toevallig
werden in het grijs van zijn hersenen
2 jonge cellen
onsterfelijk
op elkaar verliefd
enkele maanden later
was hij er niet meer
toevallig
de denker
vakantie
Valentijnje denkt, hij zal vergeten zijn
me een gedichtje te sturen op Valentijn
maar nee, mijn lief, wees maar niet bang,
ik schrijf liever een fluisterwoord
op die lijntjes van je wang
alleen

als ik de aardeals ik de aarde
het gras onder je voeten was
dan droeg ik je elke dag op mijn handen
als ik koffie, suiker en melk was
dan kon je elke morgen
aan mijn lippen je mond verbranden
als ik een dichter was
dan hing ik met een reuzegrote paperclip
mijn mooiste woorden aan het witte spoor
getrokken door een boeing in de blauwe avondlucht
en liet ik later in de nacht
de letters één voor één
neerdwarrelen in je haren
als sterren
foto

wat kon ik ...Wat kon ik je schenken ? Ik had maar gaven
voor honger en dorst en ik had je zo vertederd lief.
Ik zei : ik geef je de lucht, omdat ze zo blauw is vandaag
en jij zo lief. Je was zo blij en zo mooi als je ogen…
Dit was de droom : ik had gezegd
de lucht is blauw vandaag, pluk mijn geluk.
En ’s avonds hing je het op als een hemel boven je bed.
Je zei : kom bij me, toe. Ik heb sterren voor je gekocht.
In je ogen zag ik wind en wolken.
De nacht droeg bloemen in je slaap.
Het was alsof ik langzaam bloedde op zacht gras.
ochtendwandeling in de winterde stilte kraakte stuk onder mijn voeten
bij het ter perse gaan van de nacht
als bij toverslag
huilde het konijn de morgen leeg
zijn vacht viel uiteen
en
alle vergezichten werden weggeveegd
de strop zweeg
jeff en lowie
de sneeuw en jou indachtig
zonsondergang in winter
jeff en lowie ook weeral een jaartje ouder ...
mijn nieuwjaarsbrief

happy new year

kerstmis

voor iedereen ...
winterde winter slaat met vlijmscherpe zwaarden
van de wind
littekens in de wangen van de huizen
de velden kantelen
tot een wreed en warm geheim van de zomer
geen beeld blijft ongeschonden
als jij schaatst
in de open leegte van deze vloeipapieren droom
het eenzame licht
geslepen op een veel te zachte boom
lokt de wandelende struiken in hinderlaag
kinderen oefenen onder een hoestend hoofd
in de gietvorm van de eeuwigheid
met kogels van vrede
de zon breekt middendoor
en ik loop in de maagdelijke sneeuw
achter de stukken te zoeken
als je weggaat
je pelsdierzachte handen