Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht
links in Vlaanderen
juffrouw Stefanie
juffrouw Stefanie
bijna zestig en onvoorspelbaar
het naspel in je hoofd: vanmorgen
terwijl je wacht op de percolator
een kleuterstem of dertig
Ave, Ave, Ave Ma-rie-ja
geen kring in kleermakerszit
nog steeds die houten banken -
daarboven, daarachter een bleek
gezicht, donker de gestalte,
een wrong in het haar, zwarte
ogen, ochi ciorni
de juf van het eerste kleuter, onze
Zwarte Piet wanneer de strenge
zuster Amanda van het derde
jou in de jutebaal wil gestopt
Hoort wie klopt daar kinderen
’t is een vreemde zeker die
verdwaald is zeker:
Sint-Nie-ko-laas, Sint-Ste-fa-nie
leg mij op uw knie
zoveel zomers op een stoel
naast de winkel van Marja Boel, zij
bad de rozenkrans voor: moeder,
buurvrouwen bromden, gonsden
mee en jij op het voetpad
staande buiten de kring
moeder voelde zich verplicht:
je ziet een hoge toog in een
enge bedoening, de rijzige dame
reikt je een ding aan van
bruin ribfluweel, een koperen
ster boven de klep: nooit
zal je het dragen, een rode
vore in je voorhoofd
één zomer schoof je mee
de berg op van Elversele
achter het baldakijn met
pastoor en monstrans, haar
stem hoger dan een vogel bad
een rozenkrans of dertig
op beeweg naar de kapel
van Zeven Smarten, het mooiste
de ommegang, graven en bomen
een laatste beeld: je kwam
naar het schooltje van Pieterbos
je broertje halen: bijna
onderwijzer, juffrouw, ja,
juffrouw, altijd onderscheiding
hoor je kinderen, zo flink
een kind of dertig
in een kring zowaar:
Ave, Ave, zie daar een meester
in verwording, puisten en
bril, en zij voor eeuwig
een streng, een knot, ogen
die fonkelen in het zwart
Ave, Ave, Ste-fa-nie-ja
oproep o-zon
VOORAF: gelieve deze mail door te sturen naar leerkrachten uit het basisonderwijs en naar leerkrachten wiskunde uit het secundair onderwijs – waarvoor dank.
In het kader van een wetenschappelijk onderzoek probeer ik via deze mail zoveel mogelijk meetbare informatie te verzamelen over de evolutie van de basiskennis wiskunde in het basisonderwijs en in het secundair onderwijs (eerste, tweede & derde graad).
Gaat – volgens u – deze basiskennis wiskunde erop vooruit, gaat ze erop achteruit of stagneert ze? En kunt u uw bewering aantonen vanuit toetsen, examens, ...?
Enkele voorbeelden vanuit mijn eigen lessen informatica (ASO & TSO). Steeds vaker komt het voor dat leerlingen geen 6% van 100 (!) kunnen berekenen (soms krijg ik als antwoord 94 want 100 - 6 = 94). Steeds vaker komt het voor dat (in een excelles) de leerlingen niet meer weten hoe ze de omtrek/oppervlakte van een vierkant moeten berekenen. En vorig schooljaar raakte een stagiair (tweede jaar!) hopeloos in de knoei bij de berekening van omtrek en oppervlakte van een rechthoek.
Dergelijke voorbeelden worden vaak weggelachen als anekdotisch. En deze voorbeelden zijn inderdaad anekdoten, maar helaas zijn ze anekdoten die een schrijnende realiteit verbergen.
Heel wat minder anekdotisch zijn de resultaten van de meting naar het behalen van de eindtermen (uitgevoerd in opdracht van het ministerie van onderwijs - Roger Standaert is de verantwoordelijke uitgever) waaruit blijkt dat bij bepaalde proeven TSO-leerlingen 27% en 34% behalen. Dat betekent dat 73% en 66% van de geteste leerlingen de eindtermen niet haalt. Dat is pas dramatisch.
Reageren kan via marc.hullebus@o-zon.be
Alvast dank bij voorbaat voor uw gewaardeerde medewerking.
Vriendelijke groeten,
Hullebus Marc (namens o-zon) ((=onderwijs zonder ontscholing))
www.o-zon.be
it seems so long


it seems so long ago – Leonard Cohen
zo lang al dat hij schrijdt
en stremt ter plekke:
een stramme koning
met een vracht stenen
op zijn sleep
fraaie stenen geslepen
door een helder water
wie ze aanraakt
hoort het geklater nog
van hun meisjeslach
en scherpe stenen
gebrokkeld uit de wond-
korst van de aarde
ze schrammen en kerven
enten hun gestold bederf
zo lang al sinds hij schreed
en zweefde over de loper
naar de troon waar haar
lichaam zingt en zetelt
helder als smeltend water
en glanzend als beademd
door goden en opgewreven
door de vingers van de droom
haar jonge lichaam heersend
want onaangeraakt
door de staatsgreep van de schade
het tergend onterven
dat een vrouw kerft uit het meisje
en koningen verlamt ontmant
tot spotbeelden van zichzelf
zo lang al
sinds hij leefde
racist of psychopaat
Julian Barnes


bij een wijsheid van Julian Barnes
niet om ze te besmeuren of te kreuken :
om lakens te vouwen
moet je met z’n tweeën zijn
en als het verhaal ook waar is
van gods oog dat alles ziet
moet hij van de soort der vliegen zijn
heersend met de onooglijkheid
van ontelbare facetten
falend daar hij niet eveneens
ontelbare harige pootjes heeft
waaraan alles haakt en kleeft
hij merkt in alles wat weerspiegelt
zijn minzame minachting
alsof hij zijn eigen schoolfrik is
die schrijft en bijt :
‘god kan beter’
hij was maar beter met z’n tweeën geweest
om lakens te vouwen
te dromen van kreuken en besmeuren
want er komt geen droom van dromen
die ons van de daad geneest
radio 1
het proces
Eén detail uit wat we tot nog toe te zien kregen op tv: het gedrag van de fotograferende persmeute.
Zowel het Turkse slachtoffer als de ouders van de moordenaar deden er alles aan om de persfotografen te ontwijken of om zich onherkenbaar te maken.
Toch zag je deze persmuskieten zich op hun slachtsoffers storten. Is dit nog normaal?
Heeft dit nog iets te maken met behoorlijke journalistiek: de opdracht van journalisten is te informeren, en informatie te duiden, wat dragen deze snapshots - letterlijk 'gestolen beelden' - bij aan de informatie, wat maken ze duidelijker?
Naar mijn smaak is deze opdringerigheid te vergelijken met stalking of steaming: het omsingelen van personen in de openbare ruimte door bendes van het goorste tuig.
Het is mij een raadsel waarom de bond van journalisten hier niet tegen optreedt: behoort het dan niet meer tot de ethische code van journalisten dat ze nog enig respect opbrengen voor de gevoelens
van hun prooien, zeker wanneer deze objecten van hun sensatiedrift duidelijk te kennen geven dat ze niet gediend zijn van hun agressie?
Belgisch voetbal
Vandaag in De Morgen een vette kop: 'Kan deze man het Belgsich voetbal redden?'.
Daaronder een foto van AA Gent-voorzitter Ivan De Witte.
Eerste vraag: met er wat gered worden en zo ja waarom?Wie gisteren Club Brugge en Anderlecht bezig zag, moest tot de vaststelling komen dat het voetballend vermogen, de fysieke kracht en vooral de snelheid van uitvoering bij beide ploegen niet op Europees niveau staan.
Daarom kunnen zij ook alleen mee in de Uefacompetitie en zijn ze kansloos in de Champions League.
Enkele maanden geleden schermde Hans Vandeweghe nogmaals met het argument van de gebrekkige jeugdopleiding die bijvoorbeeld bij Ajax zoveel beter is.
Kijk naar de resultaten van Ajax: zij zijn net als Brugge uitgeschakeld in de competitie van de tweede kans. Tweederangs dus in Europa.
Waarom? Ajax moet jaar na jaar zijn beste talenten verkopen, net als Anderlecht Kompany en eerder Jan Koller en Razinsky moest laten gaan.
Kortom: in het voetbal draait alles om geld en geen enkele voorzitter, geen enkel bestuur kan daartegen op tenzij ze over een machtige sponsor beschikken.
Wat in België vrijwel uitgesloten is gezien onze kleine publicitaire markt, onze beperkte televisiegelden etc
Afgezien daarvan moet ik nog altijd de eerste logische verklaring lezen of horen over het verschijnen van een buitengewoon talent.
Verklaar eens op een logische manier het fenomeen Merckx, Robert Vandewalle, Gaston Roelands...
Je ziet telkens een buitengewoon natuurtalent met een uitzonderlijke wilskracht, een fanatieke verbetenheid om de absolute top te halen.
Hoe vorm je zo'n mensen in de veronderstelling dat het na te volgen voorbeelden zijn?
Het is moeilijk te aanvaarden dat er plots een genetische stoornis is opgetreden bij de Belgen waardoor de natuurlijke begaafdheid opeens verdwenen zou zijn. Dus moet de oorzaak van mindere prestaties gezocht worden in de opvoeding en in de maatschappij.
Een van de mogelijke oorzaken zou dan kunnen zijn dat jongeren overstelpt worden met keuzemogelijkheden zodat ze zich minder vastbijten in één discipline. Daarnaast is er de verleiding van gemakkelijker vermaak: de spelcomputers, het uitgaansleven, tv-kijken etc
Er is de verhoogde prestatiedruk in de scholen: probeer het maar eens om net als Kompany tegelijk te schitteren bij Anderlecht en je humaniora af te maken.
Tenslotte: hebben we wel echt Belgische topatleten nodig, voelen wij ons gefrustreerd, doodongelukkig omdat er de laatste jaren geen Belgsiche club meer meespeelt in de Champions League of omdat de Rode Duivels soms op een amateurploegje gelijken?
Voetballiefhebbers hebben dinsdagavond kunnen genieten van de balkunstenaars van Barcelona. Daar zijn om te beginnen niet zoveel Spanjaarden bij, waarom zouden wij moeten treuren omdat er geen Belgen tussen liepen?
Gisteren schreef Ivo Belet in De Standaard dat voetbal een belangrijke sociale functie heeft, het zou nog het laatste cement van de Belgische staat kunnen zijn.
Hoe erg is een staat eraan toe als die alleen door een massahysterie wordt samengehouden?
Sterke voetbalnaties vertonen bijna altijd een agressief patriottisme : Engeland, Duitsland.
In het vroegere Oostblok moest de topsport ervoor zorgen dat de aandacht werd opgeleid van de dictatuur, net zoals Franco een vurig supporter was van Real Madrid en de Argentijnse kolonels de wereldbeker voetbal organiseerden in 1978.
Trouwens waarom vinden de Olympische Spelen volgend jaar in Peking plaats: omdat dit land zo uitblinkt inzake democratie en respect voor de mensenrechten?
Wie zich zorgen maakt over ons voetbal die heeft zeer weinig zorgen en die bekijkt de wereld wel door een zeer eng venstertje.
citaat
'Wij Europeanen zijn tegenwoordig overal bang voor. Het probleem is dat angst onder invloed van vooral het pacifisme een onschuldige, positieve emotie is geworden.'
Dit zegt Luc Ferry, Frans filosoof en voormalig minister van onderwijs.
Het doet denken aan een dokter die zegt: 'U lijdt aan overgewicht, u hebt te weinig gegeten en te veel bewogen.'
De vaststelling klopt: wij worden voor ongeveer alles constant bang gemaakt; voor de meest exotische dreigingen (zoals het terrorisme) en voor de meest intieme (zoals kanker en andere fatale ziektes). Maar de angstpsychose begon toch niet bij de pacifisten?
Gedurende heel de Koude Oorlog hebben de demagogen zowel in het communistisch deel van de wereld als in het westelijk kapitalistische nooit anders gedaan dan hun eigen bevolking angst inboezemen voor de vijand. Dat was de enige manier waarop ze de wapenwedloop met zijn gigantische verspilling van geld en energie, van grondstoffen en productiecapaciteit konden verantwoorden. Zoals na de instorting van het Oostblok er gauwgauw een nieuwe vijand moest worden gevonden om deze verspilling door de strot te blijven duwen van de belastingbetaler - vooral in de USA.
De vredesbeweging heeft nooit anders gedaan dan aandringen op redelijkheid en overleg.
Zij heeft geprobeerd de thesis of het dogma te weerleggen dat de Russische Beer klaar stond om West-Europa binnen te vallen. Ze heeft bruggen proberen te slaan, niet om de angst te cultiveren maar juist om het valse, de volksverlakkerij van de angst te ontmaskeren.
In de USA zijn de protesten tegen de oorlog in Viëtnam er niet gekomen op basis van angsten maar gedreven door woede en verontwaardiging om de zinloze slachting, om het onrechtmatige van een imperialistische invasie.
Was het uit angst dat Bob Dylan zijn schorre beschuldigingen uitzong aan het adres van de 'Masters of War'?
Op één punt heeft Ferry gelijk, denk aan een ander protestsong van dezelfde bard: 'A hard Rain is gonna fall'. Een waarschuwing voor de apocalyps van een mogelijke atoomoorlog.
Maar was deze angst onredelijk? Waarom doet men vandaag dan zo druk over de proliferatie, over het mogelijke bezit van atoomwapens door 'the axis of evil' om nog te zwijgen over het ergens rondzwervende nucleair materiaal van de vroegere Sovjetunie?
Dit is op wereldschaal de enige reële angst: de proliferatie kan het eventueel mogelijk maken dat een of andere gek maar op een knop hoeft te drukken om een kettingreactie in gang te zetten die een nooit eerder geziene ramp veroorzaakt.
Is de vredesbeweging schuldig aan dit risico of omgekeerd juist hun politieke tegenstanders: de makelaars in angst ('fearmongers') die regeringen leiden, de wapenlobby's, de fanatici van allerlei slag?
Angst kan je verminderen of zelfs wegnemen door kennis van de risico's, door juiste informatie, door diplomatie en economische en culturele samenwerking of uitwisseling.
Hebben de pacifisten hiertoe aangespoord of de propagandisten van de vroegere en de huidige overbewapening?
sport in Gent
aan Marcus


kattebel aan Marcus
doe zo voort jongen, zeggen
wijze vaders, lieve moeders:
blijf bezig met je frasen,
jouw frulletjes van taal
wie weet laat je een spoortje
na, een duimafdruk, een ezelsoor
in het Grote Boek der Eeuwen
de vele stemmen in je hoofd
spreken uit één mond, één pen
en de andere overdonderen
elk geluid, gekerm, gefluister
beluister de berichten, ze roeren
de oorlogstrom – wie beroert
nog het bevende lichaam, wie
ontroert het weerloos oor?
zeker, we blijven bezig, het zit
in onze genen, als geen ander
smeden we onze oorhangers
van taal, een talisman van
lettergrepen afgeteld, gewogen
op de bevingenschaal van
mene mene tekel ufarsin
spreek je stemmen uit; vul
de leegte in die de donder
heeft gelaten; raak het zwijgen
aan, het wachten in de sferen
tussen twee slagen op de trom
bom bom
aan een ezelsoor in het Boek
der Eeuwen kom je nooit
zonder levenslang te balken
Dubai
Is het toeval dat een krant een journaliste in dienst neemt die lyrisch doet over de vrouw van een oliesjeik omdat die een fortuin vergokt in een casino en daarna haar juwelen verpandt om aan de speeltafel te kunnen blijven zitten?
Op die manier daalt De Standaard af naar het niveau van royalty watchers en glitterbladen die alleen oog hebben voor de jetset en koningshuizen maar zich niet bekreunen om mensen met een schamel pensioentje of schandalig laag loon. Uit de gekozen onderwerpen kan je afleiden waar een blad belangstelling voor heeft, welke maatschappij ze nastreeft.
Coetzee
bij Coetzee's Dagboek van een slecht jaar
In het filosofisch gedeelte van zijn nieuwste roman vraagt Coetzee zich af of het economische model van competitie en concurrentie geen economische vertaling is van het oorlogsmodel. En net zoals men de oorlog kan afwijzen en voor vrede kiezen, kan men de keuze maken voor samenwerking in plaats van elkaar de duvel aan te doen.
Is het niet contradictorisch dat we nu al jaren leven in een Europese economische unie en nog altijd moeten horen dat onze bedrijven competitief moeten zijn tegenover de buurlanden? Als de EU inderdaad een unie is, hoe kan men deze rivaliteit door middel van fiscale voordelen en verhoogde productiviteit dan blijven verantwoorden?
Heeft het zin dat in Vlaanderen de haven van Antwerpen concurreert met die van Zeebrugge? Is het niet veel logischer om de taken te verdelen en elk zijn specialisatie te laten ontwikkelen zodat ze complementair worden?
Ruimer gezien: waarom zou een Vlaams farmaceutisch of automobielbedrijf moeten in de clinch gaan met een Duits, Frans of Zweeds?
En nog ruimer, op wereldschaal gezien: waartoe kan het huidige onaantastbaar gewaande conflictmodel leiden dan tot sociale afbraak, verspilling van grondstoffen en energie, en tot geregeld een militair conflict in een voor ons marginaal gebied? Alleen al dat 'marginale' begint steeds duidelijker centraal te liggen: een oorlog in het Midden-Oosten tast niet alleen onze economie aan, maar dringt zich in onze samenlevingen binnen in de vorm van een permanente dreiging met aanslagen.
Hoe gaan we de vluchtelingenstromen uit Afrika, Oost-Europa en verder afgelegen conflictgebieden buiten de deur kunnen houden als we ons blijven fixeren op het kortzichtige marktmechanisme dat niets anders is dan economisch darwinisme: het recht van de sterkste dat wij uitoefenen in de waan dat wij voor eeuwig en drie dagen de sterkste zullen blijven.
Een waangedachte inderdaad want nu al komen de Chinezen, de Indiërs en andere nieuwe 'economische tijgers'. En laten we ons geen illusies maken: de Chinezen evenaren ons weldra niet alleen in vindingrijkheid, zij overtroeven ons nu al inzake cynisme: zie hun neokolonialisme in Afrika.
Kortom, het conflictmodel voert ons als lemmingen naar de afgrond en de lemmingen klemmen zich vast aan hun beleggingsfonds, hun aandelenportefeuille die de moderne variant is van de amulet, van de heiligenscapulier waarop alle kogels zullen afketsen.
De idee van Coetzee is slechts een heropvissen van wat Feuerbach al onmiddellijk opmerkte na de lancering van Darwins meesterwerk: naast de zelfzuchtige 'struggle for life for the survival of the fittest' merk je in het dierenrijk voldoende voorbeelden van de overleving van de best georganiseerden, de meest coöperatieve: ook de mens is net zo goed een altruïstisch wezen als een egocentrisch.
Waar het uiteindelijk op aankomt is de keuze waartoe we ons laten dwingen of toe willen laten verleiden: de bestendiging van het conflict of de coöperatie?
Onze officieel geproclameerde ethische codes zijn duidelijk: zowel de christenlijke naastenliefde als de socialistische solidariteit als het humanistisch respect voor de mensenrechten laten maar één keuze over.
Er zijn dus andere machten, binnen en buiten ons, die aansturen op het tegenovergestelde: de eeuwige competitie waarvan het aantal eeuwen wel eens geteld zou kunnen zijn.
fleur du mal

je staat op het koertje
onder de roetige waslijn
jij draagt mijn zwarte jekker
en mijn sjaal daaronder
want ik had jou alles
laten uittrekken behalve
het witte van je wang en keel
die wollen sjaal
en leren jekker
je rookt en je lacht
je hoofd schuin
alsof je luistert
naar de vogels van de stad
de schijtduiven van Gent
iets waaraan ik al jaren leerde wenen
het kreunen van een trein
die afremt bij een Dampoort
een woord met tandpijn
de witte verf bladdert van de natte baksteen
gelijk een spie in je rug loopt de goot
verstopt door afgevallen bladeren
(de tuin van de buren is een weelderig park)
lig ik tussen dit pulp
van brons en rood koper
je tipt je sigaret af
een schroeiplek warmte
sist een roep om hulp
met die foto op mijn schoot
in een hoek bij een haard
voel ik de bladeren de rode wijn
gemorst door mijn oude handen
Merckx en Stuttgart
Ahmadinejad in New York
Allicht heeft iedereen de beelden gezien van de ontvangst die de Iraanse president te beurt viel in New York. Bij ons wordt wel eens de term 'bevriend staatshoofd ' gebruikt en dat is Ahma etcetera duidelijk niet in het vaderland van vrijheid en democratie.
Kan men zich inbeelden dat een Saudische prins op een gelijkaardige agressieve toon wordt onthaald?
Nochtans: de meerderheid van de terroristen van 9/11 waren Saudi's (geen enkele Iraniër), deze bondgenoot van de VS gunt de vrouwen nog minder vrijheid als Iran en past de sharia toe.
Maar Saudi-Arabië is een betrouwbare leverancier van petroleum en even trouwe afnemer van Amerikaans oorlogstuig en investeert in toenemende mate in de Amerikaanse economie.
Commentatoren merken op dat Ahmaatje de beledigingen over zich heen liet gaan omdat de beelden geschikt zijn voor 'binnenlands gebruik' dus voor zijn persoonlijke propaganda. Dat zal wel: als de Iraanse bevolking moest overtuigd worden dat de VS de bloedvijand is van hun regering dan zijn de beelden ongetwijfeld zeer efficiënt.
Maar wat gezegd over 'het binnenlands gebruik' door de Amerikaanse propagandamachine?
'The Evil has landed' kopte een krant, een bevestiging van Bush' axioma over 'the axis of evil'.
Kortom, de Amerikaanse bevolking wordt klaargestoomd voor een volgende oorlog.
Die uiteraard zal worden gevoerd om 'vrede en veiligheid' te brengen in het Midden-Oosten.
De vrede en de veiligheid van het massagraf.
Wat mij met verstomming slaat is de gretigheid waarmee onze eigen media meegaan in deze Amerikaanse hypocrisie. Niet dat over de Iraanse dictators leugens worden verteld, wel dat het alleen over Iran gaat en niet over de beschaafde vrienden van Washington en Washington zelf.
En steeds stuit je op dat eenzijdige en propagandistische gebruik van de term 'terrorist' of 'terroristische organisatie'. Men blijft dus weigeren over staatsterrorisme te spreken: een officieel leger mag zich de goorste schendingen van de mensenrechten permitteren, dan nog hanteert men termen als 'vergelding', 'ontruiming' of tegenaanval.
Tel, voor zover wij de cijfers te zien krijgen, het aantal slachtoffers: vergelijk die van Hamas, Hezbollah en Iran met die van Israël, de VS, en de criminele chaos die de 'coalition of the willing' in Irak heeft gecreëerd. Naar welke kant helt de balans over?
Worden wij geïnformeerd of gebrainwashed?
James Bond
Noot:
Men kan opwerpen dat ik maar op dezelfde spijker blijf hameren, maar ik vrees wel degelijk voor een verder afglijden naar een volgend zwaar militair conflict. De propaganda draait op volle toeren om de bevolking in de USA en ook bij ons in Europa hierop voor te bereiden.
De prijs zal geen raketaanval op Brussel of Antwerpen zijn, maar een prijs zullen we betalen - al was het maar in de vorm van een buitensporige stijging van de olieprijzen en een toegenomen onveiligheid bij reizen, in onze grootsteden.
Mijn punt is dat onze belangen zogezegd worden verdedigd door charlatans: de kliek rond Bush, hun handlangers in de rest van de wereld.
Intussendringende Chinezen steeds dieper door in Afrika, worden we binnenkort economisch voorbijgestoken door India en andere 'economische tijgers' en staren we ons blind op BHV.
Soms vangen we een glimp op van de waarheid: wanneer er ontslagen vallen bij een multinational bijvoorbeeld.
Maar onze rechtse pers maakt liever een wereldzaak van de splitsing van een kiesarrondissement: daar hangt de toekomst van onze kinderen en kleinkinderen inderdaad van af.
muskaatdruiven


muskaatdruiven
poeder op druiven: je proeft
de Grote Kermiswang
van moeder, haar perzikroze
terwijl vaders ogen zongen van
Hosanna in den Hoge
spoel deze druiven niet af:
ze voeren je in de serre
van peter naar de blauwe
de enige die vader in huis wou
in ruil voor een klus, een
verloren kaartspel, het oosters
aroom van peters sigaren, het
povere van vaders shag
vader verdiende onze hemel
op aarde van trossen waar
dwazere lezers maagden in zien
beloofd aan krijgers alsof
een krijger zo groot is als een gever
bepoederde druiven, een dons
dat aarzelt: meel, suiker of
het visioen van dijen wanneer
een late zon ze streelt
jaren werden stenen, meteoren
door glas, van peter bleef
een wassen beeld, een bult:
het monster in zijn buik
van moeder een klagend
geluid dat nadert over
het water en jij een rietpluim
dan, een iris paarse woorden
van vader een stem die niet
zegt of het mag en je doet het:
proeven van poeder, weg suizen
naar een serre in scherven

