Moeders van Mieke Mantel

Moeders...
Moeders van Mieke Mantel
PREEK : De schuilplaats Psalm 91

Psalm 91 is de psalm van de SCHUILPLAATS. Het is een psalm van GROOT GELOOF en VERTROUWEN op God. Het gaat echt om de KLEINHEID van de mens en we worden OPGEROEPEN om onze dagen te tellen in psalm 90 vers 12. Psalm 91 schrijft over de ongelofelijke LIEFDE van GOD: Omdat hij MIJ zeer bemind zal ik hem bevrijden. Ik zal hem BESCHUTTEN omdat hij MIJN NAAM kent. U ziet dat er boven deze psalm geen opschrift staat. Je kunt er dus van uit gaan dat deze door dezelfde persoon geschreven is als de vorige. Dat zou dan Mozes zijn. De man Gods (psalm 90).
Een kenmerk van een kind van God die in die schuilplaats van de Allerhoogste zit vinden we in vers 2: “Ik zeg tot de Here, mijn toevlucht, en mijn vesting, mijn God, OP WIE IK VERTROUW”.
1) Het EERSTE kenmerk is hier de VRIJMOEDIGHEID dat je tot God durft te spreken. Dat geeft u de vrijmoedigheid omdat u vergeving van zonden ontvangen hebt en een REINIGING door het dierbare BLOED van Christus, en ZO de TOEGANG tot de TROON van GENADE hebt VERKREGEN. En je mag zeggen tot de Here: “Mijn toevlucht”, dat is het kenmerk VRIJMOEDIGHEID.
2) Een TWEEDE kenmerk is dat je zeer PERSOONLIJK daar mee bezig zijt. Het helpt je niets als een ander zegt dat je een kind van God bent. Het moet een GETUIGENIS zijn van je EIGEN hart. Mijn TOEVLUCHT, mijn VESTING, bent U mijn God op wie ik VERTROUW. Terwijl die Psalm vol staat van NODEN, en terwijl je in de omgeving van die noden bent, is daar die PERSOONLIJKE WETENSCHAP, een ABSOLUTE ZEKERHEID in je hart dat als ik sterf, dan ben ik BEHOUDEN, dat absoluut ZEKER zijn dat God onze TOEVLUCHT is, onze VESTING is. God is NIET iets dat wat je geleerd hebt van je ouders. God is niet een TEKEN aan de muur, een KRUISJE aan een halsketting, een BOEK in de kast, neen … het is UW TOEVLUCHT. Je moet het ook zo voelen als een toevlucht. Het is heel maar dan ook heel PERSOONLIJK. Dat is een TEKEN dat je in die SCHUILPLAATS ZIT. Je voelt je daar VEILIG in Gods AANWEZIGHEID.
3) Een DERDE kenmerk dat we in deze tekst opmerken is dat God is een EERSTE LEVENSBEHOEFTE. God is op de EERSTE plaats. Er is maar één ALLERHOOGSTE. Er is één AL-MACHTIGE. En er is één SCHUILPLAATS bij de Allerhoogste die onze EERSTE LEVENSBEHOEFTE is. Hij is onze TOEVLUCHT want wij zijn VREEMDELINGEN hier op aarde. Er is een GEWELDIGE GEESTELIJKE STRIJD en wij zijn vreemdelingen. Hij is onze VESTING. Er is een BEDREIGING rondom ons. En Hij is onze God. Het eerste woord in de Schrift: “In den beginne schiep God….”, Hij is diegene die onze SCHEPPER is, onze ONDERHOUDER, die het brood, dat het koren doet groeien, een WIJS bestuur van de natuur om ons te voeden…. “Op WIE IK VERTROUW”. Er is GELOOF dat ons STERK maakt. Geloof drijft de angst naar buiten. Hoe wonderbaar is het dat we geen ANGST kennen als we in die SCHUILPLAATS zitten. Wij hebben VRIJMOEDIGHEID: “IK ZEG TOT DE HERE”, wij mogen tot de Here spreken, dat was het eerste. Het tweede belangrijke is als we in die schuilplaats zitten dat je uzelf onderwijst. Je bent een HEERSER, je BEHEERST JEZELF. Er is een onderwijzing die door jezelf gebeurt. Dat zien we in deze Psalm in vers 3 tot 8 en vers 9 tot 13.
Terwijl hij spreekt in vers 2: “Ik zeg tot de Here”, daar spreekt hij TOT de Here. En in vers 3 verandert hij en dan zegt hij: “Want Hij is het die u red van de strik des vogelvangers. Hier gebeurt één van de grote GEHEIMEN van de gelovige namelijk, dat hij zich zelf onderwijst. Een gelovige is niet iemand die ONBEHEERST is, maar hij beheerst zichzelf door tot zichzelf te spreken of te VERMANEN. Hij BEMOEDIGT zichzelf en die zegt: “Want Hij is het die u red”. Mijn ziel weet RUSTIG te zijn: “Waarom maakt ge u zorgen? God is toch bij u.” Je spreekt tot uzelf vanuit Gods Woord. Een gelovige is een WONDERLIJK mens want hij luistert niet meer naar ZICHZELF omdat hij GESTORVEN is, maar hij luistert naar de OPENBARING van God in zijn leven. Een gelovige HOORT naar Gods stem en met die STEM van God brengt hij zijn EIGEN STEM tot ZWIJGEN. Dit is een gelovige… God spreekt tot het EDELSTE van een mens. Hij VERLICHT ons VERSTAND en Hij VERJONGT ons DENKEN. Hij VERNIEUWT ons in onze GEDACHTEWERELD. En Hij openbaart Zijn WOORD en verlicht ons verstand want de WERELD heeft een VERDUISTERD verstand die de weg van God NIET kent. Maar een GELOVIGE, die KENT Gods wegen, die KENT Gods KONINKRIJK en zijn VERSTAND wordt VERLICHT en hij gaat met zijn VERNIEUWT DENKEN zijn EIGEN LEVEN ONDERWIJZEN… dat doet een gelovige.
Wat God van u denkt is BELANGRIJKER dan wat jezelf van u denkt! Wij durven onszelf nog al eens af te breken, maar er staat wat God zegt: “Omdat hij Mij zeer bemint, zal Ik hem bevrijden.” “ God U zult mij, ons BEVRIJDEN, U zult ons BESCHUTTEN omdat wij Uw Naam KENNEN. Roepen wij U aan, dan zal U antwoorden. Uw eigen gedachte wordt tot zwijgen gebracht als we dit PRINCIPE begrijpen. In de SCHUILPLAATS van de Allerhoogste zit je niet “Mens erger je niet” te spelen, maar daar zit je te MEDITEREN en daar zit je jezelf te onderwijzen. Hij zorgt voor mij. En de stemmen in mij die mij willen AFBREKEN die leg je het zwijgen op door onder Gods woord te gaan staan en Gods Woord hoger te achten dan ons eigen woord en zo ons leven onder controle te brengen.
4) Een VIERDE punt dat belangrijk is als je in die schuilplaats zit dan is daar die LOFPRIJZING. In vers 9 staat er: “Want Gij O Here zijt mijn TOEVLUCHT.” Lofprijzing is iets dat PLOTSELING opkomt in uw leven. Ook hier spreekt de schrijver ineens weer tot God. In die schuilplaats waar die vrijmoedigheid, onderwijzing en lofprijzing is.
5) BEWIJS voor je eigen hart dat je in de schuilplaats van de Allerhoogste bent. En dit is wel het hoogste wat een mens kan BEREIKEN. God zegt daar het volgende: “Als je van Mij houdt, als je Mij BEMIND, dan zal ik je BEVRIJDEN, Ik zal je VRIJ MAKEN. Het grootste wat je in je leven kan ontvangen is wanneer God tot je SPREEKT. Wij zijn tenslotte in de schuilplaats van de Allerhoogste, er is niemand die HOGER is, God is altijd GROTER. DIE BIJ ONS IS, IS MEERDER dan die in de WERELD is. De ALLERHOOGSTE ERE ZIJ GOD IN DE HOGE…. Dat zongen de engelen. Zij KWAMEN van de ALLERHOOGSTE en zij PREZEN God op AARDE.
Er is NIEMAND die Hem kan BEÏNVLOEDEN. Zijn PLANNEN falen NOOIT. In Zijn schuilplaats mogen wij ZITTEN en we zullen niet meer heen en weer lopen. Wij zullen daar zitten in een BUNKER. God zelf vangt daar de klappen op. Hij heeft de klappen opgevangen op GOLGOTHA. Zijn toorn is op Christus gekomen en die zal ons niet meer aanraken. Het CENTRUM van Gods ALMACHT, dat is die SCHUILPLAATS. Daar waar de engelen voor de deur staan om de plaats te bewaken en allen die daar komen en valse bedoelingen hebben worden daar afgeleid en met blindheid geslagen zodat ze de deur, Jezus christus, niet meer vinden. Deze Psalm toont ons de VEILIGSTE PLAATS op aarde. Die schuilplaats die OVERAL op deze aarde te vinden is, die met ons MEEREIST en die ALTIJD bij ons is, dat is de schuilplaats van de Allerhoogste. VERNACHT IN DE SCHADUW… het is niet de schaduw die je hebt op de muur als er een lamp brand. Hier wordt bedoeld:” De bedekking van de vleugelen zoals de cherubs boven de ark, zij bedekten de ark. Zoals een kip haar kuikens bedekt met haar vleugels… ZO worden wij door de ALLERHOOGSTE bedekt, onze SCHUILPLAATS. Tijdens de NACHT, tijdens onze HOPELOOSHEID, Zijn ALMACHT zorgt voor ons. De INGANG van die schuilplaats is een deur, Jezus Christus, en op die deur staat naar de wereld toe “KOM” en aan de andere kant staat: “GIJ GEZEGENDE, GIJ ZIJT IN DE SCHUILPLAATS VAN DE ALLERHOOGSTE.”
Amen
Erich
Dagelijks brood www.church-online.info

De brugwachter

Het was in het jaar 1927 dat in de USA de grote crisis begon. Een jonge man, pas getrouwd, vertrok naar de stad om daar werk te gaan zoeken. Door de stad stroomde een rivier waarover een spoorbrug gebouwd was. Aan de ene zijde was een brugwachtershuisje gebouwd, waarin de brugwachter zat. Hij deed de brug open wanneer er schepen door moesten varen. De jonge man solliciteerde naar dit baantje en werd aangenomen.
Met
veel liefde deed hij dit werk. Na enige tijd werd in het gezin van deze
brugwachter een zoontje geboren die zij Gray noemden.
Toen Gray acht jaar was, nam zijn vader hem voor het eerst mee naar de
brug en zei tegen hem:”Ik wil je laten zien hoe de brug werkt.”Het was
een grote belevenis voor de jongen om te zien hoe alles werkte. Voor ze
in het wachthuisje waren, moesten ze over een smalle plank lopen,
waaronder het mechanisme van de brug was. De hele morgen had Gray
zitten kijken hoe de zeilschepen onder de brug doorvoeren en de treinen
eroverheen
reden.
De
middagpauze kwam. Vader zei tegen hem:”We gaan naar beneden om ons
brood op te eten.”Terwijl ze zaten te eten, het was twaalf minuten voor
twee, hoorde vader plotseling de fluit van de trein. De tijd was zo
spoedig voorbij gegaan, samen met zijn zoon, dat hij de trein even
vergeten was. Vader sprong op en zei tegen Gray:”Blijf jij hier zitten,
ik ren naar boven om de knop in te drukken zodat de brug naar beneden
zakt en de trein erover heen kan gaan.”Hij had net de knop ingedrukt,
waardoor de raderen in beweging kwamen en de brug naar beneden kwam, of
hij hoorde een luide schreeuw van zijn zoon Gray:”Vader, help mij!”Het
was de brugwachter niet opgevallen dat de kleine Gray hem was
nagelopen.
Toen de jongen over de smalle plank liep, was hij zijn evenwicht
verloren en naar beneden gevallen. Hij was op het grote stalen kamrad
gevallen, waarvan de raderen weer in een ander rad grepen. Vader zag
hoe zijn kind steeds dichter bij de in elkaar grijpende tanden van de
raderen
kwam.
In een fractie overlegde hij wat te doen. Zijn zoon redden en de knop weer indrukken zodat de brug open bleef staan, of…Plotseling dacht hij aan de vierhonderd passagiers in de trein. Hij moest een beslissing nemen. Zijn zoon redden, of die vierhonderd mensen, die anders allemaal de dood zouden vinden in de rivier. Terwijl hij daarover dacht, hoorde hij weer een schreeuw van zijn zoon, maar de vader zei dat hij nu niet zijn vaderhart mocht laten spreken, omdat hij die mensen redden moest. Hoe vreselijk het ook was, maar hij moest zijn zoon laten sterven. Hij hoorde zijn zoon Gray schreeuwen toen hij gedood werd door de in elkaar grijpende tanden van de kamraderen.
Op
dat moment stond de brug in goede positie voor de aansnellende trein.
Het hart van de vader was verscheurd en hij schreeuwde het uit. Toen
kwam de trein voorbij.
Hij zag de conducteur die op zijn horloge keek. Hij zag een man in de
trein zitten die zijn pijpje rookte. Een ander las in zijn krant. In
een volgende wagon zag hij mensen bij elkaar staan, zij maakten grappen
en lachten. Sommigen aten een ijsje. En oh, hij ging bijna door de
grond…hij zag een jongen die er precies zo uitzag als zijn eigen zoon.
De vader had wel voor het raam willen gaan staan en uitroepen:”Mensen,
kinderen, beseffen jullie dan niet dat dit mijn eigen zoon zijn leven
heeft gekost?”Maar zij hadden geen enkel vermoeden van wat daar beneden
had plaatsgevonden. En daarom bewoog het hen helemaal niet. Daarom was
ieder bezig met zijn eigen
dingen.
De vader zei:”O, hadden deze mensen er maar een voorstelling van hoeveel het mij gekost heeft om deze trein door te laten gaan en hun leven te redden.”
Dit
verhaal is waar gebeurd en ik hoor het u al zeggen:”Dat is toch wel een
wonderlijke liefde.”Nou, dat mogen we ook wel zeggen. Ieder die dit
leest moet begrijpen hoe het hart van deze brugwachter heen en weer is
geslingerd.
Met wat voor een gevoel hij al deze mensen heeft bekeken die er totaal
geen weet van hadden hoe groot het offer was geweest dat die vader en
die zoon gebracht hadden om die mensen te kunnen laten
leven.
Maar u had het misschien al vermoed, dit verhaal staat niet op zichzelf. Het is niet alleen waar gebeurd, het is ook een prachtige verwijzing. Het doet ons namelijk denken aan hetgeen de apostel Johannes gezegd heeft:”Hierin is de liefde Gods jegens ons geopenbaard, dat God zijn enig geboren Zoon gezonden heeft in de wereld, opdat wij zouden leven door Hem (Joh. 4:9).
En de bekende tekst uit Johannes 3:16: ”Want alzo lief heeft God de wereld gehad dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft opdat een ieder die in Hem gelooft niet verderven, maar het eeuwige leven hebben.”
Het is net als in het verhaal van de brugwachter. Al weet en beseft een mens helemaal niet dat er zo'n groot offer is gebracht (nl. dat God de Vader Zijn Zoon overgegeven heeft in de dood opdat wij zouden behouden worden), toch is dat offer wèl gebracht. Nu kun je voorbeelden natuurlijk nooit helemaal toepassen op de waarheid, maar een klemmende vraag wordt toch wel duidelijk voor deze geschiedenis: Wat is mijn houding jegens die Goddelijke Vader Die Zijn Eigen Zoon liet verbrijzelen tussen de raderen van het oordeel over de zonde opdat ik van de zonde verlost zou kunnen worden? Hoe zit dat met mij, met jou, met u?
Bron:home.filternet.nl
Mieke mantel: De here zegene u
Een nieuw gezin
Omdat God door Christus de straf voor onze zonden heeft betaald en ons heeft vergeven, zijn wij dicht bij Hem gebracht en is alles goed tussen Hem en ons. We zijn een nieuwe samenleving, een nieuw gezin. Dat we één zijn in Christus, betekent dat we elkaar moeten behandelen als familieleden.
Wij zijn één gezin in Christus. Daarom mogen onder Christenen geen hindernissen, verdeeldheid of discriminatie bestaan. We zijn allemaal van Hem en horen in harmonie met elkaar te leven.
Erich
Dagelijks brood

Veel gestelde vragen: Is er leven na de dood?

Lied 585 uit opwekking Er is een dag
Gebed van de dag

Gebed van de dag
Gebed van de dag

Dagelijks gebed

Powerpoint: Voor de troon van God
Dagelijks brood

Dagelijks brood

Dagelijks brood

Arend en de wolf

Ik wordt verscheurd door een verwoestend gevecht binnen in mij.
Aan de ene kant staat de Arend. De Arend staat voor het goede, de waarheid en schoonheid. De Arend zweeft hoog boven de wolken. En ook al vind hij zijn voedsel in de valleien, hij maakt zijn nest hoog in de bergen.
Aan de andere kant staat de huilende Wolf. Die woedende, huilende wolf staat voor het slechte/kwade dat in mij is. Hij leeft van mijn misstappen/ondergang maar weet zichzelf (en zijn daden) altijd weer goed te praten.
Wie wint deze hevige strijd?
Diegene die ik te eten geef, die ik toelaat in mijn leven !!
Bron: http://home.filternet.nl
PREEK : Welke strijd strijden wij?
Jozua, de opvolger van Mozes, de man die het nieuwe land mocht binnentrekken. Lees eventjes hoofdstuk Jozua 9 en dan nog een tekst in 2Korinten 10 vers 1 tot 11.
Als je een Christen bent geworden, dan kom je van het ene Koninkrijk in het andere Koninkrijk. Je komt van het ene Koninkrijk van de wereld, waar alles bepaald is op wat je kunt ZIEN in het andere Koninkrijk van het GEESTELIJKE. En daar moeten wij een strijd strijden. En die strijd is zéér INTENSIEF. Satan heeft 2 grote OFFENSIEVEN naar ons toe! Zoals bij Jozua: We hebben gelezen dat toen Jozua het land binnen trok en al verschillende steden had veroverd, dat toen de koningen gezamenlijk een verbond sloten om Jozua en Israël te verslaan. Daar kunnen wij geweldig veel van leren. Dat is de brullende leeuw. Satan gaat rond als een brullende leeuw en hij zoekt je te verslinden. Er staat in Jozua, wat wij gelezen hebben dat hij dat deed om Jozua en het volk te bestrijden. Daar leren we het volgende van: Satan zal altijd de LEIDERS eerst pakken. Altijd diegene die LEIDING geven. De oudsten, de diakenen, de Bijbelstudie leiders, de bidstond leiders, en hij zal daar met brullend geweld proberen angst aan te jagen en tracht hun KRACHTEN kapot te maken, als het ware te ONTKRACHTEN, LAM te leggen. Maar niet alleen in de gemeente of in een volk zal hij de leiders pakken, maar hij zal ook in uw eigen leven datgene nemen dat leiding heeft in je leven. Hij zal het BESTE en het EDELSTE DEEL pakken van je leven, namelijk…. Je verstand! Je denken! Daar zal hij de strijd aanvangen. En wij hebben in Jozua gelezen dat het volk, al die koningen komen samen, om Jozua en het volk te bestrijden. Maar even daarna komt GIBION, en die komt met een list dat helemaal verborgen is en dat is de tweede methode die satan gebruikt, geraffineerder dan tevoren. Hij is een brullende leeuw en tracht je onder de knie te krijgen door LEUGENS, angst aanjagende opmerkingen van mensen als je evangelisatiewerk doet op straat, en je spreekt mensen aan, en de mensen die dan als het ware spuwen, die zo minachtend gaan doen tegenover jou, en dan is het weer moeilijker om de volgende aan te spreken. Dat is die brullende leeuw. Dat uiterlijke, maar dan is er die andere kant wat de Gibionieten deden met een list het volk te vangen. Met een LIST Jozua om de tuin te leiden. En daar is satan weer, als DE ENGEL DES LICHTS. Althans zo doet hij zich voor. Het lijkt alles zo geweldig, bij Gibion was dit ook zo.
Jozua werd daar getoetst op zijn TROTS. De volkeren kwamen van ver omdat God door Jozua machtige dingen had gedaan. En zij kwamen van ver om de God van Jozua hulde te bewijzen en daarmee dus ook Jozua hulde te bewijzen. En we ontdekken dat Jozua niet meer zijn taak verstaat!!! Jozua doet een onderzoek en vraagt aan die mannen: “Waar komt gij vandaan?” en dat geraffineerde antwoord van die mensen is grandioos. En zij zeggen wij komen van een zeer ver land en dan zijn er 3 a 4 verzen waar ze spreken over de grote God van Israël. Ze zeggen dus niet vanwaar ze komen. Ze spreken over de oorlogen die Jozua gevoerd heeft, niet van gisteren of eergisteren, maar van meer dan een jaar geleden, nog van voor de Jordaan. Over DIE oorlogen spreken ze, en Jozua, zijn INNERLIJK leven is zo in AANBIDDING tot God, en dan vergeet hij de REGELS die God hem gegeven had, te EERBIEDIGEN, en hij sluit een verbond met deze mensen. En er staat in JOZUA: “MAAR DE HERE RAADPLEEGDEN ZIJ NIET”. Zij deden gewoon wat overeen stemde met hun gevoelens. Zij pleegden bedrog. Satan is een engel des lichts. In 2 Korintiërs 10… De apostel Paulus, hij zegt zelf dat hij een zwakke verschijning is… voor de Korintiërs was dat onaanvaardbaar.
Die hielden van sterke figuren. Zelfs ook atletische figuren, want uiteindelijk komen daar ook de Olympische spelen vandaan. En Paulus was een zwakke verschijning. In Korintië was het” goed kunnen spreken” ook zeer belangrijk.
Men nodigde daar een welbespraakt iemand om er naar te luisteren zoals wij zouden luisteren naar een orkest. En men genoot er van. Men had het spreken hoog ontwikkeld. En Paulus… kon dat eigenlijk niet zo goed, hij was geen prediker. En wat zegt men tegen Paulus?... Alweer zo een geraffineerde aanval van Satan, en ook nog met succes! De gemeente van Korinte had Paulus gezien. Zijn zwakke verschijning, zijn slecht spreken, en ze zeiden tegen hem: “Paulus, gij leeft en spreekt naar het vlees”. Paulus weende over die uitspraak. Aan de Korinten heeft hij 4 brieven geschreven, waarbij de eerste brief en brief van LERING is. Hij zegt daar tegen Korinte dat ze nu eens geestelijk moesten worden en stoppen met al dat geruzie. Dat kan toch niet want Christus is de leider om naar te luisteren. Van de tweede en derde brief zegt hij dat het tranen brieven zijn. Die heeft hij al wenende geschreven over deze opmerking. De gemeente had na de eerste brief gezegd tegen Paulus dat hij moest zwijgen want hij zou met machtswellust bezig zijn!: Gij leeft naar het vlees!
Paulus heeft gehuild en God gesmeekt of hij dit mocht weerleggen, en in de tweede Korinten brief, waarin hij open is, waar hij het diepste van zijn hart meedeelt, en waar hij uitlegt hoe zwak dat hij is. Dat hij een AARDEN VAT is waarin de kracht van God in hem is, en dan verteld hij dat hij in de hemel is opgetrokken, in hoofdstuk 12. Hij verteld van de doorn in het vlees en hoe hij God gebeden heeft en NIET verhoord is geworden. Hij verteld van zijn eigen NOOD, zijn ZWAKTE, maar dan besteed hij 3 hoofdstukken: 10,11 en 12, om dit te weerleggen waarvan men hem beschuldigd had…. Dat hij naar het vlees zou leven!
Waarom is dat zo BELANGRIJK?
In vers 3 ligt de geestelijke strijd kompleet in vervat en er staat het volgende als verweer: “ Want al leven wij in het vlees, wij trekken niet ten strijde naar het vlees”. Hij zegt jullie hebben gelijk. Ik leef in het vlees, en ik ben zwak, ik heb geen menselijke kracht. De gerechtigheid die ik heb is NIET MIJN gerechtigheid, maar de GESCHONKEN gerechtigheid van Christus. Ik leef in het vlees en ik ben zwak, ik ben moe, ik ben niet…. Ik ben BEPERKT als mens zijnde, ik maak fouten, het is waar….Ik leef in het vlees, zegt hij.
Maar jullie zeggen dat ik NAAR het vlees leef, en DAT IS NIET WAAR! En hij zegt: Als ik naar het vlees leef, wat betekend dit? Dat wil zeggen dat ik DIT LEVEN als uitgangspunt zal nemen, dwz dat ik mijn zwakke leven zal verheerlijken of verdedigen en dat zal maken dat ik EER ontvang, en NIET de eer aan God geef. Maar dat doe ik niet zegt hij. Dat wil nog VEEL MEER zeggen! Hij zegt: Als ik naar het vlees zou leven dan zullen de woorden, de brieven die ik geschreven heb geen GEZAG hebben, en dan mogen jullie dit plaatsen langs MENSELIJKE beredeneringen, of BEDENKSELS van mensen. Maar zegt hij: Ik ben een apostel en ik spreek de woorden Gods. Ik spreek niet naar het vlees, ik ben wel IN HET VLEES, mijn zwakte en beperkingen zijn er maar ik LEEF NIET NAAR HET VLEES. Ik wil de Here DIENEN en mijn woorden zijn van GROOT GEZAG, dit is: “GODDELIJK WOORD” zegt hij. Dit is de GROOTSTE AANVAL die op de gemeente des Heren kan gedaan worden. Toen Paulus tot bekering kwam zei God dit tegen Ananias: “Ik zal hem tonen hoeveel hij lijden moet om Mijn Naam”. En Paulus zegt het volgende tegen hen: Jullie opmerking dat ik naar het vlees zou leven doet mij meer pijn dan al die keren dat ik gegeseld ben geweest. Deze opmerking dat ik naar het vlees zou leven, is voor mij verschrikkelijker dan te leven, ik wil STERVEN voor Jezus Christus.
Hij is jaren de gevangenis in gegaan, onschuldig en vermoord door Nero, om aan te tonen, dat de woorden die hij sprak, niet naar het vlees waren, maar naar de Geest, dat ze GEZAG hebben in dit leven. En dat ze een EEUWIGHEIDS WAARDE hebben….
Hierin ligt de GROOTSTE STRIJD….GEZAG!
Als Paulus naar het vlees zou leven, dwz dat zijn leven dan GEZAG heeft, ook dat zijn GEVOELSLEVEN GEZAG heeft, en ook zijn GEKRENKTE EER zou dan GEZAG hebben en dat hij zichzelf zou verdedigd hebben in de Bijbel.
Dat zou voor ons dan WAARDELOOS zijn. Nee, zegt hij, ik heb mijn leven gegeven aan Jezus Christus. Ik zal het geven, ik heb de goede strijd gestreden. Ik heb het GELOOF BEHOUDEN en mijn TAAK VERVULD, en voorts ligt er voor mij gereed, de KROON DER GERECHTIGHEID. Want ik heb gewandeld NAAR de Geest. Dat is het probleem!
Onze strijd ligt in: WIE HEEFT HET GEZAG IN UW LEVEN?
Paulus legt uit hoe hij dit heeft aangepakt, hoe hij dat gedaan heeft, en hij zegt: Kijk, de wapenen van onze veldtocht zijn niet VLESELIJK, maar ze zijn KRACHTIG voor God, AANVAARDBAAR voor God, tot het slechten van bolwerken zodat wij de redeneringen van elke schans die opgeworpen wordt, tegen de kennis van God, SLECHTEN. Elk bedenksel als KRIJGSGEVANGENE brengen onder de gehoorzaamheid aan Christus. DAAR ligt de GEESTELIJKE strijd. De geestelijke strijd ligt niet daarin dat wij iemand de zondag in de kerk krijgen, of omdat u mee gaat om evangelisatie werk te doen…
Mensen die de geestelijke strijd niet willen strijden, die willen we enkel in de kerk hebben als ze zich bekeerd hebben. Waar ligt dit soort geestelijke strijd dan? Die strijd ligt DAAR, in je hoofd, in je DENKEN, BEDENKSELS, en deze bolwerken moeten GESLECHT worden, AFGEBROKEN worden. Daar moet iets veranderd worden. Paulus zegt dat er een grote muur gebouwd wordt rondom je DENKEN. Een schans waar Christus NIET binnen kan komen. Waar het CENTRUM van uw leven ligt, als je naar het vlees leeft.
En Paulus zegt: Ik ben juist bezig met die schansen af te breken. En jullie beweren dat ik een grote muur rondom mij heb staan, en dat het centrum van mijn DENKEN------BESCHERMD is door die muur en dat daar Christus met het kruis niet binnen kan komen. Maar mijn taak is, en daar ben ik mee bezig zegt hij: Tot Jezus Christus wederkomt, zullen mijn brieven, mijn woorden, die muren kapot maken. Zoals de muur rond Jericho. En ELK BEDENKSEL dat daar binnen die muur is zal als KRIJGSGEVANGENE gepakt worden en ik zal het brengen door de woorden Gods, onder de GEHOORZAAMHEID + HEERSCHAPPIJ van Jezus Christus.
Als wij niet wederom geboren zijn, dan leven wij in deze wereld, en we denken als deze wereld denkt…
Maar als wij WEDEROM GEBOREN zijn, dan worden wij OVERGEPLAATST uit deze wereld in een andere wereld. Daar is een heel ANDER DENKEN!!! Een heel andere INGESTELDHEID!!! En nu is het die wereld die met GROF GEWELD en als een ENGEL DES LICHTS infiltreert in deze wereld en tracht daar allerlei SCHANSEN te bouwen, zodat u LICHAMELIJK wel MEE loopt in de Gemeente, maar zodat u ONBRUIKBAAR bent voor het KONINKRIJK GODS. En dat u daarbij niet in staat bent andere mensen te winnen voor Christus, en dat komt omdat u denken een WERELDS denken is GEBLEVEN. Omdat u denken niet het denken is gebleven waarin ALLES draait om de GEHOORZAAMHEID aan Christus, maar waar u enkel maar in die wereld bent gekomen om zeker te weten dat je eeuwig leven hebt en nu maar er op los leven….
Er zijn 2 denkpatronen:
Een Christen is iemand die VOL is van de hemel. Zijn WANDEL is al in de hemel. Hij is er VOL van en WEET: DAT IS MIJN TOEKOMST. Als ik NU moet lijden, maar de toekomst zal mij inderdaad die EEUWIGE HEERLIJKHEID brengen.
· Bij een Christen is het INNERLIJKE belangrijker dan het UITERLIJKE. De VREDE in je hart is meer waard dan succes aan de buitenkant.
Laat ons GEESTELIJK leren denken. Als je dan ontdekt dat er allerlei onreinheid naar boven komt, allerlei opstandigheid, kom dan tot de Heer, en ga DENKEND in het Koninkrijk Gods.
Als je denkt aan: De GLORIE van God, ga dan op die wijze verder. In ons denken ligt een strijd.
Je DENKEN zal je wandel BEPALEN.
Amen
Erich
Dagelijks brood