Naar de inhoud

Doorheen de dagen

Ervaringen besproken
akke.beakke.be

Berichten van 17 oktober 2016 tot 23 oktober 2016

ZONDAG 23 OKTOBER 2016

30ste ZONDAG C – 23 OKTOBER 2016

‘HET GEBED VAN DE KLEINE MENS’

 

Voor wie het goed heeft, is het een bekoorlijke gedachte, om te menen: ‘Wij – of ik – zijn toch niet zoals de rest’. We hebben het ware geloof. We zijn geen boeven, we roven of we moorden niet, we breken niet in of doen niet aan carjacking. En als we onze belastingbrief invullen, liegen we hoogstens een heel klein beetje. Wie kan ons, wie kan mij nog wat verwijten?

‘We zijn niet zoals de rest’: dat is de eigenwaan, die ons kan bekoren, en ons doet denken dat we beter zijn dan de anderen Daarover gaat het vandaag in het evangelie: over de eigenwaan, die zich boven de andere verheven acht en over de nederige bescheidenheid, zoals die aan het licht treedt in onze manier van bidden. De parabel van ‘de farizeeër en de tollenaar’ voert heel herkenbare figuren ten tonele en wij vinden – als we eerlijk durven zijn – ons eigen plaatsje wel.

Ook de eerste lezing spreekt reeds over het gebed, scherper nog eigenlijk dan het verhaal dat Jezus vertelt, door het verband dat gelegd wordt met recht en onrecht. Meer bepaald spreekt Jezus Sirach over het vertrouwen dat de ‘armen en kleinen’ mogen koesteren te midden van het onrecht en het geweld dat hen wordt aangedaan door ‘groten en rijken’.

 

De Heer weet te oordelen

en persoonlijk aanzien geldt niet bij Hem.

Hij is niet partijdig ten nadele van de arme

en Hij luistert naar het gebed

van wie onrecht wordt aangedaan.

Hij slaat acht op de smeekbede van de wees

en op het lange verhaal dat de weduwe doet.

Wie God dient in welbehagen, vindt genade

en zijn smeekbede reikt tot de wolken.

Het gebed van de nederige dringt door de wolken heen.

Hij is ontroostbaar zo lang het God niet bereikt heeft,

en hij houdt aan tot de Allerhoogste naar hem omziet,

oordeelt in het voordeel van de rechtvaardige,

en dat oordeel ook uitvoert.

(Jezus Sirach: 35,15-22, gedeeltelijk)

 

`Twee mensen gingen naar de tempel om te bidden,

de een was een farizeeër, de ander een tollenaar.

De farizeeër ging daar staan

en sprak in zijn gebed over zichzelf:

`God, ik dank U

dat ik niet ben zoals de andere mensen …’

De tollenaar daarentegen,

durfde zelfs zijn ogen niet naar de hemel op te slaan.

Hij sloeg zich vol berouw op de borst en zei:

`O God, genade voor een arme zondaar!’

(Lucas 18,10-13)

 

‘DE STEM VAN DE ARME’

 

Vroeger werden velen van ons opgevoed met de idee: ‘God ziet mij; hier vloekt men niet!’ In de catechismus stond overigens ook: ‘God ziet alles, zelfs onze geheimste gedachten’. Pas dus maar op!

Maar het is niet op die manier dat de eerste lezing over God spreekt. Jezus Sirach schetst ons het beeld van een God die bemoedigt. Zijn woorden liggen trouwens helemaal in de lijn van wat we elders lezen: ‘In plaats van recht, heerst er onrecht. En op de rechterstoel zit de schuldige!’ Deze woorden gelden voor toen en voor nu: corruptie, onrecht, verdrukking … Zo was het toen, zo is het nu maar al te vaak nog. Met aan de top de macht, die verwaand is en onderaan ‘de kleine arme’, die alleen maar lijdend kan knikken.

Maar, toen en nu, waren en zijn er mensen die daartegen in opstand komen. Jezus Sirach, was zo iemand – net zoals onze eigenste Jezus trouwens – …en ook vandaag zijn er nog mensen, die dezelfde keuze maken. Denk maar aan het getuigenis dat we vorige zondag hoorden, over de allerarmsten in het N.O. van Brazilië. Ik wil hierbij nog een stukje uit een andere brief geven:

‘Ik vind goede mensen aan beide kanten van de Oceaan, hier en ginder. En toch!! Vanwaar al dat onrecht? Vanwaar die brutale tegenstellingen tussen rijk en arm? Waarom kunnen ze wel naar de maan vliegen, en blijven de wegen bij ons zo slecht? Waarom kunnen de kinderen van mijn zus met computers werken, en kunnen de trouwers bij ons hun eigen naam niet schrijven? Waarom verkopen de supermarkten hier zoveel soorten kaas en wijn, en kunnen de mensen bij ons geen melk kopen voor hun kinderen?’

Wij ervaren dit niet als onrecht; voor de mensen ginder is dat anders: zij zien onze welstand, en ze zien hoe zij ervan verstoken blijven. Allicht liggen daar de diepste wortels van de terreur, die ons zo bekommert. We zouden er misschien kunnen aan toevoegen: ‘Waarom wel geld voor al die wapens, om een kapot land nog meer kapot te bombarderen, en geen geld om al die armoede uit de wereld te helpen?’

In het zicht daarvan kiezen sommigen dan inderdaad voor terreur; anderen willen zich, met minder geweld en leed, inzetten voor gerechtigheid. Met het oog op deze andere mensen schreef Jezus Sirach: ‘Het gebed van de arme dringt door de wolken heen. Het rust niet, zolang het zijn doel niet heeft bereikt.’

Vandaag zoeken wij God niet meer achter de wolken, maar het gebed van de arme bestaat nog, omdat de arme er nog is en zelf een aanklacht is, en een gebed, een roep om gerechtigheid. Misschien vergeten wij dat soms, omdat wij zelf niet arm zijn en meestal geen echte armen kennen. ‘Armoede en onrecht’, dat is voor het journaal – dat intermezzo tussen ‘Blokken’ en ‘Thuis’, ver van ons bed en ons dagelijks bezig zijn. Iemand zei me, een dag of tien geleden nog: ‘je zou niet denken, dat het al half oktober is, met 26 graden op ons terras!’ Dat houdt ons bezig want meestal zien wij inderdaad weinig of geen armen, in de straat waar wij wonen.

De stem van de arme klinkt zacht, maar zij zal niet zwijgen vóór zij gehoord wordt. De lezing van vandaag is geen dreiging, maar een bemoediging voor wie gebukt gaat onder onrecht, voor wie tekort gedaan wordt. Aan deze mensen wordt gezegd: ‘Je stem dringt door tot God, je wordt gehoord.’ Het is ook een bemoediging voor al wie zich aan de zijde stelt van de arme, de verdrukte, de lijdende. Want alleen zó sta je aan de kant van God!

 

Een lied om genade

 

Diep in mijn donkere hoek

waar ik een lichtstraal in zoek

voor mijn gebroken bestaan

roep ik uw zekerheid aan:

God, wees mij zondaar genadig.

 

God die mij bij U verwacht,

hoor naar uw kind in zijn nacht.

Dit is mijn ene gebed:

dat U uw schuldenaar redt.

God, wees mij zondaar genadig.

 

Brandoffers breng ik U niet,

enkel mijn diepe verdriet,

enkel de tranen van spijt

over mijn zonden geschreid.

God, wees mij zondaar genadig.

 

Schep een nieuw hart in mij, Heer.

Daal met uw geest in mij neer

tot in het uur van mijn dood,

God, die uw mens nooit verstoot.

God, wees mij zondaar genadig.

 

Michel van der Plas



1968426-a70c7e770ad30f0fd9262ad266a108fb.JPG

1968426-b52a05f70081398b554e74b6954443fb.JPG

1968426-d32fe9b2406efa8f4bd7ffd4ffd007e1.JPG

1968426-1e3428a5baee63f9fc6d750f58273d2e.JPG

1968426-f203fd3f17fb4f793905cd1547dd1f51.JPG
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Omer om 08:44 Reageer op dit bericht

OKTOBER ROZENKRANSMAAND 10

VIJFDE DROEVE MYSTERIE

 

JEZUS STERFT AAN HET KRUIS

 

De soldaat die Jezus kruisigde

 

Wij sloegen hem aan 't kruis. Zijn vingers grepen

Wild om den spijker toen 'k den hamer hief -

Maar hij zei zacht mijn naam en: 'Heb mij lief'

En 't groot geheim had ik voorgoed begrepen.

 

Ik wrong een lach weg dat mijn tanden knarsten,

En werd een gek die bloed van liefde vroeg:

Ik had hem lief - en sloeg en sloeg en sloeg

De spijker door zijn hand in 't hout dat barstte.

 

Nu, als een dwaas, een spijker door mijn hand,

Trek ik een vis - zijn naam, zijn monogram -

In ied'ren muur, in ied'ren balk of stam,

 

Of in mijn borst of, hurkend, in het zand,

En antwoord als de mensen mij wat vragen:

'Hij heeft een spijker door mijn hand geslagen.'

 

Martinus Nijhoff



1968068-63c85d8fea3a65f4a0888e30607c53a7.JPG

1968068-75fbb7f751dcbed3164815928ce30210.JPG

1968068-6bade8110601de30c47dd51084ffc663.JPG

1968068-a7ee56745585a55a4703baadfbd9f5c1.JPG
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Omer om 08:03 Reageer op dit bericht

OKTOBER ROZENKRANSMAAND 9

VIERDE DROEVE MYSTERIE

 

JEZUS DRAAGT ZIJN KRUIS NAAR GOLGOTHA

 

De doek van Veronica

 

‘k Bood Hem de zweetdoek, dat Hij zich zou drogen,

en Hij liet er Zijn lief gelaat als loon:

dit zijn de rozen van de doornenkroon

en dit Zijn onvergetelijke ogen;

 

de neus, bevlekt door ‘t speeksel van hun hoon,

met smartelijke vleugels, licht gebogen.

Dit is Zijn kuise mond – en zie, hoe schoon –

met lippen waar het leed op heeft gewogen.

 

Dit is de smart, van liefde overtogen,

dit is de haat, Hem in ‘t gelaat gespogen,

het laf verraad en ‘t lage Judasloon.

 

Dit is de onmacht en het alvermogen.

Dit is de Waarheid boven alle logen.

Dit is de beeltenis van God de Zoon.

 

Michael Deak



1967800-63c85d8fea3a65f4a0888e30607c53a7.JPG

1967800-75fbb7f751dcbed3164815928ce30210.JPG

1967800-6bade8110601de30c47dd51084ffc663.JPG

1967800-a7ee56745585a55a4703baadfbd9f5c1.JPG
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Omer om 10:00 Reageer op dit bericht

OKTOBER ROZENKRANSMAAND 8

DERDE DROEVE MYSTERIE

 

JEZUS WORDT MET DOORNEN GEKROOND

 

O Hoofd vol bloed en wonden, bedekt met smaad en hoon.

O Hoofd, zo wreed geschonden, uw kroon een doornenkroon.

O Hoofd eens schoon en heerlijk en stralend als de dag,

Hoe lijdt Gij nu zo deerlijk! Ik groet U vol ontzag.

 

O Hoofd zo hoog verheven, o goddelijk gelaat,

Waar werelden voor beven, hoe bitter is uw smaad!

Gij eens in ’t licht gedragen, door engelen omstuwd,

Wie heeft U zo geslagen, gelasterd en gespuwd?

 

O Heer, uw smaad en wonden, ja alles wat Gij duldt,

Om mij is het, mijn zonden, mijn schuld, mijn grote schuld.

O God, ik ga verloren om wat ik heb gedaan,

Als Gij mij niet wilt horen. Zie mij in liefde aan.

 

Houd Gij mij in uw hoede, Gij die uw schapen telt.

O bron van al het goede, waaruit mijn leven welt.

Gij die mijn ziel wilt laven met liefelijke spijs,

Gij overstelpt met gaven tot in het paradijs.

 

Ik dank U, o mijn vrede, mijn God die met mij gaat.

Voor wat Gij hebt geleden aan bitterheid en smaad.

Geef dat ik trouw mag wezen, want Gij zijt trouw en goed.

Ik volg U zonder vrezen wanneer ik sterven moet.

 

Wanneer ik eens moet heengaan, ga Gij niet van mij heen,

Laat mij dan alleen gaan, niet in de dood alleen.

Wees in mijn laatste lijden, mijn doodsangst mij nabij.

O God, sta mij terzijde, die lijdt en sterft voor mij.

 

Wees Gij om mij bewogen en troost mijn angstig hart.

Voer mij uw beeld voor ogen, gekruisigde, uw smart.

Dan zal ik vol vertrouwen, gelovig en bewust,

Uw aangezicht aanschouwen. Wie zo sterft, sterft gerust.



1967591-63c85d8fea3a65f4a0888e30607c53a7.JPG

1967591-75fbb7f751dcbed3164815928ce30210.JPG

1967591-799bad5a3b514f096e69bbc4a7896cd9.jpg

1967591-9b490ba1bd0ffd94b7176e074c6d8577.JPG
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Omer om 16:29 Reageer op dit bericht

OKTOBER ROZENKRANSMAAND 7

TWEEDE DROEVE MYSTERIE

 

DE GESELING VAN JEZUS

 

 

PETRUS

 

Hij stond wreed voor de rechterstoel gebonden,

en zij verweten mij zijn vriend te zijn

en lasterden, wat heilig is en rein,

als laagheid en afschuwelijke zonden.

 

‘k Zag hoe zij Hem bespotten en verwondden.

Hij leed geduldig smaad en vuige pijn.

Ik vreesde hunner ogen valse schijn

en dat ze als Hem mij martelden en schonden.

 

Zij vroegen huichelend: gij hebt Hem lief?

Eer Hij naar mij zijn tedere ogen hief

had ik mij vloekend van Hem afgescheiden.

 

Toen stiet de haan zijn schelle morgenkreet.

‘k Voelde mijn hart, dat borst van bitter leed.

‘k Voelde mijn ogen, hoe ze brandend schreiden.

 

Willem de Mérode



1967046-63c85d8fea3a65f4a0888e30607c53a7.JPG

1967046-75fbb7f751dcbed3164815928ce30210.JPG

1967046-6bade8110601de30c47dd51084ffc663.JPG

1967046-a7ee56745585a55a4703baadfbd9f5c1.JPG
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Omer om 09:13 Reageer op dit bericht

OKTOBER ROZENKRANSMAAND 6

EERSTE DROEVE MYSTERIE

 

DE DOODSANGST VAN JEZUS

 

Gethsemani

 

Jezus, de laatste der nachten,
Ging naar de hof der olijven,
Liet zijn discipelen blijven
Buiten de duistere gaard;
Toen koos Hij drie uit hun midden,
Met Hem te waken, te bidden,
Maar door het bidden en wachten
Werden hun ogen bezwaard.



Kon dan niet één met Hem waken ?
Eén in die smartelijke uren
Met Hem de droefheid verduren
Van Zijn verwerping, Zijn smaad ?
Moest Hij, die zwartste der nachten,
Eenzaam de kruisdood verwachten,
Eenzaam de bitterheid smaken
Van de triomf van het kwaad?



'k Wil bij Uw droefheid verwijlen,
In Uwe smarten verzinken,
Gij, die de beker moest drinken,
Die de verzoening ons bracht,
Wie zal de angsten doorgronden
Van deze nachtelijke stonden ?
Wie zal de duisternis peilen
Van deze duistere nacht ?

 

Jacqueline van der Waals

 



1966845-63c85d8fea3a65f4a0888e30607c53a7.JPG

1966845-75fbb7f751dcbed3164815928ce30210.JPG

1966845-6bade8110601de30c47dd51084ffc663.JPG

1966845-d0096ec6c83575373e3a21d129ff8fef.jpg
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Omer om 17:06 Reageer op dit bericht

Meer van Doorheen de dagen

↑ Terug naar de berichten