
Was het de reactie na de oorlogdat de mensen de geleden ellende wilden vergeten;maar er waren er veel die dit liedje zongen.
De Rantsoeneringsmiserie.
Kom mensen over peins é keer de oorlog van 40 were en luisterd ingetogen naar de rantionerings misere.
Zegel 1 was koekebrood met veel veugelwijn gebakken want als je daar een beet in deed
je valse tanden bleven plakke .
Zegel 2 Gebrandde gerst mosten we koffie heten,maar als je dronk je smaakte best,
't was juiste sop van vorte beten.
Voor zegel 3 en 4 was er vet boter of magere triene en hem er niet veel het elk kreeg zijn parten 'tzijne.
Zegel 5 Gebrande gerst sapriestie was nie alles voor koffie wijven,ze kregen er nog krotte bij,chicorei voor tembers 5.
Voor 6 was er tirlemont,kristaliséé of cassonade,maan nie genoeg met ons ration me leefden maar op gods genade.
Voor 7en 8 waaren we bros tenzij op grote dagen,kwamen er havervlokken los ;
maar meer moesten we niet vragen.
nr.9 was voor kaas om op je boterham te smeren,we gebruikten't ooken 't was niet dwaas
om ons in tijd van nood te scheren.
Voor vlees och god een koontje groot was de nummer 10 lag je ration daar bloot ten was haast nie teziene.
De volle melk droeg nummer 11,'t was melk met water,de melkboer deed doperswerk
en schilderde ons een pater.
Voor 12 kochten wij ons ration confiture lek me lippe maar als je smeerde sakernon 't was lijk slijk uit de grippe.
De 20 waren patattenbons voor muizen en blauwe neuzen,'t waren lijk marbels sakkernon maar we hadden geen andere keuze.
Je ziet dat rationnement bestaan dat was nog haar nog pluime het maakte rap van elk persoon een haring in kostume.