Naar de inhoud

toen

akke.beakke.be

Archief

vandaag jaren terug 08 aug 1937 louis neefs

8 aug 1937 Ludwig Adèle Maria Jozef (Louis) Neefs (Gierle, 8 augustus 1937 – Lier, 25 december 1980) was een Belgische zanger en een voorvechter van het Vlaamse lied en de Vlaamse kleinkunst. Neefs' voeling voor sterke nummers en kwaliteit, en zijn karakteristieke diepe, warme stem maakten hem tot een van de bekendste Vlaamse zangers ooit. Zijn bekendste liedjes zijn Mijn vriend Benjamin, Margrietje, (Oh oh) Ik heb zorgen, Aan het strand van Oostende, Jennifer Jennings, Martine, Laat ons een bloem en Annelies uit Sas van Gent.
Neefs heeft een groot deel van zijn kindertijd doorgebracht in de lagere school te Gierle, waar hij zelfs les kreeg van zijn eigen vader. In het middelbaar onderwijs heeft hij verschillende scholen doorlopen, waaronder de Jezuïetenschool in Turnhout, het Sint-Romboutscollege in Mechelen en de Technische Scholen Mechelen en ten slotte het Technisch Instituut van Borgerhout. Zijn betrachting was technisch tekenaar te worden met als specialiteit bruggenbouw. Tijdens zijn collegetijd kwam zijn zangtalent aan het licht en zijn eerste muzikale vorming kreeg hij in het collegekoortje. Tijdens zijn studies aan de Technische School leerde Neefs gitaarspelen. Tijdens zijn studententijd waren zang en muziek slechts een hobby naast het voetbal. Neefs begeleidde zichzelf op de gitaar bij het zingen van liedjes onder het pseudoniem Ludwig Künner, van Jo Erens en Frits Rademacher. Neefs trad aanvankelijk op voor familie en kennissen en werd uiteindelijk zanger in het groepje Sun Spot (Einde van de jaren 1950). Via optredens en talentenjachten kreeg hij een platencontract aangeboden Door toedoen van talentscout Marieke Wuyts[1], alias Ke Riema, kwam Louis Neefs in contact met Jacques Kluger en Bobbejaan Schoepen. Zij zorgden ervoor dat Neefs onder de aandacht kwam van de platenmaatschappijen, wat liedjes als Anita my love, Margrietje en Ein kleines Kompliment opleverde. De eerste hit kwam in 1960: Ein kleines Kompliment. Deze single betekende de doorbraak in zijn carrière en er volgden vele singles en langspeelplaten. Veel van zijn hits zoals Mijn vriend Benjamin, Annelies uit Sas van Gent, Aan het strand van Oostende, Zondagmiddag Lilian en Laat ons een bloem waren Nederlandstalig en vaak door Phil van Cauwenbergh geschreven bewerkingen van zorgvuldig gekozen Amerikaanse songs. Neefs nam platen op in verschillende talen, maar uiteindelijk had hij toch het meest verkoopsucces in Vlaanderen en Nederland. Een van zijn grootste hits Margrietje, geproduceerd door Peter Koelewijn, belandde in Nederland in de top 10. In 1959 stond Neefs in de Belgische ploeg tijdens de Europabeker te Knokke. In 1965 won hij met Wat een leven de eerste plaats op het Vlaams Schlagerfestival. Neefs nam deel aan vele liedwedstrijden, ook internationaal en met succes. Zo nam hij in 1968 in Athene ook deel aan de internationale "Olympiade van het lichte lied", en behaalde hij een glansrijke overwinning met het liedje Iris. Hij vertegenwoordigde België tweemaal op het Eurovisiesongfestival, in 1967 te Wenen met Oh oh ik heb zorgen en in 1969 te Madrid met Jennifer Jennings. Beide keren eindigde hij als zevende. In 1970 kaapte hij de hoofdprijs weg met De Duivels van Loudun op het liedjesfestival "Costa del Sol" in Almeria, Spanje. Hij nam ook deel aan wedstrijden tot in Zuid-Amerika en Joegoslavië toe. Naast zanger was Neefs presentator bij de BRT en was hij, samen met Rocco Granata, impresario voor diverse artiesten. In Vlaanderen was Neefs presentator van televisieprogramma's als Binnen en Buiten en Tienerklanken. Hij verleende zijn stem aan de Nederlandse versie van de Disney- film De Aristokatten. Louis Neefs was sociaal geëngageerd. Behalve gevoelig voor het opkomende milieu-thema (zie het lied Laat ons een bloem uit 1970), streed de zanger tijdens zijn carrière ook voor een betere behandeling van het Vlaamse lied. Hij vond dat de nationale zenders 20 tot 25% Nederlandstalig werk
moesten draaien en pleitte voor een beter sociaal statuut voor artiesten. Hierdoor kwam hij in conflict met de toenmalige BRT-radioproducers Jan Schoukens en Jan Van Rompaey. Daarnaast was Neefs politiek actief, als CVP-gemeenteraadslid in Mechelen. Neefs en zijn vrouw Liliane kwamen, beiden op 43-jarige leeftijd, op kerstdag 1980 om het leven bij een verkeersongeval in Lier, waarbij hun toen 15-jarige zoon Güntherzwaargewond raakte. Hun andere zoon Ludwig was op dat moment op skivakantie. Günther werd later naar zijn vaders evenbeeld een bekend zange In 1982 werd er een huldeprogramma uitgezonden Nooit zonder jou, met interviews over Neefs aangevuld met archiefbeelden. Op 19 december 2000 vond in het Antwerpse Sportpaleis, in navolging van de gelijknamige cd, het groots opgezette concert 'Louis Neefs -ann 20 jaar later' plaats.[2] Het eerbetoon lokte twaalfduizend toeschouwers en werd georganiseerd door Louis' zus Connie Neefs en zijn zoon Günther. Artiesten zoals Paul Michiels, Toots Thielemans, René Froger, Bart Peeters, Raymond van't Groenewoud en Stef Bos brachten hun eigen interpretatie van de oude hits van Neefs.[3] Laat ons een bloem van Neefs werd op 2 juni 2006 verkozen tot het mooiste Nederlandstalige lied in het programma Zo is er maar één op de Vlaamse zender één. Het nummer werd toen uitgevoerd door de op dat ogenblik nog relatief onbekende band Yevgueni. Neefs' nummer "Wat Een Leven (Als Ik Ooit Eens 5 Minuten Tijd Heb)" werd in 1965 gebruikt in het televisieprogramma "Echo" op beelden van een groep wegwerkers die uitgebreid hun tijd nemen om een weg aan te leggen. Dit filmpje is een klassieker geworden en wordt nog regelmatig herhaald. In 2005 eindigde Neefs op nr. 323 in de Vlaamse versie van De Grootste Belg, buiten de officiële nominatielijst. Op 5 augustus 2007 werd in Gierle, zijn geboortedorp, een borstbeeld onthuld. Op 8 augustus 2007 zou Neefs zeventig geworden zijn. In 2010 werd zijn nummer Jennifer Jennings opgenomen in de eregalerij van de Vlaamse klassiekers van Radio 2. Op 19 september 2010 zongen Helmut Lotti en Stef Kamil Carlens het lied Laat ons een bloem als een protestsong op de trappen van het Antwerpse gerechtshof om aandacht te vestigen op de negatieve gevolgen van de bouw van de Oosterweelverbinding en de verbreding van de R1 voor de stadsontwikkeling van Antwerpen. In 2012 werd er een aflevering van Belpop aan Louis Neefs gewijd. In april 2013 werd de Golden Lifetime Award Postuum van de gemeente Aarschot aan hem opgedragen en overhandigd aan zijn zus Connie Neefs. 1958: Het Peloton 1960: Ein kleines Kompliment (met onder meer Mijn dorpje in de Kempen) 1961: Tango Für Einsame Herzen 1962: Louis Neefs (met onder meer Wat een leven, Ik lees in je ogen, Sixteen tons en Een gitaar in de nacht) 1963: Liedjes voor kleine en grote mensen (met onder meer De poppenstoet en Ik zag twee beren) 1969: Eurovision (waarop ondanks de titel niet zijn twee Eurovisie-inzendingen staan) 1971: Het beste van Louis Neefs (met onder meer Laat ons een bloem, Jennifer Jennings en Mijn vriend Benjamin) 1971: Hallo met Louis Neefs (verzamelalbum) 197?: Tijl, ulieden spieghel 1976: Mijn dorp in de Kempen (met onder meer Mijn dorp in de Kempen en Hé lieve mensen) 1980: Nooit zonder jou (met onder meer Martine, Annelies uit Sas van Gent en Aan het strand van Oostende) 1982: Louis (verzamelplaat) 1982: 38 Gouden successen (verzamelalbum) 1990: Een carrière (verzamelalbum) 2000: 20 jaar later
2010: Goud van hier



2168163-c8f8af6cf544c4bc0971b3fab685b27c.JPG

2168163-69509f0852e6cee54db11a32be31c551.JPG
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rami om 09:15 Reageer op dit bericht

vandaag jaren terug 08 aug 1937 dustin hoffman

8 aug 1937 Dustin Lee Hoffman (Los Angeles (Californië), 8 augustus 1937) is een Amerikaanse filmacteur. Hij is tweevoudig Oscarwinnaar. Het was zijn ambitie om concertpianist te worden, reden om na zijn middelbareschooltijd te gaan studeren aan het Los Angeles Conservatory of Music, maar hij haakte vroegtijdig af. Vervolgens studeerde hij een jaar aan het Santa Monica City College, maar ook daar stopte hij vanwege weinig bemoedigende resultaten. Dat jaar echter volgde hij een acteercursus, omdat hem was verteld dat "niemand acteren kan verprutsen". Hij speelde twee jaar in het Pasadena Playhouse met collegaacteur Gene Hackman, die ook een tijdje zijn kamergenoot was. Vervolgens verhuisde hij naar New York, waar hij een periode van 12 ambachten en 13 ongelukken had, inclusief een incidentele rol in een televisieprogramma. Om in zijn levensonderhoud te voorzien was hij een poosje leraar. In 1961 kreeg hij een rol in een Broadway-productie. Daarna verliet hij het acteren weer een poosje, studeerde samen met Lee Strasberg en werd een overtuigd method actor. In 1967 maakt hij zijn filmdebuut in The Tiger Makes Out. In datzelfde jaar vestigde hij zijn naam met The Graduate, waarin hij een afstuderende student speelde, hoewel hij bijna 30 jaar was. Voor zijn rol in The Graduate ontving hij een nominatie voor de Academy Award. Ook kreeg hij een Oscarnominatie voor zijn rol in Midnight Cowboy (1969). Hoffman staat in de filmwereld bekend als perfectionist. Dit levert hem bij tijd en wijle conflicten op met regisseurs en andere acteurs, maar ook beloningen zoals de Academy Award voor zijn rollen in de films Kramer vs. Kramer (1979) en Rain Man(1988). In 1983 keerde Hoffman terug naar Broadway, in de rol van Willy Loman in Death of a Salesman. Hoffman heeft zijn eigen productiemaatschappij, Punch Productions, waarmee hij films heeft geproduceerd met hemzelf in de hoofdrol, zoals Tootsie (1982), Hero (1992), en Wag the Dog (1997). Hoffman heeft twee kinderen uit zijn eerste huwelijk met Anne Byrne (huwelijk van 1969 tot 1980) en vier uit zijn huidige huwelijk met Lisa Gottsegen (getrouwd in 1980).



2168161-3d1f009c391e7b30e18ec826c929ee19.JPG

2168161-15b82071e22a137b4e60f84526c2577b.JPG
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rami om 09:12 Reageer op dit bericht

vandaag jaren terug 07 aug 1957 oliver hardy

7 aug 1957 Oliver Hardy, echte naam Norvell Hardy (Harlem, Georgia, 18 januari 1892 – Hollywood, 7 augustus 1957), was een Amerikaansfilmacteur. Hij is in het bijzonder bekend geworden als de 'dikke' helft van het komische duo Laurel en Hardy. Tussen 1914 en 1951 maakte hij furore in meer dan 400 films. Bekende titels zijn The Flying Deuces, Tit for Tat, Big Business, “Perfect Day” en The Bohemian Girl. Hardys vader, Oliver, was een oorlogsveteraan die gewond was geraakt bij de Slag bij Antietam. Zijn familie was in 1891 naar Madison verhuisd. Norvell Hardy werd vermoedelijk geboren in Harlem, maar sommige bronnen spreken van Covington. Zijn vader stierf minder dan een jaar na zijn geboorte. Hardy was de jongste van vijf kinderen. Hij was als kind soms erg lastig. Zo werd hij naar de militaire academie van Milledgeville gestuurd. Op zijn 13e ging hij naar het Young Harris College in NoordGeorgia. Hij had echter maar weinig belangstelling voor zijn studie. Wel kreeg hij al op jonge leeftijd interesse in muziek en theater. Hij sloot zich aan bij een theatergroep en liep zelfs weg van een kostschool bij Atlanta om met dit gezelschap mee te kunnen gaan. Hij studeerde muziek en stemtraining bij Adolf Dahm Patterson. Ergens voor 1910 nam Hardy reeds de naam "Oliver Norvell Hardy" aan, waarbij “Oliver” bedoeld was als eerbetoon aan zijn vader. Hardy’s moeder wilde dat hij rechten zou gaan studeren aan de Universiteit van Georgia, maar het is niet bekend of Hardy dit ook gedaan heeft.
In 1910 werd er een bioscoop geopend in Hardy’s thuisstad Milledgeville. Hardy kreeg hier werk als projectionist, kaartverkoper, conciërge en manager. Zo raakte hij betrokken bij de filmindustrie, en hij was ervan overtuigd dat hij beter werk kon afleveren dan de acteurs die hij in de films zag. Een vriend gaf hem de tip om naar Jacksonville in Florida te gaan, omdat daar films werden opgenomen. In 1913 volgde Hardy dit advies op. Hij verdiende in deze periode de kost als zanger en cabaretier in vaudevilletheaters. Hij ontmoette in deze tijd ook zijn eerste vrouw, de pianiste Madelyn Saloshin. In 1914 maakte Hardy zijn eerste film: Outwitting Dad van Lubin. Hij werd op de aftiteling vermeld als O. N. Hardy. In zijn persoonlijke leven kreeg hij de bijnaam “Babe” Hardy, een naam bedacht door een Italiaanse kapper. Hardy’s grote omvang beperkte echter wel het aantal rollen dat hij kon spelen. Hij werd vaak gecast als de zwaarlijvige schurk. Rond 1915 had Hardy reeds 50 korte films gemaakt voor Lubin. Hij verhuisde naar New York om te gaan werken voor Pathé, Casino en Edison Studios. Hij keerde nadien terug naar Jacksonville om te gaan werken voor de Vim Comedy Company. Deze studio sloot toen Hardy ontdekte dat de eigenaren geld stalen van het personeel.[1] In de jaren erop werkte Hardy samen met Charlie Chaplinimitator Billy West en Ethel Burton Palmer. In 1917 verhuisde Hardy naar Los Angeles om te gaan werken als freelance acteur. Tussen 1918 en 1921 maakte Hardy meer dan 40 films voor Vitagraph. In 1921 was hij voor het eerst samen te zien met zijn latere partner Stan Laurel in The Lucky Dog. In 1919 scheidde hij van zijn vrouw. Op 24 november 1921 trouwde hij met actrice Myrtle Reeves. In 1924 kwam Hardy te werken voor Hal Roach, waar hij onder meer optrad in de Our Gang-films en Charley Chase. In 1925 speelde hij de tinnen man in de Wizard of Oz. In 1926 zou Hardy optreden in Get ’Em Young, maar hij belandde onverwacht in het ziekenhuis na zich te hebben verbrand aan een hete lamsbout. Laurel nam daarom de rol van hem over.[2
In 1926 (zij het pas echt in 1927) begon zijn samenwerking met Stan Laurel bij Hal Roach. Al snel werden zij bekend als komisch duo en speelden zij samen in veel stomme films. Later speelden zij ook, aanvankelijk met tegenzin, in gesproken films.
Hardy en Laurel bleven een duo tot aan Hardy’s dood. Officieel had Hardy een hekel aan zijn omvangrijke postuur, maar de studio drong erop aan dat hij niet op dieet zou gaan om zo het contrast tussen hem en de magere Laurel te behouden. In 1937 scheidde hij van Reeves. In 1940 trouwde hij met Virginia Lucille Jones. In 1949 trad Hardy nog eenmaal zonder Laurel op in een film, te weten The Fighting Kentuckian.
De laatste jaren van zijn leven ging Hardy’s gezondheid snel achteruit. In 1954 kreeg hij een lichte hartaanval, in 1955 gevolgd door een beroerte. Daar herstelde hij nooit geheel van. In 1956 ging hij meer aandacht aan zijn gezondheid besteden. Hij ging op dieet, wat zijn uiterlijk drastisch veranderde. Uit brieven tussen Hardy en Laurel blijkt echter dat Hardy mogelijk aan een vorm van terminale kanker leed, wat de oorzaak zou zijn van zijn plotselinge gewichtsverlies. In september 1956 kreeg Hardy opnieuw een beroerte waardoor hij maanden te bed moest blijven en niet meer kon praten. Begin augustus 1957 volgden nog twee beroertes, waardoor hij in een coma belandde waaruit hij niet meer zou ontwaken. Hij overleed in 1957 op 65-jarige leeftijd.[3] Oliver Hardy ligt begraven op het Valhalla Memorial Park Cemetery in Noord-Hollywood.



2167920-10a8a3d664ddc87aaf9f13d812e2187a.JPG

2167920-9f96d1e0d4beff444dd4d0dd3ae170c2.JPG
Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door rami om 09:00 Reageer op dit bericht

vandaag jaren terug 07 aug 1876 mata hari

7 aug 1876 Mata Hari, pseudoniem van Margaretha Geertruida (Griet) Zelle (Leeuwarden, 7 augustus 1876 - Vincennes, 15 oktober 1917), was een Nederlandse exotische danseres. Ze werd door de Fransen schuldig bevonden aan spionage en gefusilleerd. Margaretha Zelle werd geboren aan de Kelders in Leeuwarden als dochter van Adam Zelle (18401910), een winkelier in hoeden, en Antje van der Meulen (1842-1891).[1] Tot haar 13e kreeg ze Franse, Duitse en Engelse privélessen. In de periode 1883-1889 woonde ze in de Grote Kerkstraat. Haar vader ging in 1889 echter failliet, en kort daarna scheidden haar ouders van tafel en bed.[2] Twee jaar later verloor ze haar moeder, waarna Margaretha op 15-jarige leeftijd bij haar peetoom in Sneek moest gaan wonen.[3] Haar vader hertrouwde in Amsterdam op 9 februari 1893 met Susanna Catharina ten Hoove. Zelle kwam na de scheiding in Leiden terecht. Daarna woonde ze bij een oom in Den Haag. Ze volgde in Leiden een opleiding tot kleuterleidster, maar toen de directeur avances begon te maken, werd ze door haar oom van de opleiding gehaald.[2] [4] Zij was de tante van de dominee Johannes Hendrikus Zelle. Op haar 18e reageerde Zelle op een contactadvertentie [5] in de krant van de KNIL-kapitein Rudolph MacLeod. Zelle had, naar eigen zeggen, van jongs af aan al een voorliefde voor mannen in uniform gehad en mannen die niet tot het leger behoorden hadden haar nooit geïnteresseerd. Letterlijk zei ze: “de officier is in mijn ogen een hoger wezen, een held, steeds bereid tot het trotseren van allerlei gevaren en tot het beleven van avonturen.”[6] MacLeod was een lid van de Nederlandse tak van de Schotse familie MacLeod, waarvan de stamreeks in Nederland begint met Norman MacLeod (circa 1690-1739). Hij was op 1 maart 1856 geboren te Heukelum, als zoon van kapitein John Brienen MacLeod en Dina Louise barones Sweerts de Landas. Ze trouwde met hem op 11 juli 1895 in Amsterdam; MacLeod was twintig jaar ouder[7] en werd in de latere beeldvorming vaak voorgesteld als een dronkaard en een halve gek (in Het liefdesleven van Mata Hari en haar dood, 1925, door E. Gamez Carillo); ook daarna werd hij voorgesteld als een bruut die het leven van zijn echtgenote tot een hel had gemaakt. Met name Pat Shipman, in Femme Fatale, love, life and the unknown lies of Mata Hari (2007) gaf hem expliciet weer als een jaloerse, drankzuchtige en financieel weinig daadkrachtige lomperik. De vader van Zelle zelf had echter eerder, in 1906, met zijn boek Mata Hari. Mevrouw M.G. MacLeod Zelle, de levensgeschiedenis van mijn dochter en mijn grieven tegen haar vroegere echtgenoot de basis voor al deze negativiteit ten aanzien van MacLeod gelegd. Dit boek was min of meer uit financiële overwegingen geschreven en een regelrechte haatcampagne tegen MacLeod, die in het boek door de modder gesleurd werd.[6] Dit huwelijk was in twee opzichten zeer belangrijk voor Zelle - het bracht haar in de Haagse 'betere standen' en ze verwierf meteen een financiële stabiliteit. In 1897 vertrok het gezin MacLeod naar Nederlands-Indië. Inmiddels was hun zoon Norman-John MacLeod geboren. In 1898 werd te Malang (Java, Indonesië) hun dochter Louise Jeanne MacLeod geboren.[8] Zelle trok tijdelijk in bij de familie Van Rheede, een ander Nederlands officiersgezin. Maandenlang bestudeerde ze de Indische tradities en cultuur. Ze werd ook lid van een lokale dansgroep. In 1897 gebruikte ze voor het eerst de artiestennaam 'Mata Hari', Maleis voor Oog van de dageraad ofwel zon. In 1899 overleed hun zoon Norman-John, waarschijnlijk door vergiftiging. Wegens toenemende huwelijksproblemen besloot het echtpaar MacLeod in 1902 naar Nederland terug te keren. Nog datzelfde jaar volgde een scheiding van tafel en bed. De echtscheiding werd voltrokken in Rheden op 10 juni 1907 In 1902 vertrok Zelle naar Parijs, waar ze een tijdje als amazone optrad in een circus onder de naam Lady MacLeod en waar ze de kost verdiende als schildersmodel. Begin 1905 begon ze met het opvoeren van de exotische dansen waarmee ze uiteindelijk beroemd zou worden. Ze nam nu permanent de naam Mata Hari aan. Ze debuteerde op 13 maart 1905 met haar act in Musée Guimet [9] en haar optredens werden meteen een succes. Die voorstellingen hielden in dat Mata Hari danste, begeleid door gamelanmuziek, en zich vervolgens van het ene na het andere kledingstuk ontdeed; voor een ogenblik zag men haar dan ronddraaien, slechts bedekt door de zware gouden munten van haar collier. Vervolgens zonk zij ineen aan de voeten van een gouden boeddha en wierpen haar dienaressen een grote zwarte sluier over haar heen.[10] De dans werd in 1906 beschreven als: “haar naaktheid is bewonderenswaardig en kuis, omdat hij schoon is. De volmaaktheid der vormen schenkt hoog kunstgenot aan hen die het voorrecht hebben deze dansen te aanschouwen en geen enkel idee dat niet zuiver-esthetisch was, kwam daarbij bij hen op.”[11]
Een ooggetuige schreef hierover: “Ik heb haar gezien, jaren geleden, in haar bloeitijd, als je het zo mag noemen. Zij was toen een verblindend mooie vrouw en zij maakte een parodie van de karaktervolle Indische dans, maar dat merkten de Fransen niet eens. Zij was een rijpe vrouw, mooi, van een wellustige zinnenbedwelmende schoonheid.”[12] Mata Hari verscheen op kunstenaarsfeesten te Montmartre en in voorname salons van de internationale wijk (tussen de Champs-Élysées, de Arc de Triomphe en de Bois de Boulogne), waarbij zij met een zwaar accent sprak en vaak de conversatie begon met de zin: “In mijn jeugd, toen ik voor de radja's danste, aan de oevers van de Ganges...” Zij werd beschreven als: slank, groot en weelderig van vormen, met een klassiek profiel en met te grote zwarte ogen, haar huid van een lichte goudachtige bronskleur.[13] Nadat de Gil Blas een lovende beschrijving van haar danskunst had gegeven, begon Mata Hari spoedig daarna op te treden in de Ambassadeurs, een variététheater, en vervolgens in allerlei Parijse cafés; tussendoor gaf zij gastvoorstellingen in enkele steden in Europa en Amerika, waaronder optredens in Wenen, Monaco, Madrid en zelfs de Scala in Milaan. In 1915 trad zij in Nederland op bij een opvoering van de Franse opera op het Leidsche Plein in Amsterdam. In deze tijd hadden de geruchten over haar fabelachtige rijkdom, dat zij leefde in een kasteel dat eens aan Madame de Pompadour had toebehoord, en dat zij bij het uitbreken van de oorlog in Berlijn was geweest, waar zij in moeilijkheden zou zijn gekomen, het publiek in Amsterdam al bereikt. Mata Hari zou tijdens de voorstelling verschijnen in een oude Franse menuet met muziek van Couperin en trad op in een laat-achttiende-eeuwse japon. De dans stelde verschillende liefdesscènes voor, maar het publiek was enigszins teleurgesteld dat zij niet had opgetreden in de gewaden die men uit de verhalen uit Parijs kende.[14]
Over Mata Hari, de exotische danseres, deden talloze geruchten de ronde. Zo zou zij een financier, geparenteerd aan een politicus, die herhaaldelijk minister was geweest, als slachtoffer hebben gehad. Deze financier zou binnen enkele maanden voor Mata Hari zijn vrouw en kinderen tot armoede hebben gebracht en uiteindelijk malversaties hebben gepleegd, waarvoor hij tien jaar gevangenisstraf kreeg. Mata Hari stond aldus bekend als een vrouw die, om haar spilzucht de vrije teugel te kunnen laten, de rijken tot haar slachtoffers maakte en die geen scrupules kende om haar ijdelheid, haar honger naar weelde en al haar impulsen te bevredigen.[15]Geruchten deden de ronde dat zij een zeer kostbare renstal met paarden had bezeten en toen de Eerste Wereldoorlog uitbrak, deze stal verkocht had. Omdat zij niet zou hebben gewild dat haar lievelingsrenpaard in handen zou vallen van de vijand, zou zij het dier, Vischnu, met een gouden stilet in het hart gedood hebben.[13] De gedachte dat zij een spion zou zijn, was eerder al bij de Engelsen opgekomen. In mei 1916 vertrok Mata Hari met het schipZeelandia naar Spanje; zij had door bemiddeling van haar impresario in San Sebastian en ook elders een engagement aangenomen. Op reis van Vigo, waar zij aan boord gekomen was, naar Falmouth per Hollandia, van de Koninklijke Hollandsche Mail, werd zij te Falmouth gevisiteerd. Men gaf haar geen verlof om verder te reizen, maar bracht haar onder geleide naar de wal, waar zij en haar bagage aan een ernstig onderzoek werden onderworpen. Zelfs de panelen van haar hut werden losgemaakt. Mata Hari zelf zei dat een mannelijke begeleider, die zij gedurende de reis aan boord onaardig behandeld zou hebben, haar had aangegeven bij de douane.[16] Tijdens de Eerste Wereldoorlog bleef Nederland neutraal. Dit betekende voor Mata Hari dat ze, gezien haar Nederlandse nationaliteit, vrij over de grenzen mocht reizen. Op het moment van de oorlogsverklaring aan Frankrijk verbleef zij te Berlijn, waar zij in politieke, militaire en politiekringen verkeerde. Uiteindelijk ging ze naar Frankrijk via het Verenigd Koninkrijk en Spanje. Haar vele reizen trokken de aandacht, evenals het feit dat ze relaties had met veel hoge militairen. In een aantal interviews met de officieren van de British intelligence beweerde ze zelfs een geheim agente te zijn voor de Franse militaire geheime dienst. In januari 1917 zond de Duitse militaire attaché in Madrid een radiobericht naar Berlijn, waarin hij sprak van waardevolle informatie die hij zou hebben gekregen van een spion met de codenaam H-21, ofwel Mata Hari. Opvallend genoeg werd dit bericht verzonden in een code waarvan de Duitsers wisten dat de Fransen hem reeds hadden gebroken, en het bericht dus makkelijk konden onderscheppen. Dit is voor sommige hedendaagse historici een bewijs dat het bericht vals was, en alleen was bedoeld om de Fransen op het verkeerde been te zetten. Volgens de Franse justitie in 1917 stond Mata Hari onder een rangnummer ingeschreven bij de Duitse spionagedienst en stond ze buiten Frans grondgebied in
directe mondelinge verbinding met hooggeplaatste buitenlandse personen en bekende leiders der spionage. Sinds langere tijd zou ze uit Duitsland belangrijke sommen geld hebben verkregen als loon voor door haar verstrekte inlichtingen.[17] Een en ander was reden dat de Franse justitie haar al sinds twee jaar in het oog hield maar kennelijk, naar eigen zeggen, door haar buitengewone behendigheid werd verhinderd afdoende bewijzen in te zamelen om de aanhouding van Mata Hari te wettigen.[18] De Fransen namen alle berichten echter zeer serieus. Op 13 februari 1917 werd Mata Hari in haar hotelkamer in Plaza Athénée gearresteerd op de beschuldiging van spionage en verstandhouding met de vijand.[19] Dat was op het moment dat zij voor de tweede maal tijdens de oorlog in Frankrijk kwam. De verhoren duurden twee dagen. Volgens de Franse justitie bleek al snel dat men hier met een zeer gevaarlijke spion te doen had. Volgens hen bekende Mata Hari niet minder dan 30 belangrijke feiten en was het aantal van de door haar gemaakte slachtoffers zeer groot.[12] Belangrijk onderdeel van de aanklacht was de beschuldiging dat zij zich in 1916 toegang had verschaft tot een versterkt kamp bij Parijs, met de bedoeling er inlichtingen te verzamelen ten behoeve van de vijandelijke staat Duitsland; ook dat zij zowel in Frankrijk als in den vreemde deze staat inlichtingen had verschaft die het Franse leger in zijn operaties had kunnen belemmeren. Daarnaast dat zij in den vreemde relaties onderhield met Duitse diplomatieke agenten met het doel om de ondernemingen van de vijand te vergemakkelijken, door hen mededelingen te doen over de binnenlandse politiek van Frankrijk, het offensief en vele andere zaken.[20] Mata Hari, die ten tijde van de oorlogsverklaring te Berlijn in politieke, militaire en politiekringen bekend en thuis zou zijn, zou aldus in dienst van Duitsland hebben gestaan. Daarnaast zou ze van Duitsland bij herhaling grote sommen geld hebben gekregen in ruil voor de aanwijzingen die zij zou hebben gegeven. Volgens de Franse justitie was Mata Hari niet een spion zonder meer, maar vormde zij het centrum van spionage. Zij zou inlichtingen verzameld hebben, haar gebracht door talloze agenten, van wie het merendeel later eveneens ontmaskerd was. De informatie zou zij via geheimzinnige wegen naar Berlijn overgebracht hebben.[21] Betreffende haar privé-leven sprak de rechtbank onder meer over de ontelbare op hol gebrachte hoofden van Russische bankiers en villa's aan de Rivièra, van invloedrijke vrienden in de politiek, van een zekere beruchtheid in "het Montmartre de la haute nose" en van een aantal andere zaken, die lieten zien dat het niet alleen de "kunst" was, "waaraan Mata Hari haar bekendheid en kortstondige roem te danken had gehad."[22] Mata Hari diende zich op 7 punten te verantwoorden, waaronder:[22] 1.Verstandhouding met de vijand in 1916 in Spanje, Holland en Frankrijk; 2.Ter handstelling aan Duitse agenten in Spanje van militaire inlichtingen betreffende het Franse leger; 3.Mededeling aan de vijand van een ontdekking op chemisch gebied, van belang voor het Franse leger; 4.Oponthoud in het versterkte kamp van Parijs ter verkrijging van inlichtingen; 5.Mededeling aan de vijand van een op handen zijnde Frans offensief in het voorjaar van 1916.
Vanuit de gevangenis deed Mata Hari pogingen om de buitenwereld te overtuigen van haar onschuld. Zo schreef ze aan de Nederlandse consul in Parijs: "Ik heb niets misdaan. Mijn internationale betrekkingen zijn het gevolg van mijn werk als danseres en niet anders (...) Aangezien ik werkelijk niet heb gespioneerd, is het verschrikkelijk dat ik me niet kan verdedigen."[23] Ze werd na een kort proces op 24 juli 1917 met algemene stemmen door de derde krijgsraad te Parijs ter dood veroordeeld op beschuldiging van spionage voor de Duitsers en verstandhouding met de vijand. Volgens de Franse justitie hadden de stukken de schuld der beklaagde en de waarde van de inlichtingen, die zij de vijand verstrekt zou hebben, duidelijk aangetoond.[24] Volgens ooggetuigen kon Mata Hari tegenover al deze tastbare bewijzen niets anders doen dan deze feiten toegeven.[25] Er werd een lange reeks van getuigen gehoord, kapitein Moret sprak een vernietigend requisitoir uit en advocaat Clunet gaf een schitterende verdediging; deze laatste overtuigde de jury echter niet van de reinheid van Mata Hari's bedoelingen. Na afloop van de uitspraak mompelde zij c'est impossible! Impossible![26] Zij tekende na afloop van het proces het hogere beroep, verliet met vaste tred het gebouw van de krijgsraad en nam onbewogen plaats in het rijtuig, dat haar terugvoerde naar de vrouwengevangenis van Saint-Lazare. [22] Op 18 augustus 1917 verwierp de Conseil de Revision de aanvraag tot revisie van de uitspraak.[27] De Nederlandse regering droeg haar gezant te Parijs op om, mocht het cassatieberoep van Mata Hari verworpen worden, gratie aan te vragen.[28] De Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken had aan Frankrijk gevraagd om de doodstraf in een vrijheidsstraf om te zetten maar had geen succes met zijn
verzoek.[29] Mata Hari zelf had gevraagd of het mogelijk was om persoonlijk bij deze zitting aanwezig te zijn om haar bezwaren en opmerkingen over de rechtskwestie persoonlijk te mogen geven maar dit was haar geweigerd.[30] In de Sumatra Post stond over het mogelijke succes van het hogere beroep: “Over het succes van het hogere beroep kan Mata Hari zich geen illusies maken. Talrijke spionnen zijn reeds betrapt, veroordeeld en gefusilleerd. De in het spel zijnde belangen zijn te hoog, dan dat een kwalijk begrepen toegeeflijkheid de kansen zou verhogen van nieuwe aanslagen op de veiligheid van de staat. En daarom zal meer dan vermoedelijk de mooie Mata Hari de moordende geweermonden op zich gericht zien, op de polygoon van Vincennes.”[22] Op de morgen van haar executie, de 15de oktober, werd Mata Hari om tien minuten over vijf gewekt en vervolgens verschenen de commissaris rapporteur van de krijgsraad, die het veroordelende vonnis had uitgesproken, de kapitein-griffier, de directeur van de gevangenis, de advocaat van de veroordeelde, mr. Clunet, en dominee Arboux. Mata Hari zelf vertoonde geen of weinig emotie, maar zorgde dat zij zeer goed gekleed was. Zij droeg een grijze, zijden japon, kostbaar bont om de schouders, opengewerkte kousen en een parelketting om haar hals. Op het met zorg gekapte hoofd droeg zij een grote vilten hoed met kersrood lint. Met een rustige stem had ze gezegd: Ik ben gereed.Zonder te wankelen liep zij door de flauw verlichte gangen naar de auto, die haar uit de gevangenis van SaintLazare kwam ophalen.[31] Samen met twee nonnen en een pastoor en twee inspecteurs van politie werd Mata Hari in het voertuig geplaatst, dat haar naar de plaats van terechtstelling, de Polygon van Vincennes, bracht. Voordat zij de gevangenis verliet gaf zij nog een pakje brieven af voor haar verdedigers.[32] Te Vincennes volgden de gewone formaliteiten van overgave aan het militaire gezag. Zij kreeg daar verlof om twee brieven te schrijven, waarvan één gericht was aan haar in Nederland wonende dochter en vervolgens vertrok de grijze militaire auto naar de plaats der executie. Aldaar stapte Mata Hari uit en liep, vergezeld door de militaire rechter-commissaris, kapitein Bourchardon, Mr. Clunet en dr. Socquet, die de latere lijkschouwing moest doen, langs de wachtende gelederen van het carré der troepen naar de open zijde daarvan, de paal der executie. Mata Hari weigerde een blinddoek, was doodsbleek maar beefde niet. Een zuster en haar advocaat begeleidden haar naar de paal. Zij gaf beiden nog een hand en stak vervolgens haar polsen uit naar de adjudant, om ze te laten samenbinden. Het executiepeloton, twaalf zoeaven onder een officier, plaatste zich tegenover haar, en de geweren werden op haar borst gericht. De officier liet vervolgens de punt van zijn degen zakken en er volgde een salvo; Mata Hari was voorover gevallen, terwijl haar lichaam zich nog draaide en haar gezicht zich naar boven richtte. Een adjudant naderde en vuurde het reglementaire revolverschot, de coup de grâce, in de slaap af.[31] De begrafenis vond plaats op het kerkhof van Vincennes. Later werd het doodvonnis heftig bekritiseerd. Ook uit Nederland kwamen protesten. Mede doordat de publiciteit over Mata Hari en haar tragische einde ook na 1917 doorging heeft Mata Hari's naam over de hele wereld bekendheid gekregen. In een Franse krant stond indertijd over het doodvonnis: “Later zal blijken dat de figuur van deze "hindoedanseres" een der weerzinwekkenste was en dat haar tuchtiging alleszins rechtvaardig is geweest.”[33] Een Nederlandse krant schreef: “Reclamehelden, rond zichzelf tollende egoïsten, voor niets terugdeinzend als het gaat om henzelf, al zouden naties ervoor in het ongeluk gestort worden. In lusteloze tijden als vóór de grote oorlog hebben dit soort mensen succes; in grote perioden, als waarin wij thans leven, waarin in de smeltkroes van het wereldgebeuren de mensheid wordt gezuiverd van het schuim, en alleen het zuivere goud overblijft, komt een Mata Hari tot het Judas-einde, dat zij verdiende.”[34] De Javapost schreef: “Mata Hari gefusilleerd om spionage in het belang van Duitsland! Wat heeft zij vroeger niet een kabaal geschopt. De slotscène van een onchristelijke tragicomediante.” Journalist Leo Faust schreef in De Hofstad: “Indien we nog enig vertrouwen hebben in het beleid en geweten van de rechters van Mata Hari - en hoe zouden wij eraan kunnen twijfelen - dan is zij viervoudig de dood schuldig. - ofwel zij was zo onbetekenend, zij die de begeerte der mannen en de afgunst der vrouwen was, dat zij slechts ons medelijden verdient, ofwel had zij een aparte moraal, waarbij zij een parelketting en kleding van 800 francs stelde boven een paar maanden verlenging van de oorlog. Aan de lezer om uit te maken of deze laatste mogelijkheid misschien dezelfde is als de eerste. Het is alles wat ik voor Mata Hari tot verontschuldiging kan vinden”.[35] Een andere journalist schreef: “Mata Hari heeft als een avonturierster geleefd en is als een avonturierster gestorven. De wereld, die zij in een roes der zinnen heeft gezocht is haar verderf geworden.”[15] In een artikel in Het Nieuws van de Dag voor Nederlands-Indië schreef een journalist: “Als zij verstandelijk meer ontwikkeld was geweest had zij wellicht een grote rol kunnen spelen. Thans is zij op ignobele wijze als een
afschuwelijk dier uit het leven gestoten, met afschuw en walging als lijkkleed, met vervloekingen als oraison funèbre; een banale spion!”[36] Mata Hari's lot werd door haar medestanders wel vergeleken met dat van de door de Duitsers geëxecuteerde verpleegster Edith Cavell. Er waren echter grote verschillen, waarop dan ook de nadruk werd gelegd en die ten nadele van Mata Hari uitvielen. De laatste was, in tegenstelling tot de eerste, een courtisane, die niet spioneerde voor eigen land maar was, volgens de dan geldende opinie, een vrouw uit de Parijse demi-monde, die niet meer buiten de luxe kon, waaraan zij verslaafd was geraakt en die, door het Duitse goud verlokt, het land en volk verried, dat haar jarenlang gastvrijheid had geschonken. In de woorden van een journalist: “één uit de lange rij der vrouwen die gebruikt werden om door haar lichamelijke schoon Franse officieren en andere autoriteiten in haar netten te verstrikken en uit hen te halen wat de Duitse organisatie gebruiken kon; aldus een verrader omwille van het geld, een volk dienend waartoe zij niet behoorde, een natie versjacherend die haar met weldaden overladen had.”[37 Al tijdens het proces begon de legendevorming. In de Amerikaanse krant San Francisco Examiner van 5 augustus 1917 stond onder de kop: “Idol of stage to die as spy” (1917) het nu volgend geromantiseerde en gefantaseerde levensverhaal van Mata Hari. “Haar meisjesnaam was Marguerite Zelle, dochter van een vermogende Javaanse planter. Zij werd op Java geboren uit een inboorlinge en nadat haar vader was gestorven besloot haar moeder het vierjarige kind aan de dienst van Boeddha te wijden. Op deze wijze werd het kind een gewijde danseres der goden. Maar de verbeelding van het jonge meisje was vol van de romantiek naar de westerse wereld. Op veertienjarige leeftijd werd zij naar een groot kerkelijk feest te Birma gebracht, waar zich onder de aanwezigen de Schotse edelman Sir Campbell bevond. Hoewel het gevaar voor beiden groot was ontvluchtten zij deze plaats en reisden voortaan samen in de Brits-Indische bezittingen. Er werden twee kinderen geboren, waarvan er één werd vermoord door de ontslagen tuinman. Mata Hari nam de revolver van haar echtgenoot en schoot de moordenaar door de hersenen; hierop moest zij naar Parijs vluchten, waarheen Sir Campbell haar volgde en later stierf aan verdriet en liefdespijn.”[38] Het beeld dat bij het grote publiek al snel van Mata Hari bestond was dat van exotische danseres die als dubbelspionne gebruik maakte van haar verleidingskunsten om militaire geheimen van haar vele geliefden te ontfutselen. Het feit dat meteen na haar dood veel mensen twijfelden aan haar schuld droeg ertoe bij dat Mata Hari wereldberoemd werd. Dit beeld van Mata Hari werd versterkt door de vele verfilmingen van haar leven. In een vroege biografische film over haar, Mata Hari uit 1931 met Greta Garbo in de hoofdrol, zijn veel zaken echter verdraaid of aangedikt om beter aan te sluiten bij het beeld dat veel mensen destijds al van haar hadden. Deze films droegen bij aan haar populariteit en versterkten het beeld dat velen al van haar hadden; Mata Hari werd het archetype van de femme fatale.
Tot in de jaren zestig werd Mata Hari beschouwd als een femme fatale, die geheel terecht ter dood veroordeeld was. In 1963 kreeg de in Nederland geboren Amerikaanse fotograaf Sam Waagenaar, die (ter voorbereiding op de MGM-verfilming met Greta Garbo) in 1931 van Zelles voormalige dienstbode enkele persoonlijk bijgehouden fotoalbums had ontvangen, inzage in een deel van het rechtbankdossier, en oordeelde op basis hiervan in zijn boek De moord op Mata Hari (1964) dat zij niet schuldig was aan spionage voor de Duitsers. Ook volgens Pat Shipman´s biografie Femme Fatale was Mata Hari nooit een dubbelspion, maar werd ze slechts als zondebok gebruikt door de Franse militaire overheid voor het falen van het commando aan het front.[39] Nieuwe Duitse documenten bewezen echter dat zij wel degelijk ingeschakeld was geweest ten behoeve van de Duitse spionagedienst. Waagenaar schreef vervolgens een nieuw boek met de titel Mata Hari, niet zo onschuldig (1976), waarin hij betoogde dat zij weliswaar een spion was geweest maar geen zinvolle informatie had geleverd. De boeken van Waagenaar en het boek van Jan C. Brokken, Mata Hari, de waarheid achter de legende(1975) droegen veel bij aan de latere, meer positieve beeldvorming van Mata Hari.[6] Volgens de in de jaren 70 vrijgekomen Duitse documenten trad Mata Hari in de herfst van 1915 in dienst van de Duitsers. Op bevel van Walter Nicolai, B-chef van sectie III, kreeg ze bij een verblijf in Keulen van majoor Röpell instructies over haar taken. Ze moest rapporteren aan de Kriegsnachrichtenstelle West in Düsseldorf die ook onder leiding stond van Röpell. Verder rapporteerde ze aan de missie-agent in de Duitse ambassade in Madrid, majoor Arnold Kalle en rechtstreeks aan haar militaire ambtenaar kapitein Hoffmann, die haar de codenaam H-21 gaf.[40]
Tijdens de Eerste Wereldoorlog bleef Nederland neutraal. Dit betekende voor Mata Hari dat ze, gezien haar Nederlandse nationaliteit, vrij over de grenzen mocht reizen. Op het moment van de oorlogsverklaring aan Frankrijk verbleef zij te Berlijn, waar zij in politieke, militaire en politiekringen verkeerde. Uiteindelijk ging ze naar Frankrijk via het Verenigd Koninkrijk en Spanje. Haar vele reizen trokken de aandacht, evenals het feit dat ze relaties had met veel hoge militairen. In een aantal interviews met de officieren van de British intelligence beweerde ze zelfs een geheim agente te zijn voor de Franse militaire geheime dienst. In januari 1917 zond de Duitse militaire attaché in Madrid een radiobericht naar Berlijn, waarin hij sprak van waardevolle informatie die hij zou hebben gekregen van een spion met de codenaam H-21, ofwel Mata Hari. Opvallend genoeg werd dit bericht verzonden in een code waarvan de Duitsers wisten dat de Fransen hem reeds hadden gebroken, en het bericht dus makkelijk konden onderscheppen. Dit is voor sommige hedendaagse historici een bewijs dat het bericht vals was, en alleen was bedoeld om de Fransen op het verkeerde been te zetten. Volgens de Franse justitie in 1917 stond Mata Hari onder een rangnummer ingeschreven bij de Duitse spionagedienst en stond ze buiten Frans grondgebied in directe mondelinge verbinding met hooggeplaatste buitenlandse personen en bekende leiders der spionage. Sinds langere tijd zou ze uit Duitsland belangrijke sommen geld hebben verkregen als loon voor door haar verstrekte inlichtingen.[17] Een en ander was reden dat de Franse justitie haar al sinds twee jaar in het oog hield maar kennelijk, naar eigen zeggen, door haar buitengewone behendigheid werd verhinderd afdoende bewijzen in te zamelen om de aanhouding van Mata Hari te wettigen.[18]
De Fransen namen alle berichten echter zeer serieus. Op 13 februari 1917 werd Mata Hari in haar hotelkamer in Plaza Athénée gearresteerd op de beschuldiging van spionage en verstandhouding met de vijand.[19] Dat was op het moment dat zij voor de tweede maal tijdens de oorlog in Frankrijk kwam. De verhoren duurden twee dagen. Volgens de Franse justitie bleek al snel dat men hier met een zeer gevaarlijke spion te doen had. Volgens hen bekende Mata Hari niet minder dan 30 belangrijke feiten en was het aantal van de door haar gemaakte slachtoffers zeer groot.[12] Belangrijk onderdeel van de aanklacht was de beschuldiging dat zij zich in 1916 toegang had verschaft tot een versterkt kamp bij Parijs, met de bedoeling er inlichtingen te verzamelen ten behoeve van de vijandelijke staat Duitsland; ook dat zij zowel in Frankrijk als in den vreemde deze staat inlichtingen had verschaft die het Franse leger in zijn operaties had kunnen belemmeren. Daarnaast dat zij in den vreemde relaties onderhield met Duitse diplomatieke agenten met het doel om de ondernemingen van de vijand te vergemakkelijken, door hen mededelingen te doen over de binnenlandse politiek van Frankrijk, het offensief en vele andere zaken.[20] Mata Hari, die ten tijde van de oorlogsverklaring te Berlijn in politieke, militaire en politiekringen bekend en thuis zou zijn, zou aldus in dienst van Duitsland hebben gestaan. Daarnaast zou ze van Duitsland bij herhaling grote sommen geld hebben gekregen in ruil voor de aanwijzingen die zij zou hebben gegeven. Volgens de Franse justitie was Mata Hari niet een spion zonder meer, maar vormde zij het centrum van spionage. Zij zou inlichtingen verzameld hebben, haar gebracht door talloze agenten, van wie het merendeel later eveneens ontmaskerd was. De informatie zou zij via geheimzinnige wegen naar Berlijn overgebracht hebben.[21] Betreffende haar privé-leven sprak de rechtbank onder meer over de ontelbare op hol gebrachte hoofden van Russische bankiers en villa's aan de Rivièra, van invloedrijke vrienden in de politiek, van een zekere beruchtheid in "het Montmartre de la haute nose" en van een aantal andere zaken, die lieten zien dat het niet alleen de "kunst" was, "waaraan Mata Hari haar bekendheid en kortstondige roem te danken had gehad."[22] Mata Hari diende zich op 7 punten te verantwoorden, waaronder:[22] 1.Verstandhouding met de vijand in 1916 in Spanje, Holland en Frankrijk; 2.Ter handstelling aan Duitse agenten in Spanje van militaire inlichtingen betreffende het Franse leger; 3.Mededeling aan de vijand van een ontdekking op chemisch gebied, van belang voor het Franse leger; 4.Oponthoud in het versterkte kamp van Parijs ter verkrijging van inlichtingen; 5.Mededeling aan de vijand van een op handen zijnde Frans offensief in het voorjaar van 1916.
Vanuit de gevangenis deed Mata Hari pogingen om de buitenwereld te overtuigen van haar onschuld. Zo schreef ze aan de Nederlandse consul in Parijs: "Ik heb niets misdaan. Mijn internationale betrekkingen zijn het gevolg van mijn werk als danseres en niet anders (...) Aangezien ik werkelijk niet heb gespioneerd, is het verschrikkelijk dat ik me niet kan verdedigen."[23] Ze werd na een kort proces op 24 juli 1917 met algemene stemmen door de derde krijgsraad te Parijs ter dood veroordeeld op beschuldiging van spionage voor de Duitsers en verstandhouding met de vijand. Volgens de Franse justitie hadden de stukken de schuld der beklaagde en de waarde van de inlichtingen, die zij de vijand verstrekt zou hebben, duidelijk aangetoond.[24] Volgens ooggetuigen kon Mata Hari tegenover al deze tastbare bewijzen niets anders doen dan deze feiten toegeven.[25] Er werd een lange reeks van getuigen gehoord, kapitein Moret sprak een vernietigend requisitoir uit en advocaat Clunet gaf een schitterende verdediging; deze laatste overtuigde de jury echter niet van de reinheid van Mata Hari's bedoelingen. Na afloop van de uitspraak mompelde zij c'est impossible! Impossible![26] Zij tekende na afloop van het proces het hogere beroep, verliet met vaste tred het gebouw van de krijgsraad en nam onbewogen plaats in het rijtuig, dat haar terugvoerde naar de vrouwengevangenis van Saint-Lazare. [22] Op 18 augustus 1917 verwierp de Conseil de Revision de aanvraag tot revisie van de uitspraak.[27] De Nederlandse regering droeg haar gezant te Parijs op om, mocht het cassatieberoep van Mata Hari verworpen worden, gratie aan te vragen.[28] De Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken had aan Frankrijk gevraagd om de doodstraf in een vrijheidsstraf om te zetten maar had geen succes met zijn verzoek.[29] Mata Hari zelf had gevraagd of het mogelijk was om persoonlijk bij deze zitting aanwezig te zijn om haar bezwaren en opmerkingen over de rechtskwestie persoonlijk te mogen geven maar dit was haar geweigerd.[30] In de Sumatra Post stond over het mogelijke succes van het hogere beroep: “Over het succes van het hogere beroep kan Mata Hari zich geen illusies maken. Talrijke spionnen zijn reeds betrapt, veroordeeld en gefusilleerd. De in het spel zijnde belangen zijn te hoog, dan dat een kwalijk begrepen toegeeflijkheid de kansen zou verhogen van nieuwe aanslagen op de veiligheid van de staat. En daarom zal meer dan vermoedelijk de mooie Mata Hari de moordende geweermonden op zich gericht zien, op de polygoon van Vincennes.”[22]
Op de morgen van haar executie, de 15de oktober, werd Mata Hari om tien minuten over vijf gewekt en vervolgens verschenen de commissaris rapporteur van de krijgsraad, die het veroordelende vonnis had uitgesproken, de kapitein-griffier, de directeur van de gevangenis, de advocaat van de veroordeelde, mr. Clunet, en dominee Arboux. Mata Hari zelf vertoonde geen of weinig emotie, maar zorgde dat zij zeer goed gekleed was. Zij droeg een grijze, zijden japon, kostbaar bont om de schouders, opengewerkte kousen en een parelketting om haar hals. Op het met zorg gekapte hoofd droeg zij een grote vilten hoed met kersrood lint. Met een rustige stem had ze gezegd: Ik ben gereed.Zonder te wankelen liep zij door de flauw verlichte gangen naar de auto, die haar uit de gevangenis van SaintLazare kwam ophalen.[31] Samen met twee nonnen en een pastoor en twee inspecteurs van politie werd Mata Hari in het voertuig geplaatst, dat haar naar de plaats van terechtstelling, de Polygon van Vincennes, bracht. Voordat zij de gevangenis verliet gaf zij nog een pakje brieven af voor haar verdedigers.[32] Te Vincennes volgden de gewone formaliteiten van overgave aan het militaire gezag. Zij kreeg daar verlof om twee brieven te schrijven, waarvan één gericht was aan haar in Nederland wonende dochter en vervolgens vertrok de grijze militaire auto naar de plaats der executie. Aldaar stapte Mata Hari uit en liep, vergezeld door de militaire rechter-commissaris, kapitein Bourchardon, Mr. Clunet en dr. Socquet, die de latere lijkschouwing moest doen, langs de wachtende gelederen van het carré der troepen naar de open zijde daarvan, de paal der executie. Mata Hari weigerde een blinddoek, was doodsbleek maar beefde niet. Een zuster en haar advocaat begeleidden haar naar de paal. Zij gaf beiden nog een hand en stak vervolgens haar polsen uit naar de adjudant, om ze te laten samenbinden. Het executiepeloton, twaalf zoeaven onder een officier, plaatste zich tegenover haar, en de geweren werden op haar borst gericht. De officier liet vervolgens de punt van zijn degen zakken en er volgde een salvo; Mata Hari was voorover gevallen, terwijl haar lichaam zich nog draaide en haar gezicht zich naar boven richtte. Een adjudant naderde en vuurde het reglementaire revolverschot, de coup de grâce, in de slaap af.[31] De begrafenis vond plaats op het kerkhof van Vincennes. Later werd het doodvonnis heftig bekritiseerd. Ook uit Nederland kwamen protesten. Mede doordat de publiciteit over Mata Hari en haar tragische einde ook na 1917 doorging heeft Mata Hari's naam over de hele wereld bekendheid gekregen. In een Franse krant stond indertijd over het doodvonnis: “Later
zal blijken dat de figuur van deze "hindoedanseres" een der weerzinwekkenste was en dat haar tuchtiging alleszins rechtvaardig is geweest.”[33] Een Nederlandse krant schreef: “Reclamehelden, rond zichzelf tollende egoïsten, voor niets terugdeinzend als het gaat om henzelf, al zouden naties ervoor in het ongeluk gestort worden. In lusteloze tijden als vóór de grote oorlog hebben dit soort mensen succes; in grote perioden, als waarin wij thans leven, waarin in de smeltkroes van het wereldgebeuren de mensheid wordt gezuiverd van het schuim, en alleen het zuivere goud overblijft, komt een Mata Hari tot het Judas-einde, dat zij verdiende.”[34] De Javapost schreef: “Mata Hari gefusilleerd om spionage in het belang van Duitsland! Wat heeft zij vroeger niet een kabaal geschopt. De slotscène van een onchristelijke tragicomediante.” Journalist Leo Faust schreef in De Hofstad: “Indien we nog enig vertrouwen hebben in het beleid en geweten van de rechters van Mata Hari - en hoe zouden wij eraan kunnen twijfelen - dan is zij viervoudig de dood schuldig. - ofwel zij was zo onbetekenend, zij die de begeerte der mannen en de afgunst der vrouwen was, dat zij slechts ons medelijden verdient, ofwel had zij een aparte moraal, waarbij zij een parelketting en kleding van 800 francs stelde boven een paar maanden verlenging van de oorlog. Aan de lezer om uit te maken of deze laatste mogelijkheid misschien dezelfde is als de eerste. Het is alles wat ik voor Mata Hari tot verontschuldiging kan vinden”.[35] Een andere journalist schreef: “Mata Hari heeft als een avonturierster geleefd en is als een avonturierster gestorven. De wereld, die zij in een roes der zinnen heeft gezocht is haar verderf geworden.”[15] In een artikel in Het Nieuws van de Dag voor Nederlands-Indië schreef een journalist: “Als zij verstandelijk meer ontwikkeld was geweest had zij wellicht een grote rol kunnen spelen. Thans is zij op ignobele wijze als een afschuwelijk dier uit het leven gestoten, met afschuw en walging als lijkkleed, met vervloekingen als oraison funèbre; een banale spion!”[36] Mata Hari's lot werd door haar medestanders wel vergeleken met dat van de door de Duitsers geëxecuteerde verpleegster Edith Cavell. Er waren echter grote verschillen, waarop dan ook de nadruk werd gelegd en die ten nadele van Mata Hari uitvielen. De laatste was, in tegenstelling tot de eerste, een courtisane, die niet spioneerde voor eigen land maar was, volgens de dan geldende opinie, een vrouw uit de Parijse demi-monde, die niet meer buiten de luxe kon, waaraan zij verslaafd was geraakt en die, door het Duitse goud verlokt, het land en volk verried, dat haar jarenlang gastvrijheid had geschonken. In de woorden van een journalist: “één uit de lange rij der vrouwen die gebruikt werden om door haar lichamelijke schoon Franse officieren en andere autoriteiten in haar netten te verstrikken en uit hen te halen wat de Duitse organisatie gebruiken kon; aldus een verrader omwille van het geld, een volk dienend waartoe zij niet behoorde, een natie versjacherend die haar met weldaden overladen had.”[ Al tijdens het proces begon de legendevorming. In de Amerikaanse krant San Francisco Examiner van 5 augustus 1917 stond onder de kop: “Idol of stage to die as spy” (1917) het nu volgend geromantiseerde en gefantaseerde levensverhaal van Mata Hari. “Haar meisjesnaam was Marguerite Zelle, dochter van een vermogende Javaanse planter. Zij werd op Java geboren uit een inboorlinge en nadat haar vader was gestorven besloot haar moeder het vierjarige kind aan de dienst van Boeddha te wijden. Op deze wijze werd het kind een gewijde danseres der goden. Maar de verbeelding van het jonge meisje was vol van de romantiek naar de westerse wereld. Op veertienjarige leeftijd werd zij naar een groot kerkelijk feest te Birma gebracht, waar zich onder de aanwezigen de Schotse edelman Sir Campbell bevond. Hoewel het gevaar voor beiden groot was ontvluchtten zij deze plaats en reisden voortaan samen in de Brits-Indische bezittingen. Er werden twee kinderen geboren, waarvan er één werd vermoord door de ontslagen tuinman. Mata Hari nam de revolver van haar echtgenoot en schoot de moordenaar door de hersenen; hierop moest zij naar Parijs vluchten, waarheen Sir Campbell haar volgde en later stierf aan verdriet en liefdespijn.”[38] Het beeld dat bij het grote publiek al snel van Mata Hari bestond was dat van exotische danseres die als dubbelspionne gebruik maakte van haar verleidingskunsten om militaire geheimen van haar vele geliefden te ontfutselen. Het feit dat meteen na haar dood veel mensen twijfelden aan haar schuld droeg ertoe bij dat Mata Hari wereldberoemd werd. Dit beeld van Mata Hari werd versterkt door de vele verfilmingen van haar leven. In een vroege biografische film over haar, Mata Hari uit 1931 met Greta Garbo in de hoofdrol, zijn veel zaken echter verdraaid of aangedikt om beter aan te sluiten bij het beeld dat veel mensen destijds al van haar hadden. Deze films droegen bij aan haar populariteit en versterkten het beeld dat velen al van haar hadden; Mata Hari werd het archetype van de femme fatale.
Tot in de jaren zestig werd Mata Hari beschouwd als een femme fatale, die geheel terecht ter dood veroordeeld was. In 1963 kreeg de in Nederland geboren Amerikaanse fotograaf Sam Waagenaar, die (ter voorbereiding op de MGM-verfilming met Greta Garbo) in 1931 van Zelles voormalige dienstbode enkele persoonlijk bijgehouden fotoalbums had ontvangen, inzage in een deel van het rechtbankdossier, en oordeelde op basis hiervan in zijn boek De moord op Mata Hari (1964) dat zij niet schuldig was aan spionage voor de Duitsers. Ook volgens Pat Shipman´s biografie Femme Fatale was Mata Hari nooit een dubbelspion, maar werd ze slechts als zondebok gebruikt door de Franse militaire overheid voor het falen van het commando aan het front.[39] Nieuwe Duitse documenten bewezen echter dat zij wel degelijk ingeschakeld was geweest ten behoeve van de Duitse spionagedienst. Waagenaar schreef vervolgens een nieuw boek met de titel Mata Hari, niet zo onschuldig (1976), waarin hij betoogde dat zij weliswaar een spion was geweest maar geen zinvolle informatie had geleverd. De boeken van Waagenaar en het boek van Jan C. Brokken, Mata Hari, de waarheid achter de legende(1975) droegen veel bij aan de latere, meer positieve beeldvorming van Mata Hari.[6] Volgens de in de jaren 70 vrijgekomen Duitse documenten trad Mata Hari in de herfst van 1915 in dienst van de Duitsers. Op bevel van Walter Nicolai, B-chef van sectie III, kreeg ze bij een verblijf in Keulen van majoor Röpell instructies over haar taken. Ze moest rapporteren aan de Kriegsnachrichtenstelle West in Düsseldorf die ook onder leiding stond van Röpell. Verder rapporteerde ze aan de missie-agent in de Duitse ambassade in Madrid, majoor Arnold Kalle en rechtstreeks aan haar militaire ambtenaar kapitein Hoffmann, die haar de codenaam H-21 gaf.[40 Het leven van Mata Hari werd in verschillende landen verfilmd, met onder andere Magda Sonja, Greta Garbo, Zsa Zsa Gábor, Jeanne Moreau en Sylvia Kristel in de hoofdrol. Fie Carelsen (bij haar vijfentwintigjarig jubileum in 1931) en Els van Rooden (bij Toneelgroep Centrum) brachten haar op het Nederlandse toneel tot leven en Josine van Dalsum gaf haar in 1980 gestalte in een 4delige televisieserie. Zelfs werd er ooit een grote Broadwaymusical aan haar opgedragen. Al deze producties hadden één ding gemeen: ze hadden nauwelijks succes.
In 2016 maakte choreograaf Ted Brandsen bij Het Nationale Ballet de avondvullende balletvoorstelling Mata Hari met in de titelrol wisselende ballerina's onder wie Anna Tsygankova en Igone de Jongh. De Braziliaanse auteur Paulo Coelho schreef in 2016 de historische roman De spion (La Espía) over Mata Hari. Het boek brengt haar laatste dagen in beeld, met vele flashbacks naar haar eerdere leven. Coelho's werk werd een bestseller die in 46 talen werd vertaald. Mata Hari heeft zich in 1916 door Isaac Israëls laten schilderen. Het kunstwerk hangt in het KröllerMüller Museum te Otterlo. Zij werd ook geportretteerd door de Amerikaanse schilder John Singer Sargent (1856-1925). Al tijdens haar leven was Mata Hari een dankbare bron voor publicaties van uiteenlopende aard en kwaliteit. Dit duurt tot op de dag van vandaag voort. In oktober 2007 bracht thrillerauteur Tomas Ross het boek De Tranen van Mata Hari uit, waarin hij in zijn eigen kenmerkende fictiestijl de geheimen rond haar dood beschrijft. Ook is in 2007 het boek Het parfum van Mata Hari van Geertje Gort verschenen. Dit gaat over haar dochter Jeanne Louise (roepnaam 'Non'). Marijke Huisman schreef Mata Hari (1876-1917): de levende legende (1998), deel 2 in de serie Verloren Verleden, van Uitgeverij Verloren BV te Hilversum. ISBN 90-6550-442-7. Herman van Veen schreef in 2004 een theaterstuk over het leven van Mata Hari. De voorstelling Mata Hari - Schuldig of naïef was in diverse Europese landen te zien, waaronder Oostenrijk, België en Duitsland.[41] Tevens was het stuk te zien in Frankrijk onder andere in het Théâtre du Renard. [42] Begin 2006 was de voorstelling voor het eerst te zien in Soest. Mata Hari - Schuldig of naïef werd uitgevoerd door Gaëtane Bouchez, Martine De Kok, Silke Mehler en Wendel Spier. Geïnspireerd door het leven van Mata Hari schilderde Herman van Veen ook nog een aantal doeken. Een daarvan hangt in het ROC Friese Poort in Leeuwarden. In het kader van Leeuwarden Culturele Hoofdstad 2018 zal er
vanaf 14 oktober, 100 jaar na haar dood, in het Fries Museum een expositie over haar leven worden geopend, waar ook de dossiers een plek zullen krijgen. Het leven van Mata Hari werd in verschillende landen verfilmd, met onder andere Magda Sonja, Greta Garbo, Zsa Zsa Gábor, Jeanne Moreau en Sylvia Kristel in de hoofdrol. Fie Carelsen (bij haar vijfentwintigjarig jubileum in 1931) en Els van Rooden (bij Toneelgroep Centrum) brachten haar op het Nederlandse toneel tot leven en Josine van Dalsum gaf haar in 1980 gestalte in een 4delige televisieserie. Zelfs werd er ooit een grote Broadwaymusical aan haar opgedragen. Al deze producties hadden één ding gemeen: ze hadden nauwelijks succMargaretha Zelle werd geboren aan de Kelders in Leeuwarden als dochter van Adam Zelle (1840-1910), een winkelier in hoeden, en Antje van der Meulen (1842-1891).[1] Tot haar 13e kreeg ze Franse, Duitse en Engelse privélessen. In de periode 1883-1889 woonde ze in de Grote Kerkstraat. Haar vader ging in 1889 echter failliet, en kort daarna scheidden haar ouders van tafel en bed.[2] Twee jaar later verloor ze haar moeder, waarna Margaretha op 15-jarige leeftijd bij haar peetoom in Sneek moest gaan wonen.[3] Haar vader hertrouwde in Amsterdam op 9 februari 1893 met Susanna Catharina ten Hoove. Zelle kwam na de scheiding in Leiden terecht. Daarna woonde ze bij een oom in Den Haag. Ze volgde in Leiden een opleiding tot kleuterleidster, maar toen de directeur avances begon te maken, werd ze door haar oom van de opleiding gehaald.[2] [4] Op haar 18e reageerde Zelle op een contactadvertentie [5] in de krant van de KNIL-kapitein Rudolph MacLeod. Zelle had, naar eigen zeggen, van jongs af aan al een voorliefde voor mannen in uniform gehad en mannen die niet tot het leger behoorden hadden haar nooit geïnteresseerd. Letterlijk zei ze: “de officier is in mijn ogen een hoger wezen, een held, steeds bereid tot het trotseren van allerlei gevaren en tot het beleven van avonturen.”[6] MacLeod was een lid van de Nederlandse tak van de Schotse familie MacLeod, waarvan de stamreeks in Nederland begint met Norman MacLeod (circa 1690-1739). Hij was op 1 maart 1856 geboren te Heukelum, als zoon van kapitein John Brienen MacLeod en Dina Louise barones Sweerts de Landas. Ze trouwde met hem op 11 juli 1895 in Amsterdam; MacLeod was twintig jaar ouder[7] en werd in de latere beeldvorming vaak voorgesteld als een dronkaard en een halve gek (in Het liefdesleven van Mata Hari en haar dood, 1925, door E. Gamez Carillo); ook daarna werd hij voorgesteld als een bruut die het leven van zijn echtgenote tot een hel had gemaakt. Met name Pat Shipman, in Femme Fatale, love, life and the unknown lies of Mata Hari (2007) gaf hem expliciet weer als een jaloerse, drankzuchtige en financieel weinig daadkrachtige lomperik. De vader van Zelle zelf had echter eerder, in 1906, met zijn boek Mata Hari. Mevrouw M.G. MacLeod Zelle, de levensgeschiedenis van mijn dochter en mijn grieven tegen haar vroegere echtgenoot de basis voor al deze negativiteit ten aanzien van MacLeod gelegd. Dit boek was min of meer uit financiële overwegingen geschreven en een regelrechte haatcampagne tegen MacLeod, die in het boek door de modder gesleurd werd.[6] Dit huwelijk was in twee opzichten zeer belangrijk voor Zelle - het bracht haar in de Haagse 'betere standen' en ze verwierf meteen een financiële stabiliteit. In 1897 vertrok het gezin MacLeod naar Nederlands-Indië. Inmiddels was hun zoon Norman-John MacLeod geboren. In 1898 werd te Malang (Java, Indonesië) hun dochter Louise Jeanne MacLeod geboren.[8] Zelle trok tijdelijk in bij de familie Van Rheede, een ander Nederlands officiersgezin. Maandenlang bestudeerde ze de Indische tradities en cultuur. Ze werd ook lid van een lokale dansgroep. In 1897 gebruikte ze voor het eerst de artiestennaam 'Mata Hari', Maleis voor Oog van de dageraad ofwel zon. In 1899 overleed hun zoon Norman-John, waarschijnlijk door vergiftiging. Wegens toenemende huwelijksproblemen besloot het echtpaar MacLeod in 1902 naar Nederland terug te keren. Nog datzelfde jaar volgde een scheiding van tafel en bed. De echtscheiding werd voltrokken in Rheden op 10 juni 1907.
In 1902 vertrok Zelle naar Parijs, waar ze een tijdje als amazone optrad in een circus onder de naam Lady MacLeod en waar ze de kost verdiende als schildersmodel. Begin 1905 begon ze met het opvoeren van de exotische dansen waarmee ze uiteindelijk beroemd zou worden. Ze nam nu permanent de naam Mata Hari aan. Ze debuteerde op 13 maart 1905 met haar act in Musée Guimet [9] en haar optredens werden meteen een succes. Die voorstellingen hielden in dat Mata Hari danste, begeleid door gamelanmuziek, en zich vervolgens van het ene na het andere kledingstuk
ontdeed; voor een ogenblik zag men haar dan ronddraaien, slechts bedekt door de zware gouden munten van haar collier. Vervolgens zonk zij ineen aan de voeten van een gouden boeddha en wierpen haar dienaressen een grote zwarte sluier over haar heen.[10] De dans werd in 1906 beschreven als: “haar naaktheid is bewonderenswaardig en kuis, omdat hij schoon is. De volmaaktheid der vormen schenkt hoog kunstgenot aan hen die het voorrecht hebben deze dansen te aanschouwen en geen enkel idee dat niet zuiver-esthetisch was, kwam daarbij bij hen op.”[11] Een ooggetuige schreef hierover: “Ik heb haar gezien, jaren geleden, in haar bloeitijd, als je het zo mag noemen. Zij was toen een verblindend mooie vrouw en zij maakte een parodie van de karaktervolle Indische dans, maar dat merkten de Fransen niet eens. Zij was een rijpe vrouw, mooi, van een wellustige zinnenbedwelmende schoonheid.”[12] Mata Hari verscheen op kunstenaarsfeesten te Montmartre en in voorname salons van de internationale wijk (tussen de Champs-Élysées, de Arc de Triomphe en de Bois de Boulogne), waarbij zij met een zwaar accent sprak en vaak de conversatie begon met de zin: “In mijn jeugd, toen ik voor de radja's danste, aan de oevers van de Ganges...” Zij werd beschreven als: slank, groot en weelderig van vormen, met een klassiek profiel en met te grote zwarte ogen, haar huid van een lichte goudachtige bronskleur.[13] Nadat de Gil Blas een lovende beschrijving van haar danskunst had gegeven, begon Mata Hari spoedig daarna op te treden in de Ambassadeurs, een variététheater, en vervolgens in allerlei Parijse cafés; tussendoor gaf zij gastvoorstellingen in enkele steden in Europa en Amerika, waaronder optredens in Wenen, Monaco, Madrid en zelfs de Scala in Milaan. In 1915 trad zij in Nederland op bij een opvoering van de Franse opera op het Leidsche Plein in Amsterdam. In deze tijd hadden de geruchten over haar fabelachtige rijkdom, dat zij leefde in een kasteel dat eens aan Madame de Pompadour had toebehoord, en dat zij bij het uitbreken van de oorlog in Berlijn was geweest, waar zij in moeilijkheden zou zijn gekomen, het publiek in Amsterdam al bereikt. Mata Hari zou tijdens de voorstelling verschijnen in een oude Franse menuet met muziek van Couperin en trad op in een laat-achttiende-eeuwse japon. De dans stelde verschillende liefdesscènes voor, maar het publiek was enigszins teleurgesteld dat zij niet had opgetreden in de gewaden die men uit de verhalen uit Parijs kende.[14] Over Mata Hari, de exotische danseres, deden talloze geruchten de ronde. Zo zou zij een financier, geparenteerd aan een politicus, die herhaaldelijk minister was geweest, als slachtoffer hebben gehad. Deze financier zou binnen enkele maanden voor Mata Hari zijn vrouw en kinderen tot armoede hebben gebracht en uiteindelijk malversaties hebben gepleegd, waarvoor hij tien jaar gevangenisstraf kreeg. Mata Hari stond aldus bekend als een vrouw die, om haar spilzucht de vrije teugel te kunnen laten, de rijken tot haar slachtoffers maakte en die geen scrupules kende om haar ijdelheid, haar honger naar weelde en al haar impulsen te bevredigen.[15]Geruchten deden de ronde dat zij een zeer kostbare renstal met paarden had bezeten en toen de Eerste Wereldoorlog uitbrak, deze stal verkocht had. Omdat zij niet zou hebben gewild dat haar lievelingsrenpaard in handen zou vallen van de vijand, zou zij het dier, Vischnu, met een gouden stilet in het hart gedood hebben.[13] De gedachte dat zij een spion zou zijn, was eerder al bij de Engelsen opgekomen. In mei 1916 vertrok Mata Hari met het schipZeelandia naar Spanje; zij had door bemiddeling van haar impresario in San Sebastian en ook elders een engagement aangenomen. Op reis van Vigo, waar zij aan boord gekomen was, naar Falmouth per Hollandia, van de Koninklijke Hollandsche Mail, werd zij te Falmouth gevisiteerd. Men gaf haar geen verlof om verder te reizen, maar bracht haar onder geleide naar de wal, waar zij en haar bagage aan een ernstig onderzoek werden onderworpen. Zelfs de panelen van haar hut werden losgemaakt. Mata Hari zelf zei dat een mannelijke begeleider, die zij gedurende de reis aan boord onaardig behandeld zou hebben, haar had aangegeven bij de douane.[16]
In 2016 maakte choreograaf Ted Brandsen bij Het Nationale Ballet de avondvullende balletvoorstelling Mata Hari met in de titelrol wisselende ballerina's onder wie Anna Tsygankova en Igone de Jongh. De Braziliaanse auteur Paulo Coelho schreef in 2016 de historische roman De spion (La Espía) over Mata Hari. Het boek brengt haar laatste dagen in beeld, met vele flashbacks naar haar eerdere leven. Coelho's werk werd een bestseller die in 46 talen werd vertaald.
Mata Hari heeft zich in 1916 door Isaac Israëls laten schilderen. Het kunstwerk hangt in het KröllerMüller Museum te Otterlo. Zij werd ook geportretteerd door de Amerikaanse schilder John Singer Sargent (1856-1925). Al tijdens haar leven was Mata Hari een dankbare bron voor publicaties van uiteenlopende aard en kwaliteit. Dit duurt tot op de dag van vandaag voort. In oktober 2007 bracht thrillerauteur Tomas Ross het boek De Tranen van Mata Hari uit, waarin hij in zijn eigen kenmerkende fictiestijl de geheimen rond haar dood beschrijft. Ook is in 2007 het boek Het parfum van Mata Hari van Geertje Gort verschenen. Dit gaat over haar dochter Jeanne Louise (roepnaam 'Non'). Marijke Huisman schreef Mata Hari (1876-1917): de levende legende (1998), deel 2 in de serie Verloren Verleden, van Uitgeverij Verloren BV te Hilversum. ISBN 90-6550-442-7. Herman van Veen schreef in 2004 een theaterstuk over het leven van Mata Hari. De voorstelling Mata Hari - Schuldig of naïef was in diverse Europese landen te zien, waaronder Oostenrijk, België en Duitsland.[41] Tevens was het stuk te zien in Frankrijk onder andere in het Théâtre du Renard. [42] Begin 2006 was de voorstelling voor het eerst te zien in Soest. Mata Hari - Schuldig of naïef werd uitgevoerd door Gaëtane Bouchez, Martine De Kok, Silke Mehler en Wendel Spier. Geïnspireerd door het leven van Mata Hari schilderde Herman van Veen ook nog een aantal doeken. Een daarvan hangt in het ROC Friese Poort in Leeuwarden. In het kader van Leeuwarden Culturele Hoofdstad 2018 zal er vanaf 14 oktober, 100 jaar na haar dood, in het Fries Museum een expositie over haar leven worden geopend, waar ook de dossiers een plek zullen krijgen.



2167917-6913cb295da17f176d26fb6ca528d856.JPG

2167917-93c159597fe695b1906360adfb2a777c.JPG
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rami om 08:57 Reageer op dit bericht

vandaag jaren terug 06 aug 1972 geri hallwill

6 aug 1972 Geraldine Estelle (Geri) Halliwell (Watford (Hertfordshire), 6 augustus 1972) is een Britse zangeres. Ze is vooral bekend als Ginger Spice van de groep Spice Girls. Sinds haar huwelijk met Christian Horner in 2015 gebruikt ze de naam Geri Horner.
Ze werd geboren als dochter van een Spaanse moeder en een Zweeds-Engelse vader. Geri Halliwell werkte aanvankelijk als danseres, televisiepresentatrice in Turkije, aerobics-instructeur, schoonmaakster, barmeisje en (naakt-)model. Ze reageerde op een advertentie waarin leden voor een meisjesgroep werden gezocht en werd zo lid van de Spice Girls. Met de Spice Girls bracht ze twee succesvolle albums Spice en Spice World uit, gevolgd door een speelfilm Spiceworld: The Movie. De groep was de popsensatie van de laatste helft van de jaren 1990. Geri had in de groep de bijnaam Sexy Spice of Ginger Spice, en was de wulpse roodharige van de vijf. Nadat haar zang- en danskwaliteiten al te openlijk in twijfel werden getrokken, verliet ze de Spice Girls in 1998. Dit mede naar aanleiding van conflicten binnen de groep. Geri ging solo verder. De overige vier Spice Girls hadden geen denderend succes meer als groep. Ze scoorde haar eerste solohit met Look At Me in 1999 van de cd Schizophonic. Haar grootste hit was de cover van The Weather Girls It's Raining Men, dat tevens de titelsong was van de film Bridget Jones's Diary. In deze periode raakte Geri veel gewicht kwijt, waardoor er geruchten de ronde deden dat de zangeres zou lijden aan de eetstoornis boulimia. De tweede single van haar daaropvolgende album Scream if you wanna go faster (de titelsong van het album) flopte, net als de opvolger Calling. In 2004 werkte ze vooral aan haar acteercarrière, die echter niet van de grond kwam, ondanks haar gastrol als Phoebe in de Amerikaanse hitserie Sex and the City. In december 2004 kwam in Engeland een nieuw nummer uit: Ride It, deze behaalde de vierde plaats in de Britse top 40. In mei 2005 werd er een tweede nummer uitgebracht in Engeland. Desire, was anders dan voorheen. De electropopdeuntjes en teksten als I'm a sure fine pussycat, I ain't gonna tell you that zorgde ervoor dat Desire de enige hit van Geri was die slechts een teleurstellende 23e plaats in de top 40 bereikte. Op 6 juni 2005 werd na drie jaar werk eindelijk Geri's derde solo-album uitgebracht: Passion. In eerdere instantie was het album vertraagd doordat de kwaliteit door de platenmaatschappij, Innocent Records (EMI), in twijfel werd getrokken. In de eerste week verkocht Passion slechts 8000 stuks. Dit zorgde ervoor dat Geri debuteerde op plaats 43 in de album top 100. (inmiddels was Desire al gezakt naar plaats 72). Binnen 3 weken stond Passion buiten de album top 100. De volgende single, Love never Loved me, werd uitgesteld vanwege onzekere tijden. Er kwamen geen nieuwe singles meer uit van het album Passion. Eind 2005 gaf Geri te kennen aan voorlopig geen nieuw materiaal te willen opnemen voor een eventueel nieuw album. Op 3 oktober 2013 maakte Geri haar comeback als artiest. Ze trad op met haar nieuwe single Half Of Me tijdens de Australische The Footy Show. Het optreden viel slecht in de smaak bij het aanwezige publiek, dat er flink op los twitterde. Half Of Me werd vooralsnog alleen uitgebracht in Australië, waar ze een deal had gesloten met platenmaatschappij Sony. Van Half of Me werden maar 393 exemplaren verkocht in heel Australië. In de bijbehorende videoclip danste Geri samen met levensgrote knuffelberen en mannen met ontblote bovenlichamen. Critici waren aanvankelijk weinig enthousiast over de clip en de teksten van het nummer zoals Just like an apple / Cut down the middle I only have one matching half / I gave you the finger / You took me to dinner / And you made me laugh. Tijdens de finales van Australia's Got Talent besloot Halliwell op het laatste moment een ander nummer te zingen. Eigenlijk stond haar comebacknummer Half of Me op de setlist, maar de zangeres besloot de geflopte single over te slaan. De BBC schreef dat Geri tijdens de show op de Australische tv Wannabe zong. Dat was de eerste hit van de Spice Girls, waar de Britse bekend en succesvol mee werd. Op 22 november 2016 werd Halliwells vierde soloalbum "Man On The Mountain" zonder officiële aankondiging gelekt op YouTube. Het album bevat 13 nieuwe tracks.[1]
In 2017 bracht Halliwell de single Angels In Chains uit, een eerbetoon aan haar overleden boezemvriend George Michael. De downloadopbrengsten gaan volledig naar Childline, het goede doel dat George Michael nauw aan het hart lag.
In 2006 kreeg Halliwell een dochter. Ze huwde op 15 mei 2015 met Christian Horner, hoofd van het Red Bull Racing Formula One team. Begin 2017 kregen zij een zoon

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rami om 09:20 Reageer op dit bericht

Meer van toen

↑ Terug naar de berichten