Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht
alfabet


vrouwelijk alfabet
al die geliefden: hoe
geliefd waren zij wel?
begeerd, ja, en jij bezeten
een gek die een revolver
kocht om de knal te horen
in het galmgat van een
Venetiaanse nacht
een zwever die een valscherm
koos om met twee de armen
te spreiden: joelende vogels die
neerdoken en dan een touw
in de knoop, verward door
al die schone dwaasheid
al die verzonken gezichten
je trok een kring om elke letter
van het alfabet en welke
ontbrak aan je palmares?
al die geliefden verhevigd
tot een eeuwig leven want
langer dan de roes zouden
ze geuren in de marmeren
rozen van je woorden
bezeten zat je bij een telefoon,
liep voorbij een verduisterd raam
later overliep je het alfabet van
lippen en haren, telde de
letters zonder naam
waanzinnig wanneer een bliksem
je borstkas openspleet en je te staren
stond als een verkoolde boom
al die geliefden, zij verslonden
de dood in je hoofd en daagden
hem uit en je danste door
de Venetiaanse nacht:
een geschilderd skelet, de non
in zijn armen klonk als
een hyena die lacht
Dedecker over vrije meningsuiting
Het is geen toeval dat Jean-Marie Dedecker, die er zo prat op gaat 'rechts voor de raap' te zijn, het recht op vrije meningsuiting absoluut stelt met als axioma: 'Een opinie is geen delict.'
recht op beledigen
In De Standaard van maandag betoogt Oscar van den Boogaard, in navolging van Ayaan Hirsi Ali, dat het recht op vrije meningsuiting een recht op beledigen impliceert.
Strict genomen is dit juist; en het is eveneens waar dat bepaalde mensen op een bijna ziekelijke manier overgevoelig zijn voor beledigingen.
Maar deze overgevoeligheid is ons niet vreemd.
Denk aan het proces dat modeontwerpster Ann de Meulemeester aanspande tegen volksschrijver Herman Brusselmans. Naar mijn mening een dwaze zet want de beledigende passages uit het boek van Brusselmans stonden integraal in De Morgen, maar de oppergod van de Vlaamse literatuur werd wel veroordeeld.
De vraag is of een cultuur van (wederzijds) beledigen onze beschaving vooruit helpt. Ik maak een onderscheid tussen contestatie, provocatie en opzettelijke smaad.
De contestatie is noodzakelijk en eerbaar wanneer ze gericht is tegen om het even welke vorm van machtsmisbruik of leugenachtigheid.
De provocatie kan het inzicht aanscherpen en de tegenpartij dwingen zich te verantwoorden. Maar de opzettelijke smaad is een daad van agressie en lokt meestal een agressieve reactie uit.
Hoe moeten we deze abstracte analyse nu toepassen op de overgevoeligheden van de moslims?
Naar mijn inzicht is de ontvlambaarheid van moslimmassa's te wijten aan een gebrek aan democratische traditie. De meeste moslims leven in autoritaire of dictatoriale landen, of zijn daaruit afkomstig. Een 'opendebatcultuur' kennen ze dus niet.
Zeker in deze autoritaire landen is de scholingsgraad meestal pover, wat de bevolking des te ontvankelijker maakt voor demagogen, haatpredikanten en ophitsers. Voeg daar hun precaire sociaal-economische situatie aan toe en je begrijpt hoe laag de drempel is om zich gefrustreerd te voelen. Het eerste wat de arme zich aanschaft is een radio- of tv-toestel en zo ziet hij heel scherp het schrijnend en tergend verschil tussen zijn eigen situatie en die van de rijkeren.
Zijn enige houvast, zijn enige waardigheid ontleent hij aan zijn geloof, en wanneer dat dan - zoals het hem door de demagogen wordt ingelepeld - belasterd wordt, dan ontploft hij.
Nogmaals, helemaal vreemd is dit gedrag ons niet, als we 50 of meer jaren terug gaan in de tijd. Toen had je in het overwegend katholieke Vlaanderen een boekenindex - zelfs de bijbel mocht door de gewone gelovige niet worden gelezen - en tijdens de schoolstrijd zagen we betogingen voor 'de ziel van het kind'.
Om al deze redenen sta ik huiverig tegenover 'een recht om te beledigen' wat naar mijn smaak wijst op een verruwing van de zeden, op een toenemende onbeschoftheid, maar tegelijk zie ik hierin geen reden om te zwichten voor elke dreiging met geweld vanwege de zich beledigd voelende partij, in casu de moslims. Moslims zullen moeten leren op een democratische, geweldloze manier op te komen voor hun rechten: in een democratische rechtsstaat geldt dit voor iedereen.
Uiteindelijk gaat het om doelmatigheid: de islam heeft net als het katholicisme, creationisme (en andere -ismen van politiek-ideologische aard) een aantal eigenschappen die moeten aangevochten worden, maar met welke middelen? Is schelden en beschimpen de kortste weg naar een 'verlichte' islam, naar de emancipatie van de moslims van de letterlijke interpretatie van hun heilig boek en naar hun ontvoogding van een bekrompen geestelijkheid?
Wanneer Vlaanderen vandaag in grote mate geëmancipeerd is, dan is dit niet te danken aan de ruimdenkendheid van de katholieke kerk: in die Europese landen waar ze nog voldoende macht heeft - Polen, Italië, Spanje - probeert de kerk nog steeds de wetgeving te beïnvloeden. Maar door de toegenomen welvaart en scholingsgraad hebben de meeste burgers zich losgemaakt van de vroegere hersenspoeling en - in extreme gevallen - psychische terreur.
Ruimdenkende moslims zullen geschoolde en welvarende moslims zijn met democratische rechten.
geitenboerderij


geitenboerderij ’t Reigershof 20 jaar
- voor Renaat, Katrien en kroost -
geiten hebben een meisjessnoet
niet voor niets laten ze zich
strelen: een handvol voldoet
hun geur voert je mee naar
een jeugd lang geleden
een boerin van verse karnemelk
botergeel stro in het haar
geiten hebben een meisjessnoet
beschilder ze met sproeten
en ze maken je verlegen
hun geur voert je mee naar
een wereld die verdween
onder ringweg en rijhuis:
voel de warmte van hun huid
alsof je wijn proeft uit een
kelder onder puin, een gewelf
uit een wereld van wilgen en
notelaars, een warme boerin
een boomgaard met pruimen
geiten hebben een meisjessnoet
ze laten zich strelen, een teder
handvol voldoet
massahysterie
Muziekbos


Muziekbos
er woonde, volgens een
waardig schrijver, een trotse
vrouw die mannen bedwong
als schuimende paarden
oudere wandelaars zagen er
nimfen verspringen van
hyacint naar hyacint
blauwkousjes geloofden
dat geen wind er huilde
maar een roedel weer-
wolven: een sprong in
de nek van een slapeloze
die het dwaallicht volgde
van de maan – de schrijver
droomde daar een hut
te bouwen, een kapel in
een kathedraal van beuken
hij hoorde daar het gekletter
van de getouwen niet, de kruinen
verdreven de rook van
schoorsteen en fabriek
bos van muziek bij een zieke stad
bos met kloven van schaduw
en licht, blauwe bloemen alsof
een geliefde er ligt opgebaard
terwijl nimfen de citer en harp
bespelen van narcis en hyacint:
bos waar de droom begint
vrienden


jubileum in een voorjaar, een toespraak
wat zijn vrienden
zal ik zeggen dat het minnaars zijn
met wie je nooit zal slapen
dat ze zeldzaam zijn
als stenen waar een vis
van een verdwenen soort in zwemt
zal ik zingen met mijn valse stem
dat ze trouw zijn
en eens een vriend, altijd een vriend
ook al drijven op je vel
de levervlekken van het verre zwijgen
want zo zijn onze wegen
bezaaid met landmijnen :
‘zet mij aan land,
heb het land aan mij’
daarom dat we vaak branden
met onze schepen
maar op een dag als deze
vlak voor de heer verrezen is
die net zo goed een dame kon zijn
een slet mooi en geil en onvolprezen
nu spreken we het uit
er is geen verdict dat afsluit
geen slotsom
vrienden berekenen niet
en daar gaat het om
Pasternak
Pasternak
waren zijn verzen
een vingeroefening
voor die ene grote worp?
zeker, niets komt uit
het niets en het woord
verwekt meer woorden
een hoofd moet jaren
dragen eer het open
gaat, en zie: het maakt
een wereld nieuw, een rode
zon op sneeuw en berken
wolven huilen om een huis
een geliefde golft zoals
de zeeën ruisen, een meeuw
snikt in haar mond
wie vat met vingers
deze kanteling, deze
draaikolk: elke drop
een enkeling, de tijd
een trechter die verzwelgt
hij deed er jaren over
vers na vers, geen beeld
volstond, tot die ene zuil
van woorden waarin ze
alle staan gebeiteld: man
en vrouw en moordenaars
een rode zon, een zilverberk
een kraai, een balalaika:
een boek als een venster
in een toren terwijl
de toren implodeert
gidsland
Wat is er toch aan de hand met onze noorderlijke buren? Ooit keek progressief en links Vlaanderen met ontzag en afgunst op naar de Nederlandse tolerantie en vrijmoedigheid. Sedert de triomfantelijke opkomst van Pim Fortuin lijkt het deksel van een beerput gelicht en komen allerlei geurtjes naar boven die herinneringen oproepen aan de donkerste bladzijden uit onze gemeenschappelijke geschiedenis.
De laatste jaren is het bon ton geworden om uit de meest tegenovergestelde hoeken uitspraken te doen die het imago van het vroegere gidsland aan scherven slaan.
Een jaar of twee geleden was er een Nederlandse imam die homo's 'nog erger dan varkens' noemde, vandaag is er de geblondeerde Geert Wilders - voorzitter van een partij die zich nota bene Partij Voor de Vrijheid noemt - die oproept om de koran uit de handel te halen: in zijn ogen is dit boek het 'Mein Kampf' van het 'islamofascisme'.
En bij ons was er een Congolese student die 'Kuifje in Afrika' wil verbieden.
Het doet denken aan de profetische zin van de Duitse dichter Heine:
'Daar waar boeken worden verbrand, zullen weldra mensen worden verbrand.'
Is onze West-Europese beschaving, met Nederland als ontaard gidsland, op de terugweg naar de jaren 1930? Moeten we vrezen voor een charismatische leider die al dit fanatisme oppikt, de media naar zijn hand zet en opnieuw een vendel- en knuppelzwaaiende beweging op gang trekt?
Gelukkig klinken de tegenstemmen talrijk en krachtig, zowel in Nederland als bij ons. Maar in elk geval bewijzen de ongeleide projectielen van het extremisme dat een tolerante samenleving altijd op haar hoede moet blijven: de verdraagzame democratie is juist door haar verdraagzaamheid en openheid zeer kwetsbaar. En zij kan deze superieure eigenschappen alleen bewaren door ze te verdedigen met de middelen van de rechtsstaat: door opvoeden tot weerbaarheid tegen het fanatisme, en door repressie wanneer de grens van de gewelddadigheid of de oproepen daartoe wordt overschreden. Het betoog van Wilders en dat van die imam komen aardig in de buurt: zij zijn de haatzaaiers die de geesten vergiftigen en indirect geweldplegingen kunnen veroorzaken.
Orpheus


Orpheus
neem afscheid van de meisjes
de ingelegde doosjes van jade
jaspis en ivoor, gooi de glazen
sleutel in het water
vergeet de bergplaats, de brieven
de boodschappen in de brieven
die vergeefs werden begrepen
neem afscheid van de ogen van jade
obsidiaan, de wouden en de vrolijke
dieren in die wouden
waar je vingers lagen als dood hout
laat de huiden van onyx en ivoor
aan de tover en tongval van goden
die lood maken van goud
neem afscheid volg de sporen
die lopen door je schedel
zoals de schreven van een lepel
over de wanden van een cel
bespeel je nutteloze woorden
zoals een rietfluit, een vedel
er komen verlegen dieren op af
die verrukt zijn met een treurig lied
lieve doden verlaten hun graf
neuriën mee en meer
verlangen ze niet
vacature
- God bless Inch’Allah -
PVBA
wenst aan te werven:
almachtige (m)
vloeiend Arabisch en Amerikaans
ervaren in het zegenen
van kruisraket en zelfmoordgordel
bedreven in het bespelen
van hoogmoed hebzucht en angst
in het wissen van geheugen
bekwaam tot het inblazen
van list en leugen
deugen in het beramen
van kwelling en verdriet
men biedt:
een soepele werktijd
verloven van eeuwen
en overuren vergoed
met duizendmaal
duizend maagden
ongeschoren of geëpileerd
door vlammen van wraakzucht
of wellust verteerd
en extra legaal
naar keuze
een holte van leuzen
een steen
zwart van gedoofde ogen
en glinsterend van geween
een kruis
in het hout van splinter en stormram
in het onverwoestbaar weefsel van het dwangbuis
kandidaten wenden zich
tot de Heer van de Vliegen
met vermelding:
‘Endlösung endlich’
god zijn is geen easy job
geen wonder dat ze vacant is
onderwijzers
Tot ongeveer 1967 was het evident dat de toekomstige onderwijzers uit het aso kwamen. De toenmalige Normaalscholen splitsten immers een zesde jaar humaniora in tweeën en koppelden hieraan een pedagogisch-didactische vorming.
Tenslotte heeft Lesaffer gelijk als hij stelt dat het onderwijs een te stug systeem is dat enthousiaste en creatieve mensen afschrikt of het werken bemoeilijkt en bijgevolg ontmoedigt. Het dirigisme en de regelgeving zijn de laatste jaren alleen maar erger geworden. Enthousiasme is een vorm van liefde en in de opera 'Carmen' wordt gezongen dat die zich niet laat kooien: zonder soepelheid en voldoende vrijheid maak je de gedrevenheid kapot.
magdala


Maria van Magdala
niet de krampen aan dat kruis
maar de nagels van je tranen
de geseling van je haar
was de verlossing
wanneer ik opsteeg
moest het jouw omhelzing zijn
die openbrak als een ei
na ons en zonder ons
heeft men mij god genoemd
om moord en roof
te vermommen te tooien
met een reden
maar wanneer ik wederkeer
zal het een ronddolen zijn
huilend als een hongerend beest
tot ik de holte vind
waar ik warm
en als helder water werd
van jouw oneindigheid
aan deelbare lippen
en, voorwaar, ik ben god geweest
telkens ik te beven lag
geschokt
door de openbaring van jouw adem
dat buikspreken
waarmee jij mijn huid tekende
tot een heilig boek
wie kan in mij geloven
en loochenen
hoe ik alleen genezen kon
met de zalven van jouw klieren
dat ik sinds jou met jou
alleen verkondigen kon
en als een razende moest tieren
dit bliksemend inzicht:
het enige wonder van de zonde
EO
De Nederlandse EO-zender meent het recht te hebben om natuurdocumentaires zo te verknippen dat elke verwijzing naar de evolutietheorie wegvalt. Vanwege zijn grote ledenaantal is deze zender intussen de grootste geworden in Nederland en misschien de invloedrijkste. De leden manifesteren zich als creationisten die het scheppingsverhaal uit het boek Genesis zeer letterlijk interpreteren.
Hoe is het te verklaren dat vandaag niemand meer gelooft in de mythologie van Grieken en Romeinen, maar wel nog in de joods-christelijke?
Voor een deel zal dit wel te maken hebben met de indoctrinatie in het gezin en op school: heel wat kinderen worden gehersenspoeld met dit gedachtegoed.
Maar wellicht is er een diepere oorzaak.
We leven in een wereld van versnelde transitie: globalisering, migratie, delokalisatie, klimaatdreiging, oorlog en terrorisme verschijnen dagelijks op de buis of in de krant.
Kortom, de wereld en zeker de nabije of verdere toekomst wordt als uiterst bedreigend ervaren.
Dit zou kunnen verklaren waarom men zich zo krampachtig houdt aan de oude zekerheden.
Bij ons in Europa heeft het godsdienstig fanatisme met zijn godsdienstoorlogen, joden- en ketterverbrandingen een hoogte- of dieptepunt bereikt sedert 1492: een nieuwe wereld ging wijd open en de geesten sloten zich af, gingen hermetisch dicht.
Het gaat om een psychologische variant van de dominotheorie: als ik één stukje van mijn geloof laat vallen dan tuimelen al mijn zekerheden als een kaartenhuisje of rijtje dominostenen in elkaar.
Vandaar de intellectuele verkramping: men schuwt alle informatie die het vertrouwen in het eigen verklaringsmodel zou kunnen aantasten.
Op zich is dit enkel betreurenswaardig voor de betrokkenen zelf en voor hun kinderen die ofwel ooit de schok van de ontdekking zullen meemaken en dan in crisis kunnen geraken ofwel jonge zeloten zullen worden.
Maar dit wereldvreemde kan voor iedereen een bedreiging vormen wanneer het maatschappelijke en politieke macht krijgt. Dit zien we nu reeds in de VS waar de kliek rond Bush duidelijk onder invloed staat van christelijke fundamentalisten. Dit vertaalt zich dan in het stopzetten van hulpprogramma's ter bestrijding van aids, maar erger nog is de mythologische terminologie van 'het rijk (of de as) van het kwaad' , een taalgebruik dat herinneringen oproept aan de kruistochten en de aanhang inderdaad voorbereidt om gewapenderhand tot een nieuwe kruistocht over te gaan.
Wat, paradoxaal genoeg, opvalt aan dit fundamentalisme is zijn uitgesproken 'vertikalisme': men streeft een zuiverheid na in de leer en in de relatie tot de godheid, maar met het 'horizontalisme' van naastenleifde en sociale rechtvaardigheid houdt men zich nauwelijks bezig. Tenzij dan in de stijl van moeder Theresa: men predikt de aanvaarding van het lijden, dat gezien wordt als de wil van God, en veel meer dan stervensbegeleiding heeft men niet te bieden.
Veel belangrijker en gevaarlijker dan de dwaasheid van de intellecutele afscherming of verkramping en de censuur zijn deze politieke implicaties.
Omdat censuur de eerste steen kan zijn die een lawine aan het rollen brengt, is waakzaamheid geboden en kan men niet lacherig doen over wat de EO-zendelingen uitspoken.
Het verwerpen van de wetenschap loopt als een stinkend spoor doorheen de geschiedenis van het godsdienstig fanatisme.
Czeslaw Milosz
Om mijn eigen geheugen wat op te frissen volgen nu enige sprokkels uit dit zeer lezenswaardige boek van de Poolse Nobelprijswinnaar van 1980: door de 'l' in zijn namen moet eigenlijk een streepje maar dat zit niet op mijn klavier.
In het Pools is de titel eigenlijk 'geboortegrond Europa': Milosz is diplomaat geweest in de VS en ziet een duidelijk verschil tussen de Europese, in het bijzonder de Midden-Europese cultuur en de Amerikaanse. Dit boek is een vermenging van autobiografie en filosofie en politiek-historisch essay. Daarom is hij te vergelijken met György Konrad. Afgezien van Harry Mulisch, die net als Konrad van joods-Hongaarse afkomst is, ken ik geen Nederlandstalige auteur die een gelijkaardige ambitie heeft.
1.
Herinneringen: dat deel van ons leven waarover we zonder blozen kunnen spreken.
Dit aforisme van Ambrose Bierce moet voldoende zijn om de liefhebbers van openhartigheid te ontmoedigen. (...) Pretendeert men de onbereikbare waarheid te vertellen, dan liegt men, omdat men gebeurtenissen die ons in een ongunstig licht stellen, verzwijgtµ.
2.
Als men de geschiedenis niet levend kan maken door iets wat voor ons persoonlijk leeft dan zal zij altijd min of meer abstract blijven en bestaan uit conflicten van anonieme machten en schema's. (...) Misschien betekent elk vernietigd familiearchief, elk verbrand gildeboek, elke nieuwe stap op de weg naar de vergetelheid wel een consolidering van de classificaties en de ideeën ten koste van de werkelijkheid.
3.
Er is in wezen niets dat meer anti-burgerlijk is dan bepaalde delen van de intelligentsia die ongevoelig voor geld zijn.
4.
In de burgerlijke maatschappij is er nog steeds één eilandje waar armoede geen schande is als deze vervangen wordt door een titel, dat wil zeggen: roem.
5.
Eén kei kan beslissend zijn voor de richting waarin de lawine van iemands lot zal rollen.
6.
Papieren zijn uiteindelijk verzinsels van ambtenaren die het leven van de mensen vergiftigen en je moet je niet al te nauwkeurig aan zulke voorschriften houden.
7.
Daar waar het onmogelijk is vast te stellen wat nationaal is en wat religieus, wordt de religie een sociale kracht van conservatieve en conformistische aard.
8.
Alleen discipline is in staat koelbloedig begane misdaden te rechtvaardigen.
9.
Als ooggetuige van volkerenmoord en tegelijk niet in het bezit van de luxe van de onschuld ben ik geneigd mezelf en anderen daarvoor aan te klagen. In wezen is het echter niet gemakkelijk een oordeel te vellen, als het gaat om gevallen waar de hulp aan de slachtoffers van de terreur voor de helper de doodstraf kan betekenen.
10.
Hoe primitiever het verstand, des te meer genot put het uit de gelegenheid de versnipperende veelheid terug te brengen onder een gemeenschappelijke noemer.
island


island in the sun – Harry Belafonte
geelgroen als limoenen,
de catalpa, een brede
lichtvlek in de tuin
de kroezelkop van een
schietwilg danst een trage
reggae, je verdenkt hem
ernstig van gebruik
deinend als een dobber
golft een kwikstaart op de
stilte, een zweefbel gekibbel
van mezen om een kever,
een aardworm, een korst
loog, een lauwe mensenlucht
een buurvrouw hangt
de was op, je tuimelt
van je eiland zoals
een noot uit een boom
een publiek van populieren
spreekt met dertigduizend
doekjes zijn ongenoegen uit
oude molen


H.
ze woonde bij de Oude Molen
en rookte als een schoorsteen
het doodt de kiemen in je keel,
zei de hese leerling-verpleegster
haar stem een staccato hobo,
soms een trombone con sordino,
haar lach klom hoger:
een klarinet in de nacht
je zat die laatste avond
bij een schone die meer beloofde
voor de duur van een verdwazing
zij wuifde uit haar verte
een rookpluim aan een schoorsteen
haar lichaam een dadelpalm,
een abrikoos haar kontje,
haar mond een maantje
ananas: haar enige zoen
een cocktail in omsuikerd glas
ze woonde bij de Oude Molen
jij rookt nu als een schoorsteen
je hoort een koperen posthoorn
kleeft een zegel op een zending
naar een ver gezicht, een meisjes-
naam, verder niets dan: Oude Molen
joden
de nieuwe joden
- een ode aan de Dienst Vreemdelingenzaken -
over de oceaan
ze voeren in schepen
de schepen droegen
een mooie naam:
er moest een aankomst
zijn, over de oceaan
zoals ze zwierven
vroeger door een woestijn
naar een beloofde Jordaan
over de oceaan
alle havens gesloten
terug in Hamburg
een open trein
over de zee zo blauw
zo blauw: sloepen,
een lekkende schuit
ze varen, spoelen aan
over de zee zo blauw
zo blauw: de Guardia,
carabinieri, honden
en boeien over de zee
een vliegtuig staat
klaar, terug in Dakar
in Freetown, hun
Goudkust: de open
riool, hun land
opengebroken als
een koortsige mond
over de oceaan
over het mediterrane
territoriale: de civiele
terreur van een gesloten
haven, een gesloten deur

