
1976 – 23 oktober – GvM : Leest ruilt grond
“Voor de jongste gemeenteraadszitting te Leest werd door oppositielid
Duysburg gevraagd om een klein huldebetoon te brengen aan
gemeenteraadsleden Emmeregs en Vloebergh die tijdens de laatste
gemeenteraadsverkiezingen respectievelijk als verkozene van de CVP en als
1e reserve van de BSP uit de bus kwamen.
Beide raadsleden werden gefeliciteerd en men drukte de hoop uit dat ze de
belangen van de Leestenaren zouden behartigen.
Emmeregs voegde daaraan toe dat ze zeker op hem mochten rekenen en dat alle
inwoners van Leest (en van de andere gemeenten) die problemen hebben,
steeds bij hem terecht kunnen.
(...)
...als elfde en laatste punt op de dagorde stond de principebeslissing van de
ruiling van de gronden gelegen in de Bist en de Alemstraat met de h. Prion
Pansius. De gemeente zou dus in principe (nog niet definitief) 1100 m2 grond
afstaan in de Bist en zou hiervoor van de h. Prion Pansius ongeveer 1300 m2
grond ontvangen in de Alemstraat.
Als het laatste punt van de openbare zitting was afgewerkt stipte oppositielid
Emmeregs aan dat er in verscheidene straten van Leest aan de kanten het gras
zo hoog staat dat het regenwater steeds op de wegen blijft staan zodat de
weggebruikers zich moeten verplaatsen in het water (o.a. in de Elleboogstraat
en de Tiendeschuurstraat). Voor dit probleem is reeds een oplossing voorzien en
zal zo vlug mogelijk verholpen worden.”
1976 – 30 oktober : Frietkraam aangereden en vluchtmisdrijf
Toen José Van der Meulen rond de middag haar frituur op de Dorpsplaats wou betreden
stelde zij vast dat de zijruit van het bijgedeelte gebroken was. Scherven alom en de
aluminium buitenkant van het kraam was geblutst.
Vermoedelijk werd het kraam door een voertuig aangereden. José diende klacht in.
1976 – 2 november – Gazet van Mechelen :
Groeten van overzee : Broeder Romain De Laet
“Het naburige Leest, dat zoals men weet, Mechelen een stukje landelijker zal maken, telt meer dan één merkwaardige figuur onder haar inwoners.
Een zeer verdienstelijk man is wel broeder Romain De Laet die reeds 53 jaar lang missiewerk presteert in Canada.
Wij willen hem hierbij eens in de schijnwerper zetten. De brief met hartelijke “groeten van over zee” werd niet door hem zelf geschreven maar door iemand die hem het best kent.
Als broeder Romain beantwoordde Karel De Laet uit Leest destijds de oproep van zijn oversten van de broeders van Scheppers om pionierswerk te gaan verrichten in Canada.
Broeder De Laet had van huis uit een rotsvast geloof en een apostolische ijver meegekregen. Ook had hij als verpleger in de oorlog “14-18” in krijgshospitalen dienst gedaan en had zich de vorming, hem verschaft door het St.-Victorinstituut van Alsemberg, zeer ten nutte gemaakt. Met volle bereidheid voor het werk dat hem wachtte scheepte hij in voor Canada op 15 augustus 1923.
Na meer dan een halve eeuw is hij er nog, geeft zich nog steeds met hart en ziel aan zijn taak met het idealisme van zijn jeugd.
Wel is het ritme wat aangepast aan zijn leeftijd.
Broeder Romain kwam in verlof in 1933, 1948 en 1956. (noot ook in 1973 en 1976)
Ofschoon enkele weken verlof in zijn geliefde heimat telkens veel vreugde verschafte, vertrok hij steeds welgemoed terug naar zijn werkterrein in Laurentiden, provincie Quebec.
Al die jaren bleef hij zich inzetten voor de materiële en geestelijke noden van de bevolking in het onderwijs, opvoeding, ziekenzorg, tuinbouw, administratie, als novicenmeester, of directeur of ook nog in de parochiale diensten.
Hij is zowat de factotum voor alle jobs die een missie vergt.
Globaal bekeken gaat de aandacht en de zorg van de broeders van Scheppers in Canada uit naar de armen, de nooddruftigen, de kinderen, speciaal dan toch naar verwaarloosde jeugd hoe ondankbaar dit laatste ook kan zijn.
Toch kan broeder Romain met zijn psychische flair, zijn humor, zijn bemoediging met dit alles best overweg.
Dat broeder Romain ook literaire aanleg heeft blijkt uit een aantal gedichten, Nederlands en Frans, meestal op bekende Vlaamse wijze.
Bij elke feestelijke aangelegenheid is hij de man
om die te organizeren en te leiden.
Uit menig vers trilt zijn liefde tot zijn vaderland, zijn hunker naar totale
blije gegevenheid.
Broeder Romains levenswerk is dan ook een sterke Evangelische getuigenis.
Aan hem ondervindt men dat een leven van algehele inzet voor God en de naaste een mens diep gelukkig kan maken.
Aldus de brief over de Leestse missionaris Karel De Laet.”
LG, blz. 274 :
“Juist voor de oorlog, in april 1914, had Karel De Laet het kloosterkleed aangetrokken bij de Broeders van Scheppers. Hij werd voortaan ‘broeder Romain’. Bij het begin van de vijandigheden nam hij met zijn medenovicen de wijk naar Engeland. Hij werd er onder de wapens geroepen bij de ambulancedienst. Tot na de oorlog was hij ziekenverpleger in het Krijgshospitaal te Faverges (Frankrijk). Later, (1923) vertrok hij als missiebroeder naar Canada (Huberdeau) waar hij gedurende meer dan vijftig jaar zijn beste krachten gaf aan de zielzorg, de opvoeding, het onderwijs, de tuinbouw en de administratie. In februari 1953 werd hij Canadees staatsburger. Hij overleed er op 4 februari 1978 in de leeftijd van tweeëntachtig jaar.
Broeder Romain had ook letterkundige talenten : hij schreef gedichten zowel in het Nederlands als in het Frans.”
“Gegroet, o Leest, o dorp van vrede,
Uw naam is als een eeuwig feest ;
Ik draag uw ziel naar ’t westen mede,
uw beeld zweeft immer door mijn geest.
De goede God zal het behoeden
bij dag en nacht van alle kwaal;
Vertrekken doet het hartje bloeden,
maar over zee wacht ’t ideaal.
Gegroet van ver, o teerbeminden,
gebleven in het vaderland;
het beste wat men daar kan vinden,
heb ik zeer diep in ’t hart geplant.
Uw namen klinken in mijn oren
als melodieën zacht en zoet.
Geen enkel nootje gaat verloren,
het trilt in ’t hart, ’t verfrist het bloed.
We waren rustig, zo tevreden,
en daar te blijven was de wens.
Maar plicht is sterker dan de tranen,
we werken toch voor God de Heer.
Hij leidt ons naar de hemelbanen.
We vinden daar elkander weer...
Broeder Romain
Op 14 en 15 juli 1973 werd broeder Romain in Leest gehuldigd bij zijn diamanten jubileum als broeder en zijn vijftigjarig verblijf in Canada. De burgerlijke overheid ontving hem op het gemeentehuis (14 juli).
De volgende dag was er een eucharistieviering in de kerk met de Hombeekse pastoor-deken Jan Van Dyck en een feestzitting in het parochiehuis waarop ook een vertegenwoordiger van de Canadese ambassadeur aanwezig was.
Goed ziek, stierf hij op 4 februari 1978 en werd te Huberdeau (Quebec) begraven op 7 februari.
(Wilfried Hellemans : ‘De Sint-Niklaasparochie in Leest’ 2009)
Foto’s :
-De familie De Laet rond 1909. V.l.n.r. : Karel (broeder Romain), Frans (“Soo”), geboren in 1887, was gehuwd met Sidonie Diddens, en bleef in 1918 in een
griepepidemie, vader Victor Der Laet (°1850, +1918), overleed een week na zijn zoon, moeder Adelia Selleslagh (°1857 +1914), Melanie (°1891 +1968), werd
missiezuster in Kongo en Christine (°1901), werd kloosterzuster te Heverlee. Het gezin woonde in het “Wiphuis” op de Rennekouter, de vroegere Jezuïtenhoeve.
-Links Karel De Laet naast Gust De Prins (“de Guide”) die met zijn nicht getrouwd was.
-Broeder Romain werd 82.






































