kinderen

Oproer kraaien.
Oproepen tot verzet en chaos.
Als de peer rijp is valt zij.
Alles gebeurt op z’n tijd.
Er is geen koe zo bont of er is wel een vlekje aan.
Op iedereen is wel iets aan te merken.
Er gaan meer kinderen dood dan ouderen.
In een kwaad vel steken.
De kop moet het gat verkopen.
Ze heeft geen geld maar moet het van haar uiterlijk hebben.




