lijm
ik zit alleen aan de tafel en voor mij ligt een
berg met scherven
de restanten van wat eens mijn hart was.
op de grond om mij heen liggen allemaal lege
lijmtubes, herinneringen
aan eerder pogingen om de scherven aan elkaar
te plakken
ik doe elke keer mijn best en ben heel
voorzichtig maar ik krijg het niet meer in elkaar,
het zijn er zoveel en alle stukjes lijken hetzelfde
een begin kan ik niet echt vinden.
de lijm resten verraden eveneens de eerdere
mislukte pogingen om een zaak te herstellen,
maar het lukt eenvoudig weg niet, misschien
ben ik toch een stukje kwijt
maar waarom krijg ik het niet meer tot een
geheel het is toch mijn hart en ik weet
hoe het origineel eruit zag, voor dat ik het
spontaan in jou handen heb gelegd,
jij kon er niets aan doen dat je het liet vallen in
duizend stukjes, ik had je eerder
moeten waarschuwen hoe broos en breekbaar
het was.
het vreemde ik ook dat van de stukjes ook
geen schittering meer uitgaat geen glans, daar
waar het in jou handen straalde en licht gaf.
nu blijft elke reflectie uit en is het slechts een
dof hoopje scherven, zelfs zonder scherpe
randen.
misschien kan ik de scherven maar beter
weggooien en een nieuwe kopen een die niet
breekt en
die ik gewoon kan weggeven zonder dat ik het
gevaar loop dat iemand het zomaar laat vallen






