Naar de inhoud

Nonkel Franseken

22 Februari 1919 - 3 November 2002
akke.beakke.be

Archief

21 Augustus 1938 “Zondag. We rijden naar Hoei...

Een bewogen dag in dat autoke te snorren doorheen ’t land. Hoei is schoon. De ontmoeting met mijn broer zalig. Ik leef met hem mee, zo’n kerel als hij is vol moed en zo intelligent. We hebben de krop in den keel als we afscheid nemen en hopen hem vlug weer onder ons te mogen hebben. Ik wil dit zeker! 9 ½ uur thuis.”

25 Augustus 1938
“ Donderdag. Weer een verjaardag van onze kennismaking. We zijn nu ver van elkaar verwijderd – zogezegd – maar met elkaar tenslotte innig verbonden! Leve onze verhouding.”
Dillie en Frans kennen elkaar nu 3 jaar.

7 September 1938
“Woensdag. Kamp. Verkort aan geld en dat zegt wat. Ik doe geen overdaad en toch…”
Frans is met de trein en zijn legermakkers vertrokken naar een onbekende bestemming op oefenkamp. Zij logeren in kale blokken die aandoen als een gevangenis. Gelukkig duurt het kamp niet te lang.

24 September 1938 “Zaterdag. Verlof! Maar nu komt de explosie – een telegram ´Onmiddellijk kamp vervoegen` Met Bus van 9 ½ uur. Den gansen dag over en weer geloop, van d’ een kazerne naar d’ andere. Vader is er ’s avonds, met de fiets aan de kazerne maar ik mag niet buiten. Ben een gevangene.”
Hitler dreigt een stuk van Tsjecho-Slowakije in te nemen. In dit uiterst gespannen klimaat wordt het Belgisch leger in staat van versterkte vrede gebracht. De elite-eenheden (de grenswielrijders en de Ardense jagers) staan paraat; gespecialiseerde genie-eenheden ondermijnen zowel bruggen als talrijke andere bouwwerken; in het algemeen worden verschillende eenheden versterkt met manschappen of materiaal en goederen worden voor onbeperkte duur opgeëist.
Geschreven door uw neef om 14:54 Reageer op dit bericht

25 September 1938 “Zondag. Verlof, zogezegd, want daarmee is alles ijdel geworden...

Zo’n ganschen onnozelen dag binnen, veel droom ik er en fantaseer en dub over het leven. Ik volg ieder loop rondom mij en heb mijn konklusies over de verscheidene karakters. Ik vind het verder dat het leven niet al te juist is. Moeder en Dillie komen ’s avonds. Om 7 uur bezoek geëindigd.”

 

27 September 1938 “Dinsdag. Vertrek naar Pamel. 6 uur ’s nachts aankomst. Wat is me dat ’n nachtje. Die kamions op, dat doelloze rijden in den pikdonkere nacht. Aankomst op een hoekje, we waren moe en slaperig, slapen in een brouwerij!”

 

29 September 1938 “Donderdag. In Pamel. Het is me wat, de auto’s staan houden, de bidons soep erin en maar rijden. We hebben hier een rare Hollandse en die voorspelt dat we rap naar huis zullen gaan nopens overeenkomst tussen de landen – Laatste dag!”

 

30 September 1938 “Vrijdag. We kramen op. We hopen dat die mizerie voor goed van de wereld is al staat het me niet aan. Daar waar rook is, is er ook vuur! Aankomst te Hekelgem met kamion.”

Na de ondertekening van de akkoorden van Munchen op 30 september 1938 wordt de demobilisatie afgekondigd.

 

4 Oktober 1938 “Dinsdag. Antwerpen. Het is voor die zaak van mijn horloge. Ik zag het bij een oefening te Kathelijne-Waver en het pakte me. Ik riep sergeant Theuns. Zo begon ook het verhoor bij de Luitenant, daarna het hoofd van de gendarmerie. Ook historie van den aansteker. Zo is het op een rechtspraak uitgelopen. 7 ½ uur, Dillie mee! We horen gerechtspraak, dan kinema…”

Frans heeft een vroegere kamergenoot betrapt die zijn verdwenen horloge rond de pols had en gaf die aan. Loontje komt om zijn boontje.

 

21 Oktober 1938 “Vrijdag. Verlof. We gaan naar Peper en Lam. Daar vind ik steeds iets weer van gemoedelijkheid en openhartigheid bij die vriend die me altijd zo ongestoord die vijf frank in de hand stompt. ´Hou je goed, Frans` zegt die wijze, brave man. We hebben een goede avond.”

 

15 December 1938 “Donderdag. Verlof. En zo gaan de dagen…”

Geschreven door uw neef om 12:05 Reageer op dit bericht

1939

Aanhef van het nieuwe dagboek:

 

Hoe hoger uw weg, hoe eenzamer uw gang!

Mens worden is een grote kunst!

Wie zijn eigen hout hakt, verwarmt zich twee maal!


Hallo! Vinder!

Moest je dees agenda vinden

Laat je er niet door verblinden

Hij is van een mens als jij

Geef het hem dan is hij blij

Soldaat TS 11de Kie 7de Linie Regiment Mechelen

 

Wijze lieden weerleggen meer met zwijgen dan met zeggen.

 

20 Januari 1939 “Vrijdag. Mobilisatieoefeningen. Klonerie op grote schaal.”

 

24 Januari 1939 “Dinsdag. Ik ga naar huis. Dillietje ook niet al te wel… Vader doorleeft weer een droevigen tijd.”

De Spaanse griep heerst in het land. De legerdienst van Frans verloopt zoals tevoren met goede en kwade dagen. De hoogtepunten zijn: verlof!

 

1 maart 1939 “ Woensdag. De eerste dag der lentemaand. Hoop. ’s Avonds tot thuis. Mijn juffertje werkt op een nieuw avenuutje. Ik vind heur prettig in heur gesprekken, in het bijzonder over huwen!”

 

4 maart 1939 “Zaterdag. ’t Weertje is puik. Altijd maar werken…niet naar huis. Jeanke om mijn haar te laten verzorgen.. Dat ventje is ’n goeden makker en heeft steeds zijn best gedaan datgene waar ik zo veel van hou, mijn haar, te toveren zoals ’t moet. Ik droom op den vensterrichel terwijl ik kijk in den diep donkeren sterrenhemel, ik droom over het leven, over jong zijn, wat ons nog te wachten staat. Onder mij gaan de jongens is uit de kazerne, buiten staat de wacht. Alles is zo gewoon geworden dat leven van dwang en ongewilde wendingen…”

Jeanke is een legermakker.

17 maart 1939 “Vrijdag. … Jeanke is van jongsaf zowat gedwaald van huis weg en bij zijn tante geweest. Iemand die zijn leven graag verklapt en het soms als verlichting moet doen. Wendt zich vlug tot mij, nu ik aanhoor en geef hoop.”


22 maart 1939
“Woensdag. Ik lees ´Drie Kameraden` heerlijk boek om bij te dromen.”

Het boek verscheen in een Nederlandstalige uitgave in 1937 en is van de hand van  de Duitser Erich Maria Remarque: drie vrienden keren terug uit de loopgraven van de Eerste Wereldoorlog, beroofd van ieder idealisme, iedere illusie. Ze beginnen een garage in Berlijn en gaan een nieuwe strijd aan: de strijd om overeind te blijven in het burgerlijk leven. Hun wapens: sterke drank, kameraadschap en de durf om het lot te bespotten. Kameraden, wat zijn dat? Dat zijn mensen waarbij je je niet groter hoeft voor te doen dan je bent en van wie je onder geen voorwaarde accepteert dat ze naar de donder gaan. Deze magistrale roman schetst de hoofdthema’s van de periode tussen de twee Wereldoorlogen op indringende wijze. Werkeloosheid, opkomend Nazisme en het wegvallen van solidariteit, de drie kameraden krijgen er alles mee te maken. Tegen deze achtergrond ontspint zich een liefdesverhaal dat alle cynisme trotseert en al in vele talen miljoenen lezers heeft ontroerd.

Geschreven door uw neef om 08:18 Reageer op dit bericht

30 Maart 1939 “Vrijdag. Wij houden onze Pasen, onze soldaten-Pasen.”

In het 1949 dagboek van Frans dat werd opgetekend in een oude agenda uit 1935, vinden we volgend, in potlood geschreven, ontwerp van brief :

                        “ Ondergetekende verklaart dat de

               familie Van Cammeren – Michiels een
                           hulp zou moeten bekomen eene

               normale gezondheid te verkrijgen
                           De vader is lijden aan een slepende
                           ziekte en werkloos. De zonen:
                           de oudste is dienstplichtig en jongste
                           is pas teruggekeerd uit een preventorium
                           Het ware wenschelijk den familie

               tijdelijk te steunen “

De brief werd geschreven door de moeder van Frans, mijn grootmoeder, maar het is niet zeker dat hij ooit werd verstuurd, noch aan wie hij is gericht.

 

16 April 1939 “Zondag. We wandelen in Mechelen. Ik vind mijn liefde nog eeuwiger!”

 

29 April 1939 “Zaterdag… Julian nog steeds in ’t hospitaal. Die lompe knie van hem…”

Julian Spruyt, ook een rekruut, deelt wel en wee met Frans in het kazerneleven en is zijn enige boezemvriend geworden, diegene die hij kan vertrouwen en hem helpt als hij het wat moeilijk heeft met de andere legermakkers. Frans is een frêle romanticus, Julian is gehard door het leven. Hij komt uit de rosse buurt van Antwerpen, zijn moeder voedde hem alleen op. Zijn vader is een onbekende.

 

19 Mei 1939 “Vrijdag. We hebben regelmatig oefeningen. Julian terug! We hebben er gisteren leuk mee uitgeweest. ’s Avonds mis. Goeien dag.”

 

4 Juli 1939 “Dinsdag… Op langdurige oefening naar Koningshooikt. We hebben rust na ’t leggen van onze lijn.  Fikske en ik vallen flink in ’t slaap. Ze zoeken ons. We horen een fels lawaai van de schreeuwsergeant. Besluit: 8 dagen koeken. Povere paljassen! We voelen het aan als een foltering, onnozel, gemaakt, fantasie in deze wereld! Waarom mag er geen verstandhouding zijn ?”

Koeken betekent geen verlof, kamerarrest en karweien doen.

21 Augustus 1939 “Maandag. Gewone oefendagen. Doch er broeit weer wat. In de politieke toestand is het niet al te pluis. 1ste sergeant is weer goed geluimd.”

26 augustus 1939 “Zaterdag. ’n Bange, akelige nacht plus een geweldig geladen dag. Die fameuze rit naar Bonheiden. Is me dat een schrik hebben. Paard halen naar Bonheiden onder geleide van 1ste sergeant Bastaens. Wat een last met mijn paardje, het springt en duikelt… Onze Frans die hoeft geen paard, dat is een TS-man.”

Frans moest een paard gaan afhalen in een andere kazerne en er te voet mee naar Mechelen gaan. Het dier was wat onrustig en Frans die niets moet weten van dieren beleeft er de schrik van zijn leven mee.

28 augustus 1939 “Maandag. 3 uur ’s nachts vertrek na dat gezellig oponthoud van verschillende uren in beestenbakken…Bivak. Vlijtingen met z’n drollig torentje. Schuur vol oorwormen, spinnen, ratten en muggen.”

Vlijtingen is een deelgemeente van Riemst en ligt in het zuidoosten van Limburg in de regio Haspengouw. Frans vertrekt met zijn eenheid, de Belgische troepen worden daar bijeen getrokken.

Geschreven door uw neef om 10:30 Reageer op dit bericht

Het uitbreken van de 2de Wereldoorlog !!!

(bron: Internet, tekening: dagboekfragment Frans 1939)
Op 28 augustus 1939 waagde de Britse regering nog een laatste poging om Hitler tot andere gedachten te brengen. Ze stelde voor dat Polen en Duitsland direct over de Duitse eisen ten aanzien van Dantzig en de Poolse Corridor zouden gaan praten. Groot-Brittanië was bereid aan de besprekingen deel te nemen. Hitler deed alsof hij er wel voor voelde, maar zijn eis, op 29 augustus gesteld, dat er op 30 augustus 1939 een Poolse gezant met volledige volmacht naar Berlijn zou komen, was natuurlijk onaanvaardbaar en onuitvoerbaar. Toch kreeg de Poolse ambassadeur  opdracht, contact op te nemen met Hitler. Tegen de avond van 31 augustus deed hij dat, maar tevergeefs. In de vroege morgen van 1 september 1939 trokken Duitse strijdkrachten Polen binnen.
Groot-Brittannië en Frankrijk verzochten Duitsland zijn troepen terug te trekken, maar er kwam niet eens antwoord. Daarop verklaarde Groot-Brittannië de oorlog aan Duitsland. Frankrijk deel vijf uur later hetzelfde. De Tweede Wereldoorlog was begonnen !

1 September 1939 “Vrijdag. De dag werd weer heerlijk ingezet. Een bericht komt ons toe dat er 3 bruggen gesprongen zijn in Luik. Ik ben wel bang om oprecht te zeggen: dat ons dat ook moest overkomen. Ik denk zoveel aan mijn thuis.”

3 September 1939 “Zondag. 6 uur ‘s avonds. We zitten in de zon. Mis zo schoon en zo gezellig. ’n Ganse namiddag aan de lijn in Hasselt. We krijgen regen. ’s Avonds café Chantant. Er wordt appel gemaakt.”
De troepen blijven gelegerd in de buurt van Duitsland en worden paraat gehouden. Er zijn maar weinig vergunningen om naar huis te gaan. Iedereen wacht af.
Op 4 September 1939 werd het Belgisch leger gemobiliseerd. 600.000 Belgen kwamen onder de wapens. België moest zich klaarmaken voor het geval Duitsland haar neutraliteit niet aanvaardde en zou binnenvallen.Er werden aan de grensstreken antitank versperringen opgericht, kazematten gebouwd en mijnenvelden gelegd.
België verstevigde ook zijn grootste posities, Fort Eben-Emael werd versterkt met een groot aantal manschappen en ook de
K(oningshooikt)-W(aver ) linie werd versterkt, deze verdedigingslinie bestond uit 350 bunkers en tankversperringen. De Belgen noemden de KW-linie "De ijzeren muur”.

Geschreven door uw neef om 15:04 Reageer op dit bericht

11 november 1939 “Zaterdag. We doorbrengen bange tijd...

Naar het verlof verlangen we. Kogels worden uitgedeeld! Er roert wat. We zien alles danig pessimistisch…”

Doch het blijft rustig in Limburg.

18 December 1939 “ We worden magazijnier. We landen in die fameuze spookhoeve. Ratten. We arrangeren ’t kamertje. ’t Wordt er gezellig bij ’t stoveke.”
December 1939, Majoor Reinberger van de Duitse luchtmacht moest met zijn vliegtuig een noodlanding maken, hij landde nabij het dorp Kwaadmechelen.  Hij had Duitse plannen bij zich voor de invasie van België, Nederland en Luxemburg. Deze plannen zorgde voor een versterking van de Belgische bruggen (diegene die de Duitsers zouden innemen voor hun snelle opmars ), ook in Frankrijk en Nederland werden maatregelen getroffen, maar het enige dat men niet wist was wanneer de aanval zou gebeuren !
België bleef paraat en wachtend !

Op de foto, genomen in October 1939, Odile Keppens, vriendin van Frans.

Geschreven door uw neef om 07:32 1 reactie Reageer op dit bericht

1940

Aanhef van het nieuwe dagboek:

Wees eerlijk! Geef  ieder wat hem toekomt!

6 Januari 1940 “Zaterdag. We trappen ’t af uit Vlijtingen… ’t is hier vredig stil in ’t dorp.”

Frans is de hele tijd zeer goed ontvangen bij de familie Gonissen uit de hospitaalstraat in Bilzen, hij was er kind aan huis. Een vriendschap die hij heel zijn leven lang zal koesteren.

Zijn taak als legermagazijnier voert hij nu uit in Loksbergen, een dorp eveneens gelegen in de Belgische provincie Limburg en een deelgemeente van de stad Halen, op de grens met Vlaams-Brabant. Hij logeert er ook bij burgers.

25 Januari 1940 “ Donderdag. Verjaardag van mijn moe! Alles wordt gereed gemaakt… We eten flinke kip bij die brave lui uit Loksbergen, die mensen zal ik me nog vaak herinneren.”

De moeder van Frans, Celine Michiels, viert haar 44ste verjaardag.

4 Februari 1940 “De verlofdag is begonnen. We gaan bij Petere die deze dagen in ’t gasthuis zijn laatste ogenblikken schijnt te doorleven.”
Petere, alias Gommaar Van Cammeren, Frans’ grootvader langs vaderszijde en dus ook mijn overgrootvader, overlijdt op 9 februari 1940.

22 Februari 1940 “Donderdag. Beverlo. Verjaardag! Dat is mijn 21ste verjaardag, zo ver van huis weg. Ik heb toch vrienden. We drinken op ons gemakske een bakske af. ’t Was toch gezellig onder elkaar. Maar ’t harteke zit zo thuis. Het verlof is weeral in ’t gedrang… Verlof dat is nog ’t enige dat ons redelijk maakt.”

Frans verhuist enkele dagen later terug naar Bilzen.

Op de foto Juliaan Spruyt, beste vriend van Frans, met op de keerzijde in handschrift:
Uit diepste en innigste genegenheid aangeboden aan m’n éénige vriend Frans
Februarie – mobilisatiemaand 1940
Julian

Geschreven door uw neef om 15:52 Reageer op dit bericht

3 Maart 1940 “Zondag. Deze dag is keurig verwerkt...

Ons Elza schenkt ons een leuke jonge zoon... Ik sta oprecht goed met mijn nieuwe kostuum. ’t Was voorwaar een ekselente kleurrijke dag.
Frans is enkele dagen in verlof en thuis. Het zoontje van Elza en Jef wordt Walter genoemd.

20 Maart 1940 “Woensdag. Paaskommunie. Na de middag wat snuisteren. Uitgaven: 1.5 Frank plaksel, 2.00F kinema, 1.00F frites, 1.5F melk, 2.10F tram.”

21 Maart 1940 “Donderdag. Uitgaven: 1.5F melk, 1.2F eieren, 1.3F boter, 3.5F bier, 2.00F pekelharing. ’n Dag waarop we uitslapertje spelen. We eten deze dagen de stukken van de muren. De Julian is terug. We praten gezellig. Julian is toch ’n goeie kerel. Door al te edele gebaren niet alleen ten opzichte van mij maar ten opzichte van ieder.”

2 April 1940 “Dinsdag… De gasmaskers worden van nieuwe flessen voorzien.”
Duitse troepen vallen Noorwegen en Denemarken binnen op 9 April 1940. Frankrijk en Engeland stonden stom van verbazing, ook België voelde nu dat de kans dat ze deze oorlog konden vermijden nihil is geworden! Het zou niet lang meer duren of de Duitsers zouden ook de rest van "Europa" innemen!

10 April 1940 “Woensdag. Verlof ingetrokken…”

14 April 1940 “Zondag. Verjaardag van mijn poesje (22) en mijn broertje (16).”

7 Mei 1940 “Dinsdag. Slecht weer. Ook slechte tijdingen over de politiek in Noorwegen. Dan schrijven ’s avonds. De meikevers vliegen niet goed, we hebben er maar één gevangen.”

Geschreven door uw neef om 08:54 Reageer op dit bericht

10 Mei 1940 “Vrijdag. OORLOG...

1 uur alert. 4 uur uit Bilzen. Nachtelijk bombardement. Geweer kapot. Vliegtuigen, anders niets.”

Duitse troepen vallen België, Nederland en Luxemburg aan, wat men al een hele tijd vreesde is nu gebeurd, de Belgische neutraliteit werd geschonden.

 

11 Mei 1940 “Zaterdag. ’n Vieze nacht vol oorlogsgerucht. ’s Morgens een ganse morgen bombardementen. We liggen op de buik gans de dag. ’s Avonds in alle vluchte weg. Magazijn achtergelaten, op kamion gesprongen. Hasselt in handen van de Duitsers.”
3 regimenten van de Belgische 7ste  divisie hielden ongeveer 19 km linie langs het Albertkanaal bezet. De linie werd langs de rechterflank beschermd door het grote fort Eben-Emael.  De linie en vele knooppunten werden constant gebombardeerd door de Duitse Luchtmacht en niet veel later drongen de Duitsers door in de Ardennen.

Ze drongen Belgische troepen terug, de Belgen hadden gehoopt dat ze de Duitsers langs het Albertkanaal langer konden tegenhouden zodat andere geallieerden ( Fransen ,Britten) samen met hen slag konden leveren, maar dit was niet mogelijk !

De slag aan het Albertkanaal duurde slechts 2 dagen... niet lang genoeg voor geallieerde hulp.

Bruggen werden ingenomen en de Duitse troepen vloeiden binnen. Bijna alle bruggen die de Duitsers wilden veroveren werden ingenomen, alleen de brug van Kanne werd net op tijd opgeblazen. Franse, Belgische en Britse troepen moesten kost wat kost de ingenomen bruggen zien te vernietigen, maar de Duitse luchtafweer aan de bruggen, de trage Belgische toestellen en de Duitse overmacht in de lucht maakten dit niet mogelijk, elke aanval werd afgeslagen.

In de nacht van 11 op 12 mei 1940 begon de grote Belgische terugtocht, de troepen trokken zich terug achter de "ijzeren muur ".

 

12 Mei 1940 “Zondag. De kamion verloor een wiel. We pikken fiets. We pikken kamion. 1000 meter verder panne. We zien alles voorbij trekken, akelige nacht. Te voet naar Diest, onder de morgen daar. Diest ligt plat. Daar kamion. Tot Leuven, alles leeg. Tot Mechelen en dan naar Boom. Wat een terugzien!”

Frans heeft maar één doel, zo snel mogelijk zijn familie in Boom opzoeken om daar de toestand te kennen. Alles is daar gelukkig nog in orde.

13 Mei 1940 “Maandag. Een nacht thuis vol vliegtuigengeronk. Naar Antwerpen, dan naar Lier. Over Bouchout. Akelige nacht in Hove, we slapen in coiffeurszaak.”
Frans tracht zijn eenheid zo snel als mogelijk te vervoegen.
Die dag kwamen Franse en Britse troepen de Belgische verdedigers ter hulp! De Franse troepen baanden hun weg naar Gent, Dendermonde en zo naar Antwerpen.  Via Antwerpen rukten ze op naar Breda, maar bij Zundert liepen ze vast ! Bruggen waren opgeblazen en wegversperringen waren geplaatst.

 

14 Mei 1940 “Dinsdag. ’s Morgens vroeg op de baan. Komen te Mechelen. In kolonne naar Kapellen. Alles daar plat.”

Geschreven door uw neef om 20:30 Reageer op dit bericht

15 Mei 1940 “Woensdag. Vanaf 4 uur op de baan. Fel afzien, koude nacht.”

Het Duitse leger brak door tussen 13 en 15 mei 1940 nabij Sedan en Charleville, waardoor ze de KW linie konden omzeilen. De Belgen aan de KW linie wisten niet van de doorbraak nabij Sedan en Charleville, zij moesten zonder slag of stoot hun "ijzeren muur" prijsgeven en zich terugtrekken.

De Fransen lagen in Breda op 15 mei 1940, toen men hoorde dat Nederland de wapens had neergelegd !  De Fransen kregen het bevel om zich terug te trekken en de Schelde linie te versterken. Op 15 mei 1940 begon het Duitse 18de leger met de aanval op Antwerpen.

 

16 Mei 1940 “Donderdag. Met de bus tot Schelderode. Daar slapen we nogmaals. Goeie mensen. Ons haar wordt geknipt. We denken aan onze thuis…”

 

17 Mei 1940 “Vrijdag. Vroeg uit. Schone dag. Vertrekken. We liggen op een villa te Melsen bij Gent. Slechte berichten in de radio. Duitse troepen bij Antwerpen. Ik denk aan broertje en poesje en de kleine Walter en aan allen. We slapen gerust niettegenstaande het geschut.”

Melsen is een dorp in de Belgische provincie Oost-Vlaanderen en een deelgemeente van Merelbeke.

 

18 Mei 1940 “Zaterdag. Zo’n schone tijd en er gebeurt zoveel. Als we feitelijk nagaan hoe schoon het leven had kunnen zijn en hoe het nu is. Soms heb ik hoop, soms ben ik de zwartkijker… Ik krijg zo’n miserabel idee over de wereld. Mijn moedertje leerde ’t me zo schoon allemaal gaarne te zien en nu roep ik tegen eenen broeder die zich Duits heet: moordenaar! Mensen brengen slechte berichten over het opblazen van de bruggen in Boom.”
Op deze dag ontmoeten Belgen en Nazi’s elkaar aan de Leie, het Belgisch leger vocht er het zwaarder en heldhaftiger dan alle andere vorige veldslagen, niet alleen de Ardense jagers bewezen hier geoefende en vastberaden strijders te zijn, maar ook vele onder de wapens geroepen Vlaamse jongeren vochten er als leeuwen ! Ze konden de Duitsers op een afstand houden !

Maar de situatie werd slechter, Frankrijk was zo goed als onder de voet gelopen en in België krioelde het van de vluchtelingen, de Britten waren zelfs al aan het inschepen voor hun terugtocht naar Engeland.  De toestand zag er voor de Belgen steeds minder en minder goed uit.

 

19 Mei 1940 “Zondag. Verzamelen om 7 uur. Op ’t kasteel van Schelderode wachten. We wassen ons flink de eerste maal sinds we thuis weg zijn.”

 

20 Mei 1940 “Maandag. Mee met de luitenant. We maken goed eten. Afwisselen met de wacht.”

 

21 Mei 1940 “Dinsdag. We zorgen alweer voor ons eigen buik. Het is weer een geweldig gebonk der kanonnen. We moeten zorgen voor abri’s. ’s Avonds wacht. Er schiet iemand op ons wacht!”

 

22 Mei 1940 “Woensdag. Vliegtuigen zijn op post. We doorleven weer donkere uren. Eten is er genoeg: spek en eieren en melk. De tijd is wel onveilig, moeten we weg ?... Och Here, sta ons bij. ’t Is toch zo akelig.”
De Duitsers bleven alles in de strijd gooien, namen enkele bruggen over de Schelde in en dwongen de geallieerden een terugtocht tot achter de ijzer, De Schelde linie werd verlaten evenals een week ervoor de KW linie.

 

23 Mei 1940 “Donderdag. Altijd maar doormarsjeren, gans de nacht, tot we in Lotenhulle aanbelanden. Wij zijn geradbraakt, we vinden toch slapen. Dan komt er een schoon, schoon briefke van mijn lieve broertje. Die kleine laat toch zo goed zien hoe hij van ons houdt. We zijn toch 2 gebroers. Z’n brief is van de 14de…”

24 Mei 1940 “Vrijdag. De dag is schoon maar al wat hij meebrengt vies en slecht. Brood is nergens mee te krijgen. Het paardenbrood van gisteren was plat en oneetbaar. De mensen in dees streek zijn zo schrokkig en zonder mening… Alle lijkt zo zonder eind na 14 dagen.”

 De dag van het laatste grote treffen tussen Duitse en Belgische eenheden.  Nabij Kortrijk braken hevige gevechten uit, doch met hevige weerstand slaagden de Duitsers erin om de rivier (Leie) over te steken.  Bij Harelbeke konden de Duitsers dan een kleine bruggenhoofd uitbouwen, waardoor er nieuwe Duitse troepen konden worden aangevoerd

 

25 Mei 1940 “Zaterdag. Vroeg vertrekken. We springen een auto op. We leggen heel wat kilometers af. We komen door Brugge. Boel is daar normaal. Na enkele kilometer landen we te Aalter-brug… De stoet van vluchtelingen was enorm vandaag.”

 

26 Mei 1940 “Zondag. ‘t Is wel wat met die vliegers. Ze leggen wel alles aan op verraderlijk opdagen met hun luchtvloot. De moordenaars.”

 

27 Mei 1940 “Maandag. Er zijn vieze teleurstellende berichten over de strijd. De jongens vertellen ons weinig goede berichten over gevallen makkers. Die jongens laten toch hun jong leven!”
Het einde voor de Belgen was nabij, aan de Leie werden nog 2 gevechten geleverd.  Bij Vinkt en Knesselare vielen de Duitsers keer op keer aan, maar werden teruggeslagen, woedend door hun nutteloze aanvallen vergrepen de Duitse eenheden in Vinkt zich aan Burgermoorden.

 

28 Mei 1940 “ Dinsdag. Overgave. Na een kille, akelige nacht komen we te weten dat België het laatste stuk van zijn vrijheidadem heeft gelaten! De vliegtuigen bombarderen ons toch nog en we zien er eentje naar omlaag komen. We zijn nu in Stene bij Oostende. We rijden naar Oostende, alles is daar een droevig schouwspel. We moeten maken dat we er wegkomen want het wordt gevaarlijk.
Leopold III werpt de handdoek in de ring. Tijdens de Achtiendaagse Veldtocht (10-28 mei 1940) stierven ongeveer 6.000 Belgische militairen.

 

29 Mei 1940 “Woensdag. We blijven nog in Veldhoek. We zagen gisteren een lange stoet Duitse troepen. Nu komen er af en toe vliegtuigen over dwalen. We vernemen alles behalve gezellige berichten. We hebben hongerige magen en zoeken eten. Het is droevig en misschien duurt het nog lang?”

Veldhoek is een deelgemeente van Evergem in de buurt van de Gentse kanaalzone.

30 Mei 1940 “Donderdag. De dagen en de nachten zijn zeer killig al is ’t zomer. De orders zijn streng en tuchtvol. De schuur doet ons nog goed en we zorgen voor de bik. Van de keuken krijgen we aardappelen en de rest schooien we. Nog altijd niks van voorttrekken. Alles is hier nog hoe langer hoe doelloos. We kijken eens naar de fotokes. We krijgen eens wat heimwee. We voelen ons zelve niet lijk ’t moet en zo eindigen dagen die zo heel anders hadden kunnen zijn. ’s Avonds in ’t stro vertellen we. Hebben we wat geluk in zaken die allang voorbij zijn. Ergens is een ontploffing en vliegtuigengezoem.”

31 Mei  1940 “Vrijdag. Om 6 uur in de morgen is er zon, dan wordt het weer donker. Alles is overtrokken. We horen mis in een boomgaard. Van achter op een auto is alles uitgestald. Het is zo eenvoudig en roerend dit toneel van de jongens in kaki die buigen en bidden voor alles. Dat miske zal me altijd bijblijven. ’s Avonds doen we zo’n plezierreiske van 8 kilometer en komen dan terug naar Waardamme. De Duitsers hebben onze plaatsen reeds ingenomen.”

Waardamme is een dorp in de Belgische provincie West-Vlaanderen en een deelgemeente van Oostkamp.

1 Juni 1940 “Zaterdag. ’n Marsj om nooit te vergeten. Vanaf 5 uur ’s morgens. De rit van 50 à 60 kilometer duurt lang. Er blijven heel wat jongeren bij. We slapen in een oud kasteel. Zo maar op de grond…”

2 Juni 1940 “Zondag. Vanaf ’s voormiddags in de bres. We marsjeren goed door al kunnen we moeilijk. We passeren Gent en geraken tot Zeveneken… We verkwikken ons wat en slapen in een school die ons een stede verschaft waarop we ons knoken zeer doen. Maar overmoeid kan ons elke rust goed verdragen. Ik denk deze dagen altoes veel aan huis…”

3 Juni 1940 “Maandag. De dag begint vroeg want om op die hardheid te blijven is meer dan moed van doen. Er is zon in de lucht en allerhande berichten. Wel rijst de eeuwig kapitale vraag: mogen we naar huis? Ik tekende op ’t bord en schreef een spreuk: Kinderkens, bemint elkander! ’s Avonds als we al op ons steke liggen wordt er gebombardeerd. We slapen alles behalve gerust.”

4 Juni 1940 “Dinsdag. 8 dagen na die overgave. De berichten van deze dagen zijn maar al te variant. Hoe lang gaat dat spelleke hier nog lopen? We beleven een schoon weerke…We hebben alles te doen zoals ze ’t willen!”

5 Juni 1940 “Woensdag. Schoon weer. Alles is afgezonderd. De straat mag niet bezocht worden. Er wordt gewassen en gedroogd en daarbij veel nieuws gehoord dat op niets trekt.”

6 Juni 1940 “Donderdag. We staan in de vroege morgenduren paraat om wat te marsjeren. De enkele kilometers gaan wel goed. Ik leg toch wat goed op de fiets van de luitenant. Dan komen we in Kalken en vinden een plaats: café + beenhouwer. Ik krijg nieuws van een bezoeker dat mijn broerke nog niet thuis is.”

Broer Theo, juist 16 geworden, is in de eerste weken van Mei overgebracht naar het Zuiden van Frankrijk samen met Jef, de man van Elza. Ze zitten in Saint-Sauvy in de Gers in het departement Midi-Pyrenées. Weerbare Belgische mannen, die niet onder de wapens waren, werden daar samengebracht ter voorbereiding van een eventueel tegenoffensief.

Geschreven door uw neef om 06:48 Reageer op dit bericht

Meer van Nonkel Franseken

↑ Terug naar de berichten