prikken

prikken
arm
Dat zijn arme mensen met veel schulden.
Er wordt al gegeten aan tafel terwijl er nog iemand moet komen.
Dat is een zware bevalling.
Hij heeft alle lelijke dingen gezegd die in hem opkwamen.
zin
Het is moeilijk om het iedereen naar de zin te maken.
Bemoei je niet met hem.
Hij wijzigt zijn standpunt als hem dat goed uitkomt.

dik
Je kunt maar beter niet te dik zijn.
Roekeloos geld uitgeven.
Kleingeestige mensen zijn snel kwaad.
Hij had meer opgeschept dan hij kon opeten.
Hij wil wel het voordeel maar er niets voor doen.

deksel
Een zorg van iemand wegnemen.
Iets doen dat verboden is.
Iemand bedonderen.
wit
Heel erg wit.
Zij is 18 jaar.
Soms is men tegenover zijn weldoener zo ondankbaar dat deze niet eens gewaardeerd
Dat heeft er niets mee te maken.

oude dag
Hij heeft nog een goed gestel gezien zijn hoge leeftijd.
Ieder wacht het lot waarvoor hij is bestemd.
Als je bang bent om aan iets te beginnen kun je het beter niet doen.
Hij is arm.
