Naar de inhoud

Ondersteuning bij Professionele Ontwikkeling

Keuzecursus - Hogeschool Utrecht
seniorennet.beseniorennet.be

POSTER PRESENTATIE

Screening for Delirium

M M S E  hét screeningsinstrument voor Delirium

DELIRIUM

Toelichting

 

 

 

[…]

Inleiding

 

 

 

[…]

Ruimte voor tekst

 

 

 

[…]

Iets extra accentueren?

Astrid Versluis, Fleur Vollering & Ingrid Raangs— Screening for Delirium—2006

Titel/ Stelling

Mini  Mental  State  Examination

Meer informatie …

 

 

 

 

 

 

 

[…]

Argumenten

· Patiënten >70 jaar

· Ziekehuisopname

· Delirium

· Screening

· Preventie

· Behandeling

 

Interventie

MMSE

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Ingrid om 21:58 Reageer op dit bericht

Persoonlijke introductie

 Welkom !

Ik ben Ingrid Raangs, 21 jaar en woon in Zeist. Ik ben 3e jaars verpleegkunde studente aan de Hogeschool Utrecht. Naast mijn opleiding heb ik een bijbaan in de ouderenzorg in Park Boswijk in Doorn. Ik heb stage gelopen in de verstandelijk gehandicapten zorg (Abrona), in een algemeen ziekenhuis (Diakonessenhuis) en in de psychiatrie (UMC Utrecht). Als ik klaar ben met mijn opleiding wil ik graag in de wijkverpleging gaan werken. Wat ik verder leuk vind: mijn vriend Richard!, reizen (Italië, Oostenrijk, Perzië, Griekenland, Afrika, Bahama's), vreemde talen (Russisch, Italiaans, Turks) en winkelen (schoenen!), koken, lekker eten (Indiaas) en muziek luisteren (Reggae, Wu-tang-klan, the Corrs, Roxette, Celine Dion, Tina Turner, Trance, The Shadows, Coldplay, Simon and Garfunkel, etc). 

 

 

De cursus 'Ondersteuning bij Professionele Ontwikkeling'

Op deze webblog heb ik een verslag gemaakt van de keuzecursus 'Ondersteuning bij Professionele Ontwikkeling' die ik gevolgd heb binnen het profileringsaanbod van de Faculteit Gezondheidszorg van de Hogeschool Utrecht. De cursus bestaat uit diverse themalessen en het zelfstandig uitvoeren van een aantal begeleidingstrajecten.  Bij de aanvang van de cursus heb ik een startassessment gemaakt. Met behulp van het startassessment heb ik in kaart gebracht welke competenties op het gebied van kennis, vaardigheden en professioneel gedrag ik bij de aanvang van de cursus al bezat en welke vaardigheden ik nog verder wil ontwikkeling. Van de thema lessen en de begeleidingstrajecten heb ik een uitwerking gemaakt die op deze webblog te lezen is.

 

 

 

ProfileringOnderwijs

Ingrid Raangs

Verpleegkunde

1180107

V3C

 

Begeleider

Dhr. J. Slothouber

 

 

Datum

Jaargang  2005-2006

 

 

 

Hoe vind je dit bericht? 5 stemmen
Geschreven door Ingrid om 18:59 4 reacties Reageer op dit bericht

De cursus: Ondersteuning bij professionele ontwikkeling

Cursus ‘Ondersteuning bij professionele ontwikkeling’

 


Inhoud

Deze cursus is keuzecursus van het profileringsaanbod van de Faculteit Gezondheidszorg van de Hogeschool Utrecht. Het themapakket is de manier om op een ander niveau met je vak om te gaan. Je leert hoe het is om (toekomstige) vakgenoten te ondersteunen in hun leerproces en professionele ontwikkeling. Het gaat dan om technische vaardigheden maar vooral ook om algemene vaardigheden als omgaan met patiënten/cliënten of collega's, presenteren en samenwerken. Je coacht of begeleidt de ander daarin en als bijkomend voordeel geldt dat je zelf meer boven de stof komt te staan.

 

Concrete praktische opdrachten vormen de basis van het programma van dit themapakket. Je kunt daarbij denken aan het voeren van een aantal coachingsgesprekken met jongerejaars of het verzorgen van een stukje onderwijs. Via activerende werkvormen tijdens de bijeenkomsten en zelfstudieopdrachten verwerf je kennis en deelvaardigheden die je nodig hebt bij het uitvoeren van de praktische opdrachten. Je bepaalt vooraf in overleg met de docent de vorm, inhoud en manier van evalueren van de praktische opdrachten. Je producten verzamel je in een portfolio.

 

In het themapakket komen de volgende onderwerpen aan de orde.

Coaching:         coachingsvaardigheden,

gespreksvoering,

luisteren,

feedback geven,

stimuleren,

motiveren,        

vertrouwensrelatie opbouwen,

beroepsethiek.

 

Begeleiding:      begeleidingsstructuren,

leiderschapsstijlen,

ontwikkelingsdoelen stellen,

plannen

 

Scholing:          Presenteren,

didactiek,

leerstijlen,

opleidingsprogramma’s opstellen,

scholing organiseren.

 

Cursusdoelen

Na afronding van dit themapakket is de student in staat om anderen door coaching, begeleiding en/of scholing te ondersteunen in hun professionele ontwikkeling.

 

  

Persoonlijke motivatie

Wat wil je bij jezelf verder ontwikkelen en welke bijdrage heeft het keuze onderwijs hierin?

 

Ik heb gekozen voor de cursus “Ondersteuning bij Professionele Ontwikkeling” omdat ik het belangrijk vind dat ik goede vaardigheden heb omtrent het presenteren. Ik bedoel daarbij niet alleen het presenteren van bijvoorbeeld een scriptie of een klinische les. Het gaat mij om de presentatie van mijzelf. Hiermee bedoel ik, mijn presentatie, hoe ik op anderen over kom. Welke indruk laat ik bijvoorbeeld achter? De ontwikkeling van mijn capaciteiten omtrent het presenteren van mijzelf als verpleegkundige. Ik denk hierbij ook aan bepaalde eigenschappen, zoalt het nakomen van afspraken, het interesse tonen in nieuwe ontwikkelingen, het creëren van een goede teamsfeer, enzovoorts.

 

Wellicht is het niet geheel helder wat ik nu allemaal als motivatie heb voor deze cursus, maar kort samengevat verwacht ik het volgende. Ik heb de verwachting dat ik door het volgen van deze cursus “Ondersteuning bij Professionele Ontwikkeling” een basis krijg aangeleerd die ervoor zorgt dat ik meer inzicht heb in mijn eigen ontwikkeling en de kenmerken van het ontwikkelen van een professie hieraan kan koppelen. Ik verwacht dat deze cursus mij zal helpen bij het aannemen van een professionele houding in mijn toekomstige beroep als verpleegkundige.

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door Ingrid om 18:45 Reageer op dit bericht

Thema 12 - Presentatie

Thema 12  Presentatie


Sandra en ik hebben een presentatie voorbereid. Hierin hebben wij een videoband met daarop een coachingsgesprek tussen Ingrid en een medestudent van ons. Hierin is Ingrid de gecoachte en zullen wij de coach gaan analyseren. We hebben ook een analyselijst gemaakt voor de klas, zodat zij de coach ook kunnen analyseren en we er een interactieve presentatie van kunnen maken. Deze lijst hebben we zelf opgesteld, zodat hij toegepast was op ons videofragment.

 

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door Ingrid om 00:00 Reageer op dit bericht

Thema 11 - Sfeer creëren

Thema 11   Sfeer creëren


Voor deze les had iedereen als voorbereiding wat lekkers te eten en te drinken meegenomen.

Deze laatste twee lessen hoefden we eigenlijk niet meer in ons portfolio te beschrijven.

 




In de les

-          We hebben in groepjes van 4 een puzzel gemaakt. Iedereen kreeg een enveloppe met puzzelstukjes, deze stukjes moest je ruilen met je groepsgenootjes om je eigen puzzel te kunnen maken. Maar bij het ruilen mocht je niet praten en wijzen.

-          Jacco deed een testje met Valentine om te kijken of ze onafhankelijk dacht. Hierbij moest ze terug tellen vanaf 50. Jacco zei op 3 momenten stop en stelde dan een vraag:

 Vraag 1: noem een kleur

 Vraag 2: noem een instrument

 Vraag 3: noem een gereedschap

 Als je hierop geantwoord had: rood, viool en hamer denk je niet onafhankelijk.

-         We hebben een levenskwadrant ingevuld met sterren, melkkoeien, dromen en  boktorren.

-          Als laatste opdracht hebben we een brief naar ons zelf geschreven, die Jacco over 5 maanden naar ons toe zal sturen. In de brief moesten we schrijven wat onze doelen zijn voor de komende 5 maanden. Ik heb erin gezet dat ik op vakantie moest zijn geweest voor de 5 maanden om waren hopelijk lukt dat.

-         Verder hebben we de portfolio’s besproken.       

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Ingrid om 00:00 Reageer op dit bericht

Thema 10 - De gedemotiveerde leerling

Thema 10  De gedemotiveerde leerling


Als voorbereiding op de les had ik informatie opgezocht over verschillende methoden om te motiveren. De informatie die ik gevonden heb is afkomstig van een cursus motivatiemanagement. Motivatiemanagement is een kernachtig, indringend en praktijkgericht traject gebaseerd op een heldere, mensgerichte visie. Het traject bestaat uit een intake, twee workshops (een workshop van acht dagdelen en workshop van twee dagdelen) en een individuele follow-up. Het traject start met een uitgebreid intakegesprek, waarbij we inschatten of ons aanbod past of dat het passend te maken is bij de vragen en verwachtingen van de deelnemer. Deze fase wordt afgerond met een ‘contract’, waarin wederzijdse verwachtingen duidelijk worden en waarin is beschreven wat ieders inzet is. Als basis voor het traject wordt het principe van het ervaringsgericht leren toegepast, waarbij via ervaring en reflectie de theorie doorleefd en herkend wordt. Dit vormt een prima basis voor experimentele praktijkoplossingen die vervolgens de ervaring opleveren om de wijze van motiveren bij te kunnen sturen. In het traject wordt een gevarieerd scala aan intensieve werkvormen ingezet. Het traject heeft hierdoor meer impact en het geeft meer inspiratie. In voorbereiding op de eerste workshop vragen wij elke deelnemer zijn ervaringen (positieve en negatieve) op het gebied van het motiveren te beschrijven. Wat is tot op heden gedaan om de motivatie te vergroten? Waarom is het zo aangepakt en wat waren de resultaten?

 

In de eerste workshop komen de volgende onderwerpen aan bod:

-   Uitwisselen van ervaringen op gebied van motivatie.

-   Intensieve analyse van besproken motivatiebeleid.

-   Motivatietheorieën (waaronder beloningssystemen) en casestudies uit de praktijk.

-   Wisselwerking organisatiestructuren en motivatie

-   Motivatieoefeningen (waaronder oefeningen met zelfmotivatie).

-   Zicht krijgen op gewenste, aanwezige en nog te ontwikkelen motivatiecompetenties.

-   Aanleren van managementvaardigheden in samenhang met motivatie.

-   Benoemen van en werken volgens eigen waarden en normen.

-   Leren werken met kwaliteiten, valkuilen en uitdagingen.

-   Hoe om te gaan met (irreële of ingebeelde) eisen en verwachtingen?

-   Praktische communicatie- en managementtheorieën.

 

Aan het einde van de workshop worden doelstellingen geherformuleerd en worden concrete plannen gemaakt om het geleerde in de praktijk te brengen. De deelnemer maakt een reflectieverslag van de voortgang. Dit wordt in de volgende workshop doorgenomen. Na een maand volgt de tweede workshop. Resultaten worden aan de hand van de reflectieverslagen getoetst en doelen worden aangescherpt of bijgesteld. Samen met de deelnemers wordt een keuze gemaakt uit verschillende motivatiethema’s.

 

In de les

Omdat de vorige les met activiteiten goed gegaan was, hadden we besloten voor deze les als voorbereiding ook een activiteit te bedenken. Sandra had uit het boek Leerlingbegeleiding in de gezondheidszorg van Addy Manneke, twee testjes gehaald, waarbij de klas, Jacco kon testen op de 10 gedragsaspecten die van invloed zijn op motivatie en faalangst van de leerling. En waarbij Jacco zichzelf kon testen op de 10 gedragsaspecten die van invloed zijn op de motivatie van de leerling. En dat we dan deze testen met elkaar konden vergelijken zodat we konden zien of Jacco hetzelfde dacht over zijn invloed op de motivatie van de leerlingen, als hoe de klas over Jacco’s invloed dacht.

 

De 10 gedragsaspecten zijn:

1)       duidelijkheid

2)       informatie over het werk

3)       vriendelijk

4)       eisen van de docent

5)       gelegenheid tot prestatielevering

6)       taakzelfstandigheid

7)       toekomstperspectief

8)       bevestiging

9)       verwachtingen

10)   voorbeeld

 

In de les


Tijdens de bijeenkomst hebben we een aantal activiteiten gedaan m.b.t. motivatie.

-          Jacco had als activiteit, biografisch perspectief bedacht. Hierbij moesten we vertellen wie ons heeft gemotiveerd tot deze opleiding? Of wat/ hoe we graag wilde zijn?

-          Sarah, Emma en Nicolien hadden een lachspel bedacht. Ze hadden een stencil uitgdraaid met grappige plaatjes en tekstjes. We gingen met z’n allen in een kring staan en dan de plaatjes bekijken en de bedoeling was dat we dan met z’n allen een lachbui zouden krijgen. De gedachten hierachter is dat je met het produceren van forse decibels niet alleen je frustraties weg werkt maar ook je innerlijke kracht genereert.

-          Daarna hebben we de motivatie test van Sandra gedaan. De score liep van 1 t/m 5 waarbij 1 staat voor niet duidelijk en 5 voor duidelijk. Het resultaat was:


Gedragsaspecten                                    score Jacco                           score klas

Duidelijkheid                                                    3                                             3

Informatie over het werk                                    2                                             2                     

Vriendelijk                                                       4                                             4

Eisen van de docent                                         2                                             3

Gelegenheid tot prestatielevering                       4                                             4                     

Taakzelfstandigheid                                          5                                             4

Gedragsaspecten                                    score Jacco                           score klas

 

Toekomstperspectief                                        3                                             3

Bevestiging                                                      4                                             3

Verwachtingen                                                 3                                             3

Voorbeeld                                                        2                                             3

 

-          Als laatste hadden Suzanne en ik nog een rollenspel bedacht. We voerde een gesprek waarin de een de ander ging motiveren. Het gesprek erover dat ik minder gemotiveerd was om mijn opleiding te blijven volgen nu ik eenmaal stage liep en liever gewoon ging werken dan weer 1 ½ jaar naar school te gaan. Suzanne deed wat motivatie taktieken en het voornaamste wat we hiervan leerden was dat Suzanne dingen aankaarte waardoor ik zélf na ging denken over mijn keuze en de voors en tegen tegen elkaar af ging wegen.

 

We hebben ook nog intervisie gedaan aan het einde van de bijeenkomst. Hierin bespraken we wat het meest motiverende voor je is geweest in je opleiding. Ik vertelde dat een verpleegkundige tijdens mijn 2e stage mij heeft gemotiveerd door haar manier van werken, hoe ze omging met patiënten. Deze verpleegkundige kon goed handelen, overzag alles, was inspirerend en enthousiast, raakte niet gestrest, is zelf verzekerd en had veel kennis. Ik zou deze eigenschappen ook graag willen hebben.

Van deze les heb van ik geleerd hoe je mensen kunt motiveren en welke aspecten daarbij van belang zijn.

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Ingrid om 00:00 Reageer op dit bericht

Thema 9 - Teambuilding

Thema 9  Teambuilding


Team Ontwikkelingsspiraal

Informatie over de teamontwikkelingsspiraal: Om een teamtraining goed aan te laten sluiten bij uw behoefte bekijken we samen met u in welke fase uw team zich bevindt. Aan de hand daarvan stellen we dan een programma samen dat het onderlinge vertrouwen vergroot, ieders bijdrage aan het team verheldert, commitment en doelen van het team vaststelt en/of verantwoordelijkheden duidelijk maakt. Doel: beter en efficiënter leren samenwerken.

 

Fasen van een team

We werken vanuit het model \"Teamontwikkelingsspiraal\". Kort samengevat komt dat op het volgende neer: het team ontwikkelt zich in een natuurlijke opwaartse spiraal waarin beweging of versnelling aangebracht kan worden als het team verder wil. Het model kent vier fasen die zich steeds herhalen. Echter, elke ronde is een verdieping en verfijning van de vorige.

 

Fase 1: Acceptatie en vertrouwen

Impliciete vragen: pas ik in dit team, wat zijn mijn talenten en mijn tekortkomingen, wat is de visie van dit team, wat is de missie van dit team en hoe verhoudt zich dit tot mijn persoonlijke missie en visie?

 

Fase 2: Open samenwerking en bijdrage verhelderen

Impliciete vragen: wat kan ik hier nu zeggen of niet, wat zijn de wederzijdse verwachtingen, welke bijdrage wordt van ieder verwacht en kan iedereen daar aan voldoen?

 

Fase 3: Commitment gekoppeld aan eenduidige doelen

Impliciete vragen: wat is de essentie van wat we aan het doen zijn, wat willen we nu eigenlijk bereiken en waarom?

 

Fase 4: Verantwoordelijkheid

Impliciete vragen: wie neemt het voortouw en de verantwoordelijkheid voor een bepaald (deel)resultaat of een specifieke taak, waarderen de anderen dat en vertrouwen ze dat het goed zal gaan? Na Fase 4 komt het team weer in Fase 1 terecht. Logisch want nadat de verantwoordelijkheden verdeeld zijn zal men zich afvragen of iemand daarin te vertrouwen is of vertrouwd wordt. Het team zit dan echter wel in een volgende, hogere spiraal dan in de eerste keer dat het in Fase 1 zat.

Bron:    http://www.inspiration-company.nl/teambuilding-trainingen-team-ontwikkelingsspiraal.html

 

In de les

In het begin van de les werd door de docent gevraagd wie wilde beginnen met een activiteit. Een groepje begon. Tijdens de activiteit werden 3 time-outs genomen. Bij time-out I  moesten we  nadenken wat er op dat moment gebeurde in les. Bij time-out II moesten we weer zeggen waarvan we dachten dat het niet goed ging en bij time-out III moesten we aangeven wat we anders gedaan zouden hebben.

 

Time out I:        Er ontstaat onduidelijkheid in de klas, waardoor iedereen door elkaar gaat praten en niemand de leiding heeft.

Time-out II:        Regels op het bord zetten.

Time-out III:       Wat heb je hiervan opgestoken?

 

Verder hebben we nog een aantal teambuilding activiteiten gedaan:

1)       Sandra had als teambuilding activiteit, theatersport bedacht. Hierbij hadden we 3 personen die op de gang gingen wachten en 1 persoon die samen met de rest van de klas een dader, voorwerp en een plaats van de moord bedacht. Vervolgens kwamen de 3 personen van de gang binnen en ging de 1e persoon zijn dader, voorwerp en plaats van de moord uitbeelden. Als de 1e persoon van de gang dacht te weten wat zij uitbeeldde, ging ze het zelf uitbeeldde en moest de 2e persoon van de gang kijken of ze wist wat er uitgebeeld werd, etc. En dan de 3e persoon van de gang die moest zeggen wat ze dacht dat er uitgebeeld werd en dan kijken of het nog steeds hetzelfde is als wat de 1e persoon had bedacht met de klas. Ik was de 3e persoon en moest dus, nadat een verhaal al door twee ‘schakels’ gegaan was, naar de uitbeelding kijken en aangeven wat ik dacht dat het verhaal was. Dit was echt grappig om te doen!

2)       De 2e activiteit was dat iedereen een beroemd persoon op een briefje schreef. De eerste ronde mocht de persoon omschreven worden. De tweede ronde mocht je alleen 1 woord zeggen wat met de persoon te maken had en de laatste ronde mocht je alleen nog maar uitbeelden.  De klas werd in groepjes verdeeld. Van ieder groepje ging 1 persoon naar voren en moest een briefje pakken en dat dan omschrijven/ 1 woord noemen/ uitbeelden. Alleen de personen uit je eigen groepje mochten raden en dit moest binnen een minuut. Op die manier kon je, je punten verdienen.

3)       Als 3e gingen we in twee groepen verdeeld in een kring staan en moesten we elkaars handen vastpakken en draaien zodat we in een grote knoop kwamen. Vervolgens deden we welke groep het eerst weer in een normale kring was zonder de handen los hebben gemaakt. Ook moesten we in een circel achterelkaar gaan staan en dan allemaal tegelijk op elkaars schoot gaan zitten (op die van de persoon achter je) en dan proberen dat allemeel precies tegelijk te doen zodat we niet om zouden vallen. Was ook wel grappig, alleen ik probeerde niet met mijn hele gewicht op de persoon achter mij te zitten zodat de kans dat we zouden vallen wat minder was, maar de persoon voor me ging wel gewoon plof zitten, dus ja toen werd het wat zwaar en ging ik ook maar zitten.

4)       Als laatste activiteit deden we: “De kat en de rat, de wat?“ We gingen in een halve cirkel staan en Jacco aan de kop. Jacco gaf aan twee kanten een zin door die je ook weer terug moest koppelen. Die zin ging dan steeds verder de kring in totdat er een punt was waar de zin van twee kanten tegelijk kwam. Hier liep het spel vast! Hoe meer in het midden van de kring je stond hoe lastiger het was om de tekst door te geven omdat je ondertussen ook mensen naast je hoort praten die precies het andersom zeggen. Een persoon vond het nogal een moeilijk spel en leek wat minder gemotiveerd, wat overigens wel grappig was om te merken.

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Ingrid om 00:00 Reageer op dit bericht

Thema 8 - Relationele Emotieve Therapie

Thema 8  RET (Relationele Emotieve Therapie)

 

RET staat voor Relationele Emotieve Therapie, dit is een vorm van cognitieve gedragstherapie. Deze therapie gaat ervanuit dat het ‘denken’ controle heeft over het ‘gevoel’. Het denken is de hoofdfactor die al het andere beinvloed.            
Baldon, A., “Een andere kijk op problemen”, 1998.

 

In de RET therapie wordt het ABCDE-model gehanteerd:


Activating                     Objectieve beschrijving

Beliefs                          Irrationele  gedachten

Consequence                Emotionele gevolgen (gevoelens) v/d gedachte

Discussion                   Gedachten (B) toetsen aan de werkelijkheid

Evaluation                     Meer rationele gedachten die het gevolg zijn van de toetsing

 

Het model kan als volgt worden toegepast:         * situatie à gedrag à gedachten

                                                                                               gevoelens

- functioneel schema                 -disfunctioneel schema

 

In het model is te zien dat de gevoelens, de gedachten en het gedrag met elkaar in verbinding staan. Het is voor veel mensen vaak moeilijk om deze drie delen los van elkaar te zien. Toch kun je wanneer je het gedrag, de gedachten en de gevoelens uit elkaar haalt beter naar een situatie kijken en duidelijker zien waar er een probleem optreed. Het kan bijvoorbeeld zijn dat een situatie een irreele gedachte oproept, waar iemand vervolgens zijn gevoelens bij krijgt, en daar zijn gedrag op aanpast. Wanneer er naar het schema wordt gekeken kan men inzien dat de irreele gedachte tot het gedrag heeft geleid. Het functionele schema geeft aan welke reeele gedachten en wensen iemand heeft. Dit kan gaan over hemzelf maar ook over anderen. Het disfunctionele schema geeft aan welke gedachten of wensen irreeel zijn. Dit kan ook gaan over andere mensen, maar voornamelijk over de persoon zelf.

 

De RET methode doet een beroep op het gezonde verstand. Niet de situaties creeren de problemen, de manier waarop de situaties opgevat worden geeft problemen. RET leert de mens problemen effectiever te hanteren en zich daar beter bij te voelen. Door dringen tot de kern van het probleem, vervolgens ideeen, denken, voelen en gedrag hierbij veranderen. RET stimuleert iemand om meer in het functionele schema te gaan werken en zich te realiseren wanneer iemand in het disfunctionele schema is. Hierdoor krijgt men meer inzicht in het eigen denken en handelen.

 

In de les

We hebben eerst het voorbeeld van Reem besproken en daar de RET op toegepast. Daarna ging ik samen Suzanne een begeleidingsgesprek gehouden. Suzanne bracht een onderwerp in over haar stage en ik paste hierop de RET toe. Ik probeerde Suzanne op ander gedachten te brengen door de vragen systematisch te stellen en ook andere gedachten aan te dragen.Hierna hebben Fasila en Jacco ook een begeleidingsgesprek gehouden. Hierbij bracht Fasila een onderwerp in, ook over haar stage, en paste Jacco de RET toe.Ook moesten we deze bijeenkomst een cijfer geven tussen de 0 – 20. Ik geef deze bijeenkomst een 14, ik heb geleerd wat de RET inhoud en dit heb kunnen toepassen. Ik kon eerst oefenen door de samen met Suzanne de RET toe te passen, en daarna bij Jacco en Fasila te kijken hoe zij dit deden.

Tijdens mijn stage heb ik ook veel begeleidingsgesprekken gevoerd met patiënten met een psychiatrisch ziektebeeld. Ik merkte dat het bij de gesprekken van belang is dat je de patiënten zelf met ideeën laat komen en niet alles voorkauwd. Wanneer je namelijk oplossingen aandraagt zal de patiënt deze soms niet eens willen opvolgen (of wel zeggen het te doen maar het uiteindelijk niet doen). Wanneer je iemand zelf iets laat bedenken is hij veel gemotiveerder om met die oplossing aan de slag te gaan, het is immers zíjn idee.

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door Ingrid om 00:00 Reageer op dit bericht

Thema 7 - Tips voor een goede coach

Thema 7   Tips voor een goede coach

 

Zeven gouden regels voor effectieve coaching:

1. Duidelijke leerdoelen

De coach en gecoachte gebruiken de eerste bijeenkomst om samen het doel te bepalen. Ze maken een stappenplan met leerdoelen, leerresultaten en planning.

 

2. De juiste 'klik'

Het moet klikken tussen de gesprekspartners. Coach en gecoachte moeten elkaar respecteren en elkaars meerwaarde zien. Springt er geen enkel vonkje over? Dan is het beter te zoeken naar een betere match.

 

3. Regelmaat

Het rendement van coaching staat of valt met regelmaat: geregelde bijeenkomsten en tussentijds de gelegenheid om het geleerde in de praktijk te brengen. Tijdens de sessies vindt terugkoppeling plaats en worden vervolgacties uitgezet.

 

4. Veilig leerklimaat

Bij coaching komen vaak persoonlijke thema's aan de orde. Belangrijk is dat deze onderwerpen in een sfeer van veiligheid en vertrouwen kunnen worden besproken. Een veilig leerklimaat betekent ook dat de opdrachtgever (bijvoorbeeld de baas van de gecoachte) slechts over de hoofdlijnen van het coachingstraject wordt geïnformeerd.

 

5. Gestructureerde sessies

Een goed coachingsgesprek scheelt uren werk. Voorwaarde is wel dat in de coachingssessie via een duidelijke structuur wordt gewerkt. Het stappenplan voor coaching omvat vier fasen:

Doelà Actuele situatie à Opties à Conclusie à

 

6. Vragen stellen

Een goede coach vráágt en vraagt dóór. Hij of zij geeft geen instructies, dwingende adviezen of richtinggevende suggesties maar stelt vragen om een maximaal effect te bereiken. De antwoorden leiden tot meer begrip, een hogere motivatie en een beter leerrendement.

 

7. Resultaten evalueren

Hebben de inzichten die worden opgedaan in de coachingsessies effect in de dagelijkse (werk)praktijk? Die vraag moet steeds centraal staan. Coaching is een middel, geen doel op zich. Coach en gecoachte moeten zich voortdurend rekenschap geven van bereikte en nog te behalen resultaten.

 

In de les

In de les hebben we de informatie die iedereen gevonden had besproken, hieruit kwamen de vier coachingsstijlen:

- de opdrachtstijl:          1 richting op, coach -> student

- de overtuigstijl:            2 richtingen op, veel luisteren en motiveren

- de participatiestijl:       begeleidende rol

- de delegatiestijl:          geeft doel aan, studenten zelfstandig behalen

 

Aan de hand hiervan hebben we een test gedaan van 22 vragen, deze vragen moest je onderverdelen in of het goed, deels of niet bij je paste. Bij mij kwam er uit dat de participerende rol het beste bij mij past. Ik denk dat dit ook wel klopt. Ook als ik naar mijn coachingstrajecten kijk, ik vind het niet prettig om echt duidelijk boven iemand te staan en opdrachten te geven. Ik vind het wél leuk om iemand te begeleiden/ coachen op gelijk niveau en niet alleen om die persoon iets te leren, maar ook om zelf iets te leren van die persoon. Hierna hebben Jacco en Karin een coachinggesprek gehouden, waarin Jacco de coach was en Karin de gecoachte. Dit gesprek werd ook gefilmd zodat we daarna terug konden kijken en steeds de video op stop konden zetten om dan feedback te geven op het coachen.

Tijdens mijn stage heb ik vaak begeleidingsgesprekken gevoerd met patiënten. In deze gesprekken coachte ik hen bij de behandeling die zij volgden. In deze gesprekken merkte ik hoe goed het iemand vaak deed om gewoon maar zijn verhaal kwijt te kunnen, zelfs zonder dat ik mijn mening geef of met oplossingen kom, maar door gewoon te hummen en te knikken voelde de patiënt zich gehoord. Ik heb deze ervaring altijd in mijn gedachte gehouden, het maakt dat ik weet dat iemand heel goed zelf tot nieuwe inzichten kan komen, wanneer hij maar het verhaal verteld en daardoor alles voor zichzelf op een rijtje zet. Hierdoor heeft hij weer overzicht en ziet ook gelijk de punten waar hij direct iets aan moet veranderen en de dingen die al goed gaan. In mijn coachingsgesprekken probeer ik daarom in eerste instantie iemand zelf aan het woord te laten, het is niet belangrijk om te zeggen wat ik er van vind. Het is belangrijk dat de persoon in kwestie zelf een goed inzicht heeft in de situatie en van daaruit verder gaat kijken naar welke aandachtspunten er nog zijn. Wel vind ik het belangrijk om mensen mee te geven dat er vanuit verschillende oogpunten gekeken kan worden. Zodra mensen eens door de bril van een ander kijken, hebben ze vaak de reactie 'ooh, zo had ik het nog niet bekeken', nee dat klopt, maar die ander wel. Andere invalshoeken geven vaak nieuwe ideeen, en door op deze manier naar conflicten, problemen, knelpunten e.d. te kijken komt iemand vaak tot nieuwe inzichten.
Hoe vind je dit bericht? 5 stemmen
Geschreven door Ingrid om 00:00 Reageer op dit bericht

Thema 6 - Gespreksvoering

Thema 6    Gespreksvoering

 

Deze les was de eerste helft van het tweede deel van de cursus. Voor deze les hoefden we geen voorbereiding te doen omdat het weer de eerste les na de vakantie was.

 

In de les

We hebben vandaag teruggeblikt op het afgelopen half jaar en de portfolio’s kort nabesproken. We hebben een planning gemaakt voor het komende half jaar, welke thema’s we willen gaan behandelen. Dit waren een aantal voorstellen:

-          Rationele Emotieve Therapie, RET.

-          Simulatie (toneelspeler).

-          Provoceren, klagende mensen hoe ga je ermee om?

-          Tips voor de perfecte coach.

-          Omgang met agressieve patiënten.

 

We hebben deze les geoefend met gespreksvoering. We gingen met 5 personen een overleg voeren om tot een opzet te komen voor een introductieweek van 1e jaars. Er moesten 5 onderwerpen vertegenwoordigt worden:   à    Geld – Organisatie – Tijd – Informatie - Kwaliteit

De rest van de klas moest ons dan coachen. Ik had voor mijzelf als doel gesteld om mij niet te snel om te laten praten. Ik heb vaak de neiging om wanneer iemand één argument geeft waarom mijn punt niet door kan gaan, ik dat dan wel een redelijk argument vind en daarmee acoord ga. Nu heb ik in de ‘vergadering’ veel langer vast gehouden aan mijn punt. Ik vond dit wel een beetje onwennig, maar uiteindelijk merkte ik dat ook andere mensen het met mij eens werden. Daarna hebben we de rollen omgedraait. Ik heb Fazila gecoacht, zij had assertief zijn. Aan het einde van de les hebben we nog intervisie gehouden en een onderwerp bedacht voor de volgende bijeenkomst.

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Ingrid om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Ondersteuning bij Professionele Ontwikkeling

↑ Terug naar de berichten