Maandag 2 april 2007
Ene romance
J.J. A. Gouverneur
(1809-1889)
ENE ROMANCE
PROEVE VAN THANS IN ONBRUIK GERAAKTE DICHTTRANT
Op de burgwal staat de dame,
Doek en wangen nat van tranen;
Want een dame in de romance
Moet zich steeds ellendig wanen.
En de maan ziet op haar neder,
't Stormt uit alle hemelstreken;
Want in de romance mogen
Maan noch stormwind nooit ontbreken.
En de dame wringt de handen,
Kan haar onrust niet bedwingen;
Want in de romance moet ook
Iemand wel zijn handen wringen.
Weet, haar ridder trok ten strijde,
Heel in blinkend staal geslagen;
Want een ridder der romance
Moet koen lijf en leden wagen.
En de dame weent nog stadig,
Weent, tot laat de sterren schijnen,
Want in de romance moet toch
Stadig aan de dame gijnen.
En de ridder vecht zo dapper,
Dat de vijand 't niet kan halen;
Want in de romance dient wel
Steeds de held te zegepralen.
Zie – daar breekt het hart der dame,
Puur uit zorg voor de geliefde;
Want geen dame in de romance,
Die niet iets ter dood toe griefde.
Maar de ridder ook moet sneven,
Daar de krijgskans zich gaat wenden;
Want het moet in de romance
Steeds met moord en doodslag enden.
Marie Boddaert (1844-1914) MIJN ZIEL IS IN MIJ Mijn ziel is in mij als een kind Dat droomt, terwijl zijn voeten bloeden, Van vleugels v…
Marie Boddaert
(1844-1914)
MIJN ZIEL IS IN MIJ
Mijn ziel is in mij als een kind
Dat droomt, terwijl zijn voeten bloeden,
Van vleugels verloren, die hij, de moede,
Wel eenmaal wedervindt.
F. L. Hemkes (1854-1887) DAAR RIJST ME IN 'T HART... Daar rijst me in 't hart een droef gedicht, Terwijl de hemel straalt en lacht: 'Een blo…
F. L. Hemkes
(1854-1887)
DAAR RIJST ME IN 'T HART...
Daar rijst me in 't hart een droef gedicht,
Terwijl de hemel straalt en lacht:
'Een bloem ontluikt bij stervend licht
En leeft - een enkle lentenacht.'
'De wind is stil en alles rust;
De bloemen knikken, fluistren zacht
En dromen dat de zon haar kust -
Nog éne bloem slechts waakt en wacht.'
'Zij waakt en wacht, totdat de trans
Gekleurd wordt door het morgenrood;
Dan sterft zij met der sterren glans;
De dag breekt aan, de bloem is dood.'
Waartoe is deze tijd een klacht,
Terwijl de dagen zonnig zijn? -
Mijn liefste is als een bloem, die wacht
Op levensvreugde en zonneschijn!
Van wat voorbij is, hoor je de slag in het water en van de spatten blijft alleen de spot die het leven drijft. Het water is weer rustig Het …
Van wat voorbij is, hoor je de slag
in het water en van de spatten
blijft alleen de spot
die het leven drijft.
Het water is weer rustig
Het vergeet zo vlug
zijn rimpels
Armand Van Assche