Naar de inhoud

toen

akke.beakke.be

Archief

vandaag jaren terug 04 aug 1940 timy yuro

4 aug 1940 Rosemary Timothy Yuro (Chicago, 4 augustus 1940 - Las Vegas, 30 maart 2004), beter bekend als Timi Yuro, was een Amerikaans zangeres. In 1952 verhuisde ze naar Los Angeles. Hier nam zij in 1959 haar eerste plaat op voor Liberty Records. Ze had in 1961 een grote hit met Hurt, haar debuutsingle.[1] Daarna had ze in de jaren '60 en '70 nog een aantal hits waaronder I Apologize, maar het succes van Hurt heeft ze internationaal gezien nooit meer geëvenaard. In Nederland maakte ze echter in 1981 een opvallende comeback toen ze als hoofdgast was uitgenodigd voor een TV-gala rond de Platen 10 Daagse, die dat jaar voor het eerst werd georganiseerd. Haar uitvoering van Hurt [2] werd zo goed ontvangen, dat de nieuwe opname ervan in een paar weken tijd in de top 5 van de Top 40 stond. Haar album All Alone Am I, dat kort daarna verscheen, behaalde zelfs de eerste plaats van de toenmalige LP Top 50. De plaat was uitgebracht door het Nederlandse platenlabel Dureco. Door het Nederlandse succes vestigde Timi zich tijdelijk in Nederland. Na een paar redelijk succesvolle lp's raakte haar carrière in de tweede helft van de jaren 80 echter weer in een dip. Ze verhuisde terug naar de VS. Vanwege een hersentumor overleed Timi Yuro op 63-jarige leeftijd thuis in haar slaap. Ze liet haar man Robert en haar dochter Milan achter. Volgens haar wens werd haar as uitgestrooid over het graf van haar ouders in Cicero (Illinois).



2167305-90c319211859ab7b1ae325200c41fb4a.JPG

2167305-8bbfd9197a5a0027ce1fac199bbfd6d7.JPG
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rami om 09:57 Reageer op dit bericht

vandaag jaren terug 04 aug 1961 obama

4 aug 1961 Barack Hussein Obama II (Honolulu, 4 augustus 1961) is een Amerikaans politicus en schrijver. Hij was de 44e president van de Verenigde Staten, in functie van 20 januari 2009 tot 20 januari 2017. Hij was de eerste Amerikaanse president van (deels) Afrikaanse afkomst. Tussen 3 januari 2005 en 16 november 2008 was Obama lid van de Senaat als vertegenwoordiger van Illinois en voordien was hij staatssenator in de wetgevende vergadering van zijn thuisstaat. Na het verslaan van de Republikeinse kandidaat John McCaintijdens de Amerikaanse presidentsverkiezingen 2008 werd hij op 20 januari 2009 tijdens de inauguratie op het Capitool beëdigd als president. Op 9 oktober 2009 kreeg Obama de Nobelprijs voor de Vrede. Hij werd herverkozen bij de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2012 door de Republikeinse kandidaat Mitt Romney met voorsprong qua kiesmannen te verslaan, maar minder afgetekend qua stemmenaantal en met een kleinere marge dan bij zijn overwinning in 2008. Hij was de eerste Democratische kandidaat sinds Bill Clinton (president van 1993 tot 2001) die twee achtereenvolgende presidentsverkiezingen won met een meerderheid van de voorkeurstemmen Obama's vader, Barack Obama Sr., was een Luo uit Kenia. Zijn moeder, Ann Dunham, was een Amerikaanse uit Kansas. Zijn ouders scheidden in 1964 toen Obama twee jaar oud was. Zijn vader keerde terug naar Kenia. Obama heeft hem daarna nog maar één keer gezien. Na de scheiding hertrouwde zijn moeder met Lolo Soetoro, een Indonesische student die in Hawaï studeerde. In 1967 verhuisde het gezin naar Jakarta. Tijdens deze periode volgde Barry Soetoro, zoals hij toen genoemd werd, gedurende twee jaar onderwijs aan een katholieke basisschool die door de Nederlandse kapucijn Bart Janssen is gesticht. Hij was er ingeschreven als moslim. Daarna vervolgde hij zijn lagere school aan de State Elementary School Menteng 01, die Janssen omschrijft als een "elitaire moslimschool".[1] Vier jaar later, Obama was toen tien, keerde hij terug naar Honolulu en ging wonen bij de ouders van zijn moeder. Hier bezocht hij de middelbare school tot 1979. Toen Obama 21 jaar was, kwam zijn vader om bij een auto-ongeluk in Kenia. Zijn moeder keerde ook nog even terug naar Hawaï, maar ging uiteindelijk weer naar Indonesië. Zij overleed in 1995 aan kanker, een paar maanden na het verschijnen van Obama's boek Dreams from My Father.
Na de middelbare school verhuisde Obama naar Los Angeles, waar hij twee jaar aan het Occidental College studeerde. Hij zette zijn studie voort aan de Columbia-universiteitin New York, waar hij in 1983 afstudeerde in politicologie met als specialisatie internationale betrekkingen. Na zijn studie werkte hij als onderzoeker bij de New York Public Interest Group. In 1985 verhuisde hij naar Chicago waar hij projecten deed in armere buurten. Van 1985 tot 1988 was hij hoofd van het Developing Communities Project (DCP). DCP was een hulpprogramma opgezet door de Katholieke Kerk. Als afsluiting van deze periode bezocht Obama Europa en Kenia. In Kenia ontmoette hij familieleden. In 1988 begon Barack Obama aan zijn studie rechten aan de Harvard-universiteit. In 1990 haalde hij het nieuws toen hij als eerste Afro-Amerikaan werd benoemd tot president van de Harvard Law Review. [2] In deze hoedanigheid zorgde hij voor een politiek en ideologisch evenwicht in de inhoud van het tijdschrift; zelf publiceerde hij anoniem een artikel over het recht van het kind om tegen de eigen moeder een rechtszaak aan te spannen wegens verwaarlozing tijdens de zwangerschap.[3] [4] Hij studeerde in 1991 cum laude af, waarna hij terugkeerde naar Chicago en ging werken als advocaat. Obama doceerde tussen 1993 en 2004 in deeltijd rechten aan de Universiteit van Chicago. Van 1992 tot 2002 was hij tevens werkzaam bij het advocatenkantoor Davis, Miner, Barnhill & Galland. Zijn activiteiten als advocaat in dossiers aangaande mensenrechten was de beslissende stap die hem naar politieke activiteiten bracht. Obama's echtgenote Michelle Robinson studeerde eveneens aan Harvard. De twee ontmoetten elkaar in 1989 tijdens hun werk voor een advocatenkantoor en trouwden in 1992. Ze hebben twee dochters: Malia Ann (4 juli 1998) en Natasha "Sasha" (10 juni 2001). Michelle Obama is tegenwoordig vicepresidente voor gemeenschapszaken van de University of Chicago Hospitals. Zij kwam in opspraak toen haar salaris verdrievoudigde nadat Obama senator was geworden. De reden hiervoor was echter
een promotie en haar volle baan met overuren toen ze geen campagne meer voerde voor haar echtgenoot. Obama is christen, maar niet van huis uit. Hij is gedoopt in de United Church of Christ in 1988.[5] [6] Barack Obama is een rechtstreekse afstammeling van de protestantse 'Pilgrim Fathers', te weten de familie Blossom, die begin 17e eeuw vanwege religieuze vervolgingen vanuit Engeland naar Leiden was uitgeweken en van daaruit in 1629 naar Amerika voer voor een leven in godsdienstvrijheid. Het meeste opmerkelijke aan deze vondst, die op 5 december 2008 door de gemeente Leiden werd bekendgemaakt en door de New England Historic Genealogical Society in Boston werd bevestigd, is dat Obama afstamt van Elizabeth Blossom, wier broer Peter een verre voorouder is van Obama's ambtsvoorganger George W. Bush.[7] Ook de vicepresident van de VS tijdens Bush' regering, Dick Cheney, is verre familie van Obama. [8] Halfbroer Malik Obama deed in Kenia mee aan de gouverneursverkiezing voor het district Siaya en werd derde.[9] In de Senaatsverkiezingen voor Illinois streed hij in 2004 om een open zetel tegen de Republikein Alan Keyes. De winnaar werd in ieder geval de vijfde Afro-Amerikaan in de geschiedenis van de Senaat, na Hiram Revels, Blanche Bruce, Edward Brooke en Carol Moseley Braun. Obama won de verkiezingen met 70% van de stemmen tegenover 27% voor Keyes. In de Senaat zette Obama zich onder andere in voor onderwijs, immigratie en grotere transparantie van de regering via e-government. Obama was ook actief in buitenlandse zaken. Zijn reis naar Afrika, waarin hij Zuid-Afrika, Kenia, Djibouti, Ethiopië en Tsjaad bezocht, trok veel aandacht bij media in de Verenigde Staten en de bezochte landen. Obama was de derde Afro-Amerikaan die een 'keynote address' gaf op een Nationale Democratische Conventie (in 2004). Dit was een opvallende toespraak, waarmee hij zich als politieke belofte introduceerde bij de Amerikaanse kiezers, met als meest geciteerde woorden:
Er is geen links Amerika en geen conservatief Amerika; er is de Verenigde Staten van Amerika. Er is niet een zwart Amerika en een blank Amerika en een latino Amerika en een Aziatisch Amerika; er is de Verenigde Staten van Amerika.
Op 16 januari 2007 maakte Barack Obama bekend een verkennend comité te hebben opgericht ter voorbereiding op zijn deelname aan de Democratische voorverkiezingen voor de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2008. Op 10 februari 2007 maakte hij zijn kandidatuur officieel in Springfield (Illinois).[10] Zijn belangrijkste tegenkandidaat bij de Democratische voorverkiezingen werd Hillary Clinton.[11] De eerste voorverkiezing vond op 3 januari 2008 plaats in Iowa. Obama won deze staat met ruime voorsprong op John Edwards (tweede) en Clinton (derde). In de tweede voorverkiezing, in New Hampshire, bleef Clinton hem nipt voor.[12] Vervolgens gingen Obama en Clinton geruime tijd gelijk op. Ook Super Tuesday, waarop 24 staten hun stem uitbrachten, bracht nog geen beslissing. Hierna nam Obama een voorsprong door tien staten op rij te winnen.[13] Deze prestatie kon Clinton, hoewel zij belangrijke staten als Florida, Pennsylvania en Californië achter zich had weten te krijgen, niet meer inhalen. Obama won uiteindelijk verreweg de meeste voorverkiezingen en caucuses. Na de laatste voorverkiezingen op 3 juni had Obama voldoende gedelegeerden achter zich om de Democratische kandidatuur voor de verkiezingen op te kunnen eisen. Clinton trok zich op 7 juniofficieel terug uit de verkiezingsstrijd. Sinds Obama de Democratische presidentskandidaat werd, voerde hij campagne in zogeheten swing states. Zijn campagneteam vestigde records met het registreren van nieuwe kiezers voor de Democratische Partij, waarvan een groot deel met behulp van het internet. Obama's toespraken brachten duizenden mensen op de been en hij gebruikte leuzen als Yes we can en Change we can
believe in. Op 23 augustus 2008 werd bekend dat Obama de 65-jarige senator Joe Biden had gekozen als running mate.[14] Obama werd in de campagne gesteund door een aantal bekende Amerikaanse politici, zoals Jimmy Carter, John Kerry, Ted Kennedyen Colin Powell, alsmede door beroemdheden zoals Caroline Kennedy, Robert De Niro, Stevie Wonder, Oprah Winfrey, Jennifer Aniston en Will Smith. Obama debatteerde driemaal met zijn Republikeinse tegenstander John McCain. Tijdens de campagneperiode was bij sommige Amerikanen echter ook twijfel ontstaan over de oprechtheid van Obama. Er werd twijfel gezaaid of Obama wel in Amerika geboren was en een Amerikaans staatsburger is, hetgeen een voorwaarde is om president van Amerika te kunnen zijn. Een advocaat in Philadelphia (en aanhanger van Hillary Clinton), Philip J. Berg, meende dat Obama in Afrika geboren was en ondernam daarom gerechtelijke stappen om hem van de kieslijst in november te laten verwijderen.[15] [16] Inhoudelijk was er bezorgdheid over wat Obama's economisch beleid zou betekenen voor de VS en over zijn belofte om zonder condities vooraf met Amerika vijandig gezinde wereldleiders als Hugo Chávez en Mahmoud Ahmadinejad te praten.[17] Vijf dagen voor de verkiezingen onderbrak Obama zijn campagne om zijn grootmoeder, die op Hawaï woonde te kunnen bezoeken. Zij lag op haar sterfbed en overleed twee dagen voor de verkiezingen. Op 4 november 2008 won Obama de verkiezingen, waarna hij zijn overwinningstoespraak in het Grant Park in thuisstad Chicago gaf.
Tijdens de Democratische voorverkiezingen had Obama geen serieuze tegenstand. Obama koos wederom Joe Biden als zijn running mate, ondanks geruchten dat de keuze zou vallen op Hillary Clinton. Obama nam het bij de algemene verkiezingen op tegen de Republikein Mitt Romney. Deze deed het beter dan McCain vier jaar eerder, maar bleef toch steken op 206 kiesmannen tegenover 332 kiesmannen voor het duo Obama-Biden. Barack Obama werd op dinsdag 20 januari 2009 om 12.05 uur (plaatselijke tijd) in Washington DC beëdigd tot 44e president van de Verenigde Staten. De eed werd hem afgenomen door opperrechter Roberts waarbij dezelfde bijbel werd gebruikt als bij de inauguratie van Abraham Lincoln in 1861. Rechter Roberts maakte een fout in de eed, hij sprak het woord getrouw (faithfully) later uit dan de tekst van de eed uit de grondwet voorschrijft. De juiste tekst is: Ik zal getrouw het ambt van president van de Verenigde Staten uitvoeren, Roberts zei: Ik zal het ambt van president van de Verenigde Staten getrouw uitvoeren. Obama bemerkte de fout, haperde even, maar sprak Roberts toch na. Voor de zekerheid werd Obama de dag erna nog een keer — in besloten kring — beëdigd conform de juiste tekst.[18] In de eerste dagen als president vaardigde hij executive orders uit om de Amerikaanse troepen uit Irak terug te trekken. Hij beval de sluiting van het detentiecentrum in Guantanamo Bay "zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk tegen januari 2010", Hij beperkte de geheimhouding die gegeven wordt aan de presidentiële administratie en veranderde de procedures van de Freedom of Information Act. Hij hief ook het verbod op op federale financiering van buitenlandse organisaties die abortus provocatus mogelijk maken, in maart 2009 gevolgd door het opheffen van het verbod op federale subsidies voor embryoverbruikend stamcelonderzoek.
Obama werd president terwijl de economische crisis – ook bekend als de kredietcrisis – op haar hoogtepunt was. Obama ondertekende op 17 februari de American Recovery and Reinvestment Act of 2009. Dit was een economisch pakket maatregelen ter waarde van 787 miljard dollar dat bestond uit verschillende maatregelen met betrekking tot onderwijs, gezondheidszorg, infrastructuur en
verschillende belastingvoordelen. Het was bedoeld om de Amerikaanse economie, die zich op een dieptepunt bevond, te stimuleren. Obama's minister van Financiën Timothy Geithner maakte in februari 2009 bekend een publiek-privaat fonds te willen opzetten dat de riskante producten van banken opkoopt.[19] In juni 2009 hield Obama met overheidssteun de Amerikaanse autoconcerns General Motors en Chrysler overeind.[20] Het totale begrotingstekort bedroeg over 2010 10.6 procent van het bruto binnenlands product (bbp). Voor 2011 ligt de verwachting een stuk lager, maar de totale staatsschuld zal dan zijn opgelopen tot ongeveer 8,53 biljoen dollar, 80 procent van Amerikaanse bbp. De werkloosheid liep in oktober 2009 op tot 10.1 procent, maar begon daarna weer te dalen.
In het eerste jaar van zijn regering zette Obama sterk in op een hervorming van de Amerikaanse gezondheidszorg. Zijn plan voorzag in ziektekostenverzekering voor circa 32 miljoen tot dan toe nog onverzekerde Amerikanen. Voor veruit de meeste Amerikanen werd een basisverzekering tegen ziektekosten verplicht. Verzekeringsmaatschappijen mogen zieke Amerikanen niet meer afwijzen.[21] Een belangrijk kritiekpunt van de Republikeinen waren de hoge kosten van de plannen. Er was circa 1 biljoen dollar (700 miljard euro) voor nodig. Prolifeorganisaties en Religieus Rechts hebben zich ook fel tegen de plannen verzet. Vooral de mogelijkheid om abortus met belastinggeld te financieren stuitte op heftige protesten. Obama gaf de verzekering af dat er geen federale fondsen voor de financiering van abortus zouden worden aangewend. Wel houden individuele staten de mogelijkheid overheidsgeld voor abortus ter beschikking te stellen.[21] Dankzij een ruime meerderheid van zijn partij in de Senaat wist Obama zijn plannen te realiseren. Op 23 maart 2010 ondertekende hij de zogeheten Patient Protection and Affordable Care Act.
Op 20 april 2010 vond er onder water een explosie plaats op het boorplatform Deepwater Horizon in de Golf van Mexico. Daardoor liep er een gigantische hoeveelheid olie in zee. BP, leaser van de boortoren, probeerde het gat te dichten, maar slaagde daar lange tijd niet in. President Obama bezocht de rampregio voor de eerste keer op 2 mei, en later op 28 mei en 4 juni. Hij gaf opdracht tot een federaal onderzoek en stelde een onafhankelijk commissie in die onderzoek moest doen naar nieuwe veiligheidsmaatregelen.[22]Obama riep de noodtoestand af en kondigde op 27 mei een moratorium voor boren op zee in diepwater. Het lek werd pas op 15 juli gedicht. De regering van Obama klaagde BP achteraf aan omdat het bedrijf zich niet aan de benodigde veiligheidsmaatregelen had gehouden.[23]
Tijdens de presidentiële overgangsperiode liet Obama weten dat hij Robert Gates, onder president George W.H. Bush al minister van Defensie, zou aanhouden als minister. Op 27 februari 2009 kondigde hij aan dat er op 31 augustus 2010 een einde moest komen aan de militaire gevechtsmissie in Irak. [24] Hij verminderde de troepenmacht van 142.000 man tot een aantal tussen de 35.000 en 50.000 man. Deze blijven tot eind 2011 en zullen helpen met de training van Iraakse soldaten. Op 31 augustus kondigde Obama ook daadwerkelijk aan dat er een einde was gekomen aan de gevechtsmissie in Irak.
In het begin van zijn presidentschap kondigde Obama aan extra troepen naar Afghanistan te willen sturen. Op 1 december kondigde hij aan 30.000 soldaten te sturen ter versterking van de aanwezig 71.000 manschappen. Hij stelde ook voor om binnen 18 maanden te beginnen met het terugtrekken van troepen uit Afghanistan.[25] In juni 2010 verving Obama Stanley McChrystal, de militaire commandant in Afghanistan, nadat deze het Witte Huis hevig had bekritiseerd in een interview. De nieuwe commandant werd David Petraeus.
In 2009 ontving hij de Nobelprijs voor de Vrede voor "zijn uitzonderlijke inspanningen ter versterking van de internationale diplomatie en de samenwerking tussen de volkeren".[26] Er was verbazing en kritiek op de keuze van het Nobelprijs-comité, omdat Obama als president nog weinig bereikt zou hebben. Obama gaf zelf aan "niet het gevoel te hebben dat ik thuishoor in het gezelschap van de mensen die de prijs eerder al wonnen".[27]
In Libië braken in februari 2011 massale protesten uit tegen de lang zittende dictator Moammar alQadhafi. Er brak vervolgens een burgeroorlog uit. De rebellen riepen de internationale gemeenschap op om een no-flyzone in te stellen. De VN-veiligsheidsraad nam op 17 maart 2011 Resolutie 1973 Veiligheidsraad Verenigde Naties aan, waardoor er vliegverbod kwam boden Syrië. Nadat bleek dat Libië dit verbod schond besloten de VS, Canada, Frankrijk en Groot-Brittannië tot militair ingrijpen. Later vonden de militaire acties plaats onder de vlag van de NAVO. Dit ingrijpen droeg uiteindelijk bij aan de val van al-Qadhafi. Na zijn overlijden raakte het land verwikkeld in een burgeroorlog. In september 2012 vond er een bestorming plaats van het Amerikaans consulaat in Benghazi, waarbij de Amerikaanse ambassadeur Christopher Stevens het leven verloor.
Op 2 mei 2011 gaf Obama een eenheid van Navy SEALs toestemming om een villa binnen te vallen in Abbottabad (Pakistan) waar Osama bin Laden zich ophield. Bij de inval werd de leider van Al Qaida gedood.
Obama was in maart 2016 de eerste Amerikaanse president in 88 jaar die Cuba bezocht. Eind 2014 had Obama samen met de Cubaanse leider Raul Castro al aangekondigd dat de banden tussen beide landen hersteld zouden worden. Zo zou de Verenigde Staten een ambassade openen in Havana en Cuba andersom in Washington D.C..[28] Dit gebeurde in de zomer van 2015.
Op 21 mei 2018 tekende Barack Obama samen met zijn vrouw Michelle Obama een meerjarencontract met Netlfix. Het koppel zou films, series en documentaires gaan maken voor Netflix. Hiervoor richtten de Obama's “Higher Ground Productions” op, een bedrijfje waarmee ze programma's zullen maken voor Netflix.[29]
Van Obama's hand verscheen in 1995 zijn autobiografie: Dreams from My Father: A Story of Race and Inheritance. In december 2004 tekende hij een contract voor 1,9 miljoen dollar voor het schrijven van nog drie boeken, waaronder een kinderboek. Een royaal gedeelte van het bedrag was een voorschot. In het eerste van de drie boeken, Audacity of Hope, verschenen op 17 oktober 2006, worden Obama's politieke overtuigingen behandeld. In september 2008 bracht Obama het boek Change we can believe in uit, zijn programma voor de toekomst van de Verenigde Staten. De Nederlandse vertaling hiervan verscheen in januari 2009.



2167302-474de891b613eac9b4b626c9162fbd77.JPG

2167302-406baa1228ee8ca1921779e9cbeb319d.JPG
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rami om 09:53 Reageer op dit bericht

vandaag jaren terug 03 aug 1790 john cockerill

3 aug 1790 John Cockerill (Haslington, 3 augustus 1790 - Warschau, 19 juni 1840) was een Brits industrieel, die in België een industrieel imperium opbouwde. Zijn ouders waren William Cockerill en Betty Cockrel (later Cockerill, een van de vele varianten van deze familienaam). Zijn vader bouwde machines voor de textielindustrie en had reeds in 1797 een fabriek in Verviers in het huidige België (toen nog onder het bewind van Napoleon Bonaparte). In 1813 namen John en diens broer James, die in Luik reeds een fabriek hadden, de machinefabriek over van hun vader.
In 1817 kregen ze van koning Willem I de gelegenheid de Luikse staalindustrie te moderniseren. Ze kochten het voormalige kasteel van de prins-bisschop van Luik in Seraing en bouwden er de eerste hoogovens op cokes - in plaats van houtskool -, gebruikmakend van de steenkool die in de regio werd gewonnen, zie voor de bedrijfsgeschiedenis ook Société John Cockerill. De gebroeders Cockerill introduceerden daarmee de massaproductie van ijzer en staal, niet alleen de ruwe producten maar ook machines, schepen, locomotieven en spoorwegmaterieel. In 1825 verkocht James Cockerill zijn aandeel in de fabrieken aan de Koning Willem I. Na 1830 leverde Cockerill de rails en locomotieven voor de eerste spoorwegen van het -toen onafhankelijke- België en van het Europese vasteland.
In 1838 vormde hij het eerste grote geïntegreerde industriële complex met hoogovens, staalgieterij, walserijen, smederijen en constructiewerkplaatsen, aan de oevers van de Maas, ontsloten door een eigen haven en via spoorwegen verbonden met nabijgelegen erts- en kolenmijnen. Hij kwam rond die tijd echter in een financiële crisis terecht toen het vertrouwen van de investeerders in zijn onderneming wegviel. Ontgoocheld besloot hij om in Rusland opnieuw te beginnen. In SintPetersburg liep hij typhuskoorts op. Op de terugweg verergerde zijn toestand zodanig dat hij in Warschau werd opgenomen. Daar stierf hij op 19 juni 1840, 49 jaar oud.
In 1844 opende het Cockerill concern op een gehuurd terrein langs de Schelde in Antwerpen een scheepswerf op de plaats van de vroegere werf van Bonaparte. In 1866 wordt een nieuwe werf opgericht op een aangekocht perceel aan het Kattendijkdok. De werf verhuist uiteindelijk in 1873 naar Hoboken. Cockerill Yards ging in 1982 failliet. De Cockerill-fabrieken bleven evenwel verder bestaan als naamloze vennootschap; in 1850 werd de fabriek in Seraing zelfs de grootste ter wereld. Gedurende meer dan een eeuw zou Cockerill een centrale plaats innemen in de economie van de Luikse regio. Na de Tweede Wereldoorlog zou na een aantal fusies in de Waalse staalindustrie, in 1981 de groep Cockerill-Sambre ontstaan, die in 1999 tot de Usinor-groep toetrad en in 2002 tot de Arcelor-groep. Cockerill behoort nu tot ArcelorMittal. De machineconstructie werd afgesplitst in 1999 en heet nu CMI (Cockerill Maintenance & Ingénierie



2167095-436b6fdf26d209838fc38ef3853a0ba1.JPG

2167095-9c9fb288019e18160146cf19375b064f.JPG
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rami om 09:19 Reageer op dit bericht

vandaag jaren terug 03 aug 1977 wikia

3 aug 1977 Angela Beesley Internetondernemer. Vice President van Wikia, het internet open source project Angela Beesley Starling (geboren op 3 augustus 1977) is een ondernemer van Inglis . Ze wirks wi Jimmy Wales een co-foondeitWikia wi hem. Zij is getrouwd met Tim Starling. Momenteel is zij de vice-preses van Wikia. Wikia is een verzameling wiki's aangedreven door ("powered by") MediaWiki. Deze zijn gratis voor particulieren. In tegenstelling tot Wikimedia is Wikia een commerciële dienst die advertenties toelaat. De site staat onder beheer van Wikia Inc., een bedrijf dat eveneens in 2004 werd opgericht. Wikia werd op 18 oktober 2004 als Wikicities opgericht door Jimmy Wales en Angela Beesley Starling. Op 28 maart 2006 veranderde de naam van de site in Wikia.[2] Op 10 juli 2006 werd Uncyclopedia ook een website van Wikia. Op 7 januari 2008 lanceerde Wikia een alfaversie van zijn zoekmachine Wikia Search, maar in 2009 werd dit initiatief alweer stopgezet. In de zomer van 2010 verhuisden enkele servers naar Duitsland.[ Op 25 januari 2016 kwam er een afsplitsing van Wikia, Fandom. Deze eigen wiki is speciaal voor alles wat met entertainment te maken heeft.[ Op 24 juni 2010 organiseerde de Uncyclomedia-gemeenschap[ (de gemeenschap die instaat voor het centrale beleid op de Uncyclopedia's in andere talen) een petitie [ op verschillende anderstalige wiki's met hetzelfde humorconcept. De organisatie tekende tegen het commerciële beleid dat gevoerd wordt op Uncyclopedia en strijdt heden ten dage nog steeds tegen wat de organisatie noemt: "het onrecht dat Wikia veroorzaakt heeft door het concept zomaar over te nemen". Vanaf het moment dat in 2006 de domeinnaam uncyclopedia.org verkocht werd, ging Wikia zich engageren om ook andere Uncyclopedia's in andere talen over te nemen, hoewel de licentie van Creative Commons ] dat verbiedt. Volgens de licentie mocht Wikia Uncyclopedia ook niet zomaar overnemen. Wikia presenteerde zich vanaf dan als het centrale platform voor de andere talen en benaderde verschillende anderstalige projecten om ook over te gaan naar Wikia. Uncyclomedia echter, dat zich in zijn rol als centrale nonprofitorganisatiebedreigd voelde door Wikia, heeft dit sindsdien altijd proberen tegen te gaan. De petitie ging dan ook gepaard met veel polemiek over de rol van Wikia bij Uncyclopedia.



2167094-a4a344700e65b65d53aa791b71b1c523.JPG

2167094-6e6c18e8aee1b62b8c8c7924f2d202a7.JPG
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rami om 09:18 Reageer op dit bericht

vandaag jaren terug 03 aug 1926 tony bennett

3 aug 1926 ony Bennett, geboren als Anthony Dominick Benedetto (Astoria (Queens, New York), 3 augustus 1926) is een Amerikaans zanger , van zowel populaire als jazzmuziek. Zijn artistieke carrière loopt al meer dan 65 jaar, met 18 Grammy Awards, waaronder een Lifetime Achievement Award in 2001, heeft hij een bijzonder respectabel palmares. Hij wordt beschouwd als de laatste grote crooner uit het gouden tijdperk van het genre van bijvoorbeeld Frank Sinatra en Dean Martin, en is een vooraanstaand vertolker van het Great American Songbook. Sinatra en Bennett waren wederzijdse bewonderaars. Sinatra zei in 1965 in een interview in Life magazine zelfs: "For my money, Tony Bennett is the best singer in the business". Bennetts bekendste nummer is ongetwijfeld I left my heart in San Francisco' (Grammy Award voor Record of the Year, 1962). Reeds op tienjarige leeftijd trad hij op bij festiviteiten ter gelegenheid van de opening van Triborough Bridge in zijn geboorteplaats. Tot 1942 studeerde hij aan de High School of Industrial Art (met hoofdvakken muziek en schilderen), daarna verdiende hij – om zijn familie financieel te steunen – de kost als "zingende ober" in Italiaanse restaurants in Queens. In 1944 moest hij het leger in en was gedurende het laatste jaar van de Tweede Wereldoorlog gelegerd in Duitsland, waar hij meehielp aan de bevrijding van een concentratiekamp in Landsberg. Na de oorlog zong hij bij een militaire band onder de artiestennaam Joe Bari. Na zijn terugkeer in de VS behield hij aanvankelijk deze naam en bekwaamde hij zich verder in het belcanto, werkte in talrijke kleinere muziekclubs en trad op in het voorprogramma van Pearl Bailey, waar hij door Bob Hope werd ontdekt en liet zich op diens aanraden voortaan Tony Bennett noemen. In 1950 nam hij een demo op en werd daarop door Mitch Miller gecontracteerd voor Columbia Records. Miller adviseerde hem, Frank Sinatra (die net Columbia Records verliet) niet te gaan imiteren, maar met een eigen geluid te komen. Bennett begon daarom zijn carrière als croonerzanger met populaire commerciële muziek. Zijn eerste grote hit was "Because of You (1951)" in een arrangement van Percy Faith en geproduceerd door Mitch Miller. Het nummer won aan populariteit doordat het in veel jukeboxen te vinden was en belandde op de eerste plaats in de lijst van tophits en hield die plaats 10 weken vast. Er werden meer dan een miljoen exemplaren van verkocht. Later dat jaar bracht Bennett Hank Williams' "Cold, Cold Heart" in een speciaal arrangement uit, dat ook een toppositie bereikte en niet alleen Hank Williams, maar ook de countrymuziek in het bijzonder, bij een breder publiek introduceerde. Bennetts opname van Blue Velvet was zo populair dat het horden schreeuwende teenagerfans aantrok bij concerten in het Paramount Theater in New York. Bennett moest zeven concerten per dag geven (vanaf 10.30 uur 's morgens) om al zijn fans in de gelegenheid te stellen zijn concerten bij te wonen. In 1952 trouwde Bennett met kunststudente en jazzliefhebster Patricia Beech, die hij een jaar eerder tijdens een nachtcluboptreden in Cleveland (Ohio) had ontmoet. Tijdens de huwelijksvoltrekking in Saint Patrick's Cathedral verzamelden zich buiten tweeduizend rouwende, in het zwart geklede vrouwelijke fans. Het paar kreeg twee zonen. Verschillende belangrijke standards en veelgecoverde hits werden door Tony Bennett geïntroduceerd : The good life (Engelse versie), The Best Is Yet to Come, alsook filmsong The Shadow of Your Smile (won zowel een Grammy "Song of the Year" als een Academy Award), en I Left My Heart in San Francisco. Na gouden successen in de jaren 50 en 60, verging het Bennett commercieel minder goed in de jaren 70 en 80. Hij werd geconfronteerd met contractuele, financiële en persoonlijke problemen. Eind jaren zeventig ging het Bennett, behalve om geldproblemen, ook emotioneel zwaar, wegens de dood van zijn moeder. Hierdoor ging hij steeds meer drugs gebruiken. Dit drugsgebruik kostte hem bijna zijn leven, nadat hij na het nemen van een overdosis cocaïne flauwviel in zijn bad en bijna
verdronk. Hij werd echter net op tijd gered door zijn toenmalige vrouw, die hem vond en naar het ziekenhuis bracht. Dankzij zijn zoon werd zijn carrière opnieuw opgepikt, werden de geldproblemen van Bennett opgelost en was hij gestopt met het gebruiken van drugs. In deze minder succesvolle periode, wordt wel de samenwerking met de legendarische jazzpianist Bill Evans als een artistiek hoogtepunt beschouwd : The Tony Bennett/Bill Evans Album (1975) en Together Again (Bennett and Evans album) (1976). Enkel begeleid door piano, komt Bennett er tot de puurste vorm van zijn zangkunst en interpretaties. Vanaf 1990 kwam er een comeback in zijn carrière, zijn albums wonnen opnieuw Grammy Awards, en in 1994 scoorde hij een nieuw publiek dankzij een MTV Unplugged-sessie – het livealbum werd bekroond door de Grammy Awards in 1995 als Album of the Year. De zanger staat bekend als filantroop en is een begenadigd kunstschilder. Al is Bennett een uitstekende crooner (intieme, zachte stijl van zingen), hij is ook bekend voor zijn krachtige stem, met zijn getrainde belcanto, noodzakelijk in het tijdperk voor de microfoon zijn intrede deed in concertzalen. Die vocale training maakt het mogelijk voor deze tachtiger om nog steeds krachtig te zingen. In september 2011 bracht Bennett Duets II uit, een vervolg op zijn eerste duetalbum, ter ere van zijn 85ste verjaardag. Deze cd, met nummers met o.a. Amy Winehouse, Norah Jones en Michael Bublé, maakte Bennett de oudste nog levende artiest met een Billboard 200-nummer 1 positie. Dit record werd in september 2013 door de 96-jarige Fred Stobaugh verbroken. De eerste single werd Body and Soul, dit was een samenwerking met de zangeres Amy Winehouse, het zou de laatste opname zijn voor haar overlijden, dit duet won een Grammy Award. Voor de tweede single schakelde hij de hulp in van Lady Gaga: The Lady Is A Tramp. Het nummer kreeg van critici lovende kritieken. In 2014 ging hij opnieuw de samenwerking met deze popdiva aan wat het het jazzalbum Cheek to Cheek opleverde.[1] Op 12 februari 2012 won hij zijn 15e en 16e Grammy's tijdens de 54e uitreiking van deze muziekprijzen. Op 8 februari 2015 won hij de Grammy voor "Best pop album vocal" voor zijn duetalbum Cheek to cheek samen met Lady Gaga. In december 2015 trad hij nog op tijdens "Sinatra 100 — An All-Star GRAMMY Concert" met een lied van en voor Frank Sinatra (ter ere van diens 100e "verjaardag"). Bennett was tevens goed bevriend met de Nederlandse cabaretier Toon Hermans.



2167091-22a62f4aa60f8a354f2fcb1f8dca11a2.JPG

2167091-b3810e01257ed085c2bae31b67b3bb57.JPG
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rami om 09:14 Reageer op dit bericht

vandaag jaren terug 2 aug the beatles

2 aug 1961 Eerste optreden van de Beatles als de huisband in de Cavern Club in Liverpool, Engeland. The Beatles was een popgroep uit de Engelse stad Liverpool. De groep was actief van 1960 tot 1970 en wordt algemeen beschouwd als de meest invloedrijke band uit de geschiedenis van de popmuziek. [1] De bezetting bestond uit John Lennon, Paul McCartney, George Harrison en Ringo Starr; andere vroege leden waren Stuart Sutcliffe en Pete Best. Al vrij snel na hun doorbraak kregen de leden van The Beatles te maken met hysterische reacties van voornamelijk jonge tienermeisjes, die tijdens concerten de muziek met hun gegil overstemden. Voor dit gedrag raakte de term "Beatlemania" in zwang. Tijdens hun carrière verrichtten ze pionierswerk in de geluidsstudio, waarvoor ze in brede kring lof oogstten. Onder hun invloed groeide de popmuziek uit van een op Amerikaanse rhythm-andblues gebaseerd genre tot een veel breder georiënteerde muzieksoort. Met de ontwikkeling en de verfijning van hun muziek, geleid door het songwritersduo Lennon-McCartney, werd The Beatles steeds meer beschouwd als belichaming van de gezamenlijke idealen van de sociaal-culturele revoluties tijdens de jaren zestig. The Beatles-leden John Lennon en Paul McCartney waren de belangrijkste liedjesschrijvers van het viertal. De Amerikaanse artiesten die ze bewonderden en die ze als inspiratiebronnen beschouwden waren Chuck Berry, Little Richard, Fats Domino, Elvis Presley, The Everly Brothers, Buddy Holly, de songwriter Smokey Robinson en, na 1964, de folksinger-songwriter Bob Dylan maar ook Harry Nilsson.Tot de bekendste nummers van The Beatles behoren: I Want to Hold Your Hand, She Loves You, Yesterday, Michelle, Yellow Submarine, Lucy in the Sky with Diamonds, All You Need Is Love, Hey Jude, Let It Be, Help!, Penny Lane, In My Life en Strawberry Fields Forever. The Beatles zijn tot nu toe de bestverkopende band in de geschiedenis, met een geschatte omzet van meer dan 600 miljoen platen wereldwijd.[2] [3] De groep staat bovenaan de lijst van de meest succesvolle ‘Hot 100’ kunstenaars aller tijden van het Amerikaanse Billboard Magazine; in 2015 houdt de groep het record voor de meeste nummers-een op de Billboard Hot 100-lijst met twintig. The Beatles kreeg tien Grammy Awards, een Oscar voor beste originele muziek en vijftien Ivor Novello Awards. Collectief is The Beatles opgenomen in de 'Time 100: The Most Important People of the Century', een compilatie van de 100 meest invloedrijke personen van de twintigste eeuw van het tijdschrift Time. The Beatles staat nummer 1 op de lijst van de 100 invloedrijkste artiesten dat door het Amerikaanse muziektijdschrift Rolling Stone werd samengesteld. De groep werd ingewijd in de Rock and Roll Hall of Fame in 1988 en alle vier leden individueel tussen 1994 en 2015. Als echte hoogtepunten in het repertoire gelden de albums A Hard Day's Night (1964, soundtrack van de klassieke film), Rubber Soul (1965), Revolver (1966), Sergeant Pepper's Lonely Hearts Club Band (1967), The Beatles (1968) en Abbey Road (1969). Hun album Sgt. Pepper's Lonely Hearts Club Band uit 1967 geldt als een mijlpaal in de popgeschiedenis De basis voor The Beatles werd op 6 juli 1957 gelegd, toen John Lennon op een festival in Woolton, Liverpool, tussen de optredens van zijn groep The Quarrymen door Paul McCartney ontmoette.[5] Die bracht op zijn beurt enige maanden later weer schoolvriend George Harrison mee[6] die in eerste instantie door John Lennon te jong werd bevonden om tot de groep toe te treden. Harrison was toen 14, Lennon 17 en McCartney 15 jaar oud. In 1960 wijzigden ze op voorstel van Stuart Sutcliffe de groepsnaam eerst in Beatals, waarna nog enkele wijzigingen volgden (een maand heetten ze de Silver Beetles) en ze in augustus op de definitieve groepsnaam stuitten, een woordspelige combinatie van de woorden "beat" en "beetles", dat kevers betekent en een eerbetoon was aan de naar insecten vernoemde begeleidingsband van Buddy Holly, de Crickets (krekels). John Lennon, Stuart Sutcliffe en Paul McCartney waren regelmatig te vinden in club Jacaranda in Slater Street. The Beatles begonnen te spelen in de Jac in de zomer van 1960. De eigenaar van de club, Allan Williams kon tussen mei en augustus 1960 ook een aantal boekingen regelen voor optredens op andere locaties en werd zo de eerste manager van de band. Hij regelde ook optredens in Hamburg, waar hij ze persoonlijk naar toe reed. [7]. Ze leerden in Hamburg de zanger Tony Sheridan kennen, die daar ook in het clubcircuit optrad. In juni 1961 maakten ze als zijn
begeleidingsgroep hun eerste platenopnamen.[8] [9] Twee van de liedjes die daarbij werden opgenomen, My Bonnie en The Saints, werden op single uitgebracht. Die werd in Duitsland een klein hitje, maar dat leverde voor The Beatles geen naamsbekendheid op: op de hoes werden ze helemaal niet vermeld en op het etiket heetten ze The Beat Brothers. De overige liedjes van de Hamburgse opnamesessies bleven op de plank liggen tot 1964, toen The Beatles beroemd waren geworden en platenmaatschappij Polydor probeerde mee te liften op het succes door ze op een lp (The Beatles' First) en een paar singles uit te brengen. In november 1961 maakte de groep kennis met Brian Epstein, die aanbood hun manager te worden. [10] Toen The Beatles daarmee akkoord gingen, begon Epstein verwoede pogingen te doen om voor hen een platencontract in de wacht te slepen. Op 1 januari 1962 deed de groep auditie bij Decca Records. Ze werd afgewezen. Pas op 6 juni 1962 leverde een auditie bij producer George Martin van Parlophone een platencontract op.[11] Tot aan de definitieve samenstelling vonden nog diverse personeelswisselingen plaats; bekende exleden zijn bassist Stuart Sutcliffe die kort na het verlaten van de groep op 21-jarige leeftijd overleed in het ziekenhuis van Hamburg, en drummer Pete Best, die ook nog eens onder een keur van namen optrad. Best werd bedankt voor zijn diensten op 16 augustus 1962 door Beatles-manager Brian Epstein.[12] [13] Reden hiervoor was dat George Martin bij hun auditie niet tevreden was over Bests drumwerk op de eerste versie van Love Me Do, het liedje dat later de eerste echte single van The Beatles zou worden.[14] Toen de overige Beatles dit hoorden, drongen ze bij manager Epstein aan op het ontslag van Best.[15] Ten slotte werd Ringo Starr gevraagd om bij de band te komen.[12] [15] Starr, wiens echte naam Richard Starkey is, speelde daarvoor bij Rory Storm and the Hurricanes, eveneens afkomstig uit Liverpool. Love Me Do werd bespeeld door Andy White, een sessiedrummer, omdat George Martin ook bij Ringo Starr niet tevreden was bij dit nummer, de tweede versie, waardoor de derde versie uiteindelijk de originele single werd. De muziek van The Beatles, die oorspronkelijk deel uitmaakte van de Merseybeat, ontwikkelde zich vanaf 1961 explosief. Waren de eerste singles zoals Love Me Dogebaseerd op een drietal akkoorden en inhoudelijk nogal mager, al snel werden nieuwe instrumenten en akkoorden ingebracht en werden de muziek en liedteksten complexer. Op She Loves You sloegen The Beatles een nieuwe weg in door zich niet meer in de eerste persoon direct tot de (vrouwelijke) luisteraar te richten, maar de derde persoon te gebruiken.[16] Muzikaal gezien was het einde van She Loves You, waarbij The Beatles gebruik maakten van een sextinterval, ook een progressie.[17] [18] Later maakten The Beatles onder andere als eerste popgroep gebruik van de sitar in Norwegian Wood (This Bird Has Flown) (1965)[19] [20] en gebruikten ze voor het eerst een strijkorkest voor McCartneys Yesterday (1965). De B-kanten van hun singles kregen vaak dezelfde 'hitpotentie' als de A-kant. Ook werden meerdere singles uitgebracht met een dubbele A-kant, zoals We Can Work It Out/Day Tripper en Penny Lane/Strawberry Fields Forever.
De eerste succesjaren kenmerkten zich door een ongekende massahysterie, door de Britse pers in 1963 heel treffend Beatlemaniagenoemd. Hadden The Beatles in dat jaar alleen nog maar succes in eigen land en vanaf het najaar in Zweden, vanaf januari 1964 veroverde de groep ook de rest van de wereld. In Australië, de Verenigde Staten, Europa en Azië werden The Beatles immens populair. In deze tijd begonnen The Beatles films te maken, zoals de zwart-wit-komedie A Hard Day's Night (1964). Verder verschenen Help!(1965), Magical Mystery Tour (1967), Yellow Submarine (1968) en Let It Be (1970). De Amerikaanse media kregen in 1963 lucht van The Beatles. Hun reactie was in eerste instantie schamper. In februari 1964 traden The Beatles op in de Ed Sullivan Show, waar 73 miljoen mensen naar keken. In april 1964 bezetten The Beatles de eerste vijf plaatsen van de Billboard Top 100. De eerste drie lp's van de groep vertonen een duidelijke progressie. Please Please Me (1963) is een verzameling van covers, maar ook van eigen werk, waaronder klassiekers als I Saw Her Standing There en Do You Want To Know A Secret. Het tweede album, With the Beatles kan opgevat worden als een productioneel beter verzorgde kopie van de debuut-lp, maar was anderzijds ook een grote stap
voorwaarts. EMI (de platenmaatschappij) had onderhand al meer vertrouwen in de groep, er hoefden geen geheide hits meer op en de hoesfoto mocht al wat onconventioneler. A Hard Day's Night wordt beschouwd als de beste vroege plaat van de groep. Het geluid erop wordt sterk gedomineerd door de twaalfsnarige gitaar van Rickenbacker, een revolutionair instrument in die dagen.
Gedurende 1964 en 1965 hadden The Beatles het zeer druk met reizen en optreden. Tournees in Azië, Europa, Australië en de Verenigde Staten werden afgewisseld met studiowerk in Londen en met filmopnames voor A Hard Day's Night en Help!. Op het gelijknamige album, maar vooral op Beatles for Sale vertoonde de groep tekenen van vermoeidheid. Deze tijdelijke artistieke stilstand werd, zoals gezegd, wel gecompenseerd door enorme commerciële successen. Vanaf eind 1965 waren de artistieke krachten helemaal terug, mede onder de invloed van marihuana. En waar A Hard Day's Night een hoogtepunt vormde voor wat de ontwikkeling in de hoogte betrof, begon nu een andere ontwikkeling: die in diepte. Het klassieke album Rubber Soul, eind 1965 afgeraffeld om de deadline voor de kerstmarktte halen,[21] was hier het resultaat van. Vanwege de tijdsdruk, het feit dat de steeds geraffineerder geworden lp's niet live gereproduceerd konden worden en omdat de fans toch maar door hun muziek heen schreeuwden, stopten The Beatles in 1966 met toeren. Op 29 augustus 1966 was het laatste concert (Candlestick Park, San Francisco). Ook de druk van het reizen viel de leden uiteindelijk te zwaar. Zo waren er problemen in Amerika na de uitspraak van Lennon dat The Beatles populairder waren dan Jezus, werden The Beatles in de Filipijnenvrijwel gemolesteerd en afgeperst nadat ze hadden geweigerd om presidentsvrouw Imelda Marcos te ontmoeten en werden ze in Japan behandeld alsof ze gevangenen waren. Bovendien hadden The Beatles inmiddels muzikale ideeën ontwikkeld die niet op het podium konden worden uitgevoerd. Zo zijn de liedjes van het album Revolver, dat in de zomer van 1966 uitkwam nooit live uitgevoerd, hoewel ze tussen de tournees door wel werden opgenomen. 'Paperback Writer', opgenomen tijdens de Revolver-sessies is overigens wel een aantal keer live gespeeld. De studiojaren braken aan. In een volumineus boekwerk Recording The Beatles verklaren twee geluidstechnici omstandig hoe het kwam dat The Beatles in de studio klonken zoals zij klonken.[22] [23]
De studiojaren waren in feite al aangevangen met het album Rubber Soul (1965). Vanaf eind 1965 ging de artistieke ontwikkeling van The Beatles steeds sneller. Vele fans konden de ontwikkeling van de groep niet bijhouden; zo duurde het langer dan normaal voor de single Paperback Writer/Rain de eerste plaats van de hitparade had bereikt. Het intensieve gebruik van studio-effecten (strijkers, tapeloops, gitaren waarvan het geluid achterwaarts weergegeven werd, versnelde of vertraagde nummers enz.) was al begonnen op Revolver, maar deze technieken kregen pas echt hun beslag op het volgende album.
Op 1 juni 1967 verscheen het album Sgt. Pepper's Lonely Hearts Club Band, dat algemeen beschouwd wordt als het hoogtepunt uit hun artistieke loopbaan. De elpee stelt The Beatles voor als een andere groep, Sergeant Pepper's Lonely Hearts Club Band. De extravagante hoes met liedteksten op de achterste hoes − een noviteit in de popmuziek − is beroemd om zijn fotocollage van beroemdheden, waaronder The Beatles zelf (in de vorm van wassen beelden in keurig maatpak die hun 'oude' alter ego voorstellen), die de fictieve groep Sgt. Pepper's Lonely Hearts Club Band bewonderen. Met dit album werd de rock-'n-roll, een genre dat tot dan toe nog steeds als iets voor de jongere generaties beschouwd was, verheven tot een voor iedereen toegankelijke kunstvorm. Een van de directe gevolgen was dat vanaf dat moment het album dominant werd in de popmuziek, daar waar vroeger het succes en de populariteit van artiesten werden afgemeten aan de singles. In de gerespecteerde Londense Times beschreef muziekcriticus Kennet Tynan de plaat als een "beslissend moment in de geschiedenis van de westerse beschaving"[24] en in de editie van het bekende weekblad Time van 22 september 1967 vergeleken eminente musicologen en 'klassieke
componisten' onder wie Leonard Bernstein de composities van de groep met muzikale grootheden uit het verleden als Schumann of Schubert. Kosten noch moeite werden gespaard om van dit album iets speciaals te maken. Dat ging dan van het aanschrijven van tientallen beroemdheden om op de hoes te worden afgebeeld (door middel van sterk vergrote en uitgesneden afbeeldingen) tot het gebruiken van een heel strijkorkest (uiterst ongewoon in die dagen). De plaat begint eenvoudigweg waar Revolver stopte, bij Tomorrow Never knows. Het is een aaneenschakeling van muziek, hallucinerende bellen, sociale kritiek, droomvisioenen, cryptische boodschappen, Indiase invloeden, studio-gepraat en geluidscollages. Hoewel er geen sprake is van een thematisch concept, is de sfeer zo eenduidig dat deze plaat als het eerste conceptalbum uit de geschiedenis kan worden beschouwd. Groot is de invloed van chemische substanties (lsd), groot is ook de invloed van producer George Martin die de complexe geluidscollages maandenlang aaneensmeedde. Hoogtepunt is A Day in the Life, volgens sommigen een visie op de dag des oordeels. Hoewel van het album geen singles werden uitgebracht, werd het een doorslaand succes. De opnames van de nummers Strawberry Fields Forever en Penny Lane werden gebruikt om deze vroeg in 1967 op single met dubbele A-kant uit te brengen en kwamen niet op de elpee. George Martin verklaarde in de tv-documentaire The Making of Sgt. Pepper dat het ontbreken van deze nummers op de elpee de grootste blunder uit zijn artistieke loopbaan was. Toen in de zomer van 1967 manager Epstein overleed, luidde dat het begin van het einde voor The Beatles in. Ze wilden voortaan zelf hun zaken regelen. Met Kerstmis 1967 brachten ze Magical Mystery Tour uit, als een televisiefilm en een bijbehorende ep, waar de psychedelische klanken van Sgt. Pepper's een magere nagalm beleefden. De film flopte. Bovendien zond de BBC de film in zwart-wit uit, een blunder in een tijd waarin alles om kleur draaide. Ook gingen The Beatles in zaken. Apple Corps werd opgericht, met onder meer een kleding- en een filmafdeling en een muzieklabel. Apple Corps was matig succesvol. The Beatles verloren al snel de interesse in het zakendoen, ze maakten liever muziek. De kledingafdeling werd wegens enorme verliezen opgeheven door de complete inventaris weg te geven. Op het Apple-label verscheen Hey Jude als eerste single en werden namen als James Taylor, Badfinger, Mary Hopkin en Jacky Lomax binnengehaald. De filmafdeling maakte nog wel enige winst. Yellow Submarine (1968), een film gebaseerd op de gelijknamige hit uit 1966, was een redelijk succes, hoewel The Beatles zich er amper mee bemoeiden. De nummers op de soundtrack van Yellow Submarine brachten weinig enthousiasme teweeg, al wist de groep in deze periode met ander werk — zoals Hello, Goodbye (alleen op de Amerikaanse lp Magical Mystery Tour verschenen, waarbij de ep aangevuld werd met singles, later werd dit de standaard cdeditie), Hey Bulldog, Lady Madonna (alleen op single uitgebracht), The Fool On The Hill, All You Need Is Love en I Am The Walrus — nog genoeg respect af te dwingen.
In 1968 gingen The Beatles echter weer de andere kant op en brachten ze het dubbelalbum The Beatles uit, beter bekend als The White Album, vanwege de minimalistische witte hoes. De groep heeft hierop minder overdadig gebruikgemaakt van de mogelijkheden die de studio bood. Op dit voor veel muzikanten belangrijke dubbelalbum (de trendsetter voor alle rock-dubbelalbums tot vandaag aan toe) staan liedjes als Back in the U.S.S.R., Revolution 1, Ob-La-Di, Ob-La-Da, Blackbird en Dear Prudence. Een van de bekendste composities op het dubbelalbum is Harrisons While My Guitar Gently Weeps, met Eric Clapton op gitaar. Dit was de eerste maal dat een popmuzikant die geen deel uitmaakte van The Beatles op een album meespeelde. Er waren tientallen takes nodig om dit nummer op te nemen. Gegeven de omstandigheden zou het heel wat zelfdiscipline van de groep vereist hebben − waarover ze toen niet beschikten − om, zoals George Martin voorgesteld had, de plaat te beperken tot de beste 14 of 16 nummers, om zo een "superelpee" te maken.
Verder bevat het album de avantgardistische muzikale collage Revolution 9 van Lennon, een minutenlang durende chaos van geluiden. Het album kenmerkt zich door een breed scala aan verschillende stijlen, van rock, country en ska tot hardrock en musical.
Terwijl The Beatles bezig waren met de opnames voor het 'witte' dubbelalbum 'The Beatles', viel de groep verder uit elkaar. McCartney had zich sinds het overlijden van Epstein officieus opgeworpen als de leider van de groep. Hij streek daarmee Lennon tegen de haren in, die de groep had opgericht. Lennon op zijn beurt nam zijn nieuwe geliefde Yoko Ono mee de studio in, waar haar aanwezigheid niet werd gewaardeerd door de overige Beatles. Verder werd Lennons muziek door Ono's invloed extravaganter en had hij liedjes en singlevoorstellen die voor de overige Beatles te apart waren (What's The New Mary Jane werd door hen voor release tegengehouden, Give Peace A Chance en Cold Turkey zou Lennon later met zijn eigen Plastic Ono Band buiten The Beatles om uitbrengen). Ringo Starr kon niet tegen de ruzies, stopte ermee en kwam pas na twee weken en op aandringen van de overige leden weer terug. Op initiatief van McCartney werd in januari 1969 begonnen met de opnames van het Get Back-project, bedoeld om weer terug te keren naar de eenvoud van vroeger. Er zou een eenvoudige tournee komen, een film daarvan, een single en een album. Dat project faalde eveneens. Er werd niet getoerd; in plaats daarvan verzorgden ze op 30 januari 1969 een onaangekondigd optreden op het dak van het Applekantoor in Londen, waar na een paar nummers door de politie een einde aan werd gemaakt. Ontevreden over het materiaal bleef de release van een lp voorlopig uit; alleen een single (Get Back) werd uitgebracht. De later uitgebrachte film Let It Be laat zien hoe de groep uit elkaar valt, geïllustreerd door de ruzie tussen Harrison en McCartney. Harrison gooide ook tijdelijk het bijltje erbij neer.
Met Abbey Road, dat in september 1969 verscheen, brachten The Beatles hun laatste succesvolle elpee uit. Hun ruzies hadden ze hiervoor even opzij gezet. Een deel van kant twee bevat een medley van onvoltooide liedjes die aan elkaar zijn geregen. De plaat eindigt heel veelzeggend met The End (latere uitgaven vermelden Her Majesty als laatste nummer; dat korte liedje kwam door een fout van een geluidstechnicus op de plaat terecht, waarmee de eerste hidden track uit de rockgeschiedenis een feit was. Deze persing werd gehandhaafd en de hoes werd aangepast). John Lennon kondigde vervolgens aan uit de groep te willen stappen, maar het nieuws werd stilgehouden. Na een promotionele fotosessie in september 1969 werden de leden echter niet meer samen gezien. In april 1970 verscheen nog Let It Be, een door producer Phil Spector opgepoetst en opgeleukt album met opnames van de Get Back-sessies waar The Beatles geen interesse meer voor hadden, tegelijk met de film. Het voor dit album op 3 januari 1970 opgenomen I me mine was de laatste opname-sessie van The Beatles. Lennon was echter niet bij deze sessie aanwezig. Geen van The Beatles kwam opdagen bij de première. Op hetzelfde moment bracht McCartney zijn eerste solo-elpee uit, McCartney, met een zelf afgenomen interview in de hoes gestoken waarin hij verklaarde dat The Beatles voorbij waren. "I didn't leave the Beatles. The Beatles have left The Beatles, but no one wants to be the one to say the party's over", zou McCartney later verklaren.[25]
Er werd in de jaren zeventig nog meermalen gepoogd om de groep weer bij elkaar te krijgen. McCartney en Lennon waren in 1974 nog bij elkaar om (samen met onder anderen Harry Nilsson en Stevie Wonder) wat te jammen, maar van blijvende samenwerking was geen sprake meer. Toen John Lennon op 8 december 1980 voor zijn huis (Dakota Building aan 72nd street, New York) door Mark David Chapman werd vermoord, was de tijd van The Beatles echt voorbij.
In 1995 en 1996 brachten George Harrison, Paul McCartney, Ringo Starr en Yoko Ono drie albums uit, Anthology getiteld, die speciale versies en outtakes bevatten van Beatlesnummers. De nieuwe singles Free as a Bird en Real Love, waarvoor audiocassettes van John Lennon als basis dienden, brachten The Beatles opnieuw onder de aandacht van het grote publiek. De Anthology-albums werden in 1996 gevolgd door een documentaire (waarvan een deel als televisiedocumentaire werd uitgebracht) en in 2000 door een boek waarin "het verhaal van The Beatles wordt verteld door The Beatles zelf". In 2003 werd de documentaire op een dvd-box uitgebracht die bestaat uit vijf dvd's. De documentaire is verspreid over vier dvd's. Op de vijfde dvd staan extra's, waaronder een jamsessie van Paul McCartney, George Harrison en Ringo Starr in 1994, en extra interviews in de Abbey Road Studio's. George Harrison overleed aan de gevolgen van kanker op 29 november 2001 in Los Angeles. Zowel McCartney als Starr werkten mee aan een benefietconcert ter nagedachtenis van de gitarist. In november 2003 werd het album Let it Be opnieuw uitgebracht onder de titel Let it Be.... Naked, dit aan de hand van de opnames van het oude album Let it Be, een remix en dus dit keer zonder Phil Spectors inbreng (onder andere diverse orkestraties). Een samenwerking met Cirque du Soleil leidde ertoe dat George Martin samen met zijn zoon Giles Martin het gehele archief aan mastertapes afkomstig van de Abbey Road Studios doorwerkte om een experimentele pro-tools-mix van Beatles-geluiden te creëren. Tegen de bedoelingen in (de geluiden zouden gebruikt worden in de Las Vegas show Love, die wordt gespeeld in The Mirage) werd dit werk november 2006 uitgebracht op cd en dvd-audio onder de naam Love. Het album bevat liedjes met daaronder diverse partijen die in andere liedjes gebruikt werden. In 2008 was er sprake van het verschijnen van een nieuwe single, Now And Then. Uit het archief wordt er materiaal van een oude Lennon-track gebruikt voor een nieuwe Beatles-track, die Sir Paul McCartney van Lennons weduwe Yoko Ono had gekregen.[26] Hoewel deze release uitbleef, was er op 16 november van dat jaar sprake van een release van een experimentele Beatles-track. McCartney vertelde tijdens een radio-interview met de BBC dat hij het veertien minuten durende Carnival Of Light uit 1967 uit wilde brengen.[27] Op 17 januari 2008 maakte het Amerikaanse label Fuego Records bekend te beschikken over liveopnames uit 1962 die niet eerder zijn uitgebracht. De dj had destijds de gespeelde nummers van de beatgroep opgenomen op tapes en deze verstuurd aan het label, dat ze nu graag wilde uitbrengen op cd. De nummers waar het om ging waren onder meer Twist and Shout, I Saw Her Standing There en Money.[28] Op 13 december 2013 werd bekend dat nooit eerder uitgebrachte 59 opnames uit opnamesessies en radio-uitzendingen zouden verschijnen op het album Bootleg Recordings 1963.
Alle albums van The Beatles, inclusief Past Masters, Volume One en Past Masters, Volume Two, werden op 9 september 2009 geremasterd uitgebracht op cd. Op die dag werden de albums ook in twee verschillende cd-boxen uitgebracht; zowel een cd-box met de stereoversies van de albums als een cd-box met de albums in mono. In de monobox ontbreken de albums Yellow Submarine, Abbey Road en Let It Be, omdat er van die albums geen monomix gemaakt is. De geremasterde cd's bevatten videomateriaal met daarin onder andere op elke cd een korte documentaire over het tot stand komen van het album. De stereobox bevat ook de extra dvd The Documentaries, waarop door The Beatles zelf wordt uitgelegd hoe hun albums tot stand zijn gekomen. Ook bevat de box replica's van de originele platenhoezen. Begin december 2009 werden de geremasterde albums ook in een beperkte oplage in MP3-formaat uitgebracht op een USB-stick in de vorm van een appel.[29] Mat Snow, journalist bij Mojo Magazine, was voor het verschijnen van de geremasterde albums uitgenodigd om tien geremasterde tracks van The White Album te komen beluisteren en kwam toen tot de conclusie dat het beter klonk dan hij ooit had kunnen hopen.[30] Ook in Nederland waren de recensies van de nieuwe uitgave positief, waarbij werd genoemd dat de muziek "minder dof", "kraakhelder" en "krachtiger en voller" klonk dan op de oude uitgave.[31]
In oktober 2008 werd bekend dat er een overeenkomst was gesloten met Viacom, waaraan de licentie van de liedjes van The Beatles zijn verkocht. Hierdoor mochten de nummers van The Beatles gebruikt worden in de videogame The Beatles: Rock Band. Op 9 september 2009, dezelfde dag waarop ook de bovengenoemde remasters uit werden gebracht, verscheen er een speciale editie van Rockband waarin de muziek van The Beatles centraal staat. In het spel kunnen fans zich als lid van de popgroep voordoen. The Beatles behoorden lange tijd tot de weinige artiesten van wie de liedjes niet via iTunes te downloaden waren. Dit kwam mede door het conflict tussen het computerbedrijf Apple Inc. en Apple Records, het label van The Beatles. Sinds dinsdag 16 november 2010 zijn alle albums van de band te downloaden via iTunes. Op 20 november 2010 zijn 7 singles binnengekomen in de Single Top 100.
Het eerste museum over The Beatles was Cavern Mecca (1981-1984) in Liverpool dat enkele jaren heeft bestaan. In 1990 verkreeg de stad van herkomst opnieuw een museum, The Beatles Story genaamd. In 1981 werd het Beatles Museum in Krommenie gestart. Later verhuisde deze naar verschillende locaties in Alkmaar waar het nu nog steeds gevestigd is. In Halle in de Duitse deelstaat Saksen-Anhalt staat sinds 2000 het Beatles Museum. In Hamburg, de stad waar The Beatles in de beginjaren veel hebben gespeeld, was van 2009 tot 2012 Beatlemania Hamburg gevestigd. Andere musea zijn het Egri Road Beatles Múzeum in het Hongaarse Eger en het Museo Beatle in de Argentijnse hoofdstad Buenos Aires. Over de hele wereld zijn monumenten van The Beatles te zien, waaronder meerdere in Liverpool en verder nog op allerlei andere plaatsen, van Jekaterinenburg in Rusland tot Ulan Bator in Mongolië. Daarnaast zijn er monumenten voor individuele leden, in het bijzonder voor John Lennon. Aan hem is bijvoorbeeld het John Lennon Park in Havannagewijd en Strawberry Fields in Manhattan. In 2007 is in de stad Hamburg in de uitgaanswijk St. Pauli een stalen sculptuur geplaatst, ter herinnering aan de Fab Four. De initiatiefnemer, het radiostation Oldie 95, kreeg de voor het gedenkteken benodigde 460.000 euro door schenkingen bij elkaar en begon in 2007 met de bouw.[32] The Beatles hebben in Nederland 22 nummer 1-hits gehad, meer dan welke andere artiest of groep ook.[33] In de herfst van 1969 deden geruchten de ronde dat McCartney in 1966 bij een auto-ongeluk om het leven zou zijn gekomen. Sindsdien zou een dubbelganger zijn plaats binnen The Beatles zou hebben ingenomen. Diverse complottheorieën werden gesterkt door vele mogelijke aanwijzingen op hoezen, publicaties en in de muziek. Journalisten reisden speciaal af naar McCartneys boerderij in Schotland om te polsen wat er van waar was. Zie Paul is dead voor het hoofdartikel over dit onderwerp. Een verfilming van The Lord of the Rings door The Beatles werd door regisseur Stanley Kubrick afgewezen als 'onverfilmbaar'. Paul McCartney zou Frodo Baggins spelen, Ringo Starr als Sam Gamgee, George Harrison als Gandalf en John Lennon zou Gollum voor zijn rekening nemen.



2166911-e70b553c55b1979971e36ff6765b8042.JPG

2166911-7f8aa66097f444f790ea8faabc897914.JPG
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door rami om 09:42 Reageer op dit bericht

Meer van toen

↑ Terug naar de berichten