ziek

Hij is zo ziek als een hond.
Hij is erg ziek.
Het jaar heeft veel dagen en nog meer maaltijden.
Om iedere dag te eten te hebben kun je beter zuinig zijn.
Hij is zo mak als een lammetje.
Hij is heel rustig en gedwee.

ziek
Hij is erg ziek.
Om iedere dag te eten te hebben kun je beter zuinig zijn.
Hij is heel rustig en gedwee.

dobbelen
Weinig kans hebben.
Als je kontant betaalt kun je de hoogste korting krijgen.
Dat is hetgeen waarvan alles afhangt.
trakteren
Iemand slaag geven.
Iemand helpen omdat men denkt er zelf ook beter van te worden.
Bijen of duiven houden als hobby kost geld.

hand
Zich niet aan de regels houden.
Hij heeft grootheidswaanzin.
het is al gauw alom bekend als er ergens gevaar is.

strijkstok
Er zijn te veel mensen die ten onrechte geld ontvangen.
Daar is niet goed over nagedacht.

kind
Hij is degene die de nadelen moet ondervinden.
Hij is niet welkom.

mens
Ieder mens heeft wel zijn goede eigenschappen.
Zo efficiënt mogelijk van de tijd gebruik maken.
