanse toezichter had gezorgd dat het nodige hout er kwam voor de dakherstelling. En in een paar dagen was het gat boven de 15b en c, met de hulp van Neumann en Vati Weimar, volledig dicht. Joseph had zogenaamd ook een handje toegestoken, maar meer om een oogje in het zeil te houden en hen te beletten in zijn twee kasten op de roze kamer te neuzen of zijn ledikant te demonteren. Dat in die stijlen nog zesduizend Reichsmark verstopt zat hoefde niemand te weten. En toen het 'werkvolk' eindelijk verdwenen was, rijkelijk beloond met drie sigaretten élk, opende hij het luik in de plankenvloer ónder zijn bed om er het zwarte pakje met drieduizend mark tussen de juffers uit te vissen...Want nu Ma De Bens z'n oude slaapkamer hieronder weer opeiste, zou bij een toevallige inspectie van haar plafond die schat zó voor het grijpen liggen. En Madam kennende...neen dank u !

Het pakje lag niet waar hij het verwacht had: het was waarschijnlijk vérder doorgeschoven toen hij het vanop zijn bed in het gat tussen de balken had gemikt ! Maar hoe hij ook dieper in de donkere sleuf graaide, liggend op zijn buik en zover zijn arm reikte: ...niets te vinden ! Het zweet brak hem uit van de zenuwen, tot hij plots ijzig kalm het drama duidelijk onder woorden durfde brengen: "Beste vriend, je mooie centen zijn foetsie , verschwunden ,gestolen ! "

Natuurlijk: gestolen, maar door wié ?! De kring met mogelijke daders was maar héél klein, als je de oude Weimars uitsloot. Gerda en Françoise waren alle twee op zijn kamer geweest, en Ma De Bens was geslepen genoeg om sluiks in te breken met de passende sleutel van een àndere deur. Maar die hadden elk voor zich geen enkele reden om, balancerend op zijn bed, hun nek te breken om in dat plafondgat te gaan vissen...Neen, iémand had in de roze kamer op zolder dat luik in de plankenvloer onder het bed ontdekt en was zó bij het zwarte pakje geraakt. En die "iemand" kon enkel Pa Krüger zijn: die vent had al in het begin van mei de schade aan zijn eigen zinken dak opgenomen en ook de scheur boven de roze kamer gezien, natuurlijk. Maar was die spleet wel breed genoeg om een volwassen kerel als Krüger door te laten ? Eerlijk gezegd moest Joseph dat betwijfelen...Maar wié ,en hoé dan wél ,verdomme ?!

Toegegeven, dat verlies zou hem niet tot de bedelstaf brengen. Hij had nog altijd een dikke negenduizend mark over: zes in de bedstijlen van de roze kamer en drie in de opgespelde broekspijp. Dat was normaal genoeg om ruim twee jaar toe te komen, zijn vijf goudstukken niét meegerekend...Maar tóch ! Eén ding wist hij zeker: die Krüger zou hij goed in de gaten houden en bij de eerste gelegenheid uitpersen als een citroen ! En hoewel hij wist dat piekeren geen blaas hielp, lag hij die nacht toch lang nijdig en verbitterd naar het plafond te staren. Met als gevolg dat hij Gerda niet met de nodige toewijding op haar wensen kon bedienen en zij - wat pinnig - dan maar zélf het roer in handen nam...

 

Dat de conferentie van Potsdam nu recht op een mislukking afstevende zullen de Berlijners stevig geweten hebben. De grootmachten streden een onderlinge prestigestrijd uit op de rug van Jan-met-de-pet. De Russen sneden in de drie westerse sectoren regelmatig de electriciteit af, zogenaamd om veiligheidsredenen. Makkelijk ,want de centrales lagen in hùn zone ! Sommige dagen was er énkel nog stroom tussen 02.00 en 05.00 uur 's morgens. De voedselaanvoer voor de markten werd dan weer geblokkeerd op sanitaire gronden, omdat die grondstoffen gewonnen werden in de groene gordel rónd Berlijn waar zogezegd nog steeds veel besmettelijke ziekten heersten...Groene gordel ,die toevallig ook in de Sovjetzone lag...

De Amerikanen op hun beurt sloten de toegang tot hun vuilnisbelten af om juist dezelfde reden. Al goed dat daar 's nachts geen toezicht op werd uitgeoefend, of het sterftecijfer van uitgehongerde zombies ware in hun sector nog véél hoger geweest. Maar dagelijks zag je toch mensen die van uitputting op straat flauwvielen...Het bestuur bleef erg in gebreke en kon op de rantsoenkaarten amper de helft van de bonnen honoreren...Duidelijk de schuld van de hautaine Amerikanen, die daarenboven steeds meer krediet verloren door hun gulzige opeising van huizen, links en rechts. Gelukkig veegden steeds meer Yanks hun voeten aan het 'verbroederingsverbod' en konden tenminste op die manier veel 'Liebe Fräulein' wat eten binnenhalen voor de familie...

En nóg iets héél vreemds: het zeer christelijk Amerikaans bestuur stond oogluikend het aborteren van 'Russische' foetussen toe...Misschien om op die manier de toekomstige 'Rode' piek in de bevolkingsaangroei te fnuiken ?...

Maar wat vooral de conferentie deed kapseizen was het wegvallen van Premier Churchill. Deze verstokte en geslepen anti-communist verloor de eerste naoorlogse Britse verkiezingen en moest noodgedwongen aan de onderhandelingstafel de plaats ruimen voor de erg linkse Attlee. Deze had, buiten een naïeve bewondering voor Josef Stalin, voor de rest van wereldpolitiek niet het minste benul...En de nieuwe Amerikaanse president Harry Truman begreep van het Europese wespennest ook al geen kneit ! Dat beloofde !

 

Omdat Joseph vond dat Gerda 'zijn' boeken ver onder de waarde had omgeruild, besloot hij zélf in de slangenkuil van de 'Tauschmarkt' zijn kans te wagen. Met in zijn rugzak drie platvloerse geïllustreerde porno's, één Franse klassieker en een sjiek erotisch platenwerk van Félicien Rops trok hij naar het Rathausplatz beneden en installeerde zich op juist hetzelfde plekje dat Gerda hem had aangeduid. De meeste àndere aanbieders waren zwartgeklede vrouwen of sjofele grijsaards, met hier en daar een opgeschoten bengel in zijn versleten en gedemilitariseerd H.J.-uniform. Het was er nog niet druk, want tussen de 'standjes' liepen bijna uitsluitend kaki's van oost en west rond te neuzen. Daarom verbaasde het Joseph dat zijn eerste kijklustige een nog flinke burger was van rijpere leeftijd die hem vaag bekend voorkwam.

De man bladerde opvallend koel door het pikante platenwerk van Rops, legde het terug en wierp een vluchtige blik op de porno's en 'Les Histoires d'O' vooraleer zich hautain af te wenden. Maar alsof hij zich bedacht keerde hij na twee stappen terug en vroeg in perfect Hoogduits wat Joseph verwachtte voor zijn kunstig fotoalbum. Een Duitser !?  Die zijn schamel maandrantsoen inzette voor deze erotische rommel !? Op zijn leeftijd !

" Schade ,aber ich tausche nur gegen Amy-konservenessen...Nichts Deutsches !" Jammer inderdaad ,want hij had wat medelijden met die ouwe ,maar hij moest hoe dan ook hard zijn in z'n nieuwe stiel ! En om hem helemaal af te poeieren specifieerde hij zijn exclusieven :"Brot, Butter und Bucksenfleisch ,Cornedbeef made in U.S.A.! Können Sie mir ein anständiger Vorschlag machen ?..." vroeg hij brutaal, alsof hij al heel zijn leven lang had staan sjacheren. Maar tot zijn complete verrassing gaf de man niet af en na wat heen en weer bieden kwamen ze akkoord op drie broden, één doos Butterspread en drie blikken cornedbeef, ongeveer het dubbele van wat Joseph had verwacht, ook al was het hem een raadsel waar een Duitser dergelijke kostbare eetwaren vandaan kon halen. Maar ondertussen was er een herkauwende Amerikaanse sergeant bij komen staan: de twee leken elkaar te kennen, want bij de laatste handslag knikte die Yank goedkeurend. Joseph moest lachen: blijkbaar had de puriteinse Amerikaan zijn Duitse stroman het 'vuile' werk voor hem laten doen !

"Komt u het eten halen ?" vroeg de burger: " Onze car staat achter de hoek." ...Hoezo "Onze car ?!"

"Maar ik kan de rest van mijn boeken hier toch niet achterlaten en mijn standplaats vrijgeven ! "

"Hoeveel moet je dan voor die àndere rotzooi hebben ?"

"Hetzelfde als voor het album...Drie..."

"Okee" onderbrak de man hem ongeduldig: "Dus zes voor alles ! ...Kom nu maar mee ! " Ook de sergeant scheen er plots de buik van vol te hebben en leek hem zwijgend tot spoed aan te manen: deze onaangename indruk kreeg Joseph toch. Met de vijf boeken onder de arm liep de Yank alvast voorop, gevolgd door Joseph en de oudere heer.

De gehuifde 3-tonner Dodge stond inderdaad tegen de hoek geparkeerd met ook zo'n beaat herkauwende neger achter het stuur. En in het donker van de laadbak kon Joseph een paar kartons onderscheiden waarin verlokkelijke conservedozen lagen te blinken. Zonder argwaan stapte hij dan ook in...en toen sloeg de val dicht.

Even begreep hij niet wat er gebeurde, omdat het heertje hem eerst zo spottend aankeek en dan wat vermoeid zuchtte.

"Herr Witze, ik ben in dienst van de Intelligence Service van de U.S.Army..."

"You are Tommès Djordj Waaitzie, aren't you ?!" onderbrak de sergeant hen. Maar de burger wees hem onmiddellijk terecht :" Sargeant Kieffer, let me do the talking, ja ?!" En zich weer in het Duits tot Joseph wendend: " U bent toch Thomas Georg Witze, nietwaar ?...En u woont samen met een zekere Krüger Gerda in de Albrechtstrasse 15b , Berlin-Steglitz ? "

Joseph knikte verbaasd: die vent scheen dan tóch de baas van het koppel. Maar hoe deze achter zijn nieuwe naam was gekomen zónder zijn pas te vragen was hem een raadsel.

Doch hij herpakte zich vlug en zei spottend: " Mein Gott ! Ben ik dan al zó beroemd, dat iedereen mij op straat herkent ?"

De man bleef hem onbewogen aankijken: "Ik heb u inderdaad herkend. Maar jullie namen staan ook zo vermeld op de brievenbus van het appartement in de 15b en op de lijsten van de Bevolkingsdienst van het district Steglitz. Wat ik eerlijk gezegd de laatste tijd nog niet dikwijls ben tegengekomen, gezien het gemak waarop je tegenwoordig valse papieren kan krijgen...En wij houden u inderdaad al een tijdje in de gaten: dat u dit nog niet gemerkt heeft bewijst dat u nog veel te leren heeft in het vak..."

Vak ?! Welk vak kon die verdomde Witze wel geleerd hebben in deze woelige tijden, buiten soldaatje spelen en zijn leven opofferen voor de Führer ? Impulsief flapte hij het eruit: " De oorlog beëindigen als geamputeerde op één been, geloof mij, mijn vriend: zoiets bevordert het aanleren van een nieuw vak allerminst ! Maar ik sta open voor elke werkaanbieding die u mocht te binnen schieten, hoor: mijn hersens zijn nog onbeschadigd ! ...Armie Intellekt Servies , zei u ?...Wat houdt dat in ?  Met een valse baard en een zweep de hoeren ondervragen ? Dan ben ik je man ,hoor !"

De man kreeg duidelijk genoeg van dit wazig schaduwboksen: "Luister Witze: enkel het feit dat je bij de U.S. contra-spionagedienst in de kijker loopt, moet bij jou een belletje doen rinkelen. Tenzij je er de voorkeur aan zou geven met de collega's van de Russische NKVD te spreken én uw testament op te stellen, raad ik u ernstig aan ónze leefregels strikt na te leven. En dat is één: niét plots te verhuizen of elders onder te duiken ! Twéé: geen énkel contact te zoeken met vroegere medestanders en ook niet met óns. En drie: morgen sta je gewoon weer hier op de markt met de zelfde rommel alsof er niets gebeurd is. En denk eraan: je ként ons niet ; niet gaan zwaaien als wij je morgen driemaal voorbij lopen. Ook straks thuis geen woord over dit gesprek, verstaan ? Ingerukt nù ! Raus  !!"

Maar toen bleek dat hij al dat eten niet in zijn rugzak kreeg, reden ze hem toch even bergop tot aan de hoek van zijn doodlopend zijstraatje en kipten hem daar af. Het laatste stukje naar de 15b, met een volle ransel conserven op zijn schoft en drie broden onder elke arm, had hij méér bekijks dan hem lief was.

Françoise viel haast van de trap toen ze die berg eten de hal in zag hinken en kon niet nalaten te vragen of er soms wéér ergens een goederentrein geplunderd werd. Maar hij gunde die vuige verklikster geen woord: zij of haar moeder hadden hem natuurlijk bij de Yanks verraden en dat zou ze verdomme uitzweten !      

Ook bij de Weimars verwekte zijn puffende 'entréé' als vroegtijdige Santaklaus een uitzinnige sensatie. En hoe onbeleefd preuts Ma Krüger later ook aandrong om te weten wàt ze juist voor deze heerlijkheden hadden ingeruild: Gerda gaf geen krimp ! Maar als zoenoffer gaf Joseph haar wél een brood mee, kwestie van haar buiten te krijgen en eindelijk de verwarring in zijn brein even te laten bezinken..

De hele verdere dag probeerde hij een lijn te ontdekken door het enigma waarin hij als een blinde idioot ronddwaalde. Die Duitse meesterspion had duidelijk gezegd dat hij Joseph 'herkend' had...Van een foto, hoogstwaarschijnlijk, en tóch sprak die man hem met 'Witze' aan. Maar Joseph leek maar héél vaag op de glimlachende pasfoto in het soldijboek van de gesneuvelde HJ-soldaat. Dus als daarvan al een dubbel in de handen van de Yanks was gevallen kon die afbeelding hen onmogelijk naar de zorgelijke tronie van Joseph geleid hebben.

Pas laat in de nacht kreeg hij min of meer zicht op zijn beangstigend probleem. Gerda lag van uitputting al vredig naast hem te snurken. Hij had haar al het werk laten doen en daar had zij ondeugend misbruik van gemaakt om driftig de teugels te vieren. Onder het motto van 'Elk diertje zijn pleziertje', zeg maar. Doch reeds tijdens deze sessie was hem een lichtje opgegaan dat misschien een eerste sluier van zijn probleem kon oplichten, maar hem daarom niet minder ongerust maakte...

 

Volgende morgen ging Joseph met een beklemmend voorgevoel en hangende pootjes naar 'zijn' stapeltje bakstenen in de hoek van de Tauschmarkt op het Rathausplatz. Maar zijn nieuw geheim contact met de 'meesterspion', dat hij als routine had moeten afhaspelen, liep helemaal verkeerd. Een oudere Rus met vreemde epauletten op zijn blau-grijs officiersuniform toonde nog vóór de aankomst van de Yanks plots belangstelling voor één van zijn Franse 'expliciete werken'. En, toppunt: de man bleek de frivole teksten voldoende te begrijpen om monkelend zijn kepie achterover te schuiven. Maar gelukkig kwam het niet tot een écht gesjacher want de Rus had geen worsten of conserven aan te bieden. En voor de aangeboden machorka-tabak dééd Joseph het niet. Hij kende die grof gesneden rommel nog van zijn veldtocht in de Oekraïne en schrok terug om Pa Krüger daarmee te vergiftigen...Gelukkig bleef de man niet nodeloos aandringen want Joseph had reeds een glimp van US-Sargeant Kieffer opgevangen. Nadien zag hij ook zijn Duitse baas een paar keer in de nabijheid rond drentelen, maar het duurde ruim een kwartier vóór deze hem openlijk aansprak.

Of er sinds gisteren al een "verdachte vreemde" contact met hem had gezocht, wou hij weten, terwijl hij voor de show in een pornoboekje bladerde. Neen dus. Waarop de baas eens fijntjes monkelde: "En de Rus van daarjuist ? Blau-grijs officiersuniform van de Inlichtingendienst ?"

"Die had geen geschikt ruilgoed aan te bieden..."

"Misschien, maar het was wél Luitenant Voronof, mijn collega van de NKVD, die eventjes beleefd met jou kwam kennis maken: zien welk vlees wij in de kuip hebben..."

Joseph schrok zich een aap, maar de Duitser gaf hem geen tijd om te bekomen: "En dàt zou ik ook wel eens willen weten! U zei dus dat u Witze heette, Thomas-Georg, geboren: Köningsberg-Oost-Pruisen op 4 maart 1928 ?"

" 1928 ?" Joseph moest ondanks alles plots glimlachen voor deze pueriele valstrik: " Neen, pardon: 1923! "   

De man diepte een soort steekkaart uit zijn binnenzak en leek het nauwkeurig na te kijken: " Herr Witze, hier staat duidelijk '28, en geloof me, beste man, mijn steekkaarten liegen niét ! Wat maakt dat u zéventien jaar bent, okee ? ...U ziet er wél oud uit voor uw jeugdige leeftijd, beste ! Maar ja: de laatste tijd veel meegemaakt zie ik...Moeder en zuster verloren tijdens de 'Treck' langs de Weichseler Haff... Een zware slag, inderdaad. En dan op 29 januari 45 uit Gotenhafen gevlucht op het hospitaalschip K.D.F(*) 'Wilhelm Gustloff', de volgende nacht wél getorpedeerd, maar halfdood weer opgevist...Na herstel - en ze zeggen hier vreemd genoeg niets van een beenamputatie - in de Marinekazerne van Stettin een speciale opleiding gekregen van 'Einzelkämpfer'...Wat dat ook moge zijn..."

Hij keek Joseph recht in de ogen en zuchtte vermoeid:

" Maar moést u - wat ik zéér betwijfel - inderdaad een dikke vis zijn voor de nazi-jagers van mijn soort, dan bent u dat des te meer voor mijn collega's van de NKVD. Dat zij iets geroken hebben, toonde Voronov daarjuist al. En bij werkelijke interesse zullen ze u gewoon hier komen kidnappen, ook al is dat buiten hun sector. Daartegen kunnen wij u niet beschermen, tenzij wij u vooraf aanhouden...Denk daar tegen morgen maar eens goed over na: zelfde plaats, zelfde tijd...en zelfde 'deal'! ...Straks zal Sargeant Kieffer uw boekjes wel komen omruilen tegen een redelijke vergoeding: uw literatuur schijnt op de Dienst erg in de smaak te vallen...

 Als ruil gaf Kieffer hem een zak met conserven allerhande, maar broden waren er ditmaal niet bij. Dit gaf aan zijn intrede in de 15b wél meer discretie dan de dag voordien, maar deed bij zijn 'gezin' evenveel geestdrift losbarsten. Stel je voor: kleine blikjes leverpaté en tubes zalmpasta voor één persoon, sardines in olie en haringen in vette tomatensaus ! Zelfs een zakje zuurtjes zat erbij, een pakje kauwgom en...jawel: drie condooms, die Gerda niet vlug genoeg voor de ogen van Hildegarde kon wegritsen !

Al deze feestvreugde deed hem bijna de dreigende waarschuwing van de Duitser vergeten: als de Russen je willen hebben, komen ze je gewoon 'kidnappen'. Dat woord riep een verre herinnering op over Amerikaanse gangsters in de politieromans die Arthur Birnbaum destijds las tijdens hun zogenaamde herhalingslessen...Goede oude tijd, inderdaad meneer ! Nu werd hijzélf misschien eerstdaags het slachtoffer om gebonden en gekneveld in de koffer van een auto naar een geheime sovjetkerker gevoerd te worden. Om in 'Nacht und Nebel' te verdwijnen...

Maar waaróm in godsnaam ?! Waarom zouden de Russen zoiets met hém doen ?! Het was wel algemeen gekend dat hun huidige slachtoffers ofwel iets 'wisten' - met andere woorden hersens hadden die ze in de Sovjetunie konden gebruiken: wetenschapslui en dergelijke...Of iets hadden uitgespookt in Rusland dat niet door de beugel kon, in de aard van massamoorden of strafexpedities... Maar Joseph wist dat hijzelf in géén van beide groepen thuishoorde...Of dat van Witze óók met zoveel woorden gezegd kon worden, was natuurlijk een àndere vraag ! ...Alhoewel, een jongen van zeventien ?...

(*) K.D.F. staat voor 'Kraft Durch Freude' ,benaming van de sociale dienst van het z.g. "N.S.Arbeitsgemeinschaft" (algemeen syndicaat) dat - vóór de oorlog - verdienstelijke arbeiders plus echtgenote gratis een veertiendaagse cruise aanbood naar de Canarische Eilanden met het luxe-passagierschip "Wilhelm  Gustloff". Deze cruiser werd tijdens de oorlog omgebouwd tot hospitaalschip onder de vlag van het Rode Kruis ,maar tóch door een Russische duikboot getorpedeerd in de Baltische zee bij Danzig op 30 januari 1945. De kapitein (!) en een dikke duizend vluchtelingen konden gered worden. Ongeveer négenduizend opvarenden verdronken ,al kunnen het er ook twaalf zijn geweest...

Hoe vind je dit bericht? 10 stemmen
Geschreven door jaakmaes om 00:00 Reageer op dit bericht

Deel 339

HERR WEINTRAUB ,U.S.Army Intelligence Service.

De nacht was verschrikkelijk. Aanhoudend schoot hij zwetend wakker uit nachtmerries vol piepende autoremmen ,angstaanjagend krakende traptreden en schurende scharnieren. Toen hij tenslotte de volgende morgen op de Tauschmarkt geraakte, stond hij stijf tegen zijn muurtje gedrukt, als voor het vuurpeloton op het genadeschot te wachten.

Zijn kwelgeest liet hem niet telang wachten en draaide er geen doekjes om: "

" Witze, man, je zit in slechte papieren. Ik heb mijn licht opgestoken wat die opleiding van 'Einzelkämpfer' in Stettin zoal kon betekenen...In feite vormden ze daar de terroristen van de Werwolf, hé...Al goed dat ik ook te weten kwam dat je geen gevaar meer bent voor de openbare orde, want je sneuvelde heldhaftig op 27 april bij de laatste straatgevechten in Steglitz..."

Hij keek Joseph in de ogen: " Wat denkt ge dààr van, jonge man ? Je bent dood ! Hier klopt iets niet hé ?!... Witze is niet uw échte naam, dat is duidelijk, en hoe u juist heet interesseert mij voorlopig niet. Maar waarom ben je zo stom geweest de naam van 'Witze' te kiezen ? Waarom niet 'Adolf Hitler' ,nu je toch een schuilnaam zocht ? Witze was leider voor cel 'Steglitz-3' van de Werwolf, weet ge dat ? Voor een kreupele zoals gij is dat wél wat te hoog gegrepen, vindt ge ook niet ?! Daar trappen wij niet in ,want als je zo stom bent om je achter de valse naam van "Witze" te willen verschuilen ,moet je toch aardig wat serieuzere misdaden op je kerfstok hebben dan dat fanatieke kindsoldaatje ,hé ,logisch ?..."

Joseph besefte dat de andere hem in de tang had en besloot hem het spektakel van zijn gespartel niet langer te gunnen. Dus viel hij terug op zijn tweede fortengordel: " Goed dan: ik ben Jean-Marie Peeters, een Belgische Fremdarbeiter..."

" Fremdarbeiter ? Maar dan had je toch al lang naar je Heimat terug moeten keren ?"

" Inderdaad ,als Belg !. Maar ik ben verliefd, en verloofd geraakt met de jonge Duitse vrouw , Gerda Krüger ,waarmee ik nu samenleef ,zoals u dus ook al weet. En om tóch hier bijeen te kunnen blijven moést ik wel Duitser worden. Mijn zogezegde 'schoonvader' heeft mij dan de papieren van die Witze bezorgd, een HJ-soldaat die voor onze deur gesneuveld is. Enkel die stomme geboortedatum moest op de pas nog veranderd worden van '28 naar '23 en voor de rest was alles piekfijn in orde...zogezegd..."

De burger bleef hem een hele poos schattend aankijken terwijl de sergeant een sigaret opstak. Tenslotte wierp hij het eruit: " Okee ! Goed luisteren: voorlopig blijf je 'Witze' heten: er verandert niets. En van wat hier gezegd werd mag niets uitlekken, verstaan ?! En tracht niet voor ons te vluchten of onder te duiken, want dan verwittigen we de Russische collega's van de N.K.V.D. en kan jij je testament wel maken, begrepen ? Kom dus braaf morgen weer met een paar boeken op je zelfde plaats staan, dan pikken we je wel op voor verdere instructies. Mooi zo ?... Ingerukt ! "

Kieffer ritste zijn culturele opkikkertjes mee en kwakte een kussensloop met individuele K-rantsoenen op Josephs prothese-voet. Maar toen de verhoopte pijnkreet niet kwam, droop hij verongelijkt af ,achter zijn Duitse meester aan.

 

 

Hoe vind je dit bericht? 10 stemmen
Geschreven door jaakmaes om 00:00 Reageer op dit bericht

Deel 340

  

C48. DE AANSLAG.

 

                             Steglitz, 7 augustus '45.

Het huis stond in rep en roer toen hij in de 15b terugkwam. Niét wegens zijn rijke oogst, waar enkel de Weimars volop aandacht aan schonken, maar wél omdat de jonge Miel De Bens een soort astma-aanval had gekregen en erin dreigde te stikken. Gerda was er ook bij en had de crisis al wat bedwongen met een 'rookpil', die in alle Duitse schuilkelders in de EHBO doos voorzien was om bij brand slachtoffers van een rookvergiftiging àf te helpen. Heel de familie De Bens was haar zeer dankbaar voor haar kordate tussenkomst. En plots leken alle vroegere wrijvingen en pesterijen van Ma en Françoise zo kwaad niet bedoeld: vergeven en vergeten ?...Voorlopig toch.

Maar iets later bleek ook Ari Krüger ,Gerda's kleine broer ,dezelfde ziektesymptomen te vertonen, zij het in veel mindere mate. En na een wat doorgedreven ondervraging door de twee oudste zussen zakten hun respectieve broertjes door de mand.

Uit hun bekentenissen maakte Joseph op dat Ari ergens in de bossen van Grünewald een munitiebunker vol kistjes rookgranaten wist liggen die de geallieerden blijkbaar nog niet hadden ontdekt. Volgens Miel leken het wel dikbuikige bierflesjes, gevuld met een stroperig vocht. Ari kende die van zijn opleiding bij de HJ (Hitler Jugend) : als je er zo eentje tegen een boom kwakte, ontplofte die in duizend glasscherven en een reusachtige groene rookwolk, fantastisch om zien ! Die twee bengels hadden daarmee nogal wild 'geoefend' om een dikke mistbank aan te leggen tussen de bomen en plots had een draaiwind dit gordijn naar hen toe geblazen. Ari was op tijd kunnen gaan ritsen, maar Miel was even in die dikke groene nevel verdwaald geraakt en had een paar teugen van deze prikkelende dampen binnen gekregen...

Toen Joseph de jongen op zijn ziekbed bezocht viel hem de zurige lucht op die in het kamertje hing. Die deed hem opeens denken aan zijn konijntjes die destijds, in de 'abri' aan de Bassevillestraat, allen samen plots waren gestikt...En toen hij ook nog de rode vlekken op Miels armen zag, wist hij genoeg. Mosterdgas !

Miel merkte zijn schrikreactie en zei met een hijgend piepstemmetje: " 't Zelfde als Lowietje Maenhout, hé..."

Het duurde even voor Joseph het verband snapte. Maar toen herinnerde hij zich het verhaal dat Miel hem een paar maand geleden verteld had. Over de dood van dat vriendje, Lowietje Maenhout, waarmee Miel in de zomer van '41 een maand op vakantie was geweest bij Duitse boeren. "Kinderlandverschickung", heette dat: groepen verzwakte Vlaamse kinderen werden door de DEVLAG om aan te sterken naar het Hartzgebergte gestuurd...Naar Stadhagen, in de Schaumburger-Lippe ,herinnerde hij zich...Tijdens een uitstap naar het plaatselijk zwembad had dit Lowietje Miel toen in vertrouwen verteld dat hij, samen met een oudere gast, in de duinen van Westende dikwijls 'Cowboy en Indiaan' ging spelen...Die gast had zijn 'kamp' altijd in een ondergewaaide bunker van 14-18, achter het monumentje van generaal Grossetti ,bunker die bij de jeugd gekend stond als 'het slijmkot' om voor de handliggende redenen...En dat die gast hem dan gevangen nam...En in de abri aan de martelpaal bond...En die idioot hem voor straf daar zand liet eten...Zand dat, naar later bleek, vergiftigd was door mosterdgas van de oorlog '14-'18...En dat Lowietje daaraan waarschijnlijk in '42 gestorven was...met zijn lijf vol van die rode plekken...

Joseph stelde de zieke gerust: àls het al over de zelfde vergiftiging zou gaan, waren ze er nu zo rap bij dat hij binnen een week wel weer helemaal genezen zou zijn. Hij zei er natuurlijk niet bij dat het verdomd moeilijk zou worden om überhaupt een dokter te vinden ! Maar Miel leek helemaal opgelucht: " Mag ik u nog iets vertellen ?...Iets dat onder ons blijft ?...Ma, en zéker Françoise,... mogen dat...nooit te wete komen ! "

" Heb je nog een stommiteit uitgefret, misschien ?"

"Ja, misschien...maar dat zal zéker...stukken gevaarlijker zijn...Ik heb samen met Ari...een kistvol van die granaten...een heel stuk verder...door het bos gesleurd ...tot aan de spoorwegviaduct...over de grote baan...Ari zei pas heel op 't laatst...dat de weerwolf die nodig zou hebben...voor een grote aanslag...vanop die brug...op een Russisch troepentransport...En ik wil daar...absoluut geen zaken mee hebben ! ...Ge moet eens met...Ari zijn vader gaan spreken...dat dat niét kan doorgaan hé ! "

Joseph had moeite zijn woede voor dit waanzinnig plan te verbergen, maar kon zich toch beperken tot: "En weet dien onnozelaar dan niet dat de Russen voor elke gedode sovjetsoldaat vijftig burgers afslachten ?! Ik hoop verdomme oprecht dat ze dan ineens ook heel de familie Krüger naar Siberië sturen ! " Hij stond op en om zijn uitval wat te temperen klopte hij bezorgd het kopkussen van de jongen wat in vorm. Het boek dat er onderuitschoof wilde hij terug duwen, tot hij het herkende als één van Dahlmanns collectie...De rode kop van Miel zei genoeg.

" Ha, tiens, waar hebt ge dàt gevonden ?" vroeg hij quasi opgewekt, maar Miel wist zo vlug niet wàt zeggen. Daarom wierp hij de drenkeling een reddingsboei toe: "Ik was dat al een tijdje kwijt...Toch niet van Françoise gekregen, hé ?!"

Miel vond zijn tong terug en zei schor: "Van Ari...Die vond het...vorige week op onze zolder...hier boven "

"Hoe is hem verdomme dààr binnengeraakt ?! Toch niet langs de deur hé, want die doe ik altijd op slot ! "

"Nee, door die spleet in het dak...Ari is een echte slang...met zijn mager lijf...Zo is hem ook...die gasbunker in gekronkeld...De stalen deur stond geblokkeerd ...op een spleet van...nog geen twintig centimeter! "

"Allee, zwijgt nu maar...En dat boekstje zal ik maar beter meenemen, zeker ? Voordat je zuster er op valt ! " grinnikte hij als een samenzweerder ,mannen ondereen....

 

Hij had dus overduidelijk de dader te stekken die in Dahlmanns roze kamer was gaan snuffelen en met zijn drieduizend mark was gaan ritsen. Plus een paar vettige boekjes ,al kon hij er daar wel van missen.  Maar dat fortuin recupereren was natuurlijk een ànder paar mouwen ! Op een spontane restitutie moest hij niet rekenen. Er zou druk bij te pas moeten komen, véél druk: eerst op Ari, onder vier ogen. En als die niet bràk, dan op z'n vader ! Maar verdomme, hoe dan ook: zijn centen kréég hij terug !

Heel de avond en een stuk van de nacht piekerde hij op zijn chantagetaktiek. Zó hard zelfs dat Gerda haar toenaderingspogingen in bed moest opgeven en zich tenslotte verongelijkt van hem afkeerde. Dat de Amerikanen hem bij het 'breken' van Ari konden helpen, stond in zijn hersenspinsels als een paal boven water. Alleen wist hij nog niet juist hoé. Ari's zwakke plekken waren in de eerste plaats zijn relaties met de Werwolf, dan die 'vuile' boekjes die hij stal en aan zijn vrienden doorgaf - waarmee zijn vader zéker niet erg opgezet zou zijn - en tenslotte zijn eigen gasbesmetting.

Zou Joseph hem geen wonderlijke genezing kunnen voorspiegelen, zoals hij overlaatst met 'Plakpot Martens' nog had gedaan ?...

 

De volgende morgen stond hij met nieuwe porno paraat op zijn gebruikelijke stek op de 'Tauschmarkt', toen een stevige Rus ongecomplexeerd kwam neuzen in zijn rommel. Gelukkig deed de man geen bod, en droop gewillig af toen die twee van de 'U.S.spionnagedienst' erbij kwamen staan. Hun interesse voor de boeken was slechts show, want de burger stak direct van wal: "Witze, wij kunnen u gebruiken in onze werking en moeten daarvoor duidelijke afspraken maken. Dat kan hier niet op straat, en ook niet in de car. Het is zelfs hoogstwaarschijnlijk dat onze collega's van de N.K.V.D. ons voor het ogenblik in 't oog houden. Daarom zal ik bij valavond om tien uur bij u thuis langs komen met mijn Nederlandse adjunct om één en ànder op punt te stellen. Onder vier ogen, begrepen, dus zorg dat er niet te veel pottenkijkers rond staan, hé ..."

Hoezo, "ze konden hem gebruiken" ? Als collega-spion ? Hij was dus niet langer meer de ex-Hitlerjeugdfanaat, de celleider van de Werwolf ? Niet langer een lokaas voor de ondergedoken terroristen, of wisselgeld voor een handeltje met de NKVD ? Van pure opluchting schoot hij in een zenuwlach en hikte met tranende ogen:

"Okee dan: tien uur...In de Albrechtstrasse ,15b , op het tweede verdiep. Bonk maar S.O.S in morse op de deur..."

De man knikte en wilde weggaan, maar Joseph riep hem spottend tot de orde: "Hey-hey! Vergeet mijn hongerige kindjes niet ! Geef mij voor de show drie cornedbeefs voor één boek, want ànders zou de N.K.V.D. argwaan kunnen krijgen als je niks koopt...Goed zo, dank je wel ! Kies maar de vettigste uit, voor Sargeant Kieffer ! ...En als toemaatje geef ik je vanavond alle details over een aanslag die de Werwolf voor één dezer dagen plant ! "

De Duitser versteef terplaatse :" Wat zeg je ? Een aanslag ? Van de Werwolf ?"

"Dat is inderdaad juist samengevat, Old Chap ! Tot vanavond ! En vergeet de Bourbonwhiskey niet ! "

Joseph voelde zich als een échte filmster - Humphrey Bogart of Louis Jouvet - in hun rol van meesterspion. Een sigarettenpeuk op de onderlip was het énige wat hem mankeerde...En hij zag vergenoegd hoe de 'Old Chap' in het uitgeworpen aas beet.

"Witze, hoe komt het dat jij iets over deze aanslag kan weten ? Tot nu toe zijn maar een paar man van mijn dienst op de hoogte en die hebben zéker niet gelekt ! Uw info komt dus uit de hoek van de daders ! En dat is niet erg gezond voor u, weet ge ! "

"Dat zal ik wel overleven, zeker, Old Chap ?"

"Witze, hou op met die idiote cinema en noem mij maar Herr Weintraub ! ...En vooruit: wat weet gij van die aanslag ?"

" Hier toch niet hé,...heu... Weintraub ! Denk aan de Russen ! Maar vanavond krijg je een verslag uit eerste hand van twee jongens die ongewild bij de voorbereiding betrokken werden. Die liggen nu ziek in bed, besmet door dat gas en hebben héél dringend verzorging nodig."

Weintraub viel uit de lucht: "Gas ?!...Wàt gas ?"

"Yperiet...Of als ge wilt: mosterdgas. Dààrmee zou de aanslag uitgevoerd worden, als je dat nog niet wist ! U breng dus best vanavond een dokter mee die zo'n besmetting kan behandelen, of je inlichtingsbronnen zouden wel eens vroegtijdig droog kunnen vallen...En vergeet ook niet een stafkaart met de omgeving van de Grünewaldsee bij de hand te houden, waarop mijn patiënten de plaatsen kunnen situeren die u mogelijk interesseren...En doe mij straks, vóór ik hier opkraam, twee 'gaskits' kado: je weet wel, zo'n E.H.B.O-doosje die iedere soldaat bezit om zich te beschermen tegen een gasvergiftiging. Ik wil ze zelfs ruilen tegen twee van mijn bestsellers ! Als je er geen van het Duitse leger vindt, zal een Amerikaanse set mèt gebruiksaanwijzing ook wel goed zijn ,denk ik..." Toen de andere nóg bleef twijfelen, haalde Joseph instinctief plots zijn sergeantenstem boven:

"Dringend, Herr Weintraub ! !"

Dàt hielp.

 

Thuis vroeg het wel wat moeite om Françoise en haar moeder samen te krijgen met Gerda en Pa Krüger. Iedereen wist ondertussen hoe de jongens hun longaandoening hadden opgelopen en was heel opgelucht en erkentelijk dat Joseph voor 's avonds een Amerikaanse legerdokter had kunnen versieren. Ze begrepen ook wel dat de Yanks eerst wilden weten waar die gasgranaten zo voor het grijpen lagen.

Met een leugentje-om-bestwil :"Want ze zijn er, door ondervraging van gevangenen, àchter gekomen dat de Werwolf binnenkort aanslagen plant met gasgranaten...En ze gaan natuurlijk uitzoeken of er een verband bestaat met het accidentje van onze twee gasten, hé: dat ligt voor de hand."

Iedereen keek Joseph ongerust aan en daarom besloot hij nog wat verder door te duwen.

"Een verklikker heeft ook een paar jongens door het bos zien lopen die samen een soort munitiekist droegen... Hopelijk gaat het niet om Ari en Miel, want als die kist teruggevonden wordt en hun vingerafdrukken staan op die flessen dan zullen onze jongens daarvoor een stevige verklaring moeten vinden...Ik zal Miel eens aan de tand voelen, onder vier ogen, en jij, Gerda, zou hetzelfde moeten doen met Ari. Kwestie van niet verrast te worden door die Amerikaanse geheimagent, vanavond. Want je begrijpt wel..."en hier keek hij nadrukkelijk naar Pa Krüger: "als ze nog maar een zweem van Werwolf vermoeden, is dat ook zéér vervelend voor héél zijn familie hé ! En dan trekken ze hun dokter terug en laten ze u ook letterlijk stikken ! Daarom, wilt u Ari verwittigen dat ik hem, vóór de Yanks komen, nog even onder vier ogen wil spreken ?"

En sibillijns voegde hij er aan toe: " Hij zal wel weten waarom..."

 

Heel de namiddag liep iedereen zenuwachtig rond. Gerda trachtte aanhoudend de gierende hoestkrampen van Miel met haar 'Luftschutzpillen' te kalmeren, evenwel verder zonder veel succes. En Pa Krüger had zijn krochende zoon al een ongenadige pandoering gegeven, waarvan enkel Joseph de reden meende te kennen. Toen hij na het avondeten bij de buurman op 'ziekenbezoek' ging wist hij dan ook dat deze het pad al geëffend had. Ari hing met een gestelpte bloedneus op de keukentafel.

"Mooi zo, ik heb het vanmiddag niet willen zeggen om de familie De Bens niet in paniek te brengen. Maar ik weet zeker dat de getuige uit het bos onze twee jongens zal herkennen als de twee dieven die met die munitiekist door het Grunewald rondzeulden. Ik stel dus voor dat Ari het eerlijk speelt en volop met de Yanks meewerkt door op een stafkaart de bunker aan te duiden wààr dat gas ergens ligt opgeslagen. En waar hij die kist granaten naartoe heeft gedragen of waar ze verstopt ligt. En hopelijk nóg ligt, zodat zij die morgen kunnen ophalen. Zeg maar dat je een voorraad van dat vuurwerk wegstak met de bedoeling nog speelgoed over te houden voor làter, tegen dat de autoriteiten die bunker zouden leeghalen...Akkoord ?"

De Krügers knikten bedrukt.

"Dan zou ik nu graag twee woordjes met Ari wisselen waar niémand bij is: het gaat uitsluitend tussen hém en mij, ja ?"

Vijf minuten later gaf Ari hem de 3.000 mark terug...

 

Nog diezelfde avond ,klokslag tien ,verschenen de Amerikanen geluidloos voor de deur van 15b. Joseph schrok zich een aap: hij had buiten staan uitkijken naar een auto uit de Albrechtstrasse ,zittend op een stapel bakstenen. Maar zij waren op hun dikke rubberzolen discreet te voet achterom gekomen door de tuin van het preventorium. Pas binnen in de trapzaal staken ze hun zaklampen aan.

"Second Stock" verwittigde onze polyglot, en ging hen moeizaam voor naar de tweede verdieping. Onderweg merkte hij verbaasd dat ze alle drie hun revolver schietklaar hielden..." La confiance règne..." lachte hij wat geforceerd ,maar zag in de flitsende stralen van de zaklampen slechts grimmige gezichten. Ook toen Françoise hen, bijgelicht door een kaars binnenliet, doorzochten ze eerst wantrouwig alle kamers vooraleer zich in het salon te wagen. Daar stond heel de familie De Bens, plus vader en zoon Krüger, hen met grote angstogen in een kringetje op te wachten, spookachtig verlicht door de stormlamp op het tafeltje. In het midden lag Miel bleek in de zetel als het overjarig kindje Jezus in de kribbe !

Weintraub stak geïrriteerd zijn revolver weg en zei kortaf tegen Joseph: " Sie und die zwei Jungs bleiben hier ; alle Andere raus ! " wat wel even voor commotie zorgde. En terwijl de dokter zich over Miel ontfermde, leidde de derde man Ari naar de mahonie eettafel waar Weintraub al een stafkaart op had uitgerold. Ari had niet veel tijd nodig om zich te oriënteren: bijgelicht door de zaklamp volgde zijn vinger vanaf het eindpunt van de Louisestrasse, rechtdoor de bosweg naar het Jachtschloss aan de oever van het Grünewaldmeer. Vijfhonderd meter het strand af naar het noorden: " Hier gaan wij altijd zwemmen ! "

Maar Weintraub wilde weten waar die verdomde munitiebunker lag. Ari volgde vanaf het meer een stippellijntje vijf-zes centimeter naar het oosten: "Hier ongeveer..."

" En waar heb je die kist granaten verstopt ?"

" Hier, aan de zuidrand van dat ven, 'Pücklerteich'.

Weintraub duidde de twee plaatsen aan met een naaldenprik: "En hoe komt het dat jij zo goed kunt kaartlezen ?"

"Van de jaarlijkse 'Kampflager' met de H.J. natuurlijk, zoals àlle jongens van mijn leeftijd! " zei hij fier: " Bij de nachtmars-op-kaart ben ik nooit verloren gelopen en bij het karabijnschieten op dertig meter was ik zelfs de beste van mijn sectie...Normaal had ik nu al lang mijn derde mouwstreep gehaald als de Ami's drie jaar geleden niet met dat bombarderen waren begonnen: toen vloog ik naar de FLAK en..."

" Ja-ja, maar wat weet jij van die geplande aanslag ?"

"Aanslag ?" deed Ari verwonderd: "Niets..."

"Jongen, ik vraag het nog éénmaal. Denk goed na : Wat - weet - jij - over - die - aanslag ?!"

Ari antwoordde zenuwachtig: "Maar niets, mijnheer..."

"Goed." besloot Weintraub: "Dan ga jij nù met ons mee en morgenvroeg bij de eerste klaarte gaan wij samen eens een wandeling maken in het Grunewald. En ik hoop voor jou en je familie dat wij op die twee plaatsen die verdomde gasrommel effectief vinden ! Vraag je vader thuis wat warme kleren voor de nacht te halen, dan zijn wij weg ! En, " vroeg hij in het Engels aan de dokter die Miel had onderzocht en een spuitje gegeven: " Kunnen we gaan ?"

"Voorlopig gestabiliseerd, maar zou toch beter binnenkort een zuurstofkuur mogen krijgen. Hier in een overvol Berlijns hospitaal is die luxe uitgesloten. Moet dus hoe dan ook gerepatrieerd worden naar Belgium..Dat is geen apenland hé, want sinds 'The Big War' zijn ze daar zelfs gespecialiseerd in de gepaste nazorg voor Yperietaccidenten, lijkt mij...Die komen nog regelmatig voor in de oude slagvelden van "Flanderns Fields" ,heb ik gehoord..."

Weintraub nam Joseph even terzijde: "Verwittig de ouders van de zieke dat de Werwolf vast zal vermoeden dat hun jongen de aanslag verraden heeft en weerwraak zal nemen...Ze kunnen hier beter binnen de 24 uur verdwijnen naar het 'Displaced Persons Camp" in...jawel: Grunewald ! Wij kunnen hen daar morgenavond, zelfde tijd, met het busje naartoe rijden: 'Courtesy of the U.S.Army Intelligence' ! Willen ze niet ,dan zijn de gevolgen voor hen ! Goede nacht !"

Hoe vind je dit bericht? 10 stemmen
Geschreven door jaakmaes om 00:00 Reageer op dit bericht

Deel 341

C49   V-DAY VOOR HERR WEINTRAUB.

 

                          Berlin-Steglitz, 10 augustus 1945.

Die nacht werd er niet veel geslapen in de 15b. Toen ze uiteindelijk tóch in bed kropen lag Gerda maar aan Josephs oren te zagen wat die Amerikanen in godsnaam bezield kon hebben om de 'kleine Ari' mee te nemen. Hij moest eindeloos herhalen wat er gezegd was tijdens de ondervraging van haar broertje, en waarop wie wat had geantwoord. Maar toen ze hem op den duur begon te verwijten niet te zijn tussengekomen om die 'onwettige arrestatie van een kind' te verhinderen ,was voor Joseph de maat vol.

"Luister, mens ! Door jullie schuld, van jou en van je vader, hebben de Yanks mij al die tijd voor die verdomde Witze aanzien. Dat ventje was celleider van de Werwolf, als je het nog niet moest weten ! Met zo'n etiket op m'n voorhoofd heb ik maar héél weinig gezag om de Ami's te vertellen wat ze met een stomme snotaap als Ari al dan niet mogen doen ! Als ze die onnozele blaaskaak een paar nachtjes in de bak houden zal hij misschien geleerd zijn om niet met het leven van andere mensen te spelen ! Ge hebt zelf toch gezien hoe hij die arme Miel heeft toegetakeld, hé ! En als het inderdaad waar is dat hij deel neemt aan een aanslag op de bezetter, dan mag je blij zijn als je hem binnen een jaar terugziet ! In Rusland hingen we die ventjes onmiddellijk op ! "

" Maar toen was het totale oorlog ! "

" En nu niet meer, inderdaad ! Een reden temeer om met dat moorden op te houden ! Want Ari is een moordenaar, begrijp dat goed : het Duitse leger heeft gecapituleerd ,de oorlog is officieel gedaan en alle vijandelijkheden dienen gestaakt ! Hij is geen lid meer van enig erkend leger ,Is niét gedekt door enig erkend uniform maar verschuilt zich in burgerkleren tussen de onschuldige medeburgers bij het plegen van een vijandelijke aktie ,met doden als gevolg ! Dat ventje handelt volledig in de illegaliteit buiten het kader van de krijgswetten :hij is een burger die zijn medemensen doodt ! Dat noemt men een moordenaar en géén soldaat ! En laat me nu in godsnaam slapen, mens, want morgen valt er misschien nog 't één en 't ànder te redden uit de puinhoop die je broertje heeft achtergelaten ! "

 

Ook de familie De Bens kwam die nacht niet aan slapen toe. Het duurde een paar uren vooraleer iedereen zich had neergelegd bij het onvermijdelijke van hun plotse terugreis naar België. Vooral Ma had het moeilijk om zich zo maar te plooien naar het dictaat van "die jood" Weintraub, want op die paar uur kon ze onmogelijk deftig hun hele hebben-en-houden gepakt en gezakt krijgen. Stel je voor: in één valies en twee rugzakken ! Maar nadat éérst Joseph, en na middernacht haar twee dochters, de ernst van Miels ziekte in haar hersens hadden gehamerd, legde zij zich schoorvoetend en pruttelend bij het onherroepelijke neer.

Toen tegen de middag eindelijk alle bundels waren dichtgeknoopt gooide Joseph opnieuw roet in het eten door te opperen dat ze onderweg naar huis misschien lange stukken te voet zouden moeten afleggen...En gezien Pa de zieke Miel op zijn rug zou moeten dragen, waren de zeven resterende bundels voor de drie vrouwen misschien wat veel, niet ? Ma's ogen spoten pure haat naar 'dat kreupel stuk pretentie' waarvoor ze Joseph achter zijn rug uitschold. Maar deze ontfermde zich ondertussen 'broederlijk' over de zieke Miel, die er - dankzij de goede zorgen van de Amerikaanse dokter - al stukken beter uitzag.

" Als ik thuiskom zal ik ze...in Westende...uw groeten doen, " hijgde de jongen ferm: "en zeker uw geburen ...in de Bassevillestraat... En alle Vlaamsgezinden...die ik nog ken van vroeger...en die zich u... ook nog wel ...zullen herinneren."

" Och jongen, ik vrees dat ge daar de Vlaamsgezinden op uw éne hand gaat kunnen tellen ! Nu we den oorlog verloren hebben, zal er aan de kust geen kat nog Vlaams durven spreken ! "

"Ik ga in elk geval mijn...vriendjes van de Duitse boerenvakantie...in Stadhagen terug opzoeken, omdat ik zéker weet...dat zij van ons gezindte zijn...De gezusters Lemot , Solange en Huguette,... om te beginnen..."

Joseph schrok even: " Ja, Solange en Huguette Lemot van de viswinkel: die heb ik ook nog gekend. Heel schoon meistjes..." beaamde hij dromerig.

"En dan nog Omaar Huyghe...en Kamiel Maenhoudt...Zijn broer Lowietje is ...jammer genoeg...gestorven, vergiftigd van de mosterdgas,...juist lijk ik..."

Hop, daar gaan we weer, dacht Joseph ! Dat verhaal vertelt hij al voor de derde keer ! Die angst voor een verstikkingsdood moet er wel héél diep inzitten, en daarom liet hij de jongen nog maar eens zijn hart luchten...

" Lowieke kende ik goed van opschool...en was daarbij mijn dikke vriend daar in Stadhagen ,tijdens die Duitse boerenvacantie...Wij trokken dààr altijd met elkaar op...omdat die vier oudere kinders voortdurend met elkaar..zaten te fikfakken en ons altijd wegjoegen...Dat maakt dat wij getweeën dikwijls alleen naar het "Waldseebad" trokken...Daar heb ik over mijn-eigen veel geleerd...waar ik vroeger beschaamd voor was. Maar als wij op den boord lagen te zonnen...hoorde ik van Lowietje dat hij met hetzelfde zat...ge weet wel: wat ge moet biechten als "vuile manieren" hé...Lowieke vertelde mij toen dat hij in de duinen van Westende...dikwijls met een vriend ging spelen in een bunker...Heel speciaal spelletjes onder jongens, ge weet wel hé...Ze noemden dien bunker ten andere 'het slijmkot'...Dien oudere gast nam Lowieke dan gevangen en sloot hem op in een donker kot van dien abri of bond hem helemaal vast met koorden... En voor zijn straf moest m'n vriendje dan zand eten...en natuurlijk zijn broek uitdoen: dan gaf die Roger hem kletsen op zijn gat. Ik zou dat niet meer plezant vinden, maar mijn vriendje wél want hij vertelde daar altijd opnieuw over…"

" Tiens, " dacht Joseph: " Ik ken er nog zo één ! "

" ...en hij heeft daar veel namiddagen in groot geheim doorgebracht met zijn vriend Roger."

" Roger ?" Er ging Joseph een lichtje op: " Roger De Ceuster ? Van de groenselwinkel op 't Bad ?"

" Ja denk ik, want hij nam als vieruurtje dikwijls wat appels mee voor Lowietje..."

" 't Is maar dat Roger De Ceuster kort na Lowietje...ook gestorven is, en dat ze alle twee ónder de rode puisten lagen op hun sterfbed. Maar ik geloof nooit dat...die gast zo zot was om óók van dat vergiftigd zand te proeven...In elk geval, ge moogt hun ziekte niet vergelijken met wat gij nu hebt: na die Amerikaanse spuiten zult gij wel rap genezen ! En thuisgekomen vliegt ge voor een speciale kuur in een zuurstoftent en zijt ge er vanaf ! "

Die verdomde De Ceuster, dacht Joseph ! En hij hoorde in gedachten Leon het nog vertellen, destijds, toen ze in de lente van '40 op het strand van de Lac-aux-Dames door die zatte Belgische soldaten beschoten werden: hoe die vuile gast klein Leonneke tot allerlei bizarre spelletjes had verleid. Enfin, die viespeuk was eraan gestorven: opgeruimd staat netjes  !              

 

Dezelfde overweging maakte hij toen de familie De Bens die avond de deur van de 15b achter zich dichttrok en met pak en zak in een Amerikaans legerbusje gestouwd werd. Op aandringen van Joseph had Françoise hem toch, zonder veel geestdrift, beloofd de groeten te doen aan Nadine en hij had onmiddellijk spijt gekregen van dit pueriel verzoek. En toen het vehikel vertrok ,beantwoordden Miel en Rika  zijn gewuif nog slapjes, maar Pa en Ma zagen hem niet meer staan: Pa, omdat de zorgen hem boven het hoofd groeiden, en zij omdat ze Joseph openlijk verdacht achter hun plotse 'deportatie' te zitten.

Bon, dan waren ze quitte. Want hij verdacht hààr ervan hem als oud-SSer verraden te hebben bij Pa Krüger ,als dat nog nodig ware geweest. En ze zou vroeg of laat ook wel de Amerikanen daarvan op de hoogte gebracht hebben, als ze er winst had kunnen uit slaan. Een écht rotwijf was het, ook al liet het vertrek van heel die Vlaamse familie wel een leeg gevoel achter. Hij leek wel Klein Duimpje, door zijn arme ouders gedropt in het grote bos...      

 

De volgende morgen liep hij een hele tijd doelloos met zijn ziel onder de arm wat op het tweede verdiep rond. Er was geen electriciteit om naar Dahlmanns radio te luisteren, en om op zijn kristalpost geduldig naar de laatste nieuwsberichten te speuren was hij veel te zenuwachtig. Herr Weintraub van de M.I.S. had hem stevig aangeraden zoveel mogelijk binnen te blijven, en zich niet door de NKVD van de straat te laten plukken. Daardoor schrok hij telkens op als hij een verdacht geluid meende te horen.

Ma en Gerda Krüger stonden overal tegelijk de aflatertjes van de geëvacueerde familie De Bens uit te zoeken, en daar was opvallend weinig bij dat ze niét konden gebruiken. Een bezigheidstherapie, zo bleek al vlug, want natuurlijk zaten ze elk voor zich te piekeren over hoe Ari het er bij de Amerikaanse speurders zou afbrengen...Die zoektocht door het grote Grunewald naar de 'gasbunker' en de verborgen kist rookgranaten kon makkelijk een viertal uur in beslag nemen, dus vóór het middageten moesten ze hem zéker niet terug verwachten...In het beste geval...

Maar pas om drie uur schuurde plots zo'n idiote platte 'Jeep' de straat in. En tot ieders verrassing bleken de twee Yanks geen Ari terug te brengen, maar moest Joseph met hen mee. Nauwelijks had hij zich met kloppend hart en stijve benen onder de huif op de achterbank gewrongen of de sergeant naast hem schoof een zwarte linnen zak over zijn hoofd. Beangstigend, zonder meer...En de dolle rit van een kwartier door de hobbelige straten, met gierende bochten en abrupte stops, was dat niet minder ! Maar eindelijk leken ze een loods in te rijden en werd hij méér een trap op gedràgen dan geleid. Een kakofonie van diktongige kwekstemmen rondom en het geratel op schrijfmachines verried een Amerikaanse administratie. Zijn waakhonden poten hem neer op een stoel en trokken de deur achter zich dicht. Iemand vóór hem zei in het Duits dat hij die zweterige zak mocht aftrekken. Even wennen aan het licht en daar zat Weintraub glimlachend voor hem aan een wanordelijk bureel.

"Ha, Joseph ! Hoe voelt het aan om gekidnapped te worden in volle dag ?!"

Maar deze had zich al herpakt en antwoordde op de zelfde jolige toon: "Ha, Herr Weintraub ! Mijn naam is niet Joseph, maar Jean-Marie Peeters: aangenaam ! "

De andere wuifde ongeduldig: " U heet Joseph en daarmee basta ! Dat afstrijden is een belediging voor mijn intelligentie, en zolang ik nog bij de M.I.S werk, een affront voor heel de dienst ! "

Joseph koos onmiddellijk dit zijspoor: "Zo-zo, dacht u dan binnenkort de dienst te verlaten ? Is de kantine niet naar uw smaak of betaalt het niet meer zo goed ?"

Weintraub leek deze badinerende toon wel te waarderen en haakte in: "Veel erger, mijn vriend: de dienst verlaat MIJ ! Ze wordt binnenkort opgedoekt, nu de oorlog ver gedaan is..."

" Hoezo, gedaan ?!...En Japan dan ?!"

" Heeft u het goede nieuws dan niet gehoord ? Wij hebben zojuist twee ultra zware bommen op Japan gedropt: een volledig nieuw type dat in één klap een volledige stad wegblaast. De Japs spreken van zich onmiddellijk te willen overgeven, en als ze dat niet héél rap doen, zullen er nóg een paar steden in rook opgaan. Dus neem ik aan dat binnen een paar dagen eindelijk deze wereldoorlog achter de rug is, en dan heeft deze dienst geen reden van bestaan meer...Want zó zijn de Amerikanen: ze nemen onbeperkt personeel aan als ze dat nodig hebben, met een handdruk en "You'r in !" Ze betalen goed, dank u ! En als de noodzaak ten einde loopt, zeggen ze even vriendelijk: 'You'r fired! ' Dus is dit hier misschien de laatste maal dat wij elkaar zien, en is het nutteloos elkaar nog meer fabeltjes te vertellen. Ik noem je dus Joseph omdat dit je échte naam is." Nu lachte hij niet meer.

Joseph was even zijn àpropos kwijt vooraleer hij kalm repliceerde: "Maar hoe kunt u dat zo zeker weten ?"

" Goed, dan spelen we het zo...Toen wij die vorige avond bij u op bezoek kwamen op het tweede verdiep van de 15b deed een jonge vrouw met een kaars in de hand de deur open. En wat zei ze ? "Ha, Joseph en Heren, komt binnen",,, Daarbij, de derde man van ons gezelschap - buiten de dokter - was een Belg uit Gent, en die heeft u in de loop van de avond door verschillende gezinsleden 'Joseph' horen noemen...We gaan dus niet kinderachtig doen hé ! "

Joseph haalde even geringschattend de schouders op.

" Je zal wel een duistere reden gehad hebben om je eerst als Witze en later als Jean-Marie Peeters uit te geven, maar die interesseert mij niet meer, en ik ga er hier dus ook niet meer achter graven: je doet maar. Jij was voor de dienst enkel nuttig als eventueel 'Lokaas Witze'. Ik bedoel: je 'om te keren' zoals dat in ons jargon heet, in de hoop daarmee nog vrije leden van de Werwolf te kunnen vangen als die met jou contact zouden zoeken. Maar de bommen op Japan hebben dat allemaal onnodig gemaakt. Gevaarlijk zelfs, want als de Werwolf nù contact met u zoekt is het enkel om u te doden als de verrader van de aanslag..."

" Aanslag ?! Die heb ik toch mee helpen verijdelen ! "

" Neen-neen, die is zojuist door gegaan én gelukt ! Maar al de daders zijn ter plaatse aangehouden of neergeschoten, want dankzij de aanwijzingen van Ari Krüger lagen wij op vinkenslag ! "

" Maar als ge een val gespannen hebt, waarom hebben jullie de aanslag dan niet gewoon verhinderd ?!"

" Och, omdat we wisten dat ze tegen een transport van Sovjetsoldaten gericht was en niét tegen de Amerikanen... En beveiligd door deze valstrik moést de aanslag doorgaan om die fanatici op heterdaad te kunnen betrappen, da's makkelijker. Een stuk of tien Roodgardisten zijn met het mosterdgas besmet, maar die hàlen het wel. Daarbij, we hebben drie daders aan de Russen uitgeleverd als teken van goede wil. Twee hebben wij gehouden als wisselgeld..."

"Ari Krüger soms ?"

"Neen, die zàt al vast en kon dus niet deelnemen. Daarbij: dat kind was slechts een 'Sherpa', een waterdrager, en zal één dezer dagen wel vrijkomen...Neen, de échte Werwolf zit hier in mijn steekkaartenbak. Die hebben wij gevonden in de ruïnes van de Duitse Sicherheits Dienst van Kaltenbrunner..."

..."Op de Fehrbelliner Platz", wilde Joseph automatisch aanvullen, maar kon zich nog juist op tijd inhouden.  

" Daaruit heb ik ook de steekkaart van Witze opgevist, en je daarmee geconfronteerd. Maar zoals je gemerkt hebt zijn veel van die idioten ondertussen reeds dood: zelfmoord of gesneuveld. Anderen zitten krijgsgevangen bij de Russen en misschien zullen wij bij gelegenheid onze collega's van de NKVD daarvan op de hoogte brengen...Alhoewel, nu de oorlog ver gedaan is zullen de overlevenden zich wel koest houden..."

"Zo, dat is dus het einde ?" viste Joseph opgelucht.

"Niet noodzakelijk, wat u betreft. Wij gaan u dus niet meer 'omkeren', maar misschien wél als mogelijk informant laten inslapen voor eventueel later gebruik. Gezien je huidige identiteit van Fremdarbeiter Peeters zal je wel verplicht worden snel terug te keren naar je Heimat. Tenzij je natuurlijk écht met deze Duitse vrouw zou willen trouwen, dan zal de Dienst zorgen dat je hier kan blijven: aan u de keuze ! Maar je moet ons wél altijd op de hoogte houden van elke nieuwe woonplaats die je in de westerse zone zou betrekken. In ruil voor deze verplichting krijg je van ons géén geld, maar wél iedere week een mooi voedselpakket '8 in 1', wat je makkelijk over de nijpende schaarste van de komende Berlijnse winter zou helpen..."

" U plaatst me wél voor een zware keuze, hé...Als ik trouw met mijn Duitse vriendin die mij voorlopig goed over mijn handicap heen helpt, blijf ik uw loonslaaf en moet ik haar door de komende hongerwinter sleuren. Maar trouwen is voor eeuwig...En gezien mijn verminking én de wankele internationale toestand kàn ik onmogelijk de verantwoordelijkheid op mij nemen voor haar welzijn gedurende de komende zwarte jaren...Maar omdat ik dus onmogelijk met haar kàn trouwen, verbreekt u onze liefdesrelatie door mij 'manu militari' naar België te deporteren...Herr Weintraub, u weet toch dat ik weesjongen ben en in mijn Heimat geen enkel familielid heb om mij op te vangen..."

" Joseph, zwijg man, ik krijg tranen in de ogen...van het lachen ! Er is aan u een grote komiek verloren gegaan, weet ge: zoals gij u in uw rollen inleeft ! Chapeau ! ... Deze man, Jean-Marie Peeters, is inderdaad misschien alleen op de wereld geweest, de sukkel. Maar je vergeet dat je deze rol al hebt uitgespeeld ! Voor het ogenblik moet je als 'Joseph So-und-so' verder ! Geluk ermee, maar laat dat mijn plezier niet vertroebelen, hé. Straks bij de viering van Victory-Day wil ik geen nieuwe lijken meer uit de kast zien donderen. Als jij beslist terug naar België te keren, is voor mij het spookdossier 'Witze-en-de-Werwolf' definitief gesloten ! "

Joseph had door deze tirade tijd gekregen zich van de schok te herstellen en haakte flemend in: " Definitief gesloten ? Wilt u mij dan als oud-medewerker een plezier doen en de komedie hier terplaatse nog éventjes verder spelen ? De kleine Ari zal zijn lesje nu wel geleerd hebben en zou zonder gevaar binnen kort 'gelost' kunnen worden, niet waar ?..."

Weintraub knikte terughoudend

" Maar zijn vader, Otto Krüger, is nog een Pruis van de oude stempel: een nationalist die alles wat on-Duits is verfoeit. Als jood zal u dat type wel kennen: geen nazi-beul, maar als hij een slome werkslaaf op de fabriek een stamp onder de kont mag geven van de baas, zal hij dat met plezier doen. Ik lag als 'Auslander' en zogezegd als 'Fremdarbeiter' bij hem zeker niet in de bovenste schuif, tot ik in mei de buren met mijn 'slavenstatuut' en mijn beperkte kennis van het Russisch wat tegen de barbarie van de sovjets kon beschermen. Toen kwam hij opeens zoete broodjes bakken en kreeg ik zelfs zijn dochter kado in bed. Maar nu hij weer veilig in de zone van de Yanks zit, denkt hij mij als zogenaamde schoonzoon te kunnen afdreigen. Ik zou graag de rollen even willen omdraaien en die vent tot wat meer respect dwingen. En dat kan, als u bij de vrijlating van Ari laat uitschijnen dat hij dat te danken heeft aan mijn persoonlijke voorspraak..."

Weintraub had zijn typering van Pa Krüger met stijgende aandacht gevolgd en zei monkelend: " Zo-zo, ons klein Adolfje krijgt weer snorhaartjes ! Gewezen Blokoverste, hé ! ...Okee, niets gemakkelijker: we scheppen hem morgenvroeg voor ondervraging op en laten hem de hele dag sudderen. Jij wordt morgen namiddag opgehaald en na een confrontatie van een uurtje mag je vader en zoon mee naar huis nemen. Okee ? Zogezegd dankzij jouw tussenkomst... Maar ik wed dat hij tijdens zijn ondervraging een paar kennissen aan de galg zal praten om bij ons in een goed blaadje te komen...Niet bang voor uw eigen hachje, Herr Joseph So-und-so?"

 

De zon was nog niet op toen Ma Krüger Gerda al uit haar dromen kwam trommelen: die rotamerikanen van laatst hadden zojuist Pa van zijn bed gelicht, voor ondervraging over de Werwolf van Ari !

Joseph riep nog slaapdronken: " Verdomme Mens ! Wees blij dat hij niet door de Russen gekidnapt werd ! Die Yanks laten hem binnen een paar weken wel vrij, maar met de Ivan kon dat jàren duren ! "

Iedereen geloofde immers de geruchten dat de sovjets hun arrestanten voor ondervraging rechtstreeks naar Siberië sleepten. Over de Amerikaanse methodes was nog niet veel bekend, wél dat ze er niet voor terugschrokken een veroordeelde spion tegen de muur te zetten.

Maar Ma Krüger was niet te stoppen: "Vati is vast opgepakt omdat hij een Belgische SS-er onder zijn dak heeft opgenomen ! Nu zie je maar ! "

Nu schoot Joseph klaar wakker: " ZIJN dak ?! Als ik mij niet vergis woonde IK in 15b lang vóór Gerda met haar boreling ,zwart van het kolenstof , kwam smeken om bij mij een deftige kamer te krijgen ! "

Ma krabbelde wat terug: " Ik bedoel: opgenomen in ons gezin...Wijzelf waren toch niet van de SS hé! "

" Frau Krüger , wil je Gerda laten beslissen of ze met een oud-SS-er een gezin wil stichten, of neem je haar liever nu hiér op staande voet terug ? Wat is't ?!"

Maar Gerda duwde haar moeder reeds buiten, sloeg de deur dicht en sleurde Joseph terug in bed : "Komm' hier, du Böser Wolf !  Fress' mich auf ! Hier ganz drunten anfangen !".

 

Tegen drie uur stonden ze daar weer met hun jeep, en ook al kreeg Joseph ditmaal geen zak over het hoofd, de rijstijl van de zwarte herkauwer achter het stuur was nog even beangstigend als gisteren. Maar door wat afgesproken was met Weintraub hoopte hij ditmaal op een 'happy-end'..

Het discrete hoofdkwartier van de M.I.S. bleek een lichtbeschadigde garagewerkplaats te zijn met een achterliggende burelenblok, waar in alle lokalen druk werd gewauweld. Ze plantten hem neer op een stoel in de gang waar ze hem een half uur lieten sudderen. Dit gaf hem de gelegenheid om in een rondslingerend exemplaar van de soldatenkrant 'Stars and Stripes' uitgebreid kennis te maken met het epos van de afgeworpen 'atoombommen' op Japan, ook al geraakte hij er niet goed uit wijs. Héél misleidend zelfs, want 'atoom' deed denken aan een minuscuul bommetje, terwijl het in werkelijkheid vast een kanjer geweest was zo groot als het vliegtuig zelf ! Tenminste, als je de foto met het resultaat van de inslag mocht geloven ! Effenaf lachwekkend boerenbedrog ! Dit effect van de ontploffing illustreerden ze met een tweelingstel slecht vervalste luchtfoto's - in de aard van de vooroorlogse charlatanreclame voor vermageringspillen 'vóór-nà' - dat duidelijk liet zien hoe er nù ter plekke totaal niets meer te zien wàs ! Enkel de slogan 'COMPLETE ONTHARING IN ééN SECONDE! ' ontbrak nog onder de foto's ! Verdikke, monkelde Joseph, wat zijn die Yanks toch goedgelovige kinderen om dergelijke onnozele propaganda te slikken !

Hij glimlachte nog steeds zelfzeker toen Weintraub hem in een bureel binnenriep, maar schrok wél even toen hij in de hoek Pa en Ari Krüger zag zitten, bleek van de schrik. De Duitse spionnenbaas wees hem met een uitnodigend gebaar een stoel apart: " Joseph, jullie kennen elkaar hé...En ik van mijn kant heb de laatste uren veel van jullie geleerd, vooral dankzij Otto hier. Dat leugentje af en toe neem ik erbij...Zo heeft hij mij willen wijsmaken dat u Obersturmführer was bij de Belgische SS-ers...Maar ik heb hem verbeterd dat zo'n hoge graad niet bestond bij zo'n kleine gevechtseenheid en dat u daarvoor ten andere véél te jong was: wij zullen het dus maar bij 'sergeant' houden hé. Of, zoals de Duitse SS-ers het zo moeilijk zeiden: Oberscharführer, nietwaar ?"

" Och, Herr Weintraub "deed Joseph luchtig: "Noem mij maar voor 't gemak 'Sargeant Joseph', zoals afgesproken."

De Krügers hadden deze gemoedelijke repliek met stijgende verbazing aanhoord, maar Joseph deed er nog een schepje bovenop: " Herr Krüger had zich als schoonzoon misschien een belangrijker personage gewenst dan ik ben, maar zal toch nog een tijdje met mij genoegen moeten nemen. Ik veronderstel dat hij, door mij aan u te verklikken als Obersturmführer, zijn nazi-verleden definitief heeft afgezworen en nu volledig met de USA-forces wil meewerken, nietwaar Otto ?!"

Ari lachte vals, maar Pa knikte verwoed. Weintraub aanschouwde die kronkelende worm ijskoud, en Joseph draaide het roestige mes nog even in de wonde rond:

" Zolang zal ik er wel op toezien dat hij een brave Duitse burger wordt. En als hij zijn mislopen zoon stevig heropvoedt en hem af en toe een bloedneus slaat, dan is de westerse wereld weer twee democraten rijker, niet ?!"

De Krügers grinnikten beaat in hun hoekje en er viel even een pijnlijke stilte voor Weintraub professoraal opstond en de duimen achter zijn bretels haakte:

" Kunt gij daarmee leven, Krüger ? Kunt gij u garant stellen dat uw zoon Ari zijn gevaarlijke apenstreken zal afzweren ? Nu de oorlog voorbij is wordt het toch hoog tijd om tot bezinning te komen, nietwaar...Ik, voor mijn part, wil in elk geval het feest van de eindoverwinning niet bederven door wéér een paar verdwaalden in de gevangenis te werpen. Maar ge moet goed weten dat, als ik de spons veeg over uw verleden zoals Sargeant Joseph het vraagt, gij énkel voorwaardelijk vrij zijt. Dit wil zeggen dat wij u en uw zoon écht in hechtenis nemen als wij nog last van de Werwolf zouden ondervinden. Wij werken op dat gebied volledig samen met de sovjetautoriteiten en ge weet dat zij zo'n stommiteiten niét door de vingers zien ! Zo, met Sargeant Joseph heb ik nog iets te regelen, maar gij kunt alvast gaan ! "

Dat lieten ze zich geen tweemaal zeggen !.

Hoe vind je dit bericht? 10 stemmen
Geschreven door jaakmaes om 00:00 Reageer op dit bericht

Deel 342

C50                                

  DER HEIMKEHRER . (gevangene die terug thuis komt)

                                                                                Steglitz ,half augustus  1945.

Toen Weintraub zorgvuldig zijn pijp begon te stoppen kon Joseph niet nalaten fijntjes op te merken: " Met al die vrijlatingen lijkt het wel of u de dossierkasten aan 't leeg maken bent ! "

"Dat is ook zo...We kregen zojuist bericht dat nu vaststaat dat Japan akkoord is om zich over te geven op voorwaarde dat hun keizer buiten schot blijft. Daarover zal nog wel wat gebakkeleid worden ,want de geallieerden hebben al twee jaar geleden onderling afgesproken dat van de asmogendheden enkel een onvoorwaardelijke overgave aanvaard zou worden. Maar binnen een week of twee komt dat wel goed ,en normaal gezien zullen dan ook de meeste conflicthaarden wereldwijd gedoofd worden. Dan heeft de U.S.A zo'n grote contraspionage niet meer nodig en zal ze wel vlug alle losse medewerkers bedanken voor bewezen diensten. Daarom verwacht ik zeer binnenkort mijn 'Two-Weeks-Notice', mijn vooropzeg...Dus wil ik niet dat er na mijn vertrek hier nog lijken uit de kast vallen. De Dienst heeft mij een leerstoel "Duits" op een college in Ohio-USA aangeboden en dan kan ik dit zwarte deel van mijn leven definitief achter mij laten en de puinhoop, die mijn geboortestad Berlijn geworden is, vergeten..."

" Bent u dan wérkelijk een volbloed Berlijner ? En tóch bent u bureelhoofd van een Amerikaanse inlichtingendienst ? Hoe kon u dààr in godsnaam in verzeild geraken ! "

" Och, da's een lang verhaal...Ik ben hier als jood geboren in 1897 en heb heel mijn leven in Berlin-Mitte gewoond. Prima jeugd gehad en in '22 met een collega getrouwd... Maar in '38 moest ik met mijn vrouw en zoon uitwijken, per schip naar Amerika zogenaamd, omdat de nazi's ons het leven hier onmogelijk maakten. Doch in de V.S. wilden ze ons plots niet meer binnenlaten, en stuurden ze ons per boot retour terug naar Hitler-Duitsland om hier in een kamp te worden opgesloten. Gelukkig heeft de kapitein op de terugweg zijn passagiers nog kunnen verdelen over een paar Europese havens en kwam mijn gezin in Engeland terecht. Maar door de oorlogsdreiging werd de stemming van de Britten tegen ons, Duitsers, met de dag slechter, en tenslotte sloten ze ons een jaar later ook maar op in een interneringskamp. Mijn vrouw kon dat uit heimwee niet aanvaarden - zij was een christin - en heeft zich van mij laten scheiden om terug in Duitsland binnen te kunnen. Zij is er in de oorlog tenslotte hertrouwd met een Berlijnse oud-collega van mij, en ik weet nog steeds niet wat er verder van haar geworden is. Mij hebben de Amerikanen in de zomer van '42 uit dat Brits interneringskamp gerecruteerd omdat ze iemand nodig hadden die Berlijn goed kende: zodoende ben ik voor hun spionnagedienst gaan werken...Door mijn werk daar vernam ik ook dat mijn zoon gesneuveld is tijdens de geallieerde landing bij Salerno, september '43...En dan, god verbetere, nog wel als lid van de SS-elitedivisie 'Hermann-Göring' ! "

Zijn stem werd schor en brak.

Joseph wilde de gêne negeren en viel in: " Een goede vriend van mij destijds ,heeft met zijn joodse familie juist hetzelfde meegemaakt met ook zo'n passagierschip,... de 'Saint Louis' ...of 'Sankt Ludwig'...zoiets ,denk ik. Die zijn, na hun mislukte reis naar Cuba, op de terugweg bij ons in België achtergebleven..."

Weintraub schrok op als uit een droom: " Ja Cuba, juist...De 'S.S. Saint Louis' ! Dat is toeval, zeg ! Weet je misschien nog hoe die familie heette ?"

" Ja : Birnbaum. Theodor, geloof ik: een tapijtenhandelaar als ik mij goed herinner...Die heeft met vrouw en dochter  ,nà zijn terugkeer met die "Saint Louis" ,een tijdje in ons dorp gewoond, tot ze in mei '40 werden gedeporteerd door het Belgisch gerecht: de vrouwen naar Engeland en de mannen naar het zuiden van Frankrijk. Mijn vriend Arthur Birnbaum heb ik een half jaar geleden nog gesproken, hier in Berlijn, waar hij, vermomd als Italiaanse krijgsgevangene, mij het avontuur van zijn overleving onder het Hitler-regiem heeft verteld...Zijn vader en zijn oom waren ondertussen in dat Franse kamp gestorven, en van zijn moeder en zusje uit Engeland had hij ook nog geen nieuws ontvangen... Of hijzelf nadien de laatste gevechten hier heeft overleefd, weet ik niet, want door de chaos van de ineenstorting hebben wij elkaar totaal uit het oog verloren..."

Weintraub had hem met open mond gevolgd en verslikte zich haast in zijn pijp: " Was jij écht bevriend met die Birnbaums ?...Dat waren toch joden ?!"

" Gewoon, Arthur was mijn vriend en voor mijn part een Chinees ! Dat hij jood was en ik katholiek heeft ons nooit geërgerd of zo...Ik vond die rare feestgewoontes van hem wel interessant. Pas veel later, onder de invloed van de Duitse bezetting, werd ons ingelepeld dat de joden al onze miserie hadden veroorzaakt. Maar vóór de oorlog en onder de jongens kwam dat maar zelden ter sprake..."

Weintraub onderbrak hem ongeduldig: " Joseph, jongen, ik meen dit zeer ernstig ! Moet je eens goéd luisteren : wij weten dat er de laatste jaren héél veel joden in Duitse gevangenschap gestorven zijn en tienduizenden worden nog vermist. Het 'Joodse Agentschap' waar ik mee samenwerk doet alle moeite om die vermisten op te sporen en de overledenen officieel te identificeren. Alle getuigenissen die ons bij deze opsporingen kunnen helpen zijn écht van onschatbare waarde, letterlijk ! Het gaat immers dikwijls over grote erfenissen en bankdeposito's die bij gebrek aan nog overlevende rechthebbenden riskeren door de toekomstige Duitse staat te worden aangeslagen...Maar de Birnbaums interesseren mij daarenboven persóónlijk omdat wij blijkbaar op dezelfde reis naar Cuba zaten: dat kan ik op de passagierslijst laten nazien. Hoe dan ook, ik kan hier op de Dienst de boeken niet sluiten voor ik van u alles gehoord heb over de lotgevallen van deze familie, tot de meest futiele gebeurtenis toe. Zo, ik laat u nu naar huis brengen opdat u in alle rust heel die historie nauwkeurig op papier zou kunnen zetten. Overmorgen laat ik u tegen drie uur weer ophalen om uw verslag te bespreken en eventueel een paar bijkomende vragen te beantwoorden...Akkoord ?"

" Ja, natuurlijk, maar er is één moeilijkheid..."

" En wat kan dat dan wel zijn ?" vroeg Weintraub kil.

" Ik héb geen papier! "

Waarop ze beiden in een lach schoten.

 

Nadat Kieffer hem om vijf uur met de Jeep aan de 15b had afgezet kropen de Krügers letterlijk van de kleffe gedienstigheid, Ma en Pa op kop. Ze nodigden Joseph en Gerda zelfs uit voor het avondeten. Maar Weintraub had hem in de namiddag zijn eerste voedselpakket meegegeven - macaroni, Spam, Butterspread en dozen vlees - en Gerda stuurde haar moeder met haar slappe koolsoep feestelijk wandelen.

Na het avondeten floepte het elektrische licht aan. Maar omdat het te laat was voor de nieuwsberichten op de radio ging Joseph nog even op de drempel van de voordeur zijn Chesterfield roken om te trachten zijn herinneringen aan de Birnbaums op een rijtje te zetten. Het werd hem steeds duidelijker dat zijn relatie met Weintraub een geschenk uit de hemel was dat hem zéker geen windeieren zou leggen. Die man zou hem vast nieuwe papieren kunnen bezorgen. Vraag bleef of hij deze 'piston' moest gebruiken om te trachten hier bij Gerda een nieuw leven op te bouwen, dan wel om nog vlug zonder kleerscheuren uit Berlijn wég te komen, richting Aken of Keulen ? De oude papieren van Witze, waarmee Pa Krüger hem omkocht voor een 'verstandshuwelijk' met zijn dochter, waren nu waardeloos geworden. Dus in feite bond niets hem meer aan Gerda, tenzij dan misschien de seks... Daarom was het zaak in het vervolg goed uit zijn doppen te kijken dat uit hun gesmos geen morele verplichtingen voort zouden vloeien...in de vorm van een zwangerschap bij voorbeeld...Want indien hij plots zou beslissen met de hulp van Weintraub tóch uit Berlijn te verdwijnen, dan wilde hij zich voor "zijn laffe vlucht" niet te moeten schamen...

Joseph schrok op uit zijn gemijmer toen hij de man bemerkte die, in de vallende schemer, midden op de stille straat naar hem stond te kijken. Een vluchteling uit het oosten, zo te zien, met rugzak en wandelstaf, of misschien een 'Heimkehrer',een ontslagen Duitse krijgsgevangene zoals je er de laatste weken steeds méér door de straten zag dwalen. Sukkelaars meestal, verminkten op krukken in een vodderig uniform van de Wehrmacht of de Hitlerjeugd, wanhopig op zoek naar de verdwenen familie...

Hoewel deze man er wel afgepeigerd uitzag, leek hij op eerste zicht tóch gezond van lijf en leden. Hij kwam nu uit de schemer twijfelend op Joseph af.

" Goeienavond, jongen, weet je niet of hier nog een zekere familie Krüger in de buurt woont ?"

Verdomme, dacht Joseph, wat moet die van ons ?! Goed nieuws kon je van zo'n schooier moeilijk verwachten...

" Ja..." zei hij afstandelijk: " Wie bent u ? En wat moet je van die mensen ? Kennen zij u ?"

De andere liet met een diepe zucht zijn rugzak neer glijden en zette zich opgelucht op een stapel bakstenen: " Ah, eindelijk ! Na drie maanden doorstappen ! Dat voelt een troepsoldaat in de kuiten, weet je ! " Maar toen Joseph niet inhaakte, begreep de man nogal rap dat er meer uitleg van hem verwacht werd: " Neen, ze kennen mij niet: ik heet Axel Ziegler en ben de beste kameraad van Ernst Schniering... Ernst Schniering, die met een zekere Gerda Krüger is getrouwd...Leeft zij nog, dat gij weet ?"

Een ogenblik wist Joseph niet waar hij het had, maar meende toch te verstaan dat de verdwenen man van Gerda óók nog leefde ! Dat kón toch niet ? Nog leefde, ondanks het 'Führerbericht' van een paar maanden geleden dat die jongeman "waarschijnlijk gesneuveld" was ? Kom nou, daar trapte hij niet in, hoor! Je hoorde tegenwoordig teveel van oplichters die zogenaamd goed nieuws kwamen brengen, enkel om er een slaatje uit te slaan !

" Dus jij beweert dat Ernst nog leeft ? Kan je dat op één of àndere manier bewijzen ? Ik laat Gerda niet van streek brengen door een oplichter, weet je: tegen zo'n stom bedrog zijn we tegenwoordig gepantserd, kameraad ! "

De man scheen die argwaan moeilijk te kunnen slikken en vloog sissend uit: " Zeg ventje, wie denk je wel dat je bent ?! Haar engelbewaarder, soms , of wat ?!"

" Neen kerel, haar echtgenoot ! "

Tableau !

 

Het verdere verloop van de bitsige koehandel liep niet van een leien dakje. Maar toen Joseph op den duur overtuigd raakte van 's mans min-of-meer-eerlijke bedoelingen, besloot hij toch om Gerda erbij te halen...Boven in het licht van de keuken kon hij haar vooraf nog vlug wat voorbereiden op de schok, maar toen dit verpletterende nieuws uiteindelijk tot haar doordrong, duwde ze Joseph ruw opzij en spurtte vierklauwens de trappen af naar de voordeur. Joseph bleef boven nog even bekomen van deze 'coup de théatre', met een half oor luisterend naar de opgewonden conversatie in de trapzaal. Twee minuten later leidde Gerda hijgend die vent het appartement binnen, terwijl ze nog steeds wild vragen op hem afvuurde. Maar Joseph merkte dat de man vooral dringend iets moest drinken en schonk vlug een glas water uit de kraan. En een tweede. En een derde...Pas toén rook hij hoe erg de man stonk. Typische loopgraven lucht, dacht Joseph...

Maar dat scheen Gerda allerminst te hinderen want ze bleef de zwerver maar met haar vragen bestoken, zonder hem de tijd te geven deftig te antwoorden. Tot Joseph het welletjes vond.

"Gerda ! Nu is het genoeg, ja ! ? Geef Herr Ziegler liever iets te eten vóór hij van zijn stokken draait ! We hebben al eens eerder zo'n lijk op onze dorpel gevonden ,hé ! Dat restje 'Hirschknödel' van vanavond is nog een beetje lauw: misschien heeft meneer nog een gaatje en wat trek?" Veel 'Ersatz-hertenbout' zat er wel niet in die deegballen ,maar het had hen bij het avondeten toch gesmaakt...

Er viel een plotse stilte...De man verbleekte en beet met een pijngrimas zijn tanden bloot in een poging instemmend te glimlachen. Gerda schrok even, omdat ze dat 'kletsje' feitelijk voor Ari had voorbehouden maar toch haalde ze de pot uit het keukenbuffet: " Ja, 't is nog wat lauw... Zal ik hem even op de gas zetten, nu er nog druk op de leiding zit ?" Maar de man leek wel bezeten door die vet-rosse smurrie en grauwde als een uitgehongerde hond:

" Nein, lassen Sie nur ! So schmeckt's besser ! " Een bord moest hij ook al niet hebben. Een minuut later was het op en keek iedereen gegeneerd omdat het zo weinig was geweest...Ook de homp oud brood met butterspread verdween schrokkerig in een paar beten. En plots stonden ook - verschenen uit het niet - Pa en Ma Krüger in de keuken te kwebbelen, zij met haar pot groentensoep, die nu wél gretig afname vond. Iedereen riep luid dooreen, maar toch verstond Joseph er uit dat de man van Gerda, die Ernst Schniering, ergens in Potsdam geblokkeerd zat en niet door de Russen in de Amerikaanse zone van Berlijn werd toegelaten...Te mooi om waar te zijn...

Door al dat lawaai om zich heen kreeg Joseph moeiteloos de kans om er stilletjes vanonder te muizen. In het donker van de salon stak hij nog een Chesterfield op om deze kompleet nieuwe situatie even te laten bezinken. Lang moest hij niet piekeren om duidelijk in te zien dat Gerda's - mogelijk - herboren echtgenoot de levensomstandigheden hier drastisch zou veranderen, maar dat dit niet onmiddellijk - en ook niet noodzakelijk - een ramp hoefde te zijn...Als dat verhaaltje van Potsdam klopte ,natuurlijk...

Want, overwoog hij, stel dat ik tóch hier in Berlijn bij Gerda zou willen blijven...Aangezien de Russen die Ernst geklist hadden bij een clandestiene grensovergang, kon het nog wel even duren vóór ze die vent weer losten... Als ze hem al niet naar Siberië stuurden voor een paar jaar...En moest die vent tóch binnen kort hier aan de deur verschijnen, dan is het nog zéér de vraag of Gerda die berooide en uitgeteerde armoedzaaier zou verkiezen boven een gezonde 'rijke boeffer' als Joseph, die tot nu toe - schijnbaar moeiteloos op één been - voor eten op de plank had gezorgd...

En moest hij anderzijds - nù of later - liever in de richting van België vertrekken, dan kon dat zonder veel gewetensbezwaren. Want als je die 'Heimkehrer' Ziegler mocht geloven ,stond de aflosser zogenaamd ongeduldig te trappelen om zijn vroegere plaats aan Gerda's zijde weer in te nemen. Joseph hoefde hem enkel geluk te wensen en zijn valies te pakken !

Wie spreekt er dan over een probleem ?

Maar uit piëteit ging hij die nacht toch maar in zijn oude kamer bij de Weimars slapen. Gerda verkoos hun bed op het tweede verdiep en die Axel kreeg het bed in de mansarde.

 

De volgende morgen vóór dag en dauw was iedereen weer op. Er werd niet gesproken óf en wannéér die Axel vérder zou reizen. Meneer zat bij het ontbijt zo angstaanjagend te schransen, dat Joseph op den duur rap de tafel moest afruimen om nog iets voor later te redden. Als troost bood hij de man wél een Chesterfield aan, die deze in een hoestbui bijna deed stikken. Nadien kreeg hij, mits wat trekken en duwen, door het hele verhaal van 's mans triestige belevenissen, toch een duidelijker zicht op de nieuwe situatie.

Axel was als krijgsgevangene, einde vorig jaar, door de Fransen ingezet om de wouden van de Elzas te ontmijnen, maar de harde levensomstandigheden hadden hem de benen doen nemen. Hij kon achtereenvolgens onderduiken bij zogenaamd 'Deutschfreundliche' Elzasser boeren, die hem eerst de grens en, later bij Koblenz, de Rijn hielpen oversteken. Daar in die stad hielp hij een tijdje in een lazaret en raakte bevriend met Ernst Schniering - de man van Gerda dus - die er verzorgd werd voor ontstoken ogen. En daar slaagde hij er ook in officiële ontslagpapieren te bemachtigen. Ze zijn dan beiden samen al bedelend en op alles wat wielen had langzaam richting Berlijn gebold, waarbij Ernst zich voordeed als blinde en hij als zijn geleider. Maar vorige week in Potsdam liep het mis: de Russen wilden de mislukking van de Potsdam-conferentie wreken met gechicaneer bij de grensovergang naar de stad Berlijn. Ze vonden de papieren van Ernst niet...heu...ernstig genoeg en pakten hem op. Axel geraakte wél door de controle, en besloot alvast voorop naar Berlijn de 'goede mare' te brengen. Binnenkort zou Ernst dan wel volgen. En alvorens verder te trekken naar zijn eigen gezin in Fürstenwalde, een dikke veertig kilometer verder naar het oosten, nam Axel in dank de geboden gastvrijheid aan...Want, eerlijk gezegd, hij kon wel even een korte rustpauze gebruiken...

Joseph haakte niet in op deze toch onrustwekkende uitspraak, maar pakte wél Gerda daarna even terzijde: hoe lang dacht die vent hier feitelijk met zijn "korte rustpause" te blijven plakken, zeg ! ? Op hun kap komen leven en meeëten van hun kostbare voedsel ?! Die man zou voor zijn eigen frico moeten zorgen hé, of hij mocht eventueel bij Gerda's ouders aanschuiven, maar niét aan de tafel van Joseph, verstaan ! Om kordaat te vervolgen: "Dat Ikzelf de twee oude Weimars al in leven hou, moet ruim volstaan om de hemel te verdienen. Sinds rondom ons goede kennissen creveren van de honger - zie maar naar 'Feldwebel' Libovitz die we nog vorige week begraven hebben ! - gaan wij toch geen wildvreemde klaploper vetmesten hé ! ?"

" Joseph, begrijpt je dan niet dat wij énkel via Axel contact kunnen krijgen met Ernst ? Hij weet exact wààr de Russen mijn echtgenoot hebben gearresteerd en zal misschien de officier herkennen die hem heeft afgevoerd.. Zo'n kostbare getuige gaan we toch de deur niet wijzen ! "

"Akkoord, maar méér dan drie dagen mag dat grapje niet duren hé: zoniet trap IK het af ! ...Je zult ten andere eens goed moeten nadenken hoe het met óns verder gaat, mocht Ernst weer boven water komen: als jij terug zijn trouwe Frau Schniering wordt, moet je niet van mij verwachten dat ik hier de rol van minnaar ga spelen hé ! En je vader heeft je ondertussen zeker al verteld dat verdere chantage met mijn SS-verleden, om mij tot iets dergelijks te dwingen, totaal nutteloos is geworden: de Amerikaanse Inlichtingendiensten zijn van alles op de hoogte en vegen hun voeten aan mijn legerdienst."

Die klap moest ze toch even laten bezinken, maar vond al vlug de parade: " Zeg, als je toch zo goed staat met die Herr Traub, die Amerikaanse Berlijner van hun 'Sicherheidsdienst', kan die ons dan niet helpen om bij de Russen uit te vissen wat ze met Ernst hebben aangevangen ?"

Joseph snoof  verachtelijk: dat wijf liet ook nooit eens af ! Maar innerlijk moest hij haar bewonderen voor de hardnekkigheid waarmee zij haar hervonden jeugdliefde trachtte te beschermen. En in dat licht begreep hij dan ook dat hij best zo vlug mogelijk de plaats kon ruimen voor die blinde Casanova van haar...Vooropgesteld dat die inderdaad nog levend zou opduiken, natuurlijk...                

Tegen negenen vertrok Gerda met Axel om te trachten Ernst terug te vinden, of op z'n minst de plek waar de Rus hem had opgeschept. De S-Bahn in de richting van Potsdam reed nog niet, maar veel buslijnen wél: ze zouden wel zien hoe ver ze konden geraken...Misschien kwamen ze zelfs vannacht niet terug: dan zouden ze wel ergens onderdak vinden of onder de blote hemel slapen. ...(ja-ja)...Joseph had er maar een vies oog in, in die verwarde plannen, en verklaarde hen zot.

Heel de dag werkte hij verbeten aan het chronologisch verslag van zijn maandenlange vriendschap met Arthur Birnbaum en wat deze hem verteld had over de belevenissen van zijn familie. Natuurlijk zette hij stevig in de verf hoe hij tijdens het eerste oorlogsjaar naar de weggevoerde gezinsleden gespeurd had: dat hielp misschien om op een goed blaadje bij Weintraub te komen...Het volgend verhaal over de wonderbaarlijke 'weerzien' met zijn ondergedoken vriend in de kelder van het SS-Hauptamt tijdens de laatste oorlogswinter lag wel wat moeilijker. Het vereiste een paar eufemismen en vergetelheden om daarin de waarheid niet écht te verkrachtten en tóch hemzelf de strop niet om de SS-hals te trekken. Wat Arthur hem daar in die kelder vertelde over zijn belevenissen, tussen zijn deportatie naar Frankrijk door de Belgen in mei '40 en zijn gevangenname aan de Zwitserse grens als 'Macaroni' door de Duitsers in september '43, kon hij enkel erg vaag aanhalen omdat hij het zich maar half meer herinnerde...Maar hij hoopte dat juist deze vaagheid Herr Weintraub zou weglokken uit Josephs eigen troebele SS-verleden, en zou aanzetten om zich vast te bijten in het beloftevolle verslag over het Zuid-Franse interneringskamp en Arthurs vlucht van daaruit naar Zwitserland...

Tegen zes uur was zijn huiswerk klaar: elf A4 bladen vol. Juist op tijd overigens, want Gerda en Axel kwamen net terug van hun verkenning: bek-af maar toch content dat ze de grensovergang in kwestie überhaupt nog gevonden hadden...Het bleek het 'Checkpoint' aan de Glienicker Brücke te zijn, tussen Wannsee en Potsdam. De Amerikaanse wachtpost aan het begin van de brug had hen zonder veel poespas doorgelaten, maar bij de Russen aan het àndere einde vingen ze bot. De taalbarrière deed hen de das om. Ze slaagden er wel in een 'Dolmetscher-vertaler' aan te klampen, maar die verwoordde hun bede blijkbaar zo slecht dat de Russen steeds wantrouwiger werden. De 'officier van wacht' kregen ze zelfs niet te zien...

"Neen Joseph, zo is het hopeloos...Als we überhaupt iets willen bereiken, moeten we het via de Yanks proberen te flikken ! Wat mij weer bij mijn eerste idee brengt: kan jij je Amerikaanse vriend van de 'U.S.Sicherheitsdienst' niet voor onze kar spannen ? Die moet toch contacten hebben met zijn Sovjetcollega's hé...En als de Russen wat goede wil tonen kunnen die toch moeiteloos achterhalen wat ze op 12 augustus met mijn man hebben gedaan ?..."

" Ja àls, àls, àls ! Gij denkt toch niet dat de NKVD onmiddellijk uit de startblokken springt, omdat jij je vent niet meer vindt ! En vóór die mannen uit hun luie stoel komen, zal er éérst een zware prijs betaald moeten worden, zoals dat bij die diensten gebruikelijk is: gelijk oversteken ! ...Maar goed, ik zal het vragen: morgen komen ze mij toch ophalen..."

 

Weintraub was heel tevreden met de inlichtingen die Joseph hem met zijn uitgebreid verslag over de Birnbaums had gegeven. Maar vooraleer daar dieper op in te gaan, moest hij het eerst nog eens grondig bestuderen: dat was iets voor de volgende dagen...

" Herr Weintraub, wat mij al een tijdje intrigeert is de losse manier waarmee u met mij omspringt: ik, een oud SS-er, terwijl u toch als jood uit nazi-Duitsland moest vluchten..."

" O-maar ! Ik ben niet met alle SS-ers zo coulant, hoor ! Maar ik zal u een bekentenis doen: u lijkt fysisch héél erg op mijn zoon, die na mijn scheiding met mijn ex naar Berlijn terugkeerde. Tenminste, ik veronderstel dat hij er op z'n tweeëntwintigste zo zou hebben uitgezien. Jullie lijken niet alleen qua houding, karakter en uitstraling als tweelingen op elkaar, maar jammer genoeg ook qua carrière. Hij bracht het ook tot SS-Oberscharführer bij de divisie 'Hermann Göring'. Ik kan mij dus als Duitser goed voorstellen dat hij en zijn vrienden niet allemaal barbaarse beesten waren. En wat u betreft geef ik u graag het voordeel van de twijfel, vooral nu de slachting toch definitief gedaan is...Gij en ik en àlle overlevenden zullen van hier af aan helemaal opnieuw moeten beginnen, wat ook voor u niet zo gemakkelijk zal gaan, neem ik aan..."

"Mnnn, inderdaad..." Voorzichtig gooide Joseph het over een andere boeg: " Heeft de Dienst ù ontslagen of hoe zit dat ?"

" Nog niet, maar ik verwacht het toch in de komende weken...en dan neem ik een nieuwe start aan mijn 'college' in Ohio, USA..."

"Hoe bent u feitelijk in de Amerikaanse contraspionage terecht gekomen ? Als Duitser, bedoel ik..."

"Heel gewoon...De Britten hadden mij bij het uitbreken van W.O.II geïnterneerd op het eiland Man, en daar zijn de Yanks mij na drie jaar gevangenschap in de zomer van '42 komen "bevrijden" ,zogezegd. Ze hadden een Berlijner nodig die de hoofdstad kende als zijn broekzak, en ik was de geknipte man: ik ben hier geboren en heb er 41 jaar ononderbroken gewoond tot '38. Dus gedurende de drie jaren van mijn contract heb ik hen nauwkeurig beschreven wat er bijzonder was aan élke wijk, aan élke straat: ministeries of fabrieken, woonkazernes of sjieke villa's, kleine nijverheid en grote concerns, àlles ! ...Al had ik, zéker in het begin, geen idee waarom ze dat alles wilden weten ! "

Joseph trok verwonderd de wenkbrauwen op.

"Neen, écht waar ! Wij werkten met een klein groepje burgers in een godvergeten nest in Schotland, ver van de oorlog, en hebben slechts zelden een uniform gezien...Het resultaat van mijn nauwgezet werk als 'stadsgids' zag ik voor het eerst twee maanden geleden, nadat de Airforce er zich gedurende drie jaar van bediend had. Ik herkende zelfs het stratenplan van mijn eigen buurt niet meer ! Echt waar: ik heb lang gehuild: mijn eigen Berlin-Mitte, Potsdammer Platz en alles in een wijde cirkel er om heen was één kraterveld, één aanéénschakeling van uitgebrande gevels ! Alles wég: schouwburgen, paleizen, musea, ja zelfs de parken ! In één woord: afgrijselijk ! Heel het decor van mijn jeugd, het milieu van mijn rijpere leeftijd was tot diep onder de grond verwoest ! En wat mij nog het ergste raakte: verwoest, waarschijnlijk mee door mijn eigen schuld en door mijn kortzichtige wraaklust !"

Toen Joseph niet inhaakte vervolgde Weintraub somber: "Van de 150.000 burgerslachtoffers die de Airforce hier in mijn geboortestad blijkbaar maakte, heb ik er waarschijnlijk ontelbare op mijn geweten. En ook al voél ik mij geen massa-moordenaar, toch ben ik dat in feite wél. Anderzijds kan ik in eer en geweten zeggen, zoals zoveel kleine radertjes in deze helse machinatie: "Dass hab' ich nicht gewusst ! "...Maar omdat ik langs de kant van de overwinnaars sta, zal niemand het wagen dit versleten excuus weg te honen...Eerder trachten ze de wonden in mijn geweten te helen met de bedenking dat mijn slachtoffers 'slechte Duitsers' waren...Waanzin natuurlijk...Daarom ben ik blij dat ik het leger kan verlaten om met mijn eigen in het reine te komen...En wat jou betreft, Joseph: wat jij in de laatste jaren ook mag uitgespookt hebben, ik voel mij door mijn medewerking met de moorddadige US-Airforce niet de geschikte persoon om daar over te oordelen..."

Joseph wist zo vlug niet hoe hij op deze biecht moest reageren, en terwijl zijn 'ondervrager' nadenkend zijn pijp stopte, kon hij enkel verlegen stamelen: " Herr Weintraub, ik dank u...ik dank u uit de grond van mijn hart...dat u mijn geval zo ruimdenkend wil benaderen..."

"Méér kan ik ook niet voor je doen, Joseph, en de problemen die je hebt kan ik niet voor je oplossen. Je staat voor een duidelijke keuze: als je het verleden wil vergeten en hier in Berlijn een nieuw leven wil opbouwen, zal je met die Duitse vrouw moeten trouwen..."

"Dat is al opgelost." zei Joseph groenlachend: "Haar man was officieel vermist , of ,zoals jullie het zeggen : M.I.A. (missed-in-action) tijdens de gevechten in Zuid-Frankrijk...Maar die vent is plots weer opgedoken. Hij is uit een gevangenkamp in de Elzas naar hier gevlucht, maar de Russen hebben hem een paar dagen geleden opgepakt toen hij illegaal langs het Checkpoint van de 'Gleinicker Brücke' de U.S.zone van Berlijn wilde binnenglippen ! Goed voor hém ,maar door zijn herreizenis uit het graf kan er dus geen sprake zijn dat ik nog met Gerda Krüger zou trouwen. Maar ze wou, via mij, wél hulp zoeken om haar man terug te vinden en vrij te krijgen. En, voor zover wij zien, bent u de enige die ons daarbij zou kunnen helpen...Uw Russische collega Voronov is u misschien nog iets schuldig voor uw hulp bij het oplossen van de gasaanslag op zijn troepen in het Grunewald...en, wie weet, tot een soort wederdienst bereid ? Zo gaat dat toch in uw milieu, heb ik begrepen..."

De Duitser blies verwoed dikke rookwolken naar het plafond, trok toen een lade open van zijn bureel en haalde er een steekkaartenbakje uit. Hij schoof het naar Joseph toe en zei bitsig: "Dit zijn allemaal vermoedelijke leden van Kaltenbrunners Werwolf hier in Berlijn, maar niemand weet of ze nog leven. Kies er drie uit ! " En toen Joseph verrast twijfelde, spotte Weintraub:

"Komaan, speel maar voor God ! En hoop dat ze reeds gesneuveld zijn ! Want dàt is de prijs die Voronov ongetwijfeld aan mij zal vragen voor de vrijlating van uw medeminnaar ! "

 

Twee dagen later werd een uitgeteerde Ernst Schniering door Kieffer in de 15b afgezet, terwijl in de Russische NKVD-kazerne van Berlin-Karlshorst een huilende HJ-jongen een nekschot kreeg.

Hoe vind je dit bericht? 11 stemmen
Geschreven door jaakmaes om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van " De Afrekening"

↑ Terug naar de berichten