Naar de inhoud

Zo gezien

Ons zegje over dit en dat
seniorennet.beseniorennet.be

Elk tracht naar voordeel (Abraham de Haen)

In onderstaand werkje wordt het voordeel bezongen als iets verhevens, als iets waar de wereld niet zonder draait. Er is in deze lofzang een stijgende lijn aanwezig - eerst gaat het om de krijgs-, zee-, land- en koopman, om specifieke beroepsgroepen, maar ook de deugd, de moed (Ysbeer!) en de plicht blijken het niet zonder voordeel te kunnen stellen. Nét als we ons door de dichter hebben laten overhalen komt hij met zijn laatste regel roet in het eten gooien. Zijn schamele "vijf gulden" maakt   dat we met een kritisch oog aankijken tegen al het vorige voordeel, dat  we met terugwerkende kracht in de majesteitelijke zelfver-loochening van koop- en krijgsman opnieuw de kruimel-dieverij en het geschraap zien. Gedichten van dit soort  -hooggestemde gedachtevlucht met banaal slot - duiken in de eerste helft van de 18e eeuw met grote regelmaat op. Het  zijn zonder uitzondering sonnetten (*).

 

ELK TRACHT NAAR VOORDEEL

(Abraham de Haen 1707-1748)

 

Een Krygsman tart den dood, om voordeel, in het veld;

Een Zeeman waagt zyn lyf, om voordeel, op de baaren;

Een Landman zal geen zweet, geen werk, om voordeel, spaaren!

Een Koopman zorgt en slaaft, en waagt, om voordeel, geld.

 

Een Arts wordt middernagts, om voordeel, opgescheld;

Om voordeel ondergaat een Reiziger gevaaren;

Om voordeel koopt en slyt een Winkelier zyn waaren;

Om voordeel wordt de deugd voor goud te koop gesteld.

 

Om voordeel ziet men stout den Ysbeer onder de oogen;

Het voordeel is het wit van wenschen en van poogen;

Het voordeel is by elk een allereerste pligt.

 

Ik zelf, ik schep vermaak om ook dien weg te kiezen,

En maak, om voordeel, dit erbarmelyk Gedicht,

Vermits ik anderszins vyf gulden zou verliezen.

 

(*) sonnet (Ital.: sonetto = liedje, Lat. sonare = klinken), in de 13e eeuw op Sicilië ontstane versvorm die met wisselende populariteit tot op de huidige dagen wordt beoefend. Het sonnet telt 14 regels en bestaat uit 2 delen: het eerste en langste deel bestaat uit beschrijving, het 2e uit commentaar of conclusie, bespiegeling of ook nog: tegenbetoog.

Hoe vind je dit bericht? 9 stemmen
Geschreven door Talimlake om 12:51 Reageer op dit bericht

Uit het vakantiedagboek van een Optimist (door Talimlake)

BerichtGeplaatst: Di 30 Aug 2005, 13:16    Onderwerp: Uit het vakantiedagboek van een Optimist Reageer met quote Bewerk/Verwijder dit bericht Verwijder dit bericht

Op verzoek van een bevriende chatter ook hier geplaatst
Uit het vakantiedagboek van een Optimist die overdrijft in adjectieven
6:07 u a.m. - Van onder ons laken met blauwe bloemetjes zie ik door het wijd-open raam in de verte aan de horizon hoe de roze-rode zoom van de reeds blauwe hemel rust op de toppen van de bergen rond ons Provencaals vakentiedorpje. Hoog boven dit onverwachte Zuiders ochtendplaatje hangt er nog één heldere ster... Ik dommel terug in.
6:45 u a.m. - De opkomende Rode Bol heeft nu het licht van die laatste ster gedoofd en tekent een hel wit vierkant op de witte muur naast de donkere notelarendeur van de ingebouwde kast waarin veel te veel onzuiderse kleren hangen. Ik bedenk dat we het eindelijk eens moeten afleren om bij het inpakken te vergeten dat we op vakantie in het Zuiden geen dassen, hemden met lange mouwen, broeken met vers gestreken pijpenplooien e.a. nodig hebben. Zoals we destijds onze kids met dat vingerspelletje aan het lachen kregen, probeer ik met opgestoken duim en gewrongen vingers een huilende wolf in het zonnevlak te schaduwen; eerst met mijn rechterhand, dan met links en daarna ook met beide. Mijn duim beweegt wel, maar de wolf huilt niet en hij heeft ook geen oren. Ook een arm schaap lukt niet. In ontspannen situaties verdraag ik geen mislukking en wil ik dus per se toch iets doen met dat schaduwspel. Gelukkig is Annemieke die het schouwspel van 6:07 u heeft gemist, ondertussen ook wakker gefriemeld en is Zij na enig lief aandringen bereid om een paar seconden in profiel te poseren. Alleen het hoofd mag erop. Ik zal de schaduwfoto :"Rising sun and shadowwoman in the early morning in a village near Avignon in July 2005" noemen. Ik hou van kort-gehouden, bondige alleszeggende titels. In de komende minuten zal de bewegende schim op de muur langzaam naar beneden rechts over de muurkast glijden om zich uiteindelijk tegen het hoofdeinde van onze sponde dood te lopen. Onderwijl ben ik echter al in het met witte ligstoelen en met een lavendelkleurige afrastering omzoomde zwemkom gedoken, en hebben de mediterrane vloertegels al een blauwe kleur van de kou op mijn door de eerste zonnedagen gebronste kaken geschilderd. In de waterspiegel poog ik te lezen dat mijn markt-waarde vanwege die brons zeker is toegenomen. Driemaal per etmaal zal weliswaar niemand mijn sportieve spartelingen gadeslaan, doch zulks zal in genendele de vreugde om de overwinning op mijzelf kunnen temperen. Ik haat zwemmen namelijk; meer nog om het aan- en uitkleden dan om het water zelf. De afkeer van het zwemgenot wordt even later evenwel volkomen weggereden door een korte maar autocarrosserie-bedreigende verkenningsrit door de onbekende zwiegelende straatjes van het oude Casto. Tegenliggers maken er voor mij een processie van Echternach van en met het stuur van een Duitse wagen in de hand is dat als zoeken naar een speld in een hooimijt, en er met een mooie dame uitkomen. Als ik negen kilometer later en zonder bluts of schram opnieuw door de hoge groene ijzeren antidievenpoort binnenrijd, klinkt door het raam van de badkamer het geluid van de douche als zarzuela-muziek in de oren: vrouwlief heeft het bedpand verlaten, en over minder dan een derde van een uur zal de geur van het spekpannetje op de tafel van het ruime terras zich uitnodigend mengen met het aroma van de Douwe Egberts Dessert. Aan de ontbijttafel ligt Conny Palmen links van mij en neem ik rechts met Annemieke de agenda door van een weerom veelbelovende vakantiedag . Het is 9:15 u a.m.


Avignon

Niet omdat de pauw schreeuwt in het park van Avignon
maar omdat ik aan u denk die, ver achter de Rhone,
denkt aan mijn zwerven en omdat ik nergens kan wonen
word ik weemoedig en zit ik te dromen
op de rots in het park boven de stad en de Rhone
die vloeit langs de wallen van Avignon.

Omdat de onophoudelijk-stilfluisterende fontein
in de grot achter mij van uw schoonheid verhaalt
ben de dromer ik weer die de verte instaart
van op de borstwering die een stad openbaart
die ligt, langs de stroom waar een bark op vaart,
als een kleurvol doch oud gobelijn.

En omdat het hermetisch-gesloten paleis
van de pausen, naast mij, is het trotse symbool
van mijn eenzame hart, wil ik verder op dool
- maar ik weet niet waarheen, want gij zijt de poort
die toegang verleent tot de stad die schoort
dit gesloten en witte paleis.

(J.L. De Belder, 1912 Lier)

_________________
Age si quid agis
Naar boven
Bekijk gebruikers profiel Stuur privé bericht  
'); //-->
 
Hoe vind je dit bericht? 29 stemmen
Geschreven door Talimlake om 11:21 Reageer op dit bericht

Fragment uit "In Memoriam" van Werumeus Buning

Een zekete Chris vroeg mij het gedicht (bundel)"In Memoriam" van Werumeus Buning. Nu dacht ik op Internet àlles te kunnen vinden, maar dat is erg tegengevallen. Ook in mijn poëzieboeken is dat gedicht niet opgenomen. Maar wij zoeken verder.
Hieronder toch een kort fragment.



In Memoriam


Mijn lief, ik ben de droefenis gaan beminnen, / omdat geen andere meer uw oogen had. / Het was een duister, roekeloos beminnen; / Ik heb niet meer van haar dan u gehad. // En droefenis was, als gij waart in mijn leven; / om uwe oogen heb ik haar bemind. / Was zij van u niet liefde's eenigst kind? / Zij was als gij, zij is niet lang gebleven. // En droefenis, mijn lief, ging henen om het smeken / dat zij van u zou laten wat nog was: / de zachtheid die in mij gebleven was /als een oud nest, waarom de takken breken. // En droefenis, mijn lief, heeft mij verlaten / want ik was nimmer gansch met haar alleen / ik ben gelijk een boom, zonder een blad gelaten / gij waart de schaduw, anders was er geen. // En droefenis, mijn lief, heeft al het oude / gebroken uit de takken van het hart /......

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Talimlake om 12:22 Reageer op dit bericht

Excuses

Goede zondagmorgen,

Eerder bij toeval ontdekte ik gisteren niet alleen dat er ook een "gastenboek" bestaat, maar -en dat was erger-, dat er ook vriendelijke mense iets in hebben geschreven of iets hebben gevraagd. Ik heb dus niemand van deze mensen geantwoor en dat vind ik zonde. Senioren die mij iets willen vragen, zal ik graag antwoorden indien Ze mij in een mailtje hun mailadres bezorgen. Ondertussen probeer ik alsnog een antwoordje te vinden op een paar vragen.
Nogmaals excuses en een leuke, ontspannen zondag.

Talimlake
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Talimlake om 10:42 Reageer op dit bericht

GELUK (Jan Van Amelsfoort)

De in 1923 in Boxtel in Nederland geboren en in Mei 1998 in Vught overleden Jan van Amelsfoort was een begenadigd kunstenaar in de edelmetalensmeedkunst, het familievak dat Ie van zijn vader had geleerd. Nadien zou hij nog meer kunde verwerven in de Academie voor Schone Kunsten in den Bosch en aan de Academie voor diezelfde Kunsten te Antwerpen onder baron Isodoor van Opsomer. Het verwerven -uiteraard mits nederige betaling- van een juweel van Jan van Amelsfoort was altijd een artistiek gebeuren, c.q. avontuur op zichzelf. Van bij de conceptie, de geboorte tot aan de naamgeving zat aan het juweel een vertelling vast van de Maker. Het omvangrijk oeuvre (sculpturen, chamotte en edelmetalen) van de Vughtse burger kreeg bekendheid door diverse tentoonstellingen in binnen- en buitenland. In een volgende faze van zijn leven ging onze man van deze week zich in sterke mate interesseren aan en bezighouden met het WOORD. De technisch prachtig uitgevoerde en inhoudelijk rijke gedichtenbundel die na zijn dood werd uitgegeven bevat een weelde aan korte verzen van mijmering en bespiegeling met als onder- en achtergrond een zeer bijzondere kijk op het leven, de mens, de natuur en de kleine dingen.

GELUK

Vandaag heb ik geluk gehad,
niet veel,
maar toch wel groot genoeg
om het, met beide handen,
vast te houden.
Heb het eens goed bekeken,
het was zo broos en breekbaar,
dat ik het maar voorzichtig
weer heb neergezet,
hopend dat het morgen
weer terug zal komen.
_________________
Hoe vind je dit bericht? 104 stemmen
Geschreven door Talimlake om 18:35 Reageer op dit bericht

Vlinder

Verdronken Vlinder

Zo te sterven
op het water met je vleugels van papier
zo maar drijven
na het vliegen in de wolken drijf je hier
met je kleuren die vervagen
zonder zoeken, zonder vragen
eindelijk voor altijd rusten
en de bloemen die je kuste
geuren die je hebt geweten
alles kan je nu vergeten
op het water wieg je heen en weer
zo te sterven
op water met de vleugels van papier.

Als een vlinder
die toch vliegen kan tot in de blauwe lucht
als een vlinder
altijd vrij en voor het leven op de vlucht
wil ik sterven op het water
maar dat is een zorg voor later
ik wil nu als vlinder vliegen
op de bloemen, blaren wiegen
maar zo hoog kan ik niet komen
dus ik vlieg maar in mijn dromen
altijd ben ik voor het leven op de vlucht
als een vlinder
die toch vliegen kan tot in de blauwe lucht.

Om te leven
dacht ik je zou een vlinder moeten zijn
om te vliegen
heel ver weg van alle leven, alle pijn
maar ik heb niet langer hinder
van jaloers zijn op een vlinder
als zelfs vlinders moeten sterven
laat ik niet mijn jeugd bederven
ik kan zonder vliegen leven
wat zal ik nog langer geven
om een vlinder die verdronken is in mei
om te leven
hoef ik echt geen vlinder meer te zijn.
Hoe vind je dit bericht? 101 stemmen
Geschreven door Talimlake om 18:25 Reageer op dit bericht

Voor haar alleen

VOOR HAAR ALLEEN

Dit is een lied voor haar alleen
wier held’re liefde mij bescheen
sinds het eerste tasten van mijn blik
tot aan haar bitteren stervenssnik
wier beeld sindsdien mijn leven kleurt
met licht en schaduw, beurt om beurt.

Want elk gevoel, elk beeld, elk ding
vervluchtigt tot herinnering
ik heb er vele, een bonte rij
die wisselt met het levenstij
maar nooit zolang dit hart mag slaan,
zal het beeld van haar in mij vergaan.

Noch van mijn jeugd, die zij geleid heeft
heeft met haar warme tederheid
zij was mijn toevlucht bij verdriet
zij leerde mij het eerste lied
en God, dat schoonste en wreedste woord,
heb ik van haar lippen het eerst gehoord.
Hoe vind je dit bericht? 112 stemmen
Geschreven door Talimlake om 18:26 Reageer op dit bericht

De arme en rijke dagen (R. Minne)

 

(Haikoe)

 

Ieder avond

laten mijn hondje en ik

elkaar even uit.

 

 

Het poëtisch aanbod van vandaag is van Minne, maar dat zegt voor de meesten van ons wellicht niet veel; er hebben zich tegen het einde van de 19e eeuw en tot in de jaren 1980 immers drie Minne’s verdienstelijk gemaakt op het artistieke vlak, nl. de Georges (1866-1941), den Richard (1891-1965) en ook de Joris (1897-1988). Slechts éne Minne heeft het met de pen gedaan; de twee anderen hadden wat robuuster materiaal nodig om hun ding te kunnen doen: Joris speelde een leidende rol in het artistieke leven in Antwerpen en is het best bekend als graficus. Georges is de man met de beitel en de "Fontein met vijf knielende jongelingen", een van zijn beste beelden bij het senaatsgebouw in Brussel, en ook erg bekend als tekenaar. Wie tegenwoordig een originele Minne in de leefkamer zou hebben hangen, mag zich gelukkig prijzen; en prijzen is hier zeker geen misplaatst woordgebruik. En ja, als het zo zit, blijft er nog enkel Richard over, en dat is hem. Met zijn "Van op de hoge brug" was hij trouwens in november 1988 een van de allereerste dichters in de toen pas gestarte wekelijkse literaire snoepjes die ik bijeen spaarde. Richard leerde eerst als landbouwer (1923-1930) alles over de boerenbuiten en stortte zich daarna op de journalistiek. Hij werd redacteur van de Gentse Vooruit en van het Nieuw Vlaams tijdschrift. Alhoewel hij slechts weinig produceerde, is Richard als dichter een van de markante figuren van zijn generatie. Na te hebben gedebuteerd met socialistische verzen en prozabijdragen in Gentse publicaties, ging hij in 1918 tot de hem eigen sceptische toonaard over. Hij maakte deel uit van de redactie van 't Fonteintje (1921–1924), waarin hij de sterkste persoonlijkheid was: de liefde tot het leven interpreteerde hij evenals zijn geestes-genoten op vaak speelse en ironische wijze, maar typisch is zijn non-conformistische houding, die hem baldadige en ruig populistische verzen vol dissonanten ingaf. Af en toe komt tussen ironie en barsheid een kwetsbaar gemoed tot uiting. Richard Minne maakte naam met zijn bundel In den Zoeten Inval.

 

 

De arme en de rijke dagen

 

De wereld is een fluit met zoveel duizend monden.

En elkeen blaast zijn lied. En 't maakt een droef geluid

waarin ik niets van eigen klank heb weergevonden.

En gij'? Misschien hebt ge ook getikt aan meenge ruit

en werdt ge als ik weer feestlijk wandelen gezonden.

 

Nochtans : ik heb gedroomd, gehoopt; en ik droeg boete.

'k Zag de Alpen, Vlaanderen en Straatsburg aan den Rijn.

Ik heb bemind. Ik sloeg den trommel in veel stoeten.

Ik pluisde in boeken die vol oude wijsheid ziin.

Ik heb gezocht, zo 't kan, met handen en met voeten.

 

En 't slot? Ik hield daaruit als onontvreemdbaar deel

den troost van 't eigen lied, wanneer ik stil gezeten,

des avonds, op den hogen berm een wijsje speel,

niet voor 't heelal en de eeuwigheid, maar slechts voor 't heden.

Dat maakt me een blijden dag te meer. En dat is veel.

 

(bron: De gouden poort, deel 6, 1971)

 

Hoe vind je dit bericht? 96 stemmen
Geschreven door Talimlake om 15:38 Reageer op dit bericht

Jante zag eens pruimen hangen. Hiëron. Van Alphen

Na het mooie “Voor een dag van morgen” is het vandaag weer tijd voor een echte klassieker uit de oude doos (niet ouder trouwens dan we bijna allemaal zelf zijn) die zeker niet mag ontbreken in ons aanbod.

In dit pareltje van Hiëronymus van Alphen wil de dichter ons op een gepassioneerde wijze diets maken dat iets niet fout, zeg maar "kwaad" is omdat het uitkomt of omdat anderen het weten of zien, en dat het uiteindelijk goed gezien is dat "eerlijkheid het langst duurt". De hoofdpersoon in onderhavig strak gebonden maar toch vertederend werk kan, maar wil niet en mag tenslotte wel. Vooral dat laatste grijpt rechtstreeks naar de keel: kunnen maar niet willen en dan toch mogen. Wie van Alphen is, vertellen we later nog eens een keertje.

 

De Pruimeboom (nu: pruimeNboom)

 

Jantje zag eens pruimen hangen,

O ! als eieren zo groot.

't Scheen, dat Jantje wou gaan plukken,

Schoon zijn vader 't hem verbood.

 

Hier is, zei hij, noch mijn vader,

Noch de tuinman, die het ziet:

Aan een boom, zo vol geladen,

Mist men vijf, zes pruimen niet.

 

Maar ik wil gehoorzaam wezen,

En niet plukken: ik loop heen.

Zou ik om een handvol pruimen,

Ongehoorzaam wezen ? Neen.

 

Voort ging Jantje: maar zijn vader,

Die hem stil beluisterd had,

Kwam hem in het lopen tegen,

Voor aan op het middelpad.

Kom mijn Jantje ! zei de vader,

Kom mijn kleine pruimendief !

Nu zal ik u pruimen plukken;

Nu heeft vader Jantje lief.

Daarop ging Papa aan 't schudden

Jantje raapte schielijk op;

Jantje kreeg zijn hoed vol pruimen,

En liep heen op een galop.

Hoe vind je dit bericht? 21 stemmen
Geschreven door Talimlake om 12:39 2 reacties Reageer op dit bericht

VOOR EEN DAG VAN MORGEN (Hans Andreus)

Het gedicht "Voor een dag van morgen"  werd bij de Poëziedag 2001 door bijna 1/3 van de 2.576 Vlamingen uitverkozen als hun geprefereerd gedicht. De Amsterdamse dichter en prozaïst Hans Andreus is dus de auteur van Vlaanderens favoriete gedicht (1e in de top-100). Eigenlijk heette de man Johan Willem van der Zant, en hij was pas 51 toen hij in juni 1977 in Putten overleed. Liefde en dood, de verbinding ervan, met soms overheersende schuldgevoelens en angsten, zijn steeds terugkerende thema's. Ook de kinderboeken van Hans genoten veel bijval. Van zichzelf zei Andreus in 1963: "Ik ben romantisch en zeer praktisch. Ik ben nuchter, logisch, zakelijk en impulsief. Ik zit zeer ingewikkeld in elkaar. Misschien is dat een voorwaarde tot schrijven".

 

 

Voor een dag van morgen

 

Wanneer ik morgen doodga,

vertel dan aan de bomen,

hoeveel ik van je hield.

Vertel het aan de wind,

die in de bomen klimt

of uit de takken valt,

hoeveel ik van je hield.

 

Vertel het aan een kind,

dat jong genoeg is om het te begrijpen.

Vertel het aan een dier,

misschien alleen door het aan te kijken.

Vertel het aan de huizen van steen,

vertel het aan de stad,

hoe lief ik je had.

 

Maar zeg het aan geen mens.

Ze zouden je niet geloven.

Ze zouden niet willen geloven dat

alleen maar een man, alleen maar een vrouw,

dat een mens een mens zo lief had

als ik jou.

Hoe vind je dit bericht? 133 stemmen
Geschreven door Talimlake om 22:12 Reageer op dit bericht

Meer van Zo gezien

↑ Terug naar de berichten