Naar de inhoud

Georges De Corte aan de slag

meningen, bedenkingen
akke.beakke.be

Archief

Annie M.G.Schmidt

Annie M.G.Schmidt
Annie M.G.Schmidt geboren op 20 mei 1911 bracht de Nederlandstalige jeugdliteratuur op de voorgrond en wordt overal herdacht. Terecht. Drie generaties kennen haar boeken, gedichten en liedteksten met de onvergetelijke figuren van Jip en Janneke, Pluk van de Petteflet Ibbeltje, Beerte Pippeloentje, Otje, ... Het zijn één voor één klassiekers geworden in onze literatuur. Je vindt ze in boekvorm, luistercd of op dvd.
Op haar website http://www.annie-mg.com vind je alle informatie die je maar wenst over wie ze was en wat ze schreef.

In DS Letteren L7 20 mei 2011 (Annejet van der Zijl – brievenboek: Veel liefs van Annie) trok een bepaalde zin mijn aandacht:
“De rode draad in de brieven is 'willen behagen', tegelijk haar beste en haar slechtste eigenschap, zoals ze zelf ooit zei.’

Deze zin deed me denken aan dezelfde eigenschap die men toeschreef aan Guido Gezelle. Eveneens enorm productief en van alle markten thuis, vernieuwend en nog altijd in het collectieve bewustzijn van velen (hoe lang nog?).
Van M.G. Schmidt springen naar Guido Gezelle: een vreemde associatie, maar dit is nu eenmaal de kern van vrije associaties, en voor iedereen persoonlijk.

Slag om Moerbrugge (Oostkamp) 8 - 12 september 1944

Slag om Moerbrugge 8 - 12 september 1944
Op 8 mei 1945 kwam de onvoorwaardelijke overgave van de Duitse nazitroepen. Op vele plaatsen herdacht men het einde van de Tweede Wereldoorlog. Er waren ook talrijke plaatselijke herdenkingen, bijvoorbeeld van de bevrijding of een slag bij een gemeente.
Toen ik van Brugge naar Oostkamp reed, merkte ik dat er een omleiding was om over het kanaal Gent – Brugge – Oostende te komen en dit via de brug van Moerbrugge. Deze weg loopt parallel met dit kanaal (de vaart).

Zowel aan de brug in Moerbrugge als in Oostkamp zijn er 'littekens' van WO II en vooral van bevrijding. Daarin staat centraal de slag om  Slag om Moerbrugge 8 - 12 september 1944.

De doorbraak gebeurde daar op 10 september 1944 met Shermantanks. Bij de gevechten kwamen 48 Canadezen, 104 Duitsers en 20 burgers om. Het monument aan de rotonde bij de brug is een merkwaardig kunstwerk gecreëerd uit een tankwrak. In de Kapellestraat in Oostkamp staat een herdenkingsmonument opgedragen aan de 10de Canadese infanteriebrigade.


Met ‘Moerbrugge’ kwamen bij mij herinneringen naar boven van de vlucht van haveloze groepen Duitsers met allerlei vervoermiddelen: paarden, karren, fietsen al of niet met banden. De bevrijding van Brugge kwam op 12 september Brugge na het opblazen van alle bruggen. Onze woning lag bij de Gentpoort en het hele gezin had al een tijdje moeten onderdak zoeken verderop bij familie in de Oude Gentweg. Toen we terug kwamen stond het huis er nog, maar van binnen waren alle ruiten stuk en de dakpannen lagen op de grond.

Ik snuffelde rond op internet met als zoekwoord ‘slag bij Moerbrugge’ en vond interessante informatie van de Heemkundige Kring Oostkamp; van de plaatselijke oud – strijders; van vieringen en verwijzing naar de historische documentaire ‘Remember 44’ van de plaatselijke filmclub enz. De Canadese bevrijders hebben hard moeten vechten, tot en met lijf-aan-lijf gevechten, om de controle op het kanaal te veroveren. Er vielen veel slachtoffers aan beide kanten.

Nieuwmunster (Polders - Kuststreek)

Nieuwmunster

Een van de rustplaatsen voor de wandelaars Tweedaagse wandeltocht (zie vorige blog) was het pleintje aan de kerk van Nieuwmunster. Een gelegenheid om die kerk opnieuw te bezoeken, want enkele keren stonden we voor een gesloten deur. Deze parochie werd voor het eerst vermeld in de kronieken van het jaar 1200.
De naam Nieuwmunster is afgeleid van het oudvlaams “Niemunstere” en verwijst naar een (gothisch, Middeleeuws) kerkgebouw. Op internet vonden we dat de naam is afkomstig van het Duitse middeleeuwse kerkbegrip munster (Duits: Münster) en een gotische kerkgebouw was; de grote waren kathedralen en kloosterkerken. Bekend zijn: de Munsterkerk in Roermond, in Nederland het enige voorbeeld van een kerk in laat-romaanse stijl en behoort tot de Rijnlandse romaanse groep. De Munsterkerk of domkerk van Bazel is gebouwd tussen 1019 en 1500. Nog beter bekend is Munster van Ulm, de hoofdkerk van Ulm in gotische stijl met de hoogste kerktoren ter wereld. Munster ( Münster) verwijst ook naar de stad, naar speciale kaas enz. De tempeliers hebben hun kruis in het wapenschild van het dorp, wat wijst op hun aanwezigheid. In de loop van de 13de en 14de eeuw werd een eerder kerkje omgebouwd tot een kruiskerk in Scheldegotiek, toren in het midden, een schip met zijbeuken en vijfhoekig koor. Deze kerk werd in 1578 verwoest en in brand gestoken (Beeldenstorm). Pas in 1629 werd de kerk heringewijd, zonder schip en met een geveltoren: je kunt dit merken aan de voorgevel. In 1884 werd een koor en een sacristie in neo-gotiek aan de kerk gebouwd met glasramen. Beelden: rechts vooraan zien we de heilige apostel Bartholomeus, patroonheilige van de kerk. In het midden hebben we O.L.Vrouw en rechts de heilige Coleta. De kerken zouden best interessante heiligenbeelden en ander kerkmeubilair van kleine pancartes te voorzien om de geïnteresseerde bezoeker wat te helpen.

We waren echter vooral geïnteresseerd in het rozenkransretabel (1641). Dit uniek pronkstuk bestaat uit een centraal gedeelte, met een 17de eeuws O.L.Vrouwbeeld, omgeven door 15 kleine paneeltjes met elk een voorstelling van een mysterie van de rozenkrans. Deze retabel was o.a. bedoeld om tijdens de periode van de contrareformatie de rozenkransdevotie te stimuleren. Op de plaquette onderaan de retabel lezen we dat in 1986 mede onder impuls van pastoor Roger Depourq (+) een restauratie werd doorgevoerd. Tevens vermelding dat de inzegening gebeurde door bisschop Vangheluwe. Deze laatste was de 25ste bisschop van Brugge tussen 1984 en 2010. Op 22 april 2010 bood hij zijn ontslag aan als bisschop omwille van een zaak van seksueel misbruik. Er ontstond binnen onze wandelgroep een discussie of het niet zou aangewezen zijn die naam te verwijderen: er waren evenveel pro’s als contra’s. Als Bruggeling was ik benieuwd of pastoor Roger Depourq dezelfde persoon was die een belangrijke rol speelde in de KSA na WO II. En dank zijn Google werd mijn nieuwsgierigheid in positieve zin beloond, door een site van de geschiedenis van de KSA van Brugge Sint - Kruis http://jeugd.studiant.be/ksarooyghem/pages/rooyghem/ges_4e.html

Internationale Tweedaagse van Vlaanderen op 7 en 8 mei 2011

Internationale Tweedaagse van Vlaanderen op 7 en 8 mei 2011

We hadden een fietstocht gepland in de regio Wenduine, Blankenberge, Nieuwmunster… en we zagen groepen wandelaars. Geen wonder: we zaten midden de Internationale Tweedaagse van Vlaanderen 7 en 8 mei 2011. We babbelden met wandelaars en bekeken de organisatie. We kwamen onder de indruk van beide: wandelaars die meestal al babbelend en gekscherend stapten; sommigen hadden moeite maar deden verder. Wandelen moet recreatief zijn met sportieve elementen, maar het ontspannende moet de doorslag geven. Voor ons zijn de babbelmomenten tijdens de wandeling, in de pauzes en bij het einde doorslaggevend. En die waren er.

Op 7 en 8 mei had voor de 42ste keer de Internationale Tweedaagse van Vlaanderen in Blankenberge plaats. Men schatte dat er 10.000 wandelaars waren met start en aankomst op de Grote Markt van Blankenberge. De deelnemers konden de zaterdag en de zondag kiezen tussen vie afstanden 6 km (Springkastelenwandeling), 15 km (Animatieparcours), 24 km (Sportieve natuurwandeling) of 42 km. (lange afstandswandeling). Op zaterdag 7 mei stond de regio ten zuidoosten van Blankenberge aangedaan: Uitkerke, Zeebrugge, Lissewege, Dudzele en Oostkerke op het programma . Zondag 8 mei 2011: regio ten zuidwesten van Blankenberge aangedaan: Uitkerke, Wenduine, De Haan, Vlissegem, Meetkerke, Nieuwmunster en Zuienkerke. Een omgeving met interessante landschappen en cultureel erfgoed, ook met de verhalen en herinneringen van de twee wereldoorlogen.

Er stak een enorme organisatie achter dit alles; voor zover we konden oordelen verliep alles zeer goed: wegaanduidingen; info over de wandelroutes en evenementen; info over openbaar vervoer, busparking, parkeerplaatsen; bevoorrading; logies in allerlei formules van sportzaal, jeugdherbergen, hotels. Er werd gezorgd voor verbroederingsfeesten, blarenbal, animatie voor jong en oud; oude ambachten en voor jongeren springkasteel en Vondelmolen, schminkatelier. Bevoorrading: vooral om water bij te tanken en te genieten van gratis drankjes, fruitbedeling (appels, fair - trade bananen, versnaperingen) o.a. door de sponsors langs de weg. Vooral op de etappehoofdplaatsen waren er speciale evenementen zoals in Lissewege (na 24 en 42 km): Lisseweegse beiaard; harmonie; dansgroep; clowns; ovenkoek met vers gebakken spek en hoofdvlees met een fris drankje of een ‘Brugse Zot’ Grote markt (6, 15, 24 en 42 km): muziekband; springkasteel en gratis visproevertje bereid door de Oostendse visbakkers. Wandelen is democratisch, gezond, ontspannend.

Nog een anekdote: militairen stapten mee, ook een groep Duitse soldaten met enkele wagens van de Bundeswehr (vervoer; logistiek; bevoorrading). Ze liepen samen met de anderen in gebieden waar de twee Wereldoorlogen hun littekens nog tonen. Tevens was 8 mei de herdenking van het einde van WO II. Op 8 mei 1945 aanvaardden de geallieerden de onvoorwaardelijke overgave van de Duitse nazitroepen, een dag nadat het Duitse opperbevel in Reims de akte van overgave had getekend. Met die overgave kwam een einde aan meer dan 5 jaar oorlog in Europa. We vroegen ons af in hoeverre er even gedacht werd aan deze gebeurtenissen.
We stapten even af op het kerkhof van Wenduine (met merkwaardige oude grafsteen uit de zeventiende eeuw). Aan de ingang zagen we een gedenkteken van Geheime Leger afdeling Wenduine voor zij die gestorven zijn in Duitse concentratiekampen en verder zeventien oorlogsgraven van het Gemenebest uit de Tweede Wereldoorlog.Om stil van te worden en herinneringen op te halen.

Ignace D'hert gastspreker op pastorale dienst Universiteit Antwerpen

De Pastorale Dienst van de Universiteit Antwerpen nodigde Ignace D'Hert uit voor een lezing over ‘geloven’ op vrijdag 25 maart 2011 in de Ignatiuskapel CST Prinsstraat Antwerpen.
De pastor van Johan Vanhoutte s.j. verwelkomde zijn vriend de ‘Dominicaan’ en herinnerde ons aan de soms gespannen verhoudingen tussen beide ordes.
Ignace D'Hert (Brugge, 1944)  Dominicaan, bekend theoloog en publicist, kreeg enkele actuele geloofsvragen van de Pastorale Dienst:
Is God een ongrijpbaar mysterie of is hij overbodig en achterhaald door de huidige stand van de wetenschap?
Zijn er eigenlijk nog werkende Godsbeelden voor de moderne mens?
Wat bepaalt dat we ergens wel of niet in geloven?
Is het mogelijk om over God te spreken zonder hem te recupereren?
Kunnen er hieruit waarden ontstaan die voor iedereen gemeenschappelijk zijn?
Hoe zou een eigentijdse Kerk in de geest van Jezus er echt kunnen uitzien?

De spreker - erudiet, bevlogen en onderhoudend - vond dat dit te veel vragen waren voor een avond en dat zijn verhaal er wat anders zou uitzien.
Hij gaf een zeer goed overzicht van de verschillende Godsbeelden vanaf het begin tot de moderne theologen en ging de discussie aan met gelovige en niet gelovige wetenschappers. Het merendeel van het publiek waren goed onderlegd in de bijbel, in ‘praktische’ theologie (groepen Onderweghuis in het Antwerpse begijnhof, en De Vleugel ‘Een vrijplaats voor liturgie - Borgerhout’, en de pastorale dienst ).

Ik miste wel een reflectie naar het gelovig leven, de zingeving en de figuur van Christus. Ik had immers een van de voorafgaande vragen voor ogen: ‘Hoe zou een eigentijdse Kerk in de geest van Jezus er echt kunnen uitzien?’ Akkoord: geen recepten maar wel suggesties voor een christelijke spiritualiteit met pragmatische aspecten. ’Gooi God niet weg’ was het moto van deze bezinningsavond, maar God kan je veilig – wetenschappelijk inkapselen in een moderne theologie die per definitie ook tijd- en cultuurgebonden is.
Een stukje bezinning naar hedendaags geloven en zingeving ontbrak op die avond. Ik moet daarvoor grijpen naar de neerslag van zijn talrijke voordrachten, artikels en boeiende boeken.

Chartres

Chartres
De Notre-Damekathedraal van Chartres (Werelderfgoed) is de meest complete en de best behouden van de Franse gotische kathedralen en is een christelijk bedevaartsoord. De kathedraal biedt een overzicht van de kunst van de 12de en de 13de eeuw. De vensters vormen de meest complete verzameling oude gebrandschilderde ramen van Frankrijk. Het beroemde venster ‘Notre-Dame-de-la-Belle-Verrière’ (omstreeks 1180) en de drie boogvensters van de westelijke gevel (uit de periode 1145-1155) zijn de oudste gebrandschilderde ramen die nog resteren uit de romaanse kathedraal.
De beroemdste reliek van de kathedraal is een kleed of sluier, genoemd Sancta Camisa dat gedragen zou zijn door de maagd Maria.
Het bekendste portaal van de kathedraal is het Koningsportaal: de moeder van God zwaaide hier de scepter over kunstenaars en geleerden. In het midden van het portaal zetelt de zegenende Christus, geflankeerd door de vier evangelisten: een man (Matteüs), een adelaar (Johannes), een leeuw (Marcus) en de os (Lucas).
Op de vloer van de kerk bevindt zich een labyrint.

De bouw van deze kathedraal is het verhaal van zoveel andere kathedralen en kerken: zij die eraan bouwden deden dit zeker ook als boetedoening en om hun hemel te verdienen. Men zegt dat uit devotie voor Maria de boeren uit de omgeving de karren met stenen aanvoerden. De kathedraal staat op een heuvel en was van oudsher een ‘heilige’ plaats: dit is een constante in de geschiedenis van vele oude kerkelijke gebouwen.

Over deze kathedraal is er zoveel te vertellen, daarvoor ga je natuurlijk naar Wikipedia en Google. Kijk tevens uit naar televisieseries. Een van de mooiste documentaires over Chartres zagen we op tv-kanaal National Geographic die geregeld eigen uitzendingen – soms voor een deel met personages - wijdt aan het werelderfgoed. Voor Chartes bijv. kan je nog terecht op http://channel.nationalgeographic.com/episode/chartres-cathedral-3123/Overview

(voorpublicatie uit :
Kerken, heiligen en toerisme Antwerpen, Halewijn 2011 G. De Corte & M. Moeremans)

Dominicanen - Predikheren

Dominicanen - Predikheren

De Sint - Pauluskerk aan de Veemarkt te Antwerpen in het schipperskwartier is een voormalige Dominicaner kloosterkerk uit de 16e eeuw.
Zij straalt een barokke charme in combinatie met de romantiek van het oude kloostercomplex dat nog goed zichtbaar is. De Dominicanen bouwden dit kloostercomplex uit tot een trefpunt van geleerden, kunstenaars; deze orde had een goede naam voor het intellectueel gehalte.
Op de eerste plaats waren de Dominicanen predikers - we noemen ze ook Predikheren - en verdedigers van het ware geloof. De oorspronkelijke naam van de Dominicanen is Predikbroeders en de Zusters Dominicanessen Predikerinnen. Hun meest gebruikte naam, die dateert uit de late Middeleeuwen, ontlenen ze aan de stichter Dominicus de Guzmàn. In 1216 kreeg hij de goedkeuring van de paus voor de stichting van een nieuwe religieuze orde. Hij had een gemeenschap van rondtrekkende predikanten voor ogen, oorspronkelijk bedoeld om de Franse Katharen ('ketters') te bestrijden, niet met de wapens maar met de kracht van redelijke argumenten en door een evangelische wijze van leven. Zeer kort na de stichting zond hij vanuit Toulouse zijn eerste volgelingen twee aan twee uit naar de stedelijke centra over heel Europa: Parijs, Madrid, Rome, Bologna. Bij de dood van Dominicus waren er Dominicanen in Gent, in 1230 in Leuven, drie jaar later in Brugge en Antwerpen volgde in 1244.
Kwade periodes kwamen met de Beeldenstorm maar het was vooral de Franse Revolutie die de Dominicaanse kloostergemeenschappen en nekte. De orde is toen uit bijna geheel Europa verdwenen maar in de tweede helft van de 19de eeuw heeft ze zich tamelijk vlug kunnen herstellen.
De orde speelde aan belangrijke rol in het verkondigen en het verdedigen van het ware geloof. Als missionarissen waren ze zeer actief na de ontdekking van de Nieuwe Wereld in 1492. Nogal eens gingen ze er met de grove borstel door om de inlandse bevolking te verplichten over te stappen naar het christendom. In Peru bijvoorbeeld was dit zeer opmerkelijk. Het aantal bekeerlingen was voor hen bijzonder belangrijk omdat ze die resultaten konden voorleggen aan de paus en aan hun burgerlijke beschermheren die instonden voor de kolonisering. Hun aanpak leek goed op sommige praktijken van de eerste kerstening in onze gewesten.
Vreedzamer waren de Dominicanen van de voorbije honderd jaar in onze gewesten. Twee staken er met kop en schouders uit: Schillebeeckx (+ 2010), theoloog en publicist die vooral actief was vanuit Nederland, o.a. bij het laatste concilie en Jan Hendrik Walgrave (1911 – 1986) die lange tijd de bezieler en hoofdredacteur was van het tijdschrift Kultuurleven dat een uitgesproken kerk- kritisch imago had.
In de laatste decennia was er een grote terugloop in vestigingen, roepingen en de vergrijzing sloeg toe. De orde heeft zich aangepast en ging de digitale toer op. Elke week publiceren ze een nieuwe preek op internet en sluiten zo aan bij hun oorsprong: predikbroeders.

Kerstbomen: een apart en lang verhaal

Kerstbomen
De verspreiding van de kerstbomen in onze streken kwam vooral door de Duitse soldaten in WO I. Duitse soldaten kregen van het thuisfront en van de Keizer kerstbomen als cadeau. Ze kregen tevens de boodschap: over enkele maanden zijn jullie thuis…
In de film ‘Merry Christmas’ ( 2005 ) die in de Kerstperiode altijd op een of andere televisiezender te bekijken valt staat de kerstboom en de verbroedering centraal .Het verhaal verwijst naar de Kerst in 1914 in de loopgraven van Frankrijk met Franse en Schotse troepen tegenover de Duitse. Op kerstavond is er even een wapenstilstand in het niemandsland tussen de loopgraven. Ze wisselen kleine cadeautjes uit, ze zingen, ze verbroederen. Soms wat – lekker - sentimenteel en met gezwollen boodschappen maar toch te bekijken waard met het gezin.
De kunstkerstbomen zijn ook in trek omwille van een geringere voetafdruk (wat niet helemaal waar blijkt te zijn,als je alles bij elkaar rekent) en vooral het gemak bij opzetten en afbreken zonder de vervelende naalden in het tapijt of op de vloer.
In de katholieke kerk was men aanvankelijk niet enthousiast met de kerstboom omdat ze een duidelijke verwijzing was naar de natuurgodsdienst van de Germanen met de groene boom al symbool van nieuw en vruchtbaar leven .
Luther was wel gewonnen voor de kerstboom als symbool voor de geboorte van Jezus. Geleidelijk kwam de kerstboom enkel in de kerken en pas in de 19de en vooral vanaf de 20de eeuw in de huiskamers, warenhuizen, pleinen, straten tot op het plein van het Vaticaan met een kerstboom uit de Ardennen.
Een kerstboom wordt versierd met verlichting - nu meer en meer flikkerende led-lampjes - slingers, kerstballen, engelenhaar, een piek, ster of engel op de punt van de kerstboom. Onder de kerstboom staat er dikwijls een kerststal (gepropageerd door Franciscus van Assisi en de kerk) en cadeaus. Hier ook is er een mode: van veelkleurige kerstballen tot alles in zwart, purper of rood. Vroeger stak men echte kaarsjes aan, in ijzeren houdertjes op het einde van de takken. Wel gevaarlijk, maar men had en natte dweil voor noodgevallen.
In het begin van het nieuwe jaar zijn er kerstboom verbrandingen in veel gemeenten. Er is eerst een aparte ophaalbeurt gevolgd door het gecontroleerd verbranden op een veilige plaats met in de omgeving kraampjes die zorgen voor verkoop, muziek en gezelligheid.
In sommige warenhuizen in de VS ontmantelt men niet de grote kerstbomen: men zet ze met versiering en al gewoon buiten om te laten weghalen omdat dit goedkoper en veiliger is.
Bij navraag blijkt dat het vooral de kinderen zijn die aandringen op een echte kerstboom met versieringen en bijhorende kerststal. Ouders en oudere mensen doen wel graag mee uit nostalgie en om het jonge volkje content te stemmen.

Driekoningen: taart en Sterzingen

Driekoningen: Driekoningentaart - Sterzingen
Driekoningenbrood is gebakken met een boon erin; wie de boon vindt, is die dag de baas. In een Driekoningentaart zit  een boon en de persoon ze krijgt, is die dag koning en krijgt een kroon. Op 6 januari is het feest van Driekoningen, officieel Hoogfeest van de Openbaring van de Heer, maar wordt in de liturgie gevierd op de zondag na 1 januari als 6 januari op een weekdag valt. In de periode ervoor is het Driekoningen zingen of Sterzingen in bepaalde streken in Nederland en België, ook in Duitsland. Kinderen en soms volwassenen gaan verkleed als koningen in de straten. Ze bellen aan, ze zingen een liedje en laten een ster draaien. De mensen geven wat snoep of zakgeld. Meer en meer wordt het sterzingen georganiseerd als steun voor projecten in binnen- en buitenland. Sommige jeugdbewegingen organiseren een sterrenstoet met herders, engelen, Driekoningen met hun gevolg.

Vroeger – en zeker in de Middeleeuwen - was dit een van de meest populaire kinderfeesten. Dit is nog het geval in Spanje, waar de kinderen een brief schrijven te vergelijken met de brieven die onze kinderen schrijven naar Sinterklaas. Op 6 januari zijn er optochten waarbij de koningen snoepgoed naar de kinderen gooien.
 De drie wijzen (later werden ze in de volkscultuur koningen) kwamen aan bij de stal in Bethlehem. Bijbelverhaal van Mattheüs: de wijzen kwamen uit het Oosten en volgden een ster. In Bethlehem vonden de wijzen het kind en de ster. Zij aanbaden het met goud, wierook en mirre. Balthazar gaf mirre, een soort parfum waarmee o.a. doden werden ingewreven. Melchior gaf goud, goud is ‘koninklijk’ ; Kaspar gaf wierook, wieroken (bewieroken) is een teken zou van eren.

Een van de vele Driekoningenliedjes

Driekoningen, driekoningen!
Koopt mij een nieuwe hoed,
Mijn oude is versleten;
Mijn vader mag 't niet weten,
Mijn moeder heeft geen geld;
Is dat niet slecht gesteld?

Georges De Corte - Marleen Moeremans voor Siti4

Compostela - Conques (Fr.)

Compostela – Conques (Fr.)
In de vrije dagen van de Kerstperiode overlegden we met vrienden over de komende vakanties. Opnieuw kwam Compostela ter sprake, of althans een deel van de bedevaartsroutes in Frankrijk.

We hadden het over een van de belangrijkste stopplaatsen in Frankrijk, Conques in de Aveyron, Centrum Zuid Franrkijk. Conques is een van de mooiste dorpjes van Frankijk en tevens Werelderfgoed.
Het belangrijkste monument is de priorij (geen abdij) die afhangt af van de abdij van Mondaye. Via www.mondaye.com kom je bij de norbertijnen van Conques. De opvang van de pelgrims is een ‘totaalprogrammma’. Daar zorgen de vijf paters Premonstratenzen (Norbertijnen) voor. Om 7 uur ’s avonds is er eerst verwelkoming van de gasten. Een pater weidt uit over Conques en de Norbertijnen, die nog het sterkst zijn in de kloosters van Grimbergen, Tongerlo en Averbode. Je moet tijdig bellen als je wilt logeren in de priorij te Conques. Er is daar een goede sfeer, mede dank zij heel wat ‘hospitaliers’ of vrijwilligers. Je moet wel eerst een praatje komen maken met de chef - hospitalier. Goede gebedsdiensten en prima rondleidingen in de kerk en eten krijg je pas na een kleine speech van de pater en het zingen van het pelgrimslied: Ultreïa De tekst van het refrein is in een oude Romaanse taal, tussen Occitaans en Spaans. Ultreia e sus eia. Deus, adjuva nos! Altijd maar verder en hoger, God sta ons bij! Ik geef een hertaling van Jean-Claude Benazet. Op het web zijn er Engelse en Duitse versies en zijn er uitvoeringen te beluisteren. Zoekwoorden bijv. Ultreia e sus eia of Tous les matins nous prenons le chemin

Ultreia
Tous les matins nous prenons le chemin,
Tous les matins nous allons plus loin.
Jour après jour, St Jacques nous appelle,
C’est la voix de Compostelle.
Ultreïa ! Ultreïa !
E sus eia Deus adjuva nos !
Chemin de terre et chemin de Foi,
Voie millénaire de l’Europe,
La voie lactée de Charlemagne,
C’est le chemin de tous mes jacquets.

Ultreïa ! Ultreïa !
E sus eia Deus adjuva nos !
Et tout là-bas au bout du continent,
Messire Jacques nous attend,
Depuis toujours son sourire fixe,
Le soleil qui meurt au Finistère.

Ultreïa ! Ultreïa !
E sus eia Deus adjuva nos !
A chaque pas, nous devenons des frères Patron St Jacques, la main dans la main Chemin de Foi, chemin de lumière
Voie millénaire des pèlerins.

Ultreïa ! Ultreïa !
E sus eia Deus adjuva nos !
Mr St Jacques écoutez notre appel
Des Pyrénées à Compostelle,
Dirigez nous du pied de cet autel, Ici-bas et jusqu’au Ciel.

Ultreïa ! Ultreïa !
E sus eia Deus adjuva nos !

Van Georges De Corte & Marleen Moeremans verschijnt in 2011 Kerken, heiligen en toerisme bij de uitgeverij Halewijn, Antwerpen, met o.a. bijdragen over de Compostelaroutes.