Naar de inhoud

Doorheen de dagen

Ervaringen besproken
akke.beakke.be

GEDICHT VAN DE WEEK

 

 

Aanvaarding

 

Toen ik jong was, bestond ik in vormen

Van het leven, dat komen zou;

Een vervoerend de wereld doorstormen,

Een lied en een eindlijke vrouw.

 

Het is bij dromen gebleven;

Ik heb, wat een ander ontsteelt

Aan het immer weerbarstige leven,

Slechts als mogelijkheden verbeeld.

 

Want ik wist door een keuze verloren

Ieder ander verlokkend bestaan

Ik heb dan ook niets verkoren,

Maar het leven is voortgegaan.

 

En het eind, dat ik wilde ontvluchten,

Is den aanvang gelijk, dien het had:

Onder Hollandse regenluchten,

In een kleine Hollandse stad.

 

Ingelijfd bij de bedaarden

Wordt het hart, dat geen tegenstand bood.

Men begint met het leven te aanvaarden

En eindlijk aanvaardt men den dood

 

J.C. Bloem

 

 

 

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door Omer om 17:52 Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

ZONDAG 14 APRIL

 

3de PAASZONDAG C – 14 APRIL 2013

‘WEID MIJN LAMMEREN’

 

‘Weid mijn lammeren’. Tot driemaal toe horen we straks dit woord van Jezus. Tevoren, ook tot driemaal toe, is er zijn vraag aan Petrus: ‘PETRUS, BEMIN JE MIJ, HEB JE MIJ LIEF?’

Zoals steeds is het een woord, een vraag, die ook aan ons gericht is. En zo gemakkelijk zijn we dan overtuigd van onszelf … maar verstaan we de draagwijdte van de vraag wel: die heel concrete liefde in ons heel concrete leven?

In die tijd verscheen Jezus weer aan de leerlingen, nu bij het Meer van Tiberias. Dat gebeurde als volgt. Bij het meer waren Simon Petrus en Tomas (dat betekent ‘tweeling’), Natanaël uit Kana in Galilea, de zonen van Zebedeüs en nog twee andere leerlingen. 

Petrus zei: ‘Ik ga vissen.’ ‘Wij gaan met je mee,’ zeiden de anderen. Ze stapten in de boot, maar de hele nacht vingen ze niets. Toen het al ochtend werd, stond Jezus op de oever, al wisten de leerlingen niet dat het Jezus was. Hij riep: ‘Hebben jullie soms iets te eten?’ ‘Nee,’ antwoordden ze. ‘Gooi het net aan stuurboord uit,’ riep Jezus, ‘dan lukt het wel.’ Ze wierpen het net uit en er zat zo veel vis in dat ze het niet omhoog konden trekken. 

De leerling van wie Jezus hield zei tegen Petrus: ‘Het is de Heer!’ Zodra Simon Petrus dat hoorde, schortte hij zijn bovenkleed op – meer had hij niet aan – en sprong in het water. De andere leerlingen kwamen met de boot en sleepten het net vol vis achter zich aan. Ze waren niet ver van de oever, ongeveer tweehonderd el. Toen ze aan land kwamen zagen ze een vuurtje met vis erop en brood. 

Jezus zei: ‘Breng ook wat van de vis die jullie net gevangen hebben.’ Simon Petrus ging weer aan boord en trok het net aan land. Het zat vol grote vissen, welgeteld honderddrieënvijftig, en toch scheurde het niet. Jezus zei tegen hen: ‘Kom, eet iets.’ Geen van de leerlingen durfde hem te vragen wie hij was, ze begrepen dat het de Heer was. Jezus nam het brood en gaf hun ervan, en hij gaf hun ook vis. Dit was al de derde keer dat Jezus aan de leerlingen verscheen nadat hij uit de dood was opgestaan.

Toen ze gegeten hadden, sprak Jezus Simon Petrus aan: ‘Simon, zoon van Johannes, heb je mij lief, meer dan de anderen hier?’ Petrus antwoordde: ‘Ja, Heer, u weet dat ik van u houd.’ Hij zei: ‘Weid mijn lammeren.’ 

Nog eens vroeg hij: ‘Simon, zoon van Johannes, heb je me lief?’ Hij antwoordde: ‘Ja, Heer, u weet dat ik van u houd.’ Jezus zei: ‘Hoed mijn schapen,’

En voor de derde maal vroeg hij hem: ‘Simon, zoon van Johannes, houd je van me?’ Petrus werd verdrietig omdat hij voor de derde keer vroeg of hij van hem hield. Hij zei: ‘Heer, u weet alles, u weet toch dat ik van u houd.’ Jezus zei: ‘Weid mijn schapen.’ 

‘Waarachtig, ik verzeker je: toen je jong was deed je zelf je gordel om en ging je waarheen je wilde, maar wanneer je oud wordt zal een ander je handen grijpen, je je gordel omdoen en je brengen waar je niet naartoe wilt.’ Met deze woorden duidde hij aan hoe Petrus zou sterven tot eer van God. Daarna zei hij: ‘VOLG MIJ.’

(Johannes 21,1-19)

 

‘MIDDEN ONDER ONS’

 

Eigenlijk is er iets heel merkwaardig in die verschijningsverhalen. Hoewel zij enkele jaren met Jezus waren opgetrokken herkennen zijn leerlingen Hem niet, wanneer Hij na zijn verrijzenis weer aan hen verschijnt.

In zekere zin stemt dat overeen met onze eigen ervaring. Ook al is Hij niet langer in levenden lijve bij ons, toch geloven wij dat Hij ook nu met ons op weg gaat! We zien Hem niet, we kunnen niet zoals Thomas zijn wonden voelen. En toch kunnen we Hem bij ons weten! Maar hoe kunnen we Hem herkennen?

Vogels kennen we aan hun kleur en aan het lied, dat zij fluiten. Van bomen kennen we de bladeren. En van seizoenen de schoonheid van de lente of de herfst. En dieper nog: na verloop van tijd zijn we vertrouwd met de stap of de stem van een vriend.

Maar hoe kan je de Verrezen Jezus herkennen, als je zijn gelaatstrekken niet kent? Misschien in mensen die mild zijn en warmte uitstralen? Of in mensen die telkens opnieuw vergeven? Of in die mens die elke dag, ongezien en ongekend, met veel zorg een zieke te eten geeft?

Maar evenzeer spreekt Hij door de mond van mensen, die onrecht en valse leiders met striemende stem aanklagen. En Hij verschijnt in die vreemdeling of eenzame, die we vaak achteloos voorbijlopen. En in die onbekende man of vrouw op de trein, die luisterde, aandacht had en ons nieuwe moed gaf?

In vele gedaanten blijft Hij verschijnen, zoals Hij toen in vele gedaanten al weldoende rondging. Laten we bidden dat zijn weg ons pad mag kruisen en dat we Hem dan – in onze haast – niet ongezien voorbijgaan.

(geïnspireerd door een bezinning van de Federatie Kana)

 

De lente was dezelfde

 

De lente was dezelfde als jaren terug

en toch was alles anders.

God had het lijden van nabij gezien,

de dood geproefd

en in zijn lichaam alles meegeleden

wat de mensen lijden.

 

De lente was dezelfde,

met plotse bloemen in het bedauwde gras

en toch was alles anders.

De tranen in zijn ogen en de wonden in zijn vlees,

de glimlach van vernedering.

Hij deelde in ons lijden.

 

De lente was dezelfde als altijd,

met stuwende dieren en uitgelaten vogels

en toch was alles anders.

Een open graf en vrienden met hun twijfels

en hun broos vermoeden na zoveel lijden.

 

De lente was dezelfde als ooit tevoren

en toch, nu werd het anders.

Ik weet zijn hand op mijn schouder.

‘Ik ben verrezen en nog bij u’.

Zijn gewonde hand op mijn schouder

in het uur van het lijden.

 

Manu Verhulst



1373456-d9ee047076bd6af97c96395734a5be34.jpg

1373456-32187612fd470969a1a627fe84e720cd.JPG

1373456-ce7b5f616f0c82ef7ed3542d26e9ac43.JPG

1373456-2968e9bb82f814a1707ba52993883049.jpg

1373456-950e626fbf1c25746da55f0351f49362.JPG
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Omer om 07:53 Reageer op dit bericht

DOORDENKEN OP DONDERDAG

 

Vader, wij hebben geen woorden

voor onze onmacht en onze pijn,

maar Gij weet wat er omgaat in ons hart.

Gij kent het mateloze verdriet van ouders

die hun kind verloren

als een bloem, gebroken in de knop.

 

Uw eigen liefste Zoon, de mens Jezus,  

die al Uw goedheid met ons deelde,

werd al te vroeg en onrechtvaardig

uit het leven weggerukt.

 

Toch hebt Gij Hem niet immer

aan het geweld van de dood prijsgegeven.

Met Uw levensgeest

zijt Gij Hem te hulp gesneld

en Gij hebt het ontzagwekkende wonder

van Pasen aan Hem voltrokken.

 

Aan Hem klampen wij ons vast,

met vragen beladen.

Bevrijd ons

en allen die wij zo pijnlijk moeten missen

uit het doffe duister van de dood

en leid ons naar Uw land van louter Licht.

(Bron: ‘Tertio’, nummer 632 van 21/03/2012

na het busdrama, vorig jaar, in Sierre)



1372179-0f385015aedcfe3400ef45a5bedbd519.jpg

1372179-3f0be5e57e63897d66022d84b56e9c05.JPG
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Omer om 11:21 Reageer op dit bericht

GEDICHT VAN DE WEEK

 

Existentie

 

Hier loopt het ik: vanwaar is het gekomen,

tot dit moment als tot een open plek,

waar het, tussen het zwart geheim der bomen,

zich in een maanblank watervlak ontdekt

en wakker wordt en toch volloopt met dromen?

 

Hier loopt het vreemde ik, het richt zijn voeten

naar waar, naar waar? Het kent de wegen niet.

Alleen: het is! Het wil de aarde groeten

met een herkennend, nieuw en oeroud lied.

Hier loopt het ik en het wil God ontmoeten.

 

J.W. Schulte Nordholt

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Omer om 17:13 Reageer op dit bericht

ZONDAG 7 APRIL

 

2de PAASZONDAG C – 7 APRIL 2013

`ONGEZIEN EN TOCH NABIJ’

 

We zijn hier, net als de apostelen, bijeen op de achtste dag na Pasen. We hebben de Verrezen Heer niet in levenden lijve gezien, en toch weten we Hem hier onder ons aanwezig.

‘Gelukkig die niet zien en toch geloven’ zullen we Jezus tot Thomas horen zeggen.

We mogen de aanwezigheid van de Heer gewaarworden in het gelaat van onze medegelovigen. We mogen Hem aanwezig weten in zijn Woord dat hier wordt verkondigd. We mogen ons aan deze heilige tafel voeden met zijn Leven.  

 

Op de avond van die eerste dag van de week waren de leerlingen bij elkaar. Hoewel de deur op slot was uit vrees voor de Joden, kwam Jezus. Ineens stond Hij in hun midden en zei: `Vrede!' Na deze groet toonde Hij hun zijn handen en zijn zijde. Vreugde vervulde de leerlingen toen ze de Heer zagen. `Vrede', zei Jezus nogmaals. `Zoals de Vader Mij gezonden heeft, zo zend Ik jullie.' Na deze woorden ademde Hij over hen. `Ontvang de heilige Geest', zei Hij. `Als jullie iemand zijn zonden vergeven, dan zijn ze ook vergeven; als jullie ze niet vergeven, dan blijven ze behouden.'

Thomas, een van de twaalf, ook Didymus genaamd, was er niet bij toen Jezus kwam. De andere leerlingen vertelden hem: `We hebben de Heer gezien.' Maar hij zei: `Ik wil zijn handen zien, met de gaten van de spijkers erin; ik wil ze met mijn vingers voelen. Ik wil met mijn hand de opening in zijn zijde voelen. Anders geloof ik niet.

Acht dagen later waren de leerlingen weer bijeen, en nu was Thomas erbij. Hoewel de deur op slot was, kwam Jezus. Ineens stond Hij in hun midden en zei: `Vrede!' Vervolgens richtte Hij zich tot Thomas: `Kijk maar, hier zijn mijn handen; kom nu maar met je vinger. En kom met je hand om de opening in mijn zijde te voelen. Wees niet langer ongelovig, maar gelovig.'

Hierop zei Thomas: `Mijn Heer! Mijn God!' Jezus zei: `Omdat je Me gezien hebt, geloof je?’ Gelukkig zij die zonder gezien te hebben toch tot geloof komen.'

Nog veel andere tekenen heeft Jezus voor de ogen van zijn leerlingen verricht, die niet in dit boek zijn neergeschreven. Die welke u hier vindt, zijn neergeschreven opdat u zult geloven dat Jezus de Messias is, de Zoon van God, en opdat u door te geloven leven zult bezitten in zijn naam.

(Johannes 20,19-31)

 

`OMDAT JE ME GEZIEN HEBT, GELOOF JE?’

‘Eerst zien en dan geloven!’ Hoe dikwijls horen we dat niet. Je kan ook niet alles geloven wat verteld wordt: roddels, insinuaties, halve waarheden en veel wat in de krant staat. Bovendien, die ongelovige Thomas, wij zijn dat zelf wel eens. We geloven wel, maar liefst toch niet te veel. Geloven ja, maar zonder overdrijven, in ons denken, in ons doen, in ons leven.

Wie alles zomaar aanneemt wordt inderdaad vaak bedrogen. En soms op een pijnlijke wijze, die veel zeer kan doen. Toch hebben belangrijke dingen in ons leven dikwijls met geloven te maken. Een jongen en een meisje, die van elkaar houden en dromen over later, zeggen: ‘ik beloof je trouw te blijven in goed en kwade dagen.’ Ik beloof het, omdat ik in je geloof.

Zo is het ook met ons geloof in Jezus. De kern ervan gaat over verrijzenis: nieuw leven, volheid van leven, leven voorgoed. We kunnen dat niet duidelijk beschrijven. Het reikt verder dan onze ogen zien, onze oren horen, onze handen aanraken. Waarom dan geloven? Waarom aannemen dat dit alles waar zou zijn?

Het kan zijn omdat onze ouders ons dat zo geleerd hebben. Dat is belangrijk, zeker als zij het voorleefden. Maar de echte reden ligt dieper: dat is Jezus zelf, die mens van Nazareth, die zo leefde, zo sprak en zulke tekenen toonde. Die hoop bracht aan mensen die blind of lam, doof of stom, melaats of bezeten waren. Die hen genezing gaf. Die Jezus, die op die manier dood in leven kon ombuigen. En ook vandaag zijn er nog mensen, die zijn leven leiden, zijn woorden spreken en zijn wonderen nog verder blijven doen, die nog altijd anderen laten opstaan en een nieuwe adem geven, mensen, die nieuw leven brengen waar alles dor en dood leek.

Toen wilden zij Hem niet erkennen; zij, dat waren de leiders, de voormannen, de oudsten van het volk, de schriftgeleerden, de hogepriesters en farizeeën. Herkennen wij Hem vandaag, als Hij in onze buurt, in die of die persoon, opnieuw aanwezig is, en wellicht tegengewerkt wordt door sterke, kwade machten, die het een tijdlang lijken te halen?

Geloven wij dat Hij blijft verrijzen? Dat Hij ook nu nog steeds tot leven komt? Geloven we in Hem, desondanks?

 

 

Ongelovige Thomas

Ik hield mijn handen op zijn wond
zocht naar bewijs van leven
mijn ongeloof gaf hier geen pas
maar eenmaal dit gedaan
ontdekte ik
dat hier niet hij maar ik...
de echte dode was

toen hij me in mijn ogen keek
en ik voor deze God bezweek
sprak hij geen oordeel uit
maar schonk voor mij een goed glas wijn
en brak voor mij het brood
en sprak...
‘laat mij toch in je zijn

ik weet hoe jij je voelt
en wat voor kilheid je omgeeft
want ik ben zelf ook dood geweest
maar nu niet meer...  
ik leef’

leg dus gerust je hand maar hier
en vind je zo verlangd bewijs ik weet,

je ongeloof geeft hier geen pas
maar ik wil graag met je op reis  

Juko de Vries

 

 



1368891-63c85d8fea3a65f4a0888e30607c53a7.JPG

1368891-156005c5baf40ff51a327f1c34f2975b.jpg

1368891-6bade8110601de30c47dd51084ffc663.JPG

1368891-f2c9c603e773f59a5ad026e70792d3f7.jpg
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Omer om 09:07 Reageer op dit bericht

DOORDENKEN OP DONDERDAG

 

‘Ik kan u geen leven zonder leed of pijn beloven.

Ik kan ook niet beloven dat alles gauw veel beter zal gaan.

Ik kan niet beloven dat binnenkort

honger en onrecht en oorlog verdwenen zullen zijn.

Ik geloof ook niet dat ik het zelf nog beleven zal.

 

Maar daarom heb ik broeders en zusters nodig,

ik heb troost nodig, want dat is een groot verdriet.

Ik heb die traditie van zoveel eeuwen nodig,

die christelijke traditie,

die terugkijkt naar de Joden en naar Jezus

want die vertelt verhalen

die over bevrijding en over leven gaan.

 

Het is van groot belang dat je mag geloven,

dat een blinde al eens ziende is geworden,

of dat een verlamde al eens is gaan dansen,

en zeker dat een heel volk ooit eens

van die gulzige vleespotten van Egypte is weggetrokken,

dit Egypte achter zich heeft gelaten.

 

Zulke verhalen herhalen en blijven herhalen,

is voor mij de betekenis van de christelijke traditie.

Ik denk almaar terug aan wat ooit gebeurd is

met het oog op mijn toekomst,

én met het oog op de toekomst van ons allen.

 

Ik heb die hoop nodig,

die groeit uit een terugblik op dit verleden:

Er is al eens iemand uit de doden opgestaan.’

 

(vrij naar Dorothee Sölle)



1367811-6ec1cdb541e12477eee37bfc3e3c3dda.JPG

1367811-c37752c1cd8bae5765a4cb714f0a441f.jpg

1367811-77caa3f98df7c490c236875b18e5bda7.jpg
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Omer om 09:16 Reageer op dit bericht

GEDICHT VAN DE WEEK

 

MARIA MAGDALENA IN DE GRAFTUIN

 

In wanhoop doolt zij rond

het graf is leeg

het lichaam van de meester

niet te vinden

 

alleen een vreemde –

de tuinman soms

zou hij misschien?

 

Waar hebt u hem gelegd

die men het leven nam

wil hem mij dan tenminste

nog als dode laten

 

verblind door tranen

alles is verloren

dood is nog altijd dood

wendt zij zich af –

 

Wat opent haar

wat heelt haar oren

wie noemt haar bij de naam

zoals zij is gekend?

 

Nog dieper ommekeer

dan in hun vroegst ontmoeten

ervaart zij wat zij ziet:

hij is het is

de Levende

die mij tot leven riep

 

Inge Lievaert

 

---

 

In die tijd stond Maria buiten bij het graf te schreien. En al schreiend boog zij zich naar het graf toe en zag op de plaats waar Jezus’ lichaam gelegen had, twee in het wit geklede engelen zitten, een aan het hoofdeinde en een aan het voeteneinde. 

Zij spraken haar aan: ‘Vrouw, waarom schreit ge?’ Zij antwoordde: ‘Zij hebben mijn Heer weggenomen en ik weet niet waar zij Hem hebben neergelegd.’ Toen zij dit gezegd had, keerde zij zich om en zag Jezus staan, maar zonder te weten dat het Jezus was. Jezus zei tot haar: ‘Vrouw, waarom schreit ge? Wie zoekt ge?’ In de mening dat het de tuinman was vroeg zij: ‘Heer, mocht gij Hem hebben weggebracht, zeg mij dan waar ge Hem hebt neergelegd zodat ik Hem kan weghalen.’ 

Daarop zei Jezus haar: ‘Maria!’ Zij keerde zich om en zei tot Hem in het Hebreeuws:  ‘Rabboeni!’ wat leraar betekent. 

Toen sprak Jezus: ‘Houd mij niet vast, want Ik ben nog niet opgestegen naar mijn Vader,  maar ga naar mijn broeders en zeg hun: Ik stijg op naar mijn Vader en uw Vader,  naar mijn God en uw God.’ 

Maria Magdalena ging aan de leerlingen berichten dat zij de Heer gezien had en wat Hij haar gezegd had.

(Johannes 20,11-18)



1366486-1f393d051395f54ba083efec68d26adb.jpg

1366486-6e26915a67143672e2f9bbcb4235200d.jpg

1366486-c9a7fc60a8c7a96afe6b862ac861c29b.JPG

1366486-1e7f2620bb569ff007a558e244da1fb8.JPG

1366486-5ad92caadf39b6f5b529f8c68a631e87.JPG

1366486-d21049598e1a5151126b793e637173f6.JPG
Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Omer om 07:19 Reageer op dit bericht

PAASMAANDAG

 

PAASMAANDAG, 1 APRIL 2013

‘DAT ER LICHT MAG ZIJN,

LICHT IN ONZE OGEN’

 

Dat er Licht mag zijn:

Licht in onze ogen,

zodat we elkaar zullen zien,

zo goed als nieuw.

 

Licht in onze huizen,

dat er vriendschap

en gastvrijheid mogen heersen.

 

Licht op onze wegen,

dat we niet dwalen

en elkaar tot doolhof zijn.

 

Licht op deze plaats,

om elkaar bij te lichten,

elkaar toe te schijnen.

 

Met het geloof in Hem

die eens geroepen heeft:

‘Ik ben het licht van de wereld!’

Amen.

 

 

als wat onmogelijk leek

mogelijk wordt

 

als in wat uitzichtloos was

en dood

nieuw leven daagt

 

 als angst en onzekerheid plaats ruimen

voor hoop en verwachting

 

als pijn en verdriet gelouterd zijn

tot dankbare herinnering

 

 als na verdeeldheid

verbondenheid mogelijk blijkt

 

als afkeer tot inkeer komt

als alleen groeit tot samen

 

als geweld en misbruik ombuigen

tot tederheid en liefde

 

als grijpen herverdelen wordt

 

dan vieren wij Pasen…

 

Exodus, Egypte, Beloofde Land,

zijn meer dan begrippen en plaatsen

uit een versleten verhaal.

 

De vragen die we ons moeten stellen zijn:

Waar is ons Egypte, onze exodus, ons beloofde land?

 

Waaraan zitten wij vast?

Wat maakt ons echt vrij?

 

En welke stappen moeten we daarvoor zetten?

 

Of hebben we ons zo ‘aangepast’

aan de ‘Egyptische levensstijl’

dat ‘exodus’ ons niets meer zegt?

 

(uit: De woestijnweg op)

 







Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Omer om 08:53 Reageer op dit bericht

PASEN

 

PAASZONDAG – 31 MAART 2013

TOT NIEUW LEVEN VERRIJZEN

Wij ervaren dagelijks hoe klein en kwetsbaar we zijn, hoe hard het leven is voor velen. 

Toch mogen wij aan elkaar getuigen van een zekerheid die dieper is dan alle angsten: Christus is verrezen. Wij beseffen dat Pasen meer betekent  dan louter een herinnering aan Jezus’ verrijzenis. 

Ook wij willen een stukje verrijzenis meemaken in ons eigen leven en doorgeven  in het leven van anderen.

 

Op de eerste dag van de week gingen de vrouwen zeer vroeg in de morgen naar het graf, met de welriekende kruiden die zij klaar gemaakt hadden. Zij vonden de steen weggerold van het graf, gingen naar binnen, maar vonden er het lichaam van de Heer Jezus niet. 

Terwijl zij niet wisten wat daarvan te denken, stonden er plotseling twee mannen voor hen in een stralend wit kleed. Toen zij van schrik bevangen het hoofd naar de grond bogen, vroegen de mannen haar: ‘Waarom zoekt ge de levende onder de doden? Hij is niet hier, Hij is verrezen. Herinnert u hoe Hij nog in Galilea tot u gezegd heeft: De Mensenzoon moet overgeleverd worden in zondige mensenhanden en Hij moet aan het kruis worden geslagen, maar op de derde dag zal Hij verrijzen.’ 

Zij herinnerden zich zijn woorden, ze keerden van het graf terug en brachten dit alles over aan de elf en aan al de anderen. Het waren Maria Magdalena,  Johanna en Maria, de moeder van Jakobus; de andere vrouwen die met hen waren vertelden aan de apostelen hetzelfde. 

Maar dat verhaal leek de apostelen beuzelpraat en zij geloofden hen niet. Toch liep Petrus ijlings naar het graf; hij bukte zich voorover maar zag alleen de zwachtels. Daarop ging hij terug, verbaasd nadenkend over hetgeen er gebeurd was.

(Lucas 24,1-12)

 

MIDDEN IN HET GRAF

 

In het graf van de dood,

van oorlog en onrecht,

van haat en angst,

heb ik een engel gezien.

Hij had geen vleugels en zijn gewaad schitterde niet.

Neen, hij was heel gewoon,

een mens als ieder ander mens.

Hij was er, midden in het graf.

 

Hij was niet weggelopen van de mens en zijn ellende,

Hij was er, in mijn angst en mijn onvrede,

in mijn onmacht, in de dood van velen.

Hij was er zoals God er altijd is,

midden in de dood ...

 

Niet bang zijn, zei hij,

je hoeft de Levende niet hier te zoeken.

Maar breek de graven open,

maak de zwachtels los

die mensen gevangen houden in zichzelf,  

toegeklapt in hun verdriet.

Herstel de onmacht en de angst,

wek een nieuw vertrouwen,

en wees er voor anderen.

Dan zul je Hem zien, de Levende,

daar gaat Hij u voor.

Wie God doet

is door geen grafsteen tegen te houden. 

 

Aan jullie allen wens ik van harte een zalig Pasen:

dat we – ieder op onze eigen plaats –  

midden de vele graven van onrecht, lijden en dood

een engel mogen zien,

een engel mogen zijn.

         

(vrij Carlos Desoete) 

 

PASEN

 

Het zal zijn

als het ontwaken uit een winterslaap

de frisheid van een dauwtrip,

de ochtendzon tegemoet.

 

Het zal zijn

als kiemen in de donkere aarde

barsten uit de knop

ontvouwen van nieuw groen

na ijs en dorre koude.

 

Het zal zijn

als een ontwapenende glimlach

twee vragende ogen,

hoop in woorden,

warme nabijheid die je doet opstaan

uit wat je verpletterend verlamde.

 

Zo is verrijzen:

Christus gaat ons voor

in een leven uit de dood.

 

Pasen … nooit te vroeg!

Pasen … nooit te laat!

 

Kathleen Boedt



1364804-e1cc5a18ef94686cdef3d246e17ea738.jpg

1364804-5bb4e838e102b2579fac3d9dd8e7a642.jpg

1364804-50166765fc6f372caa3f96cbe6aba038.JPG

1364804-d67921fcb2e9e2ad25a1a71c79596993.JPG

1364804-606505de43d054b4b2188f3092bf4280.JPG

1364804-18f227756fe825166bae09afec1a0664.JPG
Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Omer om 09:22 Reageer op dit bericht

GOEDE VRIJDAG

 

Goede Vrijdag

 

Ook dit jaar zullen mensen zwijgen

als toentertijd en telkens weer.

De groten gaan ’t gelijk weer krijgen

‘wie zwijgt, stemt toe’ – ’t bekende zeer …

 

Of erger nog: ze zullen roepen

dat Hij ter dood moet aan het kruis,

die opgehitste hete groepen

die opkomen voor tuin en huis …

 

En Hij dan aan het kruis verheven,

spreekt ieder jaar dat teder woord:

‘Het weze, Vader, hen vergeven …’

Het is bekend, toch ongehoord.

 

Onder het kruis, één leerling en de vrouw,

de and’re leerlingen er ver vandaag …

Ik weet dat ik vandaag de handen vouw …

Maar waar had ik destijds gestaan?

 

Pr. Jan Coghe



1364194-69bf5ae4fbfaf2f3cb30631585e909b1.JPG

1364194-11d02548704bdafeac000c3a1e427e49.JPG

1364194-50166765fc6f372caa3f96cbe6aba038.JPG

1364194-18f227756fe825166bae09afec1a0664.JPG

1364194-606505de43d054b4b2188f3092bf4280.JPG
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Omer om 09:50 Reageer op dit bericht

WITTE DONDERDAG

GEBED BIJ WITTE DONDERDAG

 

Jezus wist dat zijn uur gekomen was

om uit deze wereld naar de Vader te gaan.

Nu gaf Hij zijn leerlingen

een bewijs van zijn liefde tot het uiterste toe.

 (Johannes 13,1)

 

Hij nam een brood, brak het in stukken, gaf het hun, en zei:

‘Dit is mijn lichaam; het wordt voor jullie gegeven.

Blijf dit doen om Mij te gedenken.’  

(Lucas 22,19)

 

Heer Jezus, eens is het zo gebeurd:

je lichaam, je hele leven,

gegeven en gebroken,

dag aan dag

tot aan die laatste dag daar op Calvarie.

 

Gegeven en gebroken,

zoals het stukje brood,

dat je voor je vrienden brak en doorgaf:

‘Dit ben Ik zelf.

Blijf dit daarom doen, blijf dit herhalen,

om Mij niet te vergeten.’

 

Je woorden waren je eigen hele leven,

door en door

en dag aan dag..

Bewogen bidden wij

diezelfde woorden.

Ontroerd breken wij

hetzelfde brood.

 

Mogen jouw woorden

woorden worden van ons eigen leven,

gegeven, soms gebroken.

Moge jouw brood

brood worden  van ons eigen leven,

gegeven, soms gebroken.

 

Om die genade bidden wij

voor vandaag

voor alle dagen. Amen.

 

Witte Donderdag
 

We zullen weer aan tafel gaan

met Hem en met zijn vrienden

en weer eens zullen wij verstaan

dat Hij een beter lot verdiende.

 

We zullen weer aan tafel gaan

en eten van ’t gebroken brood,

en weten dat we voortbestaan

dankzij zijn leven en zijn dood.

 

We zullen weer aan tafel gaan

en drinken uit de grote beker –

met Hem de tuin weer binnengaan

zo zeker van wat toen onzeker …

 

We zullen weer de weg opgaan

van onze Heer – met alle vragen …

We zullen alles maar verstaan

als wij het kruis leren te dragen.

 

Jan Coghe



1363506-1f393d051395f54ba083efec68d26adb.jpg

1363506-6e26915a67143672e2f9bbcb4235200d.jpg
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Omer om 11:37 Reageer op dit bericht

WOENSDAG IN DE GOEDE WEEK

 

Er bestaan nog engelen.

 

Er was eens een tijd waarin niet veel mensen nog in engelen geloofden. Er zijn geen engelen, zeiden de meesten.

Toen deed er een verhaal de ronde: Iemand zou twee engelen gezien hebben. Dat verhaal wekte de nieuwsgierigheid van steeds meer mensen. 'Bestaan er dan toch engelen?' vroeg iemand. 'Hebben die engelen vleugels? Hoe moeten wij die engelen zien?'

Een ander zei: 'Om engelen te zien moet je opnieuw leren kijken. Hoe doe je dat? Je kijkt toch met je ogen? Kan je ook anders kijken?' Er kwamen steeds meer vragen.

In die tijd leefden er ook twee jonge vrouwen. Ze hadden jarenlang zorg gedragen voor hun moeder. Die was almaar meer vergeetachtig geworden. Ze wist zelfs niet meer wie ze was. Het licht in haar ogen was gedoofd. Vele jaren lang leidde ze zo een sluimerend bestaan. Ze leefde lang aan de grens van leven en dood.

Al die tijd werd ze omringd door de liefde van haar dochters. Die dochters lieten haar niet in de steek. Toen de moeder gestorven was, werd zij door de engelen gedragen naar het Eeuwige Licht. In dat licht ontmoette zij God.

God zei tegen haar: 'De mensen geloven, niet meer in engelen, maar ik zend nog steeds engelen naar de aarde. De engelen zijn als gewone mensen, maar zij hebben bijzondere namen. Ze heten: 'de goede geest van trouwe aandacht'.

Als je heel aandachtig leert kijken; kun je ze zien. Ze zijn overal en ze hebben bijzondere aandacht voor mensen die heel kwetsbaar zijn'.

 

(Marinus van den Berg: ‘De kracht van weerloze liefde’)



1362733-f208219b3018d1fa61b4b34c1663ca84.JPG

1362733-1c0d53133b9a74332bc121163f8d8b93.JPG

1362733-a828a5c48ab78a8a7fe31e141d5cad9d.JPG
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Omer om 08:21 Reageer op dit bericht

DINSDAG IN DE GOEDE WEEK

 

DE WEG VAN DE HEER

 

Derde statie:

Jezus valt onder het kruis

 

Niet onder de belasting van een balk

die U terneerdrukt, is het dat Gij valt

maar onder onverschilligheid van velen

die U door alle eeuwen volgen zal.

 

Vierde statie:

Jezus ontmoet zijn moeder

 

Zij staat en wacht te midden van de weg

en niemand zal vernemen wat zij zegt

(de zachtste woorden binnenwaarts gesproken,

de eerste rozen op zijn pad gelegd!)

 

Vijfde statie:

Jezus ontmoet Simon van Cyrene

 

Een man die van het veld komt grijpt men vast

en overlaadt hem met de zwaarste last, -

is het een vonnis of een uitverkiezing,

is hij vernederd of alleen verrast?

 

Anton van Wilderode



1361929-6ec1cdb541e12477eee37bfc3e3c3dda.JPG

1361929-e6ceaf946e01b201dbc2f83cb544c08b.JPG

1361929-c9a7fc60a8c7a96afe6b862ac861c29b.JPG
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Omer om 06:04 Reageer op dit bericht

MAANDAG IN DE GOEDE WEEK

 

Elke dag,

al 2000 jaren,

wordt Jezus

op kruishout omhoog gehesen,

onder gejuich en applaus van velen.

 

Zij denken nog steeds

dat ze er beter van worden,

als weer iemand

wordt gepest, vernederd,

gefolterd of met woorden vermoord.

 

Wanneer, God,

zullen wij breken met dat hatende verleden?

Wanneer zullen wij eindelijk beter weten?

 

Tijd voor een goddelijk moment, Kerk en wereld, Mechelen



1361322-81a3071b2f2188044bc843583cbe13a2.JPG

1361322-a6be3bfd9de772db79dee2b957af1c30.JPG
Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Omer om 08:00 Reageer op dit bericht

PALMZONDAG

 

Koning op een ezel

 

Niet met pracht en praal,

niet tussen de machthebbers en de rijken,

niet in een gouden koets

maar op een veulen

kwam U naar de stad.

 

Een koning in tegenspraak

die kiest voor het kleine,

voor de zwakke,

de verstotene en

voor God.

 

En wij maar

een hoge hoed opzetten,

op onze strepen staan...

 

Zo anders, Jezus,

gaat Gij ons voor.

 

Wees ons nabij

in de komende dagen

zodat uw verhaal

ons mag inspireren

voor een goede week.

 

Wies Merckx

 

---

 

Ons albasten vaasje

 

Heer Jezus,

nu wij de week van uw lijden binnengaan,

willen wij door ons gebed en onze liefde

dicht bij U blijven:

wij willen zijn als de vrouw

met het albasten vaasje vol kostbare nardusolie

die al haar liefde

in één gebaar aan U wil tonen.

Samen met U

gaan wij de ‘Goede Week’ in,

een week van angst, lijden, verloochening en dood …

 

Open ons innerlijk

opdat wij mogen voelen wat U voelde,

opdat wij zouden meevoelen met zovelen

die dagelijks verloochend en gedood worden.

 

Alleen als wij deze week

onze blik gericht houden op U,

als wij bereid zij met U de weg te gaan,

zult U ons hart verzachten

om anderen in hun lijden bij te staan

en zult U ons de hoop geven

dat de dood niet het laatste woord heeft.

 

Iny Driessen



1359980-f73801fb6937c240efb68703dfaf2fac.jpg

1359980-55e55756fda480050f6edad4efcd89dc.JPG

1359980-bec03ff16ab441d9846ace17b0276b7e.JPG
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Omer om 09:25 Reageer op dit bericht

DOORDENKEN OP DONDERDAG

 

Ik kan niet aannemen,

dat de werkelijkheid volledig is uitgeput

als de wetenschap haar heeft waargenomen,

haar heeft ontleed en beschreven.

Er is veel meer.

 

Ik neem aan

dat het onzichtbare

oneindig veel groter is

dan het zichtbare.

 

Ik ben zeker

dat in de kern van de onzichtbare wereld,

zonder grenzen en zonder tijd,

een wezen aanwezig is

dat de zichtbare wereld

met onzichtbare vingers beweegt.

 

De onzichtbare werkelijkheid

is veel boeiender dan de zichtbare.

Je kunt haar met je verstand

niet waarnemen.

Daarvoor staan de ogen van het hart.

 

Phil Bosman: ‘God, niet te geloven’, p. 29

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Omer om 08:34 Reageer op dit bericht

PAUS FRANCISCUS

 

 

‘We leven in het meest onevenwichtige deel van de wereld,

dat het meest is gegroeid,

maar de ellende het minst heeft bestreden.’

(Paus Franciscus – toen nog Kardinaal Bergoglio – op de bijeenkomst van de CELAM = Conferentie van de Bisschoppen van Latijns-Amerika in 2007, te Aparecida, Brazilië)

 

‘Ze zijn mij komen halen aan de andere kant van de wereld.

Wel, hier ben ik dan.’

(Paus Franciscus, 13 maart 2013, de eerste woorden nadat hij tot paus verkozen was)

 

‘O, wat hoop ik op een arme kerk voor de armen’

(Paus Franciscus, 16 maart 2013, tot de verzamelde journalisten in de Aula Paulus VI in Vaticaanstad)

 

‘We moeten niet bevreesd zijn voor goedheid en tederheid’

(Paus Franciscus, 19 maart 2013, in de homilie tijdens zijn inhuldiging)

 



1357674-530bb8a084d1d2ff41f68fe141ac8326.jpg

1357674-38613e24d5b81c25fa4dc3cce5abac77.jpg
Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Omer om 18:02 Reageer op dit bericht

GEDICHT VAN DE WEEK

 

Franciscus

 

Franciscus heeft, om U te ontmoeten,

alles wat schittert afgedaan

aan hals en hand, voorhoofd en voeten;

want schamel wilde hij tot U gaan.

 

Maar niemand hebt Gij zo ontvangen,

o liefde, en als de dag begon,

waart Gij het, die zijn zuiv're zangen

deed jubelen van zuster zon.

 

En moet ik ook zo tot U komen,

afleggend waar mijn ziel mee speelt:

de rijke schat der schone dromen,

het fonklend woord, het sierlijk beeld?

 

En moet ik langs de grauwe wegen,

in grove pij en ongeschoeid

het geeslen voelen van den regen,

en hoe het eenzaam-zijn vermoeit.

 

Eer ik mij bij U neer mag leggen,

gelijk een zwerver bij een bron,

en aan uw borst mijn zang mag zeggen

voor broeder wind en zuster zon?

 

Aart Van der Leeuw

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door Omer om 14:26 Reageer op dit bericht

ZONDAG 17 MAART 2013

 

 

5de VASTENZONDAG C – 17 MAART 2013

 EN JEZUS SCHREEF IN ‘T ZAND

 

Het klinkt ons als muziek in de oren: met een propere lei mogen beginnen, de last van het verleden die wegvalt…

De vrouw die men wilde stenigen, mag het ondervinden. Jezus schreef in het zand en gaf haar daarmee een nieuwe kans.

Zijn ook wij bereid anderen nieuwe kansen te geven?

 

Jezus ging naar de Olijfberg,  maar vroeg in de morgen was hij alweer in de tempel. Het hele volk kwam naar hem toe, hij ging zitten en gaf hun onderricht. 

Toen brachten de schriftgeleerden en de Farizeeën een vrouw bij hem die op overspel betrapt was. Ze zetten haar in het midden en zeiden tegen Jezus: ‘Meester, deze vrouw is op heterdaad betrapt toen ze overspel pleegde. Mozes draagt ons in de wet op zulke vrouwen te stenigen. Wat vindt u daarvan?’ Dit zeiden ze om hem op de proef te stellen, om te zien of ze hem konden aanklagen. Jezus bukte zich en schreef met zijn vinger op de grond. 

Toen ze bleven aandringen, richtte hij zich op en zei: ‘Wie van jullie zonder zonde is, laat die als eerste een steen naar haar werpen.’ Hij bukte zich weer en schreef op de grond. 

Toen ze dat hoorden gingen ze weg, een voor een, de oudsten het eerst, en ze lieten hem alleen, met de vrouw die in het midden stond. 

Jezus richtte zich op en vroeg haar: ‘Waar zijn ze? Heeft niemand u veroordeeld?’ ‘Niemand, heer,’ zei ze. ‘Ik veroordeel u ook niet,’ zei Jezus. ‘Ga naar huis, en zondig vanaf nu niet meer.’

(Johannes 8,1-11)

 

‘DE VROUW, DIE GESTENIGD ZOU WORDEN’

 

Verrassend! Dat is het enige dat we kunnen zeggen. Johannes vertelt zo plastisch, dat we alles zien gebeuren. Ze staan er allemaal. De vrouw, rood van schaamte, gebogen hoofd, de schrik in de ogen. Tevoren een geachte dame, en nu vernederd. De minuten aftellend voor de voorstelling begint. Wat speelt er door haar hoofd? De jaren dat zij glorieerde, de straf, die wacht, de dromen, die zij als meisje had gekoesterd, en wat er van die dromen is geworden? Zo staat zij daar, doodsbang.

Ze staan er ook, de ongekreukte heren, de wet van Mozes in de hand. De één een grijnzende tronie, de ander een uitgestreken gezicht. Misschien was er wel één die ook bij haar geweest was. Maar allen vol minachting, de steen al in de hand. Want voor de letter van de wet steunden zij op Mozes. Heilig was die wet toch, en even heilig was die letter. Het spektakel kon beginnen, maar Jezus loopt daar rond. Een unieke kans, misschien kunnen ze Hem ook strikken, Hij daar, die zo graag met zondaars omging.

En Jezus, Hij staat er ook. Rustig in dat gejaagd gejoel. Misschien wel een glimlach op de lippen. Hij wist toch wat er ging gebeuren. Zo ziet Hij ze komen, de triomf al in hun ogen. Eén waagt het: ‘Wat dunkt U? Moet zij gestenigd worden?’ De spanning is te snijden, wat gaat Hij zeggen? Maar Hij zegt niets. Hij bukt zich alleen maar, om in het zand te schrijven. Wat zou Hij getekend hebben? Een zaaier met breed handgebaar? Of vogels in de lucht en lelies in het veld? Of die kinderen, die Hij geaaid had? Misschien schreef Hij gewoon ‘Uw Rijk kome, Uw wil geschiede …’, zoals kinderen wel eens meer hun diepste dromen tekenen. Dan kijkt Hij even op. Heeft Hij hen aangekeken, heeft Hij hun ziel gelezen en tot hun hart gesproken? We zullen het nooit weten. Er staat alleen: ‘Wie zonder zonde is, die mag het eerste gooien!’ Een antwoord komt er niet, en geen verweer. En Hij bukt zich weer en tekent verder, minutenlang.

Dan kijkt Hij op en alleman is weg. Alleen die vrouw nog, en Hij zelf. Hebben zij elkaar aangekeken? Het is ons niet gezegd. Alleen: ‘Vrouw, ook ik veroordeel je niet. Ga maar naar huis, en zondig niet meer.

Wat is er dan gebeurd? De vrouw zal wel naar huis gegaan zijn. En Hij stond daar alleen, zoals Hij wel eens meer alleen stond. En misschien heeft Hij gedacht: ‘Zo zal er in de hemel meer vreugde zijn om één zondaar die zich bekeert, dan om negenennegentig rechtvaardigen, die wilden stenigen.’

 

 Ik zou zo graag... 
 

... zo mild zijn als Hij:

met de vinger in het zand schrijven

in plaats van mensen

met de vinger te wijzen

 ... zo stil zijn als Hij:

kunnen leven vanuit

een bestendige inwendige rust,

een biddende vrede.
 

... zo verontwaardigd zijn als Hij:

me daadwerkelijk ergeren aan onrecht

en me geriskeerd inzetten

voor mijn diepste overtuiging.
 

... zo gegeven zijn als Hij:

zonder voorwaarde, zonder voorbehoud,

zo gratis als genade,

goddelijke ontmoeting
 

... zo genezend en tactvol zijn als Hij:

helend heilzaam voor duizenden mensen

 

 Bron: ‘Zondagsvieringen Dominicanen’

 



1355341-3c5261e8bbe5fbc8974462a852b81d16.jpg

1355341-b7c1247512fd9c625082988ebef64c8d.jpg

1355341-c84217beb24d7501dd57826ce5a4c0ac.JPG
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Omer om 08:17 Reageer op dit bericht

PAUS FRANCISCUS

 

Heer, maak mij tot een werktuig van uw vrede.

Laat me liefde brengen waar haat overwoekert.

Laat me vergeving brengen waar beledigd werd.

Laat me eendracht brengen waar tweedracht heerst.

Laat me waarheid brengen waar mensen dwalen.

Laat me geloof brengen waar getwijfeld wordt.

Laat me hoop brengen waar gewanhoopt wordt.

Laat me licht brengen waar duisternis heerst.

Laat me vreugde brengen waar droefheid is.

 

En moge ik bij dit alles zoeken,

niet zozeer getroost te worden, dan wel te troosten,

niet zozeer begrepen te worden, dan wel te begrijpen,

niet zozeer bemind te worden, dan wel te beminnen.

 

Want het is door te geven dat men krijgt,

door zichzelf te verliezen dat men vindt,

door te vergeven dat men vergeving bekomt

en door te sterven dat men verrijst tot eeuwig leven.

 

Franciscus van Assisi.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Omer om 07:55 Reageer op dit bericht

Meer van Doorheen de dagen

↑ Terug naar de berichten