Gefeliciteerd


Een man en een vrouw hadden twee kinderen Ze heten Mark en Frank. Op een dag kregen ze nog een kindje.Ze gingen naar het gemeentehuis om het kindje aan te geven. Ambtenaar: "Wat word de naam van uw zoon?" Vrouw: "Euro" Ambtenaar: "Euro?" Man: "Ja,we hebben al Mark en Frank. Nu hebben we de nieuwe Euro!"

Zo, mevrouwtje," zegt de dokter, "wat kan ik voor je doen?" "Het is eigenlijk voor mijn man dat ik kom, dokter." "Wat heeft jou man dan wel?" "Hij denkt dat hij onzichtbaar is." "Dan zal je hem toch eens moeten meebrengen, dat ik hem kan onderzoeken." "Maar dokter, hij zit hier naast me!

antje geeft straks zijn kinderfeestje. Zijn moeder zet allemaal flessen cola in de koelkast en dan zet Jantje een lege fles in de koelkast. Zegt zijn moeder: "Waarom zet je een lege fles in de koelkast?" "Voor de kinderen die geen dorst hebben!"

Op een dag ging Jantje naar school. Toen vroeg de meester: "Waar stierf napoleon?" Jantje: "Op bladzijde 72 van het geschiedenisboek."

Er zijn 2 Belgen verzopen in Amsterdam. Ze wilden hun waterfiets op de standaard zetten.

Een pas gehuwd koppel gaat slapen.
Na een half uurtje zegt het vrouwtje dat ze het koud heeft.
De lieve echtgenoot het bed uit en neemt een extra deken.
Een half uurtje later zegt het vrouwtje dat ze het nog steeds koud heeft.
Haar man terug uit bed en geeft nog een extra deken.
Een half uurtje later zegt het vrouwtje weer dat ze koud heeft, dit met de vraag "weet je wat ons vader deed als ons moeder koud had?"
"NEEN", was het antwoord.
"Hij ging boven op ons moeder liggen".
Hij antwoord: "Schat, dit is nu toch geen uur om uw vader te gaan halen".

Dokter tegen een man: "Meneer u zult minder moeten drinken, want uw bloed is verdampt voor ik het kan onderzoeken."

Een vader loopt met zijn zoontje langs bessenstuiken.
Zegt de jongen :"papa wat groeit er aan die struiken?"
Zegt de vader: "dat zijn blauwe bessen."
Zegt de jongen:" maar de bessen zijn rood."
Zegt de vader: "dat komt omdat ze nog groen zijn"

De eerste Nederlander en eerste Belg komen elkaar tegen.
"Even voorstellen, ik ben VIND-CENT".
"Aangenaam", zegt de Belg, "ik ben WIL-FRIET en zo kennen we elkaar" .

Baziel staat met zijn frietkot rechtover de bank. De zaken gaan goed
en hij verdient er een schone euro aan. Hector, zijn vriend die altijd geld
te kort heeft, vraagt hem om 50 euro te lenen.
't Is niet dat ik niet wil, Hector, maar ik mag niet want ik heb een
overeenkomst met de bank van hier rechtover. Ik mag geen geld lenen,
en zij mogen geen friet verkopen.