jeugd


Kerst in onze kindertijd.
Zo een Amerikaanse Kerstman bestond toen nog niet.
Cadeautjes onder de boom? Ah nee, we hadden net van de Sint iets gekregen.
Toen we klein waren bestonden die elektrische lampjes, made in Taiwan, nog niet.
Het waren echte kaarsjes en fel gekleurde ballen en zelf gemaakte dingetjes die we in de de boom
hingen.
Die plastieken rommel (made in China) met alle mogelijke tierlantijntjes was absoluut uit den
boze, als het al te verkrijgen was.
Als er hier en daar al een cadeautje gegeven werd, was het fruit of zelf gebakken koekjes.
Niet iedereen had een slee, maar dan amuseerden we ons in de sneeuw met zelf gemaakte
“rijsbanen” Om ter langste. Telkens er iemand op schoof kwamen er weer enkele centimeter bij
en dan was het de uitdaging om tot op het einde te geraken. Een reuze aanloop en dan maar
schuiven.
Om tegen de kou te kunnen hadden we zelf gebreide dingen aan, tot zelfs de onderbroeken waren
van opnieuw gebruikte wol. Iemand zijn trui of een rokje van de meisjes werd hergebruikt om er
een warm onderlijfke van te maken.
Geen nintendo of andere rommel. We konden gewoon genieten van de witte pracht en al het
moois van de natuur. Een sneeuwman maken met een stukje steenkool voor de ogen en een wortel
voor de neus. “Schraboelle” (uitgebrande steenkool voor de niet Leuvenaars) diende voor de
mond en dan nog een bezem in zijn hand en daar stond hij dan te pronken zo lang het vroor.
Wetenschappelijk waarschijnlijk niet juist, maar ik had de indruk dat toen de winters langer
duurden en strenger waren. Natuurlijk een plezante jeugdige herinnering, maar altijd de moeite
om aan terug te denken.
Er bestond geen TV en dus genoten we volop van de Kerstsfeer thuis. Af en toe een kerstliedje.
Spelletjes en als er familie over de vloer kwam, was het altijd genieten. Ik herinner me het gedoe
met de zwarte neuzen nog, alsof het gisteren gebeurde. Het licht werd uit gedaan en iedereen
moest een blad krantenpapier, met uitgesneden neusopening , voor zich houden en toen ging neef
Theo, door aan onze neus te voelen, vertellen wie we waren. Hij had de kolenemmer in zijn hand
en wreef iedereen zijn reukorgaan in met het zwarte goedje dat aan de rand hing.
Kerstmis had voor mij toen, zijn charmes en ik blijf dit voor altijd in mijn geheugen mee dragen.
Het kerstmisvlees zoals wij het toen noemden,” Poule fricassée” was het hoogtepunt.
Kortom, dat was mijn Kerst toen en dat is nog altijd de beste die ik ooit mee gemaakt heb.
Staf



















