Kantgedichten

Houtje-touwtje
Ik de klos?
Van geen kanten.
Op een 'ik en een gij' is draad weg van mij.
Hij windt me op.
Zonder gêne en met een aai en een draai
slingert hij zich rond mijn lijf.
Duchtig geeft hij van katoen,
omstrengelt me krols
en brengt mijn hoofd op hol.
Als hij mij innig omhelst,
stok ik van emotie -
speelsheid en verlangen vinden elkaar.
Smoor belanden we op het kantkussen,
- het voorspel op kanthemel - en klossen
al zoenend het onzegbare bijeen.
Draad maakt me tot zijn stokpaardje
en laat mij aan den lijve ondervinden dat
ik uit het goede hout gesneden ben.
Ik de klos?
Nee, Eros
(Maaike Reynders)
~~

~~
Annie Rose Laing (née Low)
Lacemaker
~~























