Naar de inhoud

Doorheen de dagen

Ervaringen besproken
akke.beakke.be

Archief

EEN KRUISWEG VOOR DE GOEDE WEEK

VIJFDE STATIE

 

JEZUS ONTMOET SIMON VAN CYRENE

 

Nu is wat mij dreigde genaderd,

er is geen mens die mij helpt.

(Psalmen, 22,12)

 

Ik geef u kracht, ik kom u zeker te hulp.

(Jesaja, 41,10)

 

DE HEER JEZUS

ziet, tussen de massa die hard is en zonder hart,

één enkele man naar hem toekomen.

Er is moed nodig om uit de anonimiteit te treden,

om bij name genoemd te worden,

om te doen wat anderen niet durven.

Simon van Cyrene,

wij hebben zijn daad van liefde bewogen bewonderd.

Simon van Cyrene draagt het kruis van een vreemde,

de àndere Simon. de Steenrots, laat verstek gaan.

Ik ken hem niet, zegt de eerste, maar hij is een mens

die hulp behoeft.

Ik ken Hem niet, zegt de tweede, ik heb Hem nooit gezien.

 

HEER JEZUS,

iemand van ons heeft U geholpen

terwijl de menigte nieuwsgierig dichterbij drong,

terwijl de leerlingen angstig van op afstand toekeken,

terwijl de schepping onbeweeglijk wachtte.

Gij hebt mensen nodig

om mensen te verlossen.

Wij hebben anderen nodig

die ons naar U verwijzen.

Altijd zal er iemand zijn

die de eerste stap zet

en in wiens spoor wij zullen volgen.

 

ZESDE STATIE

 

JEZUS ONTMOET VERONICA

 

Zie mij aan in uw mateloos erbarmen,

wend uw aanschijn niet af.

(Psalmen, 69,17-18)

 

Hij zal zijn aanschijn niet van u afwenden.

(2 Kronieken, 30,9)

 

DE HEER JEZUS

laat zich de attentie van Veronica welgevallen.

Een vrouw op de lijdensweg,

wie is zij? vanwaar komt zij?

Zij is er,

zij komt.

Zij baant zich een weg

tegen de stroom in,

menselijk zonder menselijk opzicht,

bewogen door geen andere macht

dan de liefde die medelijden is.

Rijker dan ooit tevoren gaat zij heen,

met Zijn beeld op het witte lijnwaad

waarmee zij zweet en bloed wilde betten.

 

HEER JEZUS,

er zijn wellicht geen woorden gesproken

van U tot Veronica,

van Veronica tot U.

Haar daad immers was duidelijk genoeg.

Uw dankbaarheid ook.

Tweemaal tastbaar.

En onvergetelijk.

 

Anton van Wilderode: ‘De weg die Hij ging’

Foto’s: Kerk Waarschoot



2026152-45ed3e5a1e47deb9c5c01fdc9389cc03.JPG

2026152-80b76d027791bfc3b2bc148367fde60c.JPG
Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Omer om 08:10 Reageer op dit bericht

EEN KRUISWEG VOOR DE GOEDE WEEK

DERDE STATIE    

JEZUS VALT ONDER HET KRUIS

 

Als door boeven geveld,

zo bent u gevallen.

(2 Samuel, 3,34)

 

Mocht hij vallen, geveld is hij nooit,

want de Heer heeft zijn hand reeds gegrepen.

(Psalmen, 37,24)

 

DE HEER JEZUS

geeft ons een voorbeeld van de hoogste moed:

die van de zichtbare vernedering.

Een mens onder de mensen.

Hij ligt en zwijgt

met alle wonden.

Het hout is hard, de straatkeien

en de plotselinge belangstelling van de menigte

die niets méér is dan nieuwsgierigheid.

Tussen gewoel en geweld

van kijkers en knechten

staat Hij op, staat Hij recht.

 

HEER JEZUS,

geef ons inzicht én uitzicht.

Laat ons niet overmand worden door last of leed,

niet toegeven aan de bekoring

om het op te geven of te versagen.

Verleen ons de durf om van U te zijn,

genoemd met Uw naam,

gered door Uw bloed.

Uw getuigen voor U

niet enkel op een feestelijk moment

met velen samen,

maar altijd in het gewone leven van alledag

en soms alléén.

 

VIERDE STATIE

JEZUS ONTMOET ZIJN MOEDER

 

Zij ontmoeten elkander, genade en waarheid,

gerechtigheid en vrede.

(Psalmen, 85,11)

 

Want dit zegt Jahwe:

Zoals een moeder haar zoon troost,

zo troost Ik u.

(Jesaja, 66,13)

 

DE HEER JEZUS

ziet zijn moeder,

de eerste en laatste getuige,

de eerste en laatste toevlucht.

Zij bleef op de achtergrond

in de dagen van glorie,

maar is Hem nabij op de weg van zijn lijden,

op de weg naar zijn dood.

Zij wéét wat verdriet is en leed.

Daarom zegt zij weinig.

Of véél: met haar oogopslag en haar groet,

met haar onmachtige handen.

 

HEER JEZUS,

zoon van Maria,

Gij zijt van haar weggegaan

uit gehoorzaamheid aan de Vader.

Gij hebt gekozen.

Niet voor een vreedzaam en veilig bestaan,

beneden in het land van de mensen,

maar voor de berg van het offer.

Eén kort ogenblik lang

wordt Gij weer het kind en de knaap van Nazareth.

Daarna, en voorgoed,

De Man-van-smarten naast de Moeder-van-smarten.

Een teken van tederheid in het tumult rondom.

 

Anton van Wilderode: ‘De weg die Hij ging’

Foto’s: Kerk Waarschoot



2025874-6bade8110601de30c47dd51084ffc663.JPG

2025874-a7ee56745585a55a4703baadfbd9f5c1.JPG
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Omer om 10:45 Reageer op dit bericht

EEN KRUISWEG VOOR DE GOEDE WEEK

EERSTE STATIE

 

JEZUS WORDT TER DOOD VEROORDEELD

 

Gij hebt de rechtvaardige gevonnist en vermoord.

(Jakobus, 5,6)

 

Hij die de zondaar vrijspreekt

en hij die de rechtvaardige veroordeelt:

beiden zijn ze Jahwe een gruwel.

(Spreuken, 17,15)

 

DE HEER JEZUS

staat voor Pilatus,

voor de redeloze vrees van de rechter

voor de macht van de massa.

Pilatus zegt: Zie de Mens!

Dat betekent: Hier is hij, zo is hij,

zo hebt gij hem gemaakt,

zo lever ik hem aan u over.

Pilatus zegt: Zie, ik was mijn handen

in water wit.

Ongewassen handen voeren Jezus weg.

De Heer van het Leven wordt verwezen tot de Dood.

De daad bij het woord.

 

HEER JEZUS,

wat blijft over van alle namen

waarmee wij U hebben genoemd:

Rabbi en Leraar,

Meester en Magister,

Gezalfde en Gezegende,

Verlosser en Heiland,

Eerstgeborene en Bruidegom,

Zoon van David, Zoon van God.

Alleen nog maar:

Lam, dat onze zonden wegdraagt.

 

 

TWEEDE STATIE

 

JEZUS NEEMT ZIJN KRUIS OP

 

Ik blijf u dragen en torsen,

ik zal u redden.

(Jesaja, 46,4)

 

Als iemand zijn kruis niet draagt en mij volgt,

kan hij mijn leerling niet zijn.

(Lukas, 14,27)

 

DE HEER JEZUS

neemt het kruis op zijn schouders,

van Gabbata tot Golgota,

van het Rechtsplein tot de Schedelplaats.

Hij torst het teken van schande en verlossing,

van vernietiging en voortbestaan,

van bestraffing en heil.

Hij gaat de kruisweg, de weg van de keuze.

Hij predikt met zijn leven, met zijn dood.

Want Hij kwam niet om te verklaren,

maar om te vervullen.

 

HEER JEZUS,

aan het teken van het kruis

– het éérste dat wij leerden vragen

en het lààtste dat ons wordt meegegeven –

zal men zien dat wij Uw leerlingen zijn,

dat wij van U zijn.

Leer ons aanvaarden wat ons overkomt

want het komt uit Uw handen.

 

Anton van Wilderode: ‘De weg die Hij ging’

Foto’s: Kerk Waarschoot



2025744-63c85d8fea3a65f4a0888e30607c53a7.JPG

2025744-75fbb7f751dcbed3164815928ce30210.JPG
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Omer om 20:12 Reageer op dit bericht

PALMZONDAG

ZONDAG 9 APRIL 2017

PALMZONDAG

Vandaag is het de eerste dag van een week die onze geschiedenis diepgaand heeft beïnvloed. Met applaus en gejuich halen wij vandaag een Man in van wie wordt gezegd dat Hij een Koning is, maar Hij rijdt op een ezel. Er wordt gezegd dat Hij de Redder van de wereld is, maar zijn volgelingen zijn vissers die niets anders bezitten dan een enorme geestdrift en een begrensde liefde. Er wordt gezegd dat Hij de eeuwen zal trotseren, maar de officiële leiders hebben het net al gespannen. De kruisbalk ligt gereed en het graf wacht.

Met Palmzondag loopt onze weg doorheen het groen, maar Witte Donderdag en Goede Vrijdag komen al in zicht – dagen die een cruciale rol spelen op onze weg naar Pasen.

(Zondagsvieringen Dominicanen)

 

Laat u leiden door het voorbeeld van onze Heer:

Hij was Gods gelijke en evenbeeld,

maar wilde zich niet vastklampen aan die gelijkheid.

Uit eigen beweging heeft Hij de gestalte

van een dienstknecht aangenomen,

en is mens geworden.

Bovendien, als mens was Jezus maar gering,

deemoedig en gehoorzaam tot de dood,

ja zelfs, tot de dood aan een kruis.

(Brief aan de christenen van Filippi 2,6-8)

 

Nadat zij de lofzang gezongen hadden, gingen zij naar de Olijfberg.

Toen sprak Jezus tot hen:

‘In deze nacht zult ge allen aanstoot aan Mij nemen.

Want er staat geschreven:

Ik zal de herder slaan

en de schapen van de kudde zullen verstrooid worden.

Maar na mijn verrijzenis zal ik u voorgaan naar Galilea.’

---

Toen zei Petrus: ’Al zouden allen aanstoot aan U nemen, ik nooit.’ 

Jezus zei: ‘Voorwaar, Ik zeg u:

nog deze nacht voor het kraaien van de haan,

zult gij Mij driemaal verloochenen.’

Petrus antwoordde hem:

‘Al moest ik met U sterven, in geen geval zal ik U verloochenen.’

In diezelfde geest spraken ook al de leerlingen. 

---

Zijn verrader had een teken met hen afgesproken door te zeggen:

‘Die ik zal kussen, Hij is het; grijpt Hem.’

Hij ging recht op Jezus af en zei: ‘Gegroet Rabbi’ en hij kuste Hem.

Jezus sprak tot hem: ‘Vriend, zijt ge daarvoor hier?’

(Uit Matteüs 26)

 

EEN VERHAAL VAN ALTIJD

 

Meer dan tweeduizend jaar is het geleden dat Jezus op zo’n laffe manier vermoord werd, en toch is die vreselijke gebeurtenis ook vandaag bijzonder herkenbaar. Neem het begin: Judas Iskariot, een van de twaalf apostelen, wil Jezus aan de hogepriesters overleveren als ze hem maar genoeg betalen.  Dertig zilverlingen bieden ze, en dat is ongeveer de prijs die voor een slaaf moest betaald worden. Jezus is dus een slaaf waard. Niet meer, maar ook niet minder. En voor die waarde, dus voor dat geld, verkoopt Judas Hem aan zijn vijanden. Het gaat dus om geld, en dat is ook vandaag heel herkenbaar: geld en bezit, en nog meer geld en meer bezit beheersen heel dikwijls het leven, en ze zetten de mens heel dikwijls aan tot oneerlijkheid en valsheid, tot leugen en loze beloften, en tot nog zoveel meer verwerpelijke houdingen die hem zeer zwaar kunnen aantasten. Kijk maar naar  Judas: hij ziet geen licht meer in de duisternis die hij Jezus, maar ook zichzelf heeft aangedaan, en hij maakt een einde aan zijn leven.

Judas die Jezus verkoopt en Hem met een kus verraadt, de apostelen die op de vlucht slaan, Petrus die ondanks zijn zelfzekerheid Jezus drie keer verraadt, de hogepriesters die Jezus absoluut dood willen, de soldaten die van wreedheid een plezier maken, de toeschouwers en de misdadigers die Jezus bespotten: het is allemaal zo vreselijk herkenbaar, en het gebeurt vandaag elke dag. En wie zijn wij in dat vreselijke verhaal? Slaan ook wij op de vlucht als er hulp van ons verwacht wordt? Zijn ook wij ontrouw als ons dat iets opbrengt? Kunnen ook wij wreed zijn tegenover mensen met wie we niet zo goed overeenkomen? Lachen ook wij met de ellende van onze medemensen in nood?

Laten we niet vergeten dat we vandaag niet zozeer Jezus’ lijden en dood herdenken, maar dat we vieren dat Hij tijdens het Laatste Avondmaal brood nam, de zegen uitsprak, het brak en aan zijn leerlingen gaf met de woorden: ‘Neem, eet: dit is mijn lichaam.’ Hij nam ook de wijn op, bad een dankgebed, reikte de beker aan zijn leerlingen en zei: ‘Drink allen hieruit, want dit is mijn Bloed van het Verbond, dat voor velen vergoten wordt tot vergeving van de zonden.’

Dat is wat we vandaag vieren: dat Jezus onder ons is blijven wonen en dat we Hem elke viering in ons mogen opnemen, zodat we Hem blijvend kunnen gedenken en niet zullen leven naar het voorbeeld van de wrede betrokkenen in zijn lijdenverhaal, maar naar Hem ‘die bestond in goddelijke majesteit, Jezus Christus de Heer’ zoals Paulus het zo indrukwekkend zegt in zijn brief aan de Filippenzen. Laten we leven in zijn Naam en naar zijn woorden en daden. Amen.

(Romain Debbaut)

 

ONS ALBASTEN VAASJE

 

Heer Jezus,

nu wij de week van uw lijden binnengaan,

willen wij door ons gebed en onze liefde

dicht bij U blijven:

wij willen zijn als de vrouw

met het albasten vaasje vol kostbare nardusolie

die al haar liefde

in één gebaar aan U wil tonen.

Samen met U

gaan wij de ‘Goede Week’ in,

een week van angst, lijden, verloochening en dood …

 

Open ons innerlijk

opdat wij mogen voelen wat U voelde,

opdat wij zouden meevoelen met zovelen

die dagelijks verloochend en gedood worden.

 

Alleen als wij deze week

onze blik gericht houden op U,

als wij bereid zij met U de weg te gaan,

zult U ons hart verzachten

om anderen in hun lijden bij te staan

en zult U ons de hoop geven

dat de dood niet het laatste woord heeft.

 

Iny Driessen



2025288-998bb62f3fc8514cb1b242a0ae1d8508.JPG

2025288-21acc7ce0ecc53a1bcbfe2a9464e16a6.JPG

2025288-95ecebad5ac91976d5c44d6323aa5cc8.JPG

2025288-8ac681a6484d2bb2ed1ca93518d3fa57.JPG
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Omer om 09:26 Reageer op dit bericht

DOORDENKEN OP DONDERDAG

ALLES VOOR ALLEN

                  

Wij leven te veel ons eigen leven en denken er veel te weinig aan, hoe wij door God met elkander en allen tezamen met Hem verenigd zijn. Wij moeten ons door niemand in liefde laten overtreffen. Wij moeten er steeds op uit zijn onze medemens te helpen. Onze tegenwoordigheid, waar dan ook, moet voor de mensen een lust, een feest, een troost zijn.
Alles voor allen.
Medeleven voor elkander, belangstelling in elkander.
Geen hinderlijke belangstelling.
Rekening houden met geslotenheid van bepaalde karakters.
De mensen menen het zoveel beter dan zij het doen.
Daarom verdraagt de liefde alles.
Met de ogen Gods mensen en dingen bezien.
Erop studeren elkander te dienen.

                 

DE TUIN VAN ONS HART

Ook wij zijn kruisvaarders.
Ook wij willen het heilige land, dat Jezus eenmaal toebehoorde, weer voor Christus herwinnen, niet het land ver over de zee, maar het heilige land in het binnenste van onze ziel, de tuin van ons hart, dat eenmaal aan Jezus werd toegewijd en Hem toebehoort.
Geve God, dat ons dezelfde geestdrift bezielt, welke eens de kruisvaarders huis en hof deed verlaten om zich geheel in dienst te stellen van hun heilig ideaal.
Gaan wij naar hun voorbeeld ook de eenzaamheid van de Karmel in om er de eeuwige waarheden van ons geloof te overwegen en na te denken over de betekenis ervan voor ons leven.
Met Maria, die onder de bescherming van de H. Josef haar Jezus uit Egypte over de Karmel naar Nazaret terugvoerde, naar de plaats waar zij Hem ontving, mogen wij een ogenblik op de Karmel uitrusten.                           

              

(Titus Brandsma, 1881-1942)

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Omer om 07:03 Reageer op dit bericht

GEDICHT VAN DE WEEK

DE GESTORVENE

               

Zeven maal om de aarde te gaan,
als het zou moeten op handen en voeten;
zeven maal, om die éne te groeten
die daar lachend te wachten zou staan.
Zeven maal om de aarde te gaan.

              

Zeven maal over de zeeën te gaan,
schraal in de kleren, wat zou het mij deren,
kon uit de dood ik die éne doen keren.
Zeven maal over de zeeën te gaan –
zeven maal, om met zijn tweeën te staan.

               

Ida Gerhardt

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Omer om 22:01 Reageer op dit bericht

ZONDAG 1 APRIL 2017

5de VASTENZONDAG A – 2 APRIL 2017
‘DOORHEEN DE DOOD …’

‘Wie in Mij gelooft zal leven, ook al is Hij gestorven.’ zegt Jezus ons vandaag in het evangelie. Hij had weet van Gods trouw door dood en duisternis heen, en Hij ging ons voor op die weg. In geloof en vertrouwen!
Met de opwekking van zijn vriend Lazarus wilde Hij ons tonen: ‘Mijn woorden wekken tot leven.’

Dit zegt God, de HEER:
‘Mijn volk,
Ik zal jullie mijn adem geven
zodat jullie weer tot leven komen,
Wat ik gezegd heb, zal ik doen’
(Uit Ezechiël 37,12-14)

Er was iemand ziek,
een zekere Lazarus uit Betanië,
het dorp van Maria en haar zuster Martha.
De zieke Lazarus was haar broer.
De zusters van Lazarus stuurden Jezus de boodschap:
‘Heer, hij die Gij liefhebt, is ziek.’
Toen Jezus dit hoorde, zei Hij:
‘Deze ziekte voert niet tot de dood …’
(Uit Johannes 11,1-45)

‘… OP HET SPOOR VAN HET LEVEN’

De Lazarussen van vandaag ?
Ik denk hier aan die dame die rechtover een verzorgingsinstelling woonde. Als de tijd gekomen was dat zij zichzelf moeilijk kon behelpen deed zij haar aanvraag en kwam zij op de wachtlijst terecht onder nummer 24. Telkens zij vanuit haar voorkamer de lijkwagen zag voorrijden, schoof zij een plaats op. Naarmate dat getal steeds maar kleiner werd groeide haar tegenzin, zodat het op den duur voor haar geen leven meer was. Leven was voor haar de wachtkamer van de dood geworden. Leven was alleen maar stilletjes doodgaan.

De Lazarussen van vandaag ?
Er zijn nog mensen die stilletjes doodgaan, ook al staan ze niet op een wachtlijst voor een verzorgingsinstelling. Mensen die grondig teleurgesteld, niets meer verlangen van het leven, die in ruzie en conflicten zo getreiterd worden dat zij geen leven meer hebben, die ontgoocheld zijn in mensen, soms in hun eigen kinderen, soms in zichzelf, zodanig dat het leven voor hen niets anders is dan stilletjes doodgaan.

De Lazarussen van vandaag komen in één punt overeen : voor hen is de dood het absolute einde. Het korte leven hier en nu moet voldoening schenken, doet het dat niet, dan rest alleen de wanhoop. Hun leven verloopt uiteindelijk in de wachtkamer van de dood.

Zou dat de bedoeling zijn van Diegene die de mens de levensadem gaf, die uit dode materie, langs welke weg van evolutie ook, een menselijk wezen vormde, en nog bezig is het te vormen ?
De Christus nam gelijk een scheppingswoord van God in zijn mond toen Hij riep : ‘Lazarus, kom naar buiten’. Knipper met je ogen in het felle zonlicht en leef. Gij moogt niet doodgaan op die manier. Leven is geen wachtkamer van de dood. Gij moet echt leven. ‘Doe die zwachtels eraf. Help die mens dat hij herleeft’. Zo gaf Hij ons een wenk dat we elkaar tot leven moeten wekken.
‘Ik ben de opstanding en het leven. Wie in Mij gelooft, zal leven ook al is Hij gestorven.’ Als wij Hem durven volgen, ook al is Hij op weg naar Jeruzalem, op weg naar zijn kruisdood, zullen we de diepste dimensie van het leven ervaren. Meer dan oppervlakkig genieten is leven zich ten diepste verbonden weten met God in geloof, hoop en liefde. Daarin ligt onze echte bevrijding uit de wachtkamer van de dood.
(Manu Verhulst)

ZO IS STERVEN … 

                  

Zoals het graan
dat overrijp zich neerbuigt
naar de aarde waaruit het is ontsproten.
Zo is het sterven van een mens
een terugkeer naar de Andere
die zijn oorsprong was.

            

Zoals een schip
de haven van bestemming binnenvaart:
de lange omvaart en de stormen zijn voorbij.
Zo is het sterven van een mens
geruisloos binnenvaren in God
die haven van bestemming is.

           

Zoals een regendruppel in de zee verdwijnt:
onzichtbaar oceaan geworden is.
Zo zal een mens in God ontslapen
in God verdwenen
oneindigheid geworden zijn.

                      

Manu Verhulst



2023076-63c85d8fea3a65f4a0888e30607c53a7.JPG

2023076-75fbb7f751dcbed3164815928ce30210.JPG

2023076-6bade8110601de30c47dd51084ffc663.JPG

2023076-a7ee56745585a55a4703baadfbd9f5c1.JPG

2023076-45ed3e5a1e47deb9c5c01fdc9389cc03.JPG

2023076-80b76d027791bfc3b2bc148367fde60c.JPG
Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Omer om 09:37 Reageer op dit bericht

DOORDENKEN OP DONDERDAG

HET VERSTAND GEBRUIKEN

Het is jammer, dat de mensen hun verstand, waarmee zij reeds hier op aarde God kunnen zien, zo weinig gebruiken: dat zij zich de tijd niet gunnen, van tijd tot tijd zo diep door te denken, dat zij Gods werking en Gods wezen in de dingen beschouwen.
En moet dit in het algemeen jammer worden genoemd, nog meer valt het te betreuren, dat zij, wier verstand door studie scherper kan onderscheiden, zich zelfs die moeite niet getroosten.

                             

GOD LEREN ZIEN

Wat ik als noodzakelijk voor deze tijd beschouw, is de beschouwing van al wat is in zijn afhankelijkheid en zijn voortkomst van God, wiens werk wij daarin moeten zien, wiens ‘zijn’ wij daarin moeten onderscheiden, die wij daarin moeten erkennen en aanbidden, allereerst in onszelf.
God is daar en Hij openbaart zich daar aan ons. Hij wil daar gezien en erkend worden. Hij is tenslotte nergens beter voor ons kenbaar dan in de grond van ons wezen.
Leefde die gedachte aan Gods inwoning, aan de algehele afhankelijkheid van de hele natuur van God, aan Gods leiding en openbaring in alles, welke andere daden zouden er worden gesteld om ze in overeenstemming te doen zijn met hun karakter van Gods openbaring.
De mensen moeten weer God zien en in de aanschouwing van God leven.

(Titus Brandsma, 1881-1942)



2022255-fef9b9b414fe4901fb3b59060c2cdfec.JPG

2022255-987eeb9fb6a7c0ff785887b355942226.JPG

2022255-63a1b051fb87006e9cdbf6d23f8aff7e.JPG

2022255-4a7e3923fa763d5959724306c521e16b.JPG
Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Omer om 17:52 Reageer op dit bericht

GEDICHT VAN DE WEEK

MET LEGE HANDEN

                    

Steeds opnieuw 

groeien wij vast 

aan welvaart, voorrecht of gelijk. 

We bouwen ons 

een burcht van zekerheden 

waarin de ziel 

geen adem krijgt. 
 
                                    

Zalig

wie zulke muren sloopt 

en tegen beter weten in 

een weg aanlegt 

door chaos en woestijn.          

                                         
Zalig

wie onrecht recht trekt, 

klein wordt, 

groot maakt, 

hoop geeft, 

brood deelt, 

omziet naar verschopten.          

                                   
Zalig 

wie zich omkeert

van meer naar genoeg, 

en mens durft zijn 

met lege handen.

                       

Kris Gelaude

 

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Omer om 16:35 Reageer op dit bericht

ZONDAG 26 MAART 2017

4de VASTENZONDAG A – 26 MAART 2017
‘HEER, MAAK DAT IK ZIEN KAN’

                 

Vorige zondag kregen we een beeld van Jezus, als de Bron van Levend water, de bron van het echte Leven opdat ook wij tot een volkomen leven zouden komen. In de meest letterlijke en diepzinnige betekenis van het woord is Hij leven-gevend …
Vandaag wordt Jezus voorgesteld als ‘het Licht voor de wereld’. Zoals (vrijwel) steeds wordt een wonderbare genezing belicht als een ‘TEKEN’, met name als een gelegenheid om een diepere, ‘symbolische’ boodschap door te geven. Waar mensen gevangen zitten in een of andere vorm van duisternis – kwaad, onderdrukking, misbruik, eigenwaan of wat dan ook – daar wil de Heer bevrijding en licht brengen, daar wil Hij zelf Licht en baken voor ons worden. En dan wordt alles anders …

Broeders en zusters, eens was u duisternis
maar nu bent u licht, door uw bestaan in de Heer.
Ga de weg van de kinderen van het licht.
Het licht brengt goedheid voort en gerechtigheid en waarheid.
(Brief aan de christenen van Efese 5,8-9)

In het voorbijgaan zag Jezus iemand die al vanaf zijn geboorte blind was.
Hij spuwde op de grond.
Met het speeksel maakte hij wat modder,
streek die op de ogen van de blinde en zei tegen hem:
‘Ga naar het badhuis van Siloam en was u daar.’
De man ging weg, waste zich, en toen hij terugkwam kon hij zien.
---
Toen riepen de farizeeën tegen de man:
‘Jij, sinds je geboorte ben je een en al zonde,
en nu wil jij ons de les lezen?’
En ze joegen hem weg.
Jezus hoorde dat en zocht hem op.
Hij vroeg: ‘Gelooft u in de Mensenzoon?’
‘Als ik wist wie het was, Heer,
zou ik in hem geloven,’ zei hij.
‘U kijkt naar hem en u spreekt met hem,’ zei Jezus.
Toen zei de man: ‘Ik geloof, Heer,’
en hij boog zich voor Jezus neer.
En Jezus zei nog:
‘Ik ben in de wereld gekomen om het oordeel te vellen.
Dan zullen zij die niet zien, zien
en zij die zien, zullen blind worden.’
Een paar Farizeeën
die bij hem stonden en dat hoorden, zeiden:
‘Wij zijn toch zeker niet blind!’
‘Was u maar blind,’ zei Jezus,
‘dan zou u zonder zonde zijn.
Maar u beweert dat u kunt zien,
en dus blijft uw zonde.’
(Enkele verzen uit Matteüs 9)

                

LATEN WIJ BIDDEN OM LICHT IN ONS LEVEN

Weer heeft het evangelie een diepe inhoud. Jezus toont dat Hij licht brengt, ja zelfs het LICHT is VOOR DE WERELD: onder de schijn van dat Licht gezien wordt alles anders voor ons en worden ook wij zelf andere mensen.

Maar er is nog een andere opvallende vaststelling in dit stukje evangelie: de manier waarop mensen omgaan met deze blinde man. De Farizeeën kelderen hem; ze schelden en schimpen, en menen zo zelf groot te worden. Het toont alleen hun eigen trieste kleinheid. En het werkt als een boemerang: hun misprijzen keert terug op henzelf. Niet de blinde mens wordt afgebroken, zelf worden zij zielige schepsels! Hun verwaande, zelfvoldane hoogmoed belet hen om de grootheid van die kleine mens te zien: zijn nederige geloof ontgaat hen, en veel meer nog ontgaat hen de boodschap van Jezus. Hun verstokte eigenwaan maakt hen ziende blind en zo blijven zij gevangen in zichzelf. Zij zien niet hoeveel ruimer, hoeveel mooier de ware wereld is!

Hoe anders is de blinde man! Open, ontvankelijk en zonder vooroordelen! Zijn blindheid, zijn beperking helpt hem daarbij. Hij is er wijzer door geworden. Hij liep reeds zo vaak tegen een muur en moest al zoveel opgeven en loslaten dat hij niet meer vol is van zichzelf. Zo kan hij in alle nederigheid tot Jezus zeggen: ‘ik geloof, Heer’. Zo kan hij deemoedig en rustig zijn verhaal doen aan zijn belagers. Vrij van alle hoogmoed kan hij onbevangen naar de andere toegaan. Zijn nederigheid maakt hem groot. Zoals Jezus trouwens zelf zegt: wie zich verheft, zal vernederd worden. En zoals eveneens in de lofzang van Maria staat: ‘kleinen en armen maakt Hij groot’.

Hoe anders dan de farizeeën is ook Jezus zelf. Zomaar in het voorbijgaan, merkt Hij die kleine mens op, misprezen, uitgesloten, verschopt. Hij loopt er niet aan voorbij maar meteen ziet hij zijn leed en gaat Hij mede lijden. Letterlijk: hij lijdt mee en hij draagt mee. Zozeer leeft en lijdt en draagt Hij mee dat het leed wordt opgeheven: de blinde man wordt ziende.

Jezus zwijgt ook niet voor de valsheid van de Farizeeën. Zonder enige vrees ontmaskert hij de leugen van de wereld, de leugen van de groten, de leugen van de opgeblazen eigenwaan.

Een paar Farizeeën die bij hem stonden en dat hoorden, zeiden:


‘Wij zijn toch zeker niet blind!’
‘Was u maar blind,’ zei Jezus,
‘dan zou u zonder zonde zijn.
Maar u beweert dat u kunt zien,
en dus blijft uw zonde.’


Zo tekent deze genezing ten volle Jezus’ grootheid. Jezus voert uit wat Maria in haar loflied over God zelf had gezongen: ‘Hij drijft uiteen wie zich verheven wanen, heersers stoot hij van hun troon en wie gering is geeft hij aanzien.’
Daarom kunnen wij alleen maar danken, en wij bidden:


Heer Jezus, wees Gij zelf het Licht vóór onze ogen,
wees ook het Licht in onze ogen.

       

De blinde

      

Tussen de mensen verloren
zit ik en ergens gaat hij.
Hopeloos laat ik mij horen,
maar hij is al voorbij.
O Jezus Christus van Nazareth,
hebt U geen oog voor mij?

           

Hoort U mij soms dan niet vragen
waar ik op aarde toe dien?
Onverwacht licht in mijn dagen,
bent U het antwoord misschien?
O Jezus Christus van Nazareth,
geef dat ik U mag zien.

                 

Meester vol mededogen,
stem die vervaagt in de wind,
gun me het licht van uw ogen,
houd me niet langer blind.
O Jezus Christus van Nazareth,
maak toch dat ik U vind.

              

Michel van der Plas



2021058-63c85d8fea3a65f4a0888e30607c53a7.JPG

2021058-75fbb7f751dcbed3164815928ce30210.JPG

2021058-6bade8110601de30c47dd51084ffc663.JPG

2021058-a7ee56745585a55a4703baadfbd9f5c1.JPG

2021058-032b2cc936860b03048302d991c3498f.jpg

2021058-80b76d027791bfc3b2bc148367fde60c.JPG

2021058-7d30fc34fead9f1ac3dda8174994cbec.JPG
Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Omer om 07:48 Reageer op dit bericht

Meer van Doorheen de dagen

↑ Terug naar de berichten